|
ISSN 1977-0995 |
||
|
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 424 |
|
|
||
|
Uitgave in de Nederlandse taal |
Mededelingen en bekendmakingen |
62e jaargang |
|
Inhoud |
Bladzijde |
|
|
|
II Mededelingen |
|
|
|
MEDEDELINGEN VAN DE INSTELLINGEN, ORGANEN EN INSTANTIES VAN DE EUROPESE UNIE |
|
|
|
Europese Commissie |
|
|
2019/C 424/01 |
Besluit om geen bezwaar aan te tekenen tegen een aangemelde concentratie (Zaak M.9426 — 3M Company/Acelity) ( 1 ) |
|
|
2019/C 424/02 |
Besluit om geen bezwaar aan te tekenen tegen een aangemelde concentratie (Zaak M.9620 — Bridgepoint/Vermaat) ( 1 ) |
|
|
2019/C 424/03 |
Besluit om geen bezwaar aan te tekenen tegen een aangemelde concentratie (Zaak M.9672 — Apollo/Gamenet) ( 1 ) |
|
|
IV Informatie |
|
|
|
INFORMATIE AFKOMSTIG VAN DE INSTELLINGEN, ORGANEN EN INSTANTIES VAN DE EUROPESE UNIE |
|
|
|
Europese Commissie |
|
|
2019/C 424/04 |
|
|
V Adviezen |
|
|
|
PROCEDURES IN VERBAND MET DE UITVOERING VAN DE GEMEENSCHAPPELIJKE HANDELSPOLITIEK |
|
|
|
Europese Commissie |
|
|
2019/C 424/05 |
||
|
|
PROCEDURES IN VERBAND MET DE UITVOERING VAN HET GEMEENSCHAPPELIJK MEDEDINGINGSBELEID |
|
|
|
Europese Commissie |
|
|
2019/C 424/06 |
Voorafgaande aanmelding van een concentratie (Zaak M.9383 — ZF/Wabco) Voor de EER relevante tekst) |
|
|
2019/C 424/07 |
Voorafgaande aanmelding van een concentratie (Zaak M.9628 — Thoma Bravo/Sophos Group) Voor de vereenvoudigde procedure in aanmerking komende zaak ( 1 ) |
|
|
2019/C 424/08 |
Voorafgaande aanmelding van een concentratie (Zaak M.9656 — CD&R/Anixter) Voor de vereenvoudigde procedure in aanmerking komende zaak ( 1 ) |
|
|
2019/C 424/09 |
Voorafgaande aanmelding van een concentratie (Zaak M.9667 — BlackRock Group/Raffles/Kellas Group) Voor de vereenvoudigde procedure in aanmerking komende zaak ( 1 ) |
|
|
|
ANDERE HANDELINGEN |
|
|
|
Europese Commissie |
|
|
2019/C 424/10 |
|
|
|
|
|
(1) Voor de EER relevante tekst. |
|
NL |
|
II Mededelingen
MEDEDELINGEN VAN DE INSTELLINGEN, ORGANEN EN INSTANTIES VAN DE EUROPESE UNIE
Europese Commissie
|
17.12.2019 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 424/1 |
Besluit om geen bezwaar aan te tekenen tegen een aangemelde concentratie
(Zaak M.9426 — 3M Company/Acelity)
(Voor de EER relevante tekst)
(2019/C 424/01)
Op 4 oktober 2019 heeft de Commissie besloten zich niet te verzetten tegen bovenvermelde aangemelde concentratie en deze verenigbaar met de interne markt te verklaren. Dit besluit is gebaseerd op artikel 6, lid 1, onder b), van Verordening (EG) nr. 139/2004 van de Raad (1). De volledige tekst van het besluit is slechts beschikbaar in het Engels en zal openbaar worden gemaakt na verwijdering van eventuele bedrijfsgeheimen. De tekst is beschikbaar:
|
— |
op de website Concurrentie van de Commissie, afdeling Fusies (http://ec.europa.eu/competition/mergers/cases/). Deze website biedt verschillende hulpmiddelen om individuele concentratiebesluiten op te zoeken, onder meer op: naam van de onderneming, nummer van de zaak, datum en sector; |
|
— |
in elektronische vorm op de EUR-Lex-website (http://eur-lex.europa.eu/homepage.html?locale=nl) onder document nr. 32019M9426. EUR-Lex biedt onlinetoegang tot de communautaire wetgeving. |
|
17.12.2019 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 424/2 |
Besluit om geen bezwaar aan te tekenen tegen een aangemelde concentratie
(Zaak M.9620 — Bridgepoint/Vermaat)
(Voor de EER relevante tekst)
(2019/C 424/02)
Op 9 december 2019 heeft de Commissie besloten zich niet te verzetten tegen bovenvermelde aangemelde concentratie en deze verenigbaar met de interne markt te verklaren. Dit besluit is gebaseerd op artikel 6, lid 1, onder b), van Verordening (EG) nr. 139/2004 van de Raad (1). De volledige tekst van het besluit is slechts beschikbaar in het Engels en zal openbaar worden gemaakt na verwijdering van eventuele bedrijfsgeheimen. De tekst is beschikbaar:
|
— |
op de website Concurrentie van de Commissie, afdeling Fusies (http://ec.europa.eu/competition/mergers/cases/). Deze website biedt verschillende hulpmiddelen om individuele concentratiebesluiten op te zoeken, onder meer op: naam van de onderneming, nummer van de zaak, datum en sector; |
|
— |
in elektronische vorm op de EUR-Lex-website (http://eur-lex.europa.eu/homepage.html?locale=nl) onder document nr. 32019M9620. EUR-Lex biedt onlinetoegang tot de communautaire wetgeving. |
|
17.12.2019 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 424/3 |
Besluit om geen bezwaar aan te tekenen tegen een aangemelde concentratie
(Zaak M.9672 — Apollo/Gamenet)
(Voor de EER relevante tekst)
(2019/C 424/03)
Op 10 december 2019 heeft de Commissie besloten zich niet te verzetten tegen bovenvermelde aangemelde concentratie en deze verenigbaar met de interne markt te verklaren. Dit besluit is gebaseerd op artikel 6, lid 1, onder b), van Verordening (EG) nr. 139/2004 van de Raad (1). De volledige tekst van het besluit is slechts beschikbaar in het Engels en zal openbaar worden gemaakt na verwijdering van eventuele bedrijfsgeheimen. De tekst is beschikbaar:
|
— |
op de website Concurrentie van de Commissie, afdeling Fusies (http://ec.europa.eu/competition/mergers/cases/). Deze website biedt verschillende hulpmiddelen om individuele concentratiebesluiten op te zoeken, onder meer op: naam van de onderneming, nummer van de zaak, datum en sector, |
|
— |
in elektronische vorm op de EUR-Lex-website (http://eur-lex.europa.eu/homepage.html?locale=nl) onder document nr. 32019M9672. EUR-Lex biedt onlinetoegang tot de communautaire wetgeving. |
IV Informatie
INFORMATIE AFKOMSTIG VAN DE INSTELLINGEN, ORGANEN EN INSTANTIES VAN DE EUROPESE UNIE
Europese Commissie
|
17.12.2019 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 424/4 |
Wisselkoersen van de euro (1)
16 december 2019
(2019/C 424/04)
1 euro =
|
|
Munteenheid |
Koers |
|
USD |
US-dollar |
1,1146 |
|
JPY |
Japanse yen |
121,97 |
|
DKK |
Deense kroon |
7,4731 |
|
GBP |
Pond sterling |
0,83415 |
|
SEK |
Zweedse kroon |
10,4213 |
|
CHF |
Zwitserse frank |
1,0953 |
|
ISK |
IJslandse kroon |
136,80 |
|
NOK |
Noorse kroon |
10,0280 |
|
BGN |
Bulgaarse lev |
1,9558 |
|
CZK |
Tsjechische koruna |
25,483 |
|
HUF |
Hongaarse forint |
329,01 |
|
PLN |
Poolse zloty |
4,2657 |
|
RON |
Roemeense leu |
4,7791 |
|
TRY |
Turkse lira |
6,5190 |
|
AUD |
Australische dollar |
1,6177 |
|
CAD |
Canadese dollar |
1,4621 |
|
HKD |
Hongkongse dollar |
8,6856 |
|
NZD |
Nieuw-Zeelandse dollar |
1,6859 |
|
SGD |
Singaporese dollar |
1,5096 |
|
KRW |
Zuid-Koreaanse won |
1 304,67 |
|
ZAR |
Zuid-Afrikaanse rand |
16,1305 |
|
CNY |
Chinese yuan renminbi |
7,8025 |
|
HRK |
Kroatische kuna |
7,4401 |
|
IDR |
Indonesische roepia |
15 609,97 |
|
MYR |
Maleisische ringgit |
4,6167 |
|
PHP |
Filipijnse peso |
56,421 |
|
RUB |
Russische roebel |
69,8317 |
|
THB |
Thaise baht |
33,689 |
|
BRL |
Braziliaanse real |
4,5491 |
|
MXN |
Mexicaanse peso |
21,2022 |
|
INR |
Indiase roepie |
79,1063 |
(1) Bron: door de Europese Centrale Bank gepubliceerde referentiekoers.
V Adviezen
PROCEDURES IN VERBAND MET DE UITVOERING VAN DE GEMEENSCHAPPELIJKE HANDELSPOLITIEK
Europese Commissie
|
17.12.2019 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 424/5 |
Bericht van opening van een nieuw onderzoek in verband met het vervallen van de antisubsidiemaatregelen die van toepassing zijn op de invoer van continuglasvezelproducten van oorsprong uit de Volksrepubliek China
(2019/C 424/05)
Na de bekendmaking van een bericht van het naderend vervallen (1) van de antisubsidiemaatregelen die van toepassing zijn op de invoer van continuglasvezelproducten van oorsprong uit de Volksrepubliek China (“de VRC” of “het betrokken land”) heeft de Europese Commissie (“de Commissie”) een verzoek ontvangen om een nieuw onderzoek op grond van artikel 18 van Verordening (EU) 2016/1037 van het Europees Parlement en de Raad van 8 juni 2016 betreffende bescherming tegen invoer met subsidiëring uit landen die geen lid zijn van de Europese Unie (2) (“de basisverordening”).
1. Verzoek om een nieuw onderzoek
Het verzoek werd op 19 september 2019 ingediend door de European Glass Fibre Producers Association (“APFE” of “de indiener van het verzoek”) namens producenten die goed zijn voor meer dan 50 % van de totale productie in de Unie van continuglasvezelproducten.
Een openbare versie van het verzoek en de analyse van de mate van steun van de producenten in de Unie voor het verzoek zijn beschikbaar in het dossier dat door de belanghebbenden ingezien kan worden. Punt 5.5 van dit bericht bevat informatie over de toegang tot het dossier voor belanghebbenden.
