31.10.2015   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 287/6


UITVOERINGSVERORDENING (EU) 2015/1962 VAN DE COMMISSIE

van 28 oktober 2015

tot wijziging van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 404/2011 houdende bepalingen voor de uitvoering van Verordening (EG) nr. 1224/2009 van de Raad tot vaststelling van een communautaire controleregeling die de naleving van de regels van het gemeenschappelijk visserijbeleid moet garanderen

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EG) nr. 1224/2009 van de Raad van 20 november 2009 tot vaststelling van een communautaire controleregeling die de naleving van de regels van het gemeenschappelijk visserijbeleid moet garanderen, tot wijziging van de Verordeningen (EG) nr. 847/96, (EG) nr. 2371/2002, (EG) nr. 811/2004, (EG) nr. 768/2005, (EG) nr. 2115/2005, (EG) nr. 2166/2005, (EG) nr. 388/2006, (EG) nr. 509/2007, (EG) nr. 676/2007, (EG) nr. 1098/2007, (EG) nr. 1300/2008, (EG) nr. 1342/2008 en tot intrekking van de Verordeningen (EEG) nr. 2847/93, (EG) nr. 1627/94 en (EG) nr. 1966/2006 (1), en met name artikel 6, lid 5, artikel 8, lid 2, artikel 9, lid 10, artikel 15, lid 9, artikel 21, lid 7, artikel 22, lid 7, artikel 24, lid 8, artikel 33, lid 10, artikel 37, lid 4, artikel 58, lid 9, artikel 60, lid 7, artikel 64, lid 2, artikel 73, lid 9, artikel 74, lid 6, artikel 76, lid 4, artikel 78, lid 2, artikel 92, lid 5, artikel 105, lid 6, artikel 106, lid 4, artikel 111, lid 3, artikel 116, lid 6, en artikel 117, lid 4,

Gezien Verordening (EG) nr. 1006/2008 van de Raad van 29 september 2008 betreffende machtigingen voor visserijactiviteiten van communautaire vissersvaartuigen buiten de communautaire wateren en de toegang van vaartuigen van derde landen tot de communautaire wateren, en houdende wijziging van de Verordeningen (EEG) nr. 2847/93 en (EG) nr. 1627/94 en houdende intrekking van Verordening (EG) nr. 3317/94 (2), en met name artikel 13, lid 3,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Bij Verordening (EU) nr. 1380/2013 van het Europees Parlement en de Raad (3) is Verordening (EG) nr. 2371/2002 van de Raad (4) ingetrokken. De betrokken verwijzingen in Uitvoeringsverordening (EU) nr. 404/2011 van de Commissie (5) moeten derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd.

(2)

De Commissie heeft een nieuw instrument voor gegevensuitwisseling ontwikkeld en daarvan moet worden gebruikgemaakt voor elke elektronische uitwisseling van gegevens als bedoeld in de artikelen 33, 111 en 116 van Verordening (EG) nr. 1224/2009 (hierna „de controleverordening” genoemd) en in artikel 13 van Verordening (EG) nr. 1006/2008.

(3)

Het scheepsidentificatienummer van de Internationale Maritieme Organisatie (IMO), als vastgesteld in resolutie A.1078 (28), die de IMO op 4 december 2013 heeft aangenomen, en in hoofdstuk XI-1, voorschrift 3, van het SOLAS-Verdrag van 1974, moet gelden voor de Unievissersvaartuigen, ongeacht waar die actief zijn, en voor vissersvaartuigen van derde landen die in de Uniewateren actief zijn. Dat identificatienummer zal het mogelijk maken de vaartuigen nauwkeurig te identificeren en hun activiteiten in de loop van de tijd te traceren en te verifiëren, ongeacht wijzigingen wat betreft naam, eigendom of vlag, en zal ervoor zorgen dat de visserijproducten in de hele marktketen traceerbaar zijn, met name in die gevallen waarin de vaartuigen mogelijk bij IOO-activiteiten betrokken zijn.

(4)

De Commissie heeft een nieuw formaat voor de transmissie van VMS-gegevens (VMS: satellietvolgsysteem voor vaartuigen) ontwikkeld en daarvan moet worden gebruikgemaakt voor elke elektronische gegevensuitwisseling als bedoeld in de artikelen 111 en 116 van de controleverordening. Bijgevolg moeten de artikelen 24 en 28 van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 404/2011 worden gewijzigd en moet bijlage V bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 404/2011 worden geschrapt.

(5)

In artikel 14, lid 2, onder d), van de controleverordening is bepaald dat het visserijlogboek de datum van vertrek van het vaartuig uit de haven moet bevatten. Om ervoor te zorgen dat alle berichten betreffende dezelfde visreis kunnen worden geïdentificeerd en aan elkaar kunnen worden gelinkt, moeten de kapiteins van de vaartuigen die de logboekgegevens elektronisch moeten registreren en doorsturen, de bevoegde autoriteiten van de vlaggenlidstaat een bericht van vertrek sturen als eerste bericht vóór het begin van elke visserijactiviteit en vóór iedere volgende gegevenstransmissie. Artikel 47 van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 404/2011 moet derhalve worden gewijzigd.

(6)

De voorschriften voor de uitwisseling van gegevens tussen de lidstaten onderling en tussen de lidstaten en de Commissie of de door haar aangewezen instantie, als bedoeld in de artikelen 111 en 116 van de controleverordening en in artikel 13 van Verordening (EG) nr. 1006/2008, moeten worden gewijzigd om rekening te houden met nieuwe wettelijke voorschriften, de ontwikkeling van nieuwe technologieën en formaten, en internationale normen. Er moeten algemene beginselen voor de elektronische transmissie worden vastgesteld, alsmede correctieprocedures, normen voor de uitwisseling van informatie met betrekking tot het satellietvolgsysteem voor vaartuigen, de visserijactiviteiten en de verkoopactiviteiten en voor het melden van vangstgegevens, en procedures voor de tenuitvoerlegging van wijzigingen in de formaten. Daarom moeten de artikelen 43, 45, 91 en bijlage XII van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 404/2011 worden aangepast en moeten nieuwe regels worden vastgesteld.

(7)

De in artikel 111, lid 1, van de controleverordening bedoelde rechtstreekse elektronische uitwisseling in real time van gegevens van het satellietvolgsysteem voor vaartuigen en van gegevens van het elektronisch registratie- en meldsysteem vereist verdere harmonisatie. De vlaggenlidstaat moet ervoor zorgen dat de gegevens van het elektronische registratie- en meldsysteem die hij van zijn vissersvaartuigen ontvangt wanneer zij in de wateren van een kustlidstaat aan het vissen zijn, automatisch en in real time aan die kustlidstaat worden doorgestuurd. Artikel 44 van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 404/2011 moet derhalve worden gewijzigd.

(8)

De controleverordening is bij Verordening (EU) nr. 1379/2013 van het Europees Parlement en de Raad (6) gewijzigd in die zin dat regels zijn vastgesteld betreffende de informatie die aan de consument van visserij- en aquacultuurproducten moet worden verstrekt, en betreffende de controle van visserij- en aquacultuurproducten waarop het opslagmechanisme van toepassing is. De artikelen 66, 67 en 112 van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 404/2011 moeten aan de nieuwe bepalingen worden aangepast en artikel 68 moet worden geschrapt.

(9)

De aftrek voor water of ijs mag niet gelden voor pelagische soorten die bestemd zijn om voor industriële doeleinden te worden aangeland, rekening houdend met de specifieke kenmerken van die activiteiten wat betreft opslag en verwerking van de vis. In het kader van de visserijregeling tussen de Europese Unie, de Faeröer en Noorwegen betreffende het beheer van de visbestanden in de wateren van het noordoostelijke deel van de Atlantische oceaan voor de periode 2014-2018 is een soortgelijke bepaling vastgesteld voor pelagische soorten die bestemd zijn om voor industriële doeleinden te worden aangeland, alsmede nieuwe maatregelen betreffende de weging en inspectie van de aangelande hoeveelheden haring, makreel, horsmakreel en blauwe wijting. Bijgevolg moeten de artikelen 74, 78, 79, 80, 82, 83, 85, 88, 89 en 107 van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 404/2011 aan deze nieuwe regels worden aangepast.

(10)

Bij Verordening (EU) nr. 508/2014 van het Europees Parlement en de Raad (7) zijn maatregelen vastgesteld om de uitvoering van een controle-, inspectie- en handhavingssysteem van de Unie te steunen en om uitstel, schorsing en correctie van financiële maatregelen van de Unie te regelen, en is artikel 103 van de controleverordening geschrapt. Daarom moeten in Uitvoeringsverordening (EU) nr. 404/2011 artikel 96, hoofdstuk I van titel VIII en bijlage XXXI worden geschrapt.

(11)

Krachtens artikel 33, lid 10, van de controleverordening en artikel 13, lid 3, van Verordening (EG) nr. 1006/2008 is de Commissie bevoegd om formaten vast te stellen voor het doorsturen van vangstgegevens en gegevens over de visserijinspanning. De voorschriften die op dat gebied bij Verordening (EG) nr. 500/2001 van de Commissie (8) zijn vastgesteld met het oog op een doeltreffende transmissie van de geaggregeerde vangstgegevens als vereist in artikel 33, leden 2 en 4, van de controleverordening en artikel 13, lid 2, van Verordening (EG) nr. 1006/2008, zijn inmiddels juridisch en technisch achterhaald. Daarom moeten de internationale normen voor de elektronische melding van geaggregeerde vangstgegevens worden toegepast en moet Verordening (EG) nr. 500/2001 worden ingetrokken.

(12)

Bij Verordening (EU) 2015/812 van het Europees Parlement en de Raad (9) zijn in het kader van de rapportageverplichtingen nieuwe regels betreffende de afzonderlijke registratie van ondermaatse vangsten ingesteld en zijn punten toegekend voor een nieuwe ernstige inbreuk op de verplichting tot aanlanding van ondermaatse vangsten. De bijlagen VI, VII, X, XXIII, XXVI, XXVII en XXX bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 404/2011 moeten aan deze nieuwe regels worden aangepast.

(13)

De Algemene Visserijcommissie voor de Middellandse Zee (hierna „GFCM” genoemd) heeft in haar aanbevelingen GFCM/35/2011/1, GFCM/35/2011/2, GFCM/35/2011/3, GFCM/35/2011/4, GFCM/35/2011/5 en GFCM/36/2012/2 specifieke bepalingen vastgesteld betreffende de invoering van een GFCM-visserijlogboek en de rapportering in het logboek van vangsten van rood koraal en de incidentele bijvangst en vrijlating van zeevogels, monniksrobben, zeeschildpadden en walvisachtigen. De bijlagen VI, VII en X bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 404/2011 moeten aan deze nieuwe regels worden aangepast.

(14)

Uitvoeringsverordening (EU) nr. 404/2011 moet derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd.

(15)

Artikel 90, lid 1, onder c), en artikel 92, lid 1, van de controleverordening, als gewijzigd bij artikel 7, leden 14 en 15, van Verordening (EU) 2015/812, zijn van toepassing met ingang van 1 januari 2017. De toekenning van punten voor ernstige inbreuken met betrekking tot deze bepalingen moet op hetzelfde tijdstip in werking treden.

(16)

De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Comité voor de visserij en de aquacultuur,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

Wijzigingen in Uitvoeringsverordening (EU) nr. 404/2011

Uitvoeringsverordening (EU) nr. 404/2011 wordt als volgt gewijzigd:

1)

In de hele tekst worden de begrippen „EU-vissersvaartuig”, „EU-vissersvaartuigen” en „EU-wateren” respectievelijk vervangen door „Unievissersvaartuig”, „Unievissersvaartuigen” en „Uniewateren” en worden de grammaticale aanpassingen aangebracht die als gevolg van deze vervanging nodig zijn.

2)

Artikel 2 wordt als volgt gewijzigd:

a)

punt 1 wordt vervangen door:

„1.   „Unievissersvaartuig”: vissersvaartuig dat de vlag van een lidstaat voert en in de Unie is geregistreerd;”;

b)

punt 2 wordt vervangen door:

„2.   „Uniewateren”: wateren als gedefinieerd in artikel 4, lid 1, punt 1), van Verordening (EU) nr. 1380/2013 van het Europees Parlement en de Raad (10);

(10)  Verordening (EU) nr. 1380/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 11 december 2013 inzake het gemeenschappelijk visserijbeleid, tot wijziging van Verordeningen (EG) nr. 1954/2003 en (EG) nr. 1224/2009 van de Raad en tot intrekking van Verordeningen (EG) nr. 2371/2002 en (EG) nr. 639/2004 van de Raad en Besluit 2004/585/EG van de Raad (PB L 354 van 28.12.2013, blz. 22).”."

3)

In artikel 3 wordt lid 7 vervangen door:

„7.   De in brutotonnage (BT) of kilowatt (kW) uitgedrukte totale capaciteit waarvoor een lidstaat visvergunningen heeft afgegeven, mag op geen enkel moment groter zijn dan het maximale capaciteitsniveau dat voor die lidstaat is vastgesteld overeenkomstig artikel 22, lid 7, van Verordening (EU) nr. 1380/2013.”.

4)

Aan artikel 6 wordt het volgende lid toegevoegd:

„Met ingang van 1 januari 2016 is de regeling inzake scheepsidentificatienummers van de Internationale Maritieme Organisatie, als aangenomen op 4 december 2013 bij resolutie A.1078 (28) en als bedoeld in hoofdstuk XI-1, voorschrift 3, van het SOLAS-Verdrag van 1974, van toepassing op:

a)

Unievissersvaartuigen of vissersvaartuigen die door exploitanten van de Unie worden beheerd in het kader van een charterovereenkomst, met een brutotonnage van 100 ton of een brutoregistertonnage van 100 ton of meer en een lengte over alles van 24 m of meer, die uitsluitend actief zijn in de Uniewateren,

b)

alle Unievissersvaartuigen of vissersvaartuigen die door exploitanten van de Unie worden beheerd in het kader van een charterovereenkomst, met een lengte over alles van 15 m of meer, die buiten de Uniewateren actief zijn,

c)

alle vissersvaartuigen van derde landen die visserijactiviteiten in de Uniewateren mogen uitvoeren.”.

5)

In artikel 24 wordt lid 1 vervangen door:

„1.   Het VCC van elke vlaggenlidstaat zorgt ervoor dat de gegevens die overeenkomstig artikel 19 van deze verordening over de vissersvaartuigen van die vlaggenlidstaat worden verstrekt gedurende de tijd dat die zich in de wateren van een kustlidstaat bevinden, automatisch aan het VCC van die kustlidstaat worden doorgegeven. Die gegevens worden onmiddellijk nadat het VCC van de vlaggenlidstaat die heeft ontvangen, aan het VCC van de kuststaat meegedeeld.”.

