ISSN 1977-0995

Publicatieblad

van de Europese Unie

C 60

European flag  

Uitgave in de Nederlandse taal

Mededelingen en bekendmakingen

60e jaargang
24 februari 2017


Nummer

Inhoud

Bladzijde

 

IV   Informatie

 

INFORMATIE AFKOMSTIG VAN DE INSTELLINGEN, ORGANEN EN INSTANTIES VAN DE EUROPESE UNIE

 

Raad

2017/C 60/01

Besluit van de Raad van 17 februari 2017 houdende nieuwe samenstelling van de raad van bestuur van het Europees Centrum voor de ontwikkeling van de beroepsopleiding

1

2017/C 60/02

Besluit van de Raad van 17 februari 2017 houdende nieuwe samenstelling van de raad van bestuur van het Europees Centrum voor de ontwikkeling van de beroepsopleiding

3

 

Europese Commissie

2017/C 60/03

Wisselkoersen van de euro

4

2017/C 60/04

Kennisgeving van de stopzetting van de stappen ten aanzien van een derde land dat op 26 november 2013 in kennis is gesteld van de mogelijkheid dat het als niet-meewerkend derde land wordt geïdentificeerd op grond van Verordening (EG) nr. 1005/2008 van de Raad houdende de totstandbrenging van een communautair systeem om illegale, ongemelde en ongereglementeerde visserij te voorkomen, tegen te gaan en te beëindigen

5

2017/C 60/05

Kennisgeving van de stopzetting van de stappen ten aanzien van een derde land dat op 12 december 2014 in kennis is gesteld van de mogelijkheid dat het als niet-meewerkend derde land wordt geïdentificeerd op grond van Verordening (EG) nr. 1005/2008 van de Raad houdende de totstandbrenging van een communautair systeem om illegale, ongemelde en ongereglementeerde visserij te voorkomen, tegen te gaan en te beëindigen

6

2017/C 60/06

Besluit van de Commissie van 23 februari 2017 betreffende het verlenen van individuele licenties aan alle coördinatoren van de Europese referentienetwerken voor het gebruik van het handelsmerk van het Europees referentienetwerk

7

2017/C 60/07

Administratieve Commissie van de Europese Gemeenschappen voor de sociale zekerheid van migrerende werknemers — Omrekeningskoersen van de munteenheden in toepassing van Verordening (EEG) nr. 574/72 van de Raad

8


 

V   Bekendmakingen

 

PROCEDURES IN VERBAND MET DE UITVOERING VAN HET GEMEENSCHAPPELIJK MEDEDINGINGSBELEID

 

Europese Commissie

2017/C 60/08

Voorafgaande aanmelding van een concentratie (Zaak M.8270 — EDF/CDC/RTE) ( 1 )

10

2017/C 60/09

Voorafgaande aanmelding van een concentratie (Zaak M.8396 — Bain Capital Investors/Fintyre) — Voor de vereenvoudigde procedure in aanmerking komende zaak ( 1 )

11


 


 

(1)   Voor de EER relevante tekst.

NL

 


IV Informatie

INFORMATIE AFKOMSTIG VAN DE INSTELLINGEN, ORGANEN EN INSTANTIES VAN DE EUROPESE UNIE

Raad

24.2.2017   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 60/1


BESLUIT VAN DE RAAD

van 17 februari 2017

houdende nieuwe samenstelling van de raad van bestuur van het Europees Centrum voor de ontwikkeling van de beroepsopleiding

(2017/C 60/01)

DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gezien Verordening (EEG) nr. 337/75 van de Raad van 10 februari 1975 houdende oprichting van een Europees Centrum voor de ontwikkeling van de beroepsopleiding (1), en met name artikel 4,

Gezien de voordracht van de Bulgaarse regering,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Bij zijn besluiten van 14 juli 2015 (2) en 14 september 2015 (3) heeft de Raad de leden van de raad van bestuur van het Europees Centrum voor de ontwikkeling van de beroepsopleiding benoemd voor het tijdvak van 18 september 2015 tot en met 17 september 2018.

