52014PC0724

Voorstel voor een VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD betreffende geharmoniseerde indexcijfers van de consumptieprijzen en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 2494/95 /* COM/2014/0724 final - 2014/0346 (COD) */


TOELICHTING

1.       ACHTERGROND VAN HET VOORSTEL

Ten behoeve van de Europese Commissie en de Europese Centrale Bank moeten de inflatiemaatstaven in de EU worden geharmoniseerd om de goede werking van de Europese Unie te waarborgen, en met name om een doeltreffend monetair beleid uit te voeren.

Geharmoniseerde indexcijfers van consumptieprijzen zijn essentieel voor het beoordelen en meten van:

· convergentie van de prijsstabiliteit in de EU; en

· de resultaten van het monetaire beleid van de eurozone, wat de verwezenlijking van de doelstelling van prijsstabiliteit betreft.

Als onderdeel van de procedure van de Commissie voor macro-economische onevenwichtigheden worden geharmoniseerde inflatiemaatstaven ook gebruikt om het nationale concurrentievermogen te beoordelen.

Daarom moeten de indexcijfers van de consumptieprijzen in alle landen en alle productsectoren onderling vergelijkbaar zijn. Zij moeten voldoende gedetailleerd zijn en moeten binnen een redelijke termijn kunnen worden geproduceerd. De inflatiecijfers die worden berekend aan de hand van de indexcijfers van consumptieprijzen, moeten een objectieve en onpartijdige basis vormen voor de besluitvorming.

Bovendien zijn vergelijkbare en betrouwbare indexcijfers voor consumentenprijzen, samen met andere bronnen, een waardevolle input voor de deflatie van economische waarden zoals salarissen, huren, rente en gegevens van de nationale rekeningen. Deze chronologische reeksen van geschatte waarden tonen de ontwikkeling van een bepaald economische verschijnsel zonder de invloed van inflatie en zijn een essentiële input voor politieke en economische beslissingen.

In oktober 1995 is een verordening van de Raad inzake geharmoniseerde indexcijfers van de consumptieprijzen (HICP) opgesteld en goedgekeurd, gevolgd door 20 uitvoeringsverordeningen in de volgende 17 jaar.

Gestandaardiseerde regels om voor maximale vergelijkbaarheid te zorgen, blijven belangrijk voor de belangrijkste gebruikers van de HICP, met name de Commissie en de Europese Centrale Bank, maar bepaalde parameters zijn gewijzigd sinds de vaststelling van het oorspronkelijke kader:

· De ontwikkeling van het Europees statistisch systeem (ESS) heeft geleid tot een veel grotere aanvaarding van de noodzaak van een geharmoniseerde aanpak van veel van de methodologische aspecten van de indexcijfers van de consumptieprijzen.

· De technische aspecten van de verzameling van gegevens en de samenstelling van indexcijfers is ingrijpend veranderd als gevolg van de snelle technologische vooruitgang in de afgelopen jaren. Dankzij geavanceerde informatietechnologiesystemen kunnen methoden worden vastgesteld die twintig jaar geleden niet mogelijk werden geacht: de opkomst van barcodegegevens vormt een revolutie in de verzameling van gegevens en het gebruik van diverse internetbronnen voor de prijzen is voortdurend in ontwikkeling.

· In het Verdrag van Lissabon is een nieuw systeem voor comitéprocedures vastgesteld, waarbij gedelegeerde handelingen en uitvoeringshandelingen zijn geïntroduceerd. Dit moet in het rechtskader worden weerspiegeld.

Deze verschillende veranderingen nopen ertoe de wetgeving inzake de HICP te herzien om de rechtsgrondslag te moderniseren en te rationaliseren en aan de huidige, zowel daadwerkelijke als potentiële, behoeften aan te passen. De herziening van de HICP-verordening geeft belanghebbenden de kans om na te denken over de bestaande regels en aanbevelingen, om deze te rationaliseren en de nadruk te leggen op specifieke aspecten aan de hand van de huidige betekenis ervan en het belang van verschillende soorten gebruikers.

Voor veel beleidsterreinen waarop de EU een actieve rol speelt, is informatie nodig over gebeurtenissen en ontwikkelingen die van invloed zijn op de indexcijfers van de consumptieprijzen, zodat operationele doelstellingen kunnen worden geformuleerd en de vooruitgang kan worden geëvalueerd. In de EU-wetgeving is ook bepaald dat Eurostat deflatoren van de hoogst mogelijke kwaliteit moet verstrekken, en de HICP vormen hiervoor een waardevolle input. De indexcijfers moeten tijdig, nauwkeurig, volledig en coherent zijn en op EU-niveau en tussen verschillende productgroepen vergelijkbaar zijn. Alleen door de Europese wetgeving inzake de HICP te moderniseren, kan aan deze eisen worden voldaan.

De voorgestelde HICP-verordening is gebaseerd op de beginselen van de praktijkcode voor Europese statistieken betreffende kwaliteitsbewustzijn, degelijke methoden, kosteneffectiviteit, relevantie, nauwkeurigheid, betrouwbaarheid, coherentie en vergelijkbaarheid.

2.       RESULTATEN VAN DE RAADPLEGING VAN BELANGHEBBENDEN EN EFFECTBEOORDELING

Het ontwerp van de HICP-verordening is besproken door deskundigengroepen bestaande uit zowel producenten van statistieken, met name de nationale bureaus voor de statistiek en de gebruikers van statistieken, met inbegrip van de Europese Commissie, de Europese Centrale Bank en de nationale centrale banken. Het Comité voor het Europees statistisch systeem is geraadpleegd.

Een effectbeoordeling werd niet noodzakelijk geacht.

3.       JURIDISCHE ELEMENTEN VAN HET VOORSTEL

Het doel van dit voorstel is een gemeenschappelijk rechtskader vast te stellen voor de productie van geharmoniseerde indexcijfers van de lidstaten, hetgeen de verzameling, samenstelling, verwerking en indiening van geharmoniseerde indexcijfers van de consumptieprijzen omvat. Deze zijn noodzakelijk voor de systematische productie van inflatiemaatstaven in de Europese Unie.

Dit voorstel vereenvoudigt en verduidelijkt de voorschriften voor de samenstelling van deze indexcijfers. De bijzondere kenmerken van het voorstel zijn:

· het voorziet in een nieuw algemeen kader dat van toepassing is op welomschreven categorieën van productgroepen;

· het stelt een duidelijk en welomschreven toepassingsgebied vast;

· het handhaaft bijzondere maatregelen voor specifieke gebieden zoals gezondheid, onderwijs, sociale bescherming en verzekering;

· het behandelt mogelijke verschillen in interpretatie en problemen voor leveranciers bij de toepassing van de regels;

· het zorgt ervoor dat soortgelijke productgroepen in de gehele EU op dezelfde wijze worden behandeld;

· het schrapt bepalingen die overbodig zijn geworden; en

· het verduidelijkt bepalingen die in het verleden tot verkeerde interpretaties hebben geleid.

Indien verdere specificaties of uniforme voorwaarden nodig zijn voor de tenuitvoerlegging ervan, is in de verordening voorzien in de mogelijkheid om gedelegeerde handelingen of uitvoeringshandelingen vast te stellen overeenkomstig de artikelen 290 en 291 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU).

Er zijn, met het oog op volledige vergelijkbaarheid van de indexcijfers van de consumptieprijzen, met name uniforme voorwaarden nodig voor:

· de uitsplitsing van de HICP naar de categorieën van de Europese classificatie van individuele consumptie naar doel (ECOICOP);

· de methodologie die wordt gebruikt voor de productie van geharmoniseerde indexcijfers;

· de betekenis en het gebruik van statistische eenheden;

· de gewichten die worden gebruikt bij de berekening van geharmoniseerde indexcijfers en metagegevens voor deze gewichten;

· het jaarlijkse tijdschema voor de toezending van geharmoniseerde indexcijfers en de subindexcijfers;

· de normen voor de uitwisseling van gegevens en metagegevens;

· de voorwaarden voor de herziening van gegevens;

· de basisgegevens en de te gebruiken methoden, op basis van de evaluatie van proefstudies; en

· de technische kwaliteitsborgingsvoorwaarden met betrekking tot de inhoud van de jaarlijkse kwaliteitsverslagen, de termijn voor het verstrekken van deze verslagen aan Eurostat en de structuur van de inventaris.

Overeenkomstig artikel 291 van het VWEU worden daarom aan de Commissie uitvoeringsbevoegdheden toegekend.

