Arrest van het Hof (Derde kamer) van 20 september 2007 – Nestlé /BHIM

(Zaak C‑193/06 P)

„Hogere voorziening – Gemeenschapsmerk – Verordening (EG) nr. 40/94 – Artikel 8, lid 1, sub b – Beeldmerk dat woordelement ‚QUICKY’ bevat – Oppositie door houder van oudere nationale woordmerken QUICKIES – Verwarringsgevaar – Globale beoordeling”

Gemeenschapsmerk – Definitie en verkrijging van gemeenschapsmerk – Relatieve weigeringsgronden – Oppositie door houder van gelijk of overeenstemmend ouder merk dat is ingeschreven voor zelfde of soortgelijke waren of diensten (Verordening nr. 40/94 van de Raad, art. 8, lid 1, sub b) (cf. punten 34‑35, 46-47, 76)

Voorwerp

Hogere voorziening tegen het arrest van het Gerecht van eerste aanleg (Eerste kamer) van 22 februari 2006, Nestlé/BHIM, interveniënte: Quick restaurants SA (zaak T‑74/04), waarbij het Gerecht heeft verworpen het beroep tot vernietiging van de beslissing van de tweede kamer van beroep van het BHIM van 17 december 2003 (zaak R 922/2001‑2) inzake een oppositieprocedure tussen Société des Produits Nestlé SA en Quick restaurants SA

Dictum

1)

Het arrest van het Gerecht van eerste aanleg van de Europese Gemeenschappen van 22 februari 2006, Nestlé/BHIM – Quick (QUICKY) (T‑74/04), wordt vernietigd voor zover het Gerecht in strijd met artikel 8, lid 1, sub b, van verordening (EG) nr. 40/94 van de Raad van 20 december 1993 inzake het gemeenschapsmerk de visuele overeenstemming van de betrokken tekens niet heeft beoordeeld op basis van de door deze tekens opgeroepen totaalindruk.

2)

De hogere voorziening wordt afgewezen voor het overige.

3)

De zaak wordt teruggewezen naar het Gerecht van eerste aanleg van de Europese Gemeenschappen.

4)

De beslissing omtrent de kosten wordt aangehouden.