|
ISSN 1977-0995 |
||
|
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 47 |
|
|
||
|
Uitgave in de Nederlandse taal |
Mededelingen en bekendmakingen |
62e jaargang |
|
Inhoud |
Bladzijde |
|
|
|
IV Informatie |
|
|
|
INFORMATIE AFKOMSTIG VAN DE INSTELLINGEN, ORGANEN EN INSTANTIES VAN DE EUROPESE UNIE |
|
|
|
Europese Commissie |
|
|
2019/C 47/01 |
||
|
2019/C 47/02 |
||
|
2019/C 47/03 |
Eindverslag van de raadadviseur-auditeur — Zaak AT.40428 — Guess |
|
|
2019/C 47/04 |
||
|
|
De Europese Toezichthouder voor gegevensbescherming |
|
|
2019/C 47/05 |
|
|
V Bekendmakingen |
|
|
|
PROCEDURES IN VERBAND MET DE UITVOERING VAN HET GEMEENSCHAPPELIJK MEDEDINGINGSBELEID |
|
|
|
Europese Commissie |
|
|
2019/C 47/06 |
Voorafgaande aanmelding van een concentratie (Zaak M.9219 — Blackstone/Sretaw/Beauparc) — Voor de vereenvoudigde procedure in aanmerking komende zaak ( 1 ) |
|
|
Rectificaties |
|
|
2019/C 47/07 |
|
|
|
|
|
(1) Voor de EER relevante tekst. |
|
NL |
|
IV Informatie
INFORMATIE AFKOMSTIG VAN DE INSTELLINGEN, ORGANEN EN INSTANTIES VAN DE EUROPESE UNIE
Europese Commissie
|
6.2.2019 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 47/1 |
Wisselkoersen van de euro (1)
5 februari 2019
(2019/C 47/01)
1 euro =
|
|
Munteenheid |
Koers |
|
USD |
US-dollar |
1,1423 |
|
JPY |
Japanse yen |
125,59 |
|
DKK |
Deense kroon |
7,4650 |
|
GBP |
Pond sterling |
0,87803 |
|
SEK |
Zweedse kroon |
10,3998 |
|
CHF |
Zwitserse frank |
1,1436 |
|
ISK |
IJslandse kroon |
137,00 |
|
NOK |
Noorse kroon |
9,6783 |
|
BGN |
Bulgaarse lev |
1,9558 |
|
CZK |
Tsjechische koruna |
25,697 |
|
HUF |
Hongaarse forint |
317,41 |
|
PLN |
Poolse zloty |
4,2872 |
|
RON |
Roemeense leu |
4,7455 |
|
TRY |
Turkse lira |
5,9444 |
|
AUD |
Australische dollar |
1,5771 |
|
CAD |
Canadese dollar |
1,4996 |
|
HKD |
Hongkongse dollar |
8,9623 |
|
NZD |
Nieuw-Zeelandse dollar |
1,6556 |
|
SGD |
Singaporese dollar |
1,5445 |
|
KRW |
Zuid-Koreaanse won |
1 276,75 |
|
ZAR |
Zuid-Afrikaanse rand |
15,2773 |
|
CNY |
Chinese yuan renminbi |
7,6938 |
|
HRK |
Kroatische kuna |
7,4120 |
|
IDR |
Indonesische roepia |
15 964,21 |
|
MYR |
Maleisische ringgit |
4,6628 |
|
PHP |
Filipijnse peso |
59,743 |
|
RUB |
Russische roebel |
74,8209 |
|
THB |
Thaise baht |
35,725 |
|
BRL |
Braziliaanse real |
4,1942 |
|
MXN |
Mexicaanse peso |
21,7407 |
|
INR |
Indiase roepie |
81,8395 |
(1) Bron: door de Europese Centrale Bank gepubliceerde referentiekoers.
|
6.2.2019 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 47/2 |
Advies van het Adviescomité voor mededingingsregelingen en machtsposities, uitgebracht op zijn bijeenkomst van 10/12/2018, betreffende een ontwerpbesluit in zaak AT.40428 Guess
Rapporteur: Italië
(2019/C 47/02)
1.
Het Adviescomité is het eens met de beoordeling van de Commissie dat de gedraging waarop het ontwerpbesluit betrekking heeft, één enkele en continue inbreuk op artikel 101 VWEU vormt.
2.
Het Adviescomité is het met de Commissie eens over het eindbedrag van de geldboete, met inbegrip van de verlaging ervan overeenkomstig punt 37 van de richtsnoeren van 2006 voor de berekening van geldboeten, die uit hoofde van artikel 23, lid 2, onder a), van Verordening (EG) nr. 1/2003 wordt opgelegd.
3.
