11.7.2022   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 265/1


MEDEDELING VAN DE COMMISSIE

betreffende informatie in verband met risico’s en niet-naleving in het kader van periodieke herzieningen van Uitvoeringsverordening (EU) 2019/1793 van de Commissie

(2022/C 265/01)

1.   Inleiding

In deze mededeling van de Commissie wordt een uiteenzetting gegeven van de relevante criteria en overwegingen in het kader van periodieke herzieningen krachtens artikel 12 van Uitvoeringsverordening (EU) 2019/1793 (1). Het doel van deze mededeling is om het proces transparant te maken voor burgers, exploitanten van bedrijven en nationale bevoegde autoriteiten, zowel in de EU als op grondgebieden en in derde landen van waaruit levensmiddelen en diervoeders van niet-dierlijke oorsprong die onder Uitvoeringsverordening (EU) 2019/1793 vallen worden ingevoerd in de EU.

Deze mededeling is bedoeld om burgers, exploitanten van bedrijven en nationale bevoegde autoriteiten te helpen om de uitvoering van artikel 12 van Uitvoeringsverordening (EU) 2019/1793 beter te begrijpen. Alleen het Hof van Justitie van de EU heeft de bevoegdheid om het EU-recht uit te leggen. De zienswijzen die in deze mededeling naar voren worden gebracht lopen niet vooruit op eventuele standpunten die de Commissie voor de rechterlijke instanties van de EU en nationale rechtbanken zou kunnen innemen.

2.   Toepassingsgebied van Uitvoeringsverordening (EU) 2019/1793

In Uitvoeringsverordening (EU) 2019/1793 worden regels vastgesteld betreffende de tijdelijke verhoging van de officiële controles en noodmaatregelen met betrekking tot de binnenkomst in de Unie van bepaalde goederen uit bepaalde derde landen, op basis van de bevoegdheden uit hoofde van artikel 47, lid 2, punt b), en artikel 54, lid 4, punten a) en b), van Verordening (EU) 2017/625 van het Europees Parlement en de Raad (2) en op grond van artikel 53, lid 1, punt b), van Verordening (EU) nr. 178/2002 van het Europees Parlement en de Raad (3).

Uitvoeringsverordening (EU) 2019/1793 heeft tot doel om de consumenten in de EU te beschermen tegen bekende of nieuwe gezondheidsrisico’s, of tegen bewezen wijdverspreide, ernstige niet-naleving van de EU-wetgeving met betrekking tot de agro-voedselketen (zie artikel 1, lid 2, punten a) en c), van Verordening (EU) 2017/625 voor levensmiddelen en diervoeders van niet-dierlijke oorsprong). Uitvoeringsverordening (EU) 2019/1793 voorziet in een geharmoniseerde aanpak van officiële controles van bepaalde levensmiddelen en diervoeders van niet-dierlijke oorsprong die de EU binnenkomen en heeft tot doel om toe te zien op de toepassing van de EU-wetgeving met betrekking tot de agro-voedselketen op die producten.

De producten uit derde landen die aan een tijdelijke verhoging van controles, noodmaatregelen of een opschorting van binnenkomst in de Unie worden onderworpen, zijn opgenomen in de bijlagen bij Uitvoeringsverordening (EU) 2019/1793. Bij de vaststelling van de frequentie van de overeenstemmingscontroles en de materiële controles van producten die aan een tijdelijke verhoging van controles en noodmaatregelen worden onderworpen, wordt in de eerste plaats rekening gehouden met het risiconiveau dat verband houdt met het gevaar in kwestie, niet-nalevingen die worden vastgesteld tijdens officiële controles door bevoegde autoriteiten op de interne markt en de werkelijke frequentie van weigeringen aan de grens. Afhankelijk van het specifieke gevaar zal er rekening moeten worden gehouden met verschillende criteria en zal ook het relatieve gewicht van het criterium verschillen (zie hoofdstukken 3.1 en 3.2.2 hieronder).

In de bijlagen bij Uitvoeringsverordening (EU) 2019/1793 zijn levensmiddelen en diervoeders van niet-dierlijke oorsprong uit bepaalde derde landen en de overeenstemmende maatregelen opgenomen, als volgt:

Bijlage I bij Uitvoeringsverordening (EU) 2019/1793 bevat levensmiddelen en diervoeders van niet-dierlijke oorsprong uit bepaalde derde landen die aan een tijdelijke verhoging van de officiële controles bij binnenkomst in de Unie zijn onderworpen.

