8.7.2015   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 177/2


GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) 2015/1094 VAN DE COMMISSIE

van 5 mei 2015

houdende aanvulling van Richtlijn 2010/30/EU van het Europees Parlement en de Raad wat de energie-etikettering van professionele koelbewaarkasten betreft

(Voor de EER relevante tekst)

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Richtlijn 2010/30/EU van het Europees Parlement en de Raad betreffende de vermelding van het energieverbruik en het verbruik van andere hulpbronnen op de etikettering en in de standaardproductinformatie van energiegerelateerde producten (1), en met name artikel 10,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Op grond van Richtlijn 2010/30/EU moet de Commissie gedelegeerde handelingen vaststellen met betrekking tot de etikettering van energiegerelateerde producten die een significant potentieel voor energiebesparing bieden en die een soortgelijke werking hebben, maar sterk verschillen wat hun prestatieniveaus betreft.

(2)

De energie die wordt verbruikt door professionele koelbewaarkasten heeft een significant aandeel in de totale vraag naar elektriciteit in de Unie en professionele koelbewaarkasten met een equivalente functionaliteit hebben vaak een aanzienlijk verschillende energie-efficiëntie. Er is veel ruimte voor de vermindering van hun energieverbruik. Professionele koelbewaarkasten moeten derhalve het voorwerp uitmaken van energie-etiketteringseisen.

(3)

Er moeten geharmoniseerde bepalingen worden vastgesteld inzake de etikettering en standaardproductinformatie over de energie-efficiëntie van professionele koelbewaarkasten teneinde de fabrikanten te motiveren om de energie-efficiëntie van dergelijke producten te verhogen, om eindgebruikers aan te moedigen energie-efficiënte producten te kopen en om bij te dragen tot de goede werking van de interne markt.

(4)

Het gecombineerde effect van de onderhavige verordening en van Verordening (EU) 2015/1095 van de Commissie (2) zal naar verwachting een jaarlijkse energiebesparing zijn van ongeveer 1,8 TWh in 2020 en 4,1 TWh in 2030, wat een vermindering van de emissies met respectievelijk 0,7 en 1,4 miljoen ton CO2-equivalent met zich mee zal brengen, in vergelijking met een scenario waarin geen maatregelen worden genomen.

(5)

De op het etiket te vermelden informatie moet worden verkregen door middel van betrouwbare, nauwkeurige en reproduceerbare meetprocedures die beantwoorden aan erkende moderne methoden, met inbegrip van, voor zover beschikbaar, geharmoniseerde normen die door Europese normalisatie-instanties in overeenstemming met de procedures van bijlage I bij Verordening (EU) nr. 1025/2012 van het Europees Parlement en de Raad (3) zijn vastgesteld.

(6)

In de onderhavige verordening moeten een eenvormig ontwerp en een eenduidige inhoud van de productetiketten voor professionele koelbewaarkasten worden omschreven.

(7)

Voorts moeten bij deze verordening eisen worden vastgesteld voor de productkaart en de technische documentatie voor professionele koelbewaarkasten.

(8)

Daarnaast moeten bij deze verordening eisen worden vastgesteld voor de informatie die moet worden verstrekt bij elke vorm van verkoop op afstand van professionele koelbewaarkasten, alsook in de reclame en het technisch promotiemateriaal voor dergelijke producten.

(9)

Het is passend te voorzien in een evaluatie van de bepalingen van deze verordening teneinde rekening te houden met de technologische vooruitgang,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

Onderwerp en toepassingsgebied

1.   Bij deze verordening worden eisen vastgesteld voor de energie-etikettering van en het verstrekken van aanvullende productinformatie inzake professionele koelbewaarkasten.

2.   Deze verordening is van toepassing op elektrische door netspanning gevoede professionele koelbewaarkasten, inclusief die welke worden verkocht voor de koeling van levensmiddelen en diervoeders.

3.   Deze verordening is niet van toepassing op de volgende producten:

a)

professionele koelbewaarkasten die voornamelijk draaien op andere energiebronnen dan elektriciteit;

b)

professionele koelbewaarkasten die werken met een condensoreenheid op afstand;

c)

open koelbewaarkasten, waarbij dit open zijn een fundamentele eis is voor hun hoofdfunctionaliteit;

d)

koelbewaarkasten die specifiek zijn ontworpen voor de verwerking van voedsel, waarbij louter de aanwezigheid van één compartiment, met een nettovolume dat minder bedraagt dan 20 % van het totale nettovolume van de bewaarkast en dat specifiek is ontworpen voor voedselverwerking, niet volstaat voor een vrijstelling;

e)