(2)

In de categorie regeringsvertegenwoordigers van de raad van bestuur van bovengenoemd Centrum is voor Bulgarije een zetel van lid vrijgekomen door het aftreden van mevrouw Emilia VALCHOVSKA.

(3)

De leden van de raad van bestuur van bovengenoemd Centrum moeten worden benoemd voor de resterende duur van de ambtstermijn, dat wil zeggen tot en met 17 september 2018,

BESLUIT:

Artikel 1

Tot lid van de raad van bestuur van het Europees Centrum voor de ontwikkeling van de beroepsopleiding voor de resterende duur van de ambtstermijn, dat wil zeggen tot en met 17 september 2018, wordt benoemd:

REGERINGSVERTEGENWOORDIGERS:

BULGARIJE

Mevrouw Maria TODOROVA

Artikel 2

Dit besluit wordt ter kennisgeving in het Publicatieblad van de Europese Unie bekendgemaakt.

Gedaan te Brussel, 17 februari 2017.

Voor de Raad

De voorzitter

E. BARTOLO


(1)  PB L 39 van 13.2.1975, blz. 1.

(2)  PB C 232 van 16.7.2015, blz. 2.

(3)  PB C 305 van 16.9.2015, blz. 2.


24.2.2017   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 60/3


BESLUIT VAN DE RAAD

van 17 februari 2017

houdende nieuwe samenstelling van de raad van bestuur van het Europees Centrum voor de ontwikkeling van de beroepsopleiding

(2017/C 60/02)

DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gezien Verordening (EEG) nr. 337/75 van de Raad van 10 februari 1975 houdende oprichting van een Europees Centrum voor de ontwikkeling van de beroepsopleiding (1), en met name artikel 4,

Gezien de voordracht die door de Commissie bij de Raad is ingediend voor de vertegenwoordigers van de werkgevers,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Bij zijn besluiten van 14 juli 2015 (2) en 14 september 2015 (3) heeft de Raad de leden van de raad van bestuur van het Europees Centrum voor de ontwikkeling van de beroepsopleiding benoemd voor het tijdvak van 18 september 2015 tot en met 17 september 2018.

(2)

In de raad van bestuur van het Centrum is in de categorie vertegenwoordigers van de werkgeversorganisaties voor Finland een zetel vrijgekomen door het aftreden van mevrouw Satu AGREN.

(3)

De leden van de raad van bestuur van bovengenoemd Centrum moeten worden benoemd voor de resterende duur van de ambtstermijn, dat wil zeggen tot en met 17 september 2018,

BESLUIT:

Artikel 1

Tot lid van de raad van bestuur van het Europees Centrum voor de ontwikkeling van de beroepsopleiding voor de resterende duur van de ambtstermijn, dat wil zeggen tot en met 17 september 2018, wordt benoemd:

VERTEGENWOORDIGERS VAN DE WERKGEVERSORGANISATIES:

FINLAND

mevrouw Mirja HANNULA

Artikel 2

Dit besluit wordt ter kennisgeving in het Publicatieblad van de Europese Unie bekendgemaakt.

Gedaan te Brussel, 17 februari 2017.

Voor de Raad

De voorzitter

E. BARTOLO


(1)  PB L 39 van 13.2.1975, blz. 1.

(2)  PB C 232 van 16.7.2015, blz. 2.

(3)  PB C 305 van 16.9.2015, blz. 2.


Europese Commissie

24.2.2017   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 60/4


Wisselkoersen van de euro (1)

23 februari 2017

(2017/C 60/03)

1 euro =


 

Munteenheid

Koers

USD

US-dollar

1,0573

JPY

Japanse yen

119,30

DKK

Deense kroon

7,4335

GBP

Pond sterling

0,84628

SEK

Zweedse kroon

9,4975

CHF

Zwitserse frank

1,0663

ISK

IJslandse kroon

 

