18.12.2020   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 428/68


BESLUIT (EU) 2020/2152 VAN DE COMMISSIE

van 17 december 2020

betreffende de aan het Agentschap van de Europese Unie voor de samenwerking tussen energieregulators verschuldigde vergoedingen voor het verzamelen, hanteren, verwerken en analyseren van informatie die overeenkomstig Verordening (EU) nr. 1227/2011 van het Europees Parlement en de Raad is gerapporteerd

(Voor de EER relevante tekst)

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EU) 2019/942 van het Europees Parlement en de Raad van 5 juni 2019 tot oprichting van een Agentschap van de Europese Unie voor de samenwerking tussen energieregulators (1), en met name artikel 32, lid 2,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Voor een open en eerlijke concurrentie op de interne elektriciteits- en gasmarkten en om een gelijk speelveld voor de marktdeelnemers te garanderen, zijn integriteit en transparantie vereist op de groothandelsmarkten voor energie. In Verordening (EU) nr. 1227/2011 van het Europees Parlement en de Raad (2) wordt een uitvoerig kader vastgesteld om dit te verwezenlijken.

(2)

Overeenkomstig Verordening (EU) nr. 1227/2011 moet het Agentschap van de Europese Unie voor de samenwerking tussen energieregulators, hierna het “Agentschap” genoemd, op een doeltreffende manier toezicht houden op de groothandelsmarkten voor energie, in nauwe samenwerking met de nationale regulerende instanties en andere nationale autoriteiten. In artikel 32, lid 1, onder b), van Verordening (EU) 2019/942 worden vergoedingen ingevoerd om de financiering van het Agentschap te verbeteren en de kosten in verband met deze toezichthoudende en superviserende functie te dekken. Door een verhoging van de beschikbare middelen moet het Agentschap ook in staat zijn de kwaliteit van de dienstverlening te verbeteren die het aanbiedt aan entiteiten die gegevens rapporteren en, indien van toepassing, aan marktdeelnemers in het algemeen.

(3)

De wetgever heeft in artikel 32 van Verordening (EU) 2019/942 het toepassingsgebied en de basisbeginselen van de vergoedingsregeling uiteengezet en de Commissie belast met de vaststelling van de vergoedingen en de wijze waarop deze moeten worden betaald.

(4)

Overeenkomstig artikel 32, lid 2, van Verordening (EU) 2019/942 heeft een openbare raadpleging plaatsgevonden en zijn de raad van bestuur en de raad van regulators van het Agentschap geraadpleegd. De openbare raadpleging is aangevuld met een workshop voor belanghebbenden, waarop alle huidige potentiële betrokkenen bij de vergoedingsregeling werden uitgenodigd, alsmede verenigingen die deze betrokkenen of andere marktdeelnemers vertegenwoordigen.

(5)

Bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie (3) is de financiële kaderregeling vastgesteld voor de organen die zijn opgericht door de Unie op grond van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie en het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie en die rechtspersoonlijkheid hebben en bijdragen ten laste van de begroting van de Unie ontvangen. Het Agentschap is een dergelijk orgaan en heeft, zoals voorgeschreven bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715, zijn eigen financiële regels vastgesteld, namelijk het financieel reglement van het Agentschap (4), die niet afwijken van de regels uit hoofde van Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715.

(6)

Het programmeringsdocument van het Agentschap, dat is opgesteld overeenkomstig artikel 20 van Verordening (EU) 2019/942 en artikel 32 van het financieel reglement van het Agentschap, bevat een jaarlijkse en meerjarige programmering en beschrijft in dit verband uitvoerig de taken van het Agentschap en de middelen die voor deze taken worden aangewend. Het programmeringsdocument is daarom het geschikte instrument om te bepalen welke kosten in aanmerking komen om overeenkomstig artikel 32, lid 1, onder b), van Verordening (EU) 2019/942 te worden gedekt door vergoedingen.