koelbewaarkasten die specifiek zijn ontworpen voor het op een gecontroleerde manier ontdooien van bevroren levensmiddelen, waarbij louter de aanwezigheid van één compartiment dat specifiek is ontworpen voor het op een gecontroleerde manier ontdooien van bevroren levensmiddelen, niet volstaat voor een vrijstelling;

f)

saladettes;

g)

toonbanken en andere soortgelijke vormen van meubelen die hoofdzakelijk zijn bedoeld voor het tonen en verkopen van levensmiddelen bovenop koeling en bewaring;

h)

koelbewaarkasten die geen gebruikmaken van een dampcompressie-koelkringloop;

i)

op maat gemaakte professionele koelbewaarkasten, op eenmalige wijze gemaakt op basis van de specificatie van een individuele klant en niet equivalent aan andere professionele koelbewaarkasten als beschreven in definitie 9 van bijlage I;

j)

koel-vrieskasten;

k)

bewaarkasten met statische lucht;

l)

ingebouwde bewaarkasten;

m)

inrij- en doorrij-bewaarkasten;

n)

diepvrieskisten.

Artikel 2

Definities

Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:

a)   „professionele koelbewaarkast”: een geïsoleerde koelinrichting waarin één of meer compartimenten zijn geïntegreerd die toegankelijk zijn via één of meer deuren of laden, die de temperatuur van levensmiddelen op continue wijze binnen voorgeschreven grenswaarden kan houden bij een bedrijfstemperatuur voor koelen of invriezen, met gebruikmaking van een dampcompressie-kringloop, en die bedoeld is voor het bewaren van levensmiddelen in niet-huishoudelijke omgevingen, maar niet voor het tonen aan of de toegang van klanten;

b)   „levensmiddelen”: voedsel, ingrediënten, dranken, inclusief wijn, en andere hoofdzakelijk voor consumptie bedoelde producten die op een bepaalde temperatuur moeten worden gekoeld;

c)   „inbouwkoelbewaarkast”: een vaste geïsoleerde koelinrichting die bedoeld is om te worden geïnstalleerd in een meubel, een voorbereide nis in een wand of een soortgelijke locatie, en die verdere meubelafwerking vereist;

d)   „inrij-bewaarkast”: een professionele bewaarkast met één enkel compartiment wat het mogelijk maakt daarin verrijdbare rekken met producten te rijden;

e)   „doorrij-bewaarkast”: een professionele bewaarkast die van beide zijden toegankelijk is;

f)   „bewaarkast met statische lucht”: een professionele bewaarkast zonder interne gedwongen luchtcirculatie, die specifiek is ontworpen om er temperatuurgevoelige levensmiddelen in te bewaren of om uitdroging te vermijden van levensmiddelen die niet luchtdicht zijn afgesloten, waarbij één enkel compartiment met statische lucht in de bewaarkast niet volstaat om die bewaarkast als bewaarkast met statische lucht te kwalificeren;

g)   „open koelbewaarkast”: een professionele koelbewaarkast waarvan het gekoelde onderdeel van buitenaf kan worden bereikt zonder een deur of lade te openen en waarbij louter de aanwezigheid van één compartiment dat van buitenaf kan worden bereikt zonder een deur of lade te openen, met een nettovolume dat minder bedraagt dan 20 % van het totale nettovolume van de professionele koelbewaarkast, niet volstaat om als dusdanig te worden gekwalificeerd;

h)   „saladette”: een professionele koelbewaarkast met één of meer in het verticale vlak geplaatste deuren of laden waarbij het bovenvlak beschikt over uitsparingen waarin tijdelijke opslagbakken kunnen worden geplaatst voor een gemakkelijk toegankelijke bewaring van levensmiddelen zoals onder meer toppings voor pizza's of ingrediënten voor slaatjes;

i)   „combi-koelbewaarkast”: een professionele koelbewaarkast die twee of meer compartimenten bevat met verschillende temperaturen voor het koelen en bewaren van levensmiddelen;

j)   „koel-vrieskast”: een type combi-koelbewaarkast met ten minste één compartiment dat uitsluitend is bedoeld voor een bedrijfstemperatuur voor koelen en een ander compartiment dat uitsluitend is bedoeld voor een bedrijfstemperatuur voor invriezen

k)   „diepvrieskist”: diepvriezer waarvan het (de) compartiment(en) vanaf de bovenkant van het apparaat toegankelijk is (zijn) of die zowel compartimenten van het kist- als van het kasttype heeft, maar waarvan de bruto-inhoud van het eerstgenoemde type meer dan 75 % van de totale bruto-inhoud van het apparaat uitmaakt.