Overeenkomstig artikel 290 van het VWEU wordt in de voorgestelde verordening aan de Commissie de bevoegdheid overgedragen om niet-wetgevingshandelingen van algemene strekking vast te stellen ter aanvulling of wijziging van niet-essentiële onderdelen van de verordening. Dit zal de Commissie in staat stellen om:

· te zorgen voor vergelijkbaarheid op internationaal niveau van de classificatie van individuele consumptie naar doel (COICOP) die wordt gebruikt voor de uitsplitsing van de HICP;

· een drempel vast te stellen waaronder de verstrekking van subindexcijfers van de geharmoniseerde indexcijfers niet verplicht is; en

· een lijst op te stellen van subindexcijfers die lidstaten niet hoeven te produceren.

De Commissie moet ervoor zorgen dat deze gedelegeerde handelingen voor de lidstaten geen grote extra administratieve lasten opleveren.

Het voorstel tot herziening van de HICP-verordening heeft ten doel tot één rechtshandeling te komen die betrekking heeft op alle uniforme voorwaarden. Momenteel zijn er twintig verschillende uitvoeringsverordeningen. In het kader van de nieuwe verordening worden deze in een rechtshandeling samengevoegd, waardoor de belanghebbenden en de lidstaten meer duidelijkheid krijgen en het beheer eenvoudiger en doeltreffender wordt. De vereenvoudiging op deze wijze van de voorschriften en de uitvoering ervan is een van de belangrijkste doelstellingen van de voorgestelde strategie voor een nieuw rechtskader voor de HICP.

4.       GEVOLGEN VOOR DE BEGROTING

Geen gevolgen voor de begroting van de EU.

2014/0346 (COD)

Voorstel voor een

VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

betreffende geharmoniseerde indexcijfers van de consumptieprijzen en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 2494/95

(Voor de EER relevante tekst)

HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, en met name artikel 338, lid 1,

Gezien het voorstel van de Europese Commissie,

Na toezending van het ontwerp van wetgevingshandeling aan de nationale parlementen,

Gezien het advies van de Europese Centrale Bank[1],

Handelend volgens de gewone wetgevingsprocedure,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)       De geharmoniseerde indexcijfers van de consumptieprijzen (HICP) zijn ontworpen om de inflatie in de lidstaten op een geharmoniseerde manier te meten. De Commissie en de Europese Centrale Bank gebruiken de HICP bij hun beoordeling van de prijsstabiliteit in de lidstaten op grond van artikel 140 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (het Verdrag).

(2)       Het Europees Stelsel van centrale banken (ESCB) gebruikt de HICP als een index voor de meting van de verwezenlijking van de doelstelling van de ESCB inzake prijsstabiliteit uit hoofde van artikel 127, lid 1, van het VWEU, die van bijzonder belang is voor het bepalen en ten uitvoer leggen van het monetair beleid van de Unie uit hoofde van artikel 127, lid 2, van het Verdrag.

(3)       In Verordening (EG) nr. 2494/95[2] is een gemeenschappelijk kader vastgesteld voor het opstellen van geharmoniseerde indexcijfers van de consumptieprijzen Dit rechtskader moet worden aangepast aan de huidige behoeften en de technische vooruitgang.

(4)       Deze verordening houdt rekening met het programma voor betere regelgeving van de Commissie, en in het bijzonder met de mededeling van de Commissie over slimme regelgeving in de Europese Unie[3]. Op het gebied van de statistiek heeft de Commissie prioriteit gegeven aan de vereenvoudiging en verbetering van het systeem van regelgeving voor de statistiek[4].

(5)       De HICP moeten worden uitgesplitst naar de categorieën van de Europese classificatie van individuele consumptie naar doel (ECOICOP). Deze indeling moet ervoor zorgen dat alle Europese statistieken die betrekking hebben op de particuliere consumptie samenhangend en vergelijkbaar zijn. De ECOICOP moet samenhangen met de COICOP van de Verenigde Naties (VN), de internationale standaard voor de classificatie van individuele consumptie naar doel, en moet daarom worden aangepast aan de wijzigingen van de COICOP van de VN.

(6)       De reguliere HICP zijn gebaseerd op waargenomen prijzen, waaronder ook belastingen op producten. Daarom wordt de inflatie beïnvloed door veranderingen van belastingtarieven voor producten. Voor een analyse van de inflatie en voor de beoordeling van de convergentie in de lidstaten moet ook informatie worden verzameld over de gevolgen van belastingwijzigingen voor de inflatie. Daartoe moeten de HICP tevens worden berekend op basis van constante belastingtarieven.

(7)       De mogelijkheid om prijsindexcijfers vast te stellen voor woningen, en met name voor door de eigenaar bewoonde woningen (OOH-indexcijfers), is een belangrijke stap op weg naar verbetering van de relevantie en vergelijkbaarheid van de HICP. Indexcijfers van huizenprijzen zijn een noodzakelijke basis voor de OOH-indexcijfers. Bovendien zijn indexcijfers van de huizenprijzen op zichzelf belangrijke indicatoren.

(8)       De referentieperiode voor prijsindexcijfers moet regelmatig worden geactualiseerd. Er moeten regels voor op verschillende tijdstippen geïntegreerde gemeenschappelijke referentieperioden voor indexcijfers worden opgesteld voor de geharmoniseerde indexcijfers en de subindexcijfers ervan, om ervoor te zorgen dat de daaruit voortvloeiende indexcijfers vergelijkbaar en relevant zijn.

(9)       Met het oog op de geleidelijke harmonisatie van de indexcijfers van de consumptieprijzen moeten proefstudies worden uitgevoerd om te beoordelen wat de mogelijkheden zijn voor het gebruik van aanvullende basisgegevens of de toepassing van nieuwe methodologische benaderingen.

(10)     Er moeten richtsnoeren voor de verschillende stadia van de productie van geharmoniseerde indexcijfers van hoge kwaliteit worden vastgelegd in een methodologische handleiding om de lidstaten te helpen bij het produceren van vergelijkbare indexcijfers van de consumptieprijzen. De methodologische handleiding wordt door de Commissie (Eurostat) in nauwe samenwerking met de lidstaten vastgesteld in het kader van het Europees statistisch systeem en regelmatig bijgewerkt. In de jaarlijkse HICP-inventaris als bedoeld in artikel 9, lid 2, onder b), van deze verordening, moeten de lidstaten de Commissie (Eurostat) in kennis stellen van eventuele verschillen tussen de gebruikte statistische methoden en de methoden die in de methodologische handleiding worden aanbevolen.

(11)     De Commissie (Eurostat) moet de bronnen en methoden die de lidstaten gebruiken voor de berekening van geharmoniseerde indexcijfers, controleren en toezien op de tenuitvoerlegging van het rechtskader door de lidstaten. Hiertoe moet de Commissie (Eurostat) regelmatig overleggen met de statistische autoriteiten van de lidstaten.

(12)     Achtergrondinformatie is van essentieel belang om te beoordelen of de gedetailleerde geharmoniseerde indexcijfers die de lidstaten verstrekken voldoende vergelijkbaar zijn. Bovendien helpen transparante methoden voor de samenstelling en werkwijzen in de lidstaten alle betrokken partijen om inzicht in de geharmoniseerde indexcijfers te krijgen en de kwaliteit ervan verder te verbeteren. Daarom moet een reeks regels voor de verslaglegging van geharmoniseerde metagegevens worden vastgesteld.

(13)     Om de kwaliteit van de geharmoniseerde indexcijfers te waarborgen, moeten overeenkomstig Verordening (EG) nr. 223/2009 van het Europees Parlement en de Raad[5] vertrouwelijke gegevens en metagegevens worden uitgewisseld tussen de Commissie (Eurostat), de nationale centrale banken en de Europese Centrale Bank.

(14)     Daar de doelstelling van deze verordening, namelijk de vaststelling van gemeenschappelijke statistische normen voor geharmoniseerde indexcijfers, niet voldoende door de lidstaten kan worden verwezenlijkt en beter door de Unie kan worden bereikt, kan de Unie volgens het in artikel 5 van het Verdrag betreffende de Europese Unie neergelegde subsidiariteitsbeginsel maatregelen nemen. Overeenkomstig het in dat artikel opgenomen evenredigheidsbeginsel gaat deze verordening niet verder dan nodig is om dit doel te bereiken.

