8.10.2015   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 332/64


Advies van het Europees Economisch en Sociaal Comité over het voorstel voor een richtlijn van de Raad tot wijziging van Richtlijn 2011/16/EU wat betreft verplichte automatische uitwisseling van inlichtingen op het gebied van de belastingen

(COM(2015) 135 final — 2015/0068 (CNS))

en over het voorstel voor een richtlijn van de Raad tot intrekking van Richtlijn 2003/48/EG van de Raad

(COM(2015) 129 final — 2015/0065 (CNS))

(2015/C 332/07)

Algemeen rapporteur:

Petru Sorin DANDEA

De Raad heeft op 31 maart 2015 besloten het Europees Economisch en Sociaal Comité overeenkomstig artikel 115 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie te raadplegen over het

„Voorstel voor een richtlijn van de Raad tot wijziging van Richtlijn 2011/16/EU wat betreft verplichte automatische uitwisseling van inlichtingen op het gebied van de belastingen

(COM(2015) 135 final — 2015/0068 CNS)

en het

„Voorstel voor een richtlijn van de Raad tot intrekking van Richtlijn 2003/48/EG van de Raad”

(COM(2015) 129 final — 2015/0065 (CNS)).

Het bureau van het Comité heeft op 17 maart 2015 besloten de afdeling Economische en Monetaire Unie, Economische en Sociale Samenhang met de voorbereidende werkzaamheden ter zake te belasten.

Gezien de urgentie van de werkzaamheden heeft het EESC tijdens zijn op 27 en 28 mei 2015 gehouden 508e zitting (vergadering van 27 mei 2015) de heer Petru Sorin DANDEA aangewezen als algemeen rapporteur en het onderhavige advies met 148 stemmen vóór en 11 tegen, bij 15 onthoudingen, goedgekeurd.

1.   Conclusies en aanbevelingen

1.1.

Het EESC is ingenomen met het door de Europese Commissie voorgelegde voorstel voor een richtlijn, waarmee zij de invoering van maatregelen voortzet uit het actieplan voor de bestrijding van belastingfraude en -ontduiking (1).

1.2.

Het EESC pleit ervoor om inlichtingen over voorafgaande grensoverschrijdende rulings en voorafgaande prijsafspraken op te nemen in het mechanisme voor verplichte automatische uitwisseling van informatie, zoals vastgelegd in Richtlijn 2011/16/EU van de Raad, voor zover zij, in bepaalde situaties, gebruikt worden door ondernemingen die transnationale activiteiten verrichten, om structuren op te bouwen die tot uitholling van de belastinggrondslag in de lidstaten leiden en de doeltreffendheid van de interne markt benadelen;

1.3.

Het EESC is tegenstander van legale belastingontduiking die, zonder illegaal te zijn, niettemin een immorele praktijk vormt omdat zij ondernemingen die er gebruik van kunnen maken de mogelijkheid biedt om in absolute zin veel minder belasting te betalen dan kleine en middelgrote ondernemingen.

1.4.

Het EESC meent dat de in de ontwerprichtlijn genoemde maatregelen tot een flinke daling van de gederfde inkomsten voor de lidstaten kunnen leiden; daarom beveelt het aan deze zo snel mogelijk goed te keuren.

1.5.

De inlichtingen over de voorafgaande rulings en prijsafspraken zijn van groot belang en kunnen de lidstaten helpen om kunstmatige transacties te achterhalen. Het EESC wijst er echter op dat het vaak moeilijk zal zijn om een transactie als kunstmatig aan te merken. Daarom spoort het de lidstaten aan om de bepalingen van de ontwerprichtlijn zo correct mogelijk om te zetten.

1.6.

Het is raadzaam dat de Commissie haar onderhandelingen met de OESO opvoert om te bereiken dat de EBITB-norm (grondslaguitholling en winstverschuiving) wordt goedgekeurd en dat zij de bepalingen uit de ontwerprichtlijn bevat. De EBITB-norm, en de OESO-norm voor verplichte automatische uitwisseling van gegevens zijn de nuttigste instrumenten om belastingfraude en -ontduiking mondiaal te bestrijden.

1.7.