Artikel 3

Verantwoordelijkheden van leveranciers en tijdschema

1.   Met ingang van 1 juli 2016 zien leveranciers die professionele koelbewaarkasten in de handel brengen of in bedrijf nemen erop toe dat aan de volgende eisen wordt voldaan:

a)

elke professionele koelbewaarkast wordt geleverd met een gedrukt etiket dat in overeenstemming is met het formaat en de inhoud als omschreven in bijlage III;

b)

voor elk model van professionele koelbewaarkast wordt een elektronisch etiket, in het formaat en met vermelding van de informatie zoals beschreven in bijlage III, aan de handelaars beschikbaar gesteld;

c)

voor elke professionele koelbewaarkast wordt een productkaart overeenkomstig bijlage IV beschikbaar gesteld;

d)

voor elk model van professionele koelbewaarkast wordt een elektronische productkaart, zoals bepaald in bijlage IV, aan de handelaars beschikbaar gesteld;

e)

de technische documentatie, als uiteengezet in bijlage V, wordt op verzoek beschikbaar gesteld aan de autoriteiten van de lidstaten;

f)

in alle reclameadvertenties voor een specifiek model van professionele koelbewaarkast waarin energiegerelateerde of prijsinformatie is opgenomen, wordt de energie-efficiëntieklasse van dat model vermeld;

g)

in al het technisch promotiemateriaal betreffende een specifiek model van professionele koelbewaarkast waarin de specifieke technische parameters ervan zijn beschreven, wordt de energie-efficiëntieklasse van dat model vermeld.

2.   In de handel gebrachte professionele koelbewaarkasten gaan vergezeld van het in bijlage III beschreven etiket overeenkomstig het volgende tijdschema:

met ingang van 1 juli 2016: etiket 1 of etiket 2,

met ingang van 1 juli 2019: etiket 2.

Artikel 4

Verantwoordelijkheden van handelaars

Handelaars in professionele koelbewaarkasten zien erop toe dat aan de volgende eisen wordt voldaan:

a)

elke professionele koelbewaarkast die in een verkooppunt wordt aangeboden, gaat vergezeld van een etiket, door de leverancier verstrekt overeenkomstig artikel 3, lid 1, aangebracht op de buitenkant van de voorzijde of de bovenkant van het toestel, op een dergelijke manier dat het duidelijk zichtbaar is;

b)

professionele koelbewaarkasten die te koop, te huur of in huurkoop worden aangeboden waarbij de eindgebruiker het product vermoedelijk niet uitgestald ziet, worden in de handel gebracht met de door de leveranciers overeenkomstig bijlage VI te verstrekken informatie, behalve wanneer het aanbod gebeurt via internet, in welk geval het bepaalde in bijlage VII van toepassing is;

c)

in alle reclameadvertenties voor een specifiek model van professionele koelbewaarkast waarin energiegerelateerde of prijsinformatie is opgenomen, wordt de energie-efficiëntieklasse van dat model vermeld;

d)

in al het technisch promotiemateriaal betreffende een specifiek model van professionele koelbewaarkast waarin de specifieke technische parameters zijn opgenomen, wordt de energie-efficiëntieklasse van dat model vermeld.

Artikel 5

Meet- en berekeningsmethoden

De overeenkomstig de artikelen 3 en 4 te verstrekken informatie wordt verkregen met behulp van betrouwbare, nauwkeurige en reproduceerbare meet- en berekeningsprocedures, waarbij rekening wordt gehouden met de erkende meest recente methoden, zoals uiteengezet in bijlage IX.

Artikel 6

Controleprocedure met het oog op markttoezicht

Wanneer zij de overeenstemming van de opgegeven energie-efficiëntieklasse, het jaarlijks energieverbruik en de volumes van de toestellen beoordelen, passen de lidstaten de in bijlage X vastgelegde controleprocedure toe.

Artikel 7

Evaluatie

Uiterlijk vijf jaar na de inwerkingtreding ervan evalueert de Commissie deze verordening in het licht van de vooruitgang van de technologie. Bij deze evaluatie wordt met name een evaluatie gemaakt van:

a)

elke significante wijziging van het marktaandeel van verschillende types van toestellen;

b)

de bij bijlage X vastgestelde controletoleranties;

c)

de passendheid van invoering van een methode ter bepaling van het standaard jaarlijks energieverbruik van koel-vrieskasten;

d)

de passendheid van invoering van een herziene methode ter bepaling van het standaard jaarlijks energieverbruik van buffet-koelbewaarkasten.

Artikel 8

Inwerkingtreding en toepassing

Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 5 mei 2015.

Voor de Commissie

De voorzitter

Jean-Claude JUNCKER


(1)  PB L 153 van 18.6.2010, blz. 1.