Bijlage II bij Uitvoeringsverordening (EU) 2019/1793 bevat levensmiddelen en diervoeders die aan bijzondere voorwaarden zijn onderworpen, bijvoorbeeld het vereiste om een officieel certificaat en resultaten van een laboratoriumanalyse over te leggen, als voorwaarden voor de binnenkomst in de Unie in verband met het risico van verontreiniging met mycotoxinen, met inbegrip van aflatoxinen, residuen van bestrijdingsmiddelen, pentachloorfenol en dioxinen, en microbiologische besmetting.

Bijlage II bis bij Uitvoeringsverordening (EU) 2019/1793 bevat levensmiddelen en diervoeders van niet-dierlijke oorsprong waarvan de binnenkomst in de Unie is opgeschort.

De bijlagen II en II bis vormen noodmaatregelen in de zin van artikel 53 van Verordening (EG) nr. 178/2002.

De producten worden vermeld op basis van hun derde land van oorsprong, de beschrijving van het product, de code van de gecombineerde nomenclatuur (GN-code) en het geïntegreerde tarief van de Europese Unie (Taric-indeling), en het gevaar. Producten uit een derde land kunnen tegelijkertijd zijn onderworpen aan een tijdelijke verhoging en/of noodmaatregelen (behalve voor opschorting van binnenkomst in de Unie) voor meer dan één gevaar.

Volgens artikel 12 van Uitvoeringsverordening (EU) 2019/1793 moet de Commissie de lijsten in de bijlagen regelmatig, maar ten minste eens in de zes maanden herzien teneinde rekening te houden met nieuwe informatie over risico’s en niet-naleving. Bij een nieuw risico, of wanneer er bewijsmateriaal is van een wijdverspreide, ernstige niet-naleving van EU-wetgeving met betrekking tot de agro-voedselketen, kan op elk ogenblik een vrijwaringsmaatregel worden opgelegd, variërend van speciale invoervoorwaarden (vermelding van het product in bijlage I of bijlage II) tot opschorting van de binnenkomst in de Unie (vermelding in bijlage II bis) als reactie op dreigende risico’s, ongeacht de regelmatige herzieningen.

De benodigde wijzigingen in Uitvoeringsverordening (EU) 2019/1793 worden vastgesteld overeenkomstig de onderzoeksprocedure als bedoeld in artikel 58, lid 2, van Verordening (EG) nr. 178/2002 en artikel 145, lid 2, van Verordening (EU) 2017/625.

Om ervoor te zorgen dat zendingen producten die vanuit het land van oorsprong zijn verzonden voordat een wijziging in de verordening in werking treedt, kunnen binnenkomen in de Unie, kunnen overgangsperioden nodig zijn. Gedurende dergelijke perioden kunnen exploitanten en derde landen zich aanpassen aan de voorschriften van de verordening die de in de bijlagen opgenomen producten wijzigt, en kunnen de bevoegde autoriteiten van derde landen waar nodig een certificeringssysteem organiseren. In bepaalde situaties wordt mogelijk, op basis van het risiconiveau, niet in een overgangsperiode voorzien.

3.   Stappen van de herziening overeenkomstig artikel 12 van Uitvoeringsverordening (EU) 2019/1793

3.1.    In Uitvoeringsverordening (EU) 2019/1793 opgenomen gevaren

Producten worden vermeld op basis van de combinatie herkomst/GN-code/gevaar.

De lijst van gevaren in Uitvoeringsverordening (EU) 2019/1793 die de basis kunnen vormen om officiële controles of noodmaatregelen te verhogen, is niet uitputtend. Momenteel omvat de uitvoeringsverordening onder meer de volgende gevaren:

a)

microbiologisch: Salmonella;

b)

chemisch:

i)

verontreinigende stoffen: aflatoxinen, pentachloorfenol en dioxinen;

ii)

residuen van bestrijdingsmiddelen: residuen van bestrijdingsmiddelen die zijn opgenomen in het gecoördineerd meerjarig communautair controleprogramma dat de Commissie heeft vastgesteld overeenkomstig artikel 29, lid 2, van Verordening (EG) nr. 396/2005 (4), en andere residuen van bestrijdingsmiddelen, zoals amitraz, nicotine, tolfenpyrad, diafenthiuron, dicofol, dithiocarbamaten, dinotefuran, folpet, prochloraz, thiofanaat-methyl, triforine, acefaat, fenthoaat, chloorbufam, formetanaat, prothiofos, quinalfos, carbofuran, metrafenon;

iii)

andere gevaren: Sudan-kleurstoffen, rodamine B, sulfieten, cyanide, ethyleenoxide.

