9.8.2018   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 202/9


UITVOERINGSVERORDENING (EU) 2018/1106 VAN DE COMMISSIE

van 8 augustus 2018

tot vaststelling van technische uitvoeringsnormen met betrekking tot modellen voor de nalevingsverklaring die beheerders van significante en niet-significante benchmarks overeenkomstig Verordening (EU) 2016/1011 van het Europees Parlement en de Raad moeten publiceren en bijgewerkt houden

(Voor de EER relevante tekst)

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EU) 2016/1011 van het Europees Parlement en de Raad van 8 juni 2016 betreffende indices die worden gebruikt als benchmarks voor financiële instrumenten en financiële overeenkomsten of om de prestatie van beleggingsfondsen te meten en tot wijziging van Richtlijnen 2008/48/EG en 2014/17/EU en Verordening (EU) nr. 596/2014 (1), en met name artikel 25, lid 8, derde alinea, en artikel 26, lid 5, derde alinea,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Bij artikel 25, lid 7, van Verordening (EU) 2016/1011 zijn beheerders van significante benchmarks die ervoor kiezen een of meer specifieke voorschriften van genoemde verordening niet na te leven, verplicht een nalevingsverklaring te publiceren en bijgewerkt te houden waarin wordt vermeld waarom het voor hen niet passend is die voorschriften na te leven. Artikel 26, lid 3, van genoemde verordening legt beheerders van niet-significante benchmarks een soortgelijke verplichting op, maar ten aanzien van een breder scala aan voorschriften.

(2)

De nalevingsverklaring moet iedereen die haar leest in staat stellen duidelijk uit te maken welke bepalingen van Verordening (EU) 2016/1011 de beheerder van de benchmark heeft besloten niet toe te passen en om welke redenen de beheerder het passend acht die bepalingen niet na te leven.

(3)

Overeenkomstig artikel 25, lid 7, en artikel 26, lid 3, van Verordening (EU) 2016/1011 moet in de nalevingsverklaring duidelijk worden vermeld waarom de beheerder het passend acht de bepalingen in kwestie niet na te leven. Het model moet bijgevolg een aparte toelichting bevatten voor elke bepaling die niet door de beheerder wordt toegepast.

(4)

De facultatieve vrijstellingen voor significante benchmarks waarin artikel 25, lid 1, van Verordening (EU) 2016/1011 voorziet, vormen een subset van de potentiële vrijstellingen voor niet-significante benchmarks waarin artikel 26, lid 1, van dezelfde verordening voorziet. Teneinde voor deze vrijstellingen de consistentie te verzekeren tussen de twee technische uitvoeringsnormen die krachtens artikel 25, lid 8, en artikel 26, lid 5, moeten worden vastgesteld en tevens potentiële onnodige administratieve lasten voor benchmarkbeheerders te vermijden, is het wenselijk deze technische uitvoeringsnormen in één enkele verordening op te nemen.

(5)

Beheerders kunnen ervoor kiezen één enkele nalevingsverklaring voor een benchmarkgroep te gebruiken, op voorwaarde dat voor elke door de nalevingsverklaring bestreken benchmark duidelijk kan worden uitgemaakt welke bepalingen de beheerder heeft besloten niet toe te passen. Eén enkele nalevingsverklaring mag geen betrekking hebben op zowel significante als niet-significante benchmarks. Indien een benchmarkgroep uit significante en niet-significante benchmarks is samengesteld, moeten ten minste twee nalevingsverklaringen worden opgesteld.

(6)

Beheerders dient voldoende tijd te worden gegund om de naleving van de vereisten van deze verordening te waarborgen. Deze verordening dient derhalve twee maanden na de inwerkingtreding ervan van toepassing te worden.

(7)

Deze verordening is gebaseerd op de ontwerpen van technische uitvoeringsnormen die de Europese Autoriteit voor effecten en markten aan de Commissie heeft voorgelegd.

(8)

De Europese Autoriteit voor effecten en markten heeft open publieksraadplegingen gehouden over de ontwerpen van technische uitvoeringsnormen waarop deze verordening is gebaseerd, de potentiële hieraan gerelateerde kosten en baten geanalyseerd en het advies van de bij artikel 37 van Verordening (EU) nr. 1095/2010 van het Europees Parlement en de Raad (2) opgerichte Stakeholdergroep effecten en markten ingewonnen,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

Modellen voor de nalevingsverklaring

1.   Het model voor de in artikel 25, lid 7, van Verordening (EU) 2016/1011 bedoelde nalevingsverklaring is vervat in bijlage I bij deze verordening.

2.   Het model voor de in artikel 26, lid 3, van Verordening (EU) 2016/1011 bedoelde nalevingsverklaring is vervat in bijlage II bij deze verordening.

Artikel 2

Inwerkingtreding

Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Zij is van toepassing met ingang van 29 oktober 2018.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 8 augustus 2018.

Voor de Commissie

De voorzitter

Jean-Claude JUNCKER


(1)  PB L 171 van 29.6.2016, blz. 1.

(2)  Verordening (EU) nr. 1095/2010 van het Europees Parlement en de Raad van 24 november 2010 tot oprichting van een Europese toezichthoudende autoriteit (Europese Autoriteit voor effecten en markten), tot wijziging van Besluit nr. 716/2009/EG en tot intrekking van Besluit 2009/77/EG van de Commissie (PB L 331 van 15.12.2010, blz. 84).


BIJLAGE I

Model voor de in artikel 25, lid 7, van Verordening (EU) 2016/1011 bedoelde nalevingsverklaring

Rubriek

Tekstveld

A.   Algemene informatie

1.