NOK

Noorse kroon

8,8070

BGN

Bulgaarse lev

1,9558

CZK

Tsjechische koruna

27,021

HUF

Hongaarse forint

308,21

PLN

Poolse zloty

4,3080

RON

Roemeense leu

4,5200

TRY

Turkse lira

3,7757

AUD

Australische dollar

1,3691

CAD

Canadese dollar

1,3868

HKD

Hongkongse dollar

8,2037

NZD

Nieuw-Zeelandse dollar

1,4637

SGD

Singaporese dollar

1,4926

KRW

Zuid-Koreaanse won

1 200,29

ZAR

Zuid-Afrikaanse rand

13,6180

CNY

Chinese yuan renminbi

7,2693

HRK

Kroatische kuna

7,4320

IDR

Indonesische roepia

14 091,10

MYR

Maleisische ringgit

4,7039

PHP

Filipijnse peso

53,048

RUB

Russische roebel

61,1931

THB

Thaise baht

36,990

BRL

Braziliaanse real

3,2412

MXN

Mexicaanse peso

21,0150

INR

Indiase roepie

70,5465


(1)  Bron: door de Europese Centrale Bank gepubliceerde referentiekoers.


24.2.2017   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 60/5


Kennisgeving van de stopzetting van de stappen ten aanzien van een derde land dat op 26 november 2013 in kennis is gesteld van de mogelijkheid dat het als niet-meewerkend derde land wordt geïdentificeerd op grond van Verordening (EG) nr. 1005/2008 van de Raad houdende de totstandbrenging van een communautair systeem om illegale, ongemelde en ongereglementeerde visserij te voorkomen, tegen te gaan en te beëindigen

(2017/C 60/04)

De Europese Commissie (de Commissie) heeft de stappen stopgezet die op 26 november 2013 in het kader van de bestrijding van IOO-visserij tegen Curaçao zijn gezet op grond van Besluit 2013/C 346/03 van de Commissie (1) inzake de kennisgeving aan Curaçao van de mogelijkheid dat het door de Commissie als niet-meewerkend derde land wordt geïdentificeerd op grond van Verordening (EG) nr. 1005/2008 van de Raad (2) houdende de totstandbrenging van een communautair systeem om illegale, ongemelde en ongereglementeerde visserij te voorkomen, tegen te gaan en te beëindigen (de IOO-verordening).

1.   Rechtskader

Krachtens artikel 32 van de IOO-verordening moet de Commissie derde landen in kennis stellen van de mogelijkheid dat zij als niet-meewerkend land worden geïdentificeerd. Die kennisgeving is voorlopig. De kennisgeving aan derde landen van de mogelijkheid dat zij als niet-meewerkend land worden geïdentificeerd, vindt plaats op grond van de in artikel 31 van de IOO-verordening vastgestelde criteria.

De Commissie moet alle in artikel 32 vastgestelde stappen ten aanzien van deze landen nemen. Met name moet zij in de kennisgeving melding maken van de essentiële feiten en overwegingen die ten grondslag liggen aan die identificatie en van de gelegenheid die aan die landen wordt geboden om een antwoord en andere relevante informatie te bezorgen, bijvoorbeeld bewijsmateriaal dat de identificatie weerlegt, of, indien van toepassing, een actieplan met het oog op verbetering en de maatregelen die zijn genomen om de situatie te verhelpen.

De Commissie moet de betrokken derde landen voldoende tijd geven om op de kennisgeving te antwoorden, alsmede een redelijke termijn om de situatie te verhelpen.

2.   Procedure

Op 26 november 2013 heeft de Commissie Curaçao in kennis gesteld van de mogelijkheid dat het zou worden geïdentificeerd als derde land dat niet-meewerkt bij de bestrijding van illegale, ongemelde en ongereglementeerde visserij (IOO-visserij).

De Commissie heeft benadrukt dat Curaçao kon voorkomen als niet-meewerkend land te worden geïdentificeerd indien het met de Commissie zou samenwerken op basis van een actieplan om de geconstateerde tekortkomingen te verhelpen.

De Commissie is met Curaçao een dialoog aangegaan. Dit land heeft mondeling en schriftelijk opmerkingen gemaakt die de Commissie in overweging heeft genomen en waarmee zij rekening heeft gehouden. De eerste dialoogperiode van zes maanden werd op 17 juli 2014 en op 25 maart 2015 telkens met een aanvullende periode van zes maanden verlengd. De Commissie is doorgegaan met het verzamelen en verifiëren van alle informatie die zij noodzakelijk achtte.