2. Onderzocht product
Het nieuwe onderzoek heeft betrekking op gesneden glasvezelstrengen met een lengte van niet meer dan 50 mm; glasvezelrovings, met uitzondering van glasvezelrovings die worden geïmpregneerd en gecoat en een gloeiverlies van meer dan 3 % hebben (zoals vastgesteld volgens ISO-norm 1887); en matten van glasvezelfilamenten, met uitzondering van matten van glaswol, momenteel ingedeeld onder de GN-codes 7019 11 00, ex 7019 12 00 (Taric-codes 7019120022, 7019120025, 7019120026, 7019120039) en 7019 31 00 (“het onderzochte product”).
3. Bestaande maatregelen
Momenteel geldt een definitief compenserend recht dat werd ingesteld bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 1379/2014 van de Commissie (3).
4. Motivering van het nieuwe onderzoek
Het verzoek werd ingediend omdat het vervallen van de maatregelen waarschijnlijk zou leiden tot voortzetting van subsidiëring en voortzetting of herhaling van schade voor de bedrijfstak van de Unie.
4.1. Bewering dat voortzetting van subsidiëring waarschijnlijk is
De indiener van het verzoek heeft voldoende bewijsmateriaal verstrekt waaruit blijkt dat de producenten van het onderzochte product in het betrokken land een aantal subsidies van de overheid van het betrokken land en van regionale en lokale overheden in dat land hebben ontvangen en waarschijnlijk zullen blijven ontvangen.
De gestelde subsidiepraktijken bestaan onder meer uit i) de rechtstreekse overdracht van middelen; ii) inkomsten waarvan de overheid afstand doet of die de overheid niet int; iii) de verstrekking van goederen of diensten door de overheid tegen een ontoereikende prijs, en iv) betalingen aan een financieringsmechanisme, of het aan een particulier lichaam toevertrouwen van een of meer van de bovengenoemde praktijken of het belasten van dat lichaam daarmee.
De indiener van het verzoek stelde onder meer dat er bijvoorbeeld sprake was van preferentiële leningen en de verstrekking van kredietlijnen door staatsbanken, exportkredietsubsidieprogramma’s, uitvoergaranties en ‑verzekeringen en subsidieprogramma’s, preferentiële behandeling bij de inkomstenbelasting en belastingverrekening voor onderzoek en ontwikkeling, versnelde afschrijving van instrumenten en apparatuur die hightechondernemingen gebruiken voor hoogtechnologische ontwikkeling en productie, vrijstelling van dividend tussen gekwalificeerde binnenlandse ondernemingen, vermindering van de bronbelasting voor dividenden die Chinese ondernemingen waarin door buitenlandse ondernemingen is geïnvesteerd uitkeren aan hun niet-Chinese moedermaatschappijen, vrijstelling van de belasting op grondgebruik, belastingteruggave bij uitvoer, kortingen op invoerrechten en btw-vrijstellingen en kortingen op invoerrechten voor het gebruik van ingevoerde apparatuur en technologie en btw-aftrek voor aankopen van in China vervaardigde apparatuur door met buitenlands kapitaal gefinancierde ondernemingen.
Hij stelde ook dat de overheid grond, elektriciteit en grondstoffen ter beschikking stelde voor een ontoereikende prijs. Met betrekking tot een aantal vermeende subsidiepraktijken werden reeds compenserende maatregelen ingesteld in het oorspronkelijke onderzoek, terwijl enkele andere subsidiepraktijken aanvullende of nieuwe subsidies betreffen die niet in het kader van het oorspronkelijke onderzoek werden onderzocht.
Volgens de indiener van het verzoek gaat het bij de genoemde maatregelen om subsidies, aangezien in het kader hiervan door de overheid van het betrokken land een financiële bijdrage wordt verstrekt waardoor de producenten van het onderzochte product een voordeel verkrijgen. Die subsidies zouden specifiek zijn voor een onderneming of een bedrijfstak of voor een groep van ondernemingen of bedrijfstakken of zouden afhankelijk zijn van uitvoerprestaties, en zouden derhalve aanleiding geven tot compenserende maatregelen.
Gezien artikel 18, lid 2, van de basisverordening heeft de Commissie een memorandum opgesteld over de toereikendheid van het bewijsmateriaal, dat haar beoordeling bevat van alle bewijzen waarover zij beschikt en op basis waarvan zij dit onderzoek opent. Belanghebbenden vinden dat memorandum in het dossier.
De Commissie behoudt zich het recht voor een onderzoek in te stellen naar andere relevante subsidiepraktijken die uit het onderzoek zouden blijken.
4.2. Bewering dat voortzetting of herhaling van schade waarschijnlijk is
De indiener van het verzoek heeft voldoende bewijsmateriaal verstrekt waaruit blijkt dat voortzetting of herhaling van schade waarschijnlijk is.
Hij heeft bewijsmateriaal overgelegd waaruit blijkt dat de invoer van het onderzochte product uit het betrokken land in de Unie nog steeds aanzienlijk is, zowel in absolute termen als in termen van marktaandeel.
Hij heeft tevens bewijsmateriaal overgelegd waaruit blijkt dat de invoer van het onderzochte product uit het betrokken land in de Unie bij het vervallen van de maatregelen waarschijnlijk in omvang zal toenemen, gezien de uitvoercapaciteit bij de producenten-exporteurs in het betrokken land en de aantrekkelijkheid van de markt van de Unie. Ten slotte voert de indiener van het verzoek aan dat de bedrijfstak van de Unie, als de maatregelen zouden komen te vervallen, bij een aanzienlijke toename van de invoer met subsidiëring uit het betrokken land waarschijnlijk nog meer schade zal lijden.
5. Procedure
Daar de Commissie, na raadpleging van het bij artikel 25, lid 1, van de basisverordening ingestelde comité, tot de conclusie is gekomen dat er voldoende bewijs inzake de waarschijnlijkheid van subsidiëring en schade is om de opening van een nieuw onderzoek in verband met het vervallen van de maatregelen te rechtvaardigen, opent zij hierbij overeenkomstig artikel 18 van de basisverordening een nieuw onderzoek.
Bij het nieuwe onderzoek in verband met het vervallen van de maatregelen zal worden vastgesteld of voortzetting of herhaling van subsidiëring van het onderzochte product van oorsprong uit het betrokken land en voortzetting of herhaling van schade voor de bedrijfstak van de Unie bij het vervallen van de maatregelen al dan niet waarschijnlijk zijn.
De overheid van het betrokken land is overeenkomstig artikel 10, lid 7, van de basisverordening uitgenodigd voor overleg.
Bij Verordening (EU) 2018/825 van het Europees Parlement en de Raad (4), die op 8 juni 2018 in werking is getreden (“het moderniseringspakket voor de handelsbeschermingsinstrumenten”), zijn de tevoren in het kader van antisubsidieprocedures geldende tijdschema’s en uiterste termijn gewijzigd. Met name moet de Commissie informatie over de beoogde instelling van voorlopige rechten drie weken vóór de instelling daarvan ter beschikking stellen. De termijnen waarbinnen belanghebbenden, met name in een vroeg stadium van het onderzoek, contact kunnen opnemen, worden ingekort. Derhalve verzoekt de Commissie de belanghebbenden de in dit bericht alsmede in latere mededelingen van de Commissie vastgelegde procedurele stappen en termijnen in acht te nemen.
5.1. Tijdvak van het nieuwe onderzoek en beoordelingsperiode
Het onderzoek naar de voortzetting of herhaling van subsidiëring zal betrekking hebben op de periode van 1 januari 2019 tot en met 31 december 2019 (“het tijdvak van het nieuwe onderzoek”). Het onderzoek van de ontwikkelingen die relevant zijn voor de beoordeling van de waarschijnlijkheid van voortzetting of herhaling van schade zal betrekking hebben op de periode van 1 januari 2016 tot het einde van het tijdvak van het nieuwe onderzoek (“de beoordelingsperiode”).
5.2. Procedure voor het vaststellen van de waarschijnlijkheid van voortzetting of herhaling van subsidiëring
De Commissie stelt in het kader van een nieuw onderzoek in verband met het vervallen van de maatregelen een onderzoek in naar de uitvoer naar de Unie die in het tijdvak van het nieuwe onderzoek heeft plaatsgevonden en gaat, los van de uitvoer naar de Unie, na of de ondernemingen die in het betrokken land het onderzochte product produceren en verkopen zich in een zodanige situatie bevinden dat voortzetting of herhaling van de uitvoer met subsidiëring naar de Unie waarschijnlijk is als de maatregelen komen te vervallen.
Alle producenten (5) van het onderzochte product, ongeacht of zij in het tijdvak van het nieuwe onderzoek het onderzochte product naar de Unie hebben uitgevoerd (6), worden derhalve uitgenodigd aan het onderzoek van de Commissie mee te werken.
5.2.1. Onderzoek van producenten in het betrokken land
Gezien het mogelijk grote aantal producenten in het betrokken land dat bij dit nieuwe onderzoek in verband met het vervallen van de maatregelen betrokken is, kan de Commissie, om het onderzoek binnen de wettelijke termijn te kunnen afronden, haar onderzoek tot een redelijk aantal producenten beperken door een steekproef samen te stellen. De steekproef zal overeenkomstig artikel 27 van de basisverordening worden samengesteld.
Om de Commissie in staat te stellen te beslissen of een steekproef noodzakelijk is en, zo ja, deze samen te stellen, wordt alle producenten of hun vertegenwoordigers, met inbegrip van die welke niet hebben meegewerkt aan het onderzoek dat tot de onderzochte maatregelen heeft geleid, verzocht contact met de Commissie op te nemen. Zij moeten dat uiterlijk op 10 januari 2020 doen en de Commissie hun beste raming van de in bijlage I bij dit bericht verlangde informatie over hun onderneming of ondernemingen verstrekken.
Om de informatie te verkrijgen die zij voor het samenstellen van de steekproef van producenten nodig acht, zal de Commissie bovendien contact opnemen met de autoriteiten van het betrokken land en eventueel ook met haar bekende verenigingen van producenten in het betrokken land.
Indien een steekproef noodzakelijk is, zullen de producenten worden geselecteerd op basis van het grootste representatieve volume van de productie, verkoop of uitvoer dat binnen de beschikbare tijd redelijkerwijs kan worden onderzocht. De Commissie zal alle haar bekende producenten, de autoriteiten van het betrokken land en de verenigingen van producenten, indien nodig via de autoriteiten van het betrokken land, mededelen welke ondernemingen voor de steekproef zijn geselecteerd.
