Beschikking van het Hof (Zevende kamer) van 15 december 2010 – Goncharov/BHIM

(Zaak C‑156/10 P)

„Hogere voorziening – Gemeenschapsmerk – Merken die bestaan uit letterwoorden – Ouder merk DSB – Woordteken ‚DSBW’ – Oppositieprocedure – Relatieve weigeringsgrond – Onderzoek van verwarringsgevaar – Visuele overeenstemming – Fonetische overeenstemming – Niet-ontvankelijkheid – Beoordeling van feiten”

Hogere voorziening – Middelen – Onjuiste beoordeling van feiten en bewijsmateriaal – Niet-ontvankelijkheid – Toetsing door Hof van beoordeling van feiten en bewijsmateriaal – Uitgesloten, behoudens geval van onjuiste opvatting (Art. 256, lid 1, tweede alinea, VWEU; Statuut van het Hof van Justitie, art. 58, eerste alinea) (cf. punt 38)

Voorwerp

Hogere voorziening ingesteld tegen het arrest van het Gerecht (Vierde kamer) van 21 januari 2010, Goncharov/BHIM - DSB (DSBW) (T‑34/07), waarbij het Gerecht heeft verworpen het beroep tot vernietiging van de beslissing van de tweede kamer van beroep van het BHIM van 4 december 2006 om het woordteken „DSBW” niet in te schrijven als gemeenschapsmerk voor een aantal diensten van de klassen 39, 41 en 43 en om de oppositie ingesteld door de houder van het oudere gemeenschapswoordmerk „DSB” toe te wijzen – Verwarringsgevaar – Verzuim om bij het onderzoek van verwarringsgevaar rekening te houden met de bijzondere kenmerken van merken die uit letterwoorden bestaan – Schending van artikel 8, lid 1, sub b, van verordening (EG) nr. 40/94

Dictum

1)

De hogere voorziening wordt afgewezen.

2)

K. Goncharov wordt verwezen in de kosten.