|
ISSN 1977-0995 |
||
|
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 231 |
|
|
||
|
Uitgave in de Nederlandse taal |
Mededelingen en bekendmakingen |
59e jaargang |
|
Nummer |
Inhoud |
Bladzijde |
|
|
II Mededelingen |
|
|
|
MEDEDELINGEN VAN DE INSTELLINGEN, ORGANEN EN INSTANTIES VAN DE EUROPESE UNIE |
|
|
|
Europese Commissie |
|
|
2016/C 231/01 |
||
|
2016/C 231/02 |
Besluit om geen bezwaar aan te tekenen tegen een aangemelde concentratie (Zaak M.8030 — The Carlyle Group/Crestview Advisors/Nep Group) ( 1 ) |
|
|
2016/C 231/03 |
Besluit om geen bezwaar aan te tekenen tegen een aangemelde concentratie (Zaak M.8048 — Ardagh/Ball Rexam Divestment Business) ( 1 ) |
|
|
IV Informatie |
|
|
|
INFORMATIE AFKOMSTIG VAN DE INSTELLINGEN, ORGANEN EN INSTANTIES VAN DE EUROPESE UNIE |
|
|
|
Europese Commissie |
|
|
2016/C 231/04 |
|
|
V Bekendmakingen |
|
|
|
PROCEDURES IN VERBAND MET DE UITVOERING VAN HET GEMEENSCHAPPELIJK MEDEDINGINGSBELEID |
|
|
|
Europese Commissie |
|
|
2016/C 231/05 |
Voorafgaande aanmelding van een concentratie (Zaak M.8076 — Warburg Pincus/Wendel/JV) — Voor de vereenvoudigde procedure in aanmerking komende zaak ( 1 ) |
|
|
2016/C 231/06 |
Voorafgaande aanmelding van een concentratie (Zaak M.8077 — Bancopopular-e/Banco Popular Portugal) — Voor de vereenvoudigde procedure in aanmerking komende zaak ( 1 ) |
|
|
|
|
|
(1) Voor de EER relevante tekst |
|
NL |
|
II Mededelingen
MEDEDELINGEN VAN DE INSTELLINGEN, ORGANEN EN INSTANTIES VAN DE EUROPESE UNIE
Europese Commissie
|
25.6.2016 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 231/1 |
Mededeling van de Commissie tot wijziging van bijlage I bij de richtsnoeren inzake regionale steunmaatregelen 2014-2020
(2016/C 231/01)
I. INLEIDING
|
(1) |
In punt 5.6.2 van de richtsnoeren inzake regionale steunmaatregelen 2014-2020 (1) (hierna de „richtsnoeren” genoemd) is voorzien in een tussentijdse evaluatie van de regionalesteunkaarten in juni 2016. De gewijzigde regionalesteunkaarten zullen van 1 januari 2017 tot en met 31 december 2020 van kracht zijn. |
Wijziging van de lijst van de steungebieden onder a)
|
(2) |
De Commissie zal hiervoor op basis van de bbp-gegevens (in KKS per hoofd van de bevolking) voor 2012-2014 bepalen of NUTS 2-regio’s die in de huidige kaarten niet als steungebied onder a) zijn opgenomen, een bbp per hoofd van de bevolking van minder dan 75 % van het EU-28-gemiddelde hebben, en zal over de uitkomsten van dit onderzoek een mededeling publiceren. Op dat tijdstip zal de Commissie bepalen of de aldus onderscheiden gebieden in aanmerking kunnen komen voor regionale steun op grond van artikel 107, lid 3, onder a), van het Verdrag en wat de hoogte is van de steunintensiteit die overeenstemt met hun bbp per hoofd van de bevolking. Indien die geselecteerde gebieden op de huidige nationale regionalesteunkaart worden aangewezen als vooraf vastliggende steungebieden onder c), dan wel als niet vooraf vastliggende steungebieden onder c), zal het percentage van het in bijlage I bij de richtsnoeren vermelde specifieke quotum van het bevolkingsaandeel onder c) overeenkomstig worden aangepast. |
Wijziging van de steunintensiteit van de steungebieden onder a)
|
(3) |
De Commissie zal ook de NUTS 2-regio’s aanwijzen die in de nationale regionalesteunkaart steungebieden onder a) zijn, maar waar het bbp per hoofd van de bevolking gedaald is zodat ze vanaf 1 januari 2017 voor een hogere steunintensiteit in aanmerking zouden komen. |