Bovenstaande lijst van gevaren kan in een bepaalde fase worden uitgebreid wanneer bepaalde producten uit bepaalde landen voor een specifiek gevaar moeten worden opgenomen. De lijst is dan ook niet uitputtend; alleen de huidige gevaren worden in deze mededeling vermeld.

3.2.    Informatie verzamelen

De informatiebronnen, de verzamelde informatie en de referentieperiode voor het verzamelen van informatie voor elk product worden hieronder beschreven.

3.2.1   Informatiebronnen

Om in het kader van de beoordeling van mogelijke wijzigingen van Verordening (EU) 2019/1793 de benodigde informatie te verzamelen, wordt gebruikgemaakt van verschillende informatiebronnen:

a)

informatie-uitwisseling tussen de Commissie en de lidstaten – voorstellen voor de opname van nieuwe combinaties van producten/gevaren, opmerkingen, wijzigingsverzoeken;

b)

informatie verkregen van derde landen, maatregelen die derde landen hebben genomen om te zorgen voor naleving van toepasselijke EU-voorschriften;

c)

informatie over de controles die de Commissie in derde landen uitvoert overeenkomstig artikel 120 van Verordening (EU) 2017/625 – auditverslagen;

d)

informatie van de Europese Autoriteit voor voedselveiligheid (EFSA);

e)

documenten met resultaten van officiële controles in het Traces-NT-systeem.

3.2.2   Verzamelde informatie voor elk product

a)

Resultaten van officiële controles die de lidstaten op de vermelde producten hebben uitgevoerd, opgenomen in Traces-NT:

i)

totaal aantal zendingen van levensmiddelen en diervoeders van niet-dierlijke oorsprong die in de EU zijn ingevoerd;

ii)

totaal aantal overeenstemmings- en materiële controles die de bevoegde autoriteiten van de lidstaten hebben uitgevoerd op zendingen levensmiddelen en diervoeders van niet-dierlijke oorsprong die in de EU zijn ingevoerd;

iii)

totaal aantal gedetecteerde ongunstige controleresultaten tijdens materiële controles (laboratoriumanalyse) voor het specifieke gevaar waarvoor het product in de lijst is opgenomen;

iv)

percentage ongunstige controleresultaten met betrekking tot het aantal overeenstemmingscontroles en materiële controles op zendingen voor het gevaar waarvoor het product in de lijst is opgenomen.

b)

Kennisgevingen in het systeem voor snelle waarschuwingen voor levensmiddelen en diervoeders (RASFF) en de systemen voor administratieve bijstand en samenwerking (AAC) voor niet-naleving en voedselfraude: aantal RASFF-kennisgevingen van weigeringen bij de grens en AAC-kennisgevingen van niet-naleving en van voedselfraude voor combinaties van herkomst/product/gevaar.

c)

Handelsvolumes voor betreffende producten verstrekt door Eurostat.

3.2.3   Referentieperiode voor het verzamelen van informatie

De referentieperiode voor de Commissie om de in punt 3.2.2 beschreven informatie voor elk product te verzamelen komt overeen met het volledige semester (in het voorgaande jaar of tijdens hetzelfde jaar) voordat een nieuw herzieningsproces is begonnen. De referentieperiode (het semester) loopt van januari tot juni en van juli tot december van een bepaald jaar. Meer recente ontwikkelingen en trends worden in aanmerking genomen wanneer zij relevant zijn voor de beoordeling van specifieke trends, zodat een volledig geïnformeerd besluit kan worden genomen. Voor producten die voor het eerst in de bijlagen moeten worden opgenomen, kan rekening worden gehouden met informatie uit meerdere semesters.

