De verordening vormt een ontwikkeling van het Akkoord en de uitvoeringsovereenkomst van Schengen waaraan Ierland niet deelneemt, en Ierland is derhalve niet gebonden door of onderworpen aan de toepassing ervan.
In de bijlage van de verordening zijn de lijsten vastgesteld van:
De verordening staat ook het volgende toe.
Besluiten tot wijziging van de lijsten worden genomen op basis van een toetsing per geval aan criteria zoals:
Verordening (EU) 2019/592 wijzigt Verordening (EU) 2018/1806, waarbij de onderdanen van het Verenigd Koninkrijk en de Britse onderdanen die geen Britse burgers zijn (burgers van de Britse overzeese gebieden) expliciet in het toepassingsgebied van de verordening worden opgenomen, na de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk uit de EU.
Britse onderdanen en burgers van Britse overzeese gebieden met verblijfsrecht in een lidstaat hebben geen visum nodig als ze naar een andere lidstaat reizen voor een kort verblijf (maximaal 90 dagen in een periode van 180 dagen).
Wanneer het Verenigd Koninkrijk een visumplicht invoert voor onderdanen van ten minste één lidstaat, is het wederkerigheidsmechanisme van toepassing.
De begroting is sinds van toepassing.
Kijk voor meer informatie op:
Verordening (EU) 2018/1806 van het Europees Parlement en de Raad van tot vaststelling van de lijst van derde landen waarvan de onderdanen bij overschrijding van de buitengrenzen in het bezit moeten zijn van een visum en de lijst van derde landen waarvan de onderdanen van die plicht zijn vrijgesteld (codificatie) (PB L 303 van , blz. 39-58).
Achtereenvolgende wijzigingen in Verordening (EU) 2018/1806 werden in de basistekst opgenomen. Deze geconsolideerde versie heeft slechts informatieve waarde.
laatste bijwerking