(15)     Teneinde voor vergelijkbaarheid op internationaal niveau van de classificatie van individuele consumptie naar doel (COICOP) die wordt gebruikt voor de uitsplitsing van de HICP, te zorgen, de aanpassing aan de wijzigingen van de COICOP van de VN te waarborgen, een drempel vast te stellen waaronder de verstrekking van subindexcijfers van geharmoniseerde indexcijfers niet verplicht is en een lijst van subindexcijfers vast te stellen die de lidstaten niet hoeven te verstrekken, moet aan de Commissie de bevoegdheid worden overgedragen om overeenkomstig artikel 290 van het Verdrag handelingen inzake geharmoniseerde indexcijfers vast te stellen. Het is van bijzonder belang dat de Commissie bij haar voorbereidende werkzaamheden tot passende raadpleging overgaat, onder meer op deskundigenniveau. De Commissie moet bij de voorbereiding en opstelling van de gedelegeerde handelingen ervoor zorgen dat de desbetreffende documenten tijdig en op gepaste wijze gelijktijdig worden toegezonden aan het Europees Parlement en aan de Raad.

(16)     Teneinde de volledige vergelijkbaarheid van de indexcijfers van de consumptieprijzen te waarborgen, zijn uniforme voorwaarden nodig voor de uitsplitsing van de HICP naar de categorieën van de ECOICOP, voor de toegepaste methodologie bij de productie van de geharmoniseerde indexcijfers, voor de door de statistische eenheden verstrekte informatie, voor de indiening van de gewichten en de metagegevens voor de gewichten, voor de vaststelling van het jaarlijkse tijdschema voor de indiening van de geharmoniseerde indexcijfers en subindexcijfers, voor de normen voor de uitwisseling van gegevens en metagegevens, voor de uniforme voorwaarden voor herzieningen, voor betere basisgegevens of verbeterde methoden op basis van de evaluatie van de proefstudies en voor de technische kwaliteitsborgingsvoorwaarden met betrekking tot de inhoud van de jaarlijkse kwaliteitsverslagen, de termijn voor het verstrekken van het verslag aan de Commissie (Eurostat) en de structuur van de inventaris. Om dergelijke uniforme voorwaarden voor de uitvoering van deze verordening te waarborgen, moeten aan de Commissie uitvoeringsbevoegdheden worden toegekend. Deze bevoegdheden moeten worden uitgeoefend overeenkomstig Verordening (EU) nr. 182/2011 van het Europees Parlement en de Raad[6].

(17)     Bij de vaststelling van uitvoeringsmaatregelen en gedelegeerde handelingen overeenkomstig de bepalingen van deze verordening moet de Commissie zoveel mogelijk rekening houden met de kosteneffectiviteit.

(18)     In het kader van artikel 7 van Verordening (EG) nr. 223/2009 is het Comité voor het Europees statistisch systeem gevraagd om professionele sturing te geven.

(19)     Verordening (EG) nr. 2494/95 moet worden ingetrokken,

HEBBEN DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1 Onderwerp

Deze verordening stelt een gemeenschappelijk kader vast voor de ontwikkeling, productie en verspreiding van geharmoniseerde indexcijfers van de consumptieprijzen (HICP) en van de huizenprijzen (HPI) op het niveau van de Unie en op nationaal en subnationaal niveau.

Artikel 2 Definities

Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:

a)           "ontwikkeling van statistieken": het vaststellen en verbeteren van statistische methoden, normen en procedures voor de productie en verspreiding van statistieken met als doel nieuwe statistische maatregelen en indicatoren uit te werken;

b)           "productie van statistieken": alle stappen voor de samenstelling van statistieken, met inbegrip van de verzameling, opslag, verwerking en analyse van statistieken;

c)           "verspreiding van statistieken": het toegankelijk maken van statistieken, statistische analysen en niet-vertrouwelijke gegevens voor gebruikers;

d)           "producten": goederen en diensten als gedefinieerd in punt 3.01 van bijlage A bij Verordening (EU) nr. 549/2013 van het Europees Parlement en de Raad[7] (hierna "ESR 2010" genoemd);

e)           "consumptieprijzen": de door huishoudens betaalde aankoopprijzen voor de aankoop, in monetaire transacties, van individuele producten;

f)            "aankoopprijs": de prijs die de koper werkelijk voor de producten betaalt, inclusief een eventueel saldo van productgebonden belastingen en subsidies, na aftrek van eventuele kortingen op de normale prijzen of kosten bij aankopen in het groot of buiten een piekperiode, exclusief rente of vergoedingen voor verleende diensten in verband met een kredietregeling en exclusief eventuele extra kosten in verband met wanbetaling;

g)           "geharmoniseerde indexcijfers van de consumptieprijzen (HICP)": door elke lidstaat geproduceerde vergelijkbare indexcijfers van de consumptieprijzen;

h)           "geharmoniseerde indexcijfers van de consumptieprijzen tegen constante belastingtarieven (HICP-CT)": indexcijfers die de veranderingen in de consumptieprijzen meten zonder de invloed van veranderingen in de tarieven van productgebonden belastingen gedurende dezelfde periode;

i)            "door de overheid gereguleerde prijzen": prijzen die ofwel rechtstreeks zijn vastgesteld ofwel in sterke mate zijn beïnvloed door de overheid;

j)            "indexcijfer van de prijzen van door de eigenaar bewoonde woningen (OOH)": een indexcijfer voor de ontwikkeling van de transactieprijzen van woningen die nieuw zijn voor de sector huishoudens en van andere producten die huishoudens verwerven in hun hoedanigheid van bewoner van een eigen woning;

k)           "indexcijfer van de huizenprijzen (HPI)": een indexcijfer voor de ontwikkeling van de transactieprijzen van door huishoudens gekochte woningen;

l)            "subindexcijfer van het HICP": een prijsindexcijfer voor een van de categorieën van de Europese classificatie van individuele consumptie naar doel (hierna "ECOICOP" genoemd) zoals vastgesteld in de bijlage;

m)          "geharmoniseerde indexcijfers": de HICP en de HICP-CT, de OOH-indexcijfers en de HPI;

n)           "Laspeyres-index": een prijsindexcijfer in de vorm van

waarbij P het relatieve indexcijfer van het prijspeil in twee perioden vertegenwoordigt, Q de geconsumeerde hoeveelheden, t0 de basisperiode en tn de periode waarvoor dit indexcijfer is berekend;

o)           "een indexcijfer van het Laspeyres-type": een indexcijfer voor de meting van de gemiddelde prijswijzigingen op basis van ongewijzigde uitgaven ten opzichte van de basisperiode, d.w.z. door het consumptiepatroon van huishoudens vanaf de basisperiode constant te houden;

p)           "referentieperiode voor de indexcijfers": de periode waarvoor het indexcijfer op 100 is gesteld;

q)           "basisgegevens", met betrekking tot de HICP en de HICP-CT: gegevens die betrekking hebben op:

– alle prijzen voor de aankoop van producten die in aanmerking moeten worden genomen bij de berekening van de HICP-subindexcijfers overeenkomstig de bepalingen van deze verordening,

– alle kenmerken die van invloed zijn op de prijs van het product en alle andere kenmerken die relevant zijn voor de desbetreffende verbruiksfunctie,

– informatie over geheven belastingen en accijnzen,

– informatie over de vraag of een prijs volledig of gedeeltelijk door de overheid wordt gereguleerd, en

– alle waarden die de omvang en structuur van de consumptie van de betrokken producten weerspiegelen;

r)            "basisgegevens", met betrekking tot de OOH‑indexcijfers en de HPI: gegevens die betrekking hebben op:

– alle transactieprijzen van door huishoudens gekochte woningen die in aanmerking moeten worden genomen bij de berekening van de HPI-subindexcijfers overeenkomstig de bepalingen van deze verordening,

– alle kenmerken die van invloed zijn op de prijs van de woning of andere relevante kenmerken;

s)            "huishouden": een huishouden als omschreven in bijlage A, punt 2.119, onder a) en b), van de ESR 2010, ongeacht de nationaliteit of verblijfsstatus;

t)            "het economisch gebied van de lidstaat": het gebied als omschreven in bijlage A, punt 2.05 van de ESR 2010, behalve dat de binnen de grenzen van het land gelegen territoriale enclaves zijn inbegrepen en de in de rest van de wereld gelegen territoriale enclaves niet;

u)           "monetaire consumptieve bestedingen van de huishoudens": het gedeelte van de consumptieve uitgaven dat wordt gedaan door:

– huishoudens,

– in monetaire transacties,

– in het economisch gebied van de lidstaat,

– voor producten die worden gebruikt voor de rechtstreekse bevrediging van individuele behoeften en wensen, als omschreven in bijlage A, punt 3.101 van de ESR 2010,

– in een van beide of in beide tijdsperioden die worden vergeleken;

v)           "belangrijke wijziging van productiemethode": een wijziging die wordt geacht het jaarlijkse wijzigingspercentage van een bepaalde geharmoniseerde prijsindex of deel daarvan in een periode te beïnvloeden met meer dan:

– 0,1 procentpunt voor de algemene HICP of de OOH of HPI,

– respectievelijk 0,3, 0,4, 0,5 of 0,6 procentpunten voor elke afdeling, groep, klasse of subklasse (5 cijfers) van de ECOICOP.