6)

Artikel 28 wordt vervangen door:

„Artikel 28

Toegang van de Commissie tot de gegevens

De Commissie kan de lidstaten overeenkomstig artikel 111, lid 1, onder a), van de controleverordening vragen ervoor te zorgen dat de krachtens artikel 19 van de onderhavige verordening verstrekte gegevens over een specifieke groep vissersvaartuigen en een specifieke periode automatisch worden doorgegeven aan de Commissie of de door de Commissie aangewezen instantie. Die gegevens worden onmiddellijk nadat het VCC van de vlaggenlidstaat die heeft ontvangen, meegedeeld aan de Commissie of de door de Commissie aangewezen instantie.”.

7)

Artikel 30 wordt vervangen door:

„Artikel 30

Modellen voor papieren visserijlogboeken en papieren aangiften van overlading en aanlanding

1.   In de Uniewateren maakt de kapitein van een Unievissersvaartuig gebruik van het model in bijlage VI om het papieren visserijlogboek en de papieren aangiften van overlading en aanlanding in te vullen en over te leggen.

2.   In afwijking van lid 1 geldt voor Unievissersvaartuigen die dagelijkse visreizen in de Middellandse Zee maken, dat de kapitein van een Unievissersvaartuig het papieren visserijlogboek en de papieren aangiften van overlading en aanlanding mag invullen en overleggen volgens het model in bijlage VII.

3.   Wanneer Unievissersvaartuigen visserijactiviteiten verrichten in de wateren van een derde land, in wateren die onder een regionale organisatie voor visserijbeheer vallen, of in wateren buiten de Uniewateren die niet onder een regionale organisatie voor visserijbeheer vallen, worden het papieren visserijlogboek en de papieren aangiften van overlading en aanlanding door de kapitein van een Unievissersvaartuig ingevuld en overgelegd overeenkomstig artikel 31 van deze verordening en de modellen in de bijlagen VI en VII, tenzij het betrokken derde land of de betrokken regionale organisatie voor visserijbeheer specifiek voorschrijft dat een ander type visserijlogboek of aangifte van overlading of aanlanding moet worden ingevuld en overgelegd. Als het betrokken derde land geen specifiek visserijlogboek en geen specifieke aangifte van overlading of aanlanding voorschrijft, maar wel andere dan door de Unie opgelegde gegevenselementen vereist, worden deze gegevenselementen geregistreerd.

4.   Kapiteins van Unievissersvaartuigen die niet onder artikel 15 van de controleverordening vallen, mogen tot en met 31 december 2017 blijven gebruikmaken van de papieren visserijlogboeken en papieren aangiften van overlading en aanlanding die vóór 1 januari 2016 zijn gedrukt.”.

8)

In artikel 37 wordt de volgende alinea toegevoegd:

„De elektronische visserijlogboeken en aangiften van overlading en aanlanding worden ingevuld overeenkomstig de instructies van bijlage X.”.

9)

Artikel 43 wordt vervangen door:

„Artikel 43

Gegevens die in het kader van de gegevensuitwisseling tussen de lidstaten moeten worden verstrekt

De gegevenselementen die de kapiteins van Unievissersvaartuigen op grond van voorschriften van de Unie in de visserijlogboeken, de aangiften van overlading, de voorafgaande kennisgevingen en de aangiften van aanlanding moeten registreren, worden ook tussen de lidstaten uitgewisseld.”.

10)

Artikel 44 wordt vervangen door:

„Artikel 44

Toegang tot gegevens

1.   Wanneer een vissersvaartuig dat de vlag van een lidstaat voert, visserijactiviteiten in de Uniewateren van een kustlidstaat verricht, stuurt de vlaggenstaat de verplichte elektronische visserijlogboekgegevens van de lopende visreis onmiddellijk na ontvangst naar die kustlidstaat door, te beginnen bij het laatste vertrek uit de haven.

2.   Zolang een vissersvaartuig dat de vlag van een lidstaat voert, in de Uniewateren van een andere kustlidstaat vist, stuurt de vlaggenlidstaat alle verplichte elektronische visserijlogboekgegevens onmiddellijk na ontvangst naar die kustlidstaat door. De vlaggenlidstaat stuurt ook de in artikel 47, lid 2, van deze verordening bedoelde correcties betreffende de lopende visreis door.

3.   Wanneer in een haven van een andere kustlidstaat dan de vlaggenlidstaat wordt aangeland of overgeladen, stuurt de vlaggenlidstaat alle verplichte elektronische gegevens van de aangifte van aanlanding of overlading onmiddellijk na ontvangst door naar die kustlidstaat.

4.   Wanneer een vlaggenlidstaat ervan in kennis wordt gesteld dat een vissersvaartuig dat zijn vlag voert, een haven van een andere kustlidstaat wil binnenvaren, stuurt de vlaggenlidstaat de elektronische voorafgaande kennisgeving onmiddellijk na ontvangst door naar die kustlidstaat.

5.   Wanneer tijdens een visreis een vissersvaartuig dat de vlag van een lidstaat voert, de Uniewateren van een andere kustlidstaat binnenvaart of wanneer in de leden 3 of 4 bedoelde gegevens over een bepaalde visreis aan een kustlidstaat zijn toegestuurd, biedt de vlaggenlidstaat toegang tot alle in artikel 111, lid 1, van de controleverordening bedoelde elektronische gegevens over visserijactiviteiten met betrekking tot die visreis, vanaf het vertrek tot het tijdstip waarop de aanlanding is voltooid, en stuurt hij op verzoek van die kustlidstaat gegevens door. De gegevens blijven toegankelijk gedurende ten minste 36 maanden na het begin van de visreis.

6.   De vlaggenlidstaat van een vissersvaartuig dat overeenkomstig artikel 80 van de controleverordening door een andere lidstaat wordt geïnspecteerd, stuurt op verzoek van de lidstaat die de inspectie uitvoert, de in artikel 111, lid 1, van de controleverordening bedoelde elektronische gegevens over de visserijactiviteiten door met betrekking tot de lopende visreis van het vaartuig, vanaf het vertrek tot het tijdstip van het verzoek.

7.   De in de leden 5 en 6 bedoelde verzoeken zijn elektronisch en geven aan of het antwoord de oorspronkelijke gegevens met correcties moet bevatten of alleen de geconsolideerde gegevens. Het antwoord op het verzoek wordt automatisch aangemaakt en wordt onmiddellijk doorgestuurd door de lidstaat waaraan het verzoek is gericht.

8.   De lidstaten bieden toegang tot de gegevens van het satellietvolgsysteem voor vaartuigen, de visserijlogboeken, de aangiften van overlading, de voorafgaande kennisgevingen en de aangiften van aanlanding wanneer andere lidstaten die inspectieactiviteiten op zee verrichten in het kader van gezamenlijke inzetplannen of andere overeengekomen gezamenlijke inspectieactiviteiten, daarom verzoeken.

9.   De kapiteins van de Unievissersvaartuigen hebben te allen tijde beveiligde toegang tot hun eigen elektronische visserijlogboekgegevens, gegevens van de aangiften van overlading, gegevens van de voorafgaande kennisgevingen en gegevens van de aangiften van aanlanding die in het gegevensbestand van de vlaggenlidstaat zijn opgeslagen.”.

11)

Artikel 45 wordt vervangen door:

„Artikel 45

Gegevensuitwisseling tussen de lidstaten

De lidstaten:

a)

zorgen ervoor dat de gegevens die zij op grond van dit hoofdstuk hebben ontvangen, in een computerleesbare vorm worden geregistreerd en gedurende ten minste drie jaar veilig in elektronische gegevensbestanden worden opgeslagen;

b)

nemen de nodige maatregelen om ervoor te zorgen dat de gegevens uitsluitend worden gebruikt voor de in deze verordening vastgestelde doeleinden, en

c)

nemen de nodige technische maatregelen om die gegevens te beschermen tegen onopzettelijk of niet-geautoriseerd wissen, toevallig verlies, beschadiging, verspreiding of onbevoegde raadpleging.”.

12)

In artikel 47 wordt het volgende lid 1 bis ingevoegd:

„1 bis.   De kapitein van een Unievissersvaartuig stuurt de bevoegde autoriteiten van de vlaggenlidstaat een elektronisch bericht van vertrek vóór het vertrek uit de haven en vóór het begin van elke andere elektronische transmissie die op de visreis betrekking heeft.”.

13)

Artikel 60 wordt als volgt gewijzigd:

a)

lid 1 wordt vervangen door:

„1.   Wanneer de schade ondanks maatregelen in het kader van artikel 16, lid 8, van Verordening (EU) nr. 1380/2013 niet geheel of gedeeltelijk ongedaan is gemaakt, neemt de Commissie zo snel mogelijk na ontvangst van de in artikel 59 van de onderhavige verordening bedoelde gegevens de nodige maatregelen om de geleden schade te compenseren.”;

b)

lid 2, onder b), wordt vervangen door:

„b)

in voorkomend geval, de lidstaten die hun vangstmogelijkheden hebben overschreden („de overschrijdende lidstaten”) en de hoeveelheden waarmee de vangstmogelijkheden zijn overschreden (verminderd met eventueel overeenkomstig artikel 16, lid 8, van Verordening (EU) nr. 1380/2013 uitgewisselde quota);”.

14)

Artikel 66 wordt vervangen door:

„Artikel 66

Definitie

Voor de toepassing van dit hoofdstuk wordt verstaan onder:

„visserij- en aquacultuurproducten”: alle producten die vallen onder hoofdstuk 3, onder onderverdeling 1212 21 00 van hoofdstuk 12 en onder de posten 1604 en 1605 van hoofdstuk 16 van de gecombineerde nomenclatuur die is vastgesteld bij Verordening (EEG) nr. 2658/87 van de Raad (11).

(11)  Verordening (EEG) nr. 2658/87 van de Raad van 23 juli 1987 met betrekking tot de tarief- en statistieknomenclatuur en het gemeenschappelijk douanetarief (PB L 256 van 7.9.1987, blz. 1) en Uitvoeringsverordening (EU) nr. 1101/2014 van de Commissie van 16 oktober 2014 tot wijziging van bijlage I bij Verordening (EEG) nr. 2658/87 van de Raad met betrekking tot de tarief- en statistieknomenclatuur en het gemeenschappelijk douanetarief (PB L 312 van 31.10.2014, blz. 1).”."

15)

Artikel 67 wordt als volgt gewijzigd:

a)

lid 12 wordt vervangen door:

„12.   De in artikel 58, lid 5, van de controleverordening bedoelde informatie hoeft niet te worden verstrekt voor visserij- en aquacultuurproducten van de posten 1604 en 1605 van hoofdstuk 16 van de gecombineerde nomenclatuur.”;

b)

lid 13 wordt vervangen door:

„13.   Voor de toepassing van artikel 58, lid 5, van de controleverordening heeft de informatie over het gebied waar het product is gevangen of gekweekt, betrekking op het volgende:

a)

voor vangsten van bestanden of groepen bestanden waarvoor in de wetgeving van de Unie quota en/of minimummaten zijn vastgesteld: het betrokken geografische gebied, als omschreven in artikel 4, punt 30, van de controleverordening;

b)

voor vangsten van andere bestanden of groepen bestanden, in zoet water gevangen visserijproducten en aquacultuurproducten: de naam van het vangst- of productiegebied overeenkomstig artikel 38, lid 1, van Verordening (EU) nr. 1379/2013 van het Europees Parlement en de Raad (12).

(12)  Verordening (EU) nr. 1379/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 11 december 2013 houdende een gemeenschappelijke marktordening voor visserijproducten en aquacultuurproducten, tot wijziging van Verordeningen (EG) nr. 1184/2006 en (EG) nr. 1224/2009 van de Raad en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 104/2000 van de Raad (PB L 354 van 28.12.2013, blz. 1).”."

16)

Artikel 68 wordt geschrapt;

17)

Artikel 74, lid 2, wordt vervangen door:

„2.   Onverminderd de in de artikelen 78 tot en met 89 bedoelde speciale voorschriften voor pelagische soorten die in bulk worden aangeland voor overbrenging naar de plaats van eerste afzet, opslag of verwerking, mag niet meer dan 2 % water en ijs in mindering worden gebracht op het totale gewicht. Het in mindering gebrachte percentage water en ijs moet in elk geval op de weegbrief worden geregistreerd bij de vermelding van het gewicht. Voor aanlandingen voor industriële doeleinden of voor andere dan pelagische soorten mag geen vermindering voor water of ijs worden toegepast.”.

18)

Artikel 78 wordt vervangen door:

„Artikel 78

Werkingssfeer van de weegprocedures voor vangsten van haring, makreel, horsmakreel en blauwe wijting

De in deze afdeling vastgestelde voorschriften gelden voor het wegen van hoeveelheden haring (Clupea harengus), makreel (Scomber scombrus), horsmakreel (Trachurus spp.) en blauwe wijting (Micromesistius poutassou) die zijn aangeland in de Unie of door Unievissersvaartuigen in derde landen, én zijn gevangen in:

a)

voor haring: de ICES-gebieden I, II, IIIa, IV, Vb, VI en VII;

b)

voor makreel: de ICES-gebieden IIa, IIIa, IV, Vb, VI, VII, VIII, IX, XII en XIV en de Uniewateren van het CECAF-gebied;

c)

voor horsmakreel: de ICES-gebieden IIa, IV, Vb, VI, VII, VIII, IX, X, XII en XIV en de Uniewateren van het CECAF-gebied;

d)

voor blauwe wijting: de ICES-gebieden IIa, IIIa, IV, Vb, VI, VII, VIII, IX, X, XII en XIV en de Uniewateren van het CECAF-gebied,

én per aanlanding meer dan 10 ton bedragen.”.

19)

De titel van artikel 79 wordt vervangen door:

„Artikel 79

Havens voor het wegen van vangsten van haring, makreel, horsmakreel en blauwe wijting”.

20)

In artikel 80, lid 1, wordt punt c) vervangen door:

„c)

de in kg levend gewicht uitgedrukte hoeveelheden haring, makreel, horsmakreel en blauwe wijting die aan boord worden gehouden;”.

21)

In artikel 82 wordt lid 2 vervangen door:

„2.   De aan boord gehouden hoeveelheden haring, makreel, horsmakreel en blauwe wijting waarvan overeenkomstig artikel 80, lid 1, onder c), vóór de aanlanding kennisgeving is gedaan, stemmen overeen met de definitief geregistreerde vermelding van de hoeveelheden in het visserijlogboek.”.

22)

De titel van artikel 83 wordt vervangen door:

„Artikel 83

Openbare weeginstallaties voor verse haring, verse makreel, verse horsmakreel en verse blauwe wijting”.

23)

Artikel 85 wordt vervangen door:

„Artikel 85

Wegen van bevroren vis

Bij de weging van aangelande hoeveelheden bevroren haring, makreel, horsmakreel of blauwe wijting wordt het gewicht van de in dozen aangelande bevroren vis overeenkomstig artikel 73 bepaald per soort.”.

24)

Artikel 86 wordt vervangen door:

„Artikel 86

Bewaren van de weegregisters

Alle in artikel 84, lid 3, en artikel 85 bedoelde weegregisters en de kopieën van vervoersdocumenten in het kader van een in artikel 79, lid 1, bedoeld controleplan of gemeenschappelijk controleprogramma worden gedurende ten minste drie jaar bewaard.”.