Het Adviescomité beveelt aan dat zijn advies wordt bekendgemaakt in het Publicatieblad van de Europese Unie.
|
6.2.2019 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 47/3 |
Eindverslag van de raadadviseur-auditeur (1)
Zaak AT.40428 — Guess
(2019/C 47/03)
(1)
In het tot Guess?, Inc., Guess? Europe, B.V. en Guess Europe Sagl („Guess”) gerichte besluit wordt geconcludeerd dat Guess inbreuk heeft gemaakt op artikel 101 VWEU en artikel 53 van de EER-overeenkomst via praktijken die erop gericht zijn erkende distributeurs in zijn selectieve distributiesysteem beperkingen op te leggen wat betreft i) het gebruik van de merknamen en handelsmerken van Guess voor onlinezoekadvertenties; ii) onlineverkoop zonder specifieke voorafgaande toelating van Guess, waarbij Guess volledig vrij en zonder kwaliteitscriteria kon beslissen al dan niet een toelating te verlenen; iii) de verkoop aan eindgebruikers buiten het aan erkende distributeurs toegewezen gebied; iv) koppelverkoop onder erkende groothandelaren en detailhandelaren; v) het onafhankelijk vaststellen van wederverkoopprijzen.
(2)
Bij besluit van 6 juni 2017 heeft de Commissie een procedure in de zin van artikel 2, lid 1, van Verordening nr. 773/2004 (2) tegen Guess ingeleid.
(3)
Op […] heeft Guess een formeel aanbod tot medewerking („verklaring met het oog op een schikking”) gedaan. De verklaring met het oog op een schikking bevat:|
— |
een bevestiging van de hoofdelijke aansprakelijkheid van Guess?, Inc., Guess? Europe, B.V. en Guess Europe Sagl voor de in de verklaring met het oog op een schikking beschreven inbreuk wat betreft het voorwerp, de belangrijkste feiten en de juridische kwalificatie van de inbreuk en van de belangrijkste feiten, met inbegrip van de rol van Guess en de duur van de deelname van Guess aan de inbreuk; |
|
— |
een verklaring dat de verklaring met het oog op een schikking afhankelijk is van de voorwaarde dat de Commissie een geldboete oplegt die niet meer bedraagt dan het in de verklaring met het oog op een schikking vermelde bedrag; |
|
— |
de bevestiging dat Guess?, Inc., Guess? Europe, B.V. en Guess Europe Sagl voldoende in kennis zijn gesteld van de bezwaren die de Commissie voornemens is tegen hen in te brengen en dat zij voldoende gelegenheid hebben gekregen hun standpunt aan de Commissie kenbaar te maken; |
|
— |
de bevestiging dat Guess?, Inc., Guess? Europe, B.V. en Guess Europe Sagl niet voornemens zijn een verzoek om verdere toegang tot het dossier of een verzoek om opnieuw te worden gehoord tijdens een hoorzitting in te dienen, tenzij de Commissie hun verklaring met het oog op een schikking niet in de mededeling van punten van bezwaar en het besluit weergeeft; |
|
— |
het akkoord om de mededeling van punten van bezwaar en het eindbesluit in het Engels te ontvangen. |
(4)
Op 12 november 2018 heeft de Commissie de mededeling van punten van bezwaar aangenomen, waarop Guess?, Inc., Guess? Europe, B.V. en Guess Europe Sagl gezamenlijk hebben geantwoord op 21 november 2018 door te bevestigen dat de mededeling van punten van bezwaar de inhoud van de verklaring met het oog op een schikking weergaf, opnieuw te bevestigen dat zij vastbesloten waren de medewerkingsprocedure te volgen en te verklaren dat zij niet opnieuw wensten te worden gehoord door de Commissie.
(5)
De in het besluit vastgestelde inbreuken en opgelegde geldboeten stemmen overeen met die welke in de verklaring met het oog op een schikking zijn erkend en aanvaard. De geldboeten worden met 50 % verlaagd op grond van het feit dat Guess met de Commissie heeft meegewerkt zonder daartoe wettelijk verplicht te zijn door: i) een beperking van de mededinging te onthullen waarvan de Commissie tot dan niet op de hoogte was; ii) extra bewijs te leveren met een significante toegevoegde waarde ten opzichte van het bewijs waarover de Commissie reeds beschikte, waardoor de Commissie beter in staat was de inbreuk te bewijzen; iii) de uit de gedraging voortvloeiende inbreuk op artikel 101 VWEU en artikel 53 van de EER-overeenkomst te erkennen; en iv) afstand te doen van bepaalde procedurele rechten, hetgeen tot administratieve efficiëntieverbeteringen heeft geleid.
(6)
Overeenkomstig artikel 16 van Besluit 2011/695/EU heb ik onderzocht of in het besluit alleen de punten van bezwaar worden behandeld ten aanzien waarvan Guess in de gelegenheid is gesteld zijn standpunt kenbaar te maken. Ik ben tot de conclusie gekomen dat dit inderdaad het geval is.
(7)
Alles in aanmerking genomen, ben ik van oordeel dat de procedurele rechten in deze zaak daadwerkelijk konden worden uitgeoefend.
Brussel, 11 december 2018.
Wouter WILS
(1) Opgesteld overeenkomstig de artikelen 16 en 17 van Besluit 2011/695/EU van de voorzitter van de Europese Commissie van 13 oktober 2011 betreffende de functie en het mandaat van de raadadviseur-auditeur in bepaalde mededingingsprocedures, PB L 275 van 20.10.2011, blz. 29 (hierna „Besluit 2011/695/EU” genoemd).