Mogelijkheden voor tussentijdse evaluatie van de steungebieden onder c)
|
(4) |
Een lidstaat mag, binnen de marges van zijn bijgestelde specifieke quotum van het bevolkingsaandeel onder c), dat in punt 10 hieronder is vermeld, de lijst met niet vooraf vastliggende steungebieden onder c) op zijn regionalesteunkaart aanpassen voor de periode van 1 januari 2017 tot en met 31 december 2020. Die aanpassingen mogen niet meer dan 50 % van het bijgestelde niet vooraf vastliggende bevolkingsaandeel onder c) van elke lidstaat bedragen. Daarnaast mag de bevolking van de nieuw opgenomen regio’s niet groter zijn dan de bevolking van de regio’s die hun status van voor regionale steun in aanmerking komende regio verliezen. |
|
(5) |
De Commissie zal deze aanpassingen aan bijlage I bij de richtsnoeren publiceren. |
|
(6) |
Overeenkomstig punt 185 van de richtsnoeren wordt de lidstaten die hun regionalesteunkaarten wensen aan te passen, gevraagd die aanpassingen overeenkomstig artikel 108, lid 3, VWEU aan te melden, en dit uiterlijk tegen 1 september 2016. |
II. BEOORDELING
|
(7) |
Op 29 februari 2016 heeft Eurostat de bbp-gegevens voor 2012-2014 gepubliceerd. In de onderstaande lijsten blijkt de wijziging uit de vergelijking van de eerste kolom (bbp-gemiddelde van de jaren 2008-2010) met de tweede kolom (bbp-gemiddelde van de jaren 2012-2014). Op basis hiervan werden de volgende wijzigingen aangebracht. |
|
(8) |
NUTS 2-regio’s waarvan de status naar steungebied onder a) zou kunnen wijzigen
Het gaat om de volgende lidstaten en NUTS 2-regio’s: Griekenland:
Spanje:
Italië:
Verenigd Koninkrijk:
Al deze NUTS 2-regio’s zouden kunnen worden voorgesteld als steungebieden onder a) met een steunintensiteit van 25 % omdat ze nu een bbp per hoofd van de bevolking hebben van ten hoogste 75 % van het EU-28-gemiddelde. |
|
(9) |
NUTS 2-regio’s die een hogere steunintensiteit zouden kunnen krijgen
Het gaat om de volgende lidstaten en NUTS 2-regio’s: Griekenland:
Deze NUTS 2-regio’s zouden kunnen worden voorgesteld voor een steunintensiteit van 35 % omdat hun bbp gedaald is onder 60 % van het EU-28-gemiddelde. Portugal:
Dit ultraperifeer gebied zou kunnen worden voorgesteld voor een steunintensiteit van 45 % omdat zijn bbp gedaald is onder 75 % van het gemiddelde van de EU-28. |
|
(10) |
Aangepaste, niet vooraf vastliggende bevolkingen van steungebieden onder c) waarvoor ten hoogste 50 % kan worden uitgewisseld. De volgende lidstaten kunnen een tussentijdse evaluatie voorstellen, met hun bevolkingsplafond:
|
|
(11) |
De mogelijke tussentijdse evaluatie voor steungebieden onder c) belangt de volgende lidstaten niet aan, hetzij omdat ze volledig gedekt zijn, hetzij omdat ze geen niet vooraf vastliggende steungebieden onder c) hebben:
|
III. WIJZIGING VAN BIJLAGE I BIJ DE RICHTSNOEREN
|
(12) |
De volgende gewijzigde bijlage I bij de richtsnoeren inzake regionale steunmaatregelen 2014-2020 zal de basis zijn voor de tussentijdse evaluatie van de regionalesteunkaarten voor de periode 1 januari 2017-31 december 2020:
|
(1) PB C 209 van 23.7.2013, blz. 1.
(2) Gemeten in KKS, driejaarsgemiddelde voor de periode 2008-2010 (EU-27 = 100).
(3) Op basis van de bevolkingsgegevens van Eurostat voor 2010.
(4) Gemeten in KKS, driejaarsgemiddelde voor de periode 2014-2020 (EU-28 = 100), alleen opgegeven ingeval er zich een wijziging in categorie voordoet ten gevolge van nieuwe statistieken.