Om informatie te verkrijgen die zij voor haar onderzoek met betrekking tot producenten in het betrokken land nodig acht, zal de Commissie op de website van DG Handel (7) een vragenlijst ter beschikking stellen van de voor de steekproef geselecteerde producenten-exporteurs, de haar bekende verenigingen van producenten en de autoriteiten van het betrokken land.
Zodra de Commissie de noodzakelijke informatie heeft ontvangen om een steekproef van producenten samen te stellen, deelt zij de betrokken partijen mee of zij in de steekproef zijn opgenomen. De in de steekproef opgenomen producenten moeten de ingevulde vragenlijst, tenzij anders aangegeven, uiterlijk dertig dagen na de datum van kennisgeving van het besluit over hun opname in de steekproef indienen.
De Commissie zal een mededeling inzake de samenstelling van de steekproef toevoegen aan het dossier voor inzage door belanghebbenden. Opmerkingen over de samenstelling van de steekproef moeten uiterlijk drie dagen na de datum van kennisgeving van het besluit over de steekproef worden ingediend.
De vragenlijst wordt ook beschikbaar gesteld aan alle bekende verenigingen van producenten en aan de autoriteiten van het betrokken land.
Ondernemingen die hebben ingestemd met opname in de steekproef maar uiteindelijk niet worden geselecteerd, worden onverminderd de mogelijke toepassing van artikel 28 van de basisverordening geacht mee te werken (“niet in de steekproef opgenomen medewerkende producenten”).
5.2.2. Onderzoek van niet-verbonden importeurs (8) (9)
Niet-verbonden importeurs die het onderzochte product uit het betrokken land in de Unie invoeren, met inbegrip van die welke niet hebben meegewerkt aan het onderzoek dat tot de geldende maatregelen heeft geleid, wordt verzocht aan dit onderzoek mee te werken.
Gezien het mogelijk grote aantal niet-verbonden importeurs dat bij dit nieuwe onderzoek in verband met het vervallen van de maatregelen betrokken is, kan de Commissie, om het onderzoek binnen de wettelijke termijn te kunnen afronden, haar onderzoek tot een redelijk aantal niet-verbonden importeurs beperken door een steekproef samen te stellen. De steekproef zal overeenkomstig artikel 27 van de basisverordening worden samengesteld.
Om de Commissie in staat te stellen te beslissen of een steekproef noodzakelijk is en, zo ja, deze samen te stellen, wordt alle niet-verbonden importeurs of hun vertegenwoordigers, met inbegrip van die welke niet hebben meegewerkt aan het onderzoek dat tot de onderzochte maatregelen heeft geleid, verzocht contact met de Commissie op te nemen. Zij moeten dat uiterlijk op 10 januari 2020 doen en de Commissie hun beste raming van de in bijlage II verlangde informatie over hun onderneming of ondernemingen verstrekken.
Om de informatie te verkrijgen die zij voor het samenstellen van de steekproef van niet-verbonden importeurs nodig acht, kan de Commissie ook contact opnemen met haar bekende verenigingen van importeurs.
Indien een steekproef noodzakelijk is, kunnen de importeurs worden geselecteerd op basis van het grootste representatieve volume van hun verkoop in de Unie van het onderzochte product uit het betrokken land dat binnen de beschikbare tijd redelijkerwijs kan worden onderzocht. De Commissie zal alle haar bekende niet-verbonden importeurs en verenigingen van importeurs mededelen welke ondernemingen voor de steekproef zijn geselecteerd.
De Commissie zal ook een mededeling inzake de samenstelling van de steekproef toevoegen aan het dossier voor inzage door belanghebbenden. Opmerkingen over de samenstelling van de steekproef moeten uiterlijk drie dagen na de datum van kennisgeving van het besluit over de steekproef worden ingediend.
Om de informatie te verkrijgen die zij voor haar onderzoek nodig acht, zal de Commissie een vragenlijst ter beschikking stellen van de in de steekproef opgenomen niet-verbonden importeurs. Die partijen moeten de ingevulde vragenlijst, tenzij anders aangegeven, uiterlijk dertig dagen na de datum van kennisgeving van de samenstelling van de steekproef indienen.
Een exemplaar van de vragenlijst voor niet-verbonden importeurs is beschikbaar in het dossier voor inzage door belanghebbenden en op de website van DG Handel (10).
5.3. Procedure voor het vaststellen van de waarschijnlijkheid van voortzetting of herhaling van schade
Teneinde vast te stellen of voortzetting of herhaling van schade voor de bedrijfstak van de Unie waarschijnlijk is, wordt de producenten van het onderzochte product in de Unie verzocht aan het onderzoek van de Commissie mee te werken.
Gezien het grote aantal producenten in de Unie dat bij dit nieuwe onderzoek in verband met het vervallen van de maatregelen betrokken is, heeft de Commissie, om het onderzoek binnen de wettelijke termijn te kunnen afronden, besloten haar onderzoek tot een redelijk aantal producenten in de Unie te beperken door een steekproef samen te stellen. De steekproef wordt overeenkomstig artikel 27 van de basisverordening samengesteld.
De Commissie heeft een voorlopige steekproef van producenten in de Unie samengesteld. Belanghebbenden vinden nadere details in het dossier. De belanghebbenden wordt verzocht om opmerkingen over de voorlopige steekproef. Daarnaast moeten andere producenten in de Unie of hun vertegenwoordigers, die vinden dat er redenen zijn waarom zij in de steekproef zouden moeten worden opgenomen, uiterlijk zeven dagen na de datum van bekendmaking van dit bericht contact met de Commissie opnemen. Alle opmerkingen over de voorlopige steekproef moeten, tenzij anders aangegeven, uiterlijk zeven dagen na de datum van bekendmaking van dit bericht worden ingediend.
De Commissie zal alle haar bekende producenten in de Unie en/of verenigingen van producenten in de Unie meedelen welke ondernemingen uiteindelijk voor de steekproef zijn geselecteerd.
De in de steekproef opgenomen producenten in de Unie moeten de ingevulde vragenlijst, tenzij anders aangegeven, uiterlijk dertig dagen na de datum van kennisgeving van het besluit over hun opname in de steekproef indienen.
Een exemplaar van de vragenlijst voor producenten in de Unie is beschikbaar in het dossier voor inzage door belanghebbenden en op de website van DG Handel (11).
5.4. Procedure voor het beoordelen van het belang van de Unie
Als wordt bevestigd dat voortzetting of herhaling van subsidiëring en voortzetting of herhaling van schade waarschijnlijk zijn, zal uit hoofde van artikel 31 van de basisverordening een beslissing worden genomen over de vraag of handhaving van de compenserende maatregelen niet in strijd zou zijn met het belang van de Unie.
Producenten in de Unie, importeurs en hun representatieve verenigingen, gebruikers en hun representatieve verenigingen, vakbonden en representatieve consumentenorganisaties wordt verzocht de Commissie informatie te verstrekken over het belang van de Unie. Om aan het onderzoek mee te werken, moeten de representatieve consumentenorganisaties aantonen dat er een objectieve band is tussen hun activiteiten en het onderzochte product.
Informatie over de beoordeling van het belang van de Unie moet, tenzij anders aangegeven, uiterlijk 37 dagen na de datum van bekendmaking van dit bericht worden ingediend. Deze informatie kan vormvrij worden opgesteld of er kan een vragenlijst van de Commissie worden ingevuld. Een exemplaar van de vragenlijsten, waaronder de vragenlijst voor gebruikers van het onderzochte product, is beschikbaar in het dossier voor inzage door belanghebbenden en op de website van DG Handel (12). Met informatie die op grond van artikel 31 wordt verstrekt, wordt alleen rekening gehouden als daarbij tegelijkertijd het nodige bewijsmateriaal is gevoegd.
5.5. Belanghebbenden
Om aan het onderzoek mee te werken, moeten belanghebbenden zoals producenten in het betrokken land, producenten in de Unie, importeurs en hun representatieve verenigingen, gebruikers en hun representatieve verenigingen, vakbonden en representatieve consumentenorganisaties eerst aantonen dat er een objectieve band is tussen hun activiteiten en het onderzochte product.
Producenten in het betrokken land, producenten in de Unie, importeurs en representatieve verenigingen die informatie hebben verstrekt in overeenstemming met de procedures zoals beschreven in de punten 5.2, 5.3 en 5.4, worden als belanghebbenden beschouwd indien er een objectieve band is tussen hun activiteiten en het onderzochte product.
Andere partijen kunnen alleen als belanghebbende meewerken aan het onderzoek vanaf het moment waarop zij contact opnemen met de Commissie, en op voorwaarde dat er een objectieve band is tussen hun activiteiten en het onderzochte product. Beschouwd worden als een belanghebbende laat de toepassing van artikel 28 van de basisverordening onverlet.
Het dossier voor inzage door belanghebbenden is toegankelijk via het platform TRON.tdi (https://tron.trade.ec.europa.eu/tron/TDI). Volg de instructies op die pagina om toegang te krijgen.
5.6. Andere schriftelijke opmerkingen
Alle belanghebbenden wordt verzocht om onder de voorwaarden van dit bericht hun standpunt kenbaar te maken en informatie en bewijsmateriaal in te dienen. Tenzij anders aangegeven, moeten deze informatie en dit bewijsmateriaal uiterlijk 37 dagen na de datum van bekendmaking van dit bericht in het bezit van de Commissie zijn.
5.7. Mogelijkheid om door de onderzoeksdiensten van de Commissie te worden gehoord
Alle belanghebbenden kunnen een verzoek indienen om door de onderzoeksdiensten van de Commissie te worden gehoord. Het verzoek om te worden gehoord moet schriftelijk worden ingediend en met redenen worden omkleed, alsook een samenvatting bevatten van wat de belanghebbende tijdens de hoorzitting wenst te bespreken. De hoorzitting zal worden beperkt tot de punten die vooraf schriftelijk door de belanghebbenden zijn aangedragen.
In beginsel worden hoorzittingen niet gebruikt om informatie te presenteren die nog niet in het dossier is opgenomen. Desalniettemin kan de belanghebbenden, uit het oogpunt van behoorlijk bestuur en om de diensten van de Commissie in staat te stellen vooruitgang in het onderzoek te boeken, na een hoorzitting worden opgedragen nieuwe feitelijke informatie te verstrekken.
5.8. Instructies voor schriftelijke opmerkingen en de verzending van ingevulde vragenlijsten en correspondentie
Informatie die aan de Commissie wordt verstrekt in het kader van handelsbeschermingsonderzoeken moet vrij zijn van auteursrechten. Alvorens aan de Commissie informatie en/of gegevens te verstrekken die onderworpen zijn aan het auteursrecht van derden, moeten belanghebbenden de houder van het auteursrecht specifiek verzoeken de Commissie uitdrukkelijk toestemming te verlenen om a) voor deze handelsbeschermingsprocedure gebruik te maken van de informatie en gegevens, en b) de informatie en/of gegevens te verstrekken aan belanghebbenden in dit onderzoek, in een vorm die hun de mogelijkheid biedt hun recht van verweer uit te oefenen.
