21.12.2018   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 461/225


Advies van het Europees Comité van de Regio’s — EU-risicobeoordeling in de voedselketen

(2018/C 461/19)

Algemeen rapporteur:

Miloslav REPASKÝ (SK/EA), lid van het regionale parlement van de autonome regio Prešov

Referentiedocument:

EU-risicobeoordeling in de voedselketen

COM(2018) 179 final

I.   AANBEVELINGEN VOOR WIJZIGINGEN

Wijzigingsvoorstel 1

Overweging 4 van het voorstel voor een verordening

Door de Europese Commissie voorgestelde tekst

Wijzigingsvoorstel van het CvdR

Het is daarom noodzakelijk te zorgen voor een alomvattend en doorlopend risicocommunicatieproces gedurende de risicoanalyse, met betrokkenheid van de risicobeoordelaars en risicomanagers op het niveau van de Unie en op nationaal niveau. Dat proces moet worden gecombineerd met een open dialoog tussen alle belanghebbenden om te zorgen voor coherentie en samenhang binnen het risicoanalyseproces.

Het is daarom noodzakelijk te zorgen voor een alomvattend en doorlopend risicocommunicatieproces gedurende de risicoanalyse, met betrokkenheid van de risicobeoordelaars en risicomanagers op het niveau van de Unie en op nationaal niveau. Dat proces moet worden gecombineerd met een open dialoog tussen alle belanghebbenden , onder meer consumenten en consumentenorganisaties, om te zorgen voor de nodige aandacht voor het openbaar belang, coherentie en samenhang binnen het risicoanalyseproces.

Wijzigingsvoorstel 2

Overweging 8 van het voorstel voor een verordening

Door de Commissie voorgestelde tekst

Wijzigingsvoorstel van het CvdR

(8)

In dit algemene plan moeten de voornaamste factoren worden aangewezen waarmee rekening moet worden gehouden wanneer risicocommunicatieactiviteiten worden overwogen, zoals de verschillende risiconiveaus, de aard van het risico en de mogelijke effecten ervan voor de volksgezondheid, de personen, dieren en zaken die direct of indirect door het risico wordt getroffen, de niveaus van blootstelling aan risico’s, de mogelijkheden voor risicobeheersing en andere factoren die van invloed zijn op de risicoperceptie, met inbegrip van de urgentie, alsmede het toepasselijke wetgevingskader en de desbetreffende marktcontext. In het algemene plan moeten ook de te gebruiken instrumenten en kanalen worden aangewezen en passende mechanismen worden vastgesteld om een samenhangende risicocommunicatie te waarborgen.

(8)

In dit algemene plan moeten de voornaamste factoren worden aangewezen waarmee rekening moet worden gehouden wanneer risicocommunicatieactiviteiten worden overwogen, zoals de verschillende risiconiveaus, de aard van het risico en de mogelijke effecten ervan voor de volksgezondheid, de personen, dieren en zaken die direct of indirect door het risico wordt getroffen, de niveaus van blootstelling aan risico’s, de mogelijkheden voor risicobeheersing en andere factoren die van invloed zijn op de risicoperceptie, met inbegrip van de urgentie , de onzekere aspecten van de risicobeoordeling , alsmede het toepasselijke wetgevingskader en de desbetreffende marktcontext. In het algemene plan moeten ook de te gebruiken instrumenten en kanalen worden aangewezen en passende mechanismen worden vastgesteld om een samenhangende risicocommunicatie te waarborgen op alle bestuursniveaus, inclusief het niveau van de lokale en regionale overheden .

Motivering

De lokale en regionale overheden zijn verantwoordelijk voor de tenuitvoerlegging van een aanzienlijk deel van de Europese wetgeving, en het is dan ook van essentieel belang dat zij naar behoren worden betrokken bij de uitvoering van de communicatiestrategie en dat deze strategie coherent is.

