4.4.2009   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 82/3


Arrest van het Hof (Tweede kamer) van 12 februari 2009 — Commissie van de Europese Gemeenschappen/Helleense Republiek

(Zaak C-45/07) (1)

(Niet-nakoming - Artikelen 10 EG, 71 EG en 80, lid 2, EG - Maritieme veiligheid - Controle van schepen en havenfaciliteiten - Internationale overeenkomsten - Respectieve bevoegdheden van Gemeenschap en lidstaten)

(2009/C 82/04)

Procestaal: Grieks

Partijen

Verzoekende partij: Commissie van de Europese Gemeenschappen (vertegenwoordigers: K. Simonsson, M. Konstantinidis, F. Hoffmeister en I. Zervas, gemachtigden)

Verwerende partij: Helleense Republiek (vertegenwoordigers: A. Samoni-Rantou en S. Chala, gemachtigden)

Interveniënt aan de zijde van verwerende partij: Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland (vertegenwoordigers: I. Rao, gemachtigde, bijgestaan door D. Anderson, QC)

Voorwerp

Niet-nakoming — Schending van de artikelen 10, 71 en 80, lid 2, EG — Indiening bij een internationale organisatie van een voorstel op een gebied dat tot de exclusieve externe bevoegdheid van de Gemeenschap behoort — Maritieme veiligheid — Voorstel voor de controle van de conformiteit van de schepen en de havenfaciliteiten met de vereisten van hoofdstuk XI-2 van het SOLAS-verdrag en de ISPS-code

Dictum

1)

Door bij de Internationale Maritieme Organisatie (IMO) een voorstel (MSC 80/5/11) in te dienen inzake de controle van de conformiteit van de schepen en de havenfaciliteiten met de vereisten van hoofdstuk XI-2 van het Internationaal Verdrag voor de beveiliging van mensenlevens op zee, gesloten te Londen op 1 november 1974, en van de Internationale Code voor de beveiliging van schepen en havenfaciliteiten, is de Helleense Republiek de krachtens de artikelen 10 EG, 71 EG en 80, lid 2, EG op haar rustende verplichtingen niet nagekomen.

2)

De Helleense Republiek wordt verwezen in de kosten.


(1)  PB C 82 van 14.4.2007.