Curaçao heeft de maatregelen doorgevoerd die nodig zijn om de betrokken IOO-activiteiten stop te zetten en dergelijke activiteiten in de toekomst te voorkomen, en heeft elk handelen of nalaten gecorrigeerd dat aanleiding heeft gegeven tot de kennisgeving van de mogelijkheid te worden geïdentificeerd als land dat niet meewerkt bij de bestrijding van illegale, ongemelde en ongereglementeerde visserij.

3.   Conclusie

In de gegeven omstandigheden besluit de Commissie, na onderzoek van de hierboven uiteengezette overwegingen, tot stopzetting van de stappen die op grond van artikel 32 van de IOO-verordening ten aanzien van Curaçao zijn gezet in verband met de taken die het krachtens internationaal recht als vlaggen-, haven-, kust- of marktstaat dient te vervullen wat betreft de te ondernemen actie om IOO-visserij te voorkomen, tegen te gaan en te beëindigen. De Commissie heeft de betrokken bevoegde autoriteiten hiervan officieel in kennis gesteld.

De hierboven bedoelde stopzetting sluit niet uit dat de Commissie of de Raad in de toekomst verdere stappen zet wanneer uit feiten blijkt dat het land zich niet kwijt van de taken die het krachtens internationaal recht als vlaggen-, haven-, kust- of marktstaat dient te vervullen wat betreft de te ondernemen actie om IOO-visserij te voorkomen, tegen te gaan en te beëindigen.


(1)  PB C 346 van 27.11.2013, blz. 26.

(2)  PB L 286 van 29.10.2008, blz. 1.


24.2.2017   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 60/6


Kennisgeving van de stopzetting van de stappen ten aanzien van een derde land dat op 12 december 2014 in kennis is gesteld van de mogelijkheid dat het als niet-meewerkend derde land wordt geïdentificeerd op grond van Verordening (EG) nr. 1005/2008 van de Raad houdende de totstandbrenging van een communautair systeem om illegale, ongemelde en ongereglementeerde visserij te voorkomen, tegen te gaan en te beëindigen

(2017/C 60/05)

De Europese Commissie („de Commissie”) heeft de stappen stopgezet die op 12 december 2014 in het kader van de bestrijding van IOO-visserij tegen de Salomonseilanden zijn gezet op grond van Besluit 2014/C 447/09 van de Commissie (1) inzake de kennisgeving aan derde landen van de mogelijkheid dat zij door de Commissie als niet-meewerkende derde landen worden geïdentificeerd op grond van Verordening (EG) nr. 1005/2008 van de Raad (2) houdende de totstandbrenging van een communautair systeem om illegale, ongemelde en ongereglementeerde visserij te voorkomen, tegen te gaan en te beëindigen (de IOO-verordening).

1.   Rechtskader

Krachtens artikel 32 van de IOO-verordening moet de Commissie derde landen in kennis stellen van de mogelijkheid dat zij als niet-meewerkend land worden geïdentificeerd. Die kennisgeving is voorlopig. De kennisgeving aan derde landen van de mogelijkheid dat zij als niet-meewerkend land worden geïdentificeerd, vindt plaats op grond van de in artikel 31 van de IOO-verordening vastgestelde criteria.

De Commissie moet alle in artikel 32 vastgestelde stappen ten aanzien van deze landen nemen. Met name moet zij in de kennisgeving melding maken van de essentiële feiten en overwegingen die ten grondslag liggen aan die identificatie en van de gelegenheid die aan die landen wordt geboden om een antwoord en andere relevante informatie te bezorgen, bijvoorbeeld bewijsmateriaal dat de identificatie weerlegt, of, indien van toepassing, een actieplan met het oog op verbetering en de maatregelen die zijn genomen om de situatie te verhelpen.

De Commissie moet de betrokken derde landen voldoende tijd geven om op de kennisgeving te antwoorden, alsmede een redelijke termijn om de situatie te verhelpen.

