|
ISSN 1725-2474 doi:10.3000/17252474.C_2010.187.nld |
||
|
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 187 |
|
|
||
|
Uitgave in de Nederlandse taal |
Mededelingen en bekendmakingen |
53e jaargang |
|
Nummer |
Inhoud |
Bladzijde |
|
|
II Mededelingen |
|
|
|
MEDEDELINGEN VAN DE INSTELLINGEN, ORGANEN EN INSTANTIES VAN DE EUROPESE UNIE |
|
|
|
Europese Commissie |
|
|
2010/C 187/01 |
||
|
2010/C 187/02 |
Besluit om geen bezwaar aan te tekenen tegen een aangemelde concentratie (Zaak COMP/M.5789 — Geely/Daqing/Volvo Cars) ( 1 ) |
|
|
|
IV Informatie |
|
|
|
INFORMATIE AFKOMSTIG VAN DE INSTELLINGEN, ORGANEN EN INSTANTIES VAN DE EUROPESE UNIE |
|
|
|
Europese Commissie |
|
|
2010/C 187/03 |
||
|
|
Administratieve Commissie voor de coördinatie van de socialezekerheidsstelsels |
|
|
2010/C 187/04 |
Besluit nr. E2 van 3 maart 2010 betreffende het instellen van een procedure voor het beheren van wijzigingen die van toepassing is op de gegevens van de in artikel 1 van Verordening (EG) nr. 883/2004 van het Europees Parlement en de Raad gedefinieerde organen, welke zijn opgenomen in het elektronische repertorium dat deel uitmaakt van EESSI ( 2 ) |
|
|
|
V Adviezen |
|
|
|
PROCEDURES IN VERBAND MET DE UITVOERING VAN HET GEMEENSCHAPPELIJK MEDEDINGINGSBELEID |
|
|
|
Europese Commissie |
|
|
2010/C 187/05 |
Steunmaatregel van de Staten — Bulgarije — Steunmaatregel C 12/10 (ex N 389/09) — Uitstel van betaling en herschikking van schulden van Ruse Industry — Uitnodiging overeenkomstig artikel 108, lid 2, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie om opmerkingen te maken ( 1 ) |
|
|
2010/C 187/06 |
Voorafgaande aanmelding van een concentratie (Zaak COMP/M.5901 — Montagu/GIP/Greenstar) ( 1 ) |
|
|
2010/C 187/07 |
Voorafgaande aanmelding van een concentratie (Zaak COMP/M.5826 — Anglo Irish Bank/RBS/Arnotts) ( 1 ) |
|
|
|
ANDERE HANDELINGEN |
|
|
|
Europese Commissie |
|
|
2010/C 187/08 |
||
|
|
|
|
|
(1) Voor de EER relevante tekst |
|
|
(2) Voor de EER en voor de overeenkomst EU/Zwitserland relevante tekst |
|
NL |
|
II Mededelingen
MEDEDELINGEN VAN DE INSTELLINGEN, ORGANEN EN INSTANTIES VAN DE EUROPESE UNIE
Europese Commissie
|
10.7.2010 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 187/1 |
Mededeling van de Commissie over de in het kader van bepaalde door de Europese Unie geopende contingenten voor producten in de sector rijst beschikbare hoeveelheid voor de deelperiode september 2010
2010/C 187/01
Bij Verordening (EU) nr. 1274/2009 van de Commissie (1) zijn tariefcontingenten geopend voor de invoer van rijst van oorsprong uit de landen en gebieden overzee (LGO). In de eerste zeven dagen van mei 2010 zijn geen invoercertificaataanvragen voor de contingenten met de volgnummers 09.4189 en 09.4190 ingediend.
Overeenkomstig artikel 7, lid 4, tweede zin, van Verordening (EG) nr. 1301/2006 van de Commissie (2) moeten de hoeveelheden waarvoor geen aanvragen zijn ingediend, worden toegevoegd aan de hoeveelheid voor de volgende deelperiode.
Overeenkomstig artikel 1, lid 5, tweede alinea, van Verordening (EU) nr. 1274/2009 deelt de Commissie vóór de vijfentwintigste dag van de laatste maand van een deelperiode mee welke hoeveelheden beschikbaar zijn voor de daaropvolgende deelperiode.
Als gevolg daarvan wordt de totale in het kader van de contingenten met de volgnummers 09.4189 en 09.4190 beschikbare hoeveelheid voor de deelperiode september 2010, als bedoeld in Verordening (EU) nr. 1274/2009, vastgesteld in de bijlage bij de onderhavige mededeling.
(1) PB L 344 van 23.12.2009, blz. 3.
(2) PB L 238 van 1.9.2006, blz. 13.
BIJLAGE
Beschikbare hoeveelheid voor de volgende deelperiode als bedoeld in Verordening (EU) nr. 1274/2009
|
Oorsprong |
Volgnummer |
Voor de deelperiode mei 2010 ingediende invoercertificaataanvragen |
Totale beschikbare hoeveelheid voor de deelperiode september 2010 (in kg) |
|
Nederlandse Antillen en Aruba |
09.4189 |
24 815 000 |
|
|
Minst ontwikkelde LGO |
09.4190 |
10 000 000 |
(1) Geen toepassing van een toewijzingscoëfficiënt voor deze deelperiode: de Commissie heeft geen enkele certificaataanvraag ontvangen.
|
10.7.2010 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 187/3 |
Besluit om geen bezwaar aan te tekenen tegen een aangemelde concentratie
(Zaak COMP/M.5789 — Geely/Daqing/Volvo Cars)
(Voor de EER relevante tekst)
2010/C 187/02
Op 6 juli 2010 heeft de Commissie besloten zich niet te verzetten tegen bovenvermelde aangemelde concentratie en deze verenigbaar met de gemeenschappelijke markt te verklaren. Deze beschikking is gebaseerd op artikel 6, lid 1, onder b), van Verordening (EG) nr. 139/2004 van de Raad. De volledige tekst van de beschikking is slechts beschikbaar in het Engels en zal openbaar worden gemaakt na verwijdering van eventuele bedrijfsgeheimen. De tekst is beschikbaar:
|
— |
op de website Concurrentie van de Commissie, afdeling fusies (http://ec.europa.eu/competition/mergers/cases/). Deze website biedt verschillende hulpmiddelen om individuele concentratiebeschikkingen op te zoeken, onder meer op: naam van de onderneming, nummer van de zaak, datum en sector; |
|
— |
in elektronische vorm op de EUR-Lex-website (http://eur-lex.europa.eu/en/index.htm) onder documentnummer 32010M5789. EUR-Lex biedt online-toegang tot de communautaire wetgeving. |
IV Informatie
INFORMATIE AFKOMSTIG VAN DE INSTELLINGEN, ORGANEN EN INSTANTIES VAN DE EUROPESE UNIE
Europese Commissie
|
10.7.2010 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 187/4 |
Wisselkoersen van de euro (1)
9 juli 2010
2010/C 187/03
1 euro =
|
|
Munteenheid |
Koers |
|
USD |
US-dollar |
1,2637 |
|
JPY |
Japanse yen |
111,85 |
|
DKK |
Deense kroon |
7,4553 |
|
GBP |
Pond sterling |
0,83600 |
|
SEK |
Zweedse kroon |
9,4767 |
|
CHF |
Zwitserse frank |
1,3331 |
|
ISK |
IJslandse kroon |
|
|
NOK |
Noorse kroon |
8,0420 |
|
BGN |
Bulgaarse lev |
1,9558 |
|
CZK |
Tsjechische koruna |
25,360 |
|
EEK |
Estlandse kroon |
15,6466 |
|
HUF |
Hongaarse forint |
280,24 |
|
LTL |
Litouwse litas |
3,4528 |
|
LVL |
Letlandse lat |
0,7088 |
|
PLN |
Poolse zloty |
4,0699 |
|
RON |
Roemeense leu |
4,2373 |
|
TRY |
Turkse lira |
1,9628 |
|
AUD |
Australische dollar |
1,4452 |
|
CAD |
Canadese dollar |
1,3072 |
|
HKD |
Hongkongse dollar |
9,8283 |
|
NZD |
Nieuw-Zeelandse dollar |
1,7854 |
|
SGD |
Singaporese dollar |
1,7449 |
|
KRW |
Zuid-Koreaanse won |
1 513,12 |
|
ZAR |
Zuid-Afrikaanse rand |
9,5681 |
|
CNY |
Chinese yuan renminbi |
8,5597 |
|
HRK |
Kroatische kuna |
7,2056 |
|
IDR |
Indonesische roepia |
11 429,32 |
|
MYR |
Maleisische ringgit |
4,0382 |
|
PHP |
Filipijnse peso |
58,359 |
|
RUB |
Russische roebel |
39,0275 |
|
THB |
Thaise baht |
40,868 |
|
BRL |
Braziliaanse real |
2,2266 |
|
MXN |
Mexicaanse peso |
16,1465 |
|
INR |
Indiase roepie |
58,9710 |
(1) Bron: door de Europese Centrale Bank gepubliceerde referentiekoers.