25)

Artikel 88 wordt vervangen door:

„Artikel 88

Kruiscontroles

In afwachting van het opzetten van een geautomatiseerd gegevensbestand overeenkomstig artikel 109 van de controleverordening voeren de bevoegde autoriteiten administratieve kruiscontroles uit op alle aanlandingen, en vergelijken zij daarbij de volgende gegevens:

a)

de naar soort uitgesplitste hoeveelheden haring, makreel, horsmakreel en blauwe wijting die in de in artikel 80, lid 1, onder c), bedoelde voorafgaande kennisgeving van de aanlanding zijn opgegeven, en de respectieve hoeveelheden die in het visserijlogboek zijn geregistreerd;

b)

de naar soort uitgesplitste hoeveelheden haring, makreel, horsmakreel en blauwe wijting die in het visserijlogboek zijn geregistreerd, en de respectieve hoeveelheden die in de aangifte van aanlanding zijn geregistreerd;

c)

de naar soort uitgesplitste hoeveelheden haring, makreel, horsmakreel en blauwe wijting die in de aangifte van aanlanding zijn geregistreerd, en de respectieve hoeveelheden die in de aangifte van overname of het verkoopdocument zijn geregistreerd;

d)

het in het visserijlogboek van het vaartuig geregistreerde vangstgebied en de VMS-gegevens voor het betrokken vaartuig.”.

26)

Artikel 89 wordt vervangen door:

„Artikel 89

Controle van de weging

1.   De controle van de weging van de vangsten aan haring, makreel, horsmakreel en blauwe wijting van een vaartuig vindt plaats per soort. Indien een vaartuig zijn vangst aan wal pompt, wordt de weging van de volledige lossing gecontroleerd. Bij aanlanding van bevroren haring, makreel, horsmakreel en blauwe wijting worden alle dozen geteld en wordt de toepassing van de in bijlage XVIII vastgestelde methode voor de berekening van het gemiddelde nettogewicht van de dozen gecontroleerd.

2.   Naast de in artikel 88 bedoelde kruiscontroles vindt een vergelijking plaats van:

a)

de naar soort uitgesplitste hoeveelheden haring, makreel, horsmakreel en blauwe wijting die in de weegregisters van openbare of particuliere weeginstallaties zijn geregistreerd, en de respectieve hoeveelheden die zijn geregistreerd in de aangifte van overname of het verkoopdocument;

b)

de naar soort uitgesplitste hoeveelheden haring, makreel, horsmakreel en blauwe wijting die in de vervoersdocumenten zijn geregistreerd in het kader van een in artikel 79, lid 1, bedoeld controleplan of gemeenschappelijk controleprogramma;

c)

de unieke identificatienummers van de containers die in het register zijn vermeld overeenkomstig artikel 84, lid 2, onder b).

3.   Zodra het lossen is voltooid, wordt gecontroleerd of alle vis waarop de bijzondere voorschriften van deze afdeling van toepassing zijn, uit het vaartuig is verwijderd.

4.   Alle in het onderhavige artikel en in artikel 107 bedoelde controles worden gedocumenteerd. Deze documenten worden gedurende ten minste drie jaar bewaard.”.

27)

In titel IV wordt het opschrift van hoofdstuk III vervangen door:

„HOOFDSTUK III

Verkoopdocumenten en aangiften van overname”.

28)

Artikel 90, lid 1, wordt vervangen door:

„1.   Het in artikel 64, lid 1, onder f), en artikel 66, lid 3, onder e), van de controleverordening bedoelde aantal vissen wordt in het verkoopdocument en de aangifte van overname aangegeven indien het betrokken quotum op basis van het aantal vissen wordt beheerd.”.

29)

Artikel 91 wordt vervangen door:

„Artikel 91

Formaat voor de verkoopdocumenten en de aangiften van overname

1.   De lidstaten bepalen welk formaat moet worden gebruikt voor het invullen en verzenden van verkoopdocumenten en aangiften van overname tussen geregistreerde kopers, geregistreerde visafslagen of andere door de lidstaten gemachtigde instanties of personen en de bevoegde autoriteiten als bedoeld in de artikelen 63 en 67 van de controleverordening.

2.   De gegevenselementen die geregistreerde kopers, geregistreerde visafslagen of andere door de lidstaten gemachtigde instanties of personen op grond van voorschriften van de Unie in hun verkoopdocumenten of aangiften van overname moeten registreren, worden ook tussen de lidstaten uitgewisseld.

3.   De in artikel 111, lid 2, van de controleverordening bedoelde gegevens die door de lidstaat op het grondgebied waarvan de eerste verkoop of de overname hebben plaatsgevonden, zijn verstrekt voor activiteiten die in de voorafgaande 36 maanden plaatsvonden, worden door die lidstaat ter beschikking gesteld op verzoek van de vlaggenlidstaat of de lidstaat op het grondgebied waarvan de visserijproducten zijn aangeland. Het antwoord op het verzoek wordt automatisch aangemaakt en onmiddellijk doorgestuurd.

4.   De lidstaten:

a)

zorgen ervoor dat de gegevens die zij op grond van dit hoofdstuk hebben ontvangen, in een computerleesbare vorm worden geregistreerd en gedurende ten minste drie jaar veilig in elektronische gegevensbestanden worden opgeslagen;

b)

nemen de nodige maatregelen om ervoor te zorgen dat de gegevens uitsluitend worden gebruikt voor de in deze verordening vastgestelde doeleinden, en

c)

nemen de nodige technische maatregelen om die gegevens te beschermen tegen onopzettelijk of niet-geautoriseerd wissen, toevallig verlies, beschadiging, verspreiding of onbevoegde raadpleging.

5.   In elke lidstaat is de in artikel 5, lid 5, van de controleverordening bedoelde ene enkele autoriteit verantwoordelijk voor de transmissie, de ontvangst, het beheer en de verwerking van alle gegevens waarop dit hoofdstuk van toepassing is.

6.   De lidstaten wisselen onderling de contactgegevens van hun in lid 5 bedoelde autoriteit uit en stellen de Commissie en de door de Commissie aangewezen instantie daarvan uiterlijk drie maanden na de inwerkingtreding van de onderhavige verordening in kennis.

7.   Wijzigingen van de in de leden 5 en 6 bedoelde gegevens worden voordat zij van kracht worden, meegedeeld aan de Commissie, de door de Commissie aangewezen instantie en de andere lidstaten.”.

30)

Artikel 96 wordt ingetrokken.

31)

Artikel 107 wordt vervangen door:

„Artikel 107

Inspectie bij aanlanding van bepaalde pelagische soorten

Met betrekking tot haring, makreel, horsmakreel en blauwe wijting als bedoeld in artikel 78 zorgen de bevoegde autoriteiten van de lidstaten ervoor dat ten minste 7,5 % van de voor elke soort aangelande hoeveelheden en ten minste 5 % van de aanlandingen volledig worden geïnspecteerd.”.

32)

Artikel 112 wordt vervangen door:

„Artikel 112

Controle van visserijproducten waarop het opslagmechanisme van toepassing is

De functionarissen verifiëren of de visserijproducten waarop het in artikel 30 van Verordening (EU) nr. 1379/2013 bedoelde opslagmechanisme van toepassing is, voldoen aan de voorwaarden van dat artikel 30 en van artikel 67 van Verordening (EU) nr. 508/2014 van het Europees Parlement en de Raad (13).

(13)  Verordening (EU) nr. 508/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 15 mei 2014 inzake het Europees Fonds voor maritieme zaken en visserij en tot intrekking van de Verordeningen (EG) nr. 2328/2003, (EG) nr. 861/2006, (EG) nr. 1198/2006 en (EG) nr. 791/2007 van de Raad en Verordening (EU) nr. 1255/2011 van het Europees Parlement en de Raad (PB L 149 van 20.5.2014, blz. 1).”."

33)

In artikel 126 wordt lid 2 vervangen door:

„2.   Indien tijdens een inspectie wordt geconstateerd dat een natuurlijke of een rechtspersoon die de houder van de visvergunning is, twee of meer ernstige inbreuken heeft begaan, worden overeenkomstig lid 1 voor elke ernstige inbreuk punten aan de houder van de visvergunning toegewezen, tot maximaal 12 punten voor al die inbreuken samen.”.

34)

In artikel 131 worden de leden 1 en 2 vervangen door:

„1.   Indien de visvergunning wordt geschrapt of definitief wordt ingetrokken overeenkomstig artikel 129, lid 1 of lid 2, van de onderhavige verordening, wordt het vissersvaartuig waarop de geschorste of definitief ingetrokken visvergunning betrekking heeft, in het in artikel 24, lid 1, van Verordening (EU) nr. 1380/2013 bedoelde nationale register aangemerkt als een vissersvaartuig zonder visvergunning. Het vissersvaartuig wordt tevens op die wijze aangemerkt in het in artikel 24, lid 3, van Verordening (EU) nr. 1380/2013 bedoelde vissersvlootregister van de Unie.

2.   De definitieve intrekking van visvergunningen overeenkomstig artikel 129, lid 2, van de onderhavige verordening heeft geen gevolgen voor de in artikel 22, lid 7, van Verordening (EU) nr. 1380/2013 bedoelde vangstcapaciteitsmaxima van de lidstaten die de vergunningen afgeven.”.

35)

In titel VIII wordt hoofdstuk I geschrapt.

36)

In artikel 139 worden de leden 2 en 3 vervangen door:

„2.   De omvang van de overbenutting van vangstmogelijkheden wordt vastgesteld ten opzichte van de vangstmogelijkheden waarover de betrokken lidstaat aan het einde van elke periode beschikt, rekening houdend met het uitwisselen van vangstmogelijkheden overeenkomstig artikel 16, lid 8, van Verordening (EU) nr. 1380/2013, het overdragen van quota overeenkomstig artikel 4, lid 2, van Verordening (EG) nr. 847/96 van de Raad (14), het toewijzen van beschikbare vangstmogelijkheden overeenkomstig artikel 37 van de controleverordening en het verlagen van de vangstmogelijkheden overeenkomstig de artikelen 105, 106 en 107 van de controleverordening.

3.   Het uitwisselen van vangstmogelijkheden voor een bepaalde periode overeenkomstig artikel 16, lid 8, van Verordening (EU) nr. 1380/2013 is niet toegestaan na de laatste dag van de eerste maand na het verstrijken van die periode.

(14)  Verordening (EG) nr. 847/96 van de Raad van 6 mei 1996 tot invoering van aanvullende voorwaarden voor het meerjarenbeheer van de TAC's en quota (PB L 115 van 9.5.1996, blz. 3).”."

37)

In titel IX wordt het volgende hoofdstuk I bis ingevoegd:

„HOOFDSTUK I bis

Voorschriften voor de uitwisseling van gegevens

Artikel 146 bis

Dit hoofdstuk bevat uitvoeringsbepalingen voor de uitwisseling van gegevens als bedoeld in de artikelen 111 en 116 van de controleverordening en voor de mededeling van de vangstgegevens als bedoeld in artikel 33, leden 2 en 4, van de controleverordening en in artikel 13, lid 2, van Verordening (EG) nr. 1006/2008 (15).

Artikel 146 ter

Definities

Voor de toepassing van dit hoofdstuk wordt verstaan onder:

a)   „transportlaag”: het elektronische netwerk voor de uitwisseling van visserijgegevens dat de Commissie aan alle lidstaten en de door haar aangewezen instantie ter beschikking stelt voor een gestandaardiseerde uitwisseling van gegevens;

b)   „rapport”: de elektronisch geregistreerde gegevens;

c)   „bericht”: het rapport in zijn transmissieformaat;

d)   „verzoek”: een elektronisch bericht waarin om een reeks rapporten wordt gevraagd.

Artikel 146 quater

Algemene beginselen

1.   Alle berichten worden uitgewisseld volgens norm P1000 van het „United Nations Centre for Trade Facilitation and Electronic Business” (Centrum van de Verenigde Naties voor de bevordering van handel en elektronisch zakendoen — UN/CEFACT). Er wordt alleen gebruikgemaakt van gegevensvelden, kernbestanddelen, objecten en correct geformatteerde berichten in XML (Extensible Markup language) die beantwoorden aan de XML-schemadefinitie (XSD) op basis van de normalisatiebibliotheken van het UN/CEFACT.

2.   De formaten van de rapporten zijn gebaseerd op de in bijlage XII vermelde UN/CEFACT-normen en worden ter beschikking gesteld op de webpagina van het register van stamgegevens (Master Data Register) op de visserijwebsite van de Europese Commissie.

3.   Voor alle berichten wordt gebruikgemaakt van de XSD en de codes die vermeld zijn op de webpagina van het register van stamgegevens (Master Data Register) op de visserijwebsite van de Europese Commissie.

4.   Datum en tijdstip worden toegezonden in gecoördineerde universele tijd (UTC).

5.   Alle rapporten krijgen een unieke rapportidentificatiecode.

6.   Er wordt een voor mensen leesbare unieke identificatiecode voor visreizen gebruikt om de gegevens van het visserijlogboek te koppelen aan die van de aangiften van aanlanding, de aangiften van overlading, de verkoopdocumenten, de aangiften van overname en de vervoerdocumenten.

7.   In de rapporten over Unievissersvaartuigen wordt het identificatienummer van het vaartuig vermeld als bedoeld in artikel 10 van Verordening (EG) nr. 26/2004 van de Commissie (16).

8.   De lidstaten gebruiken de uitvoeringsdocumenten die voor de uitwisseling van berichten op de visserijwebsite van de Europese Commissie beschikbaar zijn.

Artikel 146 quinquies

Transmissie van berichten

1.   Alle transmissies verlopen volledig automatisch en vinden onmiddellijk plaats, met gebruikmaking van de transportlaag.

2.   Voordat de afzender een bericht verstuurt, verricht hij een automatische controle om na te gaan of het bericht beantwoordt aan de minimale reeks validerings- en verificatieregels die beschikbaar is in het register van stamgegevens (Master Data Register) op de visserijwebsite van de Europese Commissie.

3.   De ontvanger stelt de verzender in kennis van de ontvangst van het bericht middels een retourbericht volgens „P1000 — 1: Algemene beginselen” van het UN/CEFACT. Voor VMS-berichten en antwoorden op een verzoek wordt geen retourbericht verstuurd.

4.   Wanneer zich bij de afzender een technisch mankement voordoet en de afzender geen berichten meer kan uitwisselen, brengt hij alle ontvangers op de hoogte van het probleem. De afzender neemt onmiddellijk passende maatregelen om het probleem op te lossen. Alle berichten die aan een ontvanger moeten worden gestuurd, worden opgeslagen totdat het probleem is opgelost.

5.   Wanneer zich bij de ontvanger een technisch mankement voordoet en de ontvanger geen berichten meer kan ontvangen, brengt hij alle afzenders op de hoogte van het probleem. De ontvanger neemt onmiddellijk passende maatregelen om het probleem op te lossen.

6.   Nadat de systeemstoring bij een afzender is verholpen, stuurt de afzender de niet-verzonden berichten zo spoedig mogelijk door. Daarvoor kan een handmatige follow-up-procedure worden toegepast.