(5) Op basis van de bevolkingsgegevens van Eurostat voor 2010.
(*) Alleen het deel van DE40 Brandenburg dat overeenstemt met de voormalige NUTS 2-regio DE41 Brandenburg-Nordost en het deel van DEE0 Sachsen-Anhalt dat overeenstemt met de voormalige NUTS 3-regio’s DEE1 Dessau en DEE3 Magdeburg (zoals aangegeven in de NUTS 2003-nomenclatuur) worden opgenomen als vooraf vastliggende steungebieden onder c). Bij het aanmelden van de regionalesteunkaart en om de in onderdeel 5.6.2 van deze richtsnoeren op NUTS 2-niveau geplande tussentijdse evaluatie te vereenvoudigen, kan Duitsland besluiten om de volledige NUTS 2-regio’s DE40 Brandenburg en DEE0 Sachsen-Anhalt als vooraf vastliggende steungebieden onder c) aan te wijzen, mits het voor vooraf vastliggende steungebieden onder c) beschikbare aandeel van de nationale bevolking overeenkomstig wordt verlaagd.
(**) Saint-Martin en Mayotte zijn ultraperifere gebieden, maar zijn niet opgenomen in de NUTS-nomenclatuur van 2010, omdat hun administratieve status volgens het nationale recht werd gewijzigd in 2007 respectievelijk 2011. Om de voor deze beide ultraperifere gebieden toepasselijke maximale steunintensiteit te bepalen, kan Frankrijk gebruikmaken van gegevens die zijn verschaft door zijn nationale bureau voor de statistiek of door andere erkende bronnen.
|
25.6.2016 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 231/19 |
Besluit om geen bezwaar aan te tekenen tegen een aangemelde concentratie
(Zaak M.8030 — The Carlyle Group/Crestview Advisors/Nep Group)
(Voor de EER relevante tekst)
(2016/C 231/02)
Op 20 juni 2016 heeft de Commissie besloten zich niet te verzetten tegen bovenvermelde aangemelde concentratie en deze verenigbaar met de interne markt te verklaren. Dit besluit is gebaseerd op artikel 6, lid 1, onder b), van Verordening (EG) nr. 139/2004 van de Raad (1). De volledige tekst van het besluit is slechts beschikbaar in het Engels en zal openbaar worden gemaakt na verwijdering van eventuele bedrijfsgeheimen. De tekst is beschikbaar:
|
— |
op de website Concurrentie van de Commissie, afdeling Fusies (http://ec.europa.eu/competition/mergers/cases/). Deze website biedt verschillende hulpmiddelen om individuele concentratiebesluiten op te zoeken, onder meer op: naam van de onderneming, nummer van de zaak, datum en sector; |
|
— |
in elektronische vorm op de EUR-Lex-website (http://eur-lex.europa.eu/homepage.html?locale=nl) onder document nr. 32016M8030. EUR-Lex biedt onlinetoegang tot de communautaire wetgeving. |
(1) PB L 24 van 29.1.2004, blz. 1.
|
25.6.2016 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 231/19 |
Besluit om geen bezwaar aan te tekenen tegen een aangemelde concentratie
(Zaak M.8048 — Ardagh/Ball Rexam Divestment Business)
(Voor de EER relevante tekst)
(2016/C 231/03)
Op 17 juni 2016 heeft de Commissie besloten zich niet te verzetten tegen bovenvermelde aangemelde concentratie en deze verenigbaar met de interne markt te verklaren. Dit besluit is gebaseerd op artikel 6, lid 1, onder b), van Verordening (EG) nr. 139/2004 van de Raad (1). De volledige tekst van het besluit is slechts beschikbaar in het Engels en zal openbaar worden gemaakt na verwijdering van eventuele bedrijfsgeheimen. De tekst is beschikbaar:
|
— |
op de website Concurrentie van de Commissie, afdeling Fusies (http://ec.europa.eu/competition/mergers/cases/). Deze website biedt verschillende hulpmiddelen om individuele concentratiebesluiten op te zoeken, onder meer op: naam van de onderneming, nummer van de zaak, datum en sector; |
|
— |
in elektronische vorm op de EUR-Lex-website (http://eur-lex.europa.eu/homepage.html?locale=nl) onder document nr. 32016M8048. EUR-Lex biedt onlinetoegang tot de communautaire wetgeving. |
(1) PB L 24 van 29.1.2004, blz. 1.