Administratieve Commissie voor de coördinatie van de socialezekerheidsstelsels
|
10.7.2010 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 187/5 |
BESLUIT Nr. E2
van 3 maart 2010
betreffende het instellen van een procedure voor het beheren van wijzigingen die van toepassing is op de gegevens van de in artikel 1 van Verordening (EG) nr. 883/2004 van het Europees Parlement en de Raad gedefinieerde organen, welke zijn opgenomen in het elektronische repertorium dat deel uitmaakt van EESSI
(Voor de EER en voor de overeenkomst EU/Zwitserland relevante tekst)
2010/C 187/04
DE ADMINISTRATIEVE COMMISSIE VOOR DE COÖRDINATIE VAN DE SOCIALEZEKERHEIDSSTELSELS,
Gelet op artikel 72, onder d), van Verordening (EG) nr. 883/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2004 betreffende de coördinatie van de socialezekerheidsstelsels (1), uit hoofde waarvan de Administratieve Commissie verantwoordelijk is voor de vaststelling van gemeenschappelijke structurele voorschriften voor de voorzieningen voor elektronische uitwisseling en voor de ontwikkeling van voorschriften voor de werking van het gemeenschappelijk gedeelte van deze voorzieningen,
Gelet op artikel 88 van Verordening (EG) nr. 987/2009 van het Europees Parlement en de Raad (2) (hierna „toepassingsverordening” genoemd),
Handelend overeenkomstig artikel 71, lid 2, van Verordening (EG) nr. 883/2004,
Overwegende hetgeen volgt:
|
(1) |
Eén van de elementen bij de modernisering van het systeem voor coördinatie van de nationale socialezekerheidsstelsels betreft het opzetten van een elektronische repertorium waarin de gegevens zijn opgenomen over de nationale organen die betrokken zijn bij de toepassing van de Verordeningen (EG) nr. 883/2004 en (EG) nr. 987/2009 (hierna „toepassingsverordening” genoemd). |
|
(2) |
De lidstaten zijn verantwoordelijk voor het invoeren van hun eigen nationale contactgegevens in het elektronische repertorium en voor het actueel houden van deze informatie. |
|
(3) |
De lidstaten moeten ervoor zorgen dat de gegevens in hun lokale kopieën van het elektronische repertorium dagelijks worden gesynchroniseerd met de gegevens die zijn opgeslagen op de door de Europese Commissie beheerde moederkopie van het elektronische repertorium. |
|
(4) |
Het is nodig een procedure voor het beheren van wijzigingen in te stellen die waarborgt dat de in het elektronische repertorium opgenomen gegevens op een gestructureerde, consistente, controleerbare en tijdige manier worden verwerkt. |
BESLUIT:
|
1. |
In dit besluit worden regels vastgesteld voor een procedure voor het beheren van wijzigingen met betrekking tot gegevens van bevoegde autoriteiten, nationale organen, verbindingsorganen en toegangspunten, zoals gedefinieerd in artikel 1, onder m), q) en r), van Verordening (EG) nr. 883/2004 en artikel 1, lid 2, onder a) en b), van de toepassingsverordening. |
|
2. |
De procedure voor het beheren van wijzigingen is van toepassing op de gegevens die zijn opgenomen in de Master Directory van het door de Europese Commissie beheerde elektronische repertorium en op de lokale kopieën die in de lidstaten zijn ondergebracht. |
|
3. |
Elke lidstaat wijst een persoon aan die verantwoordelijk is voor het invoeren van de wijzigingen in de moederkopie van het elektronische repertorium en voor het actualiseren van de lokale kopieën. |
|
4. |
Elke lidstaat wijst eveneens een centraal contactpunt voor EESSI aan voor elk toegangspunt (Access Point Single Point of Contact, enig contactpunt per toegangspunt, hierna AP SPOC genoemd). Dit is het eerste contactpunt voor de organen die verbonden zijn met dat toegangspunt. |
|
5. |
Elke lidstaat stelt, ten minste één kalendermaand voordat een wijziging van kracht wordt, de Administratieve Commissie via haar secretariaat in kennis van wijzigingen van substantiële aard in de gegevens met betrekking tot zijn bevoegde autoriteiten, nationale organen, verbindingsorganen of toegangspunten. De kennisgeving kan aan het secretariaat worden gericht. Kleine wijzigingen kunnen zonder voorafgaande kennisgeving in de Master Directory van het elektronische repertorium worden ingevoerd. |
|
6. |
Voor het doel van deze procedure wordt een substantiële wijziging gedefinieerd als een wijziging die de toepassing van de verordeningen, en daarmee de coördinatie, op negatieve wijze beïnvloedt in die zin dat de verzending of routering van gestructureerde elektronische documenten (SED’s) aan het betrokken orgaan of de betrokken instelling hinder kan ondervinden. Een substantiële wijziging houdt onder meer in:
|
|
7. |
Indien een substantiële wijziging één van de onder punt a), b), of c) genoemde wijzigingen betreft, geeft de lidstaat aan welk orgaan, instelling of toegangspunt de desbetreffende functie of bevoegdheid overneemt en op welke datum de wijziging van kracht wordt. |
|
8. |
Na ontvangst van de kennisgeving van een substantiële wijziging stelt het secretariaat de Administratieve Commissie en de AP SPOC's van de wijziging en het moment waarop deze van kracht wordt in kennis. |
|
9. |
Overeenkomstig artikel 9 van de procedureregels van de Administratieve Commissie, hebben de leden van de Administratieve Commissie de mogelijkheid te verklaren dat zij bezwaar hebben tegen de wijziging of dat zij zich van stemming onthouden. Indien er een bezwaar is geuit, wordt de wijziging besproken tijdens de eerstvolgende vergadering van de Administratieve Commissie. |
|
10. |
De lidstaten zorgen ervoor dat de lokale kopieën van de Directory Services dagelijks met de moederkopie van het elektronische repertorium worden gesynchroniseerd. De synchronisatie van de lokale replica's vindt plaats tussen 01.00 a.m. en 03.00 a.m. CET. |
|
11. |
De Administratieve Commissie evalueert binnen één jaar na de bekendmaking van het besluit in het Publicatieblad de ervaringen van de lidstaten met de toepassing van dit besluit. |
|
12. |
Dit besluit wordt bekendgemaakt in het Publicatieblad van de Europese Unie. Het is van toepassing met ingang van de eerste dag van de tweede maand na de bekendmaking daarvan. |
De Voorzitter van de Administratieve Commissie
José Maria MARCO GARCÍA
(1) PB L 166 van 30.4.2004, blz. 1.
(2) PB L 284 van 30.10.2009, blz. 1.