Alle schriftelijke opmerkingen (met inbegrip van de in dit bericht gevraagde informatie), ingevulde vragenlijsten en correspondentie die door de belanghebbenden worden verstrekt en waarvoor om een vertrouwelijke behandeling wordt verzocht, moeten zijn voorzien van de vermelding “Limited” (13). Belanghebbenden die in de loop van dit onderzoek informatie indienen, wordt verzocht hun verzoek om vertrouwelijke behandeling met redenen te omkleden.
Belanghebbenden die informatie met de vermelding “Limited” verstrekken, moeten hiervan krachtens artikel 19, lid 2, van de basisverordening een niet-vertrouwelijke samenvatting indienen, voorzien van de vermelding “For inspection by interested parties”. Deze samenvatting moet gedetailleerd genoeg zijn om een redelijk inzicht te verschaffen in de wezenlijke inhoud van de als vertrouwelijk verstrekte inlichtingen. Als een belanghebbende die vertrouwelijke inlichtingen verstrekt, geen geldige redenen voor het verzoek om een vertrouwelijke behandeling aanvoert of geen niet-vertrouwelijke samenvatting daarvan indient met de vereiste vorm en inhoud, kan de Commissie deze informatie buiten beschouwing laten, tenzij aan de hand van geëigende bronnen aannemelijk wordt gemaakt dat de informatie juist is.
Belanghebbenden wordt verzocht alle opmerkingen en verzoeken, met inbegrip van gescande volmachten en certificaten, via het platform TRON.tdi (https://tron.trade.ec.europa.eu/tron/TDI) in te dienen. Door het platform TRON.tdi of e-mail te gebruiken, stemmen belanghebbenden in met de geldende voorschriften inzake elektronisch ingediende opmerkingen, die zijn vervat in het document “Correspondentie met de Europese Commissie in handelsbeschermingszaken” op de website van het directoraat-generaal Handel (https://trade.ec.europa.eu/doclib/docs/2014/june/tradoc_152578.pdf).
Belanghebbenden moeten hun naam, adres, telefoonnummer en een geldig e-mailadres vermelden en ervoor zorgen dat het verstrekte e-mailadres een actief, officieel en zakelijk e-mailadres is dat iedere dag wordt gecontroleerd. Zodra contactgegevens zijn verstrekt, verloopt de communicatie van de Commissie met belanghebbenden uitsluitend via het platform TRON.tdi of per e-mail, tenzij zij uitdrukkelijk verzoeken alle documenten van de Commissie via een ander communicatiemiddel te ontvangen of het document wegens de aard ervan per aangetekend schrijven moet worden verzonden.
Voor nadere voorschriften en informatie over de correspondentie met de Commissie, met inbegrip van de beginselen die van toepassing zijn op via het platform TRON.tdi en per e-mail verzonden opmerkingen, moeten belanghebbenden de genoemde instructies voor de communicatie met belanghebbenden raadplegen.
Correspondentieadres van de Commissie:
|
Europese Commissie |
|
Directoraat-generaal Handel |
|
Directoraat H |
|
Kamer CHAR 04/039 |
|
1049 Brussel |
|
BELGIË |
TRON.tdi: https://tron.trade.ec.europa.eu/tron/tdi
E-mailadressen: TRADE-R708-GFR-SUBSIDY@ec.europa.eu
TRADE-R708-GFR-INJURY@ec.europa.eu
6. Tijdschema voor het onderzoek
Het onderzoek wordt overeenkomstig artikel 22, lid 1, van de basisverordening normaal gesproken binnen 12 maanden, maar uiterlijk binnen 15 maanden na de datum van bekendmaking van dit bericht afgesloten.
7. Indiening van informatie
In de regel kunnen belanghebbenden alleen binnen de in punt 5 van dit bericht vermelde termijnen informatie indienen.
Teneinde het onderzoek binnen de voorgeschreven termijnen af te ronden, zal de Commissie geen opmerkingen van belanghebbenden meer aanvaarden na het verstrijken van de termijn voor het indienen van opmerkingen over de mededeling van de definitieve bevindingen of, in voorkomend geval, na het verstrijken van de termijn voor het indienen van opmerkingen over de aanvullende mededeling van de definitieve bevindingen.
8. Mogelijkheid om opmerkingen te maken over door andere belanghebbenden ingediende informatie
Om het recht van verweer te waarborgen, moeten belanghebbenden de mogelijkheid hebben om opmerkingen te maken over de door andere belanghebbenden ingediende informatie. Daarbij mogen zij alleen ingaan op kwesties die in de door andere belanghebbenden ingediende informatie worden vermeld en mogen zij geen nieuwe kwesties aan de orde stellen.
Opmerkingen over de informatie die door andere belanghebbenden is verstrekt naar aanleiding van de mededeling van de definitieve bevindingen moeten, tenzij anders aangegeven, uiterlijk vijf dagen na het verstrijken van de termijn voor het maken van opmerkingen over de definitieve bevindingen worden ingediend. In geval van een aanvullende mededeling van de definitieve bevindingen moeten opmerkingen van andere belanghebbenden naar aanleiding van deze aanvullende mededeling, tenzij anders aangegeven, uiterlijk één dag na het verstrijken van de termijn voor het maken van opmerkingen over deze aanvullende mededeling worden ingediend.
Bovenbedoeld tijdschema geldt onverminderd het recht van de Commissie de belanghebbenden in naar behoren gemotiveerde gevallen om aanvullende informatie te verzoeken.
9. Verlenging van de in dit bericht vermelde termijnen
Een verlenging van de in dit bericht vermelde termijnen kan worden verleend op met redenen omkleed verzoek van de belanghebbenden.
Een verlenging van de termijn voor het beantwoorden van de vragenlijsten en van andere termijnen als bedoeld in dit bericht alsmede van termijnen die de belanghebbenden specifiek zijn meegedeeld, is beperkt tot ten hoogste drie extra dagen.
Indien belanghebbenden kunnen aantonen dat er sprake is van uitzonderlijke omstandigheden, kan de termijn met ten hoogste zeven extra dagen worden verlengd.
10. Niet-medewerking
Wanneer belanghebbenden geen toegang tot de vereiste gegevens verlenen, deze niet binnen de gestelde termijn verstrekken of het onderzoek aanmerkelijk belemmeren, kunnen overeenkomstig artikel 28 van de basisverordening conclusies worden getrokken aan de hand van de beschikbare gegevens, zowel in positieve als in negatieve zin.
Wanneer blijkt dat een belanghebbende onjuiste of misleidende inlichtingen heeft verstrekt, kunnen deze buiten beschouwing worden gelaten en kan van de beschikbare gegevens gebruik worden gemaakt.
Als een belanghebbende geen of slechts gedeeltelijk medewerking verleent en de conclusies daarom overeenkomstig artikel 28 van de basisverordening op de beschikbare gegevens worden gebaseerd, kunnen de resultaten voor deze belanghebbende minder gunstig zijn dan wanneer hij wel medewerking had verleend.
Indien de belanghebbende zijn antwoord niet door middel van systemen voor automatische gegevensverwerking verstrekt, wordt dit niet als niet-medewerking beschouwd, mits deze belanghebbende aantoont dat verstrekking van het antwoord in de gevraagde vorm voor hem een onredelijke extra belasting zou betekenen of onredelijke extra kosten met zich zou brengen. De belanghebbende moet onmiddellijk contact opnemen met de Commissie.
11. Raadadviseur-auditeur
Belanghebbenden kunnen erom vragen dat de raadadviseur-auditeur in handelsprocedures wordt ingeschakeld. De raadadviseur-auditeur behandelt verzoeken om toegang tot het dossier, geschillen over de vertrouwelijkheid van documenten, verzoeken om termijnverlenging en alle andere verzoeken betreffende het recht van verweer van belanghebbenden en van derden die tijdens de procedure kunnen worden ingediend.
De raadadviseur-auditeur kan een hoorzitting beleggen en bemiddelen tussen de belanghebbende(n) en de diensten van de Commissie om te garanderen dat de belanghebbenden hun recht van verweer ten volle kunnen uitoefenen. Een verzoek om door de raadadviseur-auditeur te worden gehoord, moet schriftelijk worden ingediend en met redenen worden omkleed. De raadadviseur-auditeur onderzoekt de redenen voor de verzoeken. Deze hoorzittingen mogen enkel plaatsvinden indien de kwesties niet tijdig zijn opgelost met de diensten van de Commissie.
Elk verzoek moet tijdig en snel worden ingediend, zodat het ordelijk verloop van de procedure niet in gevaar wordt gebracht. Daartoe moet een verzoek om inschakeling van de raadadviseur-auditeur zo spoedig mogelijk na de gebeurtenis die een dergelijke inschakeling rechtvaardigt door de belanghebbenden worden ingediend. Wanneer een verzoek om een hoorzitting niet binnen de daarvoor geldende termijn wordt ingediend, onderzoekt de raadadviseur-auditeur ook de redenen voor het laattijdige verzoek, de aard van de aan de orde gestelde kwesties en de gevolgen van die kwesties voor het recht van verweer, rekening houdend met het belang van behoorlijk bestuur en de tijdige voltooiing van het onderzoek.
Belanghebbenden die contact willen opnemen, vinden de nodige gegevens en nadere informatie op de webpagina’s van de raadadviseur-auditeur op de website van DG Handel (http://ec.europa.eu/trade/trade-policy-and-you/contacts/hearing-officer/) .
12. Verzoek om een nieuw onderzoek op grond van artikel 19 van de basisverordening
Aangezien dit nieuwe onderzoek in verband met het vervallen van de maatregelen wordt geopend overeenkomstig artikel 18 van de basisverordening, kunnen de bestaande maatregelen overeenkomstig artikel 22, lid 3, van de basisverordening naar aanleiding van de bevindingen van het onderzoek worden ingetrokken of gehandhaafd, maar niet worden gewijzigd.
Belanghebbenden die van oordeel zijn dat de maatregelen opnieuw moeten worden onderzocht zodat deze kunnen worden gewijzigd, kunnen een verzoek om een nieuw onderzoek indienen op grond van artikel 19 van de basisverordening.
Zij moeten daartoe contact opnemen met de Commissie op het bovenstaande adres. Een dergelijk onderzoek zal onafhankelijk van het in dit bericht aangekondigde onderzoek worden uitgevoerd.