(2) Verordening (EG) nr. 773/2004 van de Commissie van 7 april 2004 betreffende procedures van de Commissie op grond van de artikelen 81 en 82 van het Verdrag (PB L 123 van 27.4.2004, blz. 18).
|
6.2.2019 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 47/5 |
Samenvatting van het besluit van de Commissie
van 17 december 2018
Inzake een procedure op grond van artikel 101 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie en artikel 53 van de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte
(Zaak AT.40428 — Guess)
(Kennisgeving geschied onder nummer C(2018) 8455)
(Slechts de tekst in de Engelse taal is authentiek)
(2019/C 47/04)
Op 17 december 2018 heeft de Commissie een besluit vastgesteld in verband met een procedure op grond van artikel 101 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie en artikel 53 van de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte. Overeenkomstig artikel 30 van Verordening (EG) nr. 1/2003 (1) van de Raad publiceert de Commissie hierbij de namen van de partijen en de belangrijkste punten van het besluit, waaronder de opgelegde sancties, rekening houdende met het rechtmatige belang van de ondernemingen inzake de bescherming van hun bedrijfsgeheimen.
1. INLEIDING
|
(1) |
Het besluit is gericht tot Guess?, Inc., Guess? Europe, B.V. en Guess Europe Sagl (samen „Guess”). Guess?, Inc. is een in de VS gevestigd bedrijf met hoofdzetel in Delaware en is genoteerd op de beurs van New York. Het ontwerpt, verhandelt, verdeelt en verleent licenties voor hedendaagse kleding en accessoires. Guess?, Inc. bezit indirect Guess? Europe, B.V. (met hoofdzetel in Nederland sinds 1996). Guess? Europe, B.V. heeft op zijn beurt zeggenschap over Guess Europe Sagl met hoofdzetel in Zwitserland. Guess? Europe, B.V. is de 100 %-moederonderneming (direct of indirect) van de dochterondernemingen van Guess in de Europese Economische Ruimte („de EER”). |
|
(2) |
Het besluit heeft betrekking op een enkele en voortdurende inbreuk op artikel 101 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie („VWEU”) en artikel 53 van de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte („de EER-overeenkomst”). Guess heeft in strijd met artikel 101 VWEU en artikel 53 van de EER-overeenkomst praktijken geïmplementeerd die gericht waren op het beperken van de concurrentie binnen een merk van erkende distributeurs in zijn selectieve distributienetwerk. |
2. BESCHRIJVING VAN DE ZAAK
2.1. Procedure
|
(3) |
Het onderzoek van de Commissie begon als een follow-up van het sectoronderzoek naar e-commerce (2). |
|
(4) |
Het besluit heeft betrekking op een reeks verticale afspraken tussen Guess en zijn erkende groothandelaren en detailhandelaren in zijn selectieve distributiesysteem met betrekking tot een groot deel van zijn in de EER verkochte kleding en accessoireproducten. |
|
(5) |
Op 6 juni 2017 heeft de Commissie een procedure ingeleid met het oog op de vaststelling van een besluit overeenkomstig hoofdstuk III van Verordening (EG) nr. 1/2003. |
|
(6) |
Na de inleiding van de procedure heeft Guess te kennen gegeven met de Commissie te willen meewerken en heeft het verder bewijsmateriaal met betrekking tot de betrokken gedraging verstrekt. |
|
(7) |
Vervolgens heeft Guess een formeel aanbod tot medewerking ingediend met het oog op de vaststelling van een besluit uit hoofde van artikel 7 en artikel 23 van Verordening (EG) nr. 1/2003 van de Raad. |
|
(8) |
Op 12 november 2018 heeft de Commissie een aan Guess gerichte mededeling van punten van bezwaar aangenomen. Op 21 november 2018 heeft Guess zijn antwoord op de mededeling van punten van bezwaar ingediend. |
|
(9) |
Het Adviescomité voor mededingingsregelingen en machtsposities heeft op 10 december 2018 een positief advies uitgebracht. |
|
(10) |
Op 17 december 2018 heeft de Commissie het besluit vastgesteld. |
2.2. Adressaten en duur
|
(11) |
De volgende ondernemingen hebben inbreuk gemaakt op artikel 101 VWEU en artikel 53 van de EER-overeenkomst door gedurende de hieronder aangegeven perioden direct deel te nemen aan concurrentieverstorende praktijken:
|
2.3. Samenvatting van de inbreuken
De door Guess geïmplementeerde beperkende bepalingen en praktijken maakten deel uit van een algemene ondernemingsstrategie die erop gericht was de onlineverkoop van Guess-producten af te leiden naar de eigen website van Guess en de concurrentie binnen een merk onder erkende distributeurs te beperken. Guess heeft erkende distributeurs in zijn selectieve distributiesysteem beperkingen opgelegd wat betreft:
|
a) |
het gebruik van de merknamen en handelsmerken van Guess voor onlinezoekadvertenties; |
|
b) |
onlineverkoop zonder specifieke voorafgaande toelating van Guess, waarbij Guess volledig vrij en zonder kwaliteitscriteria kon beslissen of het al dan niet een toelating verleende; |
|
c) |
de verkoop aan eindgebruikers buiten het aan erkende distributeurs toegewezen gebied; |