V Adviezen
PROCEDURES IN VERBAND MET DE UITVOERING VAN HET GEMEENSCHAPPELIJK MEDEDINGINGSBELEID
Europese Commissie
|
10.7.2010 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 187/7 |
STEUNMAATREGEL VAN DE STATEN — BULGARIJE
Steunmaatregel C 12/10 (ex N 389/09) — Uitstel van betaling en herschikking van schulden van Ruse Industry
Uitnodiging overeenkomstig artikel 108, lid 2, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie om opmerkingen te maken
(Voor de EER relevante tekst)
2010/C 187/05
De Commissie heeft Bulgarije bij schrijven van 14 mei 2010, dat na deze samenvatting in de authentieke taal is weergegeven, in kennis gesteld van haar besluit tot inleiding van de procedure van artikel 108, lid 2, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie ten aanzien van de bovengenoemde steunmaatregel.
Belanghebbenden kunnen hun opmerkingen over de betrokken steunmaatregel ten aanzien waarvan de Commissie de procedure inleidt, maken door deze binnen een maand vanaf de datum van deze bekendmaking te zenden aan:
|
Europese Commissie |
|
Directoraat-generaal Concurrentie |
|
Griffie staatssteun |
|
1049 Brussel |
|
BELGIË |
|
Fax +32 22961242 |
Deze opmerkingen zullen ter kennis van Bulgarije worden gebracht. Een belanghebbende die opmerkingen maakt, kan, met opgave van redenen, schriftelijk verzoeken om vertrouwelijke behandeling van zijn identiteit.
TEKST VAN DE SAMENVATTING
1. PROCEDURE
Op 30 juni 2009 hebben de Bulgaarse autoriteiten een herstructureringsmaatregel aangemeld ten gunste van Ruse Industry AD, in de vorm van uitstel van betaling en herschikking van schulden aan de overheid ten bedrage van 9,85 miljoen EUR. Bulgarije is van mening dat de voorgenomen maatregel als herstructureringssteun verenigbaar is met de interne markt op grond van de richtsnoeren reddings- en herstructureringssteun.
2. BESCHRIJVING
Ruse Industry houdt zich bezig met de productie en reparatie van metalen structuren en elementen, evenals met de vervaardiging van kranen en scheepsuitrusting. De onderneming had in 2009 196 werknemers. De voorgenomen herschikking betreft schulden die voortvloeien uit in 1996 gesloten leningovereenkomsten. Een herschikking van de hoofdsom heeft reeds in 1999 en 2001 plaatsgevonden.
3. BEOORDELING
In deze fase van de beoordeling is de Commissie er niet van overtuigd dat de onderneming voor herstructureringssteun in aanmerking komt, omdat het beginsel van de eenmalige steun niet lijkt te zijn gerespecteerd aangezien reeds eerder een schuldherschikking heeft plaatsgevonden. Ook hebben de Bulgaarse autoriteiten geen nadere toelichting gegeven inzake de situatie van de groep waartoe Ruse Industry behoort. Ten tweede is niet aangetoond dat aan de voorwaarden voor herstructureringssteun is voldaan. Uit het door de onderneming ingediende plan blijkt niet duidelijk hoe zij haar levensvatbaarheid op lange termijn zal kunnen herstellen, en verder valt te betwijfelen of de eigen bijdrage van de onderneming de door de richtsnoeren reddings- en herstructureringssteun voorgeschreven drempel van 50 % bereikt. Bovendien heeft Bulgarije tot dusverre geen concrete compenserende maatregelen voorgesteld.
Tenslotte roept de herschikking van de schulden aan de overheid die sinds 2001 ten gunste van Ruse Industry is uitgevoerd niet alleen de vraag op of het beginsel inzake het eenmalige karakter van steun is geschonden, maar ook of de onderneming vanaf 1 januari 2007, de datum van toetreding van Bulgarije tot de EU, voorafgaand aan de aangemelde herstructureringsmaatregel onverenigbare staatssteun heeft ontvangen.
4. CONCLUSIE
Gezien het bovenstaande heeft de Commissie besloten de formele onderzoekprocedure van artikel 108, lid 2, VWEU in te leiden ten aanzien van de bovengenoemde maatregel.
TEKST VAN DE BRIEF
„Европейската комисия желае да уведоми България, че след като разгледа информацията, предоставена от българските органи относно горепосочената мярка, за която България е подала уведомление съгласно член 108, параграф 3 от Договора за функционирането на Европейския съюз („ДФЕС“) (1), реши да открие процедурата, посочена в член 108, параграф 2 от ДФЕС.
I. ПРОЦЕДУРА
|
(1) |
На 30 юни 2009 г. българските органи уведомиха за мярка за преструктуриране в полза на „Русе индъстри“ АД (по-нататък „РИ“) под формата на разсрочване и отсрочване на публично задължение в размер на 9,85 млн. EUR. |
|
(2) |
Тъй като уведомлението не съдържаше съществена информация за оценка на мярката, на 28 юли 2009 г. до българските органи беше изпратен подробен въпросник. На 24 август 2009 г. България отговори частично и в същото писмо поиска удължаване на срока, което беше разрешено с писмо от 28 август 2009 г. На 30 септември 2009 г. България предостави още информация. На 27 ноември 2009 г. Комисията поиска още пояснения, които България предостави на 15 декември 2009 г. На 20 декември 2009 г. още веднъж беше разрешено удължаване на срока за попълване на липсващата информация. На 17 февруари 2010 г. България предостави още информация. |
II. ОПИСАНИЕ
II.1. Получателят
|
(3) |
Получател на планираната помощ е РИ — предприятие, създадено през 1991 г. със седалище в град Русе (2), България. То е активно в производството и ремонта на метални структури и елементи, както и в производството на кранове и съоръжения за морски съдове. Предприятието е приватизирано през април 1999 г., като 80 % от неговите акции са продадени на Rousse (3) Beteiligungsgesellschaft mbH (по-нататък „R GmbH“), Rostock, Германия. |
|
(4) |
Според българските органи РИ е предприятие наследник (4) на бившето „Русенска корабостроителница“ АД (по-нататък „РК“). Според годишния доклад за 2008 г., предоставен от българските органи, дяловата структура на РК е следната: Таблица 1: Структура на собствеността в РК според годишния доклад за 2008 г.
|
|
(5) |
Българските органи изтъкнаха, че РИ има две дъщерни дружества: изцяло притежаваното H + S TP — търговско представителство в Германия, и RSR OOD (Ruse Shipyard Repair Ltd.) — предприятие за ремонт на кораби, от което РИ притежава 51 %. |
|
(6) |
Понастоящем съществува също и предприятие, наречено „Корабостроителница Русе“ АД, но според българските органи то няма правна връзка с получателя и двете предприятия са в търговски взаимоотношения; поне това е информацията, която българските органи са предоставили на 15 декември 2009 г. В по-ранно писмо (от 30 септември 2009 г.) обаче българските органи споменават, че „Корабостроителница Русе“ АД е 100 % дъщерно дружество на РИ. Освен това в годишния доклад от 2008 г. ясно е посочено, че „Корабостроителница Русе“ ЕАД е създадено от и учредено като предприятие отделно от РК. |
|
(7) |
Годишният доклад от 2008 г. изброява следните дъщерни дружества. Таблица 2: Дъщерни дружества на РК според годишния доклад за 2008 г.