Het EESC is verheugd dat het voorstel van de Commissie dat de afschaffing beoogt van Richtlijn 2003/48/EG van de Raad over de belasting op spaarrente („richtlijn betreffende belastingheffing op inkomsten uit spaargelden”). Richtlijn 2014/107/EU van de Raad, die Richtlijn 2011/16/EU van de Raad heeft gewijzigd, dekt alle financiële producten, met inbegrip van de producten waarop de richtlijn over de belasting op spaarrente betrekking heeft. Dit voorstel tot wijziging moet vermijden dat tegelijkertijd twee normen worden gehanteerd en betekent een vereenvoudiging van de regelgeving.

2.   De voorstellen van de Commissie

2.1.

Op 18 maart 2015 heeft de Commissie drie documenten (2) voorgelegd ter uitvoering van maatregelen uit het actieplan om de bestrijding van belastingfraude en -ontduiking kracht bij te zetten (3). Het eerste document, COM(2015) 135 final, is een voorstel voor een richtlijn van de Raad tot wijziging van Richtlijn 2011/16/EU betreffende de administratieve samenwerking op het gebied van de belastingen. Het tweede is mededeling COM(2015) 136 final, die de geboekte vooruitgang in beeld brengt op het gebied van fiscale transparantie, en de maatregelen die de Commissie beoogt om deze te vergroten. Het derde, COM(2015) 129 final, is een voorstel voor een richtlijn van de Raad tot intrekking van Richtlijn 2003/48/EG (over de belasting op spaarrente, de zgn. „richtlijn betreffende belastingheffing op inkomsten uit spaargelden”).

2.2.

Het voorstel moet ervoor zorgen dat Richtlijn 2011/16/EU een alomvattende en doeltreffende administratieve samenwerking tussen de belastingdiensten tot stand brengt door te voorzien in de verplichte automatische uitwisseling van inlichtingen over voorafgaande grensoverschrijdende rulings en voorafgaande prijsafspraken die door ondernemingen worden gebruikt. Deze praktijken kunnen soms tot gevolg hebben dat inkomsten laag worden belast in de lidstaat die de ruling heeft afgegeven en zij kunnen er zo toe leiden dat er maar weinig inkomsten overblijven voor belastingheffing in andere lidstaten.

2.3.

Het voorstel voor een richtlijn van de Raad tot intrekking van Richtlijn 2003/48/EG van de Raad (richtlijn over de belasting op spaarrente, de zgn.„richtlijn betreffende belastingheffing op inkomsten uit spaargelden”) is nodig omdat dit voorstel, na de goedkeuring, op 9 december 2014, van Richtlijn 2014/107/EU van de Raad tot wijziging van Richtlijn 2011/16/EU wat betreft verplichte automatische uitwisseling van inlichtingen op het gebied van de belastingen, die in de Europese wetgeving de mondiale norm voor automatische uitwisseling van informatie over financiële rekeningen invoert, ook betrekking heeft op spaargeld, naast andere vormen van inkomsten. Daarom moet de richtlijn inzake de belasting op spaarrente worden ingetrokken om te vermijden dat er tegelijkertijd twee normen van toepassing zijn, wat voor de ondernemingen extra en onevenredige rompslomp betekent.

2.4.

De mededeling van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad over de fiscale transparantie voor de bestrijding van belastingfraude en -ontduiking schetst de geboekte vooruitgang in de uitvoering van maatregelen uit het actieplan voor de bestrijding van belastingfraude en -ontduiking. De Commissie gaat tevens in op de maatregelen die eventueel in de toekomst worden geïmplementeerd.

3.   Algemene opmerkingen

3.1.

Met de ontwerprichtlijn tot wijziging van Richtlijn 2011/16/EU voor administratieve samenwerking op het gebied van de belastingen gaat de Commissie verder met de uitvoering van maatregelen uit het actieplan ter bestrijding van belastingfraude en -ontduiking, dat zij eind 2012 op verzoek van de Europese Raad heeft voorgelegd. In zijn desbetreffend advies (4) juicht het EESC het plan toe en betuigt het zijn steun aan de Commissie bij de bestrijding van deze praktijken, die de interne markt verstoren.

3.2.