(7)

In aanmerking komende kosten omvatten de kosten die het Agentschap maakt om gegevens te verzamelen overeenkomstig Uitvoeringsverordening (EU) nr. 1348/2014 van de Commissie (5), maar ook alle andere taken of activiteiten overeenkomstig Verordening (EU) nr. 1227/2011 met betrekking tot het hanteren, verwerken en analyseren van de verzamelde gegevens om de integriteit en transparantie van de groothandelsmarkten voor energie te waarborgen. Overeenkomstig artikel 20 van Verordening (EU) 2019/942 brengt de Commissie advies uit over het ontwerpprogrammeringsdocument van het Agentschap, met inbegrip van de voorstellen van het Agentschap over de kosten die in aanmerking komen voor financiering uit vergoedingen.

(8)

Overeenkomstig artikel 31 van Verordening (EU) 2019/942 moet het Agentschap hoofdzakelijk uit de algemene begroting van de Unie worden gefinancierd. Daarom mogen de inkomsten van het Agentschap uit vergoedingen niet hoger zijn dan de bijdrage uit de begroting van de Unie.

(9)

Om op een transparante manier aan te tonen dat de vergoedingen alleen worden gebruikt om in aanmerking komende kosten te dekken en dat het Agentschap hoofdzakelijk uit de algemene begroting van de Unie wordt gefinancierd, moet het geconsolideerde jaarlijkse activiteitenverslag, dat is opgesteld overeenkomstig artikel 48 van het financieel reglement van het Agentschap, informatie verschaffen over de verschillende inkomstenbronnen en het gebruik van deze inkomsten.

(10)

Overeenkomstig artikel 9 van Verordening (EU) nr. 1227/2011 moeten marktdeelnemers zich bij de regulerende instanties van de lidstaten laten registeren. Rapporterende partijen, ook wel geregistreerde rapportagemechanismen genoemd, zijn marktdeelnemers of entiteiten die namens marktdeelnemers rapporteren en die voldoen aan de technische en organisatorische vereisten om een efficiënte, doeltreffende en veilige uitwisseling en hantering van informatie te waarborgen ten behoeve van de rapportage van informatie overeenkomstig artikel 8 van Verordening (EU) nr. 1227/2011 en Uitvoeringsverordening (EU) nr. 1348/2014. Geregistreerde rapportagemechanismen moeten zich direct bij het Agentschap laten registreren; bijgevolg zijn zij het die de vergoedingen moeten betalen.

(11)

De facturen die naar de geregistreerde rapportagemechanismen worden gestuurd, moeten informatie bevatten over de wijze waarop de vergoeding is berekend, zodat het voor het geregistreerde rapportagemechanisme transparant is hoe de verschillende marktdeelnemers waarvoor zij gegevens rapporteren, bijdragen aan de gefactureerde vergoeding. Om te voorkomen dat geregistreerde rapportagemechanismen financieel buitensporig worden belast, moet het mogelijk zijn om grote facturen, in overleg met het Agentschap, in schijven te betalen. In welke mate transmissiesysteembeheerders voor elektriciteit of gas die zijn geregistreerd als rapportagemechanismen de kosten die voortvloeien uit de vergoedingen die zij verschuldigd zijn aan het Agentschap kunnen verhalen op netgebruikers via de nettarieven, is een beslissing die deel uitmaakt van de taken en bevoegdheden van de regulerende instanties van de lidstaten overeenkomstig artikel 59, lid 1, van Richtlijn (EU) 2019/944 van het Europees Parlement en de Raad (6) en artikel 41, lid 1, van Richtlijn 2009/73/EG van het Europees Parlement en de Raad (7).

(12)

Overeenkomstig artikel 32, lid 2, van Verordening (EU) 2019/942 moeten de vergoedingen in verhouding staan tot de kosten van de betreffende diensten die op kosteneffectieve wijze worden verleend en moeten zij voldoende zijn om deze kosten te dekken; deze kosten moeten ook op een zodanig niveau worden vastgesteld dat zij niet-discriminerend zijn en geen buitensporige financiële of administratieve lasten veroorzaken voor marktdeelnemers of namens hen rapporterende entiteiten.