Artikel 3 Samenstelling van de geharmoniseerde indexcijfers

1.           De lidstaten dienen bij de Commissie (Eurostat) alle in artikel 2, onder m), omschreven geharmoniseerde indexcijfers in.

2.           Geharmoniseerde indexcijfers worden samengesteld met gebruikmaking van een formule van het Laspeyres-type.

3.           De HICP en de HICP-CT worden gebaseerd op de prijswijzigingen en gewichten van producten die zijn opgenomen in de monetaire consumptieve bestedingen van de huishoudens.

4.           De HICP is niet van toepassing op transacties tussen huishoudens, behalve in het geval van huur die door huurders aan particuliere huiseigenaren is betaald, wanneer deze laatsten fungeren als marktproducent van diensten die worden aangeschaft door huishoudens (huurders).

5.           De HICP-subindexcijfers worden samengesteld voor de categorieën van de ECOICOP. Uniforme voorwaarden voor de uitsplitsing van de HICP naar de categorieën van de ECOICOP worden vastgesteld door middel van uitvoeringshandelingen. Deze uitvoeringshandelingen worden overeenkomstig de in artikel 11, lid 2, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.

Artikel 4 Vergelijkbaarheid van de geharmoniseerde indexcijfers

1.           Om de HICP- of OOH-indexcijfers als vergelijkbaar te beschouwen, moeten eventuele verschillen tussen de landen op alle detailniveaus alleen de verschillen in prijswijzigingen of uitgavenpatronen weerspiegelen.

2.           Eventuele subindexcijfers van de geharmoniseerde indexcijfers die afwijken van de begrippen of methoden van deze verordening, worden vergelijkbaar geacht indien zij resulteren in indexcijfers die naar schatting systematisch als volgt verschillen:

a)      minder dan of gelijk aan 0,1 procent gemiddeld over één jaar ten opzichte van het voorafgaande jaar voor een indexcijfer dat is samengesteld overeenkomstig de methodologische aanpak van deze verordening, in het geval van de HICP;

b)      minder dan of gelijk aan één procent gemiddeld over één jaar ten opzichte van het voorafgaande jaar voor een indexcijfer dat is samengesteld overeenkomstig de methodologische aanpak van deze verordening, in het geval van de OOH en de HPI.

Indien deze berekening niet mogelijk is, moeten de gevolgen van het gebruik van een methode die afwijkt van de concepten en methoden van deze verordening in detail worden beschreven.

3.           De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 10 gedelegeerde handelingen vast te stellen met betrekking tot wijziging van de bijlage teneinde de vergelijkbaarheid van de geharmoniseerde indexcijfers op internationaal niveau te waarborgen.

4.           Om te zorgen voor uniforme voorwaarden wordt de desbetreffende methodologie voor de productie van vergelijkbare geharmoniseerde indexcijfers vastgesteld door middel van uitvoeringshandelingen. Deze uitvoeringshandelingen worden overeenkomstig de in artikel 11, lid 2, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.

Artikel 5 Gegevensvereisten

1.           De lidstaten verzamelen basisgegevens die representatief zijn voor hun land voor de geharmoniseerde indexcijfers en de subindexcijfers ervan.

2.           De gegevens worden verzameld bij statistische eenheden, als omschreven in Verordening (EEG) nr. 696/93 van de Raad[8].

3.           De statistische eenheden, die gegevens verstrekken over producten die zijn opgenomen in de monetaire consumptieve bestedingen van de huishoudens, moeten waar nodig samenwerken bij het verzamelen of verstrekken van de basisgegevens. De statistische eenheden verstrekken nauwkeurige en volledige gegevens, ook in elektronische vorm indien daarom wordt verzocht. Op verzoek van de nationale instanties die zijn belast met de samenstelling van officiële statistieken, verstrekken de statistische eenheden gegevens in elektronische vorm, zoals barcodegegevens, die voldoende gedetailleerd moeten zijn on geharmoniseerde indexcijfers te produceren en om de naleving van de voorschriften voor vergelijkbaarheid en de kwaliteit van de geharmoniseerde indexcijfers te beoordelen. Uniforme voorwaarden voor het verstrekken van deze gegevens worden vastgesteld door middel van uitvoeringshandelingen. Deze uitvoeringshandelingen worden vastgesteld volgens de in artikel 11, lid 2, bedoelde onderzoeksprocedure.

4.           De geharmoniseerde indexcijfers en de subindexcijfers moeten worden omgeschaald naar de gemeenschappelijke referentieperiode 2015. Deze omschaling treedt in werking vanaf het indexcijfer voor januari 2016.

5.           De geharmoniseerde indexcijfers en de subindexcijfers worden omgeschaald naar een nieuwe gemeenschappelijke referentieperiode in geval van een belangrijke methodologische wijziging van de geharmoniseerde indexcijfers of elke 10 jaar vanaf 2015. De omschaling naar de nieuwe referentieperiode wordt van kracht vanaf het indexcijfer voor januari van het volgende kalenderjaar. De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 10 gedelegeerde handelingen vast te stellen om nadere bepalingen over het omschalen van geharmoniseerde indexcijfers ten gevolge van belangrijke methodologische wijzigingen vast te leggen.

6.           Om onnodige lasten voor de lidstaten te voorkomen en aangezien de subindexcijfers van de geharmoniseerde indexcijfers alleen relevant zijn boven een bepaalde drempel, is de Commissie bevoegd overeenkomstig artikel 10 gedelegeerde handelingen vast te stellen om een drempel vast te stellen waaronder de verstrekking van subindexcijfers van de geharmoniseerde indexcijfers niet verplicht is.

7.           De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 10 gedelegeerde handelingen aan te nemen teneinde een lijst van subindexcijfers vast te stellen die de lidstaten niet hoeven te verstrekken, hetzij omdat deze niet van toepassing zijn op de particuliere consumptie of omdat de mate van methodologische harmonisatie onvoldoende is.

Artikel 6 Frequentie

1.           De lidstaten dienen maandelijks bij de Commissie (Eurostat) de HICP, de HICP-CT en de respectieve subindexcijfers ervan in, met inbegrip van de subindexcijfers die met langere tussenpozen worden geproduceerd.

2.           De lidstaten dienen elk kwartaal bij de Commissie (Eurostat) de OOH- en de HPI-indexcijfers in. Deze kunnen op vrijwillige basis ook maandelijks worden verstrekt.

3.           De lidstaten zijn niet verplicht elke maand of elk kwartaal subindexcijfers te produceren wanneer een minder regelmatige verzameling van gegevens voldoende is om de voorschriften voor vergelijkbaarheid van artikel 4 na te leven. De lidstaten stellen de Commissie (Eurostat) in kennis van de ECOICOP- en OOH-categorieën waarvoor zij minder regelmatig dan respectievelijk maandelijks of driemaandelijks van plan zijn gegevens te verzamelen.

4.           Elk jaar voeren de lidstaten een herziening en bijwerking uit van de gewichten van de subindexcijfers van de geharmoniseerde indexcijfers. Uniforme voorwaarden voor de verstrekking van de gewichten en de metagegevens van deze gewichten worden vastgesteld door middel van uitvoeringshandelingen. Deze uitvoeringshandelingen worden overeenkomstig de in artikel 11, lid 2, bedoelde onderzoeksprocedure aangenomen.

Artikel 7 Termijnen, uitwisselingsnormen en herzieningen

1.           De lidstaten verstrekken de geharmoniseerde indexcijfers en alle subindexcijfers uiterlijk twintig kalenderdagen na het einde van de referentiemaand voor maandelijkse reeksen en uiterlijk 85 kalenderdagen na het einde van het referentiekwartaal voor driemaandelijkse reeksen aan de Commissie (Eurostat).

2.           De lidstaten dienen de bij deze verordening voorgeschreven gegevens en metagegevens bij de Commissie (Eurostat) in overeenkomstig de normen voor de uitwisseling van gegevens en metagegevens.

3.           De subindexcijfers van geharmoniseerde indexcijfers die reeds zijn gepubliceerd kunnen worden herzien.

4.           De vaststelling van het in lid 1 genoemde jaarlijkse tijdschema voor de indiening van geharmoniseerde indexcijfers en subindexcijfers, de in lid 2 genoemde normen voor de uitwisseling van gegevens en metagegevens en de in lid 3 genoemde uniforme voorwaarden voor herzieningen worden gedetailleerd omschreven door middel van uitvoeringshandelingen. Deze uitvoeringshandelingen worden overeenkomstig de in artikel 11, lid 2, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.