Het is de bedoeling dat de ontwerprichtlijn in de soorten inlichtingen die verplicht en automatisch uitgewisseld worden, ook gegevens opneemt over voorafgaande grensoverschrijdende rulings en voorafgaande prijsafspraken. Ondernemingen vragen belastingdiensten vaak informatie over rulings om bevestigd te zien dat hun commerciële activiteiten legaal zijn. Op zichzelf zijn rulings geen probleem; tal van lidstaten hanteren ze. Maar soms maken ondernemingen er gebruik van om structuren op te bouwen om minder belasting te betalen, hetgeen tot uitholling van de belastinggrondslag in de lidstaten leidt en de doeltreffendheid van de interne markt benadeelt. Het EESC is ervoor dat deze gegevens in een categorie worden opgenomen waarvan de inlichtingen verplicht en automatisch worden uitgewisseld omdat de lidstaten deze informatie nodig hebben in hun strijd tegen agressieve belastingplanning.

3.3.

Met de door de Commissie bepleite wijzigingen kunnen de lidstaten ook nagaan welke structuren ondernemingen gebruiken die tot een uitholling van de belastinggrondslag leiden, bijvoorbeeld door verrekenprijzen te hanteren zodat minder belasting over inkomsten wordt betaald in andere landen dan de lidstaat waar die inkomsten zijn ontstaan. Het EESC heeft zich herhaaldelijk tegen deze praktijken geuit die, zonder dat ze illegaal zijn, niettemin immoreel zijn omdat ze lidstaten bewegen tot hogere belasting van kleine belastingbetalers, ongeacht of het om ondernemingen of natuurlijke personen gaat, die uiteindelijk in absolute zin, meer belasting betalen dan de grote ondernemingen.

3.4.

De Commissie ziet in dat legale belastingontduiking, alsook belastingfraude en illegale belastingontduiking in hoge mate grensoverschrijdend zijn en dat deze verschijnselen door de mondialisering en de toegenomen mobiliteit van belastingbetalers worden gestimuleerd. Het EESC meent dat de in de ontwerprichtlijn genoemde maatregelen tot een flinke daling van de gederfde inkomsten voor de lidstaten kunnen leiden; daarom beveelt het aan deze zo snel mogelijk goed te keuren.

3.5.

Door de opname van spaargelden in de categorie van inkomsten die verplicht en automatisch worden uitgewisseld volgens de richtlijn inzake de administratieve samenwerking op fiscaal gebied wordt de regelgeving vereenvoudigd en neemt tegelijk de transparantie in de belastingheffing toe. Het EESC is voorstander van de ontwerprichtlijn tot intrekking van Richtlijn 2003/48/EG van de Raad (richtlijn over de belasting op spaarrente, de zgn. „richtlijn betreffende belastingheffing op inkomsten uit spaargelden”), waarvan de reikwijdte wordt overgenomen en uitgebreid in Richtlijn 2014/107/EU van de Raad tot wijziging van Richtlijn 2011/16/EU, voor wat betreft de verplichte automatische uitwisseling van gegevens op het gebied van de belastingen.

4.   Bijzondere opmerkingen

4.1.

De agressieve fiscale planning die door sommige ondernemingen met transnationale activiteiten wordt aangemoedigd, leidt ertoe dat lidstaten jaarlijks honderden miljarden euro begrotingsinkomsten derven. Het EESC pleit ervoor dat zowel door nationale autoriteiten vastgestelde voorafgaande rulings als voorafgaande prijsafspraken worden opgenomen in de categorie inlichtingen die verplicht en automatisch worden uitgewisseld krachtens artikel 8, lid 5, onder a) van Richtlijn 2011/16/EU; het meent voorts dat deze wijziging nodig is om de fiscale transparantie te verbeteren en om dit negatieve fenomeen te bestrijden.

4.2.

De lidstaten hebben volgens de bepalingen van de ontwerprichtlijn toegang tot informatie over de twee types besluiten, maar dit garandeert niet dat de door de ondernemingen gebruikte structuren om belastingbetaling te vermijden, zullen worden uitgebannen. Meestal maken deze structuren gebruik van hiaten in de nationale wetgevingen of de asymmetrieën tussen deze wetgevingen. Het EESC beveelt de Commissie en de lidstaten aan op permanente basis naar vereenvoudiging en harmonisatie van het huidige rechtskader te streven, niet alleen op Europees, maar ook op nationaal niveau.

4.3.

De inlichtingen over de voorafgaande rulings en prijsafspraken zijn van groot belang en kunnen de lidstaten helpen om kunstmatige transacties te achterhalen. Dankzij de invoering van de algemene antimisbruikregel, volgens Richtlijn 2011/96/EU (richtlijn betreffende de gemeenschappelijke fiscale regeling voor moedermaatschappijen en dochterondernemingen uit verschillende lidstaten) zullen de lidstaten ten gevolge van kunstmatige transacties gederfde belastinginkomsten kunnen verhalen. Het EESC wijst er echter op dat het vaak moeilijk zal zijn om een transactie als kunstmatig aan te merken.