(13)

De belangrijkste kostenfactoren van de betreffende diensten, en dus van de in aanmerking komende kosten van het Agentschap, zijn het aantal geregistreerde rapportagemechanismen, het aantal marktdeelnemers waarvoor zij rapporteren en de hoeveelheid en de kenmerken van de gegevens die zij rapporteren. Om met deze kostenfactoren rekening te houden, moet de vergoeding die elk geregistreerd rapportagemechanisme moet betalen een combinatie zijn van een forfaitair bedrag, namelijk de forfaitaire component van het inschrijvingsgeld, en een variabel bedrag, namelijk de op transactiegegevens gebaseerde vergoedingscomponent, afhankelijk van het aantal marktdeelnemers waarvoor het geregistreerde rapportagemechanisme gegevens rapporteert, evenals de hoeveelheid en de kenmerken van de gerapporteerde gegevens.

(14)

Het forfaitaire bedrag moet een weerspiegeling zijn van de kosten van het Agentschap voor de verwerking van aanvragen om te worden geregistreerd als rapportagemechanisme en om te garanderen dat bestaande geregistreerde rapportagemechanismen aan de eisen uiteengezet in artikel 11 van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 1348/2014 blijven voldoen. Aangezien deze kosten door het Agentschap worden gemaakt, ongeacht of de geregistreerde rapportagemechanismen transactiegegevens of fundamentele gegevens rapporteren, moet het vaste bedrag door alle geregistreerde rapportagemechanismen worden betaald.

(15)

Om te voorkomen dat geregistreerde rapportagemechanismen financieel buitensporig worden belast, moet het in artikel 6 bedoelde variabele bedrag een weerspiegeling zijn van de hoeveelheid gerapporteerde transactiegegevens, gekoppeld aan het verhandelde volume en dus aan de potentiële inkomsten van een geregistreerd rapportagemechanisme. Bij de variabele component moet rekening worden gehouden met het feit dat veel geregistreerde rapportagemechanismen gegevens rapporteren voor een groot aantal marktdeelnemers die vaak actief zijn op verschillende georganiseerde markten en verschillende handelskanalen gebruiken.

(16)

In artikel 4, lid 1, onder b) en c), van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 1348/2014 worden kleine elektriciteits- en gasproducenten, die vaak hernieuwbare energie produceren, uitgesloten van continue rapportage uit hoofde van Verordening (EU) nr. 1227/2011. De invoering van de vergoedingen zal dus geen financiële last voor deze producenten met zich meebrengen.

(17)

Fundamentele gegevens zoals informatie over de capaciteit en het gebruik van faciliteiten voor de productie, de opslag, het verbruik of de transmissie van elektriciteit en aardgas of over de capaciteit en het gebruik van lng-installaties worden door het Agentschap alleen maar bijgehouden om de verzamelde transactiegegevens aan te vullen, zoals orders, handelstransacties, niet-standaardcontracten of transportcontracten. Fundamentele gegevens mogen daarom niet worden opgenomen in de berekening van de variabele vergoedingscomponent. Omdat de status van een geregistreerd rapportagemechanisme voor het Agentschap een belangrijke kostenfactor op zich is, moeten geregistreerde rapportagemechanismen die uitsluitend fundamentele gegevens rapporteren toch de forfaitaire vergoedingscomponent betalen.

(18)

Om marktmisbruik op een doeltreffende manier aan het licht te brengen, verzamelt het Agentschap niet alleen gegevens over transacties en andere contracten, maar ook een aanzienlijke hoeveelheid gegevens over handelsorders die op georganiseerde marktplaatsen zoals energiebeurzen zijn geplaatst. Daarom moeten ook handelsorders onder de vergoedingsregeling vallen om de kosten proportioneel te houden. Om dezelfde redenen moet ook levenscyclusinformatie onder de vergoedingsregeling vallen.

