|
ISSN 1977-0995 doi:10.3000/19770995.C_2012.029.nld |
||
|
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 29 |
|
|
||
|
Uitgave in de Nederlandse taal |
Mededelingen en bekendmakingen |
55e jaargang |
|
Nummer |
Inhoud |
Bladzijde |
|
|
II Mededelingen |
|
|
|
MEDEDELINGEN VAN DE INSTELLINGEN, ORGANEN EN INSTANTIES VAN DE EUROPESE UNIE |
|
|
|
Europese Commissie |
|
|
2012/C 029/01 |
Besluit om geen bezwaar aan te tekenen tegen een aangemelde concentratie (Zaak COMP/M.6449 — DCC Energy/Swea Energi) ( 1 ) |
|
|
2012/C 029/02 |
Goedkeuring van de steunmaatregelen van de staten krachtens de artikelen 107 en 108 VWEU — Gevallen waartegen de Commissie geen bezwaar maakt ( 2 ) |
|
|
2012/C 029/03 |
Besluiten in het kader van het toezicht op de tenuitvoerlegging van besluiten betreffende herstructurerings- en liquidatiesteun voor financiële instellingen ( 1 ) |
|
|
2012/C 029/04 |
Goedkeuring van de steunmaatregelen van de staten krachtens de artikelen 107 en 108 VWEU — Gevallen waartegen de Commissie geen bezwaar maakt ( 1 ) |
|
|
2012/C 029/05 |
Besluit om geen bezwaar aan te tekenen tegen een aangemelde concentratie (Zaak COMP/M.6444 — Terrena/Lyonnaise Des Eaux/JV) ( 1 ) |
|
|
|
IV Informatie |
|
|
|
INFORMATIE AFKOMSTIG VAN DE INSTELLINGEN, ORGANEN EN INSTANTIES VAN DE EUROPESE UNIE |
|
|
|
Europese Commissie |
|
|
2012/C 029/06 |
||
|
|
V Adviezen |
|
|
|
BESTUURLIJKE PROCEDURES |
|
|
|
Europese Commissie |
|
|
2012/C 029/07 |
||
|
2012/C 029/08 |
||
|
|
GERECHTELIJKE PROCEDURES |
|
|
|
EVA-Hof |
|
|
2012/C 029/09 |
||
|
|
PROCEDURES IN VERBAND MET DE UITVOERING VAN HET GEMEENSCHAPPELIJK MEDEDINGINGSBELEID |
|
|
|
Europese Commissie |
|
|
2012/C 029/10 |
Voorafgaande aanmelding van een concentratie (Zaak COMP/M.6413 — OJSC Power Machines/Toshiba/JV) — Voor een vereenvoudigde procedure in aanmerking komende zaak ( 1 ) |
|
|
|
ANDERE HANDELINGEN |
|
|
|
Europese Commissie |
|
|
2012/C 029/11 |
||
|
2012/C 029/12 |
||
|
|
Rectificaties |
|
|
2012/C 029/13 |
||
|
|
|
|
|
(1) Voor de EER relevante tekst |
|
|
(2) Voor de EER relevante tekst, behalve voor de producten die onder bijlage I van het Verdrag vallen |
|
NL |
|
II Mededelingen
MEDEDELINGEN VAN DE INSTELLINGEN, ORGANEN EN INSTANTIES VAN DE EUROPESE UNIE
Europese Commissie
|
2.2.2012 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 29/1 |
Besluit om geen bezwaar aan te tekenen tegen een aangemelde concentratie
(Zaak COMP/M.6449 — DCC Energy/Swea Energi)
(Voor de EER relevante tekst)
2012/C 29/01
Op 27 januari 2012 heeft de Commissie besloten zich niet te verzetten tegen bovenvermelde aangemelde concentratie en deze verenigbaar met de gemeenschappelijke markt te verklaren. Deze beschikking is gebaseerd op artikel 6, lid 1, onder b), van Verordening (EG) nr. 139/2004 van de Raad. De volledige tekst van de beschikking is slechts beschikbaar in het Engels en zal openbaar worden gemaakt na verwijdering van eventuele bedrijfsgeheimen. De tekst is beschikbaar:
|
— |
op de website Concurrentie van de Commissie, afdeling fusies (http://ec.europa.eu/competition/mergers/cases/). Deze website biedt verschillende hulpmiddelen om individuele concentratiebeschikkingen op te zoeken, onder meer op: naam van de onderneming, nummer van de zaak, datum en sector, |
|
— |
in elektronische vorm op de EUR-Lex-website (http://eur-lex.europa.eu/en/index.htm) onder documentnummer 32012M6449. EUR-Lex biedt online-toegang tot de communautaire wetgeving. |
|
2.2.2012 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 29/2 |
Goedkeuring van de steunmaatregelen van de staten krachtens de artikelen 107 en 108 VWEU
Gevallen waartegen de Commissie geen bezwaar maakt
(Voor de EER relevante tekst, behalve voor de producten die onder bijlage I van het Verdrag vallen)
2012/C 29/02
|
Datum waarop het besluit is genomen |
20.12.2011 |
|||||
|
Referentienummer staatssteun |
SA.33516 (11/N) |
|||||
|
Lidstaat |
Duitsland |
|||||
|
Regio |
Bayern |
— |
||||
|
Benaming van de steunregeling en/of naam van de begunstigde |
Ausgleichszahlungen für durch Biber verursachte Schäden |
|||||
|
Rechtsgrondslag |
Richtlinien zum Bibermanagement |
|||||
|
Type maatregel |
Regeling |
— |
||||
|
Doelstelling |
Milieubescherming |
|||||
|
Vorm van de steun |
Rechtstreekse subsidie |
|||||
|
Begrotingsmiddelen |
|
|||||
|
Maximale steunintensiteit |
80 % |
|||||
|
Looptijd (periode) |
1.1.2011-31.12.2012 |
|||||
|
Economische sectoren |
Landbouw, bosbouw en visserij |
|||||
|
Naam en adres van de steunverlenende autoriteit |
|
|||||
|
Andere informatie |
— |
|||||
De tekst van de beschikking in de authentieke ta(a)l(en), waaruit de vertrouwelijke gegevens zijn geschrapt, is beschikbaar op site:
http://ec.europa.eu/community_law/state_aids/state_aids_texts_nl.htm
|
2.2.2012 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 29/3 |
Besluiten in het kader van het toezicht op de tenuitvoerlegging van besluiten betreffende herstructurerings- en liquidatiesteun voor financiële instellingen
(Voor de EER relevante tekst)
2012/C 29/03
|
Datum waarop het besluit is genomen |
19.12.2011 |
|
Nummer van de steunmaatregel |
SA.31189 (MC 7/10) |
|
Lidstaat |
Oostenrijk |
|
Benaming van de steunregeling en/of naam van de begunstigde |
Monitoring of BAWAG P.S.K. |
|
Aard van het besluit |
— |
|
Inhoud |
Op 9 december 2011 heeft Oostenrijk nieuwe verbintenissen betreffende beleggingsbeperkingen bij de Commissie ingediend. De Commissie is het ermee eens dat de nieuwe verbintenissen betreffende beleggingsbeperkingen moeten worden toegepast vanaf de datum van kennisgeving van dit wijzigingsbesluit. |
|
Andere informatie |
De Commissie heeft op 30 juni 2010 de tweede herstructureringssteun voor BAWAG P.S.K. goedgekeurd. |
De tekst van het besluit in de authentieke taal of talen, waaruit de vertrouwelijke gegevens zijn geschrapt, is beschikbaar op de site:
http://ec.europa.eu/community_law/state_aids/state_aids_texts_nl.htm
|
2.2.2012 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 29/4 |
Goedkeuring van de steunmaatregelen van de staten krachtens de artikelen 107 en 108 VWEU
Gevallen waartegen de Commissie geen bezwaar maakt
(Voor de EER relevante tekst)
2012/C 29/04
|
Datum waarop het besluit is genomen |
1.12.2011 |
|||||
|
Referentienummer staatssteun |
SA.32642 (11/N) |
|||||
|
Lidstaat |
Oostenrijk |
|||||
|
Regio |
— |
|||||
|
Benaming van de steunregeling en/of naam van de begunstigde |
Neue Barwertberechnungsmethode für Haftungen in der Tourismus- und Freizeitwirtschaft für den Zeitraum 2012-2013 |
|||||
|
Rechtsgrondslag |
Richtlinie des Bundesministers für Wirtschaft, Familie und Jugend für die Übernahme von Haftungen für die Tourismus- und Freizeitwirtschaft 2011-2013 |
|||||
|
Type maatregel |
Waarborgstelsel |
|||||
|
Doelstelling |
Kleine- en middelgrote ondernemingen |
|||||
|
Vorm van de steun |
Garantie |
|||||
|
Begrotingsmiddelen |
— |
|||||
|
Maximale steunintensiteit |
— |
|||||
|
Looptijd (periode) |
tot 31.12.2013 |
|||||
|
Economische sectoren |
Beperkt tot de horeca (toerisme) |
|||||
|
Naam en adres van de steunverlenende autoriteit |
|
|||||
|
Andere informatie |
— |
De tekst van de beschikking in de authentieke ta(a)l(en), waaruit de vertrouwelijke gegevens zijn geschrapt, is beschikbaar op site:
http://ec.europa.eu/community_law/state_aids/state_aids_texts_nl.htm
|
Datum waarop het besluit is genomen |
7.12.2011 |
||||
|
Referentienummer staatssteun |
SA.32820 (11/NN) |
||||
|
Lidstaat |
Verenigd Koninkrijk |
||||
|
Regio |
— |
||||
|
Benaming van de steunregeling en/of naam van de begunstigde |
Forensic Science Services Limited |
||||
|
Rechtsgrondslag |
Criminal Justice and Immigration Act 2008 s128 |
||||
|
Type maatregel |
Individuele steun |
||||
|
Doelstelling |
Sluitingssteun |
||||
|
Vorm van de steun |
Directe subsidie |
||||
|
Begrotingsmiddelen |
Totaal van de voorziene steun: 109 miljoen GBP |
||||
|
Maximale steunintensiteit |
Maatregel die geen steun vormt |
||||
|
Looptijd (periode) |
3.2.2011-31.3.2012 |
||||
|
Economische sectoren |
Beperkt tot de dienstverlening |
||||
|
Naam en adres van de steunverlenende autoriteit |
|
||||
|
Andere informatie |
— |
De tekst van de beschikking in de authentieke ta(a)l(en), waaruit de vertrouwelijke gegevens zijn geschrapt, is beschikbaar op site:
http://ec.europa.eu/community_law/state_aids/state_aids_texts_nl.htm
|
Datum waarop het besluit is genomen |
8.12.2011 |
||||||
|
Referentienummer staatssteun |
SA.33364 (11/N) |
||||||
|
Lidstaat |
Duitsland |
||||||
|
Regio |
Thüringen |
||||||
|
Benaming van de steunregeling en/of naam van de begunstigde |
Breitbandinfrastrukturausbau Thüringen |
||||||
|
Rechtsgrondslag |
|
||||||
|
Type maatregel |
Steunregeling |
||||||
|
Doelstelling |
Sectorale ontwikkeling, Regionale ontwikkeling, Werkgelegenheid |
||||||
|
Vorm van de steun |
Directe subsidie |
||||||
|
Begrotingsmiddelen |
|
||||||
|
Maximale steunintensiteit |
90 % |
||||||
|
Looptijd (periode) |
tot 31.12.2015 |
||||||
|
Economische sectoren |
Beperkt tot de post- en telecommunicatiediensten |
||||||
|
Naam en adres van de steunverlenende autoriteit |
|
||||||
|
Andere informatie |
— |
De tekst van de beschikking in de authentieke ta(a)l(en), waaruit de vertrouwelijke gegevens zijn geschrapt, is beschikbaar op site:
http://ec.europa.eu/community_law/state_aids/state_aids_texts_nl.htm
|
Datum waarop het besluit is genomen |
16.12.2011 |
|||
|
Referentienummer staatssteun |
SA.33896 (11/N) |
|||
|
Lidstaat |
Zweden |
|||
|
Regio |
— |
|||
|
Benaming van de steunregeling en/of naam van de begunstigde |
Investeringsstöd till äldrebostäder |
|||
|
Rechtsgrondslag |
Förslag till Förordning om ändring i förordningen (2007:159) om investeringsstöd till äldrebostäder m.m. |
|||
|
Type maatregel |
Steunregeling |
|||
|
Doelstelling |
Sectorale ontwikkeling |
|||
|
Vorm van de steun |
Directe subsidie |
|||
|
Begrotingsmiddelen |
Totaal van de voorziene steun: 2 500 miljoen SEK |
|||
|
Maximale steunintensiteit |
10 % |
|||
|
Looptijd (periode) |
tot 30.6.2017 |
|||
|
Economische sectoren |
Beperkt tot de bouw |
|||
|
Naam en adres van de steunverlenende autoriteit |
|
|||
|
Andere informatie |
— |
De tekst van de beschikking in de authentieke ta(a)l(en), waaruit de vertrouwelijke gegevens zijn geschrapt, is beschikbaar op site:
http://ec.europa.eu/community_law/state_aids/state_aids_texts_nl.htm
|
Datum waarop het besluit is genomen |
20.12.2011 |
||||
|
Referentienummer staatssteun |
SA.34044 (11/N) |
||||
|
Lidstaat |
Griekenland |
||||
|
Regio |
— |
||||
|
Benaming van de steunregeling en/of naam van de begunstigde |
Prolongation of the Greek temporary Scheme for loan guarantees (SA.33204 (11/N) and N 308/09) |
||||
|
Rechtsgrondslag |
Draft Ministerial Decision — TEMPORARY FRAMEWORK to support access to finance during the current financial and economic crisis in accordance with the Commission Communication of 22 January 2011, in order to release bank lending in Greece and facilitate access of companies to finance in response to the financial and economic crisis that led to insufficient provision of finance by the financial institutions and resulted in a serious disturbance of the entire economy in Greece. The attached final draft of the Ministerial Decision will be adopted by the Minister of Finance once approved by the European Commission. The legal basis for the Minister to adopt such Ministerial Decisions is Greek Law 2322/1995. |
||||
|
Type maatregel |
Steunregeling |
||||
|
Doelstelling |
Opheffing van een ernstige verstoring van de economie |
||||
|
Vorm van de steun |
Garantie |
||||
|
Begrotingsmiddelen |