4.4.

Het EESC herhaalt zijn voorstel uit een eerder advies, te weten dat de lidstaten een procedure zouden moeten invoeren die ondernemingen die legale belastingontduiking aanmoedigen of activiteiten verrichten via gebieden die bekend staan als belastingparadijzen, de toegang tot Europese of overheidsmiddelen ontzegt.

4.5.

Rekening houdend met de grote hoeveelheid informatie die verplicht en automatisch zal worden uitgewisseld, en in het besef dat nieuwe vormen van informatie aan de reeds onder artikel 8 vallende vormen worden toegevoegd, beveelt het EESC de lidstaten aan om te zorgen voor het nodige personeel en informatietechnologie om de bepalingen van de ontwerprichtlijn correct uit te voeren. Het EESC acht het overigens nodig dat het personeel van de nationale fiscale autoriteiten die belast zijn met de verplichte automatische uitwisseling van gegevens opgeleid wordt voor zowel het juiste gebruik van de formulieren die samen met de Commissie worden opgesteld en voor een vlottere gegevensuitwisseling zullen zorgen, als voor de registratie van deze gegevens in een toekomstig centraal, door de Commissie beheerd bestand.

4.6.

Na de in 2013 aangebrachte wijzigingen en ten gevolge van de in deze ontwerprichtlijn bepleite wijzigingen voorziet Richtlijn 2011/16/EU in de uitwisseling van informatie over alle belangrijke soorten inkomsten van natuurlijke personen, en meer nog van rechtspersonen. Dit betekent dat de lidstaten zullen kunnen beschikken over informatie over inkomsten die in de gehele Europese Unie zijn ontvangen. Ondernemingen die agressieve fiscale planning aanmoedigen hanteren vaak ook structuren waarbij landen of gebieden buiten de EU betrokken zijn. Voor zover het voorstel van de Commissie in de onderhavige ontwerprichtlijn verder gaat dan de geplande EBITB-norm (grondslaguitholling en winstverschuiving), waarover met de OESO onderhandeld wordt, raadt het EESC de Commissie en de lidstaten aan om de handen ineen te slaan zodat de EBITB-norm en de norm voor verplichte automatische uitwisseling van gegevens daadwerkelijk mondiale normen worden.

4.7.

Het EESC is verheugd dat het voorstel van de Commissie dat de afschaffing beoogt van Richtlijn 2003/48/EG van de Raad over de belasting op spaarrente („richtlijn betreffende belastingheffing op inkomsten uit spaargelden”). Zoals we hebben geschetst dekt Richtlijn 2014/107/EU van de Raad, die Richtlijn 2011/16/EU van de Raad heeft gewijzigd, in concreto alle financiële producten, met inbegrip van de producten waarop de richtlijn over de belasting op spaarrente betrekking heeft. Het is de bedoeling dat onderhavige ontwerprichtlijn vermijdt dat tegelijkertijd twee normen van toepassing zijn voor de uitwisseling van gegevens over financiële rekeningen. De fiscale regelgeving wordt zodoende vereenvoudigd en wint aan transparantie.

Gedaan te Brussel, 27 mei 2015.

De voorzitter van het Europees Economisch en Sociaal Comité

Henri MALOSSE


(1)  COM(2012) 722 final — Actieplan ter versterking van de strijd tegen belastingfraude en belastingontduiking

(2)  COM(2015) 135 final — Voorstel voor een richtlijn van de Raad tot wijziging van Richtlijn 2011/16/EU wat betreft verplichte automatische uitwisseling van inlichtingen op het gebied van de belastingen

COM(2015) 136 final — Mededeling van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad over fiscale transparantie ter bestrijding van belastingontduiking en -ontwijking

COM(2015) 129 final — Voorstel voor een richtlijn van de Raad tot intrekking van Richtlijn 2003/48/EG van de Raad

(3)  COM(2012) 722 final — Actieplan ter versterking van de strijd tegen belastingfraude en belastingontduiking

(4)  Advies van het Europees Economisch en Sociaal Comité over de mededeling van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad — Actieplan ter versterking van de strijd tegen belastingfraude en belastingontduiking (PB C 198 van 10.7.2013, blz. 34).