(2)  Verordening (EU) 2015/1095 van 5 mei 2015 van de Commissie tot uitvoering van Richtlijn 2009/125/EG van het Europees Parlement en de Raad wat eisen inzake ecologisch ontwerp voor professionele koelbewaarkasten, snelkoelers/-vriezers, condensoreenheden en proces-chillers betreft (zie bladzijde 19 van dit Publicatieblad).

(3)  Verordening (EU) nr. 1025/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 betreffende Europese normalisatie, tot wijziging van de Richtlijnen 89/686/EEG en 93/15/EEG van de Raad alsmede de Richtlijnen 94/9/EG, 94/25/EG, 95/16/EG, 97/23/EG, 98/34/EG, 2004/22/EG, 2007/23/EG, 2009/23/EG en 2009/105/EG van het Europees Parlement en de Raad en tot intrekking van Beschikking 87/95/EEG van de Raad en Besluit nr. 1673/2006/EG van het Europees Parlement en de Raad (PB L 316 van 14.11.2012, blz. 12).


BIJLAGE I

Definities voor de bijlagen II tot en met X

Voor de toepassing van de bijlagen II tot en met X wordt verstaan onder:

1.   „nettovolume”: het volume dat de levensmiddelen bevat binnen de opgegeven belastbaarheid;

2.   „bedrijfstemperatuur voor koelen”: de temperatuur van de in de koelbewaarkast bewaarde levensmiddelen wordt continu gehandhaafd tussen – 1 °C en 5 °C;

3.   „bedrijfstemperatuur voor invriezen”: de temperatuur van de in de koelbewaarkast bewaarde levensmiddelen wordt continu gehandhaafd beneden – 15 °C, wat wordt beschouwd als de hoogste temperatuur van het warmste testpakket;

4.   „koelbewaarkast voor meervoudig gebruik”: een professionele koelbewaarkast of een afzonderlijk compartiment van een dergelijk koelbewaarkast kan op verschillende temperaturen worden ingesteld voor gekoelde, dan wel ingevroren levensmiddelen;

5.   „verticale koelbewaarkast”: een professionele koelbewaarkast met een totale hoogte die minimaal 1 050 mm bedraagt, met één of meer deuren of laden aan de voorkant die toegang geven tot hetzelfde compartiment;

6.   „buffet-koelbewaarkast”: een professionele koelbewaarkast met een totale hoogte die minder dan 1 050 mm bedraagt, met één of meer deuren of laden aan de voorkant die toegang geven tot hetzelfde compartiment;

7.   „koelbewaarkast voor licht gebruik”, ook bekend als „semiprofessionele koelbewaarkast”: een professionele koelbewaarkast die uitsluitend in staat is in elk compartiment op continue wijze een bedrijfstemperatuur voor koelen of invriezen te handhaven in omgevingsomstandigheden die overeenkomen met klimaatklasse 3, als omschreven in tabel 3 van bijlage IX; wanneer de koelbewaarkast in staat is zijn temperatuur te handhaven in omgevingsomstandigheden welke overeenstemmen met klimaatklasse 4, wordt die kast niet beschouwd als een koelbewaarkast voor licht gebruik.

8.   „koelbewaarkast voor zwaar gebruik”: een professionele koelbewaarkast die in staat is in elk compartiment ononderbroken een bedrijfstemperatuur voor koelen of invriezen te handhaven in omgevingsomstandigheden die overeenkomen met klimaatklasse 5, zoals omschreven in tabel 3 van bijlage IX;

9.   „equivalente professionele koelbewaarkast”: een in de handel gebracht model professionele koelbewaarkast met hetzelfde nettovolume, dezelfde technische, efficiëntie- en prestatiekenmerken en dezelfde compartimenttypes en -volumes als een ander door dezelfde fabrikant in de handel gebracht model professionele koelbewaarkast met een andere handelscode.


BIJLAGE II

Energie-efficiëntieklassen

De energie-efficiëntieklasse van een professionele koelbewaarkast wordt bepaald op basis van de in tabel 1 gegeven energie-efficiëntie-index (EEI).

Tabel 1

Energie-efficiëntieklassen van professionele koelbewaarkasten

Energie-efficiëntieklasse

EEI

A+++

EEI < 5

A++

5 ≤ EEI < 10

A+

10 ≤ EEI < 15

A

15 ≤ EEI < 25

B

25 ≤ EEI < 35

C

35 ≤ EEI < 50

D

50 ≤ EEI < 75

E

75 ≤ EEI < 85

F

85 ≤ EEI < 95

G

95 ≤ EEI < 115

De EEI wordt berekend overeenkomstig bijlage VIII.