|
II.2. История на публичното задължение
|
(8) |
Понастоящем, според информацията на българските органи, РИ дължи на държавата сумата от 9,85 млн. EUR. |
|
(9) |
Дългът произлиза от споразумения (5) за заеми, датиращи от 1996 г. и 1997 г., между Държавен фонд за реконструкция и развитие (по-нататък „ДФРР“) и РК относно главница, която по онова време е възлизала на 8,45 млн. USD. |
|
(10) |
През април 1999 г. е сключено споразумение („Разсрочване 1999 г.“) между Министерството на финансите (6) (по-нататък „МФ“) и R GmbH, съгласно което 8 млн. USD от гореописания дълг плюс натрупаната лихва се превалутират (7) в евро и R GmbH се задължава да погаси вземането при условията на разсрочено плащане за срок от 1 декември 2000 г. до 30 юни 2015 г. |
|
(11) |
На 21 май 2001 г. МФ и РК сключват друго споразумение („Разсрочване 2001 г.“), с което са предоговорени задълженията на получателя към държавата (8), включително лихвите, до 30 септември 2015 г. с гратисен период до 30 септември 2005 г. |
|
(12) |
Според споразумението от 2001 г. цялото задължение се преизчислява (9): главницата става 7,97 млн. EUR, а лихвата (натрупана до 1 април 1999 г.) става 2 млн. EUR. Според това споразумение по задължението се начислява лихва от 1 % годишно, а върху просрочените суми се начислява наказателна лихва от 3 %. |
|
(13) |
През септември 2005 г. точно преди края на гратисния период получателят иска от Агенцията за държавни вземания (10) ново предоговаряне на задълженията си във връзка със споразумението от 2001 г. През декември 2006 г. българската Комисия за защита на конкуренцията (11) намира искането на РК за неоснователно съгласно българския закон за държавните помощи (12). РК обжалва решението на Комисията за защита на конкуренцията пред Върховния административен съд, който отхвърля жалбата с решение от юли 2007 г. Следващо обжалване на това решение също е отхвърлено. |
|
(14) |
Според българските органи Агенцията за държавни вземания се е въздържала да изиска по законов път дължимите суми, които не са били плащани в съответствие с предоговарянето от 2001 г., защото през юли 2008 г. получателят е предложил да плати доброволно част (1 млн. EUR) от просрочените суми на два транша, първият от които в размер на 500 000 EUR е обещал да плати през октомври 2008 г. Когато обаче РК не е платило сумата, Агенцията за държавни вземания е удължила срока до декември 2008 г. След като към началото на януари 2009 г. не са осъществени плащания, през февруари 2009 г. Агенцията за държавни вземания изпраща напомняне за плащане. |
|
(15) |
На този етап все още не е ясно до каква степен РК е изпълнило задълженията си за плащане съгласно различните споразумения за разсрочване. В частност изглежда, че от главницата в размер на 7,97 млн. EUR, предоговорени през 2001 г., към момента все още са дължими 7,7 млн. EUR. |
II.3. Мярка за преструктуриране, за която е подадено уведомление
|
(16) |
През юни 2009 г. получателят подава второ искане до Агенцията за държавни вземания за разсрочване на оставащия дълг съгласно споразумението от 2001 г. Тази молба е мярката, за която до Европейската комисия е подадено уведомление като помощ за преструктуриране. |
|
(17) |
Според предложението на българските органи новото споразумение ще предвиди изплащане на задълженията за период от 10 години (т.е. до 2019 г.) с гратисен период до 30 юни 2012 г. |
|
(18) |
Цялото задължение, което следва да бъде разсрочено, възлиза на 9,8 млн. EUR, включително (според българските органи) следните части (13):
|
|
(19) |
България е на мнение, че планираната мярка е съвместима с вътрешния пазар въз основа на Насоките на общността за държавните помощи за оздравяване и преструктуриране на предприятия в затруднение (по-нататък „Насоките за О и П“) (15) като мярка за преструктуриране. |
III. ОЦЕНКА НА НАЛИЧИЕТО НА ДЪРЖАВНА ПОМОЩ
|
(20) |
Съгласно член 107, параграф 1 от ДФЕС всяка помощ, предоставена от държава-членка или чрез ресурси на държава-членка, под каквато и да е форма, която нарушава или заплашва да наруши конкуренцията чрез поставянето в по-благоприятно положение на определени предприятия или производството на някои стоки, доколкото засяга търговията между държавите-членки, е несъвместима с вътрешния пазар. |
|
(21) |
По-надолу Комисията ще оцени дали помощта, за която е подадено уведомление, предствавлява държавна помощ. Освен това Комисията ще оцени дали въздържането от изискване по законов път на спазването на споразумението от 2001 г. и неприлагането на лихва от 1 януари 2007 г. представляват допълнителна държавна помощ, която следва да се вземе предвид при изчисляването на елемента на помощ за преструктуриране. |
|
(22) |
И двете мерки включват държавни средства, тъй като е налице загуба на средства, които е следвало да се влеят в държавния бюджет. Те са предоставени от МФ и следователно от държавата. |
|
(23) |
Както разсрочването и отсрочването на задълженията, за които е подадено уведомление, така и въздържането от изискване по законов път на задълженията от момента на присъединяването се отнасят индивидуално до РИ и поради това са селективни. |
|
(24) |
В допълнение мерките са предоставили предимство на предприятието, което не би било постигнато по друг начин на частния пазар, тъй като мерките не издържат теста на кредитора в пазарни условия (16). |
|
(25) |
По отношение на помощта, за която е получено уведомление, Комисията се съмнява, че частен кредитор наистина би разсрочил дълга вместо да изиска незабавно изплащане на цялата сума от задължения, особено предвид наличието на две предишни разсрочвания през 1999 г. и 2001 г. Освен това Комисията отбелязва, че според българските органи предприятието е в затруднение. |
|
(26) |
Относно въздържането от изискване по законов път на спазването на споразумението от 2001 г. Комисията също се съмнява, че това поведение съответства на поведението на частен кредитор. Както се споменава в параграфи (10)—(15) по-горе, предприятието не е извършило плащанията, предвидени в предоговарянето от 2001 г., а България не е показала, че нейните органи са положили сериозни усилия да съберат дължимото задължение. Освен това от документацията не се вижда дали наказателната лихва от 3 %, определена в споразумението от 2001 г., наистина е била начислена и/или платена (17). |
|
(27) |
Комисията отбелязва в допълнение, че мярката, за която не е изпратено уведомление, изглежда не представлява съществуваща помощ от 1 януари 2007 г., тъй като не е обхваната от приложение V.2.1 към Договора за присъединяване на България (18). В частност тя а) нито е влязла в сила преди 31 декември 1994 г., б) нито е изброена в допълнението към приложение V, в) нито е обхваната от временен механизъм. |
|
(28) |
РИ е предприятие, произвеждащо стоки, които се търгуват свободно в рамките на Съюза. Затова Комисията счита, че условието за засягане на конкуренцията и търговията в Съюза е изпълнено. |
|
(29) |
Поради това Комисията счита, че горепосочените мерки са държавна помощ по смисъла на член 107, параграф 1 от ДФЕС. Следва да се отбележи, че България не оспорва характера на държавна помощ на мярката, за която е подала уведомление. |
IV. ОЦЕНКА НА СЪВМЕСТИМОСТТА
|
(30) |
От изключенията, предвидени в член 107, параграф 3 от ДФЕС, само изключението, предвидено в член 107, параграф 3, буква в) би могло да бъде приложимо, тъй като основната цел на помощта се отнася до възстановяване на дългосрочната жизненост на предприятие в затруднение. Съгласно тази разпоредба държавна помощ, предоставена за насърчаване развитието на някои икономически дейности може да бъде разрешена, „доколкото не засяга по неблагоприятен начин условията на търговия до степен, която противоречи на общия интерес“. Затова помощта може да се счита за съвместима въз основа на член 107, параграф 3, буква в) от ДФЕС, при условие че са налице условията, посочени в Насоките за О и П. |
IV.1. Помощта отговаря ли на условията за помощ за преструктуриране?