Totaal van de voorziene steun: 1 000 miljoen EUR |
||||
|
Maximale steunintensiteit |
— |
||||
|
Looptijd (periode) |
tot 31.3.2012 |
||||
|
Economische sectoren |
Alle sectoren |
||||
|
Naam en adres van de steunverlenende autoriteit |
|
||||
|
Andere informatie |
— |
De tekst van de beschikking in de authentieke ta(a)l(en), waaruit de vertrouwelijke gegevens zijn geschrapt, is beschikbaar op site:
http://ec.europa.eu/community_law/state_aids/state_aids_texts_nl.htm
|
2.2.2012 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 29/8 |
Besluit om geen bezwaar aan te tekenen tegen een aangemelde concentratie
(Zaak COMP/M.6444 — Terrena/Lyonnaise Des Eaux/JV)
(Voor de EER relevante tekst)
2012/C 29/05
Op 27 januari 2012 heeft de Commissie besloten zich niet te verzetten tegen bovenvermelde aangemelde concentratie en deze verenigbaar met de gemeenschappelijke markt te verklaren. Deze beschikking is gebaseerd op artikel 6, lid 1, onder b), van Verordening (EG) nr. 139/2004 van de Raad. De volledige tekst van de beschikking is slechts beschikbaar in het Frans en zal openbaar worden gemaakt na verwijdering van eventuele bedrijfsgeheimen. De tekst is beschikbaar:
|
— |
op de website Concurrentie van de Commissie, afdeling fusies (http://ec.europa.eu/competition/mergers/cases/). Deze website biedt verschillende hulpmiddelen om individuele concentratiebeschikkingen op te zoeken, onder meer op: naam van de onderneming, nummer van de zaak, datum en sector, |
|
— |
in elektronische vorm op de EUR-Lex-website (http://eur-lex.europa.eu/en/index.htm) onder documentnummer 32012M6444. EUR-Lex biedt online-toegang tot de communautaire wetgeving. |
IV Informatie
INFORMATIE AFKOMSTIG VAN DE INSTELLINGEN, ORGANEN EN INSTANTIES VAN DE EUROPESE UNIE
Europese Commissie
|
2.2.2012 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 29/9 |
Door de Europese Centrale Bank toegepaste rentevoet voor de basisherfinancieringstransacties (1):
1,00 % per 1 februari 2012
Wisselkoersen van de euro (2)
1 februari 2012
2012/C 29/06
1 euro =
|
|
Munteenheid |
Koers |
|
USD |
US-dollar |
1,3175 |
|
JPY |
Japanse yen |
100,29 |
|
DKK |
Deense kroon |
7,4337 |
|
GBP |
Pond sterling |
0,83120 |
|
SEK |
Zweedse kroon |
8,8896 |
|
CHF |
Zwitserse frank |
1,2048 |
|
ISK |
IJslandse kroon |
|
|
NOK |
Noorse kroon |
7,6540 |
|
BGN |
Bulgaarse lev |
1,9558 |
|
CZK |
Tsjechische koruna |
25,157 |
|
HUF |
Hongaarse forint |
292,49 |
|
LTL |
Litouwse litas |
3,4528 |
|
LVL |
Letlandse lat |
0,6996 |
|
PLN |
Poolse zloty |
4,2005 |
|
RON |
Roemeense leu |
4,3467 |
|
TRY |
Turkse lira |
2,3232 |
|
AUD |
Australische dollar |
1,2312 |
|
CAD |
Canadese dollar |
1,3161 |
|
HKD |
Hongkongse dollar |
10,2176 |
|
NZD |
Nieuw-Zeelandse dollar |
1,5839 |
|
SGD |
Singaporese dollar |
1,6496 |
|
KRW |
Zuid-Koreaanse won |
1 480,80 |
|
ZAR |
Zuid-Afrikaanse rand |
10,1889 |
|
CNY |
Chinese yuan renminbi |
8,3088 |
|
HRK |
Kroatische kuna |
7,5780 |
|
IDR |
Indonesische roepia |
11 828,48 |
|
MYR |
Maleisische ringgit |
4,0078 |
|
PHP |
Filipijnse peso |
56,457 |
|
RUB |
Russische roebel |
39,7920 |
|
THB |
Thaise baht |
40,763 |
|
BRL |
Braziliaanse real |
2,2907 |
|
MXN |
Mexicaanse peso |
17,0668 |
|
INR |
Indiase roepie |
64,7750 |
(1) Rentevoet die is toegepast op de laatst uitgevoerde transactie voor de opgegeven dag. In geval van een tender met variabele rente, verwijst deze rentevoet naar de marginale interestvoet.
(2) Bron: door de Europese Centrale Bank gepubliceerde referentiekoers.
V Adviezen
BESTUURLIJKE PROCEDURES
Europese Commissie
|
2.2.2012 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 29/10 |
Oproep tot het indienen van voorstellen uit hoofde van het werkprogramma van het gezamenlijk Europees onderzoeksprogramma Metrologie (EMRP)
2012/C 29/07
Hierbij wordt de lancering aangekondigd van een oproep tot het indienen van voorstellen voor thematische gebieden en vervolgens voor gerelateerde projecten en subsidies voor geassocieerd onderzoeker uit hoofde van het werkprogramma van het Europees onderzoeksprogramma Metrologie.
Er worden voorstellen ingewacht voor de EMRP-oproep 2012 met de volgende thematische gebieden:
|
— |
Metrologie voor de industrie; |
|
— |
SI breder toepassingsgebied; |
|
— |
Open excellentie. |
Deze oproep behelst een proces in twee stappen voor gezamenlijke onderzoeksprojecten en voorziet in subsidiemogelijkheden voor onderzoekers.
|
|
Datum van publicatie |
Afsluitingsdatum |
||
|
2 februari 2012 |
18 maart 2012 |
||
|
18 juni 2012 |
1 oktober 2012 |
Documentatie over de oproep waaronder budget, een beschrijving van de thematische gebieden en nadere regels zijn beschikbaar via de volgende website:
http://www.emrponline.eu/call2012
|
2.2.2012 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 29/11 |
Oproep tot het indienen van voorstellen op grond van het werkprogramma Ideeën 2012 van het zevende EG-kaderprogramma voor activiteiten op het gebied van onderzoek, technologische ontwikkeling en demonstratie
2012/C 29/08
Hierbij wordt melding gemaakt van het openen van een oproep tot het indienen van voorstellen op grond van het werkprogramma Ideeën 2012 van het zevende kaderprogramma van de Europese Gemeenschap voor activiteiten op het gebied van onderzoek, technologische ontwikkeling en demonstratie (2007 tot 2013).
Voorstellen voor de volgende oproep kunnen nu ingediend worden. Voor de uiterste termijn van indiening en het beschikbare budget, zie de tekst van de oproep, gepubliceerd op de website van het deelnemersportaal.
Werkprogramma Ideeën
|
Titel van de oproep |
The ERC Proof of Concept Grant (ERO-subsidie voor experimenteel ontwerpen) |
|
Referentie van de oproep |
ERC-2012-PoC |
Deze oproep tot het indienen van voorstellen heeft betrekking op het werkprogramma dat is goedgekeurd bij Besluit C(2011) 4961 van de Commissie van 19 juli 2011.
