12.4.2019   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 103/31


UITVOERINGSBESLUIT (EU) 2019/599 VAN DE COMMISSIE

van 11 april 2019

tot wijziging van de bijlage bij Beschikking 2007/453/EG wat betreft de BSE-status van het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland en zijn van de Kroon afhankelijke gebieden

(Kennisgeving geschied onder nummer C(2019) 2830)

(Voor de EER relevante tekst)

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EG) nr. 999/2001 van het Europees Parlement en de Raad van 22 mei 2001 houdende vaststelling van voorschriften inzake preventie, bestrijding en uitroeiing van bepaalde overdraagbare spongiforme encefalopathieën (1), en met name artikel 5, lid 2, derde alinea,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Op 29 maart 2017 heeft het Verenigd Koninkrijk kennisgegeven van zijn voornemen om zich uit de Unie terug te trekken krachtens artikel 50 van het Verdrag betreffende de Europese Unie (hierna "VEU" genoemd). Op 22 maart 2019 heeft de Europese Raad, in overeenstemming met het Verenigd Koninkrijk, Besluit (EU) 2019/476 tot verlenging van de in artikel 50, lid 3, VEU bedoelde termijn (2) vastgesteld. Overeenkomstig dat besluit wordt, indien het terugtrekkingsakkoord niet uiterlijk op 29 maart 2019 door het Lagerhuis is goedgekeurd, de termijn waarin artikel 50, lid 3, VEU voorziet, verlengd tot en met 12 april 2019. Aangezien het terugtrekkingsakkoord niet uiterlijk op 29 maart 2019 is goedgekeurd, zal het Unierecht met ingang van 13 april 2019 (hierna "de terugtrekkingsdatum" genoemd) niet meer van toepassing zijn op en in het Verenigd Koninkrijk.

(2)

In Verordening (EG) nr. 999/2001 is bepaald dat de lidstaten, derde landen of gebieden daarvan aan de hand van hun status ten aanzien van boviene spongiforme encefalopathie (BSE) moeten worden ingedeeld in een van deze drie categorieën: verwaarloosbaar BSE-risico, gecontroleerd BSE-risico en onbepaald BSE-risico.

(3)

Het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland heeft bij de Commissie een verzoek ingediend om zijn BSE-status te bepalen, waarbij het heeft aangegeven dat dit verzoek ook zijn van de Kroon afhankelijke gebieden betreft. Dat verzoek ging vergezeld van de relevante informatie met betrekking tot dat land en zijn van de Kroon afhankelijke gebieden betreffende de in bijlage II bij Verordening (EG) nr. 999/2001 vermelde criteria en mogelijke risicofactoren.

(4)

Schotland is momenteel in de categorie verwaarloosbaar BSE-risico ingedeeld, maar in dat gebied van het Verenigd Koninkrijk is op 18 oktober 2018 een nieuw BSE-geval bevestigd. Schotland voldoet dan ook niet langer aan de vereisten van bijlage II bij Verordening (EG) nr. 999/2001 wat de categorie verwaarloosbaar risico betreft. Schotland moet daarom in de categorie gecontroleerd risico worden ingedeeld.

(5)

Gezien de BSE-status van Noord-Ierland kan in dit gebied een verwaarloosbaar risico worden geacht te bestaan, terwijl in de rest van het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland en zijn van de Kroon afhankelijke gebieden een gecontroleerd BSE-risico kan worden geacht te bestaan.

(6)

Rekening houdend met de bovengenoemde specifieke informatie en om onnodige verstoring van de handel na de terugtrekkingsdatum te voorkomen, moet met betrekking tot de indeling van landen of gebieden naar gelang van hun BSE-status Noord-Ierland in de lijst van gebieden van derde landen onder A van de bijlage bij Beschikking 2007/453/EG van de Commissie (3) en de rest van het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland en zijn van de Kroon afhankelijke gebieden onder B van diezelfde bijlage worden opgenomen. De bijlage bij die beschikking moet daarom dienovereenkomstig worden gewijzigd.

(7)

Dit besluit moet van toepassing zijn met ingang van 13 april 2019. Het moet echter niet van toepassing worden indien het Unierecht op die datum van toepassing blijft op en in het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland.

(8)

De in dit besluit vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Permanent Comité voor planten, dieren, levensmiddelen en diervoeders,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

De bijlage bij Beschikking 2007/453/EG wordt gewijzigd overeenkomstig de bijlage bij dit besluit.

Artikel 2

Dit besluit is van toepassing met ingang van 13 april 2019.

Het zal echter niet van toepassing zijn indien het Unierecht op die datum van toepassing blijft op en in het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland.

Artikel 3

Dit besluit is gericht tot de lidstaten.

Gedaan te Brussel, 11 april 2019.

Voor de Commissie

Jyrki KATAINEN

Vicevoorzitter


(1)  PB L 147 van 31.5.2001, blz. 1.

(2)  Besluit (EU) 2019/476 van de Europese Raad, vastgesteld in overeenstemming met het Verenigd Koninkrijk, van 22 maart 2019 tot verlenging van de in artikel 50, lid 3, VEU bedoelde termijn (PB L 80 I van 22.3.2019, blz. 1).

(3)  Beschikking 2007/453/EG van de Commissie van 29 juni 2007 tot vaststelling van de BSE-status van lidstaten, derde landen of gebieden daarvan naar gelang van hun BSE-risico (PB L 172 van 30.6.2007, blz. 84).


BIJLAGE

De bijlage bij Beschikking 2007/453/EG wordt vervangen door:

"BIJLAGE

LIJST VAN LANDEN OF GEBIEDEN

A.   Landen of gebieden met een verwaarloosbaar BSE-risico

Lidstaten

België

Bulgarije

Tsjechië

Denemarken

Duitsland

Estland

Kroatië

Italië

Cyprus

Letland

Litouwen

Luxemburg

Hongarije

Malta

Nederland

Oostenrijk

Polen

Portugal

Roemenië

Slovenië

Slowakije

Spanje

Finland

Zweden

Landen van de Europese Vrijhandelsassociatie

IJsland

Liechtenstein

Noorwegen

Zwitserland

Derde landen

Argentinië

Australië

Brazilië

Chili

Colombia

Costa Rica

India

Israël

Japan

Namibië

Nieuw-Zeeland

Panama

Paraguay

Peru

Singapore

Verenigde Staten

Uruguay

Gebieden van derde landen

Noord-Ierland

B.   Landen of gebieden met een gecontroleerd BSE-risico

Lidstaten

Ierland

Griekenland

Frankrijk

Derde landen

Canada

Guernsey

Isle of Man

Jersey

Mexico

Nicaragua

Zuid-Korea

Taiwan

Verenigd Koninkrijk, met uitzondering van Noord-Ierland

C.   Landen of gebieden met een onbepaald BSE-risico

Niet onder A of B opgenomen landen of gebieden.

"