IV.1.1. Предприятие в затруднение
|
(31) |
За да отговаря на условията за помощ за преструктуриране, получателят следва да бъде, съгласно точка 33, предприятие в затруднение по смисъла на Насоките за О и П. |
|
(32) |
В своето уведомление българските органи твърдят, че РИ е предприятие в затруднение по смисъла на точка 10, буква в) от Насоките, тъй като то отговаря на критериите на вътрешното законодателство като обект на процедура по колективна несъстоятелност. В частност предприятието отговаря на условията за започване на процедура по несъстоятелност съгласно член 608 от българския търговски закон (19) поради своите задължения към държавата. |
|
(33) |
Комисията също отбелязва финансовите резултати на предприятието, които показват постоянен спад в оборота му, както и нарастващи загуби, както се вижда от долната таблица. Също така следва да се посочи, че през 2008 г. предприятието произвежда отрицателна оперативна печалба и отрицателен паричен поток. Така РИ изглежда изпълнява условията на точка 11 от Насоките за О и П и следва да се разглежда като предприятие в затруднение. Таблица 3: Годишен оборот и печалба на Русе индъстри АД
|
|
(34) |
За да отговаря на условията за помощ за преструктуриране съгласно точка 13 от Насоките за О и П, следва да се докаже, че затрудненията на дружеството са присъщи за него и не са резултат от произволно разпределение на разходите в рамките на групата, както и че трудностите са прекалено сериозни, за да може групата сама да се справи с тях. |
|
(35) |
Към момента както е описано по-горе в параграфи 5—6, структурата на групата, към която РИ принадлежи, все още е неясна. |
|
(36) |
България твърди, че не знае откъде произлизат затрудненията на получателя и дали групата сама би могла да се справи с трудностите. |
|
(37) |
Съответно Комисията се съмнява дали получателят отговаря на условията за помощ за преструктуриране в съответствие с точка 13 от Насоките за О и П. |
IV.1.2. Принципът на еднократна помощ
|
(38) |
Съгласно Насоките помощ за преструктуриране следва да се предоставя само веднъж. Към момента изглежда, че този принцип на еднократна помош, както е посочен в точка 3.3 от Насоките за О и П, е нарушен. |
|
(39) |
В частност изглежда, че дори споразумението от 2001 г. за предоговаряне на дълга на РИ може да представлява държавна помощ. Досега българските органи не са изтъкнали аргументи, които да показват, че предоговарянето от 2001 г. е в съответствие с принципа на кредитора в условията на пазарна икономика (по-нататък „ПКУПИ“). Към момента е под съмнение дали държавата е действала подобно на частен кредитор, когато е сключила споразумението, особено предвид факта, че е имало и предишно разсрочване на дълга в контекста на приватизацията (т.е. предоговарянето от 1999 г.). Във всеки случай, дори да се приеме, че сключването на споразумението от 2001 г. е било в съответствие с ПКУПИ, българските органи не са изискали по законен път плащането на дълга (21) в съответствие с него. |
|
(40) |
Следва да се подчертае, че дори и Комисията да не е компетентна да оцени (22) съвместимостта на държавната помощ, предоставена на РК преди 1 януари 2007 г., датата на присъединяване на България към ЕС, това не я възпрепятства да оцени фактите по делото за целите на оценката на принципа на еднократна помощ. |
IV.1.3. Заключение относно съответствието с условията
|
(41) |
Въз основа на горните съображения Комисията се съмнява дали РИ отговаря на условията за помощ за преструктуриране. |
IV.2. Съвместимост с Насоките за О и П
IV.2.1. Възстановяване на дългосрочната жизнеспособност
|
(42) |
Съгласно точка 34 от Насоките за О и П, предоставянето на помощ за преструктуриране трябва да става, при условие че съществува план за преструктуриране, който трябва да е одобрен от Комисията. Освен това съгласно точка 35 от Насоките, планът за преструктуриране трябва да възстановява дългосрочната жизнеспособност на предприятието в рамките на един разумен срок, въз основа на реалистични предположения за бъдещите условия за дейност. |
|
(43) |
На този етап Комисията се съмнява, че представеният план ще позволи на предприятието да се върне към дългосрочна жизненоспособност. В частност той не дава съществени доказателства за своите хипотези, както и конкретни цифри. Планът не съдържа достатъчно детайли, за да покаже как ще се постигне намаляване на разходите и как ще се възстанови жизнеспособността. Липсват обяснения за това как очакваните приходи ще бъдат реализирани. Въпреки че българските органи представиха пазарно проучване на продуктите върху които възнамеряват да наблегнат, този анализ не гледа към бъдещето, а е само описание на настоящето положение. |
IV.2.2. Избягване на неоправдано нарушаване на конкуренцията
|
(44) |
Съгласно точки 38—42 от Насоките следва да се вземат мерки за смекчаване, доколкото е възможно, на отрицателните въздействия на помощта върху конкурентите. Помощта не трябва да нарушава неправомерно конкуренцията. Обикновено това означава ограничаване на присъствието на предприятието на пазарите в края на периода на преструктуриране. Принудителното ограничаване или намаляне на присъствието на съответните пазари, на които оперира предприятието, представлява компенсация за конкурентите. |
|
(45) |
Досега българските органи не са предложили конкретни компенсаторни мерки. |
IV.2.3. Помощ, ограничена до минимум: действителен принос, несвързан с помощта
|
(46) |
Съгласно точка 43 от Насоките размерът и интензитетът на помощта трябва да бъдат сведени до минимума на разходите по преструктурирането, необходими за неговото осъществяване, като се вземат предвид съществуващите финансови ресурси на дружеството. Получателите на помощта трябва да направят съществен принос към плана за преструктуриране чрез собствените си ресурси, т.е. чрез продажба на активи, които не са от определящо значение за оцеляването на предприятието, или посредством външно финансиране при пазарни условия. |
|
(47) |
Приносът на предприятието към плана за преструктуриране по принцип трябва да е поне 50 % от общите разходи за плана, съгласно точка 44 от Насоките (23). На този етап България не е показала, че преструктурирането ще бъде финансирано с поне 50 % от собствени средства на получателя. Въпреки че българските органи обясняват, че преструктурирането ще бъде частично финансирано от продажбата на някои активи (т.е. земя, излишни машинни съоръжения), липсва конкретна информация за характера и очакваната продажна стойност на тези активи. Българските органи също твърдят, че няма да има външно финансиране (т.е. от кредитори, банки или акционери) на преструктурирането. |
IV.2.4. Заключения за съвместимостта
|
(48) |
На този етап Комисията има сериозни съмнения дали мярката, за която е подадено уведомление, отговаря на съответните разпоредби от Насоките за О и П като помощ за преструктуриране. |
|
(49) |
Освен това Комисията се съмнява дали въздържането от изискване по законов път на плащането на дълга след 1 януари 2007 г. е съвместимо с вътрешния пазар. |
V. ЗАКЛЮЧЕНИЕ
|
(50) |
На този етап Комисията се съмнява, че мярката за преструктуриране, за която е подадено уведомление, отговаря на условията от Насоките за О и П. Затова е под въпрос дали тя може да се счита за съвместима с вътрешния пазар. Освен това е под съмнение дали въздържането от изискване по законов път на плащането на дълга след 1 януари 2007 г., датата на присъединяване на България към ЕС, представлява допълнителна помощ и дали такава помощ е съвместима с вътрешния пазар. |
|
(51) |
Затова Комисията реши да открие официалната процедура по разследване, предвидена в член 108, параграф 2 от ДФЕС във връзка с горепосочените мерки. |
РЕШЕНИЕ
|
1. |
Предвид горепосоченото Комисията реши да открие процедурата, посочена в член 108, параграф 2 от ДФЕС по отношение на мерките за помощ, описани по-горе, в полза на „Русе индъстри“ АД. |
|
2. |
С оглед на изложените по-горе съображения Комисията, действаща съгласно процедурата, посочена в член 108, параграф 2 от ДФЕС, изисква от България да представи своите коментари и да предостави всякаква информация, която би била от полза при оценката на помощта в срок от един месец от датата на получаване на това писмо. Наред с другото информацията следва да съдържа:
|
|
3. |
Комисията изисква от България незабавно да препрати копие от настоящото писмо до „Русе индъстри“ АД. |
|
4. |
Комисията напомня на България, че член 108, параграф 3 от ДФЕС има суспензивно действие и насочва вниманието към член 14 от Регламент (ЕО) № 659/1999 на Съвета, съгласно който от получателя може да се изиска възстановяване на всяка неправомерно предоставената помощ. |
|
5. |
Комисията предупреждава България, че ще уведоми заинтересованите страни чрез публикуване на това писмо и на резюме от него в Официален вестник на Европейския съюз. Тя ще информира и заинтересованите страни в държави от ЕАСТ, които са подписали Споразумението за ЕИП, чрез публикуване на известие в притурката за ЕИП към Официален вестник на Европейския съюз, както и Надзорния орган на ЕАСТ, като им изпрати копие от това писмо. Всички посочени по-горе заинтересовани страни ще бъдат приканени да представят мненията си в срок от един месец от датата на публикуване.” |
(1) Считано от 1 декември 2009 г. членове 87 и 88 от Договора за ЕО стават съответно членове 107 и 108 от ДФЕС. Двете групи от разпоредби са по същество идентични. За целите на настоящото решение позоваванията на членове 107 и 108 от ДФЕС следва да се разбират като позовавания на съответно членове 87 и 88 от Договора за ЕО, когато е уместно.