3.3.    Informatieanalyse

3.3.1.   Stappen in het informatieanalyseproces

Het proces van regelmatige herziening begint met het verzamelen van relevante informatie zoals beschreven in punt 3.2.3 en het analyseren van beschikbare informatie. Analyseresultaten, een herziening van de combinatie herkomst/product/gevaar en voorgestelde wijzigingen voor bijlagen worden met de lidstaten besproken in een werkgroep van het Permanent Comité voor planten, dieren, levensmiddelen en diervoeders (“Permanent Comité”). Met de lidstaten overeengekomen resultaten worden ingediend bij het Permanent Comité voor planten, dieren, levensmiddelen en diervoeders (5) voor advies van de lidstaten.

3.3.2.   Overwegingen voor informatieanalyse

Bij de beoordeling van informatie die wordt verzameld voor mogelijke wijzigingen van Verordening (EU) nr. 2019/1793 wordt rekening gehouden met verschillende factoren.

De analyse is gebaseerd op alle verzamelde informatie zoals vermeld in punt 3.2.2 betreffende een bepaald product. Afhankelijk van de combinatie herkomst/product/gevaar, wordt evenwel een beoordeling per geval uitgevoerd. Zo kan het zijn dat er maatregelen worden gehandhaafd, zelfs als de handel feitelijk is stopgezet, wanneer er geen bewijzen zijn van verbetering van het risicobeheer met betrekking tot het gevaar in kwestie of een gevaar op de plaats van herkomst van het product, waardoor op basis van de beschikbare informatie het risico op uitvoer van onveilige producten naar de EU blijft bestaan.

Relevante factoren zijn bijvoorbeeld seizoensgebonden handelspatronen, trends in tijd en handelsvolumes.

Wanneer in een derde land een potentieel systemisch probleem is gedetecteerd dat verder gaat dan bevindingen met betrekking tot de verantwoordelijkheid van individuele exploitanten voor de naleving van hun uitvoer van de EU-regels, en wanneer de lidstaten niveaus van niet-naleving melden die niet significant verbeteren, wordt een geharmoniseerde, graduele reactie ingevoerd, afhankelijk van de omvang van het probleem en het voorzienbare beheer:

a)

opname in bijlage I/ toename van de frequentie van controles van producten die al in bijlage I zijn opgenomen (als een maatregel die gevolgen heeft voor exploitanten die zendingen van levensmiddelen en diervoeders van niet-dierlijke oorsprong invoeren in de EU, en indirect voor de derde landen);

b)

opname in bijlage II/ er worden speciale invoervoorwaarden vastgesteld waarbij de specifieke verantwoordelijkheid wordt gelegd bij de bevoegde autoriteiten van exporterende derde landen, via een verplichting om bij de bron te testen en de overeenstemming van zendingen met EU-regels te certificeren;

c)

opname in bijlage IIa/ wanneer levensmiddelen of diervoeders van niet-dierlijke oorsprong die in de EU worden ingevoerd een ernstig risico voor de menselijke gezondheid, de dierengezondheid of het milieu vormen, kan opschorting van de binnenkomst in de Unie van bepaalde producten worden opgelegd als de strengste maatregel, vanwege ernstige/terugkerende gezondheidsproblemen en/of onopgeloste systemische problemen.

3.4.    Mogelijke wijzigingen die voortvloeien uit informatieanalyse

De besluiten voor elk product afzonderlijk zijn gebaseerd op informatieanalyses en op besprekingen met de lidstaten tijdens vergaderingen van werkgroepen over tijdelijke maatregelen voor de invoer van levensmiddelen en diervoeders van niet-dierlijke oorsprong. Het besluit wordt van geval tot geval genomen voor elk afzonderlijk product, rekening houdend met een combinatie van factoren: gevaar, frequentie van niet-naleving, handelsvolumes, omvang van het probleem en de prognose voor de adequate beheersing ervan.

Mogelijke besluiten betreffende wijzigingen van de bijlagen bij Verordening (EU) 2019/1793 zijn:

a)

opname van een product in een bijlage;

b)

schrappen van een product uit een bijlage;

c)

schrappen van een product uit een bijlage en verplaatsing naar een andere bijlage;

d)

veranderingen in de frequentie van vereiste overeenstemmings- en materiële controles bij binnenkomst in de Unie: toename of afname. De frequenties zijn vastgesteld op 5 %, 10 %, 20 %, 30 % en 50 %.