IV Informatie
INFORMATIE AFKOMSTIG VAN DE INSTELLINGEN, ORGANEN EN INSTANTIES VAN DE EUROPESE UNIE
Europese Commissie
|
25.6.2016 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 231/20 |
Wisselkoersen van de euro (1)
24 juni 2016
(2016/C 231/04)
1 euro =
|
|
Munteenheid |
Koers |
|
USD |
US-dollar |
1,1066 |
|
JPY |
Japanse yen |
113,23 |
|
DKK |
Deense kroon |
7,4371 |
|
GBP |
Pond sterling |
0,80750 |
|
SEK |
Zweedse kroon |
9,4610 |
|
CHF |
Zwitserse frank |
1,0808 |
|
ISK |
IJslandse kroon |
|
|
NOK |
Noorse kroon |
9,4200 |
|
BGN |
Bulgaarse lev |
1,9558 |
|
CZK |
Tsjechische koruna |
27,103 |
|
HUF |
Hongaarse forint |
317,90 |
|
PLN |
Poolse zloty |
4,4550 |
|
RON |
Roemeense leu |
4,5345 |
|
TRY |
Turkse lira |
3,2457 |
|
AUD |
Australische dollar |
1,4910 |
|
CAD |
Canadese dollar |
1,4392 |
|
HKD |
Hongkongse dollar |
8,5887 |
|
NZD |
Nieuw-Zeelandse dollar |
1,5613 |
|
SGD |
Singaporese dollar |
1,4973 |
|
KRW |
Zuid-Koreaanse won |
1 296,89 |
|
ZAR |
Zuid-Afrikaanse rand |
16,7318 |
|
CNY |
Chinese yuan renminbi |
7,3301 |
|
HRK |
Kroatische kuna |
7,5250 |
|
IDR |
Indonesische roepia |
14 837,95 |
|
MYR |
Maleisische ringgit |
4,5511 |
|
PHP |
Filipijnse peso |
51,947 |
|
RUB |
Russische roebel |
72,6282 |
|
THB |
Thaise baht |
39,085 |
|
BRL |
Braziliaanse real |
3,8063 |
|
MXN |
Mexicaanse peso |
20,8811 |
|
INR |
Indiase roepie |
75,2540 |
(1) Bron: door de Europese Centrale Bank gepubliceerde referentiekoers.
V Bekendmakingen
PROCEDURES IN VERBAND MET DE UITVOERING VAN HET GEMEENSCHAPPELIJK MEDEDINGINGSBELEID
Europese Commissie
|
25.6.2016 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 231/21 |
Voorafgaande aanmelding van een concentratie
(Zaak M.8076 — Warburg Pincus/Wendel/JV)
Voor de vereenvoudigde procedure in aanmerking komende zaak
(Voor de EER relevante tekst)
(2016/C 231/05)
|
1. |
Op 17 juni 2016 heeft de Commissie een aanmelding van een voorgenomen concentratie in de zin van artikel 4 van Verordening (EG) nr. 139/2004 van de Raad (1) ontvangen. Hierin is meegedeeld dat Warburg Pincus LLC („Warburg Pincus”, Verenigde Staten) en Wendel SE („Wendel”, Frankrijk) in de zin van artikel 3, lid 4, van de concentratieverordening de gezamenlijke zeggenschap verkrijgen over een nieuw opgerichte gemeenschappelijke onderneming, AlliedUniversal Security Services LLC („AUSS”, Verenigde Staten) door de verwerving van aandelen. |
|
2. |
De activiteiten van de betrokken ondernemingen zijn: — Warburg Pincus: wereldwijde private-equityonderneming; — Wendel: Franse investeringsonderneming; — AUSS: zal bestaan uit Universal Services of America, een portefeuillonderneming in handen van aan Warburg Pincus gelieerde ondernemingen, en AlliedBarton Security Services, een portefeuilleonderneming in handen van aan Wendel gelieerde ondernemingen. De nieuwe gemeenschappelijke onderneming zal zich bezighouden met veiligheidsdiensten en faciliteitenbeheer in Noord-Amerika. |
|
3. |
Op grond van een voorlopig onderzoek is de Commissie van oordeel dat de aangemelde transactie binnen het toepassingsgebied van de concentratieverordening kan vallen. Ten aanzien van dit punt wordt de definitieve beslissing echter aangehouden. Er zij op gewezen dat deze zaak in aanmerking kan komen voor de vereenvoudigde procedure zoals uiteengezet in de Mededeling van de Commissie betreffende een vereenvoudigde procedure voor de behandeling van bepaalde concentraties krachtens Verordening (EG) nr. 139/2004 van de Raad (2). |
|
4. |
De Commissie verzoekt belanghebbenden haar hun eventuele opmerkingen over de voorgenomen concentratie kenbaar te maken. Deze opmerkingen moeten de Commissie uiterlijk tien dagen na dagtekening van deze bekendmaking hebben bereikt. Zij kunnen per fax (+32 22964301), via e-mail naar COMP-MERGER-REGISTRY@ec.europa.eu of per post, onder vermelding van zaaknummer M.8076 — Warburg Pincus/Wendel/JV, aan onderstaand adres worden toegezonden:
|
(1) PB L 24 van 29.1.2004, blz. 1 („de concentratieverordening”).