(2) Регион, отговарящ на условията за помощ, съгласно член 107, параграф 3, буква а) от ДФЕС въз основа на Решение на Комисията от 24 януари 2007 г., ОВ C 73, 30.3.2007 г., стр. 16.
(3) Френско изписване на наименованието „Русе“.
(4) Името РК е променено на РИ на 4 март 2009 г. Името на предприятието ще се използва в съответствие с това.
(5) Договор от 15 ноември 1996 г. за заем в чуждестранна валута в размер на 1 402 341,08 USD; договор от 22 ноември 1996 г. за сумата от 450 131,17 USD; и договор от 27 януари 1997 г. за изплащане на предишно задължение на предприятието в размер на 6 597 658,92 USD (главница) и 365 575,86 USD (дължима лихва към 1 ноември 1996 г.). Тези заеми са прехвърлени към ДФРР от Стопанска банка (фалирала държавна банка).
(6) Законен правоприемник като кредитор по дългове, дължими на ДФРР.
(7) Българските органи не посочват обменния курс на тази транзакция.
(8) Т.е. цялото задължение, първоначално възлизащо на 8 450 131,17 USD, от което 8 млн. USD вече са били превалутирани/разсрочени на 8 април 1999 г.
(9) Чрез използване на обменния курс EUR/USD от приватизацията, т.е. 29 април 1999 г.
(10) Агенция за държавни вземания.
(11) Комисия за защита на конкуренцията.
(12) Член 1, параграф 3 и член 3, параграф 2 от Закона за държавните помощи.
(13) a + b (т.е. 7,7 млн. EUR) отговаря на неплатената главница, разсрочена съгласно споразумението от 2001 г. За сравнение главницата, разсрочена съгласно споразумението от 2001 г., е 7,97 млн. EUR.
(14) От предоставената информация не става ясно дали лихви са били начислявани и/или изисквани по законов път след 10 юни 2006 г.
(15) ОВ C 244, 1.10.2004 г., стр. 2.
(16) Вж.: T-152/99 HAMSA [2002] ECR II-3049 at para 167.
(17) Поне не след 10 юни 2006 г.
(18) ОВ L 157, 21.6.2005 г., стр. 93.
(19) „Търговски закон“.
(20) 1,9558 EUR/BGN към 2 март 2010 г.
(21) Най-малко 1,8 млн. EUR са дължими понастоящем и българските органи не са предприели сериозни опити за събиране на дълга.
(22) Това е установена практика на Комисията, вж. например решенията за откриване по дела C 40/08 Помощ за преструктуриране за PZL-Hydral и C 49/08 Помощ за преструктуриране за PZL Debica.
(23) Ако приемем, че РИ може да се счита за голямо предприятие. Това е посочено от българските органи в точка 4.3 от тяхното уведомление от 30 юни 2009 г. Въпреки това на този етап от оценката структурата на групата все още е неясна, както е посочено в параграфи (5)—(6).
|
10.7.2010 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 187/14 |
Voorafgaande aanmelding van een concentratie
(Zaak COMP/M.5901 — Montagu/GIP/Greenstar)
(Voor de EER relevante tekst)
2010/C 187/06
|
1. |
Op 30 juni 2010 heeft de Commissie een aanmelding van een voorgenomen concentratie in de zin van artikel 4 van Verordening (EG) nr. 139/2004 van de Raad (1) ontvangen. Hierin is meegedeeld dat de ondernemingen Montagu Private Equity LLP („Montagu”, Verenigd Koninkrijk) en Global Infrastructure Partners — („GIP”, Verenigde Staten), die onder de gezamenlijke zeggenschap staan van General Electric Company („GE”, Verenigde Staten), Credit Suisse Groupe („CSG”, Zwitserland) en Global Infrastructure Management Participation LLC („GIMP”, Verenigde Staten), in de zin van artikel 3, lid 1, onder b), van de EG-concentratieverordening de gezamenlijke zeggenschap verkrijgen over de onderneming Greenstar Holdings Ltd en haar dochterondernemingen („Greenstar”, Verenigd Koninkrijk en Wales), die deel uitmaken van NTR („NTR”, Ierland), door de verwerving van aandelen. |
|
2. |
De bedrijfswerkzaamheden van de betrokken ondernemingen zijn:
|
|
3. |
Op grond van een voorlopig onderzoek is de Commissie van oordeel dat de aangemelde transactie binnen het toepassingsgebied van de EG-concentratieverordening kan vallen. Ten aanzien van dit punt wordt de definitieve beslissing echter aangehouden. |
|
4. |
De Commissie verzoekt belanghebbenden haar hun eventuele opmerkingen over de voorgenomen concentratie kenbaar te maken. Deze opmerkingen moeten de Commissie uiterlijk tien dagen na dagtekening van deze bekendmaking hebben bereikt. Zij kunnen per faxbericht (+32 22964301), per e-mail naar COMP-MERGER-REGISTRY@ec.europa.eu of per post, onder vermelding van zaaknummer COMP/M.5901 — Montagu/GIP/Greenstar, aan onderstaand adres worden toegezonden:
|
(1) PB L 24 van 29.1.2004, blz. 1 (de „EG-concentratieverordening”).
|
10.7.2010 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 187/15 |
Voorafgaande aanmelding van een concentratie
(Zaak COMP/M.5826 — Anglo Irish Bank/RBS/Arnotts)
(Voor de EER relevante tekst)
2010/C 187/07
|
1. |
Op 2 juli 2010 heeft de Commissie een aanmelding van een voorgenomen concentratie in de zin van artikel 4 van Verordening (EG) nr. 139/2004 van de Raad (1) ontvangen. Hierin is meegedeeld dat Anglo Irish Bank Corporation Limited („Anglo Irish Bank”, Ierland) en The Royal Bank of Scotland Group plc („RBS”, Verenigd Koninkrijk) in de zin van artikel 3, lid 1, onder b), van de concentratieverordening de gezamenlijke zeggenschap verkrijgen over Arnotts Holdings Limited („Arnotts”, Ierland) op een contractuele basis. |
|
2. |
De bedrijfswerkzaamheden van de betrokken ondernemingen zijn:
|
|
3. |
Op grond van een voorlopig onderzoek is de Commissie van oordeel dat de aangemelde transactie binnen het toepassingsgebied van de EG-concentratieverordening kan vallen. Ten aanzien van dit punt wordt de definitieve beslissing echter aangehouden. |
|
4. |
De Commissie verzoekt belanghebbenden haar hun eventuele opmerkingen over de voorgenomen concentratie kenbaar te maken. Deze opmerkingen moeten de Commissie uiterlijk tien dagen na dagtekening van deze bekendmaking hebben bereikt. Zij kunnen per faxbericht (+32 22964301), per e-mail naar COMP-MERGER-REGISTRY@ec.europa.eu of per post, onder vermelding van zaaknummer COMP/M.5826 — Anglo Irish Bank/RBS/Arnotts, aan onderstaand adres worden toegezonden:
|
(1) PB L 24 van 29.1.2004, blz. 1 (de „EG-concentratieverordening”).
