Verordening (EU) 2024/903 heeft tot doel de interactie tussen de instellingen en organen van de Europese Unie (EU) en de overheidsinstanties van de EU-lidstaten te vergemakkelijken door gegevens, informatie en kennis uit te wisselen via digitale processen (grensoverschrijdende interoperabiliteit), het bevorderen van nauwere samenwerking en het faciliteren van naadloze gegevensstromen over de grenzen heen.
KERNPUNTEN
Doelstellingen
De verordening:
zet een duidelijk rechtskader op ter ondersteuning van de interoperabiliteit van trans-Europese digitale overheidsdiensten op verschillende administratieve niveaus en in verschillende sectoren;
bevordert de digitale transformatie van overheidsdiensten, met als doel volledig interoperabele overheidsdiensten tegen 2030 te realiseren;
verbetert connectiviteit en inclusiviteit door ervoor te zorgen dat de voordelen van de digitale transformatie plattelands- en afgelegen gebieden bereiken.
Beoordeling van interoperabiliteit en oplossingen voor informatie-uitwisseling
EU-entiteiten en overheidsinstanties zijn belast met:
het uitvoeren van interoperabiliteitsbeoordelingen vóór de invoering van nieuwe of gewijzigde digitale systemen;
het evalueren van de effecten van dergelijke nieuwe of gewijzigde digitale systemen op grensoverschrijdende interoperabiliteit;
het identificeren en raadplegen van de belanghebbenden getroffen/betrokkenen;
het identificeren van hindernissen en het voorstellen van oplossingen voor grensoverschrijdende digitale overheidsdiensten; en
het delen van interoperabiliteitsoplossingen — herbruikbare activa die grensoverschrijdende interoperabiliteit mogelijk maken, zoals kaders, richtsnoeren, referentiearchitecturen, technische specificaties, normen, diensten en toepassingen, en broncode.
zet het Interoperabel Europa-portaal op om toegang te bieden tot interoperabiliteitsoplossingen, kennisuitwisseling te bevorderen en de digitale transformatie van de overheidssector te ondersteunen;
publiceert op het portaal oplossingen voor Interoperabel Europa en het Europees interoperabiliteitskader (EIF) om ervoor zorgen dat zij toegankelijk, machineleesbaar en herbruikbaar zijn.
Ondersteuning en opleiding van het bestuur van Interoperabel Europa
De bij de verordening opgerichte Interoperabel Europa-raad:
bestaat uit vertegenwoordigers van elke lidstaat en van de Commissie;
ontwikkelt de EIF, waarin aanbevelingen worden gedaan voor juridische, organisatorische, semantische en technische interoperabiliteit;
beveelt interoperabele oplossingen voor Europa aan, die vervolgens op het portaal worden gepubliceerd;
vergemakkelijkt strategische samenwerking en geeft advies over de toepassing van de verordening;
neemt richtlijnen aan en stelt maatregelen voor om de interoperabiliteit van de overheidssector te verbeteren.
De raad van bestuur kan de Commissie het volgende voorstellen:
projecten ter ondersteuning van de uitvoering, om overheidsinstanties bij te staan bij de uitvoering van digitaal beleid en te zorgen voor grensoverschrijdende interoperabiliteit;
innovatiemaatregelen ter ondersteuning van de ontwikkeling en toepassing van innovatieve interoperabiliteitsoplossingen;
testomgevingen voor regelgeving op het gebied van interoperabiliteit ter bevordering van innovatie, vergemakkelijking van grensoverschrijdende samenwerking en ondersteuning van Europese GovTech-ecosystemen, met strikte richtlijnen voor gegevensverwerking en aansprakelijkheid van deelnemers.
Opleiding en evaluatie
De Commissie, bijgestaan door de raad van bestuur, verstrekt opleidingsmateriaal en cursussen inzake interoperabiliteit, met inbegrip van certificeringsprogramma's ter bevordering van beste praktijken en kwalificaties.
Een vrijwillig mechanisme voor collegiale toetsing ondersteunt overheidsinstanties bij de uitvoering van Interoperabel Europa-oplossingen en de uitvoering van beoordelingen.
Interoperabel Europa
Bestaat uit publieke en private belanghebbenden en verstrekt expertise en advies aan de raad van bestuur.
Elke lidstaat wijst bevoegde autoriteiten en één contactpunt aan, verantwoordelijk voor de toepassing en coördinatie van de verordening.
EU-entiteiten die betrokken zijn bij trans-Europese digitale overheidsdiensten wijzen een interoperabiliteitscoördinator om naleving en ondersteuning te waarborgen.