7.   Nadat de systeemstoring bij de ontvanger is verholpen, worden ontbrekende berichten op verzoek toegankelijk gemaakt. Daarvoor kan een handmatige follow-up-procedure worden toegepast.

8.   Alle afzenders en ontvangers van berichten en de Commissie stellen failover-procedures in met het oog op bedrijfscontinuïteit.

Artikel 146 sexies

Correcties

Correcties op een rapport worden in hetzelfde formaat als het oorspronkelijke rapport geregistreerd, met de vermelding dat het rapport een correctie is op basis van „P1000 — 1: Algemene beginselen” van het UN/CEFACT.

Artikel 146 septies

Uitwisseling van VMS-gegevens

1.   Voor de melding van VMS-gegevens tussen de lidstaten onderling en tussen de lidstaten en de Commissie of de door haar aangewezen instantie wordt het volgende formaat gebruikt: de XML-schemadefinitie voor het domein vaartuigpositie, gebaseerd op P1000 — 7 van het UN/CEFACT.

2.   De systemen van de vlaggenlidstaten zijn van dien aard dat daarmee VMS-berichten kunnen worden verstuurd.

3.   De systemen van de vlaggenlidstaten zijn van dien aard dat daarmee ook kan worden geantwoord op verzoeken om VMS-gegevens over visreizen die in de voorafgaande 36 maanden zijn begonnen.

Artikel 146 octies

Uitwisseling van gegevens over visserijactiviteiten

1.   Voor de uitwisseling van visserijlogboekgegevens, gegevens van voorafgaande kennisgevingen, gegevens van de aangiften van overlading en gegevens van de aangiften van aanlanding, als bedoeld in de artikelen 15, 17, 22 en 24 van de controleverordening, tussen de lidstaten onderling en tussen de lidstaten en de Commissie of de door haar aangewezen instantie, wordt het volgende formaat gebruikt: de XML-schemadefinitie voor het domein visserijactiviteiten, gebaseerd op P1000 — 3 van het UN/CEFACT.

2.   De systemen van de vlaggenlidstaten zijn van dien aard dat daarmee berichten over visserijactiviteiten kunnen worden verstuurd en kan worden geantwoord op verzoeken om gegevens over visserijactiviteiten met betrekking tot visreizen die in de voorafgaande 36 maanden zijn begonnen.

Artikel 146 nonies

Uitwisseling van gegevens in verband met de verkoop

1.   Voor de uitwisseling van gegevens van verkoopdocumenten en overnamegegevens, als bedoeld in de artikelen 63 en 67 van de controleverordening, tussen de lidstaten onderling en tussen de lidstaten en de Commissie of de door haar aangewezen instantie, wordt het volgende formaat gebruikt: de XML-schemadefinitie voor het domein verkoop, gebaseerd op P1000 — 5 van het UN/CEFACT.

2.   Wanneer tussen de lidstaten onderling en tussen de lidstaten en de Commissie of de door haar aangewezen instantie gegevens van vervoersdocumenten als bedoeld in artikel 68 van de controleverordening worden uitgewisseld, is het daarvoor gebruikte formaat eveneens gebaseerd op P1000 — 5 van het UN/CEFACT.

3.   De systemen van de lidstaten zijn van dien aard dat daarmee berichten met gegevens van verkoopdocumenten en overnamegegevens kunnen worden verstuurd en kan worden geantwoord op verzoeken om gegevens van verkoopdocumenten en overnamegegevens met betrekking tot transacties die in de voorafgaande 36 maanden hebben plaatsgevonden.

Artikel 146 decies

Transmissie van geaggregeerde vangstgegevens

1.   De vlaggenlidstaten gebruiken de XML-schemadefinitie op basis van P1000 — 12 van het UN/CEFACT als formaat om de Commissie de geaggregeerde vangstgegevens door te sturen als bedoeld in artikel 33, leden 2 en 4, van de controleverordening en in artikel 13, lid 2, van Verordening (EG) nr. 1006/2008.

2.   De gegevens van het vangstrapport worden samengevoegd per maand waarin de soorten zijn gevangen.

3.   De hoeveelheden in het vangstrapport zijn gebaseerd op de aangelande hoeveelheden. Wanneer een vangstrapport moet worden verstrekt overeenkomstig artikel 13, lid 2, van Verordening (EG) nr. 1006/2008, wordt, vóór de aanlanding plaatsvindt, een vangstramingsrapport verstrekt, met de vermelding „aan boord gehouden”. Een correctie met het exacte gewicht en de plaats van aanlanding wordt toegezonden vóór de 15e van de maand na de aanlanding.

4.   Wanneer op grond van de wetgeving van de Unie bestanden of soorten moeten worden gerapporteerd in meervoudige vangstrapporten op verschillende aggregatieniveaus, worden deze bestanden of soorten uitsluitend gerapporteerd in het vereiste rapport dat het meest gedetailleerd is.

Artikel 146 undecies

Wijzigingen in XML-formaten en uitvoeringsdocumenten

1.   De Commissie neemt, in samenspraak met de lidstaten, besluiten over wijzigingen in de XML-formaten en de uitvoeringsdocumenten die moeten worden gebruikt voor de elektronische gegevensuitwisseling tussen de lidstaten onderling en tussen de lidstaten en de Commissie of de door haar aangewezen instantie, met inbegrip van de wijzigingen die voortvloeien uit de artikelen 146 septies, 146 octies en 146 nonies.

2.   De in lid 1 bedoelde wijzigingen worden duidelijk aangegeven in het register van stamgegevens (Master Data Register) op de visserijwebsite van de Europese Commissie, met vermelding van de datum waarop de wijziging van kracht wordt. Die wijzigingen worden op zijn vroegst zes maanden en uiterlijk 18 maanden nadat het besluit tot wijziging is genomen, van kracht. Het tijdschema wordt vastgesteld door de Commissie, in samenspraak met de lidstaten.

(15)  Verordening (EG) nr. 1006/2008 van de Raad van 29 september 2008 betreffende machtigingen voor visserijactiviteiten van communautaire vissersvaartuigen buiten de communautaire wateren en de toegang van vaartuigen van derde landen tot de communautaire wateren, en houdende wijziging van Verordeningen (EEG) nr. 2847/93 en (EG) nr. 1627/94 en houdende intrekking van Verordening (EG) nr. 3317/94 (PB L 286 van 29.10.2008, blz. 33)."

(16)  Verordening (EG) nr. 26/2004 van de Commissie van 30 december 2003 betreffende het communautaire gegevensbestand over de vissersvloot (PB L 5 van 9.1.2004, blz. 25).”."

38)

Artikel 164, lid 3, wordt vervangen door:

„3.   In het kader van tussen de Unie en derde landen gesloten partnerschapsovereenkomsten inzake duurzame visserij of visserijpartnerschapsovereenkomsten of in het kader van regionale organisaties voor visserijbeheer of soortgelijke regelingen waarbij de Unie overeenkomstsluitende partij of niet-overeenkomstsluitende samenwerkende partij is, kan de Commissie of de door de Commissie aangewezen instantie relevante informatie over gevallen van niet-naleving van de regels van het gemeenschappelijk visserijbeleid of ernstige inbreuken als bedoeld in artikel 42, lid 1, onder a), van Verordening (EG) nr. 1005/2008 en in artikel 90, lid 1, van de controleverordening, meedelen aan andere bij die overeenkomsten, organisaties of regelingen aangesloten partijen, mits de lidstaat die deze informatie heeft verstrekt, daarmee instemt, en artikel 9 van Verordening (EG) nr. 45/2001 (17) daarbij in acht wordt genomen.

(17)  Verordening (EG) nr. 45/2001 van het Europees Parlement en de Raad van 18 december 2000 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens door de communautaire instellingen en organen en betreffende het vrije verkeer van die gegevens (PB L 8 van 12.1.2001, blz. 1).”."

39)

Bijlage V wordt geschrapt.

40)

Bijlage VI wordt vervangen door de tekst in bijlage I bij deze verordening.

41)

Bijlage VII wordt vervangen door de tekst in bijlage II bij de deze verordening.

42)

De bijlagen VIII en IX worden geschrapt.

43)

Bijlage X wordt vervangen door de tekst in bijlage III bij deze verordening.

44)

Bijlage XII wordt vervangen door de tekst in bijlage IV bij deze verordening.

45)

Bijlage XXIII wordt vervangen door de tekst in bijlage V bij deze verordening.

46)

Bijlage XXVI wordt vervangen door de tekst in bijlage VI bij deze verordening.

47)

Bijlage XXVII wordt vervangen door de tekst in bijlage VII bij deze verordening.

48)

Bijlage XXX wordt vervangen door de tekst in bijlage VIII bij deze verordening.

49)

Bijlage XXXI wordt geschrapt.

Artikel 2

Intrekking

Verordening (EG) nr. 500/2001 wordt ingetrokken.

Artikel 3

Inwerkingtreding

Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Artikel 146 quinquies, lid 1, is evenwel van toepassing met ingang van 1 januari 2016. Overeenkomstig artikel 11 van Verordening (EU) 2015/812 is punt 5 van bijlage XXX inzake ernstige inbreuken voor het niet-nakomen van de verplichting om ondermaatse vis aan te landen, van toepassing met ingang van 1 januari 2017.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 28 oktober 2015.

Voor de Commissie

De voorzitter

Jean-Claude JUNCKER


(1)  PB L 343 van 22.12.2009, blz. 1.

(2)  PB L 286 van 29.10.2008, blz. 33.

(3)  Verordening (EU) nr. 1380/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 11 december 2013 inzake het gemeenschappelijk visserijbeleid, tot wijziging van Verordeningen (EG) nr. 1954/2003 en (EG) nr. 1224/2009 van de Raad en tot intrekking van Verordeningen (EG) nr. 2371/2002 en (EG) nr. 639/2004 van de Raad en Besluit 2004/585/EG van de Raad (PB L 354 van 28.12.2013, blz. 22).

(4)  Verordening (EG) nr. 2371/2002 van de Raad van 20 december 2002 inzake de instandhouding en de duurzame exploitatie van de visbestanden in het kader van het gemeenschappelijk visserijbeleid (PB L 358 van 31.12.2002, blz. 59).

(5)  Uitvoeringsverordening (EU) nr. 404/2011 van de Commissie van 8 april 2011 houdende bepalingen voor de uitvoering van Verordening (EG) nr. 1224/2009 van de Raad tot vaststelling van een communautaire controleregeling die de naleving van de regels van het gemeenschappelijk visserijbeleid moet garanderen (PB L 112 van 30.4.2011, blz. 1).

(6)  Verordening (EU) nr. 1379/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 11 december 2013 houdende een gemeenschappelijke marktordening voor visserijproducten en aquacultuurproducten, tot wijziging van de Verordeningen (EG) nr. 1184/2006 en (EG) nr. 1224/2009 van de Raad en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 104/2000 van de Raad (PB L 354 van 28.12.2013, blz. 1).

(7)  Verordening (EU) nr. 508/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 15 mei 2014 inzake het Europees Fonds voor maritieme zaken en visserij en tot intrekking van de Verordeningen (EG) nr. 2328/2003, (EG) nr. 861/2006, (EG) nr. 1198/2006 en (EG) nr. 791/2007 van de Raad en Verordening (EU) nr. 1255/2011 van het Europees Parlement en de Raad (PB L 149 van 20.5.2014, blz. 1).

(8)  Verordening (EG) nr. 500/2001 van de Commissie van 14 maart 2001 tot vaststelling van de uitvoeringsbepalingen voor Verordening (EEG) nr. 2847/93 van de Raad wat betreft de controle op de vangsten van de vissersvaartuigen van de Gemeenschap in de wateren van derde landen en in volle zee (PB L 73 van 15.3.2001, blz. 8).

(9)  Verordening (EU) 2015/812 van het Europees Parlement en de Raad van 20 mei 2015 tot wijziging van de Verordeningen (EG) nr. 850/98, (EG) nr. 2187/2005, (EG) nr. 1967/2006, (EG) nr. 1098/2007, (EG) nr. 254/2002, (EG) nr. 2347/2002 en (EG) nr. 1224/2009 van de Raad, en de Verordeningen (EU) nr. 1379/2013 en (EU) nr. 1380/2013 van het Europees Parlement en de Raad, in verband met de aanlandingsverplichting, en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1434/98 van de Raad (PB L 133 van 29.5.2015, blz. 1).


BIJLAGE I

BIJLAGE VI

MODEL VOOR HET GEÏNTEGREERDE UNIEDOCUMENT (VISSERIJLOGBOEK EN AANGIFTEN VAN AANLANDING EN OVERLADING)

Image


BIJLAGE II

BIJLAGE VII

MODEL VOOR HET GEÏNTEGREERDE UNIEDOCUMENT (VISSERIJLOGBOEK EN AANGIFTEN VAN AANLANDING EN OVERLADING)

(MIDDELLANDSE ZEE — DAGELIJKSE VISREIZEN)

Image


BIJLAGE III

„BIJLAGE X

INSTRUCTIES VOOR KAPITEINS VAN VISSERSVAARTUIGEN DIE EEN VISSERIJLOGBOEK, EEN AANGIFTE VAN AANLANDING OF EEN AANGIFTE VAN OVERLADING MOETEN INVULLEN EN OVERLEGGEN

De volgende algemene, minimale informatie over de visserijactiviteiten van het/de vaartuig(en) worden in het visserijlogboek geregistreerd overeenkomstig de artikelen 14, 15, 21, 22, 23 en 24 van de controleverordening en titel III, de hoofdstukken I, II en III, van de onderhavige verordening, onverminderd andere specifieke elementen of voorschriften die zijn vereist door de Uniewetgeving, de nationale autoriteiten van een lidstaat of van een derde land of door een regionale organisatie voor visserijbeheer.

1.   INSTRUCTIES VOOR HET VISSERIJLOGBOEK

De kapitein(s) van alle vissersvaartuig(en) die aan spanvisserij doen, houden een visserijlogboek bij waarin de gevangen en aan boord gehouden hoeveelheden op zodanige wijze worden geregistreerd dat dubbele telling van de vangsten wordt voorkomen.

In het papieren logboek worden tijdens dezelfde visreis de verplichte gegevenselementen op elke bladzijde geregistreerd.

Vaartuig- en visreisgegevens

Referentienummer in het papieren visserij-logboek

Gegevenselement

(M = verplicht)

(O = optioneel)

(CIF = verplicht indien van toepassing)

Omschrijving en/of registratietijdstip

(1)

Naam van het/de vissersvaartuig(en) (M)

Internationale radioroepnaam/radioroepnamen (M)

CFR-nummer(s) (M)

GFCM- of ICCAT-nummer(s) (CIF)

Bij spanvisserij wordt die informatie ook voor het tweede vissersvaartuig geregistreerd.

Die informatie wordt in het papieren logboek ingeschreven onder de gegevens van het vaartuig waarvoor het visserijlogboek wordt bijgehouden.