Wijzigingsvoorstel 3

Nieuw artikel 8 bis van Verordening (EG) nr. 178/2002

Door de Commissie voorgestelde tekst

Wijzigingsvoorstel van het CvdR

Doelstellingen van risicocommunicatie

Doelstellingen van risicocommunicatie

Met risicocommunicatie worden de volgende doelstellingen nagestreefd, rekening houdend met de respectieve rollen van risicobeoordelaars en risicomanagers:

Met risicocommunicatie worden de volgende doelstellingen nagestreefd, rekening houdend met de respectieve rollen van risicobeoordelaars en risicomanagers:

a)

bevorderen van het besef van en het inzicht in de specifieke kwesties die tijdens het gehele risicoanalyseproces aan de orde komen;

a)

bevorderen van het besef van en het inzicht in de specifieke kwesties die tijdens het gehele risicoanalyseproces aan de orde komen;

b)

bevorderen van de samenhang en transparantie bij het formuleren van aanbevelingen met betrekking tot risicomanagement;

b)

bevorderen van een hoog niveau van bescherming van de gezondheid, de natuur en het milieu en transparantie bij het formuleren van aanbevelingen met betrekking tot risicomanagement;

c)

verschaffen van een deugdelijke basis voor het begrip van risicomanagementbeslissingen;

c)

verschaffen van een deugdelijke basis voor het begrip van risicomanagementbeslissingen;

d)

bevorderen van het inzicht van het publiek in het risicoanalyseproces teneinde het vertrouwen in de resultaten ervan te vergroten;

d)

bevorderen van het inzicht van het publiek in het risicoanalyseproces teneinde het vertrouwen in de resultaten ervan te vergroten;

e)

bevorderen van een juiste mate van betrokkenheid van alle belanghebbenden;

e)

het publiek meer inzicht geven in de begrippen „gevaar” en „risico” en ervoor zorgen dat mensen begrijpen en aanvaarden dat de risico’s en voordelen moeten worden afgewogen;

f)

zorgen voor een goede uitwisseling van informatie met de belanghebbenden met betrekking tot de risico’s in verband met de landbouw- en voedselketen.

f )

bevorderen van een juiste mate van betrokkenheid van alle belanghebbenden en versterken van de betrekkingen en het wederzijds respect ; en

 

g)

zorgen voor een goede uitwisseling van informatie met de belanghebbenden met betrekking tot de risico’s in verband met de landbouw- en voedselketen.

Motivering

De manier waarop tegen de begrippen risico en gevaar wordt aangekeken verschilt van lidstaat tot lidstaat, wat ook van invloed is op het debat ter zake tussen beleidsmakers, academici, regelgevers en de industrie; in dit licht dient erop te worden gewezen dat het belangrijk is het publiek meer inzicht te geven in deze begrippen en ervoor te zorgen dat het begrijpt en aanvaardt dat afwegingen moeten worden gemaakt tussen risico’s en voordelen.

Wijzigingsvoorstel 4

Nieuw artikel 8 ter van Verordening (EG) nr. 178/2002

Door de Commissie voorgestelde tekst

Wijzigingsvoorstel van het CvdR

Algemeen plan voor risicocommunicatie

Algemeen plan voor risicocommunicatie

1.   Aan de Commissie wordt de bevoegdheid toegekend om, in nauwe samenwerking met de Autoriteit en de lidstaten en na passende openbare raadplegingen, overeenkomstig artikel 57 bis gedelegeerde handelingen vast te stellen teneinde een algemeen plan op te stellen voor risicocommunicatie inzake aangelegenheden met betrekking tot de landbouw- en voedselketen, rekening houdend met de relevante doelstellingen en algemene beginselen zoals neergelegd in de artikelen 8 bis en 8 ter.

1.   Aan de Commissie wordt de bevoegdheid toegekend om, in nauwe samenwerking met de Autoriteit en de lidstaten en na passende openbare raadplegingen, overeenkomstig artikel 57 bis gedelegeerde handelingen vast te stellen teneinde een algemeen plan op te stellen voor risicocommunicatie inzake aangelegenheden met betrekking tot de landbouw- en voedselketen, rekening houdend met de relevante doelstellingen en algemene beginselen zoals neergelegd in de artikelen 8 bis en 8 ter.

