Vrijstelling van rechten voor bepaalde farmaceutische werkzame bestanddelen

SAMENVATTING VAN:

Verordening (EU) nr. 1238/2010 — Vrijstelling van rechten voor bepaalde farmaceutische werkzame bestanddelen en voor bepaalde producten in farmaceutische eindproducten

Verordening (EG) nr. 467/97 — Vrijstelling van rechten voor bepaalde in farmaceutische eindproducten gebruikte bestanddelen en producten en tot intrekking van deze vrijstelling voor andere

WAT IS HET DOEL VAN DE VERORDENINGEN?

KERNPUNTEN

Verordening (EU) nr. 1238/2010

Verordening (EG) nr. 467/97

VANAF WANNEER ZIJN DE VERORDENINGEN VAN TOEPASSING?

ACHTERGROND

KERNBEGRIPPEN

  1. Internationale generieke benamingen (INN). Deze benamingen, ook wel soortnamen genoemd, duiden farmaceutische stoffen of farmaceutische werkzame bestanddelen aan. Elke INN is een wereldwijd erkende unieke benaming en publiek eigendom. De Wereldgezondheidsorganisatie werkt nauw samen met INN-deskundigen en nationale nomenclatuurcomités om voor elke werkzame stof die als farmaceutisch product in de handel moet worden gebracht, één benaming te kiezen die wereldwijd wordt aanvaard.

BELANGRIJKSTE DOCUMENTEN

Verordening (EU) nr. 1238/2010 van het Europees Parlement en de Raad van tot wijziging van bijlage I bij Verordening (EEG) nr. 2658/87 van de Raad betreffende vrijstelling van rechten voor bepaalde farmaceutische werkzame bestanddelen met een “internationale generieke benaming” (INN) van de Wereldgezondheidsorganisatie en voor bepaalde producten die gebruikt worden voor de vervaardiging van farmaceutische eindproducten (PB L 348 van , blz. 36-73).

Verordening (EG) nr. 467/97 van de Raad van betreffende vrijstelling van rechten voor bepaalde farmaceutische werkzame bestanddelen met een “internationale generieke benaming” (INN) van de Wereldgezondheidsorganisatie en voor bepaalde producten die gebruikt worden voor de vervaardiging van farmaceutische eindproducten, alsmede betreffende de intrekking van de vrijstelling van rechten voor bepaalde INN’s die als farmaceutische producten zijn aangemerkt, maar die hoofdzakelijk voor niet-farmaceutische doeleinden worden gebruikt (PB L 71 van , blz. 1-15).

laatste bijwerking