2.   Procedure

Op 12 december 2014 heeft de Commissie de Salomonseilanden in kennis gesteld van de mogelijkheid dat zij zouden worden geïdentificeerd als derde land dat niet meewerkt bij de bestrijding van illegale, ongemelde en ongereglementeerde visserij (IOO-visserij).

De Commissie heeft benadrukt dat de Salomonseilanden konden voorkomen als niet-meewerkend land te worden geïdentificeerd, indien zij met de Commissie zouden samenwerken op basis van een actieplan om de geconstateerde tekortkomingen te verhelpen.

De Commissie is met de Salomonseilanden een dialoog aangegaan. Dit land heeft mondeling en schriftelijk opmerkingen gemaakt die de Commissie in overweging heeft genomen en waarmee zij rekening heeft gehouden. De Commissie is doorgegaan met het verzamelen en verifiëren van alle informatie die zij noodzakelijk achtte.

De Salomonseilanden hebben de maatregelen doorgevoerd die nodig zijn om de betrokken IOO-activiteiten stop te zetten en dergelijke activiteiten in de toekomst te voorkomen en heeft handelen of nalaten gecorrigeerd dat aanleiding heeft gegeven tot de kennisgeving van de mogelijkheid te worden geïdentificeerd als land dat niet meewerkt bij de bestrijding van illegale, ongemelde en ongereglementeerde visserij.

3.   Conclusie

In de gegeven omstandigheden besluit de Commissie, na onderzoek van de hierboven uiteengezette overwegingen, tot stopzetting van de stappen die op grond van artikel 32 van de IOO-verordening ten aanzien van de Salomonseilanden zijn gezet in verband met de taken die zij krachtens internationaal recht als vlaggen-, haven-, kust- of marktstaat dient te vervullen wat betreft de te ondernemen actie om IOO-visserij te voorkomen, tegen te gaan en te beëindigen. De Commissie heeft de betrokken bevoegde autoriteiten hiervan officieel in kennis gesteld.

De hierboven bedoelde stopzetting sluit niet uit dat de Commissie of de Raad in de toekomst verdere stappen zet wanneer uit feiten blijkt dat het land zich niet kwijt van de taken die het krachtens internationaal recht als vlaggen-, haven-, kust- of marktstaat dient te vervullen wat betreft de te ondernemen actie om IOO-visserij te voorkomen, tegen te gaan en te beëindigen.


(1)  PB C 447 van 13.12.2014, blz. 6.

(2)  PB L 286 van 29.10.2008, blz. 1.


24.2.2017   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 60/7


BESLUIT VAN DE COMMISSIE

van 23 februari 2017

betreffende het verlenen van individuele licenties aan alle coördinatoren van de Europese referentienetwerken voor het gebruik van het handelsmerk van het Europees referentienetwerk

(2017/C 60/06)

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien het besluit van de Commissie van 19 september 2001 (PV1536) waarbij de directeuren-generaal en de diensthoofden de bevoegdheid hebben gekregen om te beslissen over de noodzaak een aanvraag in te dienen voor de bescherming van intellectuele-eigendomsrechten die voortvloeien uit de activiteiten of programma’s waarvoor zij verantwoordelijk zijn, alsmede om licenties in verband daarmee te verlenen en rechten te verwerven, over te dragen, ervan af te zien of er afstand van te doen, en waarbij de directeuren-generaal de bevoegdheid voor de daarmee verband houdende administratieve uitvoering hebben gekregen,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

In Richtlijn 2011/24/EU van het Europees Parlement en de Raad (1) is vastgesteld dat de Commissie de ontwikkeling van Europese referentienetwerken (ERN’s) van zeer gespecialiseerde zorgaanbieders in de lidstaten moet ondersteunen.

(2)

In artikel 7 van Uitvoeringsbesluit 2014/287/EU van de Commissie (2) is vastgesteld dat de Commissie de netwerken en hun leden een vergunning verleent voor het gebruik van een unieke identificatie (logo).

(3)

Het „European Reference Network”-logo (Europees referentienetwerk) is door de Commissie als beeldmerk geregistreerd (reg. nr. 012252128) voor het grondgebied van de Europese Unie.