BIJLAGE III

Het etiket

1.   Etiket 1 — Professionele koelbewaarkasten in energie-efficiëntieklassen A t/m G

Image

De volgende informatie wordt op het etiket vermeld:

I.

de naam of het handelsmerk van de leverancier;

II.

de typeaanduiding van het model van de leverancier;

III.

de energie-efficiëntieklasse, zoals bepaald overeenkomstig bijlage II; de punt van de pijl die de energie-efficiëntieklasse bevat wordt op dezelfde hoogte geplaatst als de punt van de pijl van de relevante energie-efficiëntieklasse;

IV.

het jaarlijkse elektriciteitsverbruik in kWh in termen van eindverbruik van energie per jaar, berekend overeenkomstig bijlage IX en afgerond op het dichtstbijzijnde gehele getal;

V.

de som van de nettovolumes, uitgedrukt in liter, van alle koel-compartimenten die werken op een bedrijfstemperatuur voor koelen; wanneer er geen compartimenten aanwezig zijn die werken op een bedrijfstemperatuur voor koelen, geeft de leverancier „– L” op in plaats van een waarde;

VI.

de som van de nettovolumes, uitgedrukt in liter, van alle vries-compartimenten die werken op een bedrijfstemperatuur voor invriezen; wanneer er geen compartimenten aanwezig zijn die werken op een bedrijfstemperatuur voor invriezen, geeft de leverancier „– L” op in plaats van een waarde;

VII.

de klimaatklasse (3, 4 of 5), samen met de desbetreffende drogebol-temperatuur (in °C) en de relatieve vochtigheid (in %), als gegeven in tabel 3 van bijlage IX.

Het ontwerp van het etiket is in overeenstemming met punt 3 van deze bijlage. Wanneer aan een model de EU-milieukeur (1) is toegekend, mag bij wijze van afwijking een afschrift van de milieukeur worden toegevoegd.

2.   Etiket 2 — Professionele koelbewaarkasten in energie-efficiëntieklassen A+++ t/m G

Image

De in punt 1 genoemde informatie wordt op dit etiket vermeld.

Het ontwerp van het etiket is in overeenstemming met punt 3 van deze bijlage. Wanneer aan een model de EU-milieukeur is toegekend, mag bij wijze van afwijking een afschrift van de milieukeur worden toegevoegd.

3.   Het etiket voor professionele koelbewaarkasten wordt volgens onderstaande figuur ontworpen:

Image

Waarbij:

a)

Het etiket is minimaal 110 mm breed en 220 mm hoog. Als het etiket op groter formaat wordt afgedrukt, moet de inhoud toch evenredig met bovenstaande specificaties blijven;

b)

De achtergrond van het etiket is wit.

c)

De gebruikte kleuren zijn cyaan, magenta, geel en zwart en worden volgens het volgende voorbeeld gebruikt: 00-70-X-00 betekent 0 % cyaan, 70 % magenta, 100 % geel en 0 % zwart.

d)

Het EU-etiket voldoet aan de volgende specificaties (de cijfers verwijzen naar de bovenstaande figuur):

Image

Lijndikte van de rand: 5 pt — kleur: cyaan 100 % — afgeronde hoeken: 3,5 mm;

Image

EU-logo: Kleuren: X-80-00-00 en 00-00-X-00;

Image

Energielogo: kleur: X-00-00-00;

Pictogram zoals afgebeeld (EU-logo + energielogo): breedte 92 mm × hoogte 17 mm;

Image

Rand sublogo's: 1 pt — kleur: cyaan 100 % — lengte: 92,5 mm;

Image

A-G-schaal

Pijl

:

hoogte: 7 mm, tussenruimte: 0,75 mm — kleuren:

 

Hoogste klasse: X-00-X-00,

 

Tweede klasse: 70-00-X-00,

 

Derde klasse: 30-00-X-00,

 

Vierde klasse: 00-00-X-00,

 

Vijfde klasse: 00-30-X-00,

 

Zesde klasse: 00-70-X-00,

 

Laagste klassen: 00-X-X-00.

Tekst

:

Calibri bold 19 pt, hoofdletters en wit; „+”-symbolen: Calibri bold 13 pt, superscript, wit, op één enkele lijn;

Image

Energie-efficiëntieklasse

Pijl

:

breedte: 26 mm, hoogte: 14 mm, 100 % zwart;

Tekst

:

Calibri bold 29 pt, hoofdletters en wit; „+”-symbolen: Calibri bold 18 pt, superscript, wit, op één enkele lijn;

Image

Energie

Tekst

:

Calibri regular 11 pt, hoofdletters, 100 % zwart;

Image

Jaarlijks energieverbruik

Rand

:

2 pt — kleur: cyaan 100 % — afgeronde hoeken: 3,5 mm;

Waarde

:

Calibri bold 32 pt, 100 % zwart;

2e regel

:

Calibri regular 14 pt, 100 % zwart;