Artikel 8 Proefstudies

1.           Wanneer er betere basisgegevens nodig zijn voor de samenstelling van geharmoniseerde indexcijfers of wanneer de noodzaak van een betere vergelijkbaarheid van indexcijfers wordt vastgesteld volgens de in artikel 4, lid 2, bedoelde methoden, kan de Commissie (Eurostat) proefstudies inleiden die op vrijwillige basis worden uitgevoerd door de lidstaten.

2.           In de proefstudies wordt nagegaan of het haalbaar is om betere basisinformatie te verkrijgen of nieuwe methodologische benaderingen vast te stellen.

3.           De resultaten van de proefstudies worden geëvalueerd door de Commissie (Eurostat) in nauwe samenwerking met de lidstaten en de voornaamste gebruikers van geharmoniseerde indicatoren, waarbij rekening wordt gehouden met de voordelen van betere informatie over de prijzen in verhouding tot de extra kosten van de verzameling en samenstelling.

4.           Op basis van de evaluatie van de proefstudies worden betere basisgegevens of verbeterde methoden vastgesteld door middel van uitvoeringshandelingen. Deze uitvoeringshandelingen worden overeenkomstig volgens de in artikel 11, lid 2, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.

Artikel 9 Kwaliteitsborging

1.           De lidstaten dragen zorg voor de kwaliteit van de verstrekte geharmoniseerde indexcijfers. Voor de toepassing van deze verordening gelden de standaardkwaliteitscriteria van artikel 12, lid 1, van Verordening (EG) nr. 223/2009.

2.           De lidstaten verstrekken het volgende aan de Commissie (Eurostat):

a)      een jaarlijks standaardkwaliteitsverslag dat de kwaliteitscriteria van artikel 12, lid 1, van Verordening (EG) nr. 223/2009 betreft.

b)      een jaarlijkse inventaris met details over de gegevensbronnen, definities en methoden die zijn gebruikt, met inbegrip van details over alle verschillen tussen de gebruikte statistische methoden en de methoden die worden aanbevolen in de methodologische handleiding; en

c)      op verzoek van de Commissie (Eurostat), andere daarmee verband houdende gegevens, die voldoende gedetailleerd moeten zijn om de naleving van de voorschriften voor vergelijkbaarheid en de kwaliteit van de geharmoniseerde indexcijfers te beoordelen.

3.           Indien een lidstaat van plan is om een belangrijke wijziging te introduceren in de productiemethoden van de geharmoniseerde indexcijfers of een deel daarvan, meldt de lidstaat dit uiterlijk drie maanden voordat deze wijziging in werking treedt, aan de Commissie (Eurostat). De lidstaat dient bij de Commissie (Eurostat) een kwantificering van de gevolgen van de veranderingen in.

4.           Technische kwaliteitsborgingsvoorwaarden met betrekking tot de inhoud van de jaarlijkse standaardkwaliteitsverslagen, de termijn voor het verstrekken van het verslag aan de Commissie (Eurostat) en de structuur van de inventaris worden vastgesteld door middel van uitvoeringshandelingen. Deze uitvoeringshandelingen worden overeenkomstig de in artikel 11, lid 2, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.

Artikel 10 Uitoefening van de bevoegdheidsdelegatie

1.           De bevoegdheid om gedelegeerde handelingen vast te stellen, wordt aan de Commissie toegekend onder de in dit artikel neergelegde voorwaarden.

2.           De in artikel 4, lid 3, en artikel 5, leden 5 tot en met 7, bedoelde bevoegdheidsdelegatie wordt toegekend voor onbepaalde tijd.

3.           Het Europees Parlement of de Raad kan de in artikel 4, lid 3, en artikel 5, leden 5 tot en met 7, bedoelde bevoegdheidsdelegatie te allen tijde intrekken. Het besluit tot intrekking beëindigt de delegatie van de in dat besluit genoemde bevoegdheid. Het wordt van kracht op de dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie of op een daarin genoemde latere datum. Het laat de geldigheid van de reeds van kracht zijnde gedelegeerde handelingen onverlet.

4.           Zodra de Commissie een gedelegeerde handeling heeft vastgesteld, doet zij daarvan gelijktijdig kennisgeving aan het Europees Parlement en de Raad.

5.           Een overeenkomstig artikel 4, lid 4, en artikel 5, leden 5 tot en met 7, vastgestelde gedelegeerde handeling treedt alleen in werking indien het Europees Parlement noch de Raad daartegen binnen een termijn van twee maanden na de kennisgeving van de handeling aan het Europees Parlement en de Raad bezwaar heeft gemaakt, of indien zowel het Europees Parlement als de Raad voor het verstrijken van die termijn de Commissie hebben medegedeeld dat zij daartegen geen bezwaar zullen maken. Die termijn wordt op initiatief van het Europees Parlement of de Raad met twee maanden verlengd.

Artikel 11 Comité

1.           De Commissie wordt bijgestaan door het Comité voor het Europees statistisch systeem, dat is ingesteld bij Verordening (EG) nr. 223/2009. Dat comité is een comité in de zin van Verordening (EU) nr. 182/2011.

2.           Wanneer naar dit lid wordt verwezen, is artikel 5 van Verordening (EU) nr. 182/2011 van toepassing.

Artikel 12 Intrekking

1.           Onverminderd lid 2 blijven de lidstaten overeenkomstig Verordening (EG) nr. 2494/95 geharmoniseerde indexcijfers indienen tot en met de verzendingen van gegevens die betrekking hebben op 2015.

2.           Verordening (EG) nr. 2494/95 wordt met ingang van 1 januari 2016 ingetrokken. Verwijzingen naar de ingetrokken verordening gelden als verwijzingen naar de onderhavige verordening.

Artikel 13 Inwerkingtreding

Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Deze verordening is voor het eerst van toepassing op gegevens die betrekking hebben op januari 2016.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel,

Voor het Europees Parlement                        Voor de Raad

De voorzitter                                                  De voorzitter

[1]        PB C [...].

[2]        Verordening (EG) nr. 2494/95 van de Raad van 23 oktober 1995 inzake geharmoniseerde indexcijfers van de consumptieprijzen (PB L 257 van 27.10.1995, blz. 1).

[3]        Mededeling van de Commissie aan het Europees Parlement, de Raad, het Europees Economisch en Sociaal Comité en het Comité van de Regio's, Slimme regelgeving in de Europese Unie, COM(2010) 543 definitief.

[4]        Mededeling van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad over de productiemethode voor EU-statistieken: een visie voor de komende tien jaar, COM(2009) 404 definitief.

[5]        Verordening (EG) nr. 223/2009 van de Raad en het Europees Parlement van 11 maart 2009 betreffende de Europese statistiek (PB L 87 van 31.3.2009, blz. 164).

[6]        Verordening (EU) nr. 182/2011 van het Europees Parlement en de Raad van 16 februari 2011 tot vaststelling van de algemene voorschriften en beginselen die van toepassing zijn op de wijze waarop de lidstaten de uitoefening van de uitvoeringsbevoegdheden door de Commissie controleren (PB L 55 van 28.2.2011, blz. 13).

[7]               Verordening (EU) nr. 549/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 21 mei 2013 betreffende het Europees systeem van nationale en regionale rekeningen in de Europese Unie (PB L 174 van 26.6.2013, blz. 1).

[8]        Verordening (EEG) nr. 696/93 van de Raad van 15 maart 1993 inzake de statistische eenheden voor waarneming en analyse van het productiestelsel in de Gemeenschap (PB L 76 van 30.3.1993, blz. 1).