Informatie over de voorwaarden van de oproep, het werkprogramma en een handleiding voor het indienen van voorstellen zijn beschikbaar via onderstaande website van de Europese Commissie:
http://ec.europa.eu/research/participants/portal/appmanager/participants/portal
GERECHTELIJKE PROCEDURES
EVA-Hof
|
2.2.2012 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 29/12 |
Verzoek van het Fürstliche Landgericht van 14 september 2011 om een advies aan het EVA-Hof, in de zaak Granville Establishment tegen Volker Anahlt, Melanie Anhalt en Jasmin Barbaro, geboren Anhalt
(Zaak E-13/11)
2012/C 29/09
Bij brief van 15 september 2011 heeft het Fürstliche Landgericht van Liechtenstein (Prinselijke rechtbank van Liechtenstein) bij het EVA-Hof een verzoek ingediend, dat bij de griffie van het Hof binnenkwam op 22 september 2011, om in de zaak Granville Establishment tegen Volker Anhalt, Melanie Anhalt en Jasmin Barbaro, geboren Anhalt, advies uit te brengen over de volgende rechtsvragen:
|
1. |
Kan een onderdaan van een EER-staat zich beroepen op een bepaling als afdeling 53a van de Jurisdictiewet van Liechtenstein, volgens welke onderdanen van Liechtenstein het recht hebben niet in het buitenland te worden vervolgd op grond van een jurisdictieovereenkomst, tenzij die overeenkomst werd gepubliceerd, en daaraan ook rechtstreeks het recht ontlenen om niet in Liechtenstein te worden vervolgd (en, derhalve, uit het gezichtspunt van die onderdaan, evenmin in het buitenland) op grond van een jurisdictieovereenkomst, tenzij deze werd gepubliceerd? |
|
2. |
Indien vraag 1 bevestigend wordt beantwoord, kan op dit recht een beroep worden gedaan in een zaak als deze, dat wil zeggen in burgerlijke zaken, en kan dit recht dus rechtstreeks worden aangevoerd bij een geschil tussen particuliere partijen? |
PROCEDURES IN VERBAND MET DE UITVOERING VAN HET GEMEENSCHAPPELIJK MEDEDINGINGSBELEID
Europese Commissie
|
2.2.2012 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 29/13 |
Voorafgaande aanmelding van een concentratie
(Zaak COMP/M.6413 — OJSC Power Machines/Toshiba/JV)
Voor een vereenvoudigde procedure in aanmerking komende zaak
(Voor de EER relevante tekst)
2012/C 29/10
|
1. |
Op 25 januari 2012 heeft de Commissie een aanmelding van een voorgenomen concentratie in de zin van artikel 4 van Verordening (EG) nr. 139/2004 van de Raad (1) ontvangen. Hierin is meegedeeld dat OJSC Power Machines („Power Machines”, Rusland) en Toshiba Corporation („Toshiba”, Japan) in de zin van artikel 3, lid 1, onder b), van de EG-concentratieverordening de gezamenlijke zeggenschap verkrijgen over een nieuw opgerichte gemeenschappelijke onderneming („JV”) door de verwerving van aandelen. |
|
2. |
De bedrijfswerkzaamheden van de betrokken ondernemingen zijn:
|
|
3. |
Op grond van een voorlopig onderzoek is de Commissie van oordeel dat de aangemelde concentratie binnen het toepassingsgebied van de EG-concentratieverordening kan vallen. Ten aanzien van dit punt wordt de definitieve beslissing echter aangehouden. Er zij op gewezen dat deze zaak in aanmerking kan komen voor de vereenvoudigde procedure zoals uiteengezet in de mededeling van de Commissie betreffende een vereenvoudigde procedure voor de behandeling van bepaalde concentraties krachtens de EG-concentratieverordening (2). |
|
4. |
De Commissie verzoekt belanghebbenden haar hun eventuele opmerkingen over de voorgenomen concentratie kenbaar te maken. Deze opmerkingen moeten de Commissie uiterlijk tien dagen na dagtekening van deze bekendmaking hebben bereikt. Zij kunnen per faxbericht (+32 22964301), per e-mail naar COMP-MERGER-REGISTRY@ec.europa.eu of per post, onder vermelding van zaaknummer COMP/M.6413 — OJSC Power Machines/Toshiba/JV, aan onderstaand adres worden toegezonden:
|
(1) PB L 24 van 29.1.2004, blz. 1 (de „EG-concentratieverordening”).
(2) PB C 56 van 5.3.2005, blz. 32 („mededeling betreffende een vereenvoudigde procedure”).
ANDERE HANDELINGEN
Europese Commissie
|
2.2.2012 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 29/14 |
Bekendmaking van een aanvraag overeenkomstig artikel 6, lid 2, van Verordening (EG) nr. 510/2006 van de Raad inzake de bescherming van geografische aanduidingen en oorsprongsbenamingen van landbouwproducten en levensmiddelen
2012/C 29/11
Deze bekendmaking verleent het recht om op grond van artikel 7 van Verordening (EG) nr. 510/2006 van de Raad (1) bezwaar aan te tekenen tegen de aanvraag. Bezwaarschriften moeten de Commissie bereiken binnen zes maanden te rekenen vanaf de datum van deze bekendmaking.
ENIG DOCUMENT
VERORDENING (EG) Nr. 510/2006 VAN DE RAAD
„DANBO”
EG-nummer: DK-PGI-0005-0830-05.10.2010
BGA ( X ) BOB ( )
1. Naam:
„Danbo”
2. Lidstaat of derde land:
Denemarken
3. Beschrijving van het landbouwproduct of levensmiddel:
3.1. Productcategorie:
|
Categorie 1.3. |
Kaas |
3.2. Beschrijving van het product waarvoor de in punt 1 vermelde naam van toepassing is:
Gerijpte, vaste kaas van koemelk. Melk en melkproducten van andere dieren zijn niet toegestaan.
Watergehalte (%): Hangt af van het vetgehalte in de droge stof, zie de tabel hieronder
|
Vet in de droge stof: |
Maximaal watergehalte |
||
|
56 % |
||
|
50 % |
Het vet in de droge stof wordt uitgedrukt als 30 + of 45 +. Bij Danbo-kazen met een vetgehalte in de droge stof van 30 % tot < 45 % moet het vetgehalte als onderdeel van de benaming worden vermeld. Een vetgehalte van 45 % in de droge stof wordt als referentie genomen bij vergelijkende voedingsclaims met betrekking tot het vetgehalte.