13. Verwerking van persoonsgegevens
Persoonsgegevens die in het kader van dit onderzoek worden verzameld, zullen worden behandeld in overeenstemming met Verordening (EU) 2018/1725 van het Europees Parlement en de Raad (14).
Een privacyverklaring die alle particulieren op de hoogte brengt van de verwerking van persoonsgegevens in het kader van de handelsbeschermingsactiviteiten van de Commissie is beschikbaar op de website van DG Handel (https://ec.europa.eu/trade/policy/accessing-markets/trade-defence/).
(1) PB C 141 van 17.4.2019, blz. 3.
(2) PB L 176 van 30.6.2016, blz. 55.
(3) Uitvoeringsverordening (EU) nr. 1379/2014 van de Commissie van 16 december 2014 tot instelling van een definitief compenserend recht op bepaalde producten van glasvezelfilamenten van oorsprong uit de Volksrepubliek China en tot wijziging van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 248/2011 van de Raad tot instelling van een definitief antidumpingrecht op bepaalde continuglasvezelproducten van oorsprong uit de Volksrepubliek China (PB L 367 van 23.12.2014, blz. 22).
(4) Verordening (EU) 2018/825 van het Europees Parlement en de Raad van 30 mei 2018 tot wijziging van Verordening (EU) 2016/1036 betreffende beschermende maatregelen tegen invoer met dumping uit landen die geen lid zijn van de Europese Unie en Verordening (EU) 2016/1037 betreffende bescherming tegen invoer met subsidiëring uit landen die geen lid zijn van de Europese Unie (PB L 143 van 7.6.2018, blz. 1).
(5) Onder producent wordt verstaan een onderneming uit het betrokken land die het onderzochte product produceert, met inbegrip van verbonden ondernemingen die betrokken zijn bij de productie, binnenlandse verkoop of uitvoer van het onderzochte product.
(6) Onder producent-exporteur wordt verstaan een onderneming uit het betrokken land die het onderzochte product produceert en naar de markt van de Unie uitvoert, rechtstreeks of via derden, met inbegrip van verbonden ondernemingen die betrokken zijn bij de productie, binnenlandse verkoop of uitvoer van het onderzochte product.
(7) http://trade.ec.europa.eu/tdi/case_details.cfm?id=2423
(8) Uitsluitend importeurs die niet verbonden zijn met producenten-exporteurs mogen in de steekproef worden opgenomen. Importeurs die met producenten-exporteurs verbonden zijn, moeten bijlage I bij de vragenlijst voor deze producenten-exporteurs invullen. Overeenkomstig artikel 127 van Uitvoeringsverordening (EU) 2015/2447 van de Commissie van 24 november 2015 houdende nadere uitvoeringsvoorschriften voor enkele bepalingen van Verordening (EU) nr. 952/2013 van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van het douanewetboek van de Unie, worden twee personen geacht te zijn verbonden indien: a) zij functionaris of directeur zijn in de onderneming van de andere persoon; b) zij door de wettelijke bepalingen worden erkend als in zaken verbonden; c) zij werkgever en werknemer zijn; d) een derde partij 5 % of meer van het stemgerechtigde uitstaande kapitaal of de aandelen van beiden direct of indirect bezit, houdt of daarover zeggenschap heeft; e) één van hen direct of indirect zeggenschap over de ander heeft; f) een derde persoon direct of indirect zeggenschap over beiden heeft; g) beiden direct of indirect zeggenschap over een derde persoon hebben; of h) zij tot dezelfde familie behoren (PB L 343 van 29.12.2015, blz. 558). Personen worden slechts geacht leden te zijn van dezelfde familie indien zij op een van de volgende wijzen met elkaar bloed- of aanverwant zijn: i) echtgenoot en echtgenote, ii) ouder en kind, iii) broers en zusters (of halfbroers en halfzusters), iv) grootouder en kleinkind, v) oom of tante en neef of nicht (oomzeggers), vi) schoonouder en schoondochter of schoonzoon, vii) zwagers en schoonzusters. Overeenkomstig artikel 5, punt 4, van Verordening (EU) nr. 952/2013 van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van het douanewetboek van de Unie wordt onder “persoon” verstaan een natuurlijk persoon, een rechtspersoon of een vereniging van personen die geen rechtspersoonlijkheid bezit, maar krachtens het Unierecht of het nationale recht wel als handelingsbekwaam is erkend (PB L 269 van 10.10.2013, blz. 1).
(9) Gegevens die door niet-verbonden importeurs zijn verstrekt, mogen ook worden gebruikt voor andere aspecten van dit onderzoek dan het vaststellen van het belang van de Unie.
(10) http://trade.ec.europa.eu/tdi/case_details.cfm?id=2423
(11) http://trade.ec.europa.eu/tdi/case_details.cfm?id=2423
(12) http://trade.ec.europa.eu/tdi/case_details.cfm?id=2423
(13) Een “Limited”-document wordt beschouwd als vertrouwelijk in de zin van artikel 29 van de basisverordening en artikel 12.4 van de WTO-Overeenkomst inzake subsidies en compenserende maatregelen. Het is ook een beschermd document krachtens artikel 4 van Verordening (EG) nr. 1049/2001 van het Europees Parlement en de Raad (PB L 145 van 31.5.2001, blz. 43).
(14) Verordening (EU) 2018/1725 van het Europees Parlement en de Raad van 23 oktober 2018 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens door de instellingen, organen en instanties van de Unie en betreffende het vrije verkeer van die gegevens, en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 45/2001 en Besluit nr. 1247/2002/EG (PB L 295 van 21.11.2018, blz. 39).
BIJLAGE I
|
☐ |
“Limited”-versie (1) |
|
☐ |
Versie “For inspection by interested parties” |
|
|
(vakje aankruisen dat van toepassing is) |
ANTISUBSIDIEPROCEDURE BETREFFENDE DE INVOER VAN CONTINUGLASVEZELPRODUCTEN VAN OORSPRONG UIT DE VOLKSREPUBLIEK CHINA
INFORMATIE VOOR DE SAMENSTELLING VAN DE STEEKPROEF VAN PRODUCENTEN IN DE VOLKSREPUBLIEK CHINA
Dit formulier is bedoeld om producenten in de Volksrepubliek China te helpen bij het verstrekken van de informatie voor de samenstelling van de steekproef, als bedoeld in punt 5.2.1 van het bericht van opening.
De “Limited”-versie en de versie “For inspection by interested parties” moeten beide aan de Commissie worden teruggezonden, zoals aangegeven in het bericht van opening.
1. NAAM EN CONTACTGEGEVENS
Gelieve de volgende gegevens over uw onderneming te verstrekken:
|
Naam van de onderneming |
|
|
Adres |
|
|
Contactpersoon |
|
|
E-mailadres |
|
|
Telefoonnummer |
|
|
Website |
|
2. OMZET, VERKOOPVOLUME, PRODUCTIE EN PRODUCTIECAPACITEIT
Vermeld voor het tijdvak van het nieuwe onderzoek, d.w.z. de periode van 1 januari 2019 tot en met 31 december 2019, de omzet in de rekenvaluta van de onderneming (de uitvoer naar de Unie voor elk van de 28 lidstaten (2) afzonderlijk en in totaal, en de binnenlandse verkoop) met betrekking tot het onderzochte product zoals omschreven in het bericht van opening, alsook het gewicht daarvan. Vermeld de gebruikte valuta.
Tabel I
Omzet en verkoopvolume
|
|
Ton |
Waarde in rekenvaluta Vermeld de gebruikte valuta |
|
|
Uitvoer naar de Unie van het onderzochte product, vervaardigd door uw onderneming, voor elk van de 28 lidstaten afzonderlijk en in totaal |
Totaal: |
|
|
|
Vermeld elke lidstaat (3) |
|
|
|
|
Uitvoer naar de rest van de wereld van het onderzochte product, vervaardigd door uw onderneming |
Totaal: |
|
|
|
Vermeld de vijf belangrijkste landen van invoer en de respectieve volumes en waarden (3) |
|
||
|
Binnenlandse verkoop van het onderzochte product, vervaardigd door uw onderneming |
|
|
|
Tabel II
Productie en productiecapaciteit in het tijdvak van het nieuwe onderzoek, d.w.z. het jaar 2019
|
|
Ton |
|
Totale productie van het onderzochte product door uw onderneming |
|
|
Productiecapaciteit voor het onderzochte product van uw onderneming |
|
3. ACTIVITEITEN VAN UW ONDERNEMING EN VAN VERBONDEN ONDERNEMINGEN (4)
Verstrek nadere bijzonderheden over de precieze activiteiten van de onderneming en alle verbonden ondernemingen (vermeld die ondernemingen en geef de relatie met uw onderneming aan) die betrokken zijn bij de productie en/of verkoop (uitvoer en/of binnenlandse verkoop) van het onderzochte product. Dergelijke activiteiten kunnen de aankoop van het onderzochte product of de productie daarvan in het kader van uitbestedingsregelingen, alsook de verwerking van of de handel in het onderzochte product omvatten maar zijn daartoe niet beperkt.
|
Naam van de onderneming en locatie |
Activiteiten |
Relatie |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
4. ANDERE INFORMATIE
Verstrek het jaarverslag en/of de jaarrekeningen voor 2018 van de onderneming.
Verstrek alle andere relevante informatie die de onderneming nuttig acht om de Commissie bij de samenstelling van de steekproef te helpen.
5. CERTIFICERING
Door bovengenoemde informatie te verstrekken, stemt de onderneming ermee in eventueel in de steekproef te worden opgenomen. Selectie voor de steekproef houdt in dat een vragenlijst moet worden ingevuld en dat aanvaard wordt dat de antwoorden bij een bezoek ter plaatse worden gecontroleerd. Ondernemingen die verklaren dat zij niet in de steekproef willen worden opgenomen, worden geacht niet aan het onderzoek te hebben meegewerkt. De bevindingen van de Commissie met betrekking tot niet-medewerkende producenten worden gebaseerd op de beschikbare gegevens en het resultaat kan voor de desbetreffende onderneming minder gunstig zijn dan wanneer zij wel had meegewerkt.
Handtekening van de gemachtigde:
Naam en titel van de gemachtigde:
Datum:
(1) Dit document is uitsluitend bestemd voor intern gebruik. Het document is beschermd krachtens artikel 4 van Verordening (EG) nr. 1049/2001 van het Europees Parlement en de Raad (PB L 145 van 31.5.2001, blz. 43). Het document is vertrouwelijk in de zin van artikel 29 van Verordening (EU) 2016/1037 van het Europees Parlement en de Raad van 8 juni 2016 (PB L 176 van 30.6.2016, blz. 55) en artikel 12.4 van de WTO-Overeenkomst inzake subsidies en compenserende maatregelen (SCM-overeenkomst).
