23.11.2013   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 344/34


Arrest van het Hof (Tiende kamer) van 10 oktober 2013 (verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door het Østre Landsret — Denemarken) — Ministeriet for Forskning, Innovation og Videregående Uddannelser/Manova A/S

(Zaak C-336/12) (1)

(Prejudiciële verwijzing - Overheidsopdrachten - Richtlijn 2004/18/EG - Beginsel van gelijke behandeling - Niet-openbare procedure - Aankondiging van opdracht - Verzoek tot opneming van laatst gepubliceerde balans in inschrijvingsdossier - Ontbreken van die balans in dossier van bepaalde gegadigden - Mogelijkheid voor aanbestedende dienst die gegadigden te verzoeken die balans over te leggen na afloop van termijn voor indienen van inschrijvingsdossiers)

2013/C 344/59

Procestaal: Deens

Verwijzende rechter

Østre Landsret

Partijen in het hoofdgeding

Verzoekende partij: Ministeriet for Forskning, Innovation og Videregående Uddannelser

Verwerende partij: Manova A/S

Voorwerp

Verzoek om een prejudiciële beslissing — Østre Landsret — Uitlegging van bijlage II B bij richtlijn 2004/18/EG van het Europees Parlement en de Raad van 31 maart 2004 betreffende de coördinatie van de procedures voor het plaatsen van overheidsopdrachten voor werken, leveringen en diensten (PB L 134, blz. 114) — Beginsel van gelijke behandeling — Aanbestedende dienst die als voorwaarde voor de voorafgaande selectie heeft gesteld dat de gegadigde zijn meest recente balans overlegt — Verzoek van de aanbestedende dienst aan gegadigden die hun meest recente balans niet hebben toegevoegd aan hun verzoek tot deelneming aan de voorafgaande selectie om de ontbrekende balansen over te leggen, ondanks dat de termijn voor de indiening van het verzoek tot deelneming aan de voorafgaande selectie is verstreken

Dictum

Het beginsel van gelijke behandeling moet aldus worden uitgelegd dat het zich niet ertegen verzet dat een aanbestedende dienst na afloop van de inschrijvingstermijn om deel te nemen aan een overheidsopdracht een gegadigde verzoekt documenten over te leggen waarin diens situatie wordt beschreven, zoals de gepubliceerde balans, en waarvan objectief kan worden vastgesteld dat zij dateren van voor het einde van de inschrijvingstermijn om deel te nemen aan een aanbestedingsprocedure, voor zover de stukken van die aanbesteding niet uitdrukkelijk de overlegging ervan voorschreven op straffe van uitsluiting van de inschrijving. Een dergelijk verzoek mag niet ten onrechte in het voordeel of nadeel zijn van de gegadigde of gegadigden tot wie dit verzoek is gericht.


(1)  PB C 287 van 22.9.2012.