|
d) |
koppelverkoop onder erkende groothandelaren en detailhandelaren; |
|
e) |
het onafhankelijk vaststellen van hun wederverkoopprijzen. |
2.4. Maatregelen
|
(12) |
In het besluit worden de richtsnoeren voor de berekening van geldboeten van 2006 toegepast (3). |
2.4.1. Basisbedrag van de geldboete
|
(13) |
Bij de vaststelling van de geldboeten heeft de Commissie rekening gehouden met de waarde van de verkopen in het boekjaar 2017 (van 31 januari 2016 tot en met 28 januari 2017), wat het laatste volledige boekjaar was waarin Guess aan de inbreuk deelnam. |
|
(14) |
De Commissie heeft rekening gehouden met het feit dat elk van de verschillende beperkingen gezien hun aard de mededinging beperkt in de zin van artikel 101, lid 1, VWEU en artikel 53 van de EER-overeenkomst, en dat verticale afspraken en onderling afgestemde feitelijke gedragingen zoals die waarvan hier sprake is, naar hun aard vaak minder schadelijk zijn voor de mededinging dan horizontale afspraken. Rekening houdend met deze factoren en in het licht van de specifieke omstandigheden van de zaak is het aandeel van de in aanmerking genomen waarde van de verkopen vastgesteld op 7 %. |
|
(15) |
De Commissie heeft rekening gehouden met de duur van de enkele en voortdurende inbreuk, zoals hierboven vermeld. |
2.4.2. Aanpassingen van het basisbedrag
|
(16) |
In deze zaak is geen sprake van verzwarende of verzachtende omstandigheden. |
2.4.3. Toepassing van het 10 %-omzetplafond
|
(17) |
De berekende geldboete bedraagt niet meer dan 10 % van de wereldwijde omzet van Guess. |
2.4.4. Verlaging van de geldboete in het licht van de medewerking
|
(18) |
De Commissie heeft geconcludeerd dat, om rekening te houden met het feit dat Guess effectief met de Commissie heeft meegewerkt zonder daartoe wettelijk verplicht te zijn, de geldboete die anders zou zijn opgelegd, uit hoofde van punt 37 van de richtsnoeren voor de berekening van geldboeten moet worden verlaagd met 50 %. |
3. CONCLUSIE
|
(19) |
Gelet op het voorafgaande bedraagt de definitieve uit hoofde van artikel 23, lid 2, onder a), van Verordening (EG) nr. 1/2003 aan Guess opgelegde geldboete voor de enkele voortdurende inbreuk 39 821 000 EUR. |
(1) PB L 1 van 4.1.2003, blz. 1.
(2) http://ec.europa.eu/competition/antitrust/sector_inquiries_e_commerce.html
De Europese Toezichthouder voor gegevensbescherming
|
6.2.2019 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 47/8 |
Samenvatting van het advies van de Europese Toezichthouder voor gegevensbescherming over het pakket van de Commissie voor vrije en eerlijke Europese verkiezingen
(De volledige tekst van dit advies is beschikbaar in het Engels, Frans en Duits op de EDPS-website: www.edps.europa.eu)
(2019/C 47/05)
Het functioneren van de Unie is gegrond op het beginsel van representatieve democratie. Politieke communicatie is essentieel voor de participatie van burgers, politieke groeperingen en kandidaten in het democratische bestel en voor het fundamentele recht van vrijheid van meningsuiting. Deze rechten en vrijheden zijn verbonden met het recht op eerbiediging van het privéleven en van het familie- en gezinsleven, de woning en de communicatie, alsook het recht op de bescherming van persoonsgegevens. Eerder dit jaar wees de EDPS in zijn Advies 3/2018 over onlinemanipulatie op de gevaren van geconcentreerde markten voor de grondrechten.
In haar rede over de staat van de Unie in 2018 heeft de Commissie een beveiligingspakket gepresenteerd gericht op vrije en eerlijke Europese verkiezingen. Dit pakket bestaat uit een mededeling, richtsnoeren voor de toepassing van de EU-gegevensbeschermingswetgeving in het kader van verkiezingen, een aanbeveling en een voorstel voor een verordening betreffende een verificatieprocedure met betrekking tot inbreuken op regels voor de bescherming van persoonsgegevens in de context van de verkiezingen voor het Europees Parlement. De EDPS erkent de verwijzingen naar de rol van social-mediaplatforms en hoe dit initiatief strookt met de gedragscode met betrekking tot online-desinformatie. In het licht van de komende verkiezingen voor het Europees Parlement in mei volgend jaar en de vele andere nationale verkiezingen in 2019 erkent de EDPS ook de aanbevelingen voor het opzetten van nationale verkiezingsnetwerken en een Europees coördinatienetwerk. De EDPS geeft bij deze aan beschikbaar te zijn voor deelname aan dit Europese netwerk. Het zou een aanvulling zijn op zijn activiteiten op dit terrein, met name de workshop die hij in februari volgend jaar organiseert. De EDPS erkent tevens de aanbeveling aan lidstaten om een uitvoerige risicobeoordeling uit te voeren ten aanzien van de verkiezingen voor het Europees Parlement met het oog op het identificeren van mogelijke cyberincidenten die de zuiverheid van het verkiezingsproces zouden kunnen aantasten en onderstreept de urgentie ervan in dit verband.
