52003AB0026

Advies van de Europese Centrale Bank — van 1 december 2003 — op verzoek van de Raad van de Europese Unie omtrent een voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende de communautaire statistiek inzake de betalingsbalans, de internationale handel in diensten en buitenlandse directe investeringen (COM(2003) 507 def.) (CON/2003/26)

Publicatieblad Nr. C 296 van 06/12/2003 blz. 0005 - 0006


Advies van de Europese Centrale Bank

van 1 december 2003

op verzoek van de Raad van de Europese Unie omtrent een voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende de communautaire statistiek inzake de betalingsbalans, de internationale handel in diensten en buitenlandse directe investeringen (COM(2003) 507 def.)

(CON/2003/26)

(2003/C 296/04)

1. Op 22 september 2003 ontving de Europese Centrale Bank (ECB) een verzoek van de Raad van de Europese Unie om een advies betreffende een voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en van de Raad betreffende de communautaire statistiek inzake de betalingsbalans, de internationale handel in diensten en buitenlandse investeringen (hierna de "ontwerp-verordening" genoemd).

2. De bevoegdheid van de ECB om een advies uit te brengen is gebaseerd op artikel 105, lid 4 van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap. Overeenkomstig de eerste zin van artikel 17.5 van het Reglement van Orde van de Europese Centrale Bank heeft de raad van bestuur van de ECB dit advies goedgekeurd.

3. Deze ontwerp-verordening beoogt het vaststellen van een rechtsgrond voor het verzamelen en samenstellen van statistieken inzake de betalingsbalans, de internationale handel in diensten en buitenlandse directe investeringen binnen de Europese Unie (EU). De Commissie heeft deze statistieken nodig, ter voorbereiding, ingevolge artikel 99, lid 3, van het Verdrag, van rapporten ten behoeve van de Raad, om deze in staat te stellen toe te zien op de economische ontwikkelingen in elke lidstaat en in de Gemeenschap, alsmede op de overeenstemming van het economisch beleid met de globale richtsnoeren genoemd in artikel 99, lid 2. Daarenboven dient de Commissie volgens artikel 133, leden 2 en 3, van het Verdrag aan de Raad voorstellen te doen voor de tenuitvoerlegging van de gemeenschappelijke handelspolitiek en voert de Commissie na machtiging door de Raad handelsonderhandelingen. Om deze taken te kunnen vervullen heeft de Commissie behoefte aan relevante en hoogwaardige statistische informatie. Daarnaast is dergelijke informatie noodzakelijk voor de tenuitvoerlegging en de herziening van handelsovereenkomsten, waaronder de Algemene Overeenkomst betreffende de handel in diensten (GATS), en van de Overeenkomst inzake de handelsaspecten van de intellectuele eigendom (TRIPs), alsook voor de lopende en toekomstige onderhandelingen over andere overeenkomsten.

4. De ontwerp-verordening zet een gemeenschappelijk kader op voor de systematische productie van communautaire statistieken middels gemeenschappelijke definities die de lidstaten dienen aan te wenden bij de samenstelling van hun statistieken inzake de betalingsbalans, de internationale handel in diensten en buitenlandse directe investeringen, alsook middels gespecificeerde verplichtingen omtrent de toe te zenden gegevens.

5. De ontwerp-verordening bepaalt ook normen voor de verspreiding van communautaire statistieken door de Commissie. Tenslotte zet de verordening het Betalingsbalanscomité op als nieuw forum voor samenwerking tussen de lidstaten, de Commissie en de ECB, als waarnemer, omtrent statistieken inzake de betalingsbalans, de internationale handel in diensten en buitenlandse directe investeringen.

6. De ECB verwelkomt de ontwerp-verordening. Overeenkomstig het Memorandum van Overeenstemming tussen het directoraat-generaal Statistieken van de ECB (DG-Statistieken) en het Bureau voor de Statistiek van de Europese Gemeenschap (Eurostat) van 10 maart 2003, is de ECB, en met name haar DG-Statistieken, bereid tot samenwerking met Eurostat bij het opmaken van de financiële rekening van de betalingsbalans en het daarmee verbandhoudende inkomen van de EU, gezien haar ervaring bij het opmaken van de betalingsbalans van het eurogebied.