(2) De 28 lidstaten van de Europese Unie zijn: België, Bulgarije, Tsjechië, Denemarken, Duitsland, Estland, Ierland, Griekenland, Spanje, Frankrijk, Kroatië, Italië, Cyprus, Letland, Litouwen, Luxemburg, Hongarije, Malta, Nederland, Oostenrijk, Polen, Portugal, Roemenië, Slovenië, Slowakije, Finland, Zweden en het Verenigd Koninkrijk.
(3) Zo nodig extra rijen toevoegen.
(4) Overeenkomstig artikel 127 van Uitvoeringsverordening (EU) 2015/2447 van de Commissie van 24 november 2015 houdende nadere uitvoeringsvoorschriften voor enkele bepalingen van Verordening (EU) nr. 952/2013 van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van het douanewetboek van de Unie, worden twee personen geacht te zijn verbonden indien: a) zij functionaris of directeur zijn in de onderneming van de andere persoon; b) zij door de wettelijke bepalingen worden erkend als in zaken verbonden; c) zij werkgever en werknemer zijn; d) een derde partij 5 % of meer van het stemgerechtigde uitstaande kapitaal of de aandelen van beiden direct of indirect bezit, houdt of daarover zeggenschap heeft; e) één van hen direct of indirect zeggenschap over de ander heeft; f) een derde persoon direct of indirect zeggenschap over beiden heeft; g) beiden direct of indirect zeggenschap over een derde persoon hebben; of h) zij tot dezelfde familie behoren (PB L 343 van 29.12.2015, blz. 558). Personen worden slechts geacht leden te zijn van dezelfde familie indien zij op een van de volgende wijzen met elkaar bloed- of aanverwant zijn: i) echtgenoot en echtgenote, ii) ouder en kind, iii) broers en zusters (of halfbroers en halfzusters), iv) grootouder en kleinkind, v) oom of tante en neef of nicht (oomzeggers), vi) schoonouder en schoondochter of schoonzoon, vii) zwagers en schoonzusters. Overeenkomstig artikel 5, punt 4, van Verordening (EU) nr. 952/2013 van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van het douanewetboek van de Unie wordt onder “persoon” verstaan een natuurlijk persoon, een rechtspersoon of een vereniging van personen die geen rechtspersoonlijkheid bezit, maar krachtens het Unierecht of het nationale recht wel als handelingsbekwaam is erkend (PB L 269 van 10.10.2013, blz. 1).
BIJLAGE II
|
☐ |
“Limited”-versie (1) |
|
☐ |
Versie “For inspection by interested parties” |
|
|
(vakje aankruisen dat van toepassing is) |
ANTISUBSIDIEPROCEDURE BETREFFENDE DE INVOER VAN CONTINUGLASVEZELPRODUCTEN VAN OORSPRONG UIT DE VOLKSREPUBLIEK CHINA
INFORMATIE VOOR DE SAMENSTELLING VAN DE STEEKPROEF VAN NIET-VERBONDEN IMPORTEURS
Dit formulier is bedoeld om niet-verbonden importeurs te helpen bij het verstrekken van de informatie voor de samenstelling van de steekproef, als bedoeld in punt 5.2.2 van het bericht van opening.
De “Limited”-versie en de versie “For inspection by interested parties” moeten beide aan de Commissie worden teruggezonden, zoals aangegeven in het bericht van opening.
1. NAAM EN CONTACTGEGEVENS
Gelieve de volgende gegevens over uw onderneming te verstrekken:
|
Naam van de onderneming |
|
|
Adres |
|
|
Contactpersoon |
|
|
E-mailadres |
|
|
Telefoonnummer |
|
|
Website |
|
2. OMZET EN VERKOOPVOLUME
Vermeld voor het tijdvak van het nieuwe onderzoek, d.w.z. de periode van 1 januari 2019 tot en met 31 december 2019, in euro’s (EUR) de totale omzet van de onderneming alsmede de omzet die is behaald met de invoer in de Unie (2) en de wederverkoop op de markt van de Unie na invoer uit de Volksrepubliek China van het onderzochte product, alsook het gewicht of volume daarvan.
|
|
Ton |
Waarde in EUR |
|
Totale omzet van uw onderneming in EUR |
|
|
|
Invoer van het onderzochte product in de Unie |
|
|
|
Wederverkoop van het onderzochte product op de markt van de Unie na invoer uit de Volksrepubliek China |
|
|
3. ACTIVITEITEN VAN UW ONDERNEMING EN VAN VERBONDEN ONDERNEMINGEN (3)
Verstrek nadere bijzonderheden over de precieze activiteiten van de onderneming en alle verbonden ondernemingen (vermeld die ondernemingen en geef de relatie met uw onderneming aan) die betrokken zijn bij de productie en/of verkoop (uitvoer en/of binnenlandse verkoop) van het onderzochte product. Dergelijke activiteiten kunnen de aankoop van het onderzochte product of de productie daarvan in het kader van uitbestedingsregelingen, alsook de verwerking van of de handel in het onderzochte product omvatten maar zijn daartoe niet beperkt.
|
Naam van de onderneming en locatie |
Activiteiten |
Relatie |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
4. ANDERE INFORMATIE
Verstrek alle andere relevante informatie die de onderneming nuttig acht om de Commissie bij de samenstelling van de steekproef te helpen.
5. CERTIFICERING
Door bovengenoemde informatie te verstrekken, stemt de onderneming ermee in eventueel in de steekproef te worden opgenomen. Selectie voor de steekproef houdt in dat een vragenlijst moet worden ingevuld en dat aanvaard wordt dat de antwoorden bij een bezoek ter plaatse worden gecontroleerd. Ondernemingen die verklaren dat zij niet in de steekproef willen worden opgenomen, worden geacht niet aan het onderzoek te hebben meegewerkt. De bevindingen van de Commissie met betrekking tot niet-medewerkende importeurs worden gebaseerd op de beschikbare gegevens en het resultaat kan voor de desbetreffende onderneming minder gunstig zijn dan wanneer zij wel had meegewerkt.
Handtekening van de gemachtigde:
Naam en titel van de gemachtigde:
Datum:
(1) Dit document is uitsluitend bestemd voor intern gebruik. Het document is beschermd krachtens artikel 4 van Verordening (EG) nr. 1049/2001 van het Europees Parlement en de Raad (PB L 145 van 31.5.2001, blz. 43). Het document is vertrouwelijk in de zin van artikel 29 van Verordening (EU) 2016/1037 van het Europees Parlement en de Raad van 8 juni 2016 (PB L 176 van 30.6.2016, blz. 55) en artikel 12.4 van de WTO-Overeenkomst inzake subsidies en compenserende maatregelen (SCM-overeenkomst).
(2) De 28 lidstaten van de Europese Unie zijn: België, Bulgarije, Tsjechië, Denemarken, Duitsland, Estland, Ierland, Griekenland, Spanje, Frankrijk, Kroatië, Italië, Cyprus, Letland, Litouwen, Luxemburg, Hongarije, Malta, Nederland, Oostenrijk, Polen, Portugal, Roemenië, Slovenië, Slowakije, Finland, Zweden en het Verenigd Koninkrijk.
(3) Overeenkomstig artikel 127 van Uitvoeringsverordening (EU) 2015/2447 van de Commissie van 24 november 2015 houdende nadere uitvoeringsvoorschriften voor enkele bepalingen van Verordening (EU) nr. 952/2013 van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van het douanewetboek van de Unie, worden twee personen geacht te zijn verbonden indien: a) zij functionaris of directeur zijn in de onderneming van de andere persoon; b) zij door de wettelijke bepalingen worden erkend als in zaken verbonden; c) zij werkgever en werknemer zijn; d) een derde partij 5 % of meer van het stemgerechtigde uitstaande kapitaal of de aandelen van beiden direct of indirect bezit, houdt of daarover zeggenschap heeft; e) één van hen direct of indirect zeggenschap over de ander heeft; f) een derde persoon direct of indirect zeggenschap over beiden heeft; g) beiden direct of indirect zeggenschap over een derde persoon hebben; of h) zij tot dezelfde familie behoren (PB L 343 van 29.12.2015, blz. 558). Personen worden slechts geacht leden te zijn van dezelfde familie indien zij op een van de volgende wijzen met elkaar bloed- of aanverwant zijn: i) echtgenoot en echtgenote, ii) ouder en kind, iii) broers en zusters (of halfbroers en halfzusters), iv) grootouder en kleinkind, v) oom of tante en neef of nicht (oomzeggers), vi) schoonouder en schoondochter of schoonzoon, vii) zwagers en schoonzusters. Overeenkomstig artikel 5, punt 4, van Verordening (EU) nr. 952/2013 van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van het douanewetboek van de Unie wordt onder “persoon” verstaan een natuurlijk persoon, een rechtspersoon of een vereniging van personen die geen rechtspersoonlijkheid bezit, maar krachtens het Unierecht of het nationale recht wel als handelingsbekwaam is erkend (PB L 269 van 10.10.2013, blz. 1).
PROCEDURES IN VERBAND MET DE UITVOERING VAN HET GEMEENSCHAPPELIJK MEDEDINGINGSBELEID
Europese Commissie
|
17.12.2019 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 424/18 |
Voorafgaande aanmelding van een concentratie
(Zaak M.9383 — ZF/Wabco)
Voor de EER relevante tekst)
(2019/C 424/06)
1.
Op 9 december 2019 heeft de Commissie een aanmelding van een voorgenomen concentratie in de zin van artikel 4 van Verordening (EG) nr. 139/2004 van de Raad (1) ontvangen.Deze aanmelding betreft de volgende ondernemingen:
|
— |
ZF Friedrichshafen AG (Duitsland); |
|
— |
WABCO Holdings Inc. (Verenigde Staten). |
ZF Friedrichshafen AG verkrijgt zeggenschap in de zin van artikel 3, lid 1, onder b), van de concentratieverordening over het geheel van WABCO Holdings Inc.
De concentratie komt tot stand door de verwerving van aandelen.
2.
De activiteiten van de betrokken ondernemingen zijn:|
— |
ZF Friedrichshafen AG: wereldwijde technologische onderneming die actief is in de ontwikkeling, de vervaardiging en de distributie van producten en systemen voor personenwagens, bedrijfswagens en industriële technologie; |
|
— |
WABCO Holdings Inc.: wereldwijde leverancier van remcontrolesystemen, technologieën en diensten ter verbetering van de veiligheid, de efficiëntie en de connectiviteit van bedrijfsvoertuigen, waaronder vrachtwagens, bussen en aanhangwagens. |
3.