2.   Het algemene plan voor risicocommunicatie heeft tot doel een geïntegreerd kader voor risicocommunicatie te bevorderen, dat zowel de risicobeoordelaars als de risicomanagers op coherente en systematische wijze in acht nemen, zowel op het niveau van de Unie als op nationaal niveau. In het plan worden:

2.   Het algemene plan voor risicocommunicatie heeft tot doel een geïntegreerd kader voor risicocommunicatie te bevorderen, dat zowel de risicobeoordelaars als de risicomanagers op coherente en systematische wijze in acht nemen, zowel op het niveau van de Unie als op nationaal , regionaal en lokaal niveau. In het plan worden:

de voornaamste factoren aangewezen waarmee rekening moet worden gehouden bij de beoordeling van het soort risicocommunicatieactiviteiten dat nodig is, en het niveau daarvan;

de voornaamste factoren aangewezen waarmee rekening moet worden gehouden bij de beoordeling van het soort risicocommunicatieactiviteiten dat nodig is, en het niveau daarvan;

de belangrijkste voor de voor risicocommunicatiedoeleinden te gebruiken instrumenten en kanalen aangewezen, rekening houdend met de behoeften van relevante doelgroepen;

de belangrijkste voor de voor risicocommunicatiedoeleinden te gebruiken instrumenten en kanalen aangewezen, rekening houdend met de behoeften van relevante doelgroepen;

passende mechanismen vastgesteld ter versterking van de samenhang van de risicocommunicatie tussen risicobeoordelaars en risicomanagers en gezorgd voor een open dialoog tussen alle belanghebbenden.

passende mechanismen vastgesteld ter versterking van de samenhang van de risicocommunicatie tussen risicobeoordelaars en risicomanagers en gezorgd voor een open dialoog tussen alle belanghebbenden.

3.   De Commissie stelt het algemene plan voor risicocommunicatie binnen [twee jaar na de datum van toepassing van deze verordening] en houdt het actueel, rekening houdend met de technische en wetenschappelijke vooruitgang en de opgedane ervaring.”.

3.   De Commissie stelt het algemene plan voor risicocommunicatie binnen [twee jaar na de datum van toepassing van deze verordening] en houdt het actueel, rekening houdend met de technische en wetenschappelijke vooruitgang en de opgedane ervaring.”.

Motivering

Zie de motivering bij wijzigingsvoorstel 1.

Wijzigingsvoorstel 5

Artikel 39.2, lid 1

Door de Europese Commissie voorgestelde tekst

Wijzigingsvoorstel van het CvdR

Artikel 39

Artikel 39

Geheimhouding

Geheimhouding

[…]

[…]

(1)

de methode, en andere technische en industriële specificaties in verband met die methode, die worden gebruikt voor de vervaardiging of productie van de zaak waarop het verzoek om een specifiek product van wetenschappelijke output, met inbegrip van een wetenschappelijk advies, betrekking heeft;

(1)

de methode, en andere technische en industriële specificaties in verband met die methode, die worden gebruikt voor de vervaardiging of productie van de zaak waarop het verzoek om een specifiek product van wetenschappelijke output, met inbegrip van een wetenschappelijk advies, betrekking heeft , op voorwaarde dat de aanvrager bewijst dat de methode in kwestie geen schadelijke gevolgen heeft voor de gezondheid en het milieu ;

[…]

[…]

Motivering

Er moet meer aandacht komen voor de bescherming van de gezondheid en het milieu.

Wijzigingsvoorstel 6

Artikel 39.4.b

Door de Europese Commissie voorgestelde tekst

Wijzigingsvoorstel van het CvdR

Artikel 39

Artikel 39

Geheimhouding

Geheimhouding

[…]

[…]

4.   In afwijking van de leden 2 en 3 wordt de volgende informatie evenwel openbaar gemaakt:

4.   In afwijking van de leden 2 en 3 wordt de volgende informatie evenwel openbaar gemaakt:

[…]

[…]

b)

informatie die deel uitmaakt van de conclusies van specifieke producten van de wetenschappelijke output van de Autoriteit, met inbegrip van wetenschappelijke adviezen, en die betrekking heeft op de te verwachten gezondheidseffecten .”.

b)

informatie die deel uitmaakt van de conclusies van specifieke producten van de wetenschappelijke output van de Autoriteit, met inbegrip van wetenschappelijke adviezen, en die betrekking heeft op mogelijke effecten voor de gezondheid van mens of dier of voor het milieu .”.

Motivering

Er moet meer aandacht komen voor de bescherming van de gezondheid en het milieu.

