Toetreding van de Europese Unie tot het Verdrag van Istanbul

SAMENVATTING VAN:

Verdrag van de Raad van Europa inzake het voorkomen en bestrijden van geweld tegen vrouwen en huiselijk geweld Istanbul, 11.V.2011

Besluit (EU) 2017/865 over de ondertekening van het Verdrag van de Raad van Europa inzake het voorkomen en bestrijden van geweld tegen vrouwen en huiselijk geweld, met betrekking tot aangelegenheden die verband houden met justitiële samenwerking in strafzaken

Besluit (EU) 2017/866 over de ondertekening van het Verdrag van de Raad van Europa inzake het voorkomen en bestrijden van geweld tegen vrouwen en huiselijk geweld, met betrekking tot asiel en non-refoulement

Besluit (EU) 2023/1075 over de sluiting van het Verdrag van de Raad van Europa inzake het voorkomen en bestrijden van geweld tegen vrouwen en huiselijk geweld, met betrekking tot de instellingen en het openbaar bestuur van de Unie

Besluit (EU) 2023/1076 over de sluiting van het Verdrag van de Raad van Europa inzake het voorkomen en bestrijden van geweld tegen vrouwen en huiselijk geweld, met betrekking tot aangelegenheden die verband houden met justitiële samenwerking in strafzaken, asiel en non-refoulement

WAT IS HET DOEL VAN HET VERDRAG EN DE BESLUITEN?

KERNPUNTEN

Definities gebruikt in het verdrag

Doelstellingen

In het verdrag wordt besloten om:

Grondrechten, gelijkheid en non-discriminatie

Ondertekenaars moeten wetgevende actie ondernemen om het recht van iedereen, in het bijzonder vrouwen, om te leven zonder geweld in het openbaar en hun privéleven, te bevorderen en te beschermen, onder andere door:

Preventie

Preventie omvat het uitbannen van vooroordelen, gewoonten, tradities en andere praktijken die gebaseerd zijn op het idee van de minderwaardigheid van vrouwen of op stereotype rollen voor vrouwen en mannen, onder meer via:

Bescherming en ondersteuning

De verdragsluitende partijen moeten slachtoffers beschermen tegen verdere gewelddaden door hun meldingsplicht na te komen en slachtoffers te voorzien van:

Beroepsprocedures

Ondertekenaars moeten slachtoffers rechtsmiddelen bieden tegen daders en tegen overheidsinstanties die hun plicht om te voorkomen en te beschermen niet nakomen (voor zover dit binnen hun toepassingsgebied valt), onder meer door het volgende aan te pakken:

Onderzoek, vervolging, procesrecht en beschermende maatregelen

Onderwerpen die aan bod komen zijn onder andere:

Migratie en asiel

Onderwerpen die aan bod komen zijn onder andere:

DATUM VAN INWERKINGTREDING

Het verdrag is op namens de EU ondertekend en de procedure is afgerond met de neerlegging van twee akten van goedkeuring op , waardoor het verdrag voor de EU op in werking treedt.

ACHTERGROND

Zie voor meer informatie:

BELANGRIJKSTE DOCUMENTEN

Verdrag van de Raad van Europa inzake het voorkomen en bestrijden van geweld tegen vrouwen en huiselijk geweld Istanbul, 11.V.2011 (PB L 143I van , blz. 7-32).

Besluit (EU) 2017/865 van de Raad van over de ondertekening, namens de Europese Unie, van het Verdrag van de Raad van Europa inzake het voorkomen en bestrijden van geweld tegen vrouwen en huiselijk geweld, met betrekking tot aangelegenheden die verband houden met justitiële samenwerking in strafzaken (PB L 131 van , blz. 11-12).

Besluit (EU) 2017/866 van de Raad van over de ondertekening, namens de Europese Unie, van het Verdrag van de Raad van Europa inzake het voorkomen en bestrijden van geweld tegen vrouwen en huiselijk geweld, met betrekking tot gendergerelateerd asiel en non-refoulement (PB L 131 van , blz. 13-14).

Besluit (EU) 2023/1075 van de Raad van over de sluiting, namens de Europese Unie, van het Verdrag van de Raad van Europa inzake het voorkomen en bestrijden van geweld tegen vrouwen en huiselijk geweld, met betrekking tot de instellingen en het openbaar bestuur van de Unie (PB L 143I van , blz. 1-3).

Besluit (EU) 2023/1076 van de Raad van over de sluiting, namens de Europese Unie, van het Verdrag van de Raad van Europa inzake het voorkomen en bestrijden van geweld tegen vrouwen en huiselijk geweld, met betrekking tot aangelegenheden die verband houden met justitiële samenwerking in strafzaken en met betrekking tot asiel en non-refoulement (PB L 143I van , blz. 4-6).

laatste bijwerking