(4)

De Europese Unie is de rechtmatige eigenaar van het handelsmerk en is bereid een licentie voor het gebruik daarvan te verlenen aan alle coördinatoren van de Europese referentienetwerken,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTESTELD:

Artikel 1

Alle door de ERN-bestuursraad van de lidstaten aangewezen coördinatoren van de Europese referentienetwerken krijgen het niet-exclusieve, kosteloze en voorwaardelijke recht om het „European Reference Network”-handelsmerk (reg. nr. 012252128) te gebruiken voor initiatieven in verband met de activiteiten van de Europese referentienetwerken overeenkomstig de doelstellingen die zijn beschreven in artikel 12 van Richtlijn 2011/24/EU.

Artikel 2

Alle door de ERN-bestuursraad van de lidstaten aangewezen coördinatoren van de Europese referentienetwerken mogen het recht om het handelsmerk te gebruiken voor initiatieven in verband met de activiteiten van hun netwerken in sublicentie geven aan de leden van hun respectievelijke netwerken.

Gedaan te Brussel, 23 februari 2017.

Voor de Commissie

Vytenis ANDRIUKAITIS

Lid van de Commissie


(1)  Richtlijn 2011/24/EU van het Europees Parlement en de Raad van 9 maart 2011 betreffende de toepassing van de rechten van patiënten bij grensoverschrijdende gezondheidszorg (PB L 88 van 4.4.2011, blz. 45).

(2)  Uitvoeringsbesluit 2014/287/EU van de Commissie van 10 maart 2014 tot vaststelling van de criteria voor de oprichting en evaluatie van Europese referentienetwerken en de leden daarvan en voor de bevordering van de uitwisseling van informatie en expertise in verband met de oprichting en evaluatie van dergelijke netwerken (PB L 147 van 17.5.2014, blz. 79).


24.2.2017   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 60/8


ADMINISTRATIEVE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN VOOR DE SOCIALE ZEKERHEID VAN MIGRERENDE WERKNEMERS

Omrekeningskoersen van de munteenheden in toepassing van Verordening (EEG) nr. 574/72 van de Raad

(2017/C 60/07)