De frequentie van overeenstemmings- en materiële controles kunnen van geval tot geval variëren op basis van een combinatie van meerdere factoren zoals beschreven in de punten 3.1 en 3.2 hierboven, en wordt vastgesteld in samenspraak met de lidstaten tijdens vergaderingen van werkgroepen.

3.5.    Procedure

Het ontwerp van wetswijziging, dat is voorbereid op basis van de informatieanalyse en resultaten van besprekingen met de lidstaten tijdens vergaderingen van werkgroepen, wordt voor advies ingediend bij het Permanent Comité voor planten, dieren, levensmiddelen en diervoeders. Nadat het ontwerp van wetswijziging bij de stemming van het Permanent Comité een positief advies heeft gekregen, wordt het door de Commissie vastgesteld en bekendgemaakt in het Publicatieblad van de Europese Unie (PBEU). In de periode tussen de ontvangst van een positief advies van het Permanent Comité en vóór vaststelling door de Commissie brengt de Commissie het betrokken derde land per brief op de hoogte van de beoogde veranderingen (bv. opname in/schrappen uit bijlagen, veranderingen in de frequentie van overeenstemmings- en materiële controles) voor de producten die zijn opgenomen in de bijlagen van het ontwerp van wetswijziging. Na bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Unie dient de EU een sanitaire en fytosanitaire (SPS) kennisgeving in bij de Wereldhandelsorganisatie (WTO).

4.   Verklarende woordenlijst

AAC

In het systeem voor administratieve bijstand en samenwerking (Administrative Assistance and Cooperation System), dat is ontwikkeld en wordt beheerd door de Commissie, wisselen de leden van het EU-voedselfraudenetwerk informatie uit. De lidstaten kunnen contact opnemen met de bevoegde autoriteiten van een andere lidstaat en informatie op een beveiligde manier delen, wat kan leiden tot administratieve maatregelen, administratieve sancties of gerechtelijke procedures. In 2020 werd het AAC volledig geïntegreerd in het systeem voor snelle waarschuwingen voor levensmiddelen en diervoeders (Rapid Alert System for Food and Feed – iRASFF).

Binnenkomst in de Unie

De handeling waarmee goederen in een van de in bijlage I bij Verordening (EU) nr. 2017/625 vermelde grondgebieden worden binnengebracht van buiten die grondgebieden, zoals gedefinieerd in artikel 3, punt 40, van die verordening.

EFSA

De Europese Autoriteit voor voedselveiligheid (EFSA) is een Europees agentschap dat in 2002 door de EU is opgericht krachtens Verordening (EG) nr. 178/2002. De EFSA is verantwoordelijk voor het beoordelen van risico’s in de hele voedselketen en het verstrekken van onafhankelijk wetenschappelijk advies aan de besluitvormers die de voedselveiligheid in de EU reguleren. Zij werkt onafhankelijk van de Europese wetgevende en uitvoerende instellingen (de Commissie, de Raad en het Parlement) en de EU-lidstaten.

EU

Europese Unie

Eurostat

Eurostat is het bureau voor de statistiek van de EU. Eurostat coördineert statistische activiteiten op EU-niveau en verstrekt hoogkwalitatieve statistieken en gegevens over de EU.

Gevaar

Agens of toestand die een schadelijke uitwerking op de gezondheid van mensen, dieren of planten, het dierenwelzijn of het milieu kan hebben, zoals gedefinieerd in artikel 3, lid 23, van Verordening (EU) 2017/797.

GN-code

De code van de gecombineerde nomenclatuur (GN-code) is een instrument voor het indelen van goederen dat is opgezet om zowel aan de vereisten van het gemeenschappelijk douanetarief als aan die van de statistieken van de buitenlandse handel van de Gemeenschap te voldoen. De GN-code wordt hoofdzakelijk gebruikt wanneer de goederen worden aangegeven bij de douane in de EU en is bepalend voor het douanerechtentarief dat van toepassing is. De code stemt overeen met de goederennomenclatuur die is ingesteld in bijlage I bij Verordening (EEG) nr. 2658/87. Die bijlage bevat de nomenclatuur van het geharmoniseerde systeem.

In de handel brengen

In de handel brengen wordt in artikel 3, punt 8, van Verordening (EG) nr. 178/2002 gedefinieerd als het voorhanden hebben van levensmiddelen of diervoeders met het oog op de verkoop, met inbegrip van het ten verkoop aanbieden, of enige andere vorm van al dan niet gratis overdracht, alsmede de eigenlijke verkoop, distributie en andere vormen van overdracht zelf.