ANDERE HANDELINGEN
Europese Commissie
|
10.7.2010 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 187/16 |
Bekendmaking van een aanvraag overeenkomstig artikel 6, lid 2, van Verordening (EG) nr. 510/2006 van de Raad inzake de bescherming van geografische aanduidingen en oorsprongsbenamingen
2010/C 187/08
Deze bekendmaking verleent het recht om op grond van artikel 7 van Verordening (EG) nr. 510/2006 van de Raad (1) bezwaar aan te tekenen tegen de aanvraag. Bezwaarschriften moeten de Commissie bereiken binnen zes maanden te rekenen vanaf de datum van deze bekendmaking.
ENIG DOCUMENT
VERORDENING (EG) Nr. 510/2006 VAN DE RAAD
„CHLEB PRĄDNICKI”
EG-nummer: PL-PGI-0005-0694-23.04.2008
BGA ( X ) BOB ( )
1. Naam:
„Chleb prądnicki”
2. Lidstaat of derde land:
Polen
3. Beschrijving van het landbouwproduct of levensmiddel:
3.1. Productcategorie:
|
Categorie 2.4 — |
Brood, gebak, suikerwerk, biscuits en andere bakkerswaren |
3.2. Beschrijving van het product waarvoor de in punt 1 vermelde naam van toepassing is:
„Chleb prądnicki” is bruin brood dat is vervaardigd op basis van roggedesem.
„Chleb prądnicki” wordt in twee vormen gebakken: ovaal en rond
Indien het brood ovaal is, heeft het het volgende gewicht en de volgende afmetingen:
|
1. |
14 kg: 950 tot 1 000 mm lengte, 120 tot 150 mm hoogte, 450 tot 500 mm breedte in het midden; |
|
2. |
4,5 kg: 600 tot 650 mm lengte, 120 tot 150 mm hoogte, 300 tot 350 mm breedte in het midden. |
De breedte van de ovale broden (ongeacht het gewicht) neemt af naar de uiteinden toe.
Voor de ronde broden geldt slechts één gewicht: 4,5 kg, diameter 450-500 mm.
De korst (ongeacht de vorm van de broden) is 4 tot 6 mm dik; ze is bruin tot donkerbruin van kleur; het oppervlak is homogeen of heeft zichtbare scheuren en het is bedekt met een dunne laag roggezemelgrint.
De dwarsdoorsnede van het brood laat een kruim zien dat licht van kleur is en uniforme poriën vertoont. Wanneer op het kruim een lichte druk wordt uitgeoefend, veert het terug in zijn oorspronkelijke positie zonder dat de structuur hierbij wordt beschadigd. Het brood heeft de karakteristieke smaak en geur van brood dat van roggedesem is bereid.
Vochtgehalte: acht uur na het bakken, niet meer dan 50 %.
Volume: 100 g brood heeft een volume van minstens 200 cm3.
Zuurte: niet meer dan 10 pH.: Zuurte: niet meer dan 10 pH.
3.3. Grondstoffen (alleen voor verwerkte producten):
|
— |
in de voedingsindustrie gebruikt roggemeel en tarwemeel van uitstekende kwaliteit, |
|
— |
gekookte aardappelen of aardappelvlokken (gebruikt in de lente en aan het begin van de zomer), |
|
— |
roggezemelgrint, |
|
— |
zout, |
|
— |
drinkwater, |
|
— |
verse gist, |
|
— |
karwij. |
3.4. Diervoeders (alleen voor producten van dierlijke oorsprong):
—
3.5. Specifieke onderdelen van het productieproces die in het afgebakende geografische gebied moeten plaatsvinden:
Alle onderdelen van het productieproces moeten in het afgebakende geografische gebied plaatsvinden:
|
— |
het bereiden van de desemstarter volgens de traditionele „vijf-stappen-methode”, |
|
— |
het in stukken verdelen van het deeg en het vormen van de broden: beide bewerkingen met de hand, |
|
— |
het rijzen van de gevormde broden in manden, |
|
— |
het klaarmaken van de broden met het oog op het bakken, het bevochtigen met water en het besprenkelen met roggezemelgrint, |
|
— |
het bakken van de broden, |
|
— |
het laten afkoelen van de gebakken broden. |
3.6. Specifieke voorschriften betreffende het in plakken snijden, het raspen, het verpakken enz.:
Indien het brood in delen wordt verkocht, moet tot minstens vier uur na het bakken — m.a.w. totdat het brood is afgekoeld — worden gewacht om het te snijden.
3.7. Specifieke voorschriften betreffende de etikettering:
„Chleb prądnicki” mag onverpakt worden verkocht. Rond ieder in zijn geheel verkocht brood van 4,5 kg zit een bedrukte strook waarop de informatie is vermeld die krachtens de wetgeving met betrekking tot de etikettering van op de markt gebrachte voedingsmiddelen is vereist. Wordt het brood niet in zijn geheel verkocht (maar als ½ brood of als ¼ brood) dan wordt het verpakt in folie of in papieren zakken die zijn voorzien van een etiket waarop een soortgelijke grafische afbeelding is aangebracht als op de strook die rond een volledig brood zit. Op het etiket moeten ook het symbool van de beschermde geografische aanduiding en de woorden „Chronione Oznaczenie Geograficzne” zijn aangebracht. Rond het niet-commerciële product, d.w.z. het brood dat meer dan 4,5 kg weegt en dat voor speciale gelegenheden wordt gebakken, zit een strook die aan de grotere afmetingen van dat brood is aangepast maar voor het overige vergelijkbaar is met de strook die rond de broden van 4,5 kg wordt aangebracht. De producenten van „Chleb prądnicki” krijgen hun etiketten en stroken door Piekarnia B.A. Madej aangeleverd. De regels voor de verdeling van de etiketten zijn zodanig dat geen enkele producent die volgens de bepalingen van het productdossier te werk gaat, kan worden gediscrimineerd.
4. Beknopte beschrijving van het afgebakende geografische gebied:
Het administratieve grondgebied van de stad Krakau.
5. Verband met het geografische gebied:
5.1. Specificiteit van het geografische gebied:
De benaming „Chleb prądnicki” is afgeleid van de namen van dorpen op de Prądnik-rivier. De belangrijkste dorpen waren Prądnik Czerwony en Prądnik Biały, die vele molens telden. De eerste onrechtstreekse verwijzingen naar de bakkers van de streek van Prądnik zijn terug te vinden in de 14de eeuw. De dorpelingen van Prądnik Czerwony stonden vooral bekend voor het feit dat ze enorme „Chleb prądnicki”-broden bakten.
De dorpen Prądnik Czerwony en Prądnik Biały maken sedert 1 april 1910 deel uit van het grondgebied van Krakau. Hoewel ze nu deel uitmaken van het stadsdistrict Krowodrza, worden hun namen nog vaak gebruikt.
Generaties van bakkers hebben jaren nodig gehad om „Chleb prądnicki” te ontwikkelen en om de bereidingswijze van dit brood bij te stellen. Het brood heeft zijn karakteristieke kenmerken aan menselijke vaardigheden te danken: de vakkennis van de bakkers die dit brood volgens traditionele methoden bakken en daarbij uitsluitend van de vermelde grondstoffen gebruikmaken.
5.2. Specificiteit van het product:
Het specifieke verschil tussen „Chleb prądnicki” en andere broden zit in de afmetingen, de dikke korst en de lange houdbaarheidsdatum. Het standaardbrood weegt 4,5 kg maar voor speciale gelegenheden worden broden van 14 kg gebakken. Ieder brood heeft een ietwat andere vorm. Opgeslagen onder normale omstandigheden blijft „Chleb prądnicki” bovendien zeven dagen vers.
Een ander karakteristiek kenmerk is dat „Chleb prądnicki” een gebakken product is dat na het bakken „rijpt”. Het brood verwerft zijn volle smaak en zijn volle aroma twee dagen na het bakken.