Het identificatienummer van het vaartuig in het communautaire gegevensbestand over de vissersvloot (CFR-nummer) is het unieke nummer dat door een lidstaat aan een Unievissersvaartuig wordt toegekend wanneer dat voor het eerst in de vloot van de Unie aantreedt (1).

Voor vissersvaartuigen die gereglementeerde visserijactiviteiten buiten de Uniewateren verrichten, wordt het GFCM- of ICCAT-registernummer ingevuld (CIF).

(2)

Externe identificatie (M)

Op de zijromp aangebrachte externe registratieletters en -nummers.

Bij spanvisserij wordt die informatie ook voor het tweede vissersvaartuig geregistreerd.

(3)

Naam en adres van de kapitein (M)

Naam, voornaam en volledig adres van de kapitein (straat, huisnummer, plaats, postcode, lidstaat of derde land).

Bij spanvisserij wordt die informatie ook voor het tweede vissersvaartuig geregistreerd.

(4)

Datum, tijdstip en haven van vertrek (M)

Wordt in het papieren logboek ingevuld voordat het vissersvaartuig de haven verlaat. De datum wordt geregistreerd in DD-MM-JJJJ en het tijdstip in UU-MM (plaatselijke tijd).

Het elektronische bericht van vertrek wordt verstuurd voordat het vissersvaartuig de haven verlaat. De datum en het tijdstip worden geregistreerd in gecoördineerde universele tijd (UTC).

Voor het registreren van de haven in het elektronische logboek worden de codes gebruikt die zijn vermeld op de webpagina van het register van stamgegevens (Master Data Register) op de visserijwebsite van de Europese Commissie.

(5)

Datum, tijdstip en haven van terugkeer (M)

Wordt in het papieren logboek ingevuld voordat het vissersvaartuig de haven binnenvaart. De datum wordt geregistreerd in DD-MM-JJJJ en het geraamde tijdstip in UU-MM (plaatselijke tijd).

Het elektronische bericht van terugkeer naar de haven wordt verstuurd voordat het vissersvaartuig de haven binnenvaart. De datum en het geraamde tijdstip worden geregistreerd in gecoördineerde universele tijd (UTC).

Voor het registreren van de haven in het elektronische logboek worden de codes gebruikt die zijn vermeld op de webpagina van het register van stamgegevens (Master Data Register) op de visserijwebsite van de Europese Commissie.

(6)

Datum, tijdstip en haven van aanlanding, indien verschillend van (5) (M)

Wordt in het logboek ingevuld voordat het vissersvaartuig de haven van aanlanding binnenvaart. De datum wordt geregistreerd in DD-MM-JJJJ en het geraamde tijdstip wordt in UU-MM opgetekend, in plaatselijke tijd (voor het papieren logboek) of in gecoördineerde universele tijd (UTC) (voor het elektronische logboek).

Voor het registreren van de haven in het elektronische logboek worden de codes gebruikt die zijn vermeld op de webpagina van het register van stamgegevens (Master Data Register) op de visserijwebsite van de Europese Commissie.

(7)

Datum, tijdstip en plaats van overlading,

naam, externe identificatie en internationale radioroepnaam, vlag, CFR- of IMO-nummer en haven en land van bestemming van het ontvangende vissersvaartuig (M)

Wordt in het papieren logboek ingevuld wanneer vóór de start van de visserijactiviteit wordt overgeladen.

De datum wordt geregistreerd in DD-MM-JJJJ en het tijdstip wordt in UU-MM opgetekend, in plaatselijke tijd (voor het papieren logboek) of in gecoördineerde universele tijd (UTC) (voor het elektronische logboek).

Voor het registreren van de haven in het elektronische logboek worden de codes gebruikt die zijn vermeld op de webpagina van het register van stamgegevens (Master Data Register) op de visserijwebsite van de Europese Commissie.

Voor de registratie van een derde land worden de drieletterige landcodes ISO-3166 gebruikt.

Voor Unievissersvaartuigen wordt het CFR-nummer geregistreerd. Voor vaartuigen van derde landen wordt het IMO-nummer (nummer van de Internationale Maritieme Organisatie) geregistreerd.

Wanneer een geografische positie moet worden meegedeeld, worden de lengte- en de breedtegraad genoteerd in graden en minuten als geen GPS wordt gebruikt, en in decimale graden en minuten (formaat WGS 84) als een GPS wordt gebruikt.

Gegevens over het vistuig

(8)

Type vistuig (M)

Het type vistuig wordt aangegeven aan de hand van de code in kolom 1 van bijlage XI.

(9)

Maaswijdte (M)

Wordt aangegeven in millimeter (gestrekte mazen).

(10)

Afmetingen van het vistuig (M)

De afmetingen van het vistuig, zoals grootte en aantal, worden aangegeven volgens de specificaties in kolom 2 van bijlage XI.

(11)

Datum (M)

De datum van elke zeedag wordt ingevuld op een nieuwe regel (papieren logboek) of in een nieuw rapport (elektronisch logboek) en komt telkens overeen met de betrokken zeedag.

Indien van toepassing wordt de datum van elke visserijactiviteit op een nieuwe regel ingevuld.

(12)

Aantal visserijactiviteiten (M)

Het aantal visserijactiviteiten wordt aangegeven volgens de specificaties in kolom 3 van bijlage XI.

(13)

Vistijd (O)

Tijdstip van het uitzetten en het ophalen van vistuig (CIF)

Diepte waarop wordt gevist (CIF)

Totale tijd (O)

De totale tijd die in beslag wordt genomen door visserijactiviteiten (het zoeken naar vis, het te water laten, slepen en binnenhalen van actief vistuig, het te water laten, uitzetten, verwijderen of verplaatsen van passief vistuig, en het verwijderen van de vangst uit het vistuig, het bewaarnet of uit een transportkooi naar een mest- of een kweekkooi) wordt aangegeven in minuten en komt overeen met het aantal op zee doorgebrachte uren min de tijd die nodig is voor de vaart naar, tussen en van de visgronden, voor het reven, voor inactiviteit of voor het wachten op reparatie.

Het tijdstip van het uitzetten en het ophalen van vistuig wordt in UU-MM opgetekend, in plaatselijke tijd (voor het papieren logboek) of in gecoördineerde universele tijd (UTC) (voor het elektronische logboek).

De diepte waarop wordt gevist, wordt geregistreerd als gemiddelde diepte en in meter.

(14)

Positie en het geografische visserijgebied (M)

Het betrokken geografische vangstgebied is het gebied waar het grootste deel van de vangst is bovengehaald, omschreven tot op het meest gedetailleerde niveau dat beschikbaar is.

Voorbeelden:

 

In de wateren van het noordoostelijke deel van de Atlantische Oceaan (FAO-gebied 27), tot op het niveau van de ICES-sector en het statistische vak, bijv. IVa 41E7, VIIIb 20E8). De statistische vakken van ICES vormen een raster voor het gebied tussen 36° NB en 85° 30′ NB en 44° WL en 68° 30′ OL. De rijen voor de breedtegraden, met intervallen van telkens 30′, zijn genummerd van 01 tot 99 (twee cijfers). De kolommen voor de lengtegraden, met intervallen van telkens 1°, zijn gecodeerd volgens een alfanumeriek systeem, dat met A0 begint en, met gebruikmaking van telkens een andere letter (uitgezonderd I) voor elk blok van 10°, tot M8 gaat.

 

In de wateren van de Middellandse Zee en de Zwarte zee (FAO-gebied 37), tot op het niveau van het geografische GFCM-deelgebied en het statistische vak (bijv. 7 M27B9). De nummers van een rechthoek in het statistische raster van GFCM is een code van vijf tekens: 1) de breedtegraad wordt aangegeven met een code van drie tekens (één letter en twee cijfers) en gaat van M00 (30° NB) tot M34 (47°30′ NB); (ii) de lengtegraad wordt aangegeven met een code die uit een letter en een cijfer bestaat en waarbij de letters van A tot en met J gaan en de cijfers per letter van 0 tot en met 9. De code gaat van A0 (6° WL) tot J5 (42° OL).

 

In de wateren van het noordwestelijke deel van de Atlantische Oceaan, met inbegrip van het NAFO-gebied (FAO-gebied 21) en in de wateren van het centraaloostelijke deel van de Atlantische Oceaan, met inbegrip van het CECAF-gebied (FAO-gebied 34), tot op het niveau van de FAO-sector of -deelsector (bijv. 21.3.M of 34.3.5).

 

Voor de andere FAO-gebieden, tot het niveau van het FAO-deelgebied, voor zover beschikbaar (bijv. FAO 31 voor het centraalwestelijke deel van de Atlantische Oceaan en FAO 51.6 voor het westelijke deel van de Indische Oceaan).

De kapitein mag echter alle statistische vakken vermelden waarin het vissersvaartuig op een bepaalde dag heeft gevist (O).

In de GFCM- en ICCAT-gebieden wordt de geografische positie (breedtegraad/lengtegraad) voor elke visserijactiviteit geregistreerd of wordt, wanneer op die dag niet wordt gevist, de geografische positie op het middaguur geregistreerd.

Wanneer een geografische positie moet worden meegedeeld, worden de lengte- en de breedtegraad genoteerd in graden en minuten als geen GPS wordt gebruikt, en in decimale graden en minuten (formaat WGS 84) als een GPS wordt gebruikt.

Visserijzone van een derde land, gebied van een regionale organisatie voor visserijbeheer en de volle zee: vermeld de visserijzone(s) van niet-lidstaten of het/de gebied(en) van regionale organisaties voor visserijbeheer of de wateren die niet onder de soevereiniteit of jurisdictie van een staat vallen of die niet door een regionale organisatie voor visserijbeheer worden geregeld, aan de hand van de drieletterige landcodes ISO-3166 en andere codes die zijn bekendgemaakt op de webpagina van het register van stamgegevens (Master Data Register) op de visserijwebsite van de Europese Commissie, bijv. NOR = Noorwegen, NAFO = XNW, NEAFC = XNE en XIN = de volle zee.

(15)(16)

Gevangen en aan boord gehouden vangsten (M)

Hiervoor worden de drieletterige FAO-soortencodes gebruikt.

De vangst per soort wordt in kg levendgewichtequivalent geregistreerd.

Alle hoeveelheden van elke gevangen en aan boord gehouden soort van meer dan 50 kg levendgewichtequivalent worden geregistreerd. Die 50 kg-drempel geldt zodra de vangsten van een soort 50 kg overschrijden. In deze hoeveelheden zijn de voor consumptie door de bemanning van het vaartuig apart gehouden hoeveelheden begrepen.

Vangsten van de wettelijk vereiste maat worden geregistreerd met de algemene code LSC (legally size catches).

Vangsten onder de minimale instandhoudingsreferentiegrootte moeten apart van de vangsten van de wettelijk vereiste maat worden geregistreerd, en wel met de algemene code BMS (below minimum size).

Als de vangsten in manden, kisten, bakken, dozen, zakken of andere containers, of in blokken worden bewaard, wordt het nettogewicht van de eenheid in kg levendgewichtequivalent geregistreerd, alsmede het precieze aantal eenheden.

Als alternatief mag de vangst die in dergelijke eenheden aan boord wordt gehouden, in kg levendgewichtequivalent worden geregistreerd (O).

In de Oostzee (alleen voor zalm) en in het GFCM-gebied (alleen voor tonijn, zwaardvis en over grote afstanden trekkende haaien) en, indien van toepassing, in andere gebieden wordt ook het aantal vissen per dag geregistreerd.

Wanneer niet voldoende kolommen beschikbaar zijn, wordt een nieuwe bladzijde begonnen.

(15)(16)

Geraamde teruggooi (M)

Hiervoor worden de drieletterige FAO-soortencodes gebruikt.

De teruggooi per soort wordt in kg levendgewichtequivalent geregistreerd.

Soorten die niet onder de aanlandingsverplichting vallen:

 

Elke teruggooi van meer dan 50 kg levendgewichtequivalent per soort wordt met de algemene code DIS genoteerd volgens de regels voor de registratie van vangsten.

 

Teruggooi van soorten die worden gevangen om als levend aas te worden gebruikt en in het visserijlogboek zijn vermeld, wordt ook op dezelfde wijze geregistreerd.

Soorten die in aanmerking komen voor vrijstellingen van de aanlandingsverplichting (2):

 

Teruggegooide hoeveelheden van elke soort worden met gebruikmaking van de algemene code DIS volledig geregistreerd volgens de regels voor de registratie van vangsten.

 

Teruggegooide hoeveelheden van elke soort waarvoor specifiek de-minimisvrijstellingen gelden, worden apart van de andere teruggooi, met gebruikmaking van de algemene code DIM, volledig geregistreerd volgens de regels voor de registratie van de vangsten.

(15)(16)

Vangsten, incidentele bijvangsten en vrijlating van andere mariene organismen of zeedieren (M)

In het GFCM-gebied wordt ook, afzonderlijk voor elke vangst of incidentele bijvangst, de volgende informatie geregistreerd:

de dagelijkse vangsten van rood koraal, met vermelding van de visserijactiviteiten per gebied en diepte,

de incidentele bijvangst en vrijlating van zeevogels,

de incidentele bijvangst en vrijlating van monniksrobben,

de incidentele bijvangst en vrijlating van zeeschildpadden,

de incidentele bijvangst en vrijlating van walvisachtigen.

In voorkomend geval worden in zee vrijgelaten zeedieren geregistreerd met de algemene code RET.

Hiervoor worden de drieletterige FAO-codes gebruikt, of, als die niet voorhanden zijn, de codes die zijn vermeld op de webpagina van het register van stamgegevens (Master Data Register) op de visserijwebsite van de Europese Commissie.

2.   INSTRUCTIES VOOR DE AANGIFTE VAN AANLANDING OF OVERLADING

Voor visserijproducten die zijn aangeland of overgeladen en aan de hand van door de bevoegde autoriteiten van de lidstaten goedgekeurde weegsystemen zijn gewogen op het vaartuig dat de vangst heeft verricht, het overladende of het ontvangende vissersvaartuig, wordt het daadwerkelijke, in kg productgewicht uitgedrukte gewicht van de aangelande of overgeladen hoeveelheden per soort genoteerd op de aangifte van aanlanding of overlading, met vermelding van:

a)

de aanbiedingsvorm van de vis (referentienummer 17 in het papieren visserijlogboek) aan de hand van de codes van tabel 1 van bijlage I (M);

b)

de maateenheid voor de aangelande of overgeladen hoeveelheden (referentienummer 18 in het papieren visserijlogboek); vermeld het gewicht van de eenheid in kg productgewicht. Deze eenheid mag een andere zijn dan die welke eerder in het visserijlogboek werd gebruikt (M);

c)

het totaalgewicht van elke aangelande of overgeladen soort (referentienummer 19 in het papieren visserijlogboek); vermeld voor alle soorten het daadwerkelijk aangelande of overgeladen gewicht (M).