Op grond van een voorlopig onderzoek is de Commissie van oordeel dat de aangemelde transactie binnen het toepassingsgebied van de concentratieverordening kan vallen. Ten aanzien van dit punt wordt de definitieve beslissing echter aangehouden.
4.
De Commissie verzoekt belanghebbenden haar hun eventuele opmerkingen over de voorgenomen concentratie kenbaar te maken.Deze opmerkingen moeten de Commissie uiterlijk tien dagen na de datum van deze bekendmaking hebben bereikt. De volgende referentie moet altijd worden vermeld:
Zaak M.9383 — ZF/Wabco
Opmerkingen kunnen per e-mail, per fax of per post aan de Commissie worden toegezonden. Gelieve de onderstaande contactgegevens te gebruiken:
E-mail: COMP-MERGER-REGISTRY@ec.europa.eu
Fax +32 22964301
Postadres:
|
Europese Commissie |
|
Directoraat-generaal Concurrentie |
|
Griffie voor concentraties |
|
1049 Brussel |
|
BELGIË |
(1) PB L 24 van 29.1.2004, blz. 1 (“de concentratieverordening”).
|
17.12.2019 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 424/20 |
Voorafgaande aanmelding van een concentratie
(Zaak M.9628 — Thoma Bravo/Sophos Group)
Voor de vereenvoudigde procedure in aanmerking komende zaak
(Voor de EER relevante tekst)
(2019/C 424/07)
1.
Op 6 december 2019 heeft de Commissie een aanmelding van een voorgenomen concentratie in de zin van artikel 4 van Verordening (EG) nr. 139/2004 van de Raad (1) ontvangen.Deze aanmelding betreft de volgende ondernemingen:
|
— |
Thoma Bravo, LLC (“Thoma Bravo”, Verenigde Staten); |
|
— |
Sophos Group plc (“Sophos”, Verenigd Koninkrijk). |
Thoma Bravo verkrijgt uitsluitende zeggenschap in de zin van artikel 3, lid 1, onder b), van de concentratieverordening over het geheel van Sophos.
De concentratie komt tot stand door een openbaar bod.
2.
De activiteiten van de betrokken ondernemingen zijn:|
— |
Thoma Bravo: private equity-onderneming die vooral focust op toepassings- en infrastructuursoftware, alsook op diensten op basis van technologie; |
|
— |
Sophos: technologiebedrijf dat cyberbeveiligingsoplossingen levert over de hele wereld. |
3.
Op grond van een voorlopig onderzoek is de Commissie van oordeel dat de aangemelde transactie binnen het toepassingsgebied van de concentratieverordening kan vallen. Ten aanzien van dit punt wordt de definitieve beslissing echter aangehouden.Er zij op gewezen dat deze zaak in aanmerking komt voor de vereenvoudigde procedure zoals uiteengezet in de mededeling van de Commissie betreffende een vereenvoudigde procedure voor de behandeling van bepaalde concentraties krachtens Verordening (EG) nr. 139/2004 van de Raad (2).
4.
De Commissie verzoekt belanghebbenden haar hun eventuele opmerkingen over de voorgenomen concentratie kenbaar te maken.Deze opmerkingen moeten de Commissie uiterlijk tien dagen na de datum van deze bekendmaking hebben bereikt. De volgende referentie moet altijd worden vermeld:
M.9628 — Thoma Bravo/Sophos Group
Opmerkingen kunnen per e-mail, per fax of per post aan de Commissie worden toegezonden. Gelieve de onderstaande contactgegevens te gebruiken:
E-mail: COMP-MERGER-REGISTRY@ec.europa.eu
Fax +32 22964301
Postadres:
|
Europese Commissie |
|
Directoraat-generaal Concurrentie |
|
Griffie voor concentraties |
|
1049 Brussel |
|
BELGIË |
(1) PB L 24 van 29.1.2004, blz. 1 (“de concentratieverordening”).
|
17.12.2019 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 424/21 |
Voorafgaande aanmelding van een concentratie
(Zaak M.9656 — CD&R/Anixter)
Voor de vereenvoudigde procedure in aanmerking komende zaak
(Voor de EER relevante tekst)
(2019/C 424/08)
1.
Op 10 december 2019 heeft de Commissie een aanmelding van een voorgenomen concentratie in de zin van artikel 4 van Verordening (EG) nr. 139/2004 van de Raad (1) ontvangen.Deze aanmelding betreft de volgende ondernemingen:
|
— |
Clayton, Dubilier & Rice Fund X, L.P. (“CD&R”, Verenigde Staten); |
|
— |
Anixter International Inc. (“Anixter”, Verenigde Staten). |
CD&R verkrijgt uitsluitende zeggenschap in de zin van artikel 3, lid 1, onder b), van de concentratieverordening over het geheel van Anixter.
De concentratie komt tot stand door de verwerving van aandelen.
2.
De activiteiten van de betrokken ondernemingen zijn:|
— |
CD&R: private-equitybeleggingsgroep die managementbuy-outs, strategische minderheidsparticipaties en andere strategische investeringen tot stand brengt, structureert en stuurt als hoofdinvesteerder; |
|
— |
Anixter: wereldwijde distributeur van netwerk- en beveiligingsoplossingen, elektrische en elektronische oplossingen, en oplossingen voor elektriciteitsvoorziening. |
3.
Op grond van een voorlopig onderzoek is de Commissie van oordeel dat de aangemelde transactie binnen het toepassingsgebied van de concentratieverordening kan vallen. Ten aanzien van dit punt wordt de definitieve beslissing echter aangehouden.Er zij op gewezen dat deze zaak in aanmerking komt voor de vereenvoudigde procedure zoals uiteengezet in de mededeling van de Commissie betreffende een vereenvoudigde procedure voor de behandeling van bepaalde concentraties krachtens Verordening (EG) nr. 139/2004 van de Raad (2).
4.
De Commissie verzoekt belanghebbenden haar hun eventuele opmerkingen over de voorgenomen concentratie kenbaar te maken.Deze opmerkingen moeten de Commissie uiterlijk tien dagen na de datum van deze bekendmaking hebben bereikt. De volgende referentie moet altijd worden vermeld:
M.9656 — CD&R/Anixter
Opmerkingen kunnen per e‐mail, per fax of per post aan de Commissie worden toegezonden. Gelieve de onderstaande contactgegevens te gebruiken:
E-mail: COMP-MERGER-REGISTRY@ec.europa.eu
Fax +32 22964301
Postadres:
|
Europese Commissie |
|
Directoraat-generaal Concurrentie |
|
Griffie voor concentraties |
|
1049 Brussel |
|
BELGIË |
(1) PB L 24 van 29.1.2004, blz. 1 (“de concentratieverordening”).
|
17.12.2019 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 424/23 |
Voorafgaande aanmelding van een concentratie
(Zaak M.9667 — BlackRock Group/Raffles/Kellas Group)
Voor de vereenvoudigde procedure in aanmerking komende zaak
(Voor de EER relevante tekst)
(2019/C 424/09)
1.
Op 6 december 2019 heeft de Commissie een aanmelding van een voorgenomen concentratie in de zin van artikel 4 van Verordening (EG) nr. 139/2004 van de Raad (1) ontvangen.Deze aanmelding betreft de volgende ondernemingen:
|
— |
Global Energy & Power Infrastructure Fund III L.P. (“GEPIF III”, Verenigde Staten), dat deel uitmaakt van BlackRock Group (“BlackRock”, Verenigde Staten); |
|
— |
Raffles Infra Holdings Limited (“Raffles”, Singapore), dat deel uitmaakt van GIC Group; |
|
— |
Kellas Group Holdings Limited (“Kellas Group”, Verenigd Koninkrijk), dat momenteel eigendom is van Antin Infrastructure Partners Luxembourg II S.a.r.l. en bepaalde leden van het management van Kellas Group. |
BlackRock en GIC Group verkrijgen gezamenlijke zeggenschap in de zin van artikel 3, lid 1, onder b), van de concentratieverordening over het geheel van Kellas Group.
De concentratie komt tot stand door de verwerving van aandelen.
2.
De activiteiten van de betrokken ondernemingen zijn:|
— |
GEPIF III: fonds dat zich toelegt op investeringen in de waardeketen van energie en elektriciteitsinfrastructuur. Zij wordt beheerd door een dochteronderneming van BlackRock; |
|
— |
Raffles: investeringsvehikel dat wordt beheerd door GIC Special Investments Private Limited (“GICSI”) die een wereldwijde investeringsportefeuille in private equity, durfkapitaal en infrastructuurfondsen beheert, alsook directe investeringen in particuliere ondernemingen. GICSI maakt deel van GIC Group; |
|
— |
Kellas Group: midstream-infrastructuuronderneming die zich bezighoudt met het transport en de verwerking van aardgas en aardgascondensaten. |
3.
Op grond van een voorlopig onderzoek is de Commissie van oordeel dat de aangemelde transactie binnen het toepassingsgebied van de concentratieverordening kan vallen. Ten aanzien van dit punt wordt de definitieve beslissing echter aangehouden.Er zij op gewezen dat deze zaak in aanmerking komt voor de vereenvoudigde procedure zoals uiteengezet in de mededeling van de Commissie betreffende een vereenvoudigde procedure voor de behandeling van bepaalde concentraties krachtens Verordening (EG) nr. 139/2004 van de Raad (2).
4.
De Commissie verzoekt belanghebbenden haar hun eventuele opmerkingen over de voorgenomen concentratie kenbaar te maken.Deze opmerkingen moeten de Commissie uiterlijk tien dagen na de datum van deze bekendmaking hebben bereikt. De volgende referentie moet altijd worden vermeld:
M.9667 — BlackRock Group//Raffles/Kellas Group
Opmerkingen kunnen per e‐mail, per fax of per post aan de Commissie worden toegezonden. Gelieve de onderstaande contactgegevens te gebruiken:
E-mail: COMP-MERGER-REGISTRY@ec.europa.eu
Fax +32 22964301
Postadres:
|
Europese Commissie |
|
Directoraat-generaal Concurrentie |
|
Griffie voor concentraties |
|
1049 Brussel |
|
BELGIË |
(1) PB L 24 van 29.1.2004, blz. 1 (“de concentratieverordening”).
ANDERE HANDELINGEN
Europese Commissie
|
17.12.2019 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 424/24 |
Bekendmaking van een productdossier dat is gewijzigd naar aanleiding van de goedkeuring van een minimale wijziging overeenkomstig artikel 53, lid 2, tweede alinea, van Verordening (EU) nr. 1151/2012 van het Europees Parlement en de Raad
(2019/C 424/10)
De Europese Commissie heeft deze minimale wijziging goedgekeurd overeenkomstig artikel 6, lid 2, derde alinea, van Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 664/2014 van de Commissie van 18 december 2013 (1).