De overige karakteristieke kenmerken zijn:
|
|
De buitenzijde: Stevige korst met bacteriesmeer (korstflora). Het oppervlak kan gecoat zijn. |
|
|
Het zuivel: Kleur: Witachtig (of ivoorkleurig) tot lichtgeel Textuur: Hoewel de consistentie zacht en elastisch is, kan de kaas toch gemakkelijk worden gesneden. Structuur: Enkele of meerdere, gelijkmatig verspreide, mooi ronde, erwtgrote gaatjes met een doorsnee van doorgaans maximaal 10 mm, waarin enkele spleetachtige openingetjes uitmonden. Wanneer gebruik wordt gemaakt van kruiden/specerijen, zijn er veel minder ogen en zijn die tevens onregelmatiger van vorm. Geur en smaak: Zachte, lichtzure, aromatische en karakteristieke smaak als gevolg van de rijping onder invloed van de bacteriesmeer. Hoe ouder de kaas wordt, hoe feller hij gaat ruiken en smaken. |
|
|
Vorm: Plat en vierkant of rechthoekig. |
|
|
Het rijpen: De karakteristieke smaak en textuur van Danbo zijn het resultaat van 3 à 4 weken rijping bij 12 à 20 °C. Danbo-kazen kunnen vooraleer ze die leeftijd hebben bereikt door de producent naar een ander bedrijf worden gezonden om verdere bewerkingen — waaronder de rijping — te ondergaan of om te worden opgeslagen, maar de kazen mogen door het tweede bedrijf niet worden vrijgegeven vooraleer ze de minimumleeftijd hebben bereikt. |
|
|
Kruiden: Komijn mag aan de kaas worden toegevoegd op voorwaarde dat de additieven kenmerkend zijn voor de geur en smaak van de kaas en dat de naam van het belangrijkste kruid wordt opgenomen in de benaming van de kaas of aan de benaming wordt verbonden. |
3.3. Grondstoffen (alleen voor verwerkte producten):
—
3.4. Diervoeders (alleen voor producten van dierlijke oorsprong):
—
3.5. Specifieke onderdelen van het productieproces die in het afgebakende geografische gebied moeten plaatsvinden:
Danbo moet worden geproduceerd en gerijpt door kaasmakers in Denemarken. Met name de productiemethode omvat twee fasen waarbij van de conventionele technologie inzake zuivelbereiding wordt afgeweken. De eerste van deze fasen is die waarin de wrongel wordt bereid en begint bij het snijden van de wrongel en eindigt als hij is omgeroerd. De tweede fase is die waarin de Brevibacterium linens, na het zouten, op het kaasoppervlak groeit (rijping door bacteriesmeer). Deze fasen worden hieronder beschreven:
|
|
Bewerking van de wrongel na het snijden: Nadat de wrongel is gesneden worden er grote hoeveelheden water aan toegevoegd en wordt hij op een relatief lage temperatuur gepasteuriseerd. Door deze beide parameters zorgvuldig te controleren, is het mogelijk om een kaas te produceren met een vrij hoge minimale pH en een typisch hoog watergehalte, wat zorgt voor de kenmerkende consistentie. |
|
|
Kweek van Brevibacterium linens: De vrij hoge minimale pH is bevorderlijk voor de groei van Brevibacterium linens; de groei van de bacteriesmeer wordt ook sterk bevorderd doordat de kaas de eerste 7 à 10 dagen wordt opgeslagen in een ruimte met een temperatuur van 18 à 20 °C en een relatieve vochtigheid die dicht bij het dauwpunt ligt. Vervolgens wordt de kaas overgebracht naar een koudere en drogere opslagplaats. Typisch is dat het proces waarbij bacteriesmeer voor de rijping zorgt, wordt stopgezet door de bacteriesmeer weker te maken en af te wassen, hetgeen de oppervlakterijping vertraagt. |
3.6. Specifieke voorschriften betreffende het in plakken snijden, het raspen, het verpakken, enz.:
—
3.7. Specifieke voorschriften betreffende de etikettering:
—
4. Beknopte beschrijving van het afgebakende geografische gebied:
Denemarken
5. Verband met het geografische gebied:
5.1. Specificiteit van het geografische gebied:
Denemarken kan bogen op een lange, eervolle traditie van zuivelproductie. De productie van Danbo vormt reeds meer dan 100 jaar een integrerend onderdeel van het leerplan van Deense zuivelscholen. Deense zuivelspecialisten hebben bijgevolg een opleiding genoten om de nodige knowhow voor de productie van deze Deense kaasspecialiteit in huis te hebben.
Historische achtergrond:
In 1889 werd Rasmus Nielsen directeur van de zuivelfabriek Kirkeby op Funen. Hij was een hardwerkende zuivelfabrikant hetgeen onder meer blijkt uit het feit dat de zuivelfabriek werd erkend als opleidingsinstelling voor zuivelfabrikanten die een staatssubsidie ontvangen. In 1896 ontving hij van de Deense overheid een subsidie om in het buitenland de productie van kaas te bestuderen. De volgende winter ging hij in Duitsland in de leer en in het voorjaar van 1897 reisde hij naar Oost-Pruisen, de streek langs de grens met Rusland. De streek was een steppe met uitgestrekte weiden. De zuivelfabrieken die daar gevestigd waren, genoten als kaasmakerijen grote bekendheid.
Om, in het kader van deze studieperiode, zijn introductie in de zuivelfabrieken te vergemakkelijken, bezorgde professor Bøggild van de Koninklijke Deense Universiteit voor diergeneeskunde en landbouw hem een aanbevelingsbrief. Hij werd derhalve goed onthaald in de talrijke kleine zuivelfabrieken die Oost-Pruisen rijk was. Zijn taak bestond erin om, onder meer via het opsporen van documenten, zich de technieken eigen te maken waarvan gebruik werd gemaakt om de fijne kaasspecialiteiten te bereiden die op dat ogenblik in Oost-Pruisen in trek waren. Rasmus Nielsen verliet na enige tijd Oost-Pruisen en ging naar Nederland waar hij in een aantal kaasmakerijen in de productieafdeling aan de slag ging.
Hij keerde huiswaarts naar de zuivelfabriek in Kirkeby in de herfst van 1897 met een schat aan nieuwe kennis en ervaring. Eenmaal terug thuis probeerde hij meteen de dingen uit die hij had geleerd.
Hij was er van bij het begin van overtuigd dat hij niet één enkele kaassoort van die welke hij had gezien, wilde imiteren maar veeleer alle opgedane ervaring wilde bijeenbrengen om er een zeer speciale kaassoort mee te maken. Een compleet nieuwe kaas. Het speciale van de nieuwe kaas die door Rasmus Nielsen werd gemaakt, was dat het een vierkante, „opstukken” kaas was met oppervlakterijping dankzij een bijzondere bacteriesmeer. Destijds was het volledig nieuw voor een „opstukken” kaas om vierkant te zijn. Rijping onder invloed van bacteriesmeer was eveneens speciaal omdat hierbij een oplossing met bacterie- en gistculturen in de korst van de kaas werd gewreven.
De nieuwe kaas verkocht vlot en geleidelijk aan gingen verschillende zuivelfabrieken deze kaassoort maken. Vóór de tweede wereldoorlog werd kaas in Denemarken hoofdzakelijk voor de binnenlandse markt geproduceerd. Na de oorlog, en vooral in de jaren 50, steeg de kaasproductie en de toenemende uitvoer betekende dat Denemarken een plaats op de uitvoermarkten moest veroveren met typisch Deense kaasbenamingen zodat Deense kazen de aandacht konden trekken wanneer ze naast andere welbekende Deense landbouwproducten aan de man werden gebracht. Deze kaas kreeg de eervolle benaming Danbo. Dat is een van de redenen waarom Danbo in de Conventie van Stresa en later in de Codex Alimentarius is verankerd.
5.2. Specificiteit van het product:
Danbo is een van de meest typische Deense kazen en voor zuivelproducenten is het de typische „opstukken” kaas. Danbo heeft zijn hoogst eigen smaak. Die is mild, lichtzuur en aromatisch en wordt gekenmerkt door rijping onder invloed van bacteriesmeer. Het hoge watergehalte van Danbo, vergeleken met dat van andere, soortgelijke kazen, verleent deze kaas ook een zachtheid en soepelheid die bij andere kazen niet worden aangetroffen, terwijl hij toch gemakkelijk te snijden blijft.
5.3. Causaal verband tussen het geografische gebied en de kwaliteit of de kenmerken van het product (voor een BOB) dan wel een bepaalde hoedanigheid, de faam of een ander kenmerk van het product (voor een BGA):
De bescherming van Danbo als geografische aanduiding is gebaseerd op de karakteristieke productiemethode en op de reputatie van deze kaas.
