8.12.2014   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 439/16


Verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door de Debreceni Közigazgatási és Munkaügyi Bíróság (Hongarije) op 28 augustus 2014 — Schenker Nemzetközi Szállítmányozási és Logisztikai Kft./Nemzeti Adó- és Vámhivatal Észak-alföldi Regionális Vám- és Pénzügyőri Főigazgatósága

(Zaak C-409/14)

(2014/C 439/24)

Procestaal: Hongaars

Verwijzende rechter

Debreceni Közigazgatási és Munkaügyi Bíróság

Partijen in het hoofdgeding

Verzoekende partij: Schenker Nemzetközi Szállítmányozási és Logisztikai Kft.

Verwerende partij: Nemzeti Adó- és Vámhivatal Észak-alföldi Regionális Vám- és Pénzügyőri Főigazgatósága

Prejudiciële vragen

1)

Moet de omschrijving van douanegoederen als „light-air-cured” tabak in de zin van GN-code 2401 10 35 van hoofdstuk 24 („Tabak en tot verbruik bereide tabakssurrogaten”) van verordening (EU) nr. 861/2010 (1) van de Commissie tot wijziging van bijlage I bij verordening (EEG) nr. 2658/87 van de Raad met betrekking tot de tarief- en statistieknomenclatuur en het gemeenschappelijk douanetarief [OMISSIS], aldus worden uitgelegd dat zij slechts ongestripte „air-cured” tabak betreft

die volledige bladeren van de tabaksplant bevat,

die niet gesneden, samengeperst of gecomprimeerd is,

die als ongestripte „light-air-cured” tabak in de zin van GN-code 2401 10 35 geen andere vorm van behandeling (bijvoorbeeld verwijdering van de stengels, snijden of comprimeren van de bladeren) mag ondergaan dan een natuurlijke droging,

die niet geschikt is om te worden gerookt?

2)

Moet het begrip „douaneschorsingsregeling” in artikel 4, punt 6, van richtlijn 2008/118/EG van de Raad houdende een algemene regeling inzake accijns en houdende intrekking van richtlijn 92/12/EEG aldus worden uitgelegd dat deze regeling ook geldt voor douanegoederen (accijnsgoederen) die onder extern douanevervoer, in tijdelijke opslag of in een douane-entrepot worden geplaatst en worden vergezeld van documenten waarin een verkeerde tariefonderverdeling is opgegeven (GN-code 2403 10 9000 in plaats van GN-code 2401 10 35), wanneer het relevante hoofdstuk (hoofdstuk 24 — tabak) en alle overige gegevens (nummer van de container, hoeveelheid, nettogewicht) wel correct zijn vermeld en de zegels niet zijn verbroken?

(Met andere woorden, kunnen bepaalde goederen onder de douaneschorsingsregeling worden geplaatst wanneer de begeleidende documenten het juiste hoofdstuk van het gemeenschappelijk douanetarief vermelden, maar niet de juiste specifieke tariefonderverdeling?)

3)

Moeten de begrippen „invoer” in artikel 2, sub b, van richtlijn 2008/118/EG (2) van de Raad houdende een algemene regeling inzake accijns en houdende intrekking van richtlijn 92/12/EEG en „invoer van accijnsgoederen” in artikel 4, punt 8, van deze richtlijn aldus worden uitgelegd dat zij ook betrekking hebben op het geval waarin de tariefonderverdeling van de goederen die daadwerkelijk onder extern douanevervoer zijn geplaatst, verschilt van die welke in de begeleidende documenten is vermeld, maar, afgezien van dit verschil, zowel het opgegeven hoofdstuk (namelijk hoofdstuk 24 — Tabak) als de hoeveelheid en het nettogewicht van de werkelijke goederen overeenstemmen met de vermeldingen in de begeleidende documenten?

4)

Vormt de omstandigheid dat goederen onder de douaneschorsingsregeling worden geplaatst, terwijl de begeleidende documenten niet de correcte GN-code vermelden zoals aangegeven in bijlage I bij verordening (EEG) nr. 2658/87 van de Raad met betrekking tot de tarief- en statistieknomenclatuur en het gemeenschappelijk douanetarief, zoals gewijzigd bij verordening nr. nr. 861/2010, een onregelmatigheid in de zin van artikel 38 van richtlijn 2008/118/EG van de Raad houdende een algemene regeling inzake accijns [en houdende intrekking van richtlijn 92/12/EEG]?


(1)  PB L 284 van 29.10.2010, blz. 1.

(2)  Richtlijn 2008/118/EG van de Raad van 16 december 2008 houdende een algemene regeling inzake accijns en houdende intrekking van richtlijn 92/12/EEG (PB L 9 van 14.1.2009, blz. 12).