(19)

De vergoedingsregeling mag de handel op georganiseerde markten niet uitsluiten. De handel in voor de groothandel bestemde energieproducten met betrekking tot de levering van elektriciteit of aardgas op georganiseerde marktplaatsen wordt gekenmerkt door een hoger niveau van standaardisering dan de handel in dergelijke producten buiten georganiseerde marktplaatsen. Bovendien bevatten de gerapporteerde transactiegegevens van georganiseerde marktplaatsen ook handelsorders. De handel in contracten voor de levering van elektriciteit of aardgas wordt gekenmerkt door marktontwikkelingen, zoals algoritmische en hoogfrequente handel, die aan belang toenemen en tot een toename leiden van het aantal handelsorders dat per standaard leveringscontract op georganiseerde marktplaatsen wordt gerapporteerd in vergelijking met leveringscontracten die buiten georganiseerde marktplaatsen worden gesloten. Transactiegegevens over voor de groothandel bestemde energieproducten met betrekking tot de levering van elektriciteit of aardgas die worden gerapporteerd op georganiseerde markten moeten bij de berekening van de variabele vergoedingscomponent dan ook anders worden gewogen dan die welke van buiten de georganiseerde markten afkomstig zijn.

(20)

Groothandelsenergieproducten met betrekking tot het transport van elektriciteit of aardgas worden gekenmerkt door een vergelijkbaar niveau van contractstandaardisering, ongeacht of deze op of buiten georganiseerde markten worden verhandeld, en er is beperkte concurrentie tussen de handel op georganiseerde markten en de handel buiten georganiseerde markten. Voor dergelijke producten mag in de vergoedingsregeling dan ook geen onderscheid worden gemaakt tussen transactiegegevens die afkomstig zijn van georganiseerde markten en die welke afkomstig zijn van buiten georganiseerde markten.

(21)

Aangezien de vergoedingen volledig worden bepaald door dit besluit, dat de basis vormt voor het Agentschap om de te innen bedragen vast te stellen overeenkomstig artikel 71 van het financieel reglement van het Agentschap, moeten de facturen debetnota’s zijn.

(22)

Overeenkomstig artikel 71 van het financieel reglement van het Agentschap mag een agentschap pas diensten verlenen nadat de bijbehorende vergoeding volledig is betaald. Aangezien de vergoedingen worden berekend op basis van de hoeveelheid gerapporteerde transactiegegevens van het vorige jaar, kunnen de te innen bedragen pas worden vastgesteld en gefactureerd aan het begin van elk jaar. Geregistreerde rapportagemechanismen moeten niettemin in staat zijn om voortdurend gegevens aan het Agentschap te rapporteren, dus ook voordat zij de factuur voor het betreffende jaar hebben betaald. Indien een geregistreerd rapportagemechanisme echter achterstallige facturen heeft, moet het Agentschap de mogelijkheid hebben om de entiteit ervan te weerhouden nog gegevens te rapporteren, ook al is de entiteit geregistreerd overeenkomstig artikel 11 van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 1348/2014.

(23)

In 2021 moeten geregistreerde rapportagemechanismen voor het eerst vergoedingen betalen om de in aanmerking komende kosten te dekken die zijn geïdentificeerd in het programmeringsdocument dat overeenkomstig artikel 20 van Verordening (EU) 2019/942 uiterlijk 31 december 2020 door de raad van bestuur van het Agentschap moet worden vastgesteld.

(24)

Bij het begin van de vergoedingsregeling moeten geregistreerde rapportagemechanismen kunnen beslissen of zij hun registratie bij het Agentschap willen behouden. Daarom moeten zij, zelfs na ontvangst van de factuur voor de jaarlijkse vergoeding, kunnen voorkomen dat zij de vergoeding moeten betalen door het Agentschap ervan op de hoogte te stellen dat zij niet langer een geregistreerd rapportagemechanisme willen zijn. In dat geval moeten zij de tijd krijgen om alternatieve oplossingen in te voeren om aan hun verplichtingen uit hoofde van Verordening (EU) nr. 1227/2011 te voldoen, bijvoorbeeld door gebruik te maken van de diensten van een ander geregistreerd rapportagemechanisme. In de jaren na het eerste jaar moeten geregistreerde rapportagemechanismen vóór het einde van elk jaar kunnen beslissen of zij deze status al dan niet willen behouden, waarbij zij geen recht hebben op terugbetaling van betaalde vergoedingen of kwijtschelding van verschuldigde vergoedingen.

