Mededeling van de Commissie aan het Europees Parlement overeenkomstig artikel 251, lid 2, tweede alinea, van het EG-Verdrag betreffende de gemeenschappelijke standpunten van de Raad over de vaststelling van een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van de Richtlijnen 2002/21/EG inzake een gemeenschappelijk regelgevingskader voor elektronische-communicatienetwerken en -diensten, 2002/19/EG inzake de toegang tot en interconnectie van elektronische-communicatienetwerken en bijbehorende faciliteiten, en 2002/20/EG betreffende de machtiging voor elektronische communicatienetwerken en -diensten; een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van de Richtlijnen 2002/22/EG inzake de universele dienst en gebruikersrechten met betrekking tot elektronische-communicatienetwerken en –diensten en 2002/58/EG betreffende de verwerking van persoonsgegevens en de bescherming van de persoonlijke levenssfeer in de sector elektronische communicatie en Verordening (EG) nr. 2006/2004 betreffende samenwerking tussen de nationale instanties die verantwoordelijk zijn voor handhaving van de wetgeving inzake consumentenbescherming; en een Verordening van het Europees Parlement en de Raad tot oprichting van de Europese Groep van reguleringsinstanties voor telecommunicatie /* COM/2009/0078 def. - / 2007/ */
NL Brussel, 17.2.2009 COM(2009) 78 definitief 2007/ 0247/ 0248 / 0249 (COD) MEDEDELING VAN DE COMMISSIE AAN HET EUROPEES PARLEMENT overeenkomstig artikel 251, lid 2, tweede alinea, van het EG-Verdrag betreffende de gemeenschappelijke standpunten van de Raad over de vaststelling van een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van de Richtlijnen 2002/21/EG inzake een gemeenschappelijk regelgevingskader voor elektronische-communicatienetwerken en -diensten, 2002/19/EG inzake de toegang tot en interconnectie van elektronische-communicatienetwerken en bijbehorende faciliteiten, en 2002/20/EG betreffende de machtiging voor elektronische-communicatienetwerken en -diensten; een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van de Richtlijnen 2002/22/EG inzake de universele dienst en gebruikersrechten met betrekking tot elektronische-communicatienetwerken en –diensten en 2002/58/EG betreffende de verwerking van persoonsgegevens en de bescherming van de persoonlijke levenssfeer in de sector elektronische communicatie en Verordening (EG) nr. 2006/2004 betreffende samenwerking tussen de nationale instanties die verantwoordelijk zijn voor handhaving van de wetgeving inzake consumentenbescherming; en een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot oprichting van de Europese Groep van reguleringsinstanties voor telecommunicatie 2007/ 0247/ 0248 / 0249 (COD) MEDEDELING VAN DE COMMISSIE AAN HET EUROPEES PARLEMENT overeenkomstig artikel 251, lid 2, tweede alinea, van het EG-Verdrag betreffende de gemeenschappelijke standpunten van de Raad over de vaststelling van een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van de Richtlijnen 2002/21/EG inzake een gemeenschappelijk regelgevingskader voor elektronische-communicatienetwerken en -diensten, 2002/19/EG inzake de toegang tot en interconnectie van elektronische-communicatienetwerken en bijbehorende faciliteiten, en 2002/20/EG betreffende de machtiging voor elektronische-communicatienetwerken en -diensten; een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van de Richtlijnen 2002/22/EG inzake de universele dienst en gebruikersrechten met betrekking tot elektronische-communicatienetwerken en –diensten en 2002/58/EG betreffende de verwerking van persoonsgegevens en de bescherming van de persoonlijke levenssfeer in de sector elektronische communicatie en Verordening (EG) nr. 2006/2004 betreffende samenwerking tussen de nationale instanties die verantwoordelijk zijn voor handhaving van de wetgeving inzake consumentenbescherming; en een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot oprichting van de Europese Groep van reguleringsinstanties voor telecommunicatie 1. ACHTERGROND De Commissie heeft op 13 november 2007 haar goedkeuring gehecht aan voorstellen voor richtlijnen COM(2007) 697 – 2007/0247 (COD) (“richtlijn betere regelgeving”), COM(2007) 698 – 2007/0248 (COD) ("richtlijn burgerrechten") en haar voorstel voor een verordening COM (2007) 699 – 2007/0249 (COD) en deze op 13, 15 en 16 november 2007 bij het Europees Parlement en de Raad ingediend. Bij het vaststellen van haar gewijzigde voorstellen op 5/6 november 2008 [1], overeenkomstig artikel 250 van het EG-Verdrag, heeft de Commissie veel van de wijzigingen waarover het Europees Parlement op 24 september 2008 in eerste lezing had gestemd, geheel of gedeeltelijk overgenomen. De Raad heeft overeenkomstig artikel 251 van het EG-Verdrag op […] [2] zijn gemeenschappelijke standpunten vastgesteld. 2. Doel van de voorstellen van de commissie Doel van de voorstellen van de Commissie is het regelgevingskader voor e-communicatie aan te passen, namelijk: – de kader- [3], machtigings- [4] en toegangsrichtlijnen [5], om de doelmatigheid ervan te verbeteren, de administratieve middelen die nodig zijn voor de tenuitvoerlegging van economische regelgeving te verminderen en toegang tot radiofrequenties eenvoudiger en efficiënter te maken en – de universeledienstrichtlijn [6] en de richtlijn betreffende privacy en elektronische communicatie [7], om bepaalde consumenten- en gebruiksrechten te versterken en ervoor te zorgen dat elektronische communicatie betrouwbaar, veilig en beproefd is en de privacy van personen en persoonsgegevens een hoog beschermingsniveau biedt; en een onafhankelijke instantie van deskundigen op te richten die een doelmatige bijdrage kan leveren aan de verdere voltooiing van de interne markt door de Commissie en de nationale regelgevingsinstanties bij te staan bij het ten uitvoer leggen van het EU-regelgevingskader. De Commissie is van mening dat haar standpunt, zoals uiteengezet in de gewijzigde voorstellen COM(2008) 720, 723 en 724 een belangrijke stap voorwaarts betekent in de richting van een gemeenschappelijk standpunt van de drie instellingen. 