BIJLAGE

Europese classificatie van individuele consumptie naar doel (ECOICOP)

01                    VOEDINGSMIDDELEN EN ALCOHOLVRIJE DRANKEN

01.1                 Voedingsmiddelen

01.1.1              Brood en granen

01.1.1.1           Rijst

01.1.1.2           Bloem en andere granen

01.1.1.3           Brood

01.1.1.4           Andere bakkerijproducten

01.1.1.5           Pizza en quiche

01.1.1.6           Pastaproducten en couscous

01.1.1.7           Ontbijtgranen

01.1.1.8           Andere graanproducten

01.1.2              Vlees

01.1.2.1           Rundvlees

01.1.2.2           Varkensvlees

01.1.2.3           Lams- en geitenvlees

01.1.2.4           Pluimveevlees

01.1.2.5           Ander vlees

01.1.2.6           Eetbare slachtafvallen

01.1.2.7           Vlees, gedroogd, gezouten of gerookt

01.1.2.8           Andere vleesbereidingen

01.1.3              Vis en schaal- en schelpdieren

01.1.3.1           Vis, vers of gekoeld

01.1.3.2           Bevroren vis

01.1.3.3           Schaal- en schelpdieren, vers of gekoeld

01.1.3.4           Bevroren schaal- en schelpdieren

01.1.3.5           Vis en schaal- en schelpdieren, gedroogd, gerookt of gezouten

01.1.3.6           Andere verwerkte vis en conserven van vis en bereidingen van schaal- en schelpdieren

01.1.4              Melk, kaas en eieren

01.1.4.1           Verse volle melk

01.1.4.2           Verse magere melk

01.1.4.3           Melkconserven

01.1.4.4           Yoghurt

01.1.4.5           Kaas en wrongel

01.1.4.6           Andere zuivelproducten

01.1.4.7           Eieren

01.1.5              Oliën en vetten

01.1.5.1           Boter

01.1.5.2           Margarine en andere plantaardige vetten

01.1.5.3           Olijfolie

01.1.5.4           Andere spijsoliën

01.1.5.5           Andere dierlijke spijsvetten

01.1.6              Fruit

01.1.6.1           Fruit, vers of gekoeld

01.1.6.2           Bevroren fruit

01.1.6.3           Gedroogd fruit en noten

01.1.6.4           Conserven van fruit en producten op basis van fruit

01.1.7              Groenten

01.1.7.1           Groenten m.u.v. aardappelen en andere knollen, vers of gekoeld

01.1.7.2           Groenten m.u.v. aardappelen en andere knollen, bevroren

01.1.7.3           Gedroogde groenten, andere bereidingen en conserven van groenten

01.1.7.4           Aardappelen

01.1.7.5           Chips

01.1.7.6           Andere knolgewassen en producten van knolgewassen

01.1.8              Suiker, jam, honing, chocolade en suikerwerk

01.1.8.1           Suiker

01.1.8.2           Jam, marmelade en honing

01.1.8.3           Chocolade

01.1.8.4           Suikerwerk

01.1.8.5           Consumptie-ijs en roomijs

01.1.8.6           Kunstmatige suikervervangende stoffen

01.1.9              Voedingsmiddelen, n.e.g.

01.1.9.1           Sauzen, samengestelde kruiderijen

01.1.9.2           Zout, specerijen en keukenkruiden

01.1.9.3           Babyvoeding

01.1.9.4           Kant-en-klaarmaaltijden

01.1.9.9           Andere voedingsmiddelen, n.e.g.

01.2                 Alcoholvrije dranken

01.2.1              Koffie, thee en cacao

01.2.1.1           Koffie

01.2.1.2           Thee

01.2.1.3           Cacaopoeder en chocolade in poedervorm

01.2.2              Mineraalwater, frisdranken, vruchten- en groentesappen

01.2.2.1           Mineraalwater of bronwater

01.2.2.2           Frisdranken

01.2.2.3           Vruchten- en groentesappen

02                    ALCOHOLHOUDENDE DRANKEN, TABAK EN VERDOVENDE MIDDELEN

02.1                 Alcoholhoudende dranken

02.1.1              Gedistilleerde dranken

02.1.1.1           Gedistilleerde dranken en likeuren

02.1.1.2           Alcoholhoudende frisdranken

02.1.2              Wijn

02.1.2.1           Wijn van druiven

02.1.2.2           Wijn van andere vruchten

02.1.2.3           Gealcoholiseerde wijn

02.1.2.4           Dranken op basis van wijn

02.1.3              Bier

02.1.3.1           Pils

02.1.3.2           Ander alcoholhoudend bier

02.1.3.3           Bier met een laag alcohol-volumegehalte en alcoholvrij bier

02.1.3.4           Dranken op basis van bier

02.2                 Tabak

02.2.0              Tabak

02.2.0.1           Sigaretten

02.2.0.2           Sigaren

02.2.0.3           Andere tabaksproducten

02.3                 Verdovende middelen

02.3.0              Verdovende middelen

02.3.0.0           Verdovende middelen

03                    KLEDING EN SCHOEISEL

03.1                 Kleding

03.1.1              Kledingstoffen

03.1.1.0           Kledingstoffen

03.1.2              Bovenkleding

03.1.2.1           Bovenkleding voor mannen

03.1.2.2           Bovenkleding voor vrouwen

03.1.2.3           Bovenkleding voor peuters (0‑2 jaar) en kinderen (3‑13 jaar)

03.1.3              Andere kledingartikelen en kledingtoebehoren

03.1.3.1           Andere kledingartikelen

03.1.3.2           Kledingaccessoires

03.1.4              Wasserijen en stomerijen, reparatie en huur van kleding

03.1.4.1           Wasserijen en stomerijen

03.1.4.2           Reparatie en huur van kleding

03.2                 Schoeisel

03.2.1              Schoenen en ander schoeisel

03.2.1.1           Schoeisel voor mannen

03.2.1.2           Schoeisel voor vrouwen

03.2.1.3           Schoeisel voor peuters en kinderen

03.2.2              Reparatie en huur van schoeisel

03.2.2.0           Reparatie en huur van schoeisel

04                    HUISVESTING, WATER, ELEKTRICITEIT, GAS EN ANDERE BRANDSTOFFEN

04.1                 Werkelijke woninghuur

04.1.1              Werkelijke huur betaald door huurders

04.1.1.0           Werkelijke huur betaald door huurders

04.1.2              Andere werkelijke huur

04.1.2.1           Werkelijke huur betaald door huurders voor een tweede woning

04.1.2.2           Garagehuur en andere huur die door huurders wordt betaald

04.2                 Huurwaarde van een woning

04.2.1              Huurwaarde voor bewoners van een eigen woning

04.2.1.0           Huurwaarde voor bewoners van een eigen woning

04.2.2              Andere huurwaarde

04.2.2.0           Andere huurwaarde

04.3                 Onderhoud en reparatie van de woning

04.3.1              Materiaal voor onderhoud en reparatie van de woning

04.3.1.0           Materiaal voor onderhoud en reparatie van de woning

04.3.2              Diensten in verband met onderhoud en reparatie van de woning

04.3.2.1           Diensten van loodgieters

04.3.2.2           Diensten van elektriciens

04.3.2.3           Verwarmingsonderhoud

04.3.2.4           Diensten van schilders

04.3.2.5           Diensten van timmerlieden

04.3.2.9           Overige diensten voor onderhoud en reparatie van de woning

04.4                 Watervoorziening en diverse diensten in verband met de woning

04.4.1              Watervoorziening

04.4.1.0           Watervoorziening

04.4.2              Ophalen van huisvuil

04.4.2.0           Ophalen van huisvuil

04.4.3              Riolering

04.4.3.0           Riolering

04.4.4              Overige diensten in verband met de woning, n.e.g.

04.4.4.1           Onderhoudskosten in meergezinswoningen

04.4.4.2           Bewakingsdiensten

04.4.4.9           Overige diensten in verband met de woning

04.5                 Elektriciteit, gas en andere brandstoffen

04.5.1              Elektriciteit

04.5.1.0           Elektriciteit

04.5.2              Gas

04.5.2.1           Aardgas en stadsgas

04.5.2.2           Vloeibaar gemaakte koolwaterstoffen (butaan, propaan enz.)

04.5.3              Vloeibare brandstoffen

04.5.3.0           Vloeibare brandstoffen

04.5.4              Vaste brandstoffen

04.5.4.1           Steenkool

04.5.4.9           Overige vaste brandstoffen

04.5.5              Warmte-energie

04.5.5.0           Warmte-energie

05                    STOFFERING, HUISHOUDELIJKE APPARATEN EN DAGELIJKS ONDERHOUD VAN DE WONING

05.1                 Meubelen en stoffering, vloerbedekking

05.1.1              Meubelen en stoffering

05.1.1.1           Meubelen

05.1.1.2           Tuinmeubelen

05.1.1.3           Verlichtingsapparatuur

05.1.1.9           Overige meubelen en stoffering

05.1.2              Vloerbedekking

05.1.2.1           Tapijten

05.1.2.2           Overige vloerbedekking

05.1.2.3           Diensten voor het leggen van vloerbedekking