Image

Som van de nettovolumes van alle compartimenten die werken op een bedrijfstemperatuur voor koelen

Rand

:

2 pt — kleur: cyaan 100 % — afgeronde hoeken: 3,5 mm;

Waarde

:

Calibri bold 25 pt, 100 % zwart; Calibri regular 17 pt, 100 % zwart;

Image

Klimaatklasse samen met de desbetreffende drogebol-temperatuur en relatieve vochtigheid

Rand

:

2 pt — kleur: cyaan 100 % — afgeronde hoeken: 3,5 mm;

Waarde

:

Calibri bold 25 pt, 100 % zwart;

2e regel

:

Calibri regular 14 pt, 100 % zwart;

Image

Som van de nettovolumes van alle compartimenten die werken op een bedrijfstemperatuur voor invriezen

Rand

:

2 pt — kleur: cyaan 100 % — afgeronde hoeken: 3,5 mm;

Waarde

:

Calibri bold 25 pt, 100 % zwart; Calibri regular 17 pt, 100 % zwart;

Image

Naam of handelsmerk van de leverancier

Image

Typeaanduiding van het model van de leverancier

Image

De naam of het handelsmerk van de leverancier en de typeaanduiding moeten passen in een ruimte van 90 × 15 mm

Image

Nummer van de verordening

Tekst

:

Calibri bold 11 pt.


(1)  Overeenkomstig Verordening (EG) nr. 66/2010 van het Europees Parlement en de Raad van 25 november 2009 betreffende de EU-milieukeur (PB L 27 van 30.1.2010, blz. 1).


BIJLAGE IV

Productkaart

1.

De informatie op de productkaart van de professionele koelbewaarkast wordt in de onderstaande volgorde verstrekt en opgenomen in de productbrochure of andere schriftelijke informatie die samen met het product wordt geleverd:

a)

de naam van de leverancier of het handelsmerk;

b)

de typeaanduiding van het model van de leverancier;

c)

het type of het model overeenkomstig de definities van bijlage I;

d)

de energie-efficiëntieklasse en de energie-efficiëntie-index van het model, bepaald overeenkomstig bijlage II;

e)

wanneer aan het model een EU-milieukeur is toegekend overeenkomstig Verordening (EG) nr. 66/2010, mag die informatie worden opgenomen;

f)

het energieverbruik van de koelbewaarkast in een tijdsbestek van 24 uur (E24h) en het jaarlijks energieverbruik in kWh, berekend overeenkomstig bijlage IX en afgerond op het dichtstbijzijnde gehele getal;

g)

het nettovolume van elk compartiment;

h)

de klimaatklasse overeenkomstig tabel 3 van bijlage IX;

i)

voor koelbewaarkasten voor licht gebruik, de volgende zin: „Dit toestel is bedoeld voor gebruik in omgevingstemperaturen tot 25 °C en is derhalve niet geschikt voor gebruik in zeer warme professionele keukens”;

j)

voor koelbewaarkasten voor zwaar gebruik, de volgende zin: „Dit toestel is bedoeld voor gebruik in omgevingstemperaturen tot 40 °C”;

2.

Eén productkaart kan betrekking hebben op meerdere modellen van professionele koelbewaarkasten die door dezelfde leverancier worden geleverd.

3.

De in de productkaart vervatte informatie kan worden gegeven door een kopie van het etiket in kleur of in zwart-wit af te beelden. In dit geval wordt ook de niet op het etiket weergegeven informatie van punt 1 verstrekt.


BIJLAGE V

Technische documentatie

1.

De in artikel 3, lid 1, onder b), bedoelde informatie omvat:

a)

de naam en het adres van de leverancier;

b)

een beschrijving van het model van professionele koelbewaarkast die voldoende is voor een ondubbelzinnige identificatie ervan;

c)

in voorkomend geval de referenties van de gebruikte geharmoniseerde normen;

d)

in voorkomend geval de overige gebruikte technische normen en specificaties;

e)

de identificatie en handtekening van de persoon die gemachtigd is om de leverancier te binden;

f)

de resultaten van de metingen en berekeningen voor de technische parameters als gespecificeerd in bijlage IX;

2.

Wanneer de in de technische documentatie opgenomen informatie inzake een model van professionele koelbewaarkast is verkregen door berekening gebaseerd op een equivalent model van professionele koelbewaarkast, worden in de technische documentatie nadere bijzonderheden opgenomen over die berekeningen en over de tests die leveranciers hebben uitgevoerd om de nauwkeurigheid van de berekeningen te controleren. De technische documentatie omvat dan ook een lijst van alle andere equivalente modellen van professionele koelbewaarkasten waarbij de informatie op diezelfde manier is verkregen.

3.