II.   BELEIDSAANBEVELINGEN

HET EUROPEES COMITÉ VAN DE REGIO’S

Achtergrond

1.

is ingenomen met het initiatief van de Commissie om de transparantie en duurzaamheid van de EU-risicobeoordeling in de voedselketen te verbeteren, aangezien hiermee een stap wordt gezet in de richting van duidelijkere transparantievoorschriften, met name wat betreft de door de EFSA in haar risicobeoordelingen gebruikte wetenschappelijke studies; ook zal hiermee het beheer van de EFSA verbeteren, zal de wetenschappelijke samenwerking tussen de lidstaten en de EFSA worden versterkt, zullen de lidstaten nauwer worden betrokken bij de wetenschappelijke activiteiten van de EFSA, en wordt het mogelijk een brede en doeltreffende communicatiestrategie op het gebied van risico’s uit te werken.

2.

Dit initiatief is ongetwijfeld een stap in de goede richting, maar het is ten zeerste de vraag of de voorgestelde wijzigingen ertoe zullen leiden dat de studies en gegevens die worden gebruikt bij de risicobeoordeling van gereguleerde producten en stoffen aan een onafhankelijk wetenschappelijk onderzoek kunnen worden onderworpen, gelet op het huidige wettelijke kader voor gegevensbescherming en vertrouwelijkheidsregels.

3.

Het wetgevingsvoorstel is opgesteld naar aanleiding van de bevindingen van de geschiktheidscontrole die de Commissie in het kader van Verordening (EG) nr. 178/2002 inzake de levensmiddelenwetgeving (1) heeft verricht, en is tevens een reactie op het Europees burgerinitiatief „Verbied glyfosaat en bescherm mens en milieu tegen giftige bestrijdingsmiddelen”; met het voorstel worden een aantal sectorgebonden wetgevingsinstrumenten gewijzigd.

4.

De geschiktheidscontrole van Verordening (EG) nr. 178/2002 heeft aangetoond dat mensen graag zouden zien dat het risicobeoordelingsproces op het gebied van de levensmiddelenwetgeving en de daarop gebaseerde besluitvorming transparanter worden. Voorts wordt er in de conclusies van de geschiktheidscontrole op gewezen dat ook op andere gebieden verandering nodig is; het gaat dan met name om het beheer van de EFSA (er bestaan twijfels over haar vermogen om de hoge kwaliteit en onafhankelijkheid van wetenschappelijke studies te handhaven, en er wordt gewezen op de noodzaak om de samenwerking met alle lidstaten te versterken) en het gebrek aan communicatie over risico’s in het algemeen.

5.

Risicobeoordelingen op EU-niveau worden uitgevoerd door de EFSA, die werd opgericht bij de verordening algemene levensmiddelenwetgeving. De EFSA is een onafhankelijk wetenschappelijk orgaan dat op verzoek van de Commissie, de lidstaten en het Europees Parlement alsook op eigen initiatief deskundige beoordelingen uitvoert op het vlak van de veiligheid van levensmiddelen en diervoeders in de EU. Deze risicobeoordelingen staan los van het risicobeheer, waarvoor de Europese Commissie grotendeels verantwoordelijk is.

Transparantie, onafhankelijkheid en betrouwbaarheid van de EU-risicobeoordeling

6.

Burgers en andere belanghebbenden hebben aangegeven zich zorgen te maken over de transparantie en onafhankelijkheid van door de industrie opgestelde studies en gegevens die door de EFSA worden gebruikt bij haar risicobeoordelingen in het kader van de vergunningsprocedures voor gereguleerde producten of stoffen.

7.

Het Commissievoorstel doet recht aan het subsidiariteits- en het evenredigheidsbeginsel.

8.

Bij de huidige vergunningsprocedure is het de aanvrager zelf (de industrie) die rechtstreeks opdracht geeft voor de studies die nodig zijn voor de aanvraagdossiers. Die werkwijze komt voort uit het idee dat geen overheidsgeld mag worden gebruikt om studies te laten uitvoeren die de industrie uiteindelijk zullen helpen om een product op de markt te brengen.

9.

Een en ander heeft echter tot gevolg dat de intellectuele-eigendomsrechten met betrekking tot de (inhoud van de) studies die in de risicobeoordelingen worden gebruikt, in handen zijn van de industrie, en dat het dus wellicht niet mogelijk is onafhankelijk wetenschappelijk onderzoek uit te voeren, gezien het nieuwe lid 1 bis van artikel 38 van de verordening algemene levensmiddelenwetgeving, waarin het volgende wordt bepaald: „De openbaarmaking van de in lid 1), onder c), genoemde informatie mag niet worden beschouwd als een expliciete of impliciete toestemming of vergunning om de desbetreffende gegevens en informatie en de inhoud daarvan te gebruiken, reproduceren of anderszins te exploiteren”.