(2) PB C 366 van 14.12.2013, blz. 5.
|
25.6.2016 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 231/22 |
Voorafgaande aanmelding van een concentratie
(Zaak M.8077 — Bancopopular-e/Banco Popular Portugal)
Voor de vereenvoudigde procedure in aanmerking komende zaak
(Voor de EER relevante tekst)
(2016/C 231/06)
|
1. |
Op 16 juni 2016 heeft de Commissie een aanmelding van een voorgenomen concentratie in de zin van artikel 4 van Verordening (EG) nr. 139/2004 van de Raad (1) ontvangen. Hierin is meegedeeld dat Bancopopular-e SA („E-Com”, Spanje), een gemeenschappelijke onderneming die onder zeggenschap staat van Banco Popular Español SA („Banco Popular”, Spanje), en bepaalde aangesloten particuliere fondsen beheerd door Värde Partners Inc. („Värde”, Verenigde Staten), in de zin van artikel 3, lid 1, onder b), van de concentratieverordening de uitsluitende zeggenschap verkrijgen over de divisie betaalkaarten (de „activa”) van Banco Popular Portugal, SA („BPOP”, Portugal), een volle dochteronderneming van Banco Popular. |
|
2. |
De activiteiten van de betrokken ondernemingen zijn: — E-Com: diensten op het gebied van de uitgifte van betaalkaarten en in mindere mate verzekeringsdistributie op de Spaanse markt; — Banco Popular: gespecialiseerd in bankdiensten voor particulieren en ondernemingen. Banco Popular verleent ook diensten op het gebied van de uitgifte van betaalkaarten in Portugal en in mindere mate diensten op het gebied van verzekeringsbemiddeling en verzekeringsdistributie in Spanje en Portugal; — Värde: wereldwijde investeringsonderneming die gespecialiseerd is in alternatieve investeringen en deskundigheid bezit in partnerschappen met wereldwijde financiële instellingen. Haar activiteiten zijn hoofdzakelijk afgestemd op de Verenigde Staten, Europa en Azië; — De activa: omvat de divisie betaalkaarten van BPOP in Portugal. |
|
3. |
Op grond van een voorlopig onderzoek is de Commissie van oordeel dat de aangemelde transactie binnen het toepassingsgebied van de concentratieverordening kan vallen. Ten aanzien van dit punt wordt de definitieve beslissing echter aangehouden. Er zij op gewezen dat deze zaak in aanmerking kan komen voor de vereenvoudigde procedure zoals uiteengezet in de Mededeling van de Commissie betreffende een vereenvoudigde procedure voor de behandeling van bepaalde concentraties krachtens Verordening (EG) nr. 139/2004 van de Raad (2). |
|
4. |
De Commissie verzoekt belanghebbenden haar hun eventuele opmerkingen over de voorgenomen concentratie kenbaar te maken. Deze opmerkingen moeten de Commissie uiterlijk tien dagen na dagtekening van deze bekendmaking hebben bereikt. Zij kunnen per fax (+32 22964301), via e-mail naar COMP-MERGER-REGISTRY@ec.europa.eu of per post, onder vermelding van zaaknummer M.8077 — Bancopopular-e/Banco Popular Portugal, aan onderstaand adres worden toegezonden:
|
(1) PB L 24 van 29.1.2004, blz. 1 („de concentratieverordening”).
(2) PB C 366 van 14.12.2013, blz. 5.