De in deze technische documentatie vervatte informatie mag worden samengevoegd met de technische documentatie welke is verstrekt overeenkomstig de maatregelen krachtens Richtlijn 2009/125/EG.


BIJLAGE VI

Informatie die moet worden verstrekt wanneer de eindgebruiker het product vermoedelijk niet uitgestald ziet behalve op internet

1.

Wanneer de eindgebruiker het product vermoedelijk niet uitgestald ziet, behalve op internet, moet de informatie in de volgende volgorde worden verstrekt:

a)

de energie-efficiëntieklasse van het model, bepaald overeenkomstig bijlage II;

b)

het jaarlijkse energieverbruik in kWh per jaar, afgerond op het dichtstbijzijnde gehele getal en berekend overeenkomstig bijlage IX;

c)

het nettovolume van elk compartiment;

d)

de klimaatklasse, bepaald overeenkomstig bijlage IX.

2.

Wanneer andere in de productkaart vervatte informatie wordt verstrekt, gebeurt dat in de vorm en volgorde als gespecificeerd in bijlage IV.

3.

De informatie waarnaar in deze bijlage wordt verwezen, wordt in een leesbaar lettertype en een leesbare lettergrootte afgedrukt of afgebeeld.


BIJLAGE VII

Te verstrekken informatie in het geval van koop, huur of huurkoop via internet

1.

Voor de doeleinden van de punten 2 tot en met 5 van deze bijlage gelden de volgende definities:

a)   „weergavemechanisme”: ieder scherm, inclusief aanraakschermen, of andere visuele technologie om internetinhoud weer te geven voor gebruikers;

b)   „geneste weergave”: visuele interface waarbij een beeld of gegevensreeks toegankelijk wordt door een muisklik, door er met de muis overheen te gaan (mouseover) of door uitvergroting op een aanraakscherm van een ander beeld of een andere gegevensreeks;

c)   „aanraakscherm”: een scherm dat reageert op aanraking, zoals dat van tabletcomputers, slatecomputers of smartphones;

d)   „alternatieve tekst”: tekst die wordt aangeboden als alternatief voor een grafische voorstelling, waardoor de informatie in een niet-grafische vorm kan worden weergegeven wanneer weergaveapparaten de betrokken voorstelling niet kunnen weergeven of ter ondersteuning van de toegankelijkheid, bijvoorbeeld als input voor spraaksynthesetoepassingen.

2.

Het passende etiket dat door de leveranciers beschikbaar wordt gesteld overeenkomstig artikel 3, lid 1, onder b), wordt met het weergavemechanisme getoond in de nabijheid van de prijs van het product, overeenkomstig het in artikel 3, lid 2, bedoelde tijdschema. De afmetingen zijn zodanig dat het etiket duidelijk zichtbaar en leesbaar is en zijn in verhouding tot de in punt 3 van bijlage III gespecificeerde afmetingen. Het etiket kan worden weergegeven met gebruikmaking van een geneste weergave, in welk geval het beeld dat wordt gebruikt voor de toegang tot het etiket voldoet aan de in punt 3 van deze bijlage vastgestelde specificaties. Indien geneste weergave wordt toegepast, verschijnt het etiket bij de eerste muisklik, mouseover of uitvergroting van het beeld op het aanraakscherm.

3.

Het beeld dat bij geneste weergave wordt gebruikt voor de toegang tot het etiket:

a)

is een pijl in de kleur die overeenkomt met de energie-efficiëntieklasse van het product op het etiket;

b)

geeft op de pijl de energie-efficiëntieklasse van het betrokken product in wit weer in een lettergrootte die equivalent is aan die van de prijs; en

c)

heeft één van de volgende twee formaten:

Image

4.

In het geval van een geneste weergave is de weergavevolgorde van het etiket als volgt:

a)

het in punt 3 van deze bijlage bedoelde beeld wordt met het weergavemechanisme getoond in de nabijheid van de prijs van het product;

b)

het beeld vormt een link naar het etiket;

c)

het etiket wordt weergegeven na een muisklik, mouseover of uitvergroting van het beeld op het aanraakscherm;

d)

het etiket wordt getoond in een pop-up, een nieuwe tab of bladzijde, of in een ingezette weergave op het beeldscherm;

e)

voor de uitvergroting van het etiket op aanraakschermen gelden de apparatuurconventies voor uitvergroting op aanraakschermen;

f)

de weergave van het etiket wordt beëindigd door middel van een optie „sluiten” of door een ander standaardafsluitingsmechanisme;

g)

de alternatieve tekst voor de grafische weergave, die moet worden weergegeven wanneer het etiket niet kan worden weergegeven, is de energie-efficiëntieklasse van het product in een lettergrootte die equivalent is aan die van de prijs.

5.