Werkwijze voor het verkrijgen van het product:
Voor de productie van Danbo wordt gebruik gemaakt van een zeer speciaal rijpingsproces onder invloed van bacteriesmeer dat bekend staat als „de Deense methode”; hierbij wordt een bacteriesmeer aangebracht zodat er zowel van buitenuit als van binnenuit oppervlakterijping optreedt. Het rijpingsproces onder invloed van bacteriesmeer is van cruciaal belang voor de hoogst eigen smaak van deze kaas, een smaak waar de Denen zeer tuk op zijn maar die andere Europeanen niet in vervoering brengt. Bijzonder bij de productie van Danbo is het feit dat grote hoeveelheden water worden toegevoegd. De karakteristieke consistentie van de kaas moet gedeeltelijk hieraan worden toegeschreven. Leren hoe Danbo wordt gemaakt was, en is nog steeds, een volkomen normaal onderdeel van de opleiding zuivelbereiding in Denemarken en verwijzingen naar de bereiding van Danbo worden dan ook nog in heel wat opleidingsboeken aangetroffen. Reeds meer dan 100 jaar worden Deense zuivelfabrikanten, zuiveldeskundigen, zuiveltechnologen en -ingenieurs opgeleid om Danbo te maken. Gezien de gevestigde tradities die door de opleiding en door de speciale, in Denemarken toegepaste productie- en rijpingsmethode werden overgeleverd, moet Danbo door kaasmakers in Denemarken worden geproduceerd en gerijpt.
Reputatie:
In 1952 kregen 10 typische Deense kazen, waaronder de Danbo, Deense benamingen op grond van de Stresa Conventie en het besluit van het ministerie voor Landbouw nr. 80 van 13 maart 1952. De benamingen van de kazen en de bijbehorende omschrijvingen zijn heden ten dage nog van toepassing overeenkomstig besluit nr. 335 van 10 mei 2004 inzake zuivelproducten, enz.
De benaming Danbo is een combinatie van twee benamingen „Dan” en „Bo”. Dan is een Noorse term en is afgeleid van de naam „Danerne” (de Denen) en Bo betekent „de inwoner”. De benaming „Danbo” is dus de historische benaming voor een inwoner van Denemarken en de kaas werd met die benaming bedacht omdat hij volgens de Denen van alle Deense kazen de meest karakteristieke is.
Danbo wordt als een specialiteit van Deense oorsprong erkend. Volgens een recente enquête onder consumenten kennen de meeste Deense consumenten Danbo en associëren zij Danbo met Denemarken. Aangezien de productie en het verbruik van Danbo geconcentreerd zijn in Denemarken, is Danbo het best bekend bij de Deense consumenten. Uit de enquête bleek dat er over het geheel genomen weinig niet-Denen zijn die met Danbo vertrouwd zijn.
Het speciale karakter van de kaas, met name zijn zeer karakteristieke smaak en bijzondere consistentie, maken dat Danbo een kaas is als geen andere. Danbo is de kaas die in Denemarken het meest wordt gegeten. Wegens zijn specifieke karakter wordt de kaas haast uitsluitend door Denen gegeten.
Met een productie van meer dan 40 000 ton, is Danbo goed voor ongeveer 13 % van alle kaasproductie in Denemarken. De productie en het verbruik van Danbo zijn in Denemarken geconcentreerd en Danbo wordt momenteel beschouwd als de nationale kaas van Denemarken.
Er werd met Danbo deelgenomen aan tentoonstellingen en wedstrijden, zowel op nationaal als op internationaal vlak en de kaas sleepte een groot aantal prijzen in de wacht. Danbo was gedurende meer dan 100 jaar op alle nationale tentoonstellingen vertegenwoordigd; de recentste daarvan waren de nationale zuiveltentoonstelling en regionale tentoonstellingen in 2009. Er waren, en er zijn nog steeds, ontelbare reclamecampagnes die specifiek gericht zijn op Danbo; hij komt hierin aan bod als een unieke kaas die aan de vraag van de consument — die een goede kaas wenst die ook bijzonder geschikt is om in plakken te worden gesneden — voldoet. In vele internationale referentiewerken over kaas wordt naar de kaas van Deense oorsprong verwezen. Danbo duikt ook op in een groot aantal Deense recepten.
Verwijzing naar de bekendmaking van het productdossier:
(artikel 5 (7) van Verordening (EG) nr. 510/2006)
http://www.foedevarestyrelsen.dk/Foedevarer/Foedevarekvalitet/Beskyttede%20bet.%20og%20traditionelle%20specialiteter/Danske%20beskyttede%20produkter/Sider/Danske%20beskyttede%20produkter.aspx
(1) PB L 93 van 31.3.2006, blz. 12.
|
2.2.2012 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 29/19 |
Bekendmaking van een aanvraag overeenkomstig artikel 6, lid 2, van Verordening (EG) nr. 510/2006 van de Raad inzake de bescherming van geografische aanduidingen en oorsprongsbenamingen van landbouwproducten en levensmiddelen
2012/C 29/12
Deze bekendmaking verleent het recht om op grond van artikel 7 van Verordening (EG) nr. 510/2006 van de Raad (1) bezwaar aan te tekenen tegen de aanvraag. Bezwaarschriften moeten de Commissie bereiken binnen zes maanden te rekenen vanaf de datum van deze bekendmaking.
ENIG DOCUMENT
VERORDENING (EG) Nr. 510/2006 VAN DE RAAD
„SPALT SPALTER”
EG-nummer: DE-PDO-0005-0843-10.01.2011
BGA ( ) BOB ( X )
1. Naam:
„Spalt Spalter”
2. Lidstaat of derde land:
Duitsland
3. Beschrijving van het landbouwproduct of levensmiddel:
3.1. Productcategorie:
|
Categorie 1.8. |
Andere in bijlage I bij het Verdrag genoemde producten (specerijen enz.) |
3.2. Beschrijving van het product waarvoor de in punt 1 vermelde naam van toepassing is:
Hop maakt deel uit van de familie van de hennepgewassen (Cannabinaceae) en van de orde van de netelachtigen (urticeae). Het is een tweehuizige plant, d.w.z. dat elke plant uitsluitend mannelijke of uitsluitend vrouwelijke bloemen draagt. Alleen de vrouwelijke planten brengen vruchten voort, de zogenaamde hopbellen (Lupuli strobulus) die ook wel hopbloemen of hopbollen worden genoemd. De hopoogst vindt plaats van eind augustus tot midden september. De hop (hopbellen) wordt na de oogst gedroogd en met het oog op verwerking geperst en gekoeld.
De bescherming van de benaming „Spalt Spalter” waarom overeenkomstig Verordening (EG) nr. 510/2006 wordt verzocht, heeft uitsluitend betrekking op de gedroogde hopbellen (lupuli strobulus) en op de producten die daaruit worden vervaardigd, namelijk hopkorrels (pellets) of hopextract.
De verwerking tot hoppellets of hopextract heeft ten doel de ruwe hop met behoud van zijn kenmerken op te slaan en te zorgen voor een betere automatische dosering van de hop bij het gebruik in de brouwerij.
Voor de vervaardiging van hoppellets worden de hopbellen fijngemalen en vervolgens behoedzaam geperst zodat geen afbreuk wordt gedaan aan de oorspronkelijke kwaliteit van het product.
De hoppellets die in de handel bekend staan als Pellets Type 90 danken deze benaming aan het feit dat uit 100 kg ruwe hop zowat 90 kg pellets worden gewonnen.