10.

Als onafhankelijke onderzoekers hun bevindingen niet kunnen publiceren, zullen zij ook geen reden zien om de resultaten van een studie die in de risicobeoordelingen van de EFSA wordt gebruikt, te checken.

11.

Om onafhankelijke onderzoekers in staat stellen de geldigheid van een analyse te beoordelen en de bevindingen van een onderzoek te reproduceren of aan te vullen, moeten zij niet alleen toegang krijgen tot gegevens maar ook tot de gebruikte software. Meer duidelijkheid over het standpunt van de Commissie en de EFSA ten aanzien van de toegang tot de eigendomssoftware die in gesponsorde studies wordt gebruikt, zou dan ook zeer welkom zijn, niet in de laatste plaats met het oog op de doelstelling van de EFSA zelf om haar wetenschappelijke output reproduceerbaar te maken.

12.

De ervaring heeft aangetoond dat het publiek niet altijd even vlot toegang krijgt tot de informatie en gegevens aan de hand waarvan kan worden nagegaan of de veiligheidsbeoordeling van een stof correct is, en dat tussenkomst van de rechterlijke instanties van de EU soms vereist is (2).

13.

Het Comité wijst er in dit verband op dat proactieve publicatie op grond van artikel 12 van Verordening nr. 1049/2001 inzake de toegang van het publiek tot documenten van het Europees Parlement, de Raad en de Commissie, mogelijk is en zelfs wordt aangemoedigd. De EU-regels inzake de toegang van het publiek tot informatie moeten op coherente wijze worden nageleefd door alle wetenschappelijke adviesorganen van de EU, die een samenhangend beleid inzake proactieve openbaarmaking moeten voeren om de voorspelbaarheid te waarborgen.

14.

In dit verband zij opgemerkt dat het Europees Geneesmiddelenbureau in 2016 in het kader van zijn beleid 0070, gericht op het mogelijk maken van publieke controle en de toepassing van nieuwe kennis in toekomstig onderzoek in het belang van de volksgezondheid (3), een leidraad heeft gepubliceerd over het proactieve beleid van het bureau inzake de openbaarmaking van klinische gegevens.

15.

Het Comité onderschrijft het voorstel om een register aan te leggen van alle door de EFSA beheerde studies, waardoor tendentieuze presentatie of het achterhouden van belangrijke veiligheidsinformatie moeilijker wordt; voor klinische proeven bestaat een dergelijk EU-register overigens al (4).

16.

Harmonisatie is belangrijk voor de beoordeling van de vertrouwelijkheid van gegevens; daarom acht het CvdR het niet de beste oplossing om deze verplichting aan de lidstaten op te leggen. Over de vertrouwelijkheid van de gegevens dient de EFSA te beslissen, zodat een uniforme aanpak bij de beoordeling van aanvragen in verband met dit gevoelige onderwerp is gewaarborgd.

Duurzaamheid van de EU-risicobeoordelingsprocedure en beheer door EFSA

17.

Het verheugt het Comité dat dit wetgevingsvoorstel onder meer beoogt het beheer van de EFSA te verbeteren, de wetenschappelijke samenwerking tussen de lidstaten en dit orgaan te versterken en hun deelname aan de wetenschappelijke werkzaamheden van de EFSA te vergroten.

18.

Het Comité juicht de aanzienlijke verhoging van de begroting van de EFSA toe, zodat zij haar nieuwe taken, zoals het laten uitvoeren van onafhankelijke veiligheidstests in uitzonderlijke omstandigheden, kan uitvoeren. Het wijst er echter op dat er voldoende financiële middelen moeten worden gegarandeerd om de EFSA onbelemmerd haar kerntaken te laten uitvoeren.

19.

Het is een goede zaak dat het lidmaatschap van de raad van bestuur van de EFSA en de in de bijlage beschreven procedure voor de externe evaluatie van de EFSA worden afgestemd op de interinstitutionele gemeenschappelijke verklaring van 2012 over de gedecentraliseerde agentschappen van de Unie.

20.

Momenteel zijn er 14 gekozen leden van de raad van bestuur van de EFSA, die volgens het huidige voorstel 35 leden zou gaan tellen. Elke lidstaat moet zijn eigen vertegenwoordiger en plaatsvervanger aanwijzen, zodat de lidstaten meer bij het beheer van de EFSA betrokken raken. De Commissie benoemt twee leden en het Europees Parlement heeft één vertegenwoordiger; vier leden vertegenwoordigen de belangen van het maatschappelijk middenveld en de voedselketen.