Vangsten van de wettelijk vereiste maat worden geregistreerd met de algemene code LSC (legally size catches). Vangsten onder de minimale instandhoudingsreferentiegrootte moeten apart van de vangsten van de wettelijk vereiste maat worden geregistreerd, en wel met de algemene code BMS. Hiervoor worden de drieletterige FAO-soortencodes gebruikt;

d)

het gewicht is het gewicht van het product bij aanlanding, dat wil zeggen na eventuele verwerking aan boord. De bevoegde autoriteiten van de lidstaat berekenen dan het levendgewichtequivalent aan de hand van de toepasselijke omrekeningsfactoren overeenkomstig artikel 49 van deze verordening;

e)

handtekening van de kapitein (referentienummer 20 in het papieren visserijlogboek) (M);

f)

handtekening en naam en adres van de gemachtigde en de waarnemer (in voorkomend geval) (referentienummer 21 in het papieren visserijlogboek);

g)

betrokken geografisch vangstgebied: FAO-gebied, FAO-deelgebied en FAO-deelsector, ICES-sector, NAFO, NEAFC-deelgebied, CECAF-gebied, GFCM-deelgebied of de visserijzone van een derde land (referentienummer 22 in het papieren visserijlogboek). Dit moet worden toegepast op dezelfde wijze als voor de bovenbedoelde informatie over de positie en het geografische gebied (M).

3.   AANVULLENDE INSTRUCTIES VOOR DE REGISTRATIE VAN DE VISSERIJINSPANNING IN HET VISSERIJLOGBOEK

Voor de tijd dat zij actief zijn in visserijtakken die onder visserijinspanningsregelingen vallen, registreren de kapiteins van Unievissersvaartuigen in het visserijlogboek de volgende aanvullende informatie:

a)

alle krachtens dit deel vereiste gegevens worden in het papieren visserijlogboek geregistreerd tussen de referentienummers 15 en 16;

b)

de tijdstippen wordt uitgedrukt in gecoördineerde universele tijd (UTC);

c)

de lengte- en breedtegraden worden genoteerd in graden en minuten als geen GPS wordt gebruikt, en in decimale graden en minuten (formaat WGS 84) als een GPS wordt gebruikt;

d)

de soorten worden geregistreerd aan de hand van de drieletterige vissoortcodes van de FAO.

3.1.   Gegevens over de visserijinspanning

a)   Doorvaren van een inspanningsgebied

Wanneer een gemachtigd vissersvaartuig een inspanningsgebied doorvaart zonder visserijactiviteiten in dat gebied uit te voeren, wordt een extra regel in het papieren visserijlogboek ingevuld of wordt een elektronische aangifte ingevuld. De volgende informatie wordt verstrekt:

de datum;

het inspanningsgebied;

de data en tijdstippen van elke binnenvaart of buitenvaart;

de positie bij elke binnen- en buitenvaart, in lengte- en breedtegraad;

de aan boord gehouden vangsten op het tijdstip van binnenvaren, gespecificeerd naar soort;

het woord „doorvaren”.

b)   Binnenvaren van een inspanningsgebied

Wanneer het vissersvaartuig een inspanningsgebied binnenvaart waar het een visserijactiviteit zou kunnen uitoefenen, wordt een extra regel in het papieren visserijlogboek ingevuld of wordt een elektronische aangifte ingevuld. De volgende informatie wordt verstrekt:

de datum;

het woord „binnenvaren”;

het inspanningsgebied;

de positie in lengte- en breedtegraad;

het tijdstip van binnenvaren;

de aan boord gehouden vangsten op het tijdstip van binnenvaren, gespecificeerd naar soort, en

de doelsoort(en).

c)   Buitenvaren van een inspanningsgebied

Wanneer het vaartuig een inspanningsgebied verlaat waar het een visserijactiviteit heeft uitgeoefend en het een ander inspanningsgebied binnenvaart waarin het van plan is te vissen, wordt een extra regel in het papieren visserijlogboek ingevuld of wordt een elektronische aangifte ingevuld. De volgende informatie wordt verstrekt:

de datum;

het woord „binnenvaren”;

de positie in lengte- en breedtegraad;

het nieuwe inspanningsgebied;

het tijdstip van buitenvaren/binnenvaren;

de aan boord gehouden vangsten op het tijdstip van buitenvaren/binnenvaren, gespecificeerd naar soort, en

de doelsoort(en).

Wanneer een vissersvaartuig een inspanningsgebied verlaat waar het een visserijactiviteit heeft uitgeoefend en waar het voorts geen visserijactiviteit meer zal uitoefenen, wordt een extra regel in het papieren visserijlogboek ingevuld of wordt een elektronische aangifte ingevuld. De volgende informatie wordt verstrekt:

de datum;

het woord „buitenvaren”;

de positie in lengte- en breedtegraad;

het inspanningsgebied;

het tijdstip van buitenvaren;

de aan boord gehouden vangsten op het tijdstip van buitenvaren, gespecificeerd naar soort, en

de doelsoort(en).

d)   transzonale visserijactiviteiten  (3).

Wanneer het vaartuig transzonaal vist, wordt een extra regel in het papieren visserijlogboek ingevuld of wordt een elektronische aangifte ingevuld. De volgende informatie wordt verstrekt:

de datum;

het woord „transzonaal”;

het tijdstip van de eerste buitenvaart en het inspanningsgebied;

de positie bij de eerste binnenvaart, in lengte- en breedtegraad;

het tijdstip van de laatste binnenvaart en het inspanningsgebied;

de positie bij de laatste buitenvaart, in lengte- en breedtegraad;

de aan boord gehouden vangsten op het tijdstip van buitenvaren/binnenvaren, gespecificeerd naar soort, en

de doelsoort(en).

e)   aanvullende informatie voor vissersvaartuigen die staand vistuig gebruiken:

Als het vissersvaartuig staand vistuig inzet of opnieuw inzet, wordt de volgende informatie verstrekt:

de datum;

het inspanningsgebied;

de positie in lengte- en breedtegraad;

het woord „inzetten” of „opnieuw inzetten”;

het tijdstip.

Als het vissersvaartuig de activiteiten met staand vistuig beëindigt:

de datum;

het inspanningsgebied;

de positie in lengte- en breedtegraad;

het woord „beëindigd”;

het tijdstip.

3.2.   Gegevens betreffende de melding van de verplaatsingen van het vaartuig

Wanneer een vissersvaartuig dat visserijactiviteiten verricht, overeenkomstig artikel 28 van de controleverordening een visserijinspanningsverslag aan de bevoegde autoriteiten moet doen toekomen, moeten de in punt 3.1 bedoelde gegevens worden aangevuld met:

a)

de datum en het tijdstip van de melding;

b)

de geografische positie van het vissersvaartuig in lengte en breedtegraad;

c)

het gebruikte communicatiemiddel en, eventueel, het gebruikte radiostation, en

d)

de bestemming(en) van de melding.”


(1)  Als bedoeld in artikel 10 van Verordening (EG) nr. 26/2004 van de Commissie van 30 december 2003 betreffende het communautaire gegevensbestand over de vissersvloot (PB L 5 van 9.1.2004, blz. 25).

(2)  Als bedoeld in artikel 15, leden 4 en 5, van Verordening (EU) nr. 1380/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 11 december 2013 inzake het gemeenschappelijk visserijbeleid, als gewijzigd bij Verordening (EU) 2015/812 van het Europees Parlement en de Raad van 20 mei 2015, en met name:

soorten waarop niet mag worden gevist en die in een op het gebied van het gemeenschappelijk visserijbeleid vastgestelde rechtshandeling van de Unie als dusdanig worden omschreven;

soorten waarvoor wetenschappelijk vaststaat dat zij hoge overlevingskansen hebben, rekening houdend met de kenmerken van het vistuig, de visserijpraktijk en het ecosysteem;

vangsten die onder de de-minimisvrijstelling vallen;

vis die door predatoren toegebrachte schade vertoont.

(3)  De vaartuigen die binnen een afstand blijven van ten hoogste vijf zeemijl vanaf de grens tussen twee inspanningszones, moeten gedurende een periode van 24 uur alleen het tijdstip vermelden waarop zij de eerste maal de inspanningszone binnenvaren en dat waarop zij de laatste maal de inspanningszone verlaten.


BIJLAGE IV

„BIJLAGE XII

NORMEN VOOR ELEKTRONISCHE GEGEVENSUITWISSELING

Het formaat voor de elektronische gegevensuitwisseling is gebaseerd op norm P1000 van het UN/CEFACT. De gegevensuitwisselingen die op soortgelijke bedrijfsactiviteiten betrekking hebben, worden gegroepeerd in domeinen en nader omschreven in de documenten met de specificaties van de bedrijfsmatige vereisten (BRS — Business Requirements Specifications).

De volgende normen zijn beschikbaar:

 

P1000 — 1: algemene beginselen

 

P1000 — 3: domein visserijactiviteiten

 

P1000 — 5: domein verkoop

 

P1000 — 7: domein vaartuigpositie

 

P1000 — 12: domein geaggregeerde vangstgegevens

De BRS-documenten en de omzetting in computerleesbare vorm (de XML-schemadefinitie) zijn beschikbaar op de webpagina van het register van stamgegevens (Master Data Register) op de visserijwebsite van de Europese Commissie. Op die website staan ook de uitvoeringsdocumenten die voor de gegevensuitwisseling moeten worden gebruikt.”


BIJLAGE V

„BIJLAGE XXIII

LIJST VAN GEGEVENS DIE VEREIST ZIJN VOOR HET INVULLEN VAN BEWAKINGSVERSLAGEN INZAKE WAARNEMINGEN EN CONSTATERINGEN VAN VISSERSVAARTUIGEN

Algemene informatie

1.

Referentie van het bewakingsverslag

2.

Datum en tijdstip van de waarneming of constatering (UTC)

3.

Lidstaat van herkomst en naam van de ene enkele autoriteit

4.

Type bewakingsvaartuig of -vliegtuig en identificatie

5.

Positie en locatie van het bewakingsvaartuig of -vliegtuig op het tijdstip van de waarneming of constatering

Gegevens over het vissersvaartuig

6.

Vlaggenstaat

7.

Naam

8.

Haven van registratie en extern registratienummer

9.

Internationale radioroepnaam

10.

IMO-nummer (nummer van de Internationale Maritieme Organisatie)

11.

CFR-nummer

12.

Beschrijving

13.

Type

14.

Initiële positie en locatie op het tijdstip van de waarneming of constatering

15.

Aanvankelijke koers en snelheid op het tijdstip van de waarneming of constatering

16.

Activiteit

Overige informatie

17.

Middel waarmee de waarneming of constatering is verricht

18.

Contact met het vaartuig

19.

Details van de communicatie met het vaartuig

20.

Registratie van de waarneming of constatering

21.

Opmerkingen

22.

Bijlagen

23.

Rapporterende functionaris en handtekening

Instructies voor het invullen van de bewakingsverslagen

1.

Wees zo volledig mogelijk.

2.

Positie in lengte- en breedtegraad en gedetailleerde locatie (ICES-sector, geografisch deelgebied van GFCM, NAFO-, NEAFC- of CECAF-deelgebied, FAO-gebied, FAO-deelgebied en FAO-sector en aan wal, de haven).

3.

Vlaggenstaat, naam van het vaartuig, haven van registratie, extern registratienummer, internationale radioroepnaam en IMO-nummer: worden verkregen aan de hand van hetzij visuele waarnemingen hetzij constateringen van of betreffende het vaartuig, of worden via radiocontact met het vaartuig vastgesteld (de bron van de informatie moet worden vermeld).

4.

Beschrijving van het vaartuig (indien dit visueel is waargenomen): onderscheidende merktekens (indien van toepassing): vermeld of de naam en de haven van registratie van het vaartuig al dan niet zichtbaar zijn. Noteer de kleuren van de romp en de bovenbouw, het aantal masten, de positie van de brug, de lengte van de schoorsteen enz.

5.

Type vaartuig en vistuig, zoals waargenomen: bijv. beugvisserijvaartuig, trawler, sleepvaartuig, fabrieksschip, transportvaartuig (Internationale statistische standaardindeling van vissersvaartuigen van de FAO).

6.

Eventueel activiteit van het waargenomen of geconstateerde vaartuig: geef voor elke activiteit aan of het vaartuig bezig was met: vissen, uitzetten/inhalen van vistuig, overladen, overbrengen, slepen, doorvaren, verankeren of het verrichten van enige andere activiteit (te specificeren), met vermelding, voor elke activiteit, van datum, tijdstip, positie, koers en snelheid van het vaartuig.

7.

Indien van toepassing, het middel waarmee de waarneming of constatering is verricht: nadere gegevens over de wijze waarop de waarneming of constatering heeft plaatsgevonden, bijv. visueel, VMS, radar, radiocontact of andere (te specificeren).

8.

Contact met het vaartuig: vermeld of er contact heeft plaatsgehad (JA/NEEN) en welke communicatiemiddelen zijn gebruikt (radio of andere, te specificeren).

9.

Details van de communicatie: vat elke eventuele communicatie met het vaartuig beknopt samen, met vermelding van de naam, de nationaliteit en de positie die zijn opgegeven door de perso(o)n(en) aan boord van het waargenomen of geconstateerde vaartuig met wie contact is genomen.

10.

Registratie van de waarneming of constatering: vermeld of de waarneming of constatering heeft plaatsgevonden aan de hand van een foto, een video- of audio-opname of een schriftelijk verslag.

11.

Opmerkingen: maak hier eventuele andere opmerkingen.

12.

Bijlagen: voeg, indien beschikbaar; een foto of schets van het vaartuig toe (teken het profiel van het vaartuig, met opgave van onderscheidende structuren, profiel, masten en merktekens die voor de identificatie kunnen worden gebruikt).

Nadere instructies voor het invullen van de verslagen zijn beschikbaar op de webpagina van het register van stamgegevens (Master Data Register) op de visserijwebsite van de Europese Commissie.

Regels voor de elektronische uitwisseling van bewakingsverslagen

De XML-schemadefinitie voor de elektronische uitwisseling van bewakingsverslagen is beschikbaar op de webpagina van het register van stamgegevens (Master Data Register) op de visserijwebsite van de Europese Commissie. Op die website staan ook de uitvoeringsdocumenten die voor de uitwisseling moeten worden gebruikt.”


BIJLAGE VI

„BIJLAGE XXVI

FORMAAT VAN HET VERSLAG VAN DE MET CONTROLE BELASTE WAARNEMER

GEGEVENS OVER DE WAARNEMER

Naam

 

Aangewezen door (bevoegde autoriteit)

 

Ingezet door (opdrachtgevende autoriteit)

 

Begindatum

 

Einddatum

 


GEGEVENS OVER HET VISSERSVAARTUIG

Type

 

Vlaggenstaat

 

Naam

 

CFR-nummer

 

Externe identificatiekentekens

 

IRCS

 

IMO-nummer

 

Voortstuwingsvermogen motor

 

Lengte over alles

 


AAN BOORD AANWEZIGE TYPES VISTUIG

1.

 

2.

 

3.

 


VISTUIG DAT VOLGENS DE WAARNEMINGEN TIJDENS DE VISREIS IS GEBRUIKT

1.

 

2.

 

3.