05.1.3              Reparatie van meubelen, stoffering en vloerbedekking

05.1.3.0           Reparatie van meubelen, stoffering en vloerbedekking

05.2                 Huishoudtextiel

05.2.0              Huishoudtextiel

05.2.0.1           Meubelstoffen en gordijnen

05.2.0.2           Beddengoed

05.2.0.3           Tafel- en toiletlinnen

05.2.0.4           Reparatie van huishoudtextiel

05.2.0.9           Overig huishoudtextiel

05.3                 Huishoudelijke apparaten

05.3.1              Grote huishoudelijke apparaten, al dan niet elektrisch

05.3.1.1           Koelkasten, vrieskasten en koelkast-vrieskastcombinaties

05.3.1.2           Wasmachines, wasdrogers en vaatwasmachines

05.3.1.3           Fornuizen

05.3.1.4           Kachels, airconditioners

05.3.1.5           Reinigingsapparatuur

05.3.1.9           Andere grote huishoudelijke apparaten

05.3.2              Kleine elektrische huishoudelijke apparaten

05.3.2.1           Keukenmachines

05.3.2.2           Koffie- en theezetapparaten en dergelijke

05.3.2.3           Strijkijzers

05.3.2.4           Broodroosters en grills

05.3.2.9           Overige kleine elektrische huishoudelijke apparaten

05.3.3              Reparatie van huishoudelijke apparaten

05.3.3.0           Reparatie van huishoudelijke apparaten

05.4                 Vaat- en glaswerk en huishoudelijke artikelen

05.4.0              Vaat- en glaswerk en huishoudelijke artikelen

05.4.0.1           Glaswerk, kristalglaswerk en artikelen van aardewerk of porselein

05.4.0.2           Messenmakerswerk, bestekken en zilverwerk

05.4.0.3           Niet-elektrische keukenartikelen en keukengerei

05.4.0.4           Reparatie van vaat- en glaswerk en huishoudelijke artikelen

05.5                 Gereedschappen en werktuigen voor huis en tuin

05.5.1              Grote gereedschappen en werktuigen

05.5.1.1           Grote gereedschappen en werktuigen met motor

05.5.1.2           Reparatie, lease en huur van grote gereedschappen en werktuigen

05.5.2              Kleine gereedschappen en allerlei toebehoren

05.5.2.1           Kleine gereedschappen zonder motor

05.5.2.2           Allerlei toebehoren voor kleine gereedschappen

05.5.2.3           Reparatie van kleine gereedschappen zonder motor en allerlei toebehoren

05.6                 Goederen en diensten voor het dagelijks onderhoud van de woning

05.6.1              Niet-duurzame huishoudproducten

05.6.1.1           Schoonmaak- en onderhoudsproducten

05.6.1.2           Andere niet-duurzame huishoudartikelen

05.6.2              Diensten ten behoeve van het huishouden

05.6.2.1           Huishoudelijke diensten van betaald personeel

05.6.2.2           Reinigingsdiensten

05.6.2.3           Huur van meubelen en stoffering

05.6.2.9           Overige diensten ten behoeve van het huishouden

06                    GEZONDHEID

06.1                 Medische producten, apparaten en toestellen

06.1.1              Farmaceutische producten

06.1.1.0           Farmaceutische producten

06.1.2              Andere medische producten

06.1.2.1           Zwangerschapstests en mechanische contraceptiva

06.1.2.9           Andere medische producten, n.e.g.

06.1.3              Therapeutische apparaten en toestellen

06.1.3.1           Brillenglazen en contactlenzen voor verbetering van gezichtsstoornissen

06.1.3.2           Gehoorapparaten

06.1.3.3           Reparatie van therapeutische apparaten en toestellen

06.1.3.9           Overige therapeutische apparaten en toestellen

06.2                 Extramurale gezondheidszorg

06.2.1              Diensten van artsen

06.2.1.1           Diensten van huisartsen

06.2.1.2           Diensten van medische specialisten

06.2.2              Diensten van tandartsen

06.2.2.0           Diensten van tandartsen

06.2.3              Diensten van beoefenaren van paramedische beroepen

06.2.3.1           Diensten van medische-analyselaboratoria en doorlichtingscentra

06.2.3.2           Warme baden, bewegingstherapie, ambulances en huur van therapeutische toestellen

06.2.3.9           Overige paramedische diensten

06.3                 Diensten van ziekenhuizen

06.3.0              Diensten van ziekenhuizen

06.3.0.0           Diensten van ziekenhuizen

07                    VERVOER

07.1                 Aankoop van voertuigen

07.1.1              Auto's

07.1.1.1           Nieuwe auto's

07.1.1.2           Tweedehands auto's

07.1.2              Motorfietsen

07.1.2.0           Motorfietsen

07.1.3              Fietsen

07.1.3.0           Fietsen

07.1.4              Door dieren getrokken voertuigen

07.1.4.0           Door dieren getrokken voertuigen

07.2                 Gebruik van privé-voertuigen

07.2.1              Delen en toebehoren van privé-voertuigen

07.2.1.1           Banden

07.2.1.2           Delen van privé-voertuigen

07.2.1.3           Toebehoren van privé-voertuigen

07.2.2              Brandstoffen en smeermiddelen voor privé-voertuigen

07.2.2.1           Diesel

07.2.2.2           Benzine

07.2.2.3           Overige brandstoffen voor privé-voertuigen

07.2.2.4           Smeermiddelen

07.2.3              Onderhoud en reparatie van privé-voertuigen

07.2.3.0           Onderhoud en reparatie van privé-voertuigen

07.2.4              Andere diensten in verband met privé-voertuigen

07.2.4.1           Huur van garages, parkeerplaatsen en privé-voertuigen

07.2.4.2           Tolvoorzieningen en parkeermeters

07.2.4.3           Rijlessen, rijexamens, rijbewijzen en technische keuringen

07.3                 Vervoersdiensten

07.3.1              Personenvervoer per spoor

07.3.1.1           Personenvervoer per spoor

07.3.1.2           Personenvervoer per tram of metro

07.3.2              Personenvervoer over de weg

07.3.2.1           Personenvervoer per bus

07.3.2.2           Personenvervoer per taxi of huurauto met chauffeur

07.3.3              Personenvervoer door de lucht

07.3.3.1           Binnenlandse vluchten

07.3.3.2           Internationale vluchten

07.3.4              Personenvervoer over zee of over binnenwateren

07.3.4.1           Personenvervoer over zee

07.3.4.2           Personenvervoer over binnenwateren

07.3.5              Gecombineerd personenvervoer

07.3.5.0           Gecombineerd personenvervoer

07.3.6              Andere aankopen van vervoersdiensten

07.3.6.1           Vervoer per kabelspoorweg, kabelbaan en stoeltjeslift

07.3.6.2           Verhuizing en opslag

07.3.6.9           Overige aankopen van vervoersdiensten n.e.g.

08                    COMMUNICATIE

08.1                 Posterijen

08.1.0              Posterijen

08.1.0.1           Bezorging van brieven

08.1.0.9           Andere postdiensten

08.2                 Telefoon- en faxtoestellen

08.2.0              Telefoon- en faxtoestellen

08.2.0.1           Apparatuur voor vaste telefonie

08.2.0.2           Apparatuur voor mobiele telefonie

08.2.0.3           Overige telefoon- en faxtoestellen

08.2.0.4           Reparatie van telefoon- en faxtoestellen

08.3                 Telefoon- en faxdiensten

08.3.0              Telefoon- en faxdiensten

08.3.0.1           Draadgebonden telefoondiensten

08.3.0.2           Draadloze telefoondiensten

08.3.0.3           Verlening van toegang tot internet

08.3.0.4           Gebundelde telecommunicatiediensten

08.3.0.5           Overige diensten voor de transmissie van informatie

09                    RECREATIE EN CULTUUR

09.1                 Audio- en videoapparatuur, foto- en filmapparatuur en gegevensverwerkende apparatuur

09.1.1              Audio- en video-opname- en -weergaveapparatuur

09.1.1.1           Audio-opname- en -weergaveapparatuur

09.1.1.2           Audio- en video-opname- en -weergaveapparatuur

09.1.1.3           Draagbare beeld- en geluidapparatuur

09.1.1.9           Andere apparatuur voor de opname en weergave van audio en video

09.1.2              Foto- en filmapparatuur en optische instrumenten

09.1.2.1           Camera's

09.1.2.2           Toebehoren voor foto- en filmapparatuur

09.1.2.3           Optische instrumenten

09.1.3              Gegevensverwerkende apparatuur

09.1.3.1           Personal computers

09.1.3.2           Toebehoren voor gegevensverwerkende apparatuur

09.1.3.3           Software

09.1.3.4           Rekenmachines en andere gegevensverwerkende apparatuur