De EDPS is van mening dat ten behoeve van meer duidelijkheid een verwijzing had kunnen worden toegevoegd naar de verwerking van persoonsgegevens door het Europees Parlement, de Autoriteit voor Europese politieke partijen en Europese politieke stichtingen, en het Comité van onafhankelijke personen, omdat dit valt binnen de werkingssfeer van Verordening (EU) 2018/1725 van het Europees Parlement en de Raad van 23 oktober 2018 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens door de instellingen, organen en instanties van de Unie en betreffende het vrije verkeer van die gegevens, en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 45/2001 en Besluit nr. 1247/2002/EG (1) (voorheen Verordening (EG) nr. 45/2001). Bovendien doet de EDPS meer specifiek diverse aanbevelingen ten aanzien van de voorgestelde verordening, zoals een verduidelijking van de reikwijdte van de maatregelen en de aanvullende doelstellingen van dergelijke sancties, de opname van EDPS-beslissingen bij vaststelling van een inbreuk op Verordening (EU) 2018/1725 en een verwijzing naar het huidige rechtskader inzake gegevensbescherming voor samenwerking tussen nationale toezichthoudende autoriteiten voor gegevensbescherming en de EDPS, alsook waarborging van de vertrouwelijkheid van informatie-uitwisseling in verband met de samenwerking tussen toezichthoudende autoriteiten voor gegevensbescherming en het Comité van onafhankelijke personen.
1. Inleiding en achtergrond
|
1. |
In het kader van de rede over de staat van de Unie in 2018 heeft de Commissie op 12 september 2018 een beveiligingspakket gericht op vrije en eerlijke Europese verkiezingen gepresenteerd. Het pakket bestaat uit een wetgevingsvoorstel plus drie niet-wetgevende maatregelen:
|
|
2. |
Dit pakket werd goedgekeurd met het oog op het waarborgen van eerlijke en vrije verkiezingen voor het Europees Parlement in mei 2019, waarbij rekening werd gehouden met nieuwe problemen van onlinecommunicatie en recente onthullingen zoals de affaire „Facebook/Cambridge Analytica” (2). Het pakket wordt aangeboden met een voorstel voor een Verordening van het Europees Parlement en de Raad tot oprichting van het Europees kenniscentrum voor industrie, technologie en onderzoek op het gebied van cyberbeveiliging en het netwerk van nationale coördinatiecentra (COM(2018) 630 final) (3). |
|
3. |
Dit pakket is een aanvulling op de mededeling van de Commissie van 26 april 2018, Bestrijding van online-desinformatie: een Europese benadering (COM/2018/236 final), die gericht is op de bevordering van een meer transparante, betrouwbare en verantwoordelijke onlineomgeving. Een van de belangrijke resultaten van de mededeling, de zelfregulerende gedragscode op het gebied van desinformatie, werd gepubliceerd op 26 september 2018. De Commissie heeft eveneens het advies over de gedragscode van de klankbordgroep van het Multi-Stakeholder Forum gepubliceerd (4). De acties waarin deze mededeling voorziet, met inbegrip van deze gedragscode, zijn een aanvulling op het werk van de EDEO. Aansluitend op de conclusies van de Europese Raad van 28 juni 2018 (5) zullen de Commissie en de hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid in samenwerking met de lidstaten voor het eind van het jaar een herzien actieplan presenteren om desinformatie te bestrijden (6). |
|
4. |
De voorgestelde verordening „maakt het mogelijk financiële sancties op te leggen aan Europese politieke partijen of stichtingen die door gebruik te maken van een inbreuk op de gegevensbeschermingsregels de uitslag van de verkiezingen voor het Europees Parlement opzettelijk beïnvloeden of trachten te beïnvloeden” (7). Naast financiële sancties die kunnen worden opgelegd aan Europese politieke partijen of stichtingen ter hoogte van vijf procent van hun jaarbegroting (8)„wordt een nieuwe grond aan de lijst van inbreuken toegevoegd die maken dat een Europese politieke partij of stichting in het jaar waarin de sanctie werd opgelegd, geen financiering uit de algemene begroting van de Europese Unie mag aanvragen” (9). In haar aanbeveling moedigt de Commissie de nationale toezichthoudende autoriteiten voor gegevensbescherming ingesteld in het kader van de algemene verordening gegevensbescherming („AVG”) aan de Autoriteit voor Europese politieke partijen en Europese politieke stichtingen (de „Autoriteit”) (10) onmiddellijk en proactief te informeren over hun beslissingen na constatering van een inbreuk op de voorschriften inzake gegevensbescherming waarbij de inbreuk verband houdt met politieke activiteiten van een Europese politieke partij of stichting „met het oogmerk om de verkiezingen voor het Europees Parlement te beïnvloeden” (11). De Commissie raadt lidstaten tevens aan om in gevallen waarbij politieke partijen of stichtingen op nationaal of regionaal niveau betrokken zijn „passende sancties op te leggen” (12). |
|
5. |