Invoer van levensmiddelen en diervoeders

“Invoer van levensmiddelen en diervoeders” verwijst naar levensmiddelen en diervoeders van niet-dierlijke oorsprong die zijn bestemd om in de EU in de handel te worden gebracht of die zijn bestemd voor particulier gebruik of particuliere consumptie binnen het douanegebied van de EU.

Levensmiddelen en diervoeders van niet-dierlijke oorsprong

De woorden “levensmiddelen en diervoeders van niet-dierlijke oorsprong” verwijzen naar “levensmiddelen”, met name alle stoffen en producten, verwerkt, gedeeltelijk verwerkt of onverwerkt, die bestemd zijn om door de mens te worden geconsumeerd of waarvan redelijkerwijs kan worden verwacht dat zij door de mens worden geconsumeerd zoals gedefinieerd in artikel 2 van Verordening (EG) nr. 178/2002, en naar “diervoeders”, met name alle stoffen en producten, inclusief additieven, verwerkt, gedeeltelijk verwerkt of onverwerkt, die bestemd zijn om te worden gebruikt voor orale vervoedering aan dieren, zoals gedefinieerd in artikel 3, lid 4, van Verordening (EG) nr. 178/2002, van plantaardige oorsprong (bv. groenten en fruit, specerijen, thee), of van enige andere niet-dierlijke oorsprong, zoals mineralen (zout).

Naleving

Naleving van de regels als bedoeld in artikel 1, lid 2, van Verordening (EU) 2017/625.

Officiële controles

Het begrip “officiële controles” is in artikel 2, lid 1, van Richtlijn (EU) 2017/625 gedefinieerd als de activiteiten die worden verricht door de bevoegde autoriteiten of de gemachtigde instanties of natuurlijke personen aan wie overeenkomstig Verordening (EU) 2017/625 bepaalde officiële controletaken zijn gedelegeerd, teneinde te verifiëren of a) de exploitanten die verordening en de in artikel 1, lid 2, bedoelde regels naleven de exploitanten die verordening en de in artikel 1, lid 2, bedoelde regels naleven; en b) dieren of goederen voldoen aan de voorschriften die zijn neergelegd in de in artikel 1, lid 2, bedoelde voorschriften, met inbegrip van de voorschriften voor de afgifte van een officieel certificaat of een officiële verklaring.

PBEU

Het Publicatieblad van de Europese Unie (PB EU) is het officiële blad van de Europese Unie.

Permanent Comité voor planten, dieren, levensmiddelen en diervoeders

Het Permanent Comité voor planten, dieren, levensmiddelen en diervoeders ( “Permanent Comité”) bestaat uit vertegenwoordigers van alle lidstaten en wordt voorgezeten door een vertegenwoordiger van de Commissie. Het Permanent Comité speelt een belangrijke rol bij het waarborgen dat de EU-maatregelen betreffende de veiligheid van levensmiddelen en diervoeders, diergezondheid en -welzijn alsook de gezondheid van planten praktisch en doeltreffend zijn. Het verstrekt adviezen over ontwerpmaatregelen die de Commissie wil vaststellen. Het mandaat van het Permanent Comité heeft betrekking op de gehele voedselvoorzieningsketen – van diergezondheidskwesties op het landbouwbedrijf tot het product op de tafel van de consument – waardoor het de EU helpt doeltreffend om te gaan met gezondheidsrisico’s in elke fase van de productieketen.

RASFF

Het systeem voor snelle waarschuwingen over levensmiddelen en diervoeders (Rapid Alert System for Food and Feed) is ingesteld bij artikel 50 van Verordening (EG) nr. 178/2002 als een systeem voor snelle waarschuwingen voor kennisgevingen van het bestaan van een direct of indirect risico voor de gezondheid van de mens, verband houdend met een levensmiddel of diervoeder, en heeft de vorm van een netwerk waarvan de EU-lidstaten en de Commissie lid zijn en het EFSA beheerder is. Ook de lidstaten van de Europese Vrijhandelsassociatie (EVA) en de toezichtautoriteit van de EVA maken deel van uit van het RASFF. De verschillende soorten kennisgevingen zijn vermeld in artikel 2 van Uitvoeringsverordening (EU) 2019/1715. In die verordening zijn ook uitvoeringsmaatregelen vastgesteld voor de efficiënte werking van het RASFF. De kennisgevingen van het RASFF die als weigeringen aan de grens worden ingedeeld, hebben betrekking op levensmiddelen, diervoeders of materialen die met levensmiddelen in aanraking komen waarvoor binnenkomst in de Unie is geweigerd door een bevoegde autoriteit bij een grenspost binnen de EU wegens een risico voor de menselijke gezondheid, de gezondheid van de dieren of het milieu.