 


GEGEVENS OVER DE VISSERIJACTIVITEITEN

Referentienummer visserijactiviteit (indien van toepassing)

 

Datum

 

Gebruikt vistuigtype

 

Afmetingen

 

Maaswijdte

 

Aangebrachte voorzieningen

 

Tijdstip van het begin van de activiteit

Tijdstip van het einde van de activiteit

 

Positie bij het begin van de activiteit

 

Diepte bij het begin van de activiteit

 

Diepte bij het einde van de activiteit

 

Positie bij het einde van de activiteit

 


VANGSTEN

Soort

Aan boord gehouden

Teruggegooid

Geraamde hoeveelheid per soort in kg levendgewichtequivalent

Minimuminstandhoudings-referentiegrootte

 

 

 

Onder de minimuminstandhoudings-referentiegrootte

 

 

 

Geraamde hoeveelheid per doelsoort in kg levendgewichtequivalent

Minimuminstandhoudings-referentiegrootte

 

 

 

Onder de minimum-instandhoudingsreferentiegrootte

 

 

 

Geraamde hoeveelheid per doelsoort in kg levendgewichtequivalent

Minimuminstandhoudings-referentiegrootte

 

 

 

Onder de minimum-instandhoudingsreferentiegrootte

 

 

 

Geraamde totale hoeveelheid van de vangst in kg levendgewichtequivalent

Minimuminstandhoudings-referentiegrootte

 

 

 

Onder de minimum-instandhoudingsreferentiegrootte

 

 

 

OPMERKINGEN OVER GEVALLEN VAN NIET-NALEVING
SAMENVATTING AAN HET EINDE VAN DE VISREIS

HANDTEKENING VAN DE WAARNEMER

DATUM”


BIJLAGE VII

„BIJLAGE XXVII

INSPECTIEVERSLAG

VOOR HET INVULLEN VAN HET INSPECTIEVERSLAG VEREISTE MINIMUMGEGEVENS

Instructies voor het invullen van de inspectieverslagen:

Wees zo volledig mogelijk. Verstrek de informatie voor zover die van toepassing en beschikbaar is. Nadere instructies voor het invullen van de verslagen zijn beschikbaar op de webpagina van het register van stamgegevens (Master Data Register) op de visserijwebsite van de Europese Commissie.

Regels voor de elektronische uitwisseling van inspectieverslagen:

Voor de elektronische uitwisseling van de inspectieverslagen wordt gebruikgemaakt van de XML-schemadefinitie „inspectie”, die beschikbaar is op de webpagina van het register van stamgegevens (Master Data Register) op de visserijwebsite van de Europese Commissie. Op die website staan ook de uitvoeringsdocumenten die voor de uitwisseling moeten worden gebruikt.

MODULE 1: INSPECTIE VAN EEN VISSERSVAARTUIG OP ZEE

1.

Referentie van het inspectieverslag  (1)

2.

Lidstaat en inspecterende autoriteit  (1)

3.

Inspectievaartuig (vlag, naam en extern registratienummer) (1)

4.

Internationale radioroepnaam (1)

5.

Datum van de inspectie (start) (1)

6.

Tijdstip van de inspectie (start) (1)

7.

Datum van de inspectie (einde) (1)

8.

Tijdstip van de inspectie (einde) (1)

9.

Positie van het inspectievaartuig (breedte- en lengtegraad) (1)

10.

Locatie van het inspectievaartuig (gedetailleerd vangstgebied) (1)

11.

Hoofdinspecteur (1)

12.

Nationaliteit

13.

Inspecteur 2 (1)

14.

Nationaliteit

15.

Gegevens over het beoogde vissersvaartuig (naam, extern registratienummer, vlag)  (1)

16.

Positie en locatie van het vaartuig, indien verschillend van het inspectievaartuig (breedte- en lengtegraad, gedetailleerd vangstgebied) (1)

17.

Type vaartuig (1)

18.

ID-nummer registratiecertificaat (1)

19.

Internationale radioroepnaam (1)

20.

IMO-nummer (nummer van de Internationale Maritieme Organisatie) (1)

21.

CFR-nummer (1)

22.

Gegevens van de eigenaar (naam, nationaliteit en adres) (1)

23.

Gegevens van de charteraar (naam, nationaliteit en adres) (1)

24.

Gegevens van de gemachtigde (naam, nationaliteit en adres) (1)

25.

Gegevens van de kapitein (naam, nationaliteit en adres) (1)

26.

Radio-oproep vóór het aan boord gaan

27.

Visserijlogboek ingevuld vóór de inspectie

28.

Loodsladder (1)

29.

Identificatie voor de inspecteurs

30.

Inbreuken of waarnemingen  (1)

31.

Inspectie van documenten en machtigingen  (1)

32.

ID-nummer registratiecertificaat (1)

33.

Controle van het voortstuwingsvermogen van de motor

34.

Gegevens van de visvergunning (1)

35.

Gegevens van de vismachtiging (1)

36.

VMS operationeel (1)

37.

Operationaliteit van de elektronische monitoring op afstand (1)

38.

Aantal bladzijden in het papieren visserijlogboek (1)

39.

Referentie elektronisch visserijlogboek (1)

40.

Referentie voorafgaande kennisgeving (1)

41.

Doel van de kennisgeving (1)

42.

Visruimcertificaat

43.

Opslagschema

44.

Ullagetabellen voor tanks met gekoeld zeewater

45.

Certificaat voor systemen voor weging aan boord

46.

Lidmaatschap van een producentenorganisatie

47.

Gegevens over de laatste aanloophaven (haven, land en datum) (1)

48.

Inbreuken of waarnemingen  (1)

49.

Vangstinspectie  (1)

50.

Gegevens over de vangst aan boord (soorten, hoeveelheden in levendgewichtequivalent, ook voor ondermaatse vis, vangstgebied) (1)

51.

Tolerantiemarge per soort (1)

52.

Afzonderlijke registratie van ondermaatse vis (1)

53.

Gescheiden opslag van demersale bestanden waarvoor meerjarenplannen gelden (1)

54.

Gescheiden opslag van ondermaatse vis (1)

55.

Controle op het wegen, telling van de dozen/containers, ullagetabellen of bemonstering

56.

Registratie van gegevens over de teruggooi (soort, hoeveelheid) (1)

57.

Inbreuken of waarnemingen  (1)

58.

Inspectie van het vistuig  (1)

59.

Gegevens over het vistuig (type) (1)

60.

Gegevens over aan het net aangebrachte voorzieningen of toestellen (type) (1)

61.

Gegevens over de maaswijdte of de afmetingen (1)

62.

Twijndikte (type, dikte) (1)

63.

Vistuigmarkering

64.

Inbreuken of waarnemingen  (1)

65.

Opmerkingen van de inspecteurs  (1)

66.

Opmerkingen van de kapitein  (1)

67.

Genomen maatregel(en)  (1)

68.

Handtekening van de inspecteurs  (1)

69.

Handtekening van de kapitein  (1)

MODULE 2: INSPECTIE VAN (EEN) VISSERSVAARTUIG(EN) BIJ OVERLADING

1.

Referentie van het inspectieverslag  (2)

2.

Lidstaat en inspecterende autoriteit  (2)

3.

Inspectievaartuig (vlag, naam en extern registratienummer) (2)

4.

Internationale radioroepnaam (2)

5.

Datum van de inspectie (start) (2)

6.

Tijdstip van de inspectie (start) (2)

7.

Datum van de inspectie (einde) (2)

8.

Tijdstip van de inspectie (einde) (2)

9.

Positie van het inspectievaartuig (breedte- en lengtegraad) (2)

10.

Locatie van het inspectievaartuig (gedetailleerd vangstgebied) (2)

11.

Locatie van de haven (3)

12.

Aangewezen haven (2)

13.

Hoofdinspecteur (2)

14.

Nationaliteit

15.

Inspecteur 2 (2)

16.

Nationaliteit

17.

Gegevens over het overladende vissersvaartuig (naam, extern registratienummer, vlag)  (2)

18.

Positie en locatie van het vaartuig (breedte- en lengtegraad, gedetailleerd vangstgebied) (2)

19.

Type vaartuig (2)

20.

ID-nummer registratiecertificaat (2)

21.

Internationale radioroepnaam (2)

22.

IMO-nummer (nummer van de Internationale Maritieme Organisatie) (2)

23.

CFR-nummer (2)

24.

Gegevens van de eigenaar (naam, nationaliteit en adres) (2)

25.

Gegevens van de charteraar (naam, nationaliteit en adres) (2)

26.

Gegevens van de gemachtigde (naam, nationaliteit en adres) (2)

27.

Gegevens van de kapitein (naam, nationaliteit en adres) (2)

28.

VMS-controle vóór het aan boord gaan

29.

Visserijlogboek ingevuld vóór de overlading (2)

30.

Inbreuken of waarnemingen  (2)

31.

Inspectie van documenten en machtigingen  (2)

32.

ID-nummer registratiecertificaat (2)

33.

Gegevens van de visvergunning (2)

34.

Gegevens van de vismachtiging (2)

35.

Gegevens van de overladingsmachtiging (2)

36.

VMS operationeel

37.

Aantal bladzijden in het papieren visserijlogboek (2)

38.

Referentie elektronisch visserijlogboek (2)

39.

Referentie voorafgaande kennisgeving (2)

40.

Doel van de voorafgaande kennisgeving (met inbegrip van de IOO-regeling) (2)

41.

Gegevens over de laatste aanloophaven (haven, land en datum) (3)

42.

Inbreuken of waarnemingen  (2)

43.

Vangstinspectie  (2)

44.

Gegevens over de vangst aan boord (vóór overlading) (soorten, hoeveelheden in productgewicht, ook voor ondermaatse vis, aanbiedingsvorm en vangstgebied) (2)

45.

Tolerantiemarge per soort (2)

46.

Gegevens over de overgeladen vangst (soorten, hoeveelheden in productgewicht, ook voor ondermaatse vis, aanbiedingsvorm en vangstgebied) (2)

47.

Inbreuken of waarnemingen  (2)

48.

Gegevens over het ontvangende vissersvaartuig (naam, extern registratienummer, vlag)  (2)

49.

Positie en locatie van het vaartuig (breedte- en lengtegraad, gedetailleerd vangstgebied) (2)

50.

Type vaartuig (2)

51.

ID-nummer registratiecertificaat (2)

52.

Internationale radioroepnaam (2)

53.

IMO-nummer (nummer van de Internationale Maritieme Organisatie) (2)

54.

CFR-nummer (2)

55.

Gegevens van de eigenaar (naam, nationaliteit en adres) (2)

56.

Gegevens van de charteraar (naam, nationaliteit en adres) (2)

57.

Gegevens van de gemachtigde (naam, nationaliteit en adres) (2)

58.

Gegevens van de kapitein (naam, nationaliteit en adres) (2)

59.

VMS-controle vóór het aan boord gaan

60.

Visserijlogboek ingevuld vóór de overlading (2)

61.

Inbreuken of waarnemingen  (2)

62.

Inspectie van documenten en machtigingen  (2)

63.

ID-nummer registratiecertificaat (2)

64.

Gegevens van de visvergunning (2)

65.

VMS operationeel

66.

Aantal bladzijden in het papieren visserijlogboek (2)

67.

Referentie elektronisch visserijlogboek (2)

68.

Referentie voorafgaande kennisgeving (2)

69.

Doel van de voorafgaande kennisgeving (2)

70.

Gegevens over de laatste aanloophaven (haven, land en datum) (3)

71.

Inbreuken of waarnemingen  (2)

72.

Vangstinspectie  (2)

73.

Gegevens over de vangst aan boord (vóór overlading) (soorten, hoeveelheden in productgewicht, ook voor ondermaatse vis, aanbiedingsvorm en vangstgebied) (2)

74.

Gegevens over de ontvangen vangst (soorten, hoeveelheden in productgewicht, ook voor ondermaatse vis, aanbiedingsvorm en vangstgebied) (2)

75.

Inbreuken of waarnemingen  (2)

76.

Opmerkingen van de inspecteurs  (2)

77.

Opmerkingen van de kapitein(s)  (2)

78.

Genomen maatregel(en)  (2)

79.

Handtekening van de inspecteurs  (2)

80.

Handtekening van de kapitein(s)  (2)

MODULE 3: INSPECTIE VAN EEN VISSERSVAARTUIG IN DE HAVEN OF BIJ AANLANDING EN VÓÓR DE EERSTE VERKOOP

1.

Referentie van het inspectieverslag  (4)

2.

Lidstaat en inspecterende autoriteit  (4)  (5)

3.

Datum van de inspectie (start van de inspectie) (4)  (5)

4.

Tijdstip van de inspectie (start van de inspectie) (4)  (5)

5.

Datum van de inspectie (einde van de inspectie) (4)  (5)

6.

Tijdstip van de inspectie (einde van de inspectie) (4)  (5)

7.

Locatie van de haven (4)  (5)

8.

Aangewezen haven (4)  (5)

9.

Hoofdinspecteur (4)

10.

Nationaliteit

11.

Inspecteur 2 (4)

12.

Nationaliteit

13.

Gegevens over het beoogde vissersvaartuig (naam, extern registratienummer, vlag)  (4)  (5)

14.

Type vaartuig (4)  (5)

15.

ID-nummer registratiecertificaat (4)  (5)

16.

Internationale radioroepnaam (4)  (5)

17.

IMO-nummer (nummer van de Internationale Maritieme Organisatie) (4)  (5)

18.

CFR-nummer (4)

19.

Gegevens van de eigenaar (naam, nationaliteit en adres) (4)  (5)

20.

Gegevens van de economisch eigenaar (naam, nationaliteit en adres) (4)  (5)

21.

Gegevens van de charteraar (naam, nationaliteit en adres) (4)

22.

Gegevens van de gemachtigde (naam, nationaliteit en adres) (4)

23.

Gegevens van de kapitein (naam, nationaliteit en adres) (4)

24.

VMS-controle vóór aankomst aan wal (4)  (5)

25.

Visserijlogboek ingevuld vóór aankomst

26.

Identificatie voor de inspecteurs

27.

Inbreuken of waarnemingen  (4)  (5)

28.

Inspectie van documenten en machtigingen  (4)  (5)

29.

ID-nummer registratiecertificaat (4)

30.

Gegevens van de visvergunning (4)  (5)

31.

Gegevens van de vismachtiging (4)  (5)

32.

Gegevens betreffende de toegang tot de haven en de aanlandingsmachtiging (4)  (5)

33.

Aantal bladzijden in het papieren visserijlogboek (4)

34.

Referentie elektronisch visserijlogboek (4)

35.

Referentie voorafgaande kennisgeving (4)  (5)

36.

Doel van de voorafgaande kennisgeving (met inbegrip van de IOO-regeling) (4)  (5)

37.

Visruimcertificaat

38.

Opslagschema

39.

Ullagetabellen voor tanks met gekoeld zeewater

40.

Certificaat voor systemen voor weging aan boord

41.

Lidmaatschap van een producentenorganisatie

42.

Gegevens over de laatste aanloophaven (datum, land en haven) (4)  (5)

43.

Inbreuken of waarnemingen  (4)  (5)

44.

Vangstinspectie  (4)  (5)

45.