(25)

Krachtens artikel 32, lid 2, van Verordening (EU) 2019/942 moet de Commissie de hoogte van de vergoedingen regelmatig onderzoeken. Dit moet samen met de beoordeling van de prestaties van het Agentschap worden uitgevoerd overeenkomstig artikel 45 van Verordening (EU) 2019/942. Een dergelijke vereiste belet de Commissie niet om de vergoedingsregeling onafhankelijk van deze beoordelingen te herzien.

(26)

Dit besluit moet in werking treden op de derde dag na de bekendmaking ervan, aangezien het in artikel 3, leden 1 en 2, bedoelde programmeringsdocument van het Agentschap voor 2021-2023 in december 2020 moet worden vastgesteld. Omdat 2021 het eerste jaar is dat geregistreerde rapportagemechanismen vergoedingen moeten betalen, mag dit besluit van de Commissie, met uitzondering van artikel 3, leden 1 en 2, niet vanaf de inwerkingtreding ervan worden toegepast, maar vanaf 1 januari 2021,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

Onderwerp

In dit besluit worden de vergoedingen bepaald en de wijze waarop deze aan het Agentschap voor de samenwerking tussen energieregulators van de Europese Unie (hierna “het Agentschap” genoemd) moeten worden betaald voor het verzamelen, hanteren, verwerken en analyseren van informatie die door marktdeelnemers of namens hen rapporterende entiteiten uit hoofde van artikel 8 van Verordening (EU) nr. 1227/2011 wordt gerapporteerd.

Artikel 2

Definities

Voor de toepassing van deze verordening gelden de definities van “fundamentele gegevens” en “georganiseerde markt” zoals vastgesteld in artikel 2, punten 1 en 4, van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 1348/2014.

Daarnaast wordt verstaan onder:

1)

“geregistreerd rapportagemechanisme”: een entiteit die door het Agentschap overeenkomstig artikel 11 van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 1348/2014 is geregistreerd met het oog op de rapportage van transactiegegevens of fundamentele gegevens;

2)

“transactiegegevens”: een individuele gegevensverzameling met informatie over een handelstransactie, handelsorder of contract, of met levenscyclusinformatie zoals wijzigingen, vroegtijdige beëindiging of correcties van handelstransacties, handelsorders of contracten, die overeenkomstig artikel 3 van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 1348/2014 aan het Agentschap wordt gerapporteerd;

3)

“marktdeelnemer”: een entiteit die overeenkomstig artikel 9 van Verordening (EU) nr. 1227/2011 bij de nationale regulerende instantie van de lidstaat is geregistreerd.

Artikel 3

Kosten gedekt door vergoedingen

1.   In het programmeringsdocument, inclusief de begroting, dat de raad van bestuur van het Agentschap overeenkomstig artikel 20 van Verordening (EU) 2019/942 uiterlijk 31 december van elk jaar vaststelt, hierna “het programmeringsdocument” genoemd, worden de kosten vermeld die in het volgende jaar in aanmerking komen voor financiering via de vergoedingen en wordt een raming gemaakt van de in aanmerking komende kosten die gedurende nog eens twee jaar daarna via de vergoedingen zullen worden gefinancierd. In aanmerking komende kosten zijn kosten, inclusief overheadkosten, die het Agentschap maakt voor het verzamelen, hanteren, verwerken en analyseren van de informatie die via geregistreerde rapportagemechanismen wordt gerapporteerd.

2.   In het programmeringsdocument wordt het bedrag vastgesteld dat in het volgende jaar door vergoedingen zal worden gedekt. Dat bedrag:

a)

is niet hoger dan de in aanmerking komende kosten overeenkomstig lid 1;

b)

is lager dan de bijdrage van de Unie aan het Agentschap overeenkomstig de begroting van de Unie voor het desbetreffende jaar.

3.   Het Agentschap verstrekt uitvoerige informatie over het bedrag van de geïnde vergoedingen en de kosten die in het voorgaande jaar door de vergoedingen zijn gedekt in het geconsolideerde jaarlijkse activiteitenverslag overeenkomstig artikel 48 van het financieel reglement van het Agentschap. Het Agentschap maakt de respectieve delen van dit verslag openbaar.