09.1.4              Dragers voor het opnemen van beeld of geluid

09.1.4.1           Voorbespeelde dragers van beeld of geluid

09.1.4.2           Onbespeelde dragers van beeld of geluid

09.1.4.9           Andere dragers van beeld of geluid

09.1.5              Reparatie van audio- en videoapparatuur, foto- en filmapparatuur en gegevensverwerkende apparatuur

09.1.5.0           Reparatie van audio- en videoapparatuur, foto- en filmapparatuur en gegevensverwerkende apparatuur

09.2                 Andere grote duurzame goederen voor recreatie en cultuur

09.2.1              Grote duurzame goederen voor recreatie buitenshuis

09.2.1.1           Kampeerwagens, caravans en aanhangwagens

09.2.1.2           Vliegtuigen, ultralichte vliegtuigen, zeilvliegers en heteluchtballonnen

09.2.1.3           Boten, buitenboordmotoren en uitrusting van boten

09.2.1.4           Paarden, pony's en toebehoren

09.2.1.5           Grote artikelen voor spelen en sport

09.2.2              Muziekinstrumenten en grote duurzame goederen voor recreatie binnenshuis

09.2.2.1           Muziekinstrumenten

09.2.2.2           Grote duurzame goederen voor recreatie binnenshuis

09.2.3              Onderhoud en reparatie van andere grote duurzame goederen voor recreatie en cultuur

09.2.3.0           Onderhoud en reparatie van andere grote duurzame goederen voor recreatie en cultuur

09.3                 Andere artikelen en ander materieel voor recreatie, tuinen en huisdieren

09.3.1              Spellen, speelgoed en hobby's

09.3.1.1           Spellen en hobby's

09.3.1.2           Speelgoed en feestartikelen

09.3.2              Sport- en kampeerartikelen en artikelen voor recreatie in de open lucht

09.3.2.1           Sportartikelen

09.3.2.2           Kampeerartikelen en artikelen voor recreatie in de open lucht

09.3.2.3           Reparatie van sport- en kampeerartikelen en artikelen voor recreatie in de open lucht

09.3.3              Tuinen, planten en bloemen

09.3.3.1           Tuinproducten

09.3.3.2           Planten en bloemen

09.3.4              Huisdieren en producten voor huisdieren

09.3.4.1           Aankoop van huisdieren

09.3.4.2           Producten voor huisdieren

09.3.5              Diensten van dierenartsen en andere diensten in verband met huisdieren

09.3.5.0           Diensten van dierenartsen en andere diensten in verband met huisdieren

09.4                 Diensten op het gebied van recreatie en cultuur

09.4.1              Diensten op het gebied van recreatie en sport

09.4.1.1           Diensten op het gebied van recreatie en sport - aanwezigheid

09.4.1.2           Diensten op het gebied van recreatie en cultuur - deelname

09.4.2              Diensten op het gebied van cultuur

09.4.2.1           Bioscopen, theaters en concerten

09.4.2.2           Musea, bibliotheken, dierentuinen

09.4.2.3           Kijk- en luistergelden en televisieabonnementen

09.4.2.4           Huur van materiaal en toebehoren voor cultuur

09.4.2.5           Diensten op het gebied van fotografie

09.4.2.9           Andere diensten op het gebied van cultuur

09.4.3              Kansspelen

09.4.3.0           Kansspelen

09.5                 Kranten, boeken en schrijfwaren

09.5.1              Boeken

09.5.1.1           Fictieboeken

09.5.1.2           Studieboeken

09.5.1.3           Andere non-fictieboeken

09.5.1.4           Boekbinddiensten en e-boekdownloads

09.5.2              Kranten en tijdschriften

09.5.2.1           Kranten

09.5.2.2           Tijdschriften

09.5.3              Divers drukwerk

09.5.3.0           Divers drukwerk

09.5.4              Schrijfwaren en tekenartikelen

09.5.4.1           Producten van papier

09.5.4.9           Andere schrijfwaren en tekenartikelen

09.6                 Pakketreizen

09.6.0              Pakketreizen

09.6.0.1           Pakketreizen voor binnenlandse vakanties

09.6.0.2           Pakketreizen voor internationale vakanties

10                    ONDERWIJS

10.1                 Kleuter- en primair onderwijs

10.1.0              Kleuter- en primair onderwijs

10.1.0.1           Kleuteronderwijs [niveau 0 van Isced-97]

10.1.0.2           Primair onderwijs [niveau 1 van Isced-97]

10.2                 Secundair onderwijs

10.2.0              Secundair onderwijs

10.2.0.0           Secundair onderwijs

10.3                 Postsecundair niet-tertiair onderwijs

10.3.0              Postsecundair niet-tertiair onderwijs

10.3.0.0           Postsecundair niet-tertiair onderwijs [niveau 4 van Isced-97]

10.4                 Tertiair onderwijs

10.4.0              Tertiair onderwijs

10.4.0.0           Tertiair onderwijs

10.5                 Onderwijs dat niet naar niveau kan worden ingedeeld

10.5.0              Onderwijs dat niet naar niveau kan worden ingedeeld

10.5.0.0           Onderwijs dat niet naar niveau kan worden ingedeeld

11                    RESTAURANTS EN HOTELS

11.1                 Catering

11.1.1              Restaurants, cafés en dergelijke

11.1.1.1           Restaurants, cafés en dancings

11.1.1.2           Fastfood en afhaalmaaltijden

11.1.2              Kantines

11.1.2.0           Kantines

11.2                 Accommodatie

11.2.0              Accommodatie

11.2.0.1           Hotels, motels, herbergen en dergelijke

11.2.0.2           Vakantiecentra, kampeerterreinen, jeugdherbergen en dergelijke

11.2.0.3           Diensten op het gebied van accommodatie van andere instellingen

12                    DIVERSE GOEDEREN EN DIENSTEN

12.1                 Lichaamsverzorging

12.1.1              Kapsalons en schoonheidsinstituten

12.1.1.1           Kapsalons voor mannen en kinderen

12.1.1.2           Kapsalons voor vrouwen

12.1.1.3           Schoonheidsbehandelingen

12.1.2              Elektrische toestellen voor lichaamsverzorging

12.1.2.1           Elektrische toestellen voor lichaamsverzorging

12.1.2.2           Reparatie van elektrische toestellen voor lichaamsverzorging

12.1.3              Overige toestellen, artikelen en producten voor lichaamsverzorging

12.1.3.1           Niet-elektrische apparaten

12.1.3.2           Artikelen voor persoonlijke hygiëne en wellness, esoterische producten en schoonheidsproducten

12.2                 Prostitutie

12.2.0              Prostitutie

12.2.0.0           Prostitutie

12.3                 Artikelen voor persoonlijk gebruik, n.e.g.

12.3.1              Juwelen, klokken en horloges

12.3.1.1           Sieraden

12.3.1.2           Uurwerken

12.3.1.3           Reparatie van juwelen en uurwerken

12.3.2              Andere artikelen voor persoonlijk gebruik

12.3.2.1           Reisartikelen

12.3.2.2           Artikelen voor baby's

12.3.2.3           Reparatie van andere artikelen voor persoonlijk gebruik

12.3.2.9           Andere artikelen voor persoonlijk gebruik n.e.g.

12.4                 Sociale bescherming

12.4.0              Sociale bescherming

12.4.0.1           Kinderopvang

12.4.0.2           Bejaardentehuizen en tehuizen voor personen met een handicap

12.4.0.3           Thuiszorg

12.4.0.4           Adviesverlening

12.5                 Verzekering

12.5.1              Levensverzekering

12.5.1.0           Levensverzekering

12.5.2              Verzekering in verband met de woning

12.5.2.0           Verzekering in verband met de woning

12.5.3              Verzekeringen in verband met gezondheid

12.5.3.1           Volksverzekeringen in verband met gezondheid

12.5.3.2           Particuliere verzekeringen in verband met gezondheid

12.5.4              Verzekeringen in verband met vervoer

12.5.4.1           Motorvoertuigenverzekering

12.5.4.2           Reisverzekering

12.5.5              Andere verzekeringen

12.5.5.0           Andere verzekeringen

12.6                 Financiële diensten, n.e.g.

12.6.1              IGDFI

12.6.1.0           IGDFI

12.6.2              Overige financiële diensten, n.e.g.

12.6.2.1           Vergoedingen voor banken en postkantoren

12.6.2.2           Honoraria en kosten van de diensten van makelaars en beleggingsadviseurs

12.7                 Overige diensten, n.e.g.

12.7.0              Overige diensten, n.e.g.

12.7.0.1           Legestarieven

12.7.0.2           Juridische diensten en accountancy

12.7.0.3           Begrafenisdiensten

12.7.0.4           Overige honoraria en diensten