De passende productkaart die door de leveranciers beschikbaar wordt gesteld overeenkomstig artikel 3, lid 1, onder d), wordt met het weergavemechanisme getoond in de nabijheid van de prijs van het product. De afmeting van de productkaart is zodanig dat deze duidelijk zichtbaar en leesbaar is. De productkaart kan worden weergegeven met gebruikmaking van een geneste weergave, waarbij het beeld dat wordt gebruikt voor de toegang tot de kaart duidelijk leesbaar het woord „Productkaart” toont. Wanneer geneste weergave wordt gebruikt, verschijnt de productkaart bij de eerste muisklik, mouseover of uitvergroting van de link op het aanraakscherm.


BIJLAGE VIII

Methode voor de berekening van de energie-efficiëntie-index voor professionele koelbewaarkasten

Voor de berekening van de energie-efficiëntie-index (EEI) van een model van professionele koelbewaarkast, wordt het jaarlijkse energieverbruik van de koelbewaarkast vergeleken met het standaard jaarlijks energieverbruik ervan.

De EEI wordt als volgt berekend:

EEI = (AEC/SAEC) × 100

Waarbij:

AEC = E24h × af × 365

AEC

=

jaarlijks energieverbruik van de koelbewaarkast in kWh/jaar;

E24h

=

het energieverbruik van de koelbewaarkast gedurende 24 uur

af

=

een correctiefactor die uitsluitend bij koelbewaarkasten voor licht gebruik moet worden gebruikt overeenkomstig bijlage IX, punt 2;

SAEC = M × Vn + N

SAEC

=

standaard jaarlijks energieverbruik van de koelbewaarkast in kWh/jaar;

Vn

=

nettovolume van het toestel, wat de som is van de nettovolumes van alle compartimenten van de koelbewaarkast, uitgedrukt in liter.

M en N worden gegeven in tabel 2.

Tabel 2

Waarden voor de M- en N-coëfficiënten

Categorie

Waarde voor M

Waarde voor N

Verticaal koelen

1,643

609

Verticaal invriezen

4,928

1 472

Buffet koelen

2,555

1 790

Buffet invriezen

5,840

2 380


BIJLAGE IX

Metingen en berekeningen

1.

Met het oog op de naleving en de controle op de naleving van de eisen van deze verordening worden metingen en berekeningen uitgevoerd met gebruikmaking van geharmoniseerde normen waarvan de referentienummers voor dit doel zijn gepubliceerd in het Publicatieblad van de Europese Unie, of andere betrouwbare, nauwkeurige en reproduceerbare methoden, die beantwoorden aan de algemeen erkende stand van de techniek op dit gebied. Zij voldoen aan de in deze bijlage vermelde technische definities, voorwaarden, vergelijkingen en parameters.

2.

Voor de vaststelling van de waarden voor het jaarlijks energieverbruik en de energie-efficiëntie-index van professionele koelbewaarkasten, worden metingen uitgevoerd in de volgende omstandigheden:

de temperatuur van testpakketten ligt tussen – 1 °C en 5 °C voor bewaarkasten voor koelen en bedraagt minder dan – 15 °C voor bewaarkasten voor invriezen.

de omgevingsomstandigheden komen overeen met klimaatklasse 4 als nader omschreven in tabel 3, behalve voor koelbewaarkasten voor licht gebruik die worden getest in omgevingsomstandigheden welke overeenkomen met klimaatklasse 3. Vervolgens wordt een correctiefactor van 1,2 voor koelbewaarkasten voor licht gebruik bij bedrijfstemperatuur voor koelen en van 1,1 voor koelbewaarkasten voor licht gebruik bij bedrijfstemperatuur voor invriezen toegepast op de resultaten van de tests voor koelbewaarkasten voor licht gebruik.

professionele koelbewaarkasten worden getest:

bij bedrijfstemperatuur voor koelen in het geval van een combi-koelbewaarkast met minimaal één compartiment dat uitsluitend is bedoeld voor een bedrijfstemperatuur voor koelen;

bij bedrijfstemperatuur voor koelen in het geval van een professionele koelbewaarkast die bestaat uit slechts één compartiment dat uitsluitend is bedoeld voor een bedrijfstemperatuur voor koelen;

bij een bedrijfstemperatuur voor invriezen in alle andere gevallen.

3.

De omgevingsomstandigheden van klimaatklassen 3, 4 en 5 zijn opgenomen in tabel 3.

Tabel 3

Omgevingsomstandigheden van klimaatklassen 3, 4 en 5

Klimaatklasse van de testruimte

Droge-boltemperatuur, °C

Relatieve vochtigheid, %

Dauwpunt, °C

Waterdampmassa in droge lucht, g/kg

3

25

60

16,