Artikel 4

Verplichting tot betaling van vergoedingen

1.   Elk geregistreerd rapportagemechanisme betaalt een overeenkomstig artikel 5 berekende jaarlijkse vergoeding. Alle vergoedingen worden in EUR voldaan.

2.   Uiterlijk 31 januari van elk jaar stuurt het Agentschap elk geregistreerd rapportagemechanisme een factuur voor de jaarlijkse vergoeding die binnen een termijn van vier weken moet worden betaald. De factuur bevat gedetailleerde informatie over de wijze waarop deze vergoeding is berekend. Het Agentschap en een geregistreerd rapportagemechanisme kunnen in onderling overleg overeenkomen dat facturen van meer dan 250 000 EUR in schijven worden betaald. De uiterste termijn voor de betaling van de laatste schijf is 30 september.

3.   Indien een entiteit een aanvraag indient om een geregistreerd rapportagemechanisme te worden, stuurt het Agentschap de entiteit een factuur ten bedrage van 50 % van de forfaitaire component van het inschrijvingsgeld overeenkomstig artikel 5, lid 1, onder a), en accepteert het de aanvraag pas nadat de factuur is betaald. Als het Agentschap de aanvraag afwijst omdat de entiteit niet voldoet aan de vereisten in artikel 11 van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 1348/2014, heeft de entiteit geen recht op terugbetaling van de betaalde vergoeding. Na registratie van een entiteit als geregistreerd rapportagemechanisme stuurt het Agentschap de entiteit een factuur voor de resterende vergoeding die bestaat uit 50 % van de forfaitaire component van het inschrijvingsgeld overeenkomstig artikel 5, lid 1, onder a), en, tenzij het geregistreerde rapportagemechanisme verklaart dat het uitsluitend fundamentele gegevens zal rapporteren, de op transactiegegevens gebaseerde component overeenkomstig artikel 6, lid 4.

4.   Geregistreerde rapportagemechanismen die niet meer bij het Agentschap zijn geregistreerd, hebben geen recht op terugbetaling van betaalde vergoedingen of kwijtschelding van verschuldigde vergoedingen. Zij moeten de vergoeding voor het desbetreffende jaar volledig betalen, tenzij zij het Agentschap uiterlijk op 31 december van het voorgaande jaar hebben meegedeeld dat zij niet langer bij het Agentschap geregistreerd willen zijn.

Artikel 5

Berekening van de individuele jaarlijkse vergoedingen

1.   De jaarlijkse vergoeding die een geregistreerd rapportagemechanisme moet betalen, is de som van de volgende componenten:

a)

een forfaitaire component van het inschrijvingsgeld van 9 000 EUR;

b)

een overeenkomstig artikel 6 berekende, op transactiegegevens gebaseerde vergoedingscomponent, tenzij een geregistreerd rapportagemechanisme uitsluitend fundamentele gegevens rapporteert;

c)

indien van toepassing, een positieve of negatieve correctie om de verschillen te compenseren tussen de op transactiegegevens gebaseerde vergoedingscomponent die in het voorgaande jaar is betaald en de op transactiegegevens gebaseerde vergoedingscomponent die volgens de feitelijke rapportage in dat jaar betaald had moeten worden.

De in de lid 1, onder c), bedoelde correctie wordt berekend door de op transactiegegevens gebaseerde vergoedingscomponent van het voorgaande jaar af te trekken van de op transactiegegevens gebaseerde vergoedingscomponent van het huidige jaar.

Indien een geregistreerd rapportagemechanisme zich in het voorgaande jaar als nieuw rapportagemechanisme heeft laten registeren, wordt de correctie overeenkomstig lid 1, onder c), berekend door het bedrag overeenkomstig artikel 6, lid 4, af te trekken van de op transactiegegevens gebaseerde vergoedingscomponent die voor het huidige jaar is berekend overeenkomstig artikel 6, lid 5, nadat deze laatste door 365 is gedeeld en is vermenigvuldigd met het aantal kalenderdagen tussen de registratiedatum en het einde van het voorgaande jaar.