Artikel 107, leden 1, 2 en 4, van Verordening (EEG) nr. 574/72

Referentieperiode: januari 2017

Toepassingsperiode: april, mei en juni 2017

01-2017

EUR

BGN

CZK

DKK

HRK

HUF

PLN

1 EUR =

1

1,95580

27,0213

7,43547

7,52995

308,987

4,36710

1 BGN =

0,511300

1

13,8160

3,80175

3,85006

157,985

2,23290

1 CZK =

0,0370078

0,0723799

1

0,275170

0,278667

11,4349

0,161617

1 DKK =

0,134491

0,263037

3,63411

1

1,01271

41,5558

0,587334

1 HRK =

0,132803

0,259736

3,58851

0,987453

1

41,0344

0,579965

1 HUF =

0,00323638

0,00632972

0,0874514

0,024064

0,0243698

1

0,0141336

1 PLN =

0,228985

0,447848

6,18747

1,70261

1,72424

70,7532

1

1 RON =

0,222133

0,434448

6,00232

1,65166

1,67265

68,6361

0,970078

1 SEK =

0,105141

0,205635

2,84105

0,781774

0,791708

32,4872

0,459163

1 GBP =

1,16143

2,27153

31,3835

8,63581

8,7455

358,868

5,07211

1 NOK =

0,111124

0,217336

3,00272

0,826259

0,836758

34,3359

0,485290

1 ISK =

0,00819852

0,0160347

0,221535

0,0609599

0,0617345

2,53324

0,035804

1 CHF =

0,933402

1,82555

25,2217

6,94028

7,02847

288,409

4,07626


01-2017

RON

SEK

GBP

NOK

ISK

CHF

1 EUR =

4,50181

9,51102

0,861004

8,99895

121,973

1,07135

1 BGN =

2,30177

4,86298

0,440231

4,60116

62,3649

0,547781

1 CZK =

0,166602

0,351982

0,031864

0,333032

4,51396

0,0396483

1 DKK =

0,605451

1,27914

0,115797

1,21027

16,4042

0,144086

1 HRK =

0,597854

1,26309

0,1143439

1,19509

16,1984

0,142279

1 HUF =

0,0145696

0,0307813

0,00278654

0,0291241

0,394752

0,00346730

1 PLN =

1,030845

2,17788

0,197157

2,06062

27,9300

0,245323

1 RON =

1

2,11271

0,191257

1,99896

27,0943

0,237982

1 SEK =

0,473326

1

0,0905270

0,94616

12,8244

0,112643

1 GBP =

5,22856

11,0464

1

10,4517

141,664

1,24430

1 NOK =

0,500259

1,056903

0,0956782

1

13,5542

0,119053

1 ISK =

0,036908

0,077976

0,00705896

0,0737781

1

0,00878349

1 CHF =

4,20200

8,87760

0,803663

8,39964

113,850

1

Noot: alle kruiskoersen voor ISK worden berekend onder gebruikmaking van de ISK/EUR-koersgegevens van de Centrale Bank van IJsland.

referentie: januari-17

1 EUR in nationale valuta

1 eenheid van nationale valuta in EUR

BGN

1,95580

0,511300

CZK

27,0213

0,0370078

DKK

7,43547

0,134491

HRK

7,52995

0,132803

HUF

308,987

0,00323638

PLN

4,36710

0,228985

RON

4,50181

0,222133

SEK

9,51102

0,105141

GBP

0,861004

1,16143

NOK

8,99895

0,111124

ISK

121,973

0,00819852

CHF

1,07135

0,933402

Noot: de ISK/EUR-koersen zijn gebaseerd op gegevens van de Centrale Bank van IJsland.

1.

Volgens Verordening (EEG) nr. 574/72 is de koers voor de omrekening in een munteenheid van bedragen die in een andere munteenheid luiden, de door de Commissie berekende koers op basis van het maandgemiddelde gedurende de in lid 2 vermelde referentieperiode van de wisselkoersen van deze munteenheden die door de Europese Centrale Bank zijn gepubliceerd.

2.

De referentieperiode is:

de maand januari voor de omrekeningskoersen die met ingang van 1 april daaropvolgend moeten worden toegepast,

de maand april voor de omrekeningskoersen die met ingang van 1 juli daaropvolgend moeten worden toegepast,

de maand juli voor de omrekeningskoersen die met ingang van 1 oktober daaropvolgend moeten worden toegepast,

de maand oktober voor de omrekeningskoersen die met ingang van 1 januari daaropvolgend moeten worden toegepast.

De omrekeningskoersen van de munteenheden worden bekendgemaakt in het tweede Publicatieblad van de Europese Unie (C-reeks) van de maanden februari, mei, augustus en november.


V Bekendmakingen

PROCEDURES IN VERBAND MET DE UITVOERING VAN HET GEMEENSCHAPPELIJK MEDEDINGINGSBELEID

Europese Commissie

24.2.2017   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 60/10


Voorafgaande aanmelding van een concentratie

(Zaak M.8270 — EDF/CDC/RTE)

(Voor de EER relevante tekst)

(2017/C 60/08)

1.

Op 17 februari 2017 heeft de Commissie een aanmelding van een voorgenomen concentratie in de zin van artikel 4 van Verordening (EG) nr. 139/2004 van de Raad (1) ontvangen. Hierin is meegedeeld dat Caisse des dépôts et consignations („CDC”, Frankrijk) in de zin van artikel 3, lid 1, onder b), van de concentratieverordening de gezamenlijke zeggenschap verkrijgt over Réseau de transport d'électricité („RTE”, Frankrijk), een onderneming die momenteel onder uitsluitende zeggenschap staat van Electricité de France (EDF, Frankrijk), door de verwerving van aandelen.

2.