Gegevens over de vangst aan boord (soorten, hoeveelheden in productgewicht, ook voor ondermaatse vis, aanbiedingsvorm en vangstgebied) (4)  (5)

46.

Tolerantiemarge per soort (4)

47.

Afzonderlijke registratie van ondermaatse vis (4)

48.

Gegevens over de geloste vangst (soorten, hoeveelheden in productgewicht, ook voor ondermaatse vis, aanbiedingsvorm en vangstgebied) (4)  (5)

49.

Minimuminstandhoudingsreferentiegrootte gecontroleerd (4)

50.

Etikettering

51.

Controle van de weging, telling van de dozen/containers of steekproefsgewijze controle bij lossing

52.

Controle van het ruim na de lossing

53.

Weging van de vangst bij aanlanding

54.

Inbreuken of waarnemingen  (4)  (5)

55.

Gegevens over overlading met betrekking tot van (een) ander(e) vissersvaartuig(en) ontvangen vangsten  (4)  (5)

56.

Gegevens over het/de overladende vissersvaartuig(en) (naam, extern registratienummer, internationale radioroepnaam, IMO-nummer, CFR-nummer, vlag) (4)  (5)

57.

Gegevens aangifte van overlading (4)  (5)

58.

Gegevens over de overgeladen vangst (soorten, hoeveelheden in productgewicht, ook voor ondermaatse vis, aanbiedingsvorm en vangstgebied) (4)  (5)

59.

Andere vangstdocumentatie (vangstcertificaten) (4)  (5)

60.

Inbreuken of waarnemingen  (4)  (5)

61.

Inspectie van het vistuig  (4)  (5)

62.

Gegevens over het vistuig (type) (4)  (5)

63.

Gegevens over aan het net aangebrachte voorzieningen of toestellen (type) (4)  (5)

64.

Gegevens over de maaswijdte of de afmetingen (4)  (5)

65.

Twijndikte (type, dikte) (4)  (5)

66.

Vistuigmarkering

67.

Inbreuken of waarnemingen  (4)  (5)

68.

Status van het vissersvaartuig in het/de ROVB-gebied(en) waar de visserij of aan de visserij gerelateerde activiteiten zijn verricht (onder meer in een lijst van IOO-vissersvaartuigen)  (4)  (5)

69.

Opmerkingen van de inspecteurs  (4)

70.

Opmerkingen van de kapitein  (4)  (5)

71.

Genomen maatregel(en)  (4)

72.

Handtekening van de inspecteurs  (4)  (5)

73.

Handtekening van de kapitein  (4)  (5)

MODULE 4: INSPECTIE MARKT/RUIMTEN

1.

Referentie van het inspectieverslag  (6)

2.

Lidstaat en inspecterende autoriteit  (6)

3.

Datum van de inspectie (start van de inspectie) (6)

4.

Tijdstip van de inspectie (start van de inspectie) (6)

5.

Datum van de inspectie (einde van de inspectie) (6)

6.

Tijdstip van de inspectie (einde van de inspectie) (6)

7.

Locatie van de haven (6)

8.

Hoofdinspecteur (6)

9.

Nationaliteit

10.

Inspecteur 2 (6)

11.

Nationaliteit

12.

Identificatie voor de inspecteurs

13.

Gegevens over de inspectie van de markt of de ruimten (naam en adres)  (6)

14.

Gegevens van de eigenaar (naam, nationaliteit en adres) (6)

15.

Gegevens van de vertegenwoordiger van de eigenaar (naam, nationaliteit en adres) (6)

16.

Gegevens over de geïnspecteerde visserijproducten (soorten, hoeveelheden in productgewicht, ook voor ondermaatse vis, aanbiedingsvorm, vangstgebied en identificatie van het/de vaartuig(en) van herkomst)  (6)

17.

Gegevens over geregistreerde kopers, visafslagen of andere instanties of personen die verantwoordelijk zijn voor de eerste afzet van de visserijproducten (naam, nationaliteit en adres) (6)

18.

Minimuminstandhoudingsreferentiegrootte gecontroleerd (6)

19.

Etikettering met het oog op de traceerbaarheid (6)

20.

Gemeenschappelijke handelsnormen (6)

21.

Grootteklassen

22.

Versheidsklassen

23.

Onder het opslagmechanisme vallende visserijproducten geïnspecteerd

24.

Visserijproducten gewogen vóór verkoop

25.

Weegsystemen gekalibreerd en verzegeld

26.

Inbreuken of waarnemingen  (6)

27.

Inspectie van documenten betreffende geïnspecteerde visserijproducten  (6)

28.

Gegevens van de aangifte van aanlanding

29.

Gegevens van de aangifte van overname

30.

Gegevens van het vervoersdocument

31.

Facturen van leveranciers en verkoopdocumenten

32.

Gegevens van het IOO-vangstcertificaat

33.

Gegevens van de invoerder (naam, nationaliteit en adres)

34.

Inbreuken of waarnemingen  (6)

35.

Opmerkingen van de inspecteurs  (6)

36.

Opmerkingen van de marktdeelnemer  (6)

37.

Genomen maatregel(en)  (6)

38.

Handtekening van de inspecteurs  (6)

39.

Handtekening van de marktdeelnemer  (6)

MODULE 5: INSPECTIE VAN HET VERVOERMIDDEL

1.

Referentie van het inspectieverslag  (7)

2.

Lidstaat en inspecterende autoriteit (*)

3.

Datum van de inspectie (start) (*)

4.

Tijdstip van de inspectie (start) (*)

5.

Datum van de inspectie (einde) (*)

6.

Tijdstip van de inspectie (einde) (*)

7.

Plaats van inspectie (adres) (*)

8.

Hoofdinspecteur (*)

9.

Nationaliteit

10.

Inspecteur 2 (*)

11.

Nationaliteit

12.

Identificatie voor de inspecteurs

13.

Gegevens over het beoogde vervoermiddel (type en nationaliteit) (*)

14.

Identificatie van de trekker (kentekennummer) (*)

15.

Identificatie van de oplegger (kentekennummer) (*)

16.

Gegevens van de eigenaar (naam, nationaliteit en adres) (*)

17.

Gegevens van de bestuurder (naam, nationaliteit en adres) (*)

18.

Inspectie van documenten betreffende visserijproducten (*)

19.

Vóór het vervoer gewogen visserijproducten (soorten, hoeveelheden in productgewicht, ook voor ondermaatse vis, aanbiedingsvorm, vangstgebied en identificatie van het/de vaartuig(en) van herkomst) (*)

20.

Bestemming van het vervoermiddel (*)

21.

Gegevens van het vervoersdocument

22.

Elektronische toezending van het vervoersdocument aan de vlaggenlidstaat

23.

Visserijlogboek van het vaartuig van herkomst gehecht aan het vervoersdocument

24.

Elektronische toezending van het visserijlogboek van het vaartuig van herkomst aan de vlaggenlidstaat

25.

Ander vangstdocument gehecht aan vervoersdocument (vangstcertificaat)

26.

Vervoersdocument vóór aankomst ontvangen door de lidstaat van aanlanding of afzet

27.

Gegevens van de aangifte van aanlanding

28.

Gegevens van de aangifte van overname

29.

Kruiscontrole van de aangifte van overname met de aangifte van aanlanding

30.

Gegevens van de verkoopdocumenten of de facturen

31.

Etikettering met het oog op de traceerbaarheid

32.

Steekproefweging van de dozen/containers

33.

Weegsystemen gekalibreerd en verzegeld

34.

Weegregisters

35.

Vervoermiddel of container verzegeld

36.

Gegevens van de zegels genoteerd op het vervoersdocument

37.

Inspecterende autoriteit die de zegels heeft aangebracht (*)

38.

Toestand van de zegels (*)

39.

Inbreuken of waarnemingen (*)

40.

Vóór het wegen vervoerde visserijproducten (soorten, hoeveelheden in productgewicht, ook voor ondermaatse vis, aanbiedingsvorm, vangstgebied en identificatie van het/de vaartuig(en) van herkomst) (*)

41.

Bestemming van het vervoermiddel (*)

42.

Gegevens van het vervoersdocument

43.

Elektronische toezending van het vervoersdocument aan de vlaggenlidstaat

44.

Visserijlogboek van het vaartuig van herkomst gehecht aan het vervoersdocument

45.

Elektronische toezending van het visserijlogboek van het vaartuig van herkomst aan de vlaggenlidstaat

46.

Vervoersdocument vóór aankomst ontvangen door de lidstaat van aanlanding of afzet

47.

Gegevens van de aangifte van aanlanding

48.

Weging van de visserijproducten bij aankomst op de plaats van bestemming geconstateerd door de bevoegde autoriteiten van de lidstaat

49.

Gegevens over geregistreerde kopers, visafslagen of andere instanties of personen die verantwoordelijk zijn voor de eerste afzet van de visserijproducten (naam, nationaliteit en adres) (*)

50.

Vervoermiddel/container verzegeld

51.

Gegevens van de zegels genoteerd op het vervoersdocument

52.

Inspecterende autoriteit die de zegels heeft aangebracht (*)

53.

Toestand van de zegels (*)

54.

Inbreuken of waarnemingen (*)

55.

Opmerkingen van de inspecteurs (*)

56.

Opmerkingen van de vervoerder (*)

57.

Genomen maatregel(en) (*)

58.

Handtekening van de inspecteurs (*)

59.

Handtekening van de vervoerder (*)


(1)  Verplichte informatie die moet worden verzameld en in het gegevensbestand moet worden opgenomen overeenkomstig artikel 118 van deze verordening.

(2)  Verplichte informatie die moet worden verzameld en in het gegevensbestand moet worden opgenomen overeenkomstig artikel 118 van deze verordening.

(3)  Aanvullend voor inspectie in het kader van de havenstaatcontrole.

(4)  Verplichte informatie die moet worden verzameld en in het gegevensbestand moet worden opgenomen overeenkomstig artikel 118 van deze verordening.

(5)  Aanvullend voor inspectie in het kader van de havenstaatcontrole.

(6)  Verplichte informatie die moet worden verzameld en in het gegevensbestand moet worden opgenomen overeenkomstig artikel 118 van deze verordening.

(7)  Verplichte informatie die moet worden verzameld en in het gegevensbestand moet worden opgenomen overeenkomstig artikel 118 van deze verordening.”


BIJLAGE VIII

„BIJLAGE XXX

VOOR ERNSTIGE INBREUKEN TOE TE WIJZEN PUNTEN

Nr.

Ernstige inbreuk

Punten

1.

Niet-naleving van de verplichte registratie en rapportage van vangstgegevens of met de vangst verband houdende gegevens, waaronder gegevens die via het satellietvolgsysteem voor vissersvaartuigen moeten worden doorgegeven

(artikel 90, lid 1, van de controleverordening, juncto artikel 42, lid 1, onder a), en artikel 3, lid 1, onder b), van Verordening (EG) nr. 1005/2008)

3

2.

Gebruik van uit hoofde van de Uniewetgeving als verboden of niet-conform beschouwd vistuig

(artikel 90, lid 1, van de controleverordening, juncto artikel 42, lid 1, onder a), en artikel 3, lid 1, onder e), van Verordening (EG) nr. 1005/2008)

4

3.

Vervalsen of verborgen houden van kentekens, van de identiteit of van de registratie

(artikel 90, lid 1, van de controleverordening, juncto artikel 42, lid 1, onder a), en artikel 3, lid 1, onder f), van Verordening (EG) nr. 1005/2008)

5

4.

Het verborgen houden van, knoeien met of doen verdwijnen van bewijsmateriaal dat van belang is in het kader van een onderzoek

(artikel 90, lid 1, van de controleverordening, juncto artikel 42, lid 1, onder a), en artikel 3, lid 1, onder g), van Verordening (EG) nr. 1005/2008)

5

5.

Het aan boord nemen, overladen of aanlanden van ondermaatse vis in strijd met de geldende wetgeving of het niet naleven van de verplichting om ondermaatse vis aan te landen

(artikel 90, lid 1, van de controleverordening, juncto artikel 42, lid 1, onder a), en artikel 3, lid 1, onder i), van Verordening (EG) nr. 1005/2008)

5

6.

Het uitvoeren van visserijactiviteiten in een onder een regionale organisatie voor visserijbeheer ressorterend gebied op een manier die onverenigbaar is met of indruist tegen de instandhoudings- en beheersmaatregelen van die organisatie

(artikel 90, lid 1, van de controleverordening, juncto artikel 42, lid 1, onder a), en artikel 3, lid 1, onder k), van Verordening (EG) nr. 1005/2008)

5

7.

Vissen zonder een geldige visvergunning of vismachtiging of een geldig visdocument die of dat is afgegeven door de vlaggenstaat of de betrokken kuststaat

(artikel 90, lid 1, van de controleverordening, juncto artikel 42, lid 1, onder a), en artikel 3, lid 1, onder a), van Verordening (EG) nr. 1005/2008)

7

8.

Vissen in een gesloten gebied, tijdens een gesloten seizoen, zonder quotum, na volledige benutting van het quotum en/of onder een gestelde dieptegrens

(artikel 90, lid 1, van de controleverordening, juncto artikel 42, lid 1, onder a), en artikel 3, lid 1, onder c), van Verordening (EG) nr. 1005/2008)

6

9.

Gericht vissen op een bestand waarvoor een moratorium of een visverbod geldt

(artikel 90, lid 1, van de controleverordening, juncto artikel 42, lid 1, onder a), en artikel 3, lid 1, onder d), van Verordening (EG) nr. 1005/2008)

7

10.

Het bemoeilijken van de werkzaamheden van functionarissen bij het uitvoeren van hun taak inzake het inspecteren van de naleving van de geldende instandhoudings- en beheersmaatregelen of van de werkzaamheden van waarnemers bij het uitvoeren van hun taak, namelijk het nagaan of de geldende voorschriften van de Unie worden nageleefd

(artikel 90, lid 1, van de controleverordening, juncto artikel 42, lid 1, onder a), en artikel 3, lid 1, onder h), van Verordening (EG) nr. 1005/2008)

7

11.

Overladen van vangsten op, deelname aan gezamenlijke visserijactiviteiten met, of zorgen voor ondersteuning of bevoorrading van vissersvaartuigen waarvan is geconstateerd dat zij IOO-visserij als bedoeld in Verordening (EG) nr. 1005/2008 hebben bedreven, in het bijzonder vaartuigen die zijn opgenomen in de Unielijst van IOO-vaartuigen of in de lijst van IOO-vaartuigen van een regionale organisatie voor visserijbeheer

(artikel 90, lid 1, van de controleverordening, juncto artikel 42, lid 1, onder a), en artikel 3, lid 1, onder j), van Verordening (EG) nr. 1005/2008)

7

12.

Gebruik van een vissersvaartuig dat geen nationaliteit heeft en derhalve een staatloos vaartuig is overeenkomstig de internationale wetgeving

(artikel 90, lid 1, van de controleverordening, juncto artikel 42, lid 1, onder a), en artikel 3, lid 1, onder l), van Verordening (EG) nr. 1005/2008)

7”