Een negatief correctiebedrag als bedoeld in lid 1, onder c), is niet hoger dan de op transactiegegevens gebaseerde vergoedingscomponent die is berekend voor het huidige jaar.

2.   Indien de som van de individuele vergoedingen die overeenkomstig lid 1 voor elk geregistreerd rapportagemechanisme worden berekend, hoger is dan het bedrag dat overeenkomstig artikel 3, lid 2, door vergoedingen moet worden gedekt, wordt de individuele vergoeding die elk geregistreerd rapportagemechanisme moet betalen, verlaagd door de vergoeding te vermenigvuldigen met een reductiefactor die als volgt wordt berekend:

Image 1

Artikel 6

Berekening van de op transactiegegevens gebaseerde vergoedingscomponent

1.   De op transactiegegevens gebaseerde vergoedingscomponent wordt als volgt berekend op basis van de transactiegegevens die in het voorgaande jaar door elk geregistreerd rapportagemechanisme zijn gerapporteerd:

a)

Het Agentschap identificeert de gegevensclusters van het respectieve geregistreerde rapportagemechanisme. Eén gegevenscluster bestaat uit een van de volgende onderdelen:

i)

alle transactiegegevens over voor de groothandel bestemde energieproducten overeenkomstig artikel 3, lid 1, onder a), van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 1348/2014 en afkomstig van een specifieke marktdeelnemer die gebruikmaakt van een specifieke georganiseerde markt;

ii)

alle transactiegegevens over voor de groothandel bestemde energieproducten overeenkomstig artikel 3, lid 1, onder a), van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 1348/2014 en afkomstig van een specifieke marktdeelnemer zonder gebruik te maken van een georganiseerde markt;

iii)

alle transactiegegevens over voor de groothandel bestemde energieproducten overeenkomstig artikel 3, lid 1, onder b), van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 1348/2014 en afkomstig van een specifieke marktdeelnemer;

b)

voor elk van de onder a) bedoelde gegevensclusters stelt het Agentschap de deelcomponent van de vergoeding overeenkomstig lid 2 of lid 3 vast;

c)

de op transactiegegevens gebaseerde vergoedingscomponent is de som van de overeenkomstig punt b) vastgestelde deelcomponenten.

2.   De deelcomponenten van de vergoeding per gegevenscluster voor transactiegegevens overeenkomstig lid 1, onder a), i) en iii), zijn als volgt:

Transacties per gegevenscluster

Deelcomponent van de vergoeding in EUR

1 tot en met 1 000

250

1 001 tot en met 10 000

500

10 001 tot en met 100 000

1 000

100 001 tot en met 1 miljoen

2 000

Meer dan 1 miljoen tot maximaal 10 miljoen

4 000

Meer dan 10 miljoen tot maximaal 100 miljoen

8 000

Meer dan 100 miljoen

16 000

3.   De deelcomponenten van de vergoeding per gegevenscluster voor transactiegegevens overeenkomstig lid 1, onder a), ii), zijn als volgt:

Transacties per gegevenscluster

Deelcomponent van de vergoeding in EUR

1 tot en met 100

250

101 tot en met 1 000

500

1 001 tot en met 10 000

1 000

10 001 tot en met 100 000

2 000

100 001 tot en met 1 miljoen

4 000

Meer dan 1 miljoen tot maximaal 10 miljoen

8 000

Meer dan 10 miljoen

16 000

4.   In het geval van een nieuw geregistreerd rapportagemechanisme bedraagt de op transactiegegevens gebaseerde vergoedingscomponent in het jaar van registratie 65 EUR voor elke kalenderdag vanaf de dag van registratie tot het einde van het jaar. Het geregistreerde rapportagemechanisme en het Agentschap kunnen in onderling overleg een ander bedrag vaststellen dat de verwachte rapportage door het geregistreerde rapportagemechanisme beter weergeeft.

5.   Voor een geregistreerd rapportagemechanisme dat zich in het voorgaande jaar voor het eerst heeft laten registeren, wordt het aantal transacties voor elke gegevenscluster als volgt aangepast voordat de respectieve deelcomponenten van de vergoeding worden berekend:

Image 2

Artikel 7

Handhaving

1.   De door het Agentschap overeenkomstig artikel 4, lid 2 of 3, verzonden facturen zijn debetnota’s overeenkomstig artikel 71 van het financieel reglement van het Agentschap.