7. Overweging 7 van de ontwerp-verordening bepaalt dat Verordening (EG) nr. 2560/2001 van het Europees Parlement en de Raad van 19 december 2001 betreffende grensoverschrijdende betalingen in euro(1) een directe invloed heeft op de verzameling van statistieken. Meer in het bijzonder noemt artikel 8 van die verordening de mogelijke verhoging van de drempel van 12500 EUR tot 50000 EUR voor het melden door banken van grensoverschrijdende betalingen. Zulks baart enige zorg, met name omdat die verhoogde drempel de kwaliteit zou kunnen aantasten van de betalingsbalans van de lidstaten van de EU en van landen die lidstaten van de EU zullen worden. Voor deze landen zijn statistieken inzake de betalingsbalans van belang om vast te kunnen stellen of voldaan is aan de convergentiecriteria.

8. De ECB verwelkomt met name artikel 8 van de ontwerp-verordening inzake de toezending en uitwisseling van vertrouwelijke gegevens voor statistische doeleinden. Artikel 8 kan er daadwerkelijk toe bijdragen, dat terugkerende problemen bij het uitwisselen van vertrouwelijke gegevens worden overwonnen. De ECB begrijpt dat de werkzaamheden van de lidstaten inzake de gegevens voor het communautaire aggregaat ook de kwaliteit van het aggregaat van het eurogebied zullen verbeteren.

9. De ECB verwelkomt eveneens artikel 11 dat haar de status van waarnemer in het Betalingsbalanscomité verleent. De deelname van de ECB aan de werkzaamheden van dit comité zal ertoe bijdragen, zij het in beperkte mate gezien haar waarnemersstatus, dat consistentie wordt verzekerd tussen de statistische rapportagevereisten voor de lidstaten en het voldoen aan internationale statistische normen. Het zal tevens de efficiëntie van de opmakingssystemen voor de betalingsbalans- en daarmee verbandhoudende statistieken verhogen en de kwaliteit van gegevens en methodologische notities (metagegevens) verbeteren.

10. De ECB begrijpt dat de ontwerp-verordening geen gegevens inzake reserves van de lidstaten verlangt, omdat Europese reserves als dusdanig niet bestaan. Indien echter in de toekomst gegevens inzake reserves voor statistische doeleinden (bijv. voor het opmaken van de betalingsbalans van de EU, waardoor de evaluatie van de kwaliteit van de gegevens vergemakkelijkt wordt), noodzakelijk worden geacht, is DG-Statistieken van de ECB in samenwerking met het Europees Stelsel van centrale banken (ESCB) in staat gespecialiseerde kennis te leveren betreffende de methodologie aangaande deze post en voor het opmaken ervan. In dit geval, spreekt het ook voor zich dat de niet-deelnemende lidstaten de ECB de relevante gegevens zouden moeten verschaffen (d.w.z. vorderingen op niet-ingezetenen van de EU luidende in andere valuta dan de euro of in andere valuta die binnen de EU wettig betaalmiddel zijn).

11. Ook de ECB acht het van belang, zoals het Europees Parlement zulks kort geleden uitsprak, dat de internationale rol van de euro opgevolgd wordt(2). Het ESCB zal in de komende jaren nagaan in hoeverre behoefte bestaat aan informatie inzake een uitsplitsing naar valuta - met ten minste de uitsplitsing tussen de euro en overige valuta's - aangaande transacties in goederen en diensten en hoe dergelijke informatie efficiënt kan worden verzameld. Afhankelijk van de uitkomst van het onderzoek kan dit punt te zijner tijd worden besproken in de relevante comités, teneinde een passende wijziging van de ontwerp-verordening in overweging te nemen.

12. Dit advies wordt gepubliceerd in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Frankfurt am Main, 1 december 2003.

De president van de ECB

Jean-Claude Trichet

(1) PB L 344 van 28.12.2001, blz. 13.

(2) Met name wordt verwezen naar de resolutie van het Europees Parlement over de internationale rol van de eurozone en de eerste evaluatie van de invoering van de chartale euro van 3 juli 2003 (COM(2002) 332 - 2002/2259(INI)).