Daarnaast wordt in de aanbeveling aangespoord om in elke lidstaat een nationaal verkiezingsnetwerk en een Europees coördinatienetwerk op te richten voor de verkiezingen voor het Europees Parlement (13). Het laatstgenoemde is een vervolg op de eerste uitwisseling tussen EU-landen over beste verkiezingspraktijken die in april 2018 is georganiseerd door de Commissie. Het netwerk zou moeten bestaan uit nationale contactpunten en in januari en april 2019 bijeen moeten komen (14). Het is bedoeld als realtime Europees waarschuwingsproces en als forum voor informatie-uitwisseling. De nationale netwerken voorzien onder andere in de uitwisseling van informatie over kwesties die de Europese verkiezingen kunnen beïnvloeden, tussen nationale autoriteiten belast met verkiezingszaken en cyberveiligheid, en nationale autoriteiten voor gegevensbescherming en nationale audiovisuele toezichthoudende autoriteiten of instanties. Aanbevolen wordt dat deze nationale netwerken de nationale rechtshandhavingsautoriteiten raadplegen en met hen samenwerken overeenkomstig de nationale wetgeving (15) en dat waar nodig samenwerking tussen nationale rechtshandhavingsautoriteiten op Europees niveau wordt gefaciliteerd door Europol. Volgens de Commissie zal dit hen in staat stellen mogelijke dreigingen voor de verkiezingen voor het Europees Parlement snel aan het licht te brengen en prompt bestaande regels ten uitvoer te brengen met inbegrip van financiële sancties, waaronder terugbetaling van de overheidsbijdrage (16). |
|
6. |
Ten slotte presenteert de Commissie diverse aanbevelingen (17) om transparantie in politieke partijpropaganda voorafgaand aan de verkiezingen voor het Europees Parlement te faciliteren en lidstaten aan te sporen gepaste maatregelen op het gebied van cyberveiligheid te nemen en met derden, ook op onlineplatforms en met dienstverleners van informatietechnologie, bewustmakingsactiviteiten te ontplooien, voor meer transparantie van en vertrouwen in het verkiezingsproces. |
|
7. |
De richtsnoeren wijzen op het bestaande kader voor gegevensbescherming van de Unie en de toepassing daarvan in het kader van verkiezingen. Naar de mening van de Commissie is het belangrijk, omdat het de eerste keer is dat de AGV zal worden toegepast in de context van Europese verkiezingen, dat alle betrokkenen bij de verkiezingsprocessen goed begrijpen hoe zij deze regels optimaal kunnen toepassen. De Commissie benadrukt dat de nationale gegevensbeschermingsautoriteiten ten volle gebruikmaken van hun versterkte bevoegdheden voor het aanpakken van eventuele inbreuken (18). |
|
8. |
Op 18 oktober 2018 vroeg de Europese Raad om concrete maatregelen om „de democratische systemen van de Unie te beschermen en desinformatie te bestrijden, ook in de context van de komende Europese verkiezingen, met volledige eerbiediging van de grondrechten. In dit opzicht verdienen de maatregelen die door de Commissie zijn voorgesteld ten aanzien van samenwerkingsnetwerken voor verkiezingen, online transparantie, bescherming tegen cyberveiligheidsincidenten, illegale manipulatie van gegevens en het bestrijden van desinformatiecampagnes en aanscherpen van de regels ten aanzien van de financiering van Europese politieke partijen snel onderzoek en operationele follow-up door bevoegde autoriteiten” (19). |
|
9. |
Op 25 oktober 2018 heeft het Europees Parlement een resolutie aangenomen waarin het „de maatregelen [herhaalt] die de Commissie heeft voorgesteld om vrije en eerlijke Europese verkiezingen te waarborgen, met name de wetswijziging om de regels betreffende de financiering van Europese politieke partijen strenger te maken, waardoor de mogelijkheid ontstaat om financiële sancties op te leggen voor inbreuken op de regels betreffende gegevensbescherming om het resultaat van de Europese verkiezingen met opzet te beïnvloeden” en dat „de verwerking van persoonsgegevens door politieke partijen in de EU onderworpen is aan de algemene verordening gegevensbescherming en dat de schending van de beginselen, rechten en verplichtingen die onder deze wet vallen, zou leiden tot bijkomende boeten en sancties”. Het Europees Parlement beschouwt „de inmenging in verkiezingen als een zeer groot risico voor de democratie, dat moet worden aangepakt aan de hand van gezamenlijke inspanningen waarbij dienstverleners, regelgevers en politieke actoren en partijen betrokken zijn” en is ingenomen met het pakket van de Commissie (20). Op 3 december 2018 heeft de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken haar advies uitgebracht over de voorgestelde verordening (21). Op 6 december 2018 heeft de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken haar verslag over de voorgestelde verordening aangenomen (22). |
|
10. |