Datum van opstelling van dit document en, in voorkomend geval, datum van laatste bijwerking ervan

1.

Opgesteld: [dd/mm/jj]

Laatste bijwerking: [dd/mm/jj]

2.

Naam van de beheerder

2.

[Zoals deze voorkomt in het door de ESMA gepubliceerde „Register of administrators and benchmarks”]

3.

Relevante nationale bevoegde autoriteit

3.

[De bevoegde autoriteit die overeenkomstig artikel 34, lid 1, van Verordening (EU) 2016/1011 aan de beheerder een vergunning of een registratie heeft verleend]

In de volgende afdeling:

wordt vermeld ten aanzien van welke significante benchmark of significante benchmarks bepalingen niet van toepassing zijn;

worden de bepalingen vermeld die de beheerder heeft besloten niet toe te passen, en

wordt voor elke vermelde bepaling uitgelegd waarom het volgens de beheerder passend is deze niet na te leven.

Indien dit document betrekking heeft op meer dan één door de beheerder aangeboden significante benchmark, moet een afzonderlijke afdeling worden ingevuld voor elke reeks benchmarks waarvoor het volgende geldt:

de bepalingen die de beheerder besluit niet toe te passen, zijn voor al deze benchmarks gelijk, en

de uitleg waarom het volgens de beheerder passend is de bepaling in kwestie niet na te leven, is voor al deze benchmarks gelijk.

B.    [Naam invullen van de beheerder zoals deze in rubriek 2 van afdeling A is vermeld] kiest ervoor de volgende bepalingen van Verordening (EU) 2016/1011 niet toe te passen ten aanzien van de hierna vermelde significante benchmark of significante benchmarks

1.

De benchmark of benchmarks ten aanzien waarvan de bepaling(en) niet van toepassing is (zijn)

1.

[Naam invullen van de benchmark of van elk van de benchmarks, met inbegrip van het internationaal effectenidentificatienummer (international securities identification number, ISIN) of, wanneer er geen ISIN voorhanden is, een andere beschikbare identificatiecode]

2.

Vermelding waar de benchmarkverklaring voor de benchmark in kwestie of voor elk van de benchmarks in kwestie is gepubliceerd

2.

[bv. link naar een webpagina]

3.

i)

De bepaling of bepalingen van Verordening (EU) 2016/1011 die niet van toepassing zijn

ii)

Voor elke vermelde bepaling, de redenen waarom het volgens de beheerder passend is deze bepaling niet na te leven

3. i)

[Voor elke bepaling het nummer van het artikel, het lid, en, in voorkomend geval, het specifieke punt van Verordening (EU) 2016/1011 invullen, alsmede de volledige tekst van de bepaling]

3 ii)

[Voor elke bepaling op specifieke, gedetailleerde en duidelijke wijze uitleggen waarom het volgens de beheerder passend is de bepaling in kwestie niet na te leven, rekening houdend met de aard en het effect van de benchmark of benchmarks en met de omvang van de beheerder]

BIJLAGE II

Model voor de in artikel 26, lid 3, van Verordening (EU) 2016/1011 bedoelde nalevingsverklaring

Rubriek

Tekstveld

A.   Algemene informatie

1.

Datum van opstelling van dit document en, in voorkomend geval, datum van laatste bijwerking ervan

1.

Opgesteld: [dd/mm/jj]

Laatste bijwerking: [dd/mm/jj]

2.

Naam van de beheerder

2.

[Zoals deze voorkomt in het door de ESMA gepubliceerde „Register of administrators and benchmarks”]

In de volgende afdeling:

wordt vermeld ten aanzien van welke niet-significante benchmark of niet-significante benchmarks bepalingen niet van toepassing zijn;

worden de bepalingen vermeld die de beheerder heeft besloten niet toe te passen, en

wordt voor elke vermelde bepaling uitgelegd waarom het volgens de beheerder passend is deze niet toe te passen.

Indien dit document betrekking heeft op een groep door de beheerder aangeboden niet-significante benchmarks, moet een afzonderlijke afdeling worden ingevuld voor elke reeks benchmarks waarvoor het volgende geldt:

de bepalingen die de beheerder besluit niet toe te passen, zijn voor al deze benchmarks gelijk, en

de uitleg waarom het volgens de beheerder passend is de bepaling in kwestie niet na te leven, is voor al deze benchmarks gelijk.

B.    [Naam invullen van de beheerder zoals deze in rubriek 2 van afdeling A is vermeld] kiest ervoor de volgende bepalingen van Verordening (EU) 2016/1011 niet toe te passen ten aanzien van de hierna vermelde niet-significante benchmark of niet-significante benchmarks

1.

De benchmark of benchmarks ten aanzien waarvan de bepaling(en) niet van toepassing is (zijn)

1.

[Naam invullen van de benchmark of van elk van de benchmarks, met inbegrip van het internationaal effectenidentificatienummer (international securities identification number, ISIN) of, wanneer er geen ISIN voorhanden is, een andere beschikbare identificatiecode]

2.

i)

De bepaling of bepalingen van Verordening (EU) 2016/1011 die niet van toepassing zijn

ii)

Voor elke vermelde bepaling, de redenen waarom het volgens de beheerder passend is deze bepaling niet na te leven

2 i)

[Voor elke bepaling het nummer van het artikel, het lid, en, in voorkomend geval, het specifieke punt van Verordening (EU) 2016/1011 invullen, alsmede de volledige tekst van de bepaling]

2 ii)

[Voor elke bepaling op specifieke, gedetailleerde en duidelijke wijze uitleggen waarom het volgens de beheerder passend is de bepaling in kwestie niet na te leven]