2.   Het Agentschap neemt alle passende juridische maatregelen om de volledige betaling van de uitgeschreven facturen te waarborgen door de relevante regels van het financieel reglement van het Agentschap toe te passen, met inbegrip van de regels inzake achterstandsrente en invordering.

3.   Indien de verschuldigde vergoeding van een geregistreerd rapportagemechanisme ten minste een maand achterstallig is, kan het Agentschap besluiten het geregistreerde rapportagemechanisme niet langer de mogelijkheid te geven om gegevens aan het Agentschap te rapporteren totdat de vergoeding volledig is betaald.

Artikel 8

Overgangsbepalingen in 2021

Voor vergoedingen die in 2021 worden betaald, gelden de volgende specifieke bepalingen:

a)

de vroegste termijn die het Agentschap overeenkomstig artikel 4, lid 2, kan vaststellen voor de betaling van de facturen, is 31 maart 2021;

b)

geregistreerde rapportagemechanismen die het Agentschap uiterlijk op 31 maart 2021 ervan in kennis stellen dat zij niet langer bij het Agentschap geregistreerd willen zijn, zijn niet verplicht de vergoeding te betalen. Zij kunnen tot 30 juni 2021 gegevens blijven rapporteren;

c)

de mogelijkheid voor geregistreerde rapportagemechanismen om gegevens te rapporteren aan het Agentschap mag op zijn vroegst met ingang van 1 juli 2021 worden ingetrokken overeenkomstig artikel 7, lid 3, wanneer zij de vergoeding niet betalen;

d)

artikel 5, lid 1, onder c), is niet van toepassing op de in 2021 geheven vergoedingen.

Artikel 9

Beoordeling

De Commissie evalueert de uitvoering van dit besluit uiterlijk op 5 juli 2024 en vervolgens om de vijf jaar, samen met de beoordeling die krachtens artikel 45 van Verordening (EU) 2019/942 moet worden uitgevoerd.

Artikel 10

Inwerkingtreding en toepassing

Dit besluit treedt in werking op de derde dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Dit besluit is van toepassing met ingang van 1 januari 2021.

Artikel 3, leden 1 en 2, zijn evenwel van toepassing met ingang van de datum van inwerkingtreding van dit besluit.

Gedaan te Brussel, 17 december 2020.

Voor de Commissie

De voorzitter

Ursula VON DER LEYEN


(1)  PB L 158 van 14.6.2019, blz. 22.

(2)  Verordening (EU) nr. 1227/2011 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2011 betreffende de integriteit en transparantie van de groothandelsmarkt voor energie (PB L 326 van 8.12.2011, blz. 1).

(3)  Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad (PB L 122 van 10.5.2019, blz. 1).

(4)  Besluit nr. 8/2019 van de raad van bestuur van het Agentschap voor de samenwerking tussen energieregulators van 21 juni 2019 betreffende het financieel reglement van het Agentschap voor de samenwerking tussen energieregulators.

(5)  Uitvoeringsverordening (EU) nr. 1348/2014 van de Commissie van 17 december 2014 inzake de informatieverstrekking overeenkomstig artikel 8, leden 2 en 6, van Verordening (EU) nr. 1227/2011 van het Europees Parlement en de Raad betreffende de integriteit en transparantie van de groothandelsmarkt voor energie (PB L 363 van 18.12.2014, blz. 121).

(6)  Richtlijn (EU) 2019/944 van het Europees Parlement en de Raad van 5 juni 2019 betreffende gemeenschappelijke regels voor de interne markt voor elektriciteit en tot wijziging van Richtlijn 2012/27/EU (PB L 158 van 14.6.2019, blz. 125).

(7)  Richtlijn 2009/73/EG van het Europees Parlement en de Raad van 13 juli 2009 betreffende gemeenschappelijke regels voor de interne markt voor aardgas en tot intrekking van Richtlijn 2003/55/EG (PB L 211 van 14.8.2009, blz. 94).