Risico

Een functie van de kans op een nadelig effect op de gezondheid van mensen, dieren of planten, het dierenwelzijn of het milieu, en van de ernst van dat effect, voortvloeiend uit een gevaar, zoals vermeld in artikel 3, punt 24, van Verordening (EU) 2017/625.

SPS

Sanitair en fytosanitair (sanitary and phytosanitary)

Taric-indeling

Taric is het geïntegreerd tarief van de EU, dat is gebaseerd op de gecombineerde nomenclatuur. De Taric-indeling omvat onder meer aanvullende onderverdelingen, “Taric-onderverdelingen” genoemd, die nodig zijn voor het omschrijven van de goederen die aan de specifieke maatregelen van de EU zijn onderworpen, en voor de douanerechten en andere heffingselementen, als bedoeld in artikel 2 van Verordening (EEG) nr. 2658/87 van de Raad.

Traces-NT

Het geïntegreerd veterinair computersysteem (TRAde Control and Expert System) is het meertalige onlineplatform van de Commissie met betrekking tot sanitaire en fytosanitaire certificering dat de invoer van dieren, producten van dierlijke oorsprong, levensmiddelen en diervoeders van niet-dierlijke oorsprong en planten in de EU ondersteunt, alsook het handelsverkeer binnen de EU en de uitvoer door de EU van dieren en bepaalde producten van dierlijke oorsprong. De nieuwe versie van het instrument, Traces New Technology (Traces-NT), beschikt over elektronische certificeringspraktijken waarmee bevoegde autoriteiten van zowel de EU als derde landen officiële documenten en certificaten digitaal kunnen afstempelen of een over een zending genomen besluit kunnen ondertekenen, waardoor het gebruik van certificering op papier overbodig wordt.

WTO

De Wereldhandelsorganisatie (World Trade Organization) ziet toe op de wereldwijde regels voor de handel tussen naties. De belangrijkste functie is ervoor te zorgen dat handelsstromen zo vlot, voorspelbaar en vrij mogelijk gebeuren.

De overeenkomst inzake sanitaire en fytosanitaire maatregelen (SPS-maatregelen) van de WTO stelt dat de landen wijzigingen aan hun sanitaire en fytosanitaire maatregelen moeten melden. SPS-maatregelen zijn alle maatregelen die worden toegepast i) ter bescherming van het leven en de gezondheid van mensen en dieren tegen risico’s die voortvloeien uit additieven, vervuiling, toxinen of ziekteverwekkende organismen in levensmiddelen, dranken of diervoeders; ii) ter bescherming van het leven en de gezondheid van mensen tegen risico’s die voortvloeien uit ziekten die worden gedragen door dieren, planten of producten daarvan, of uit de invoer, vestiging of verspreiding van plaagorganismen; iii) ter bescherming van het leven of de gezondheid van dieren of planten tegen risico’s die voortvloeien uit de invoer, vestiging of verspreiding van plaagorganismen, ziekten, organismen die ziekten dragen of organismen die ziekten veroorzaken; of iv) ter preventie of beperking van andere schade door de invoer, vestiging of verspreiding van plaagorganismen.

In de overeenkomst wordt het volgende verklaard: “Tot de sanitaire of fytosanitaire maatregelen worden gerekend alle relevante wetten, besluiten, regelingen, eisen en procedures, waaronder, inter alia, criteria voor het eindproduct; processen en productiemethodes; onderzoek-, inspectie-, certificerings- en goedkeuringsprocedures; quarantaineregelingen, waaronder de eisen aangaande het vervoer van dieren of planten, of de stoffen die nodig zijn voor het overleven van deze dieren of planten tijdens het vervoer; bepalingen inzake relevante statistische methodes, bemonsteringsprocedures en methodes voor risico-evaluatie; eisen inzake verpakking en etikettering die rechtstreeks verband houden met de veiligheid van voedingsmiddelen.”