3. OPMERKINGEN OVER HET GEMEENSCHAPPELIJK STANDPUNT VAN DE RAAD De Commissie merkt op dat het standpunt van de Raad in belangrijke mate afwijkt van de standpunten van de Commissie en van het Europees Parlement, met name wat de interne marktmechanismen betreft die moeten zorgen voor samenhangende regelgevingsmaatregelen, de aanvullende corrigerende maatregel inzake functionele scheiding, spectrumbeleid en de oprichting van een regelgevingsinstantie. Wat de regelgevingsinstantie betreft, vreest de Commissie met name dat het standpunt van de Raad institutionele vraagstukken opwerpt die een belangrijk obstakel vormen voor een bevredigende regeling. Tevens merkt de Commissie op dat het standpunt van de Raad afwijkt van de standpunten van de Commissie en het Europees Parlement over een aantal aanvullende kwesties die vallen onder beide voorstellen voor richtlijnen tot wijziging van het regelgevingskader. Toch is de Commissie van oordeel dat de verschillen die betrekking hebben op de voorgestelde richtlijn consumentenrechten niet dezelfde omvang hebben als die welke betrekking hebben op de voorgestelde richtlijn betere regelgeving en de voorgestelde verordening tot oprichting van een regelgevingsinstantie. 4. CONCLUSIE In bovenstaande opmerkingen wijst de Commissie op de verschillen die bestaan tussen haar gewijzigde voorstellen en de gemeenschappelijke standpunten van de Raad. Met inachtneming van haar aan de notulen van de Raad van 27 november 2008 gehechte verklaring is de Commissie er echter van overtuigd dat haar gewijzigde voorstellen een bijdrage kunnen leveren aan een evenwichtige overeenkomst tussen de instellingen, die een stap voorwaarts betekent voor burgers en ondernemingen in de Europese interne markt. Dienovereenkomstig is de Commissie bereid zich in te zetten om ervoor te zorgen dat overeenstemming tussen de medewetgevers wordt bereikt. BIJLAGE VERKLARING VAN DE COMMISSIE De Commissie neemt nota van het door de Raad vastgestelde gemeenschappelijk standpunt tot wijziging van de voorstellen van de Commissie over de herziening van het EU-regelgevingskader voor elektronische communicatienetwerken en –diensten (de voorstellen voor een richtlijn betere regelgeving, een richtlijn consumentenrechten en een verordening tot oprichting van de Europese Autoriteit voor de elektronische-communicatiemarkt). De Commissie merkt met name op dat het gemeenschappelijk standpunt van de Raad in belangrijke mate afwijkt van de standpunten van de Commissie en van het Europees Parlement, met name wat de interne marktmechanismen betreft die moeten zorgen voor samenhangende regelgevingsmaatregelen, de aanvullende corrigerende maatregel inzake functionele scheiding, spectrumbeleid en de oprichting van een regelgevingsinstantie. Wat de regelgevingsinstantie betreft, vreest de Commissie met name dat het standpunt van de Raad institutionele vraagstukken opwerpt die een belangrijk obstakel vormen voor een bevredigende regeling. Tevens merkt de Commissie op dat het gemeenschappelijk standpunt van de Raad afwijkt van de standpunten van de Commissie en het Europees Parlement over een aantal aanvullende kwesties die vallen onder beide voorstellen voor richtlijnen tot wijziging van het regelgevingskader. Toch is de Commissie van oordeel dat de verschillen die betrekking hebben op de voorgestelde richtlijn consumentenrechten niet dezelfde omvang hebben als die welke betrekking hebben op de voorgestelde richtlijn betere regelgeving en de voorgestelde verordening tot oprichting van een regelgevingsinstantie. In dit verband bevestigt de Commissie haar standpunt, zoals uiteengezet in haar gewijzigde voorstellen COM (2008) 720, 723 en 724, dat een belangrijke stap voorwaarts betekent in de richting van een gemeenschappelijk standpunt van de drie instellingen. [1] Respectievelijk COM(2008) 724, 723 en 720 definitief. [2] PB C. [3] Richtlijn 2002/21/EG van het Europees Parlement en de Raad van 7 maart 2002 inzake een gemeenschappelijk regelgevingskader voor elektronische-communicatienetwerken en -diensten (PB L 108 van 24.4.2002). [4] Richtlijn 2002/20/EG van het Europees Parlement en de Raad van 7 maart 2002 betreffende de machtiging voor elektronische-communicatienetwerken en -diensten (PB L 108 van 24.4.2002). [5] Richtlijn 2002/19/EG van het Europees Parlement en de Raad van 7 maart 2002 inzake de toegang tot en interconnectie van elektronische-communicatienetwerken en bijbehorende faciliteiten (PB L 108 van 24.4.2002). [6] Richtlijn 2002/22/EG van het Europees Parlement en de Raad van 7 maart 2002 inzake de universele dienst en gebruikersrechten met betrekking tot elektronische-communicatienetwerken en -diensten (PB L 108 van 24.4.2002, blz. 51). [7] Richtlijn 2002/58/EG van het Europees Parlement en de Raad van 12 juli 2002 betreffende de verwerking van persoonsgegevens en de bescherming van de persoonlijke levenssfeer in de sector elektronische communicatie (PB L 201 van 31.7.2002, blz. 37). --------------------------------------------------