21.

Het voorstel voorziet in de mogelijkheid om, in geval van onvoldoende personeel, met name voor kleinere lidstaten (er moeten maximaal 12 nationale deskundigen per lidstaat worden benoemd), deskundigen uit andere lidstaten in EFSA-panels aan te stellen; dit zou echter het beoogde evenwicht in de samenwerking tussen alle lidstaten ondermijnen.

Betere communicatie over risico’s

22.

Het is verheugend dat het algemene plan voor risicocommunicatie, zoals uiteengezet in het voorstel van de Commissie, rekening houdt met de risicoperceptie. In dit verband zij benadrukt dat het van groot belang is het grote publiek bewust te maken van begrippen als „gevaar” en „risico”.

23.

Ondanks de uniforme beginselen voor de beoordeling en toelating van gereguleerde producten bestaan er tussen de lidstaten inconsistenties ten aanzien van de regelgeving voor bepaalde stoffen, die het gevolg kunnen zijn van verschillende benaderingen van de begrippen gevaar, risico en maatschappelijke aanvaarding van het risiconiveau.

24.

In het algemeen neemt het vertrouwen in de beleidsmakers in Europa af. Het Comité wijst erop dat het vertrouwen van het publiek een van de belangrijkste verklarende variabelen is voor de perceptie van risico’s door het publiek. (5) Als het publiek de beleidsmakers of regelgevers vertrouwt, zullen zij de risico’s geringer achten dan wanneer zij hen niet vertrouwen.

25.

Het CvdR steunt daarom het idee om het vertrouwen van het publiek en de belanghebbende partijen in de transparantie en duurzaamheid van de EU-aanpak van voedselveiligheid te vergroten, met name met betrekking tot risicobeoordeling. Tegelijk moet worden bedacht dat een strategie voor risicocommunicatie alleen doeltreffend kan zijn als het publiek en andere relevante belanghebbenden hierbij op een proactieve en productieve manier worden betrokken. Tevens moet ervoor worden gezorgd dat de verschillende afwegingen tussen risico’s en voordelen worden begrepen en aanvaard.

26.

Benadrukt zij dat de risicocommunicatiestrategie van de EU inclusief moet zijn en moet garanderen dat alle bestuursniveaus, van het niveau van de centrale overheid tot dat van de lokale en regionale overheden en andere relevante actoren, naar behoren bij een en ander worden betrokken om te zorgen voor een coherente risicocommunicatiestrategie die de risico’s in verband met de voedselketen aanpakt.

27.

Uitgaande van de analyse en bespreking van het voorstel tot nu toe moet rekening worden gehouden met de verwachte toename van de administratieve lasten, de hogere eisen die aan de nationale deskundigen worden gesteld in het kader van hun lidmaatschap van de raad van bestuur van de EFSA en hun activiteiten in de wetenschappelijke panels van de EFSA, eventuele politieke invloed op de benoeming van nationale deskundigen, met alle gevolgen van dien voor de onafhankelijkheid van de EFSA, en een aanzienlijke financiële impact op alle lidstaten ten gevolge van een forse verhoging van de begroting van de EFSA, alsook met de verwachte budgettaire gevolgen van de brexit.

Brussel, 10 oktober 2018.

De voorzitter van het Europees Comité van de Regio's

Karl-Heinz LAMBERTZ


(1)  Verordening (EG) nr. 178/2002 van het Europees Parlement en de Raad van 28 januari 2002 tot vaststelling van de algemene beginselen en voorschriften van de levensmiddelenwetgeving, tot oprichting van een Europese Autoriteit voor voedselveiligheid en tot vaststelling van procedures voor voedselveiligheidsaangelegenheden.

(2)  Hautala e.a./EFSA (zaak T-329/17), beroep ingesteld op 24 mei 2017.

(3)  http://www.ema.europa.eu/docs/en_GB/document_library/Other/2014/10/WC500174796.pdf

(4)  Europese databank van klinische proeven (EudraCT), beheerd door het Europees Geneesmiddelenbureau.

(5)  Blijkens onderzoek uitgevoerd door Ragnar Löfstedt en andere onderzoekers op het gebied van risicocommunicatie en management.