Planning en monitoring
Het bestuur neemt een jaarlijkse agenda voor interoperabel Europa aan om prioriteiten te coördineren voor de ontwikkeling van grensoverschrijdende interoperabiliteit.
De Commissie houdt toezicht op en brengt verslag uit over de voortgang van de trans-Europese digitale overheidsdiensten, met de nadruk op grensoverschrijdende interoperabiliteit, de uitvoering van het EIF en de ontwikkeling van open-sourceoplossingen.
De algemene EU-begroting dekt de kosten in verband met de ontwikkeling en het onderhoud van het Interoperabel Europa-portaal en ondersteunende maatregelen.
VANAF WANNEER IS DE VERORDENING VAN TOEPASSING?
Zij is van toepassing vanaf . De regels inzake interoperabiliteitsbeoordelingen, het uitwisselen van oplossingen tussen EU-organen en overheidsinstanties en het aanwijzen van nationale bevoegde autoriteiten en centrale contactpunten zijn van toepassing vanaf .
Verordening (EU) 2024/903 van het Europees Parlement en de Raad van tot vaststelling van maatregelen voor een hoog niveau van interoperabiliteit van de overheidssector in de Unie (verordening Interoperabel Europa) (PB L, 2024/903, ).
GERELATEERDE DOCUMENTEN
Verordening (EU) 2022/868 van het Europees Parlement en de Raad van betreffende Europese datagovernance en tot wijziging van Verordening (EU) 2018/1724 (Datagovernanceverordening) (PB L 152 van , blz. 1-44).
Richtlijn (EU) 2022/2555 van het Europees Parlement en de Raad van betreffende maatregelen voor een hoog gezamenlijk niveau van cyberbeveiliging in de Unie, tot wijziging van Verordening (EU) nr. 910/2014 en Richtlijn (EU) 2018/1972 en tot intrekking van Richtlijn (EU) 2016/1148 (NIS 2-richtlijn) (PB L 333 van , blz. 80-152).
Achtereenvolgende wijzigingen van Richtlijn (EU) 2022/2555 zijn in de oorspronkelijke tekst opgenomen. Deze geconsolideerde versie is enkel van documentaire waarde.
Richtlijn (EU) 2022/2557 van het Europees Parlement en de Raad van betreffende de weerbaarheid van kritieke entiteiten en tot intrekking van Richtlijn 2008/114/EG van de Raad (PB L 333 van , blz. 164-198).
Richtlijn (EU) 2019/882 van het Europees Parlement en de Raad van betreffende de toegankelijkheidsvoorschriften voor producten en diensten (PB L 151 van , blz. 70-115).
Richtlijn (EU) 2019/1024 van het Europees Parlement en de Raad van inzake open data en het hergebruik van overheidsinformatie (herschikking) (PB L 172 van , blz. 56-83).
Verordening (EU) 2018/1725 van het Europees Parlement en de Raad van betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens door de instellingen, organen, instanties en agentschappen van de Unie en betreffende het vrije verkeer van die gegevens, en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 45/2001 en Besluit nr. 1247/2002/EG (PB L 295 van , blz. 39-98).
Verordening (EU) 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van Richtlijn 95/46/EG (algemene verordening gegevensbescherming) (PB L 119 van , blz. 1-88).
Richtlijn (EU) 2016/2102 van het Europees Parlement en de Raad van inzake de toegankelijkheid van de websites en mobiele applicaties van overheidsinstanties (PB L 327 van , blz. 1-15).
Verordening (EU) nr. 1025/2012 van het Europees Parlement en de Raad van betreffende Europese normalisatie, tot wijziging van de Richtlijnen 89/686/EEG en 93/15/EEG van de Raad alsmede de Richtlijnen 94/9/EG, 94/25/EG, 95/16/EG, 97/23/EG, 98/34/EG, 2004/22/EG, 2007/23/EG, 2009/23/EG en 2009/105/EG van het Europees Parlement en de Raad en tot intrekking van Beschikking 87/95/EEG van de Raad en Besluit nr. 1673/2006/EG van het Europees Parlement en de Raad (PB L 316 van , blz. 12-33).
Richtlijn 2008/114/EG van de Raad van inzake de identificatie van Europese kritieke infrastructuren, de aanmerking van infrastructuren als Europese kritieke infrastructuren en de beoordeling van de noodzaak de bescherming van dergelijke infrastructuren te verbeteren (PB L 345 van , blz. 75-82).