De aanvraag tot goedkeuring van deze minimale wijziging kan worden geraadpleegd in de DOOR-databank van de Commissie.
PRODUCTDOSSIER VAN EEN GEGARANDEERDE TRADITIONELE SPECIALITEIT
“КАЙСЕРОВАН ВРАТ ТРАКИЯ” (KAYSEROVAN VRAT TRAKIYA)
EU-nr.: TSG-BG-01018-AM01-23.7.2019
“Bulgarije”
1. Naam/namen waarvoor de registratie wordt aangevraagd
“Кайсерован врат Тракия” (Kayserovan vrat Trakiya)
2. Productcategorie
Categorie 1.2. Vleesproducten (verhit, gepekeld, gerookt enz.)
3. Gronden voor registratie
3.1. Het product is:
|
☒ |
het resultaat van een productiewijze, verwerkingswijze of samenstelling die in overeenstemming is met de traditionele gebruiken voor dat product of dat levensmiddel; |
|
☐ |
vervaardigd uit de traditioneel gebruikte grondstoffen of ingrediënten. |
Het product is al geregistreerd bij Uitvoeringsverordening (EU) 2015/2257 van de Commissie (2).
3.2. De naam:
|
☒ |
wordt van oudsher gebruikt om het specifieke product aan te duiden; |
|
☐ |
is een verwijzing naar het traditionele karakter of de specificiteit van het product. |
De naam “Кайсерован врат Тракия (Kayserovan vrat Trakiya) werd voor het eerst gebruikt in 1980 in een normalisatiedocument betreffende de productie van het product, met name Industriële Norm 18-71996-80, opgesteld door de twee Bulgaarse onderzoekers Dzhevizov en Kiseva. Het product werd snel populair en wordt nu al meer dan dertig jaar op traditionele wijze geproduceerd in Bulgarije onder de hiervoor genoemde naam. De naam op zich is ook specifiek aangezien zij verwijst naar de in punt 4.2 beschreven hoofdingrediënten.
4. Beschrijving
4.1. Beschrijving van het product waarvoor de in punt 1 vermelde naam van toepassing is, met inbegrip van de belangrijkste fysieke, chemische, microbiologische of organoleptische kenmerken die het specifieke karakter van het product aantonen (artikel 7, lid 2, van deze verordening)
“Кайсерован врат Тракия” (Kayserovan vrat Trakiya) is een delicatesse van rauw, gedroogd, ongesneden vlees. Het product wordt vervaardigd op basis van vers, uitgebeend vlees van het nekstuk van het varken. Het vlees wordt tijdens het drogen herhaaldelijk geperst en het wordt ingestreken met het “kayserov”-mengsel (kayserova smes) dat bestaat uit natuurlijke kruiden en witte wijn. Het product kan rechtstreeks door alle consumentengroepen worden gegeten.
|
— |
Uitgerekte, platte cilinder. |
|
— |
Watergehalte: maximaal 48 % van de totale massa; |
|
— |
Zout (natriumchloride): maximaal 6,5 % van de totale massa; |
|
— |
pH: minstens 5,4. |
Uiterlijk voorkomen en kleur
|
— |
Het oppervlak is bestreken met het bruinrode “kayserov”-mengsel, is goed gedroogd en heeft een duidelijk zichtbare korst. Doorsnede |
|
— |
Het spierweefsel is bloedrood en het vet, dat maximaal 1 cm dik is, is zalmroze. Consistentie: compact en elastisch. Smaak en geur: kenmerkend, aangenaam, licht zout, met een duidelijk aroma van de gebruikte kruiden; er zijn geen vreemde smaken of geuren. “Кайсерован врат Тракия” (Kayserovan vrat Trakiya) kan in zijn geheel, in stukken of in dunne plakken worden verkocht en worden verpakt in een vacuümverpakking, in cellofaan of onder gewijzigde atmosfeer. |
4.2. Beschrijving van de productiemethode van het product waarvoor de in punt 1 vermelde naam van toepassing is, die door de producenten moet worden gevolgd, met inbegrip van, in voorkomend geval, de aard en de kenmerken van de gebruikte grondstoffen of ingrediënten, en de manier waarop het product wordt bereid (artikel 7, lid 2, van deze verordening)
Voor de productie van “Кайсерован врат Тракия” (Kayserovan vrat Trakiya) zijn de volgende ingrediënten en additieven nodig:
Vlees: nekstuk van het varken: 100 kg.
Pekelmengsel voor 100 kg vlees: 3,35 kg zout, 40 g ascorbinezuur (E300) als antioxidant; 100 g kaliumnitraat (E252) of 85 g natriumnitraat (E251); 500 g fijne kristalsuiker.
“Kayserov”-mengsel voor 100 kg vlees:
|
— |
4 kg paprikapoeder, |
|
— |
3 kg fenegriek, |
|
— |
2 kg knoflook, |
|
— |
12 l witte wijn, |
|
— |
twijn-/hennepgaren. |
Voor de productie van “Кайсерован врат Тракия” (Kayserovan vrat Trakiya) wordt vers, volledig gerijpt vlees van het nekstuk van het varken gebruikt met een pH-waarde tussen 5,6 en 6,2. Het vlees wordt zorgvuldig uitgebeend. De spiergroepen blijven intact. Het nekstuk wordt vooraan afgesneden ter hoogte van de bovenste halswervel (atlaswervel), achteraan tussen de vijfde en zesde rugwervel en onderaan ter hoogte van de vijfde tussenrib. De laagste horizontale lijn gaat door de eerste vijf ribben. Het uitgebeende vlees wordt van de bloederige delen ontdaan en in de juiste vorm gesneden. Deze stukken worden in schone bakken gelegd die geschikt zijn voor het pekelen. Het mengsel van zout, ascorbinezuur, kaliumnitraat of natriumnitraat en fijne kristalsuiker wordt handmatig of mechanisch bereid. De gezouten nekstukken worden dicht op elkaar gelegd in bakken van kunststof of roestvrij staal. Die bakken worden in koude opslagplaatsen geplaatst waar het vlees kan rijpen bij een temperatuur van 0 tot 4 °C. Na drie tot vier dagen worden de stukken van plaats gewisseld (de onderste stukken komen bovenaan te liggen en omgekeerd). Daarna worden ze nogmaals gedurende minstens tien dagen onder dezelfde omstandigheden bewaard totdat ze volledig en gelijkmatig zijn gepekeld. Aan alle gezouten nekstukken wordt een haak bevestigd, waarmee ze aan houten en/of metalen rekken of stangen op vleeswaarkarren uit roestvrij staal worden gehangen. De stukken mogen niet met elkaar in contact komen. Ze blijven tot 24 uur aan de kar hangen in een ruimte met een luchttemperatuur van maximaal 12 °С om uit te lekken. Daarna worden ze in natuurlijke droogkamers of droogkamers met klimaatregeling gezet waarin de temperatuur en vochtigheid kunnen worden geregeld. Het drogen gebeurt bij een luchttemperatuur van ten hoogste 17 °С en een relatieve luchtvochtigheid van 70-85 %. Tijdens het drogen en rijpen worden de stukken vlees meermaals geperst. Het persen duurt telkens 12 tot 24 uur. De stukken vlees worden een eerste keer geperst wanneer ze matig droog aanvoelen en er zich een korst begint te vormen. Voordat ze worden geperst, moeten de afzonderlijke stukken worden gesorteerd op dikte. Het vlees moet blijven drogen totdat het compact en elastisch is en het watergehalte niet meer dan 48 % van de totale massa bedraagt. Na de laatste persing worden de stukken bestreken met het “kayserov”-mengsel, dat, overeenkomstig het recept, uit kruiden, water en witte wijn bestaat. De stukken vlees worden gladgewreven en opgehangen totdat het mengsel volledig droog is en er zich een korst heeft gevormd. De fenegriek wordt op voorhand zorgvuldig gemalen en gedurende 24 uur in koud water gedrenkt.
4.3. Beschrijving van de belangrijkste elementen die het traditionele karakter van het product bepalen (artikel 7, lid 2, van deze verordening)
Smaak en aromatische eigenschappen van het product
De “Кайсерован врат Тракия” (Kayserovan vrat Trakiya) heeft zijn unieke smaak en aroma te danken aan de zorgvuldig uitgekozen en gesorteerde verse stukken vlees van het nekstuk van het varken en aan het “kayserov”-mengsel.
Voor de productie van de traditionele “Кайсерован врат Тракия” (Kayserovan vrat Trakiya) worden geen bacteriële fermenten (gisten) noch pH-regelaars gebruikt. Hierdoor onderscheidt het vlees zich van producten die met innovatieve technologieën worden geproduceerd.
Specifieke platte vorm
De kenmerkende vorm van het product wordt verkregen door het herhaaldelijk persen tijdens het droogproces.
“Кайсерован врат Тракия” (Kayserovan vrat Trakiya) behoort tot de delicatessencategorie van rauw, gedroogd en geperst, ongesneden varkensvlees. Het is een van de vele vleesproducten die al meerdere decennia in Bulgarije worden geproduceerd. De productie ervan in Bulgarije weerspiegelt een traditie van meer dan dertig jaar.
Historische gegevens over de technologie en het recept die worden gebruikt voor de productie van “Кайсерован врат Тракия” (Kayserovan vrat Trakiya), zijn te vinden in het normalisatiedocument over de productvereisten, met name ON 18-71996-80 — Pastarma “Plovdiv”, Pastarma “Rodopa”, “Kayserovan svinski vrat Trakiya”, Nationale agro-industriële vereniging (NAPS), Sofia, 1980. De productietechniek is beschreven in Technische Instructie nr. 326 van 20 oktober 1980 voor de productie van Pastarma “Plovdiv”, Pastarma “Rodopa” en “Kayserovan svinski vrat Trakiya”, Nationale agro-industriële vereniging (NAPS), Sofia, 1980, geschreven door de onderzoekers Dzhevizov en Kiseva in Plovdiv.
Volgens de traditionele productiemethode voor “Кайсерован врат Тракия” (Kayserovan vrat Trakiya) moeten bepaalde parameters (temperatuur en vochtigheid) tijdens het droogproces worden gehandhaafd. Daarnaast worden, als afwijking overeenkomstig artikel 10, lid 4, van Verordening (EG) nr. 853/2004 van het Europees Parlement en de Raad (3), persen met houten vlakken gebruikt. Dit alles zorgt voor gunstige omstandigheden voor de natuurlijke ontwikkeling van de gewenste microflora tijdens het droogproces. Door het persen krijgt het product zijn kenmerkende platte vorm en zijn specifieke traditionele smaak, die nog steeds dezelfde is.
(1) PB L 179 van 19.6.2014, blz. 17.