18.11.2019   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 297/1


BESLUIT (EU) 2019/1915 VAN DE RAAD

van 14 oktober 2019

betreffende de ondertekening, namens de Unie, van de Overeenkomst tussen de Europese Unie en de Republiek Belarus inzake de versoepeling van de afgifte van visa

DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, en met name artikel 77, lid 2, onder a), in samenhang met artikel 218, lid 5,

Gezien het voorstel van de Europese Commissie,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Op 28 februari 2011 machtigde de Raad de Commissie om onderhandelingen te openen met de Republiek Belarus over een overeenkomst tussen de Europese Unie en de Republiek Belarus inzake de versoepeling van de afgifte van visa (de “overeenkomst”), samen met onderhandelingen over een overeenkomst betreffende de overname van personen die zonder vergunning op het grondgebied verblijven. Op 17 juni 2019 werden de onderhandelingen met succes afgerond, met de parafering van de overeenkomst door uitwisseling van e‐mails.

(2)

In de verklaring van de top van het Oostelijk Partnerschap van 7 mei 2009 betuigden de Unie en de partnerlanden hun politieke steun aan de liberalisering van de visumregeling in een veilige en zekere omgeving en bevestigden zij hun voornemen om op termijn geleidelijk tot een visumvrije regeling voor hun burgers te komen.

(3)

De overeenkomst heeft tot doel om op basis van wederkerigheid de afgifte van visa voor een voorgenomen verblijf van ten hoogste 90 dagen per periode van 180 dagen aan burgers van de Unie en Belarus te versoepelen.

(4)

Dit besluit houdt een ontwikkeling in van de bepalingen van het Schengenacquis waaraan het Verenigd Koninkrijk niet deelneemt, overeenkomstig Besluit 2000/365/EG van de Raad (1); het Verenigd Koninkrijk neemt derhalve niet deel aan de vaststelling van dit besluit en dit is bijgevolg niet bindend voor, noch van toepassing op deze lidstaat.

(5)

Dit besluit houdt een ontwikkeling in van de bepalingen van het Schengenacquis waaraan Ierland niet deelneemt, overeenkomstig Besluit 2002/192/EG van de Raad (2); Ierland neemt derhalve niet deel aan de vaststelling van dit besluit en dit is niet bindend voor, noch van toepassing op deze lidstaat.

(6)

Overeenkomstig de artikelen 1 en 2 van Protocol nr. 22 betreffende de positie van Denemarken, gehecht aan het Verdrag betreffende de Europese Unie en het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, neemt Denemarken niet deel aan de vaststelling van dit besluit en is dit niet bindend voor, noch van toepassing op deze lidstaat.

(7)

De Raad dient een besluit te nemen over de sluiting van de overeenkomst in het licht van een beoordeling door de Commissie van de veiligheid en integriteit van het systeem van Belarus voor de afgifte van biometrische diplomatieke paspoorten en de bijbehorende technische specificaties.

(8)

De overeenkomst moet namens de Unie worden ondertekend en de aan de overeenkomst gehechte gemeenschappelijke verklaringen moeten worden goedgekeurd,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

Er wordt machtiging verleend voor de ondertekening namens de Unie van de overeenkomst tussen de Europese Unie en de Republiek Belarus inzake de versoepeling van de afgifte van visa, onder voorbehoud van de sluiting van die overeenkomst (3).

Artikel 2

De aan de overeenkomst gehechte gemeenschappelijke verklaringen worden namens de Unie goedgekeurd.

Artikel 3

De voorzitter van de Raad wordt gemachtigd de persoon (personen) aan te wijzen die bevoegd is (zijn) de overeenkomst namens de Unie te ondertekenen.

Artikel 4

De Commissie beoordeelt de veiligheid en integriteit van het systeem van Belarus voor de afgifte van biometrische diplomatieke paspoorten en de bijbehorende technische specificaties, en deelt haar beoordeling aan de Raad mee. De Raad neemt in het licht van deze beoordeling een besluit over de sluiting van de overeenkomst.

Artikel 5

Dit besluit treedt in werking op de datum waarop het wordt vastgesteld.

Gedaan te Luxemburg, 14 oktober 2019.

Voor de Raad

De voorzitter

J. LEPPÄ


(1)  Besluit 2000/365/EG van de Raad van 29 mei 2000 betreffende het verzoek van het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland deel te mogen nemen aan enkele van de bepalingen van het Schengenacquis (PB L 131 van 1.6.2000, blz. 43).

(2)  Besluit 2002/192/EG van de Raad van 28 februari 2002 betreffende het verzoek van Ierland deel te mogen nemen aan bepalingen van het Schengenacquis (PB L 64 van 7.3.2002, blz. 20).

(3)  De tekst van de overeenkomst zal samen met het besluit betreffende de sluiting ervan worden bekendgemaakt.