De Europese Toezichthouder voor gegevensbescherming (de „EDPS”) verwelkomt de informele raadpleging door de Commissie over de voorgestelde verordening, de aanbeveling en de richtsnoeren voorafgaand aan de vaststelling daarvan en het feit dat met een deel van zijn informele opmerkingen rekening is gehouden. Hij benadrukt echter dat dit ten gevolge van de tijdsdruk voorlopige opmerkingen waren. Om die reden maakt hij nu de volgende formele opmerkingen. In dit verband wil hij er nogmaals op wijzen dat wanneer de Commissie een wetgevingsvoorstel aanneemt dat verband houdt met bescherming van de fundamentele rechten en vrijheden van personen op het gebied van de verwerking van persoonsgegevens — wat hier het geval is — zij de Europese Toezichthouder voor de gegevensbescherming moet raadplegen. |
3. Conclusie
|
36. |
De EDPS beseft dat in het democratische bestel politieke communicatie essentieel is voor de participatie van burgers, politieke groeperingen en kandidaten en dat deze rechten en vrijheden verbonden zijn met het recht, overeenkomstig artikel 7 van het Handvest, op eerbiediging van het privéleven en van het familie- en gezinsleven, de woning en de communicatie alsook het recht op de bescherming van persoonsgegevens overeenkomstig artikel 8 van het Handvest. |
|
37. |
De EDPS erkent de verwijzingen, met name in de mededeling en de richtsnoeren, naar de rol van social-mediaplatforms en hoe dit initiatief strookt met de gedragscode met betrekking tot online-desinformatie. |
|
38. |
In het licht van de komende verkiezingen voor het Europees Parlement in mei volgend jaar en de vele andere nationale verkiezingen in 2019 erkent de EDPS ook de aanbevelingen voor het opzetten van nationale verkiezingsnetwerken en een Europees coördinatienetwerk. De EDPS geeft bij deze aan beschikbaar te zijn voor deelname aan dit Europese netwerk. Het zou een aanvulling zijn op zijn activiteiten op dit terrein, met name de workshop die hij in februari volgend jaar organiseert. |
|
39. |
De EDPS erkent tevens de aanbeveling aan lidstaten om een uitvoerige risicobeoordeling uit te voeren ten aanzien van de verkiezingen voor het Europees Parlement met het oog op het identificeren van mogelijke cyberincidenten die de zuiverheid van het verkiezingsproces zouden kunnen aantasten en onderstreept de urgentie ervan in dit verband. |
|
40. |
De EDPS is van mening dat ten behoeve van meer duidelijkheid een verwijzing had kunnen worden toegevoegd naar de verwerking van persoonsgegevens door het Europees Parlement, de Autoriteit en het Comité, omdat dit valt binnen de werkingssfeer van (EU) Verordening 2018/1725 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens door de instellingen, organen en instanties van de Unie en betreffende het vrije verkeer van die gegevens (voorheen (EG) nr. Verordening 45/2001). |
|
41. |
Meer in het bijzonder doet de EDPS een aantal aanbevelingen ten aanzien van de voorgestelde verordening, bijvoorbeeld:
|
Brussel, 18 december 2018.
Giovanni BUTTARELLI
Europese Toezichthouder voor gegevensbescherming
(1) PB L 295 van 21.11.2018, blz. 39.
(2) Mededeling, blz. 2.
(3) http://europa.eu/rapid/press-release_IP-18-5681_nl.htm
(4) De gedragscode met de bijlage en het advies van de klankbordgroep, is beschikbaar op: https://ec.europa.eu/digital-single-market/en/news/code-practice-disinformation.
(5) Beschikbaar op: https://www.consilium.europa.eu/media/35936/28-euco-final-conclusions-en.pdf
(6) Mededeling, blz. 10.
(7) Toelichting bij de voorgestelde Verordening, blz. 2.
(8) Zie artikel 27, lid 4, onder a) van Verordening nr. 1141/2014 en het factsheet van de Commissie over vrije en eerlijke Europese verkiezingen beschikbaar op: https://ec.europa.eu/commission/sites/beta-political/files/soteu2018-factsheet-free-fair-elections_nl.pdf
(9) Toelichting bij de voorgestelde Verordening, blz. 6.
(10) Deze Autoriteit is opgericht bij artikel 6 van Verordening nr. 1141/2014.
(11) Aanbeveling 6. In haar mededeling roept de Commissie op blz. 7 lidstaten tevens op om „te stimuleren dat de gegevensbeschermingsautoriteiten informatie delen met de autoriteiten die belast zijn met het toezicht op de verkiezingen en het toezicht op de activiteiten en de financiering van politieke partijen, indien uit hun besluiten volgt dat een inbreuk verband houdt met de politieke activiteiten van nationale politieke partijen of politieke stichtingen in het kader van de verkiezingen voor het Europees Parlement, of er andere redelijke gronden zijn om zulks aan te nemen”. Onderstreping toegevoegd.
(12) Aanbeveling 11.
(13) Aanbevelingen 1 t/m 5.
(14) Mededeling, blz. 7 en het factsheet van de Commissie over vrije en eerlijke Europese verkiezingen beschikbaar op: https://ec.europa.eu/commission/sites/beta-political/files/soteu2018-factsheet-free-fair-elections_nl.pdf
(15) Mededeling, voetnoot 20: „Dit zou met name van toepassing moeten zijn in gevallen dat een verkiezingsproces met kwaadwillige bedoelingen wordt aangevallen, met inbegrip van incidenten waarbij sprake is van aanvallen op informatiesystemen. Naargelang de omstandigheden kan een strafrechtelijk onderzoek dat tot strafrechtelijke sancties leidt, gepast zijn. Zoals eerder vermeld, zijn de definities van strafbare feiten en de hoogte van de maximumstraffen voor aanvallen op informatiesystemen geharmoniseerd bij Richtlijn 2013/40/EU.”.