Volgens de SPS-overeenkomst moeten de landen de WTO op de hoogte brengen van voorgestelde nieuwe sanitaire en fytosanitaire voorschriften of wijzigingen aan bestaande voorschriften wanneer: i) er geen internationale normen, richtsnoeren of aanbevelingen bestaan, of; ii) de inhoud van een voorgesteld SPS-voorschrift niet substantieel dezelfde is als die van een internationale norm, richtsnoer of aanbeveling, en, in beide gevallen, als: iii) de verordening aanzienlijke gevolgen voor de handel van andere landen kan hebben.

Zending

Onder een zending wordt verstaan de hoeveelheid goederen die valt onder hetzelfde officiële certificaat, dezelfde officiële verklaring of hetzelfde andere document, die met hetzelfde vervoermiddel worden vervoerd en vanuit hetzelfde grondgebied of derde land komen en, uitgezonderd voor goederen die zijn onderworpen aan de in artikel 1, lid 2, punt g), van Verordening (EU) 2017/625 bedoelde regels, van hetzelfde type zijn, onder dezelfde klasse vallen of aan dezelfde omschrijving beantwoorden, zoals vermeld in artikel 3, lid 37, van Verordening (EU) 2017/625.


(1)  Uitvoeringsverordening (EU) 2019/1793 van de Commissie van 22 oktober 2019 betreffende de tijdelijke verhoging van de officiële controles en noodmaatregelen met betrekking tot de binnenkomst in de Unie van bepaalde goederen uit bepaalde derde landen tot uitvoering van de Verordeningen (EU) 2017/625 en (EG) nr. 178/2002 van het Europees Parlement en de Raad, en tot intrekking van de Verordeningen (EG) nr. 669/2009, (EU) nr. 884/2014, (EU) 2015/175, (EU) 2017/186 en (EU) 2018/1660 van de Commissie (PB L 277 van 29.10.2019, blz. 89).

(2)  Verordening (EU) 2017/625 van het Europees Parlement en de Raad van 15 maart 2017 betreffende officiële controles en andere officiële activiteiten die worden uitgevoerd om de toepassing van de levensmiddelen- en diervoederwetgeving en van de voorschriften inzake diergezondheid, dierenwelzijn, plantgezondheid en gewasbeschermingsmiddelen te waarborgen, tot wijziging van de Verordeningen (EG) nr. 999/2001, (EG) nr. 396/2005, (EG) nr. 1069/2009, (EG) nr. 1107/2009, (EU) nr. 1151/2012, (EU) nr. 652/2014, (EU) 2016/429 en (EU) 2016/2031 van het Europees Parlement en de Raad, de Verordeningen (EG) nr. 1/2005 en (EG) nr. 1099/2009 van de Raad en de Richtlijnen 98/58/EG, 1999/74/EG, 2007/43/EG, 2008/119/EG en 2008/120/EG van de Raad, en tot intrekking van de Verordeningen (EG) nr. 854/2004 en (EG) nr. 882/2004 van het Europees Parlement en de Raad, de Richtlijnen 89/608/EEG, 89/662/EEG, 90/425/EEG, 91/496/EEG, 96/23/EG, 96/93/EG en 97/78/EG van de Raad en Besluit 92/438/EEG van de Raad (verordening officiële controles) (PB L 95 van 7.4.2017, blz. 1).

(3)  Verordening (EG) nr. 178/2002 van het Europees Parlement en de Raad van 28 januari 2002 tot vaststelling van de algemene beginselen en voorschriften van de levensmiddelenwetgeving, tot oprichting van een Europese Autoriteit voor voedselveiligheid en tot vaststelling van procedures voor voedselveiligheidsaangelegenheden (PB L 31 van 1.2.2002, blz. 1).

(4)  Verordening (EG) nr. 396/2005 van het Europees Parlement en de Raad van 23 februari 2005 tot vaststelling van maximumgehalten aan bestrijdingsmiddelenresiduen in of op levensmiddelen en diervoeders van plantaardige en dierlijke oorsprong en houdende wijziging van Richtlijn 91/414/EEG van de Raad (PB L 70 van 16.3.2005, blz. 1).

(5)  Comités voor planten, dieren, levensmiddelen en diervoeders (europa.eu)