De met lupuline (hopbitter) verrijkte hoppellets die onder de benaming Pellets Type 45 bekend zijn, worden verkregen door de mechanische verrijking van de lupulineklieren van de diepgevroren hop (– 35 °C). Dat procedé bestaat erin dat een gedeelte van het blad en van de spil van de hopbel uit het hoppoeder wordt verwijderd door zeven. Bij de vervaardiging van hoppellets worden aan de hop geen stoffen toegevoegd. De ruwe hop wordt slechts op fysisch-technisch vlak gewijzigd.
Bij de vervaardiging van hopextract wordt er — net zoals bij de hoppellets — op toegezien dat geen afbreuk wordt gedaan aan de oorspronkelijke kwaliteit. Sedert het begin van de jaren zeventig worden de hopbestanddelen op industriële wijze geëxtraheerd. Met het oog op een behoedzame extractie wordt voor het oplossen van de polaire hars- en oliebestanddelen in de hopbloemen gebruik gemaakt van vloeibaar of overkritisch CO2 dan wel van ethanol.
De op brouwtechnisch gebied belangrijkste ingrediënten van de hop
Bitterstoffen en etherische oliën zijn typische bestanddelen van de hop en bepalen de brouwwaarde. Minder belangrijk is het gehalte aan looistoffen. De bitterstoffen en etherische oliën worden in de lupulineklieren van de hopbellen aangetroffen. De looistoffen zitten hoofdzakelijk in de bladeren, de spillen en de stengels van de hopbellen.
Kwaliteit
Spalt Spalter voldoet aan de minimale kwaliteitseisen van de EU die krachtens Verordening (EEG) nr. 890/78 zijn vastgesteld voor het in de handel brengen van hopbellen en hopextracten. Ten genoegen van de brouwerijen worden de kwaliteit en de herkomst van de hop volledig gedocumenteerd door de certificering overeenkomstig Verordening (EEG) nr. 1696/71 en de daarbij behorende aanvullende verordeningen.
Soorten en ingrediënten
De verklaring voor de benaming „Spalt Spalter” is te vinden in het feit dat de benaming van de hopsoort steeds wordt voorafgegaan door de naam van het desbetreffende teeltgebied, wat in dit geval „Spalt Spalter” oplevert.
Mocht de hopsoort „Spalter” in een ander teeltgebied worden geteeld — wat momenteel niet het geval is — zou de naam van het teeltgebied die vóór de benaming van de hopsoort zou staan, duidelijk het verschil met de in het teeltgebied Spalt geteelde hopsoort aangeven. Zo zou bijvoorbeeld Spalter die in Hallertau zou worden geteeld „Hallertau Spalter” worden genoemd. Elk conflict tussen hop met de benaming „Spalt Spalter” waarvoor om bescherming wordt verzocht, en een andere hop is daardoor niet mogelijk. Op de ingrediënten wordt in punt 5 dieper ingegaan.
3.3. Grondstoffen (alleen voor verwerkte producten):
—
3.4. Diervoeders (alleen voor producten van dierlijke oorsprong):
—
3.5. Specifieke onderdelen van het productieproces die in het afgebakende geografische gebied moeten plaatsvinden:
De volledige productie van de ruwe hop tot en met de verpakking van de hopbellen door de hopteler, vindt plaats in het geografische gebied. Ook voor de vermeerdering van de hop „Spalt Spalter” mag slechts van moederplanten uit dit gebied gebruik worden gemaakt.
3.6. Specifieke voorschriften betreffende het in plakken snijden, het raspen, het verpakken, enz.:
—
3.7. Specifieke voorschriften betreffende de etikettering:
—
4. Beknopte omschrijving van de afbakening van het geografische gebied:
Het afgebakende geografische gebied stemt overeen met het hopteeltgebied Spalt. Dat gebied is omschreven in § 3 van de „Bayerische Verordnung zur Durchführung des Hopfengesetzes (BayHopfDV) (Quelle 4a)” (Beierse Verordening voor de tenuitvoerlegging van de hopwet). Volgens deze omschrijving omvat het teeltgebied Spalt de „Siegelbezirke” (districten binnen een hopteeltgebied met elk een eigen zegel) Spalt en Kinding.
Tot het „Siegelbezirk” Spalt behoren de volgende gemeenten:
Abenberg, Büchenbach, Georgensgmünd, Heideck, Röttenbach, Roth, Spalt, Absberg, Ellingen, Haundorf, Höttingen, Pfofeld, Pleinfeld, Mitteleschenbach, Neuendettelsau, Windsbach.
Tot het „Siegelbezirk” Kinding behoren de volgende gemeenten: Altmannstein (slechts de wijken Pondorf en Schamhaupten), Beilngries, Denkendorf, Kinding, Kipfenberg, Titting, Greding, Berching.
5. Verband:
5.1. Specificiteit van het geografische gebied:
De hopteelt in de regio Spalt verdrong in de middeleeuwen de tot op dat ogenblik gebruikelijke wijnbouw. In bepaalde plaatsen in Spalt zoals Grossweingarten wordt de hop geteeld in de vroegere wijngaarden. Het milde klimaat met 650 mm neerslag en 1 700 zonuren per jaar maakt het gebied Spalt tot een ideaal gebied voor de hopteelt. Diepe, lichte tot halfzware, gemakkelijk opwarmende gronden zorgen er voor de ideale omstandigheden voor deze teelt.
Hydrogeologisch kenmerkend voor het teeltgebied Spalt zijn de Keuperlaag uit zandsteen in de Frankische Jura en de bijbehorende „verkarste” of gespleten grondwatervoerende lagen. De gronden zijn overwegend zandachtig-lemig tot lemig-kleiïg met vaak een beperkte waterretentiecapaciteit. Op het heuvelige terrein worden de hoptuinen van oudsher aangelegd in de dalen waar ook wanneer de neerslag langer op zich laat wachten, waterreserves voorhanden zijn. Het teeltgebied Spalt ligt in een gebied waar vele kleine en middelgrote waterlopen ontspringen. Betrekkelijk gering is daarentegen het aandeel van de grotere stromen.
De telers van „Spalt Spalter” telen uitstekende hop voor de brouwerij-industrie. Het hopteeltgebied Spalt wordt tot de kleine maar fijnste en meest traditierijke hopteeltgebieden gerekend. Reeds meer dan 1 000 jaar wordt in dit gebied hop geteeld. De hop uit de stad Spalt is voorzien van het oudste waarmerk ter wereld. Het werd de stad Spalt in 1538 door de prins-bisschop van Eichstätt, Philipp von Pappenheim, verleend en getuigt van het kwaliteitsbewustzijn van de hoptelers van Spalt. Reeds in de middeleeuwen was de Spalt Spalter een gegeerde handelswaar. De sterk aromatische soorten uit het teeltgebied Spalt zijn uitstekend geschikt voor de vervaardiging van topbieren (Barth, Klinke, Schmidt (Der grosse Hopfenatlas, blz. 115 en volgende).
De teelt van de sterk aromatische soort „Spalter” kan op een bijzondere traditie bogen. Deze soort is een landsoort van de „Saazer Formenkreis” (variëteitengroep van Saaz) (Spalter, Tettnanger, Saazer) die reeds eeuwenlang in de buurt van Spalt werd geteeld en ook nu nog — haast uitsluitend in het teeltgebied Spalt — wordt geproduceerd. Onder invloed van het klimaat en de geologische kenmerken van het gebied heeft zich hier uit de landsoort een voor het gebied typische soort ontwikkeld. Dankzij kloonselectie werden de kwaliteit, de uniformiteit en het aroma voortdurend verbeterd. De door de eeuwen heen gegroeide knowhow en de gunstige klimaatomstandigheden in het teeltgebied Spalt hebben ertoe geleid dat in dit gebied een aromahopsoort is ontstaan die uniek is ter wereld, op internationaal vlak een uitstekende faam geniet en door de grote brouwerijen voor de productie van eersteklas bieren zeer wordt gewaardeerd omdat zij in de smaak van het eindproduct op bijzondere wijze tot uiting komt.
5.2. Specificiteit van het product:
Aan de basis van het unieke karakter van de „Spalt Spalter” liggen de speciale teeltomstandigheden die het gevolg zijn van de bodemgesteldheid en het klimaat. Deze teeltomstandigheden zijn er verantwoordelijk voor dat de „Spalt Spalter” elders niet dezelfde kwaliteit en hoogwaardigheid zou hebben en niet hetzelfde rendement zou opleveren. Met name het gehalte aan werkzame stoffen en de groei ondergaan een beslissende invloed van de bodemgesteldheid en van het klimaat. Een typisch kenmerk van de hop „Spalt Spalter” zijn de zeer fijne aromastoffen. Het myrceengehalte bedraagt ongeveer 20 à 35 %. Kenmerkend zijn de grote hoeveelheden farneseen (10 à 20 %) die bij aromahop uit andere teeltgebieden niet in die mate worden aangetroffen. Het hoge farneseengehalte vormt samen met het betrekkelijk lage alfabitterzuren-gehalte (2,5 à 5,5 %) en betazuren-gehalte (3,0 à 5,0 %) een karakteristiek geheel dat in het aroma van de „Spalt Spalter” zeer duidelijk tot uiting komt en het ook zeer uniek maakt. Dit verband tussen de teeltomstandigheden en de typische kenmerken van de hop verklaart waarom de beschermde oorsprongsbenaming slechts op de soort „Spalt Spalter” mag worden toegepast.
Dankzij de bodemgesteldheid en het bijzondere klimaat in het teeltgebied — met gemiddeld 1 700 zonuren/jaar en gemiddeld slechts 650 mm neerslag/jaar — onderscheidt de „Spalt Spalter” zich vooral door het hoge farneseengehalte van de meeste andere hopsoorten en oorsprongsgebieden. Bovendien onderscheidt de „Spalt Spalter” zich wat zijn totale samenstelling betreft door zijn zeer intens en fijn hoparoma dat als geurig, fruitig en kruidig kan worden getypeerd. Dat leidt tot een bier dat als totaalindruk de harmonisch afgeronde, aanhoudend volle en milde intensiteit van de hopbloem oproept (zie de „Sortenmappe” van de Centrale Marketing-Gesellschaft der deutschen Agrarwirtschaft met aromakeuringen en brouwproeven).
Op verscheidene beurzen en tentoonstellingen heeft „Spalt Spalter” keer op keer een goede beurt gemaakt. In verband met de belangrijkste kwaliteitskenmerken van de Duitse hopsoorten wordt erop gewezen dat „Spalt Spalter” tot de top van de aromahop behoort. Op talrijke hopbeurzen scoorde de „Spalt Spalter” uitstekend wat zijn aroma en algemene eigenschappen betreft.
5.3. Causaal verband tussen het geografische gebied en de kwaliteit of de kenmerken van het product (voor een BOB) dan wel een bepaalde hoedanigheid, de faam of een ander kenmerk van het product (voor een BGA):
De bodem en het zachte klimaat in het teeltgebied Spalt hebben samen met de eeuwenlang geëvolueerde knowhow waarover de hoptelers beschikken, een wereldwijd unieke aromahopsoort met volledig eigen kenmerken doen ontstaan die ook vandaag nog bijna uitsluitend in het teeltgebied Spalt wordt geteeld en die, wegens de delicate wijze waarop zij de smaak van het bier kleurt, op internationale waardering kan rekenen.
Het klimaat in het vroegere wijnbouwgebied Spalt met zijn 1 700 zonuren per jaar en slechts 650 mm neerslag per jaar laat zijn sporen na in de hopplanten die gedijen op de zandige, doorwortelbare gronden. Aan de basis van het unieke karakter van de hop „Spalt Spalter” liggen de bijzondere natuurlijke omstandigheden in het teeltgebied Spalt (zie ook 5.2 Specificiteit van het product).
Het is te danken aan de combinatie van bepaalde omstandigheden in het teeltgebied Spalt, namelijk de matige neerslag, de temperatuur, het bodemprofiel, de ligging boven de zeespiegel, het aantal zonuren en de wateraanvoer uit kleine rivieren dat de „Spalt Spalter” met zijn unieke kenmerken en kwaliteit kan worden geteeld. In andere gebieden waar hop wordt geteeld, zorgen fundamentele teeltomstandigheden steeds voor het verschil (bijv. andere steenformaties of een andere bodemgesteldheid, minder zonuren of heuvelig terrein met weinig dalen).
Bewijs van de oorsprong
De hopindustrie is gemeenschappelijke criteria voor de organisatie en de uitvoering van het kwaliteitsonderzoek overeengekomen en deze hebben hun beslag gekregen in de richtlijnen van de „Arbeitsgruppe neutrale Qualitätsfeststellung”. Alle marktdeelnemers hebben met deze resultaten ingestemd. De neutrale vaststelling van de kwaliteit staat er samen met de aan het traditionele zegel (Siegel) gekoppelde documentatie over de herkomst en de traceerbaarheid van de hop garant voor dat de herkomstgebieden van dit product duidelijk afgebakend zijn. De teler weegt, merkt en verzegelt (= voorziet van een loden zegel) de geteelde hop onder toezicht. Hij stelt een verklaring op — de zogenaamde oorkonde waarvan de hop vergezeld gaat — waarin de hoeveelheid, het gewicht en de herkomst van de hop worden vermeld.
De „Spalt Spalter” wordt in de „Siegelhalle” (loods waar de hop wordt gekoeld) of op het bedrijf waar de hop wordt geteeld door „Siegelbeamten” met inachtneming van gecertificeerde beginselen verzegeld. Zonder zegeloorkonde kan de hop niet verder worden verwerkt of in de handel worden gebracht.
Verwijzing naar de bekendmaking van het productdossier:
(Artikel 5, lid 7, van Verordening (EG) nr. 510/2006)
Markenblatt Heft 01 van 7 januari 2011, deel 7c, blz. 490
(http://www.register.dpma.de/dpmaregister/geo/detail.pdfdownload/17400)
(1) PB L 93 van 31.3.2006, blz. 12.
Rectificaties
|
2.2.2012 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 29/23 |
Rectificatie van de Mededeling van de Commissie overeenkomstig artikel 17, lid 5, van Verordening (EG) nr. 1008/2008 van het Europees Parlement en de Raad inzake gemeenschappelijke regels voor de exploitatie van luchtdiensten in de Gemeenschap
Aanbesteding met betrekking tot de exploitatie van geregelde luchtdiensten overeenkomstig openbaredienstverplichtingen als bekendgemaakt in het PB C 53 van 19 februari 2011
( Publicatieblad van de Europese Unie C 18 van 21 januari 2012 )
2012/C 29/13
In de inhoudsopgave en op bladzijde 12 in de titel:
in plaats van:
„… PB C 53 van 19 februari 2011”,
te lezen:
„… PB C 18 van 21 januari 2012”.