(16) Mededeling, blz. 7.
(17) Aanbevelingen 7 t/m 10 en 12 t/m 19.
(18) Mededeling, blz. 8, punt 3 „Toepassing van de gegevensbeschermingsregels in het kader van het verkiezingsproces”.
(19) Conclusies beschikbaar op: https://www.consilium.europa.eu/media/36775/18-euco-final-conclusions-en.pdf
(20) Zie de punten 10 tot en met 12 van de Resolutie over het gebruik van gegevens van Facebookgebruikers door Cambridge Analytica en gevolgen voor de gegevensbescherming P8_TA-PROV(2018)0433 (2018/2855(RSP)), beschikbaar op: http://www.europarl.europa.eu/sides/getDoc.do?pubRef=-//EP//NONSGML+TA+P8-TA-2018-0433+0+DOC+PDF+V0//NL
(21) Beschikbaar op: http://www.europarl.europa.eu/sides/getDoc.do?type=COMPARL&reference=PE-630.530&format=PDF&language=NL&secondRef=02
(22) Beschikbaar op: http://www.europarl.europa.eu/sides/getDoc.do?pubRef=-//EP//NONSGML+REPORT+A8-2018-0435+0+DOC+PDF+V0//NL
V Bekendmakingen
PROCEDURES IN VERBAND MET DE UITVOERING VAN HET GEMEENSCHAPPELIJK MEDEDINGINGSBELEID
Europese Commissie
|
6.2.2019 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 47/12 |
Voorafgaande aanmelding van een concentratie
(Zaak M.9219 — Blackstone/Sretaw/Beauparc)
Voor de vereenvoudigde procedure in aanmerking komende zaak
(Voor de EER relevante tekst)
(2019/C 47/06)
1.
Op 25 januari 2019 heeft de Commissie een aanmelding van een voorgenomen concentratie in de zin van artikel 4 van Verordening (EG) nr. 139/2004 van de Raad (1) ontvangen.Deze aanmelding betreft de volgende ondernemingen:
|
— |
The Blackstone Group L.P. („Blackstone”, Verenigde Staten); |
|
— |
Sretaw 2 Limited („Sretaw”, Ierland); |
|
— |
Beauparc Utilities Holdings Limited („Beauparc”, Ierland). |
Blackstone en Sretaw verkrijgen gezamenlijke zeggenschap in de zin van artikel 3, lid 1, onder b), en artikel 3, lid 4, van de concentratieverordening over Beauparc.
De concentratie komt tot stand door de verwerving van aandelen.
2.
De activiteiten van de betrokken ondernemingen zijn:— Blackstone: wereldwijde alternatieve vermogensbeheerder gevestigd in de Verenigde Staten;
— Sretaw: momenteel volle eigenaar van Beauparc;
— Beauparc: exploiteert hoofdzakelijk in de sector afvalrecycling en nutssector in Ierland, het Verenigd Koninkrijk en Nederland.
3.
Op grond van een voorlopig onderzoek is de Commissie van oordeel dat de aangemelde transactie binnen het toepassingsgebied van de concentratieverordening kan vallen. Ten aanzien van dit punt wordt de definitieve beslissing echter aangehouden.Er zij op gewezen dat deze zaak in aanmerking komt voor de vereenvoudigde procedure zoals uiteengezet in de mededeling van de Commissie betreffende een vereenvoudigde procedure voor de behandeling van bepaalde concentraties krachtens Verordening (EG) nr. 139/2004 van de Raad (2).
4.
De Commissie verzoekt belanghebbenden haar hun eventuele opmerkingen over de voorgenomen concentratie kenbaar te maken.Deze opmerkingen moeten de Commissie uiterlijk tien dagen na de datum van deze bekendmaking hebben bereikt. De volgende referentie moet altijd worden vermeld:
M.9219 — Blackstone/Sretaw/Beauparc
Opmerkingen kunnen per e-mail, per fax of per post aan de Commissie worden toegezonden. Gelieve de onderstaande contactgegevens te gebruiken:
|
E-mail: COMP-MERGER-REGISTRY@ec.europa.eu |
|
Fax +32 22964301 |
|
Postadres: |
|
Europese Commissie |
|
Directoraat-generaal Concurrentie |
|
Griffie voor concentraties |
|
1049 Brussel |
|
BELGIË |
(1) PB L 24 van 29.1.2004, blz. 1 („de concentratieverordening”).
Rectificaties
|
6.2.2019 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 47/14 |
Rectificatie van de samenvatting van de besluiten van de Europese Commissie betreffende autorisaties voor het in de handel brengen voor gebruik en/of het gebruik van stoffen die zijn opgenomen in bijlage XIV bij Verordening (EG) nr. 1907/2006 van het Europees Parlement en de Raad inzake de registratie en beoordeling van en de autorisatie en beperkingen ten aanzien van chemische stoffen (Reach) (Bekendgemaakt overeenkomstig artikel 64, lid 9, van Verordening (EG) nr. 1907/2006)
( Publicatieblad van de Europese Unie C 30 van 24 januari 2019 )
(2019/C 47/07)
Bladzijde 5, eerste kolom „Referentie van het besluit”:
in plaats van:
„C(2019) 53”,
lezen:
„C(2019) 54”.