De activiteiten van de betrokken ondernemingen zijn:

CDC: Franse openbare instelling die zich bezighoudt met de financiering van investeringsprojecten van algemeen belang en aandeelhoudersparticipaties in sectoren die worden opengesteld voor concurrentie, alsook het beheer van particuliere fondsen waarvoor openbare autoriteiten speciale bescherming wensen te voorzien;

EDF: met haar dochterondernemingen hoofdzakelijk actief in de elektriciteitssector, meer bepaald de productie en de groothandel in elektriciteit, de handel, de transmissie, de distributie en de levering van elektriciteit, zowel in Frankrijk als in het buitenland. De EDF-groep is ook actief in de gassector en houdt zich bezig met energiediensten, zowel in Frankrijk als in het buitenland;

RTE: momenteel een volle dochteronderneming van EDF, eigenaar en beheerder van het Franse openbare elektriciteitstransmissienet. RTE verricht haar activiteiten onder het toezicht van de Commission de régulation de l'énergie („CRE” — Commissie voor de regulering van de energie) en onder de specifieke bestuursvoorwaarden die haar onafhankelijk beheer binnen de EDF-groep garanderen.

3.

Op grond van een voorlopig onderzoek is de Commissie van oordeel dat de aangemelde transactie binnen het toepassingsgebied van de concentratieverordening kan vallen. Ten aanzien van dit punt wordt de definitieve beslissing echter aangehouden.

4.

De Commissie verzoekt belanghebbenden haar hun eventuele opmerkingen over de voorgenomen concentratie kenbaar te maken.

Deze opmerkingen moeten de Commissie uiterlijk tien dagen na dagtekening van deze bekendmaking hebben bereikt. Zij kunnen per fax (+32 2 2964301), per e-mail naar COMP-MERGER-REGISTRY@ec.europa.eu of per post, onder vermelding van zaaknummer M.8270 — EDF/CDC/RTE, aan onderstaand adres worden toegezonden:

Europese Commissie

Directoraat-generaal Concurrentie

Griffie voor concentraties

1049 Brussel

BELGIË


(1)  PB L 24 van 29.1.2004, blz. 1 („de concentratieverordening”).


24.2.2017   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 60/11


Voorafgaande aanmelding van een concentratie

(Zaak M.8396 — Bain Capital Investors/Fintyre)

Voor de vereenvoudigde procedure in aanmerking komende zaak

(Voor de EER relevante tekst)

(2017/C 60/09)

1.

Op 17 februari 2017 heeft de Commissie een aanmelding van een voorgenomen concentratie in de zin van artikel 4 van Verordening (EG) nr. 139/2004 van de Raad (1) ontvangen. Hierin is meegedeeld dat Bain Capital Investors, L.L.C („Bain Capital”, Verenigd Koninkrijk) in de zin van artikel 3, lid 1, onder b), van de concentratieverordening uitsluitende zeggenschap verkrijgt over Fintyre S.p.A. („Fintyre”, Italië).

2.

De activiteiten van de betrokken ondernemingen zijn:

—   Bain Capital: private-equity-investeringsonderneming;

—   Fintyre: groot- en kleinhandel in vervangingsbanden en aanverwante diensten in Italië.

3.

Op grond van een voorlopig onderzoek is de Commissie van oordeel dat de aangemelde transactie binnen het toepassingsgebied van de concentratieverordening kan vallen. Ten aanzien van dit punt wordt de definitieve beslissing echter aangehouden. Er zij op gewezen dat deze zaak in aanmerking kan komen voor de vereenvoudigde procedure zoals uiteengezet in de mededeling van de Commissie betreffende een vereenvoudigde procedure voor de behandeling van bepaalde concentraties krachtens Verordening (EG) nr. 139/2004 van de Raad (2).

4.

De Commissie verzoekt belanghebbenden haar hun eventuele opmerkingen over de voorgenomen concentratie kenbaar te maken.

Deze opmerkingen moeten de Commissie uiterlijk tien dagen na dagtekening van deze bekendmaking hebben bereikt. Zij kunnen per fax (+32 22964301), via e-mail naar COMP-MERGER-REGISTRY@ec.europa.eu of per post, onder vermelding van zaaknummer M.8396 — Bain Capital Investors/Fintyre, aan onderstaand adres worden toegezonden:

Europese Commissie

Directoraat-generaal Concurrentie

Griffie voor concentraties

1049 Brussel

BELGIË


(1)  PB L 24 van 29.1.2004, blz. 1 („de concentratieverordening”).

(2)  PB C 366 van 14.12.2013, blz. 5.