5.3. Causaal verband tussen het geografische gebied en de kwaliteit of de kenmerken van het product (voor een BOB) dan wel een bepaalde hoedanigheid, de faam of een ander kenmerk van het product (voor een BGA):
De aanvraag om toekenning van een BGA is gebaseerd op de in punt 5.2. beschreven specifieke kwaliteit en op de reputatie van „Chleb prądnicki”.
Het uitzonderlijke karakter van het product is in wezen het resultaat van de menselijke vaardigheid die vooral tot uiting komt in, enerzijds de wijze waarop het deeg wordt gekneed en gevormd — waarbij ieder „Chleb prądnicki” een ietwat verschillende vorm verwerft — en anderzijds de toepassing van het geschikte warmtebehandelingsproces — waarbij het brood de juiste dikte, de juiste textuur aan de buitenzijde en de juiste korst verwerft. De toevoeging van aardappelen of aardappelvlokken aan het recept zorgt voor een lange houdbaarheidsdatum.
Historische achtergrond, baktraditie en faam van „Chleb prądnicki”:
|
|
„Chleb prądnicki” werd voor het eerst vermeld in 1421 toen Albert, de bisschop van Krakau, zijn kok, Świętosław Skowronek, in Prądnik een stuk grond van twee „zhrebie” (oppervlaktemaat) schonk. Wie op die grond woonde, moest voor de bisschop brood bakken. |
|
|
Op 26 mei 1496 verleende koning Jan Olbracht een privilege aan bakkers van roggebrood die afkomstig waren uit gemeenten waartoe ook Prądnik behoorde, waarbij deze de toestemming kregen om een lange traditie te handhaven; die bestond erin dat deze bakkers hun roggebrood eenmaal in de week, namelijk op de dinsdagmarkt, in Krakau aan de man mochten brengen. Het privilege stond bakkers binnen de stadsmuren die tot de gilde behoorden, toe wit brood en roggebrood zonder beperkingen te bakken en te verkopen. De verkoop van roggebrood dat buiten de stadsmuren was gebakken (bakkers buiten de stadsmuren mochten geen wit brood bakken) was aan strenge beperkingen onderworpen. Pas op 1 juli 1785 werd de bakkers het recht verleend om onbeperkt „Chleb prądnicki” binnen de muren van Krakau te brengen. |
|
|
Uit originele documenten van de Krakause bakkersgilde uit de 18de en de 19de eeuw blijkt dat de richtsnoeren voor de verkoop van brood en voor de berekening van de broodprijzen in die periode werden vastgesteld aan de hand van een lijst met standaardprijzen. Waarschijnlijk was het lekkere „Chleb prądnicki” tot eind jaren twintig/begin jaren dertig op de markt verkrijgbaar, maar ergens in de jaren dertig stopte de productie. „Chleb prądnicki” geraakte evenwel niet onherroepelijk in vergetelheid. Volgens de voorzitter van de handelsmaatschappij Stary Kleparz werd „Chleb prądnicki” in de naoorlogse periode (1945-1998) opnieuw verkocht op de Stary Kleparz-markt, de oudste tot dusverre in Krakau nog gehouden markt en tot vandaag de dag ook de drukste. |
Getuigenissen van de faam van „Chleb prądnicki” zijn te vinden in literatuur en pers van de 19de en de 20ste eeuw:
|
— |
het gedicht „Obrazek” van Wincenty Pol (19de eeuw), |
|
— |
een fragment van het gedicht van Wincenty Pol uit de collecties van Ambroży Grabowski - zonder titel (19de eeuw), |
|
— |
„Wspomnienia” door Ambroży Grabowski (19de eeuw), |
|
— |
„Kodeks dyplomatyczny Katedry Krakowskiej Św. Wacława” — Franciszek Piekosiński, 1883, |
|
— |
„Włościanie z okolic Krakowa” — Józef Mączyński, 1858, dagblad „Przyjaciel Ludu”, 1846, |
|
— |
„Tygodnik Ilustrowany”, 1862, |
|
— |
„Encyklopedia Powszechna”, 1865, |
|
— |
„Wspomnienia” — Maria Estreicherówna (20ste eeuw). |
„Chleb prądnicki” staat ook afgebeeld op 19de eeuwse schilderijen:
|
— |
„Z promnickim chlebem w Krakowie” — Kajetan Wincenty Kielisiński, 1847, |
|
— |
„Prądniczanin” — Jan Kanty Wojnarowski, |
|
— |
„Piekarz chleba prądnickiego” — Jan Kanty Wojnarowski. |
Dat „Chleb prądnicki” wordt aangeboden bij wedstrijden, op internationale beurzen en bij promotiecampagnes rond Krakau getuigt van de faam die het product bij de consument geniet.
In 2004 mocht „Chleb prądnicki” een prijs ontvangen in het kader van de „Małopolski Smak”-wedstrijd voor de voorbeeldige kwaliteit en de uitzonderlijke smaak van het brood. In 2005 werd de bakkerij die de „Chleb prądnicki” bakt, door het hoofd van het woiwodschap Malapolskie genomineerd voor de titel van „Poolse voedingsproducent van 2005”. Welke faam het brood geniet blijkt ook uit het feit dat het product te zien was op internationale tentoonstellingen, bijv. op het Salon International de l'Alimentation in Parijs (2005). Gegevens over „Chleb Prądnicki” zijn ook opgenomen in „Terra Madre: 1 600 Food Communities” gepubliceerd door de Slow Food organisation.
De promotie voor Krakau wordt vaak gevoerd met een beeld van het brood; zo werd „Chleb prądnicki” gebruikt als één van de symbolen om Krakau voor te stellen tijdens de feestelijkheden rond de 750ste verjaardag van de schenking van de op het Maagdenburger recht gebaseerde stadsrechten. „Chleb prądnicki” prijkt ook op folders waarmee promotie voor de stad Krakau wordt gevoerd. „Chleb prądnicki” dankt zijn huidige vermaardheid aan zijn historische faam die algemeen verspreid werd en is uitgemond in een productbekendheid op basis van intrinsieke kenmerken: een unieke smaak, een uitzonderlijke kwaliteit en een lange houdbaarheid. Vandaag behoort „Chleb prądnicki” tot het assortiment van de delicatessenzaken in heel Polen die de fijnste voedingswaren uit alle werelddelen aanbieden. Wat ook pleit voor de faam van het brood is dat de consument bereid is om voor dit brood vijfmaal de prijs te betalen die hij voor een normaal brood over heeft. En „Chleb prądnicki” is hét succesnummer tijdens het jaarlijkse broodfestival (Święto Chleba). Op iedere festivaldag wordt viermaal de normale hoeveelheid van dit brood gebakken.
Talrijke hedendaagse publicaties bevatten verwijzingen naar „Chleb prądnicki”, zoals het kookboek „Produkt tradycyjny na małopolskim stole” (Tafelen met traditionele producten in (de regio) Malapolskie), de publicatie „Stół pięknie nakryty” (Een mooi gedekte tafel) en het boekje „Małopolska – Palce lizać. Przewodnik kulinary po regionie” (Verrukkelijk Małopolska — een culinaire gids tot de regio). Berichten over „Chleb prądnicki” zijn ook te vinden in de Krakause dagbladen „Dziennik Polski” en „Gazeta Krakowska” en in de nationale handelsbladen (de bladen voor bakkers en banketbakkers „Przegląd Piekarniczy i Cukierniczy” en „Cukiernictwo i Piekarstwo”). Er verscheen ook een artikel over „Chleb prądnicki” in de krant „Polska Głos Wielkopolski” (op 25 augustus 2008), in „Tęczy”, en in het weekblad „Niedziela” (op 10 augustus 2008).
Verwijzing naar de bekendmaking van het productdossier:
(Artikel 5, lid 7, van Verordening (EG) nr. 510/2006 van de Raad)
http://www.minrol.gov.pl/DesktopDefault.aspx?TabOrgId=1620&LangId=0
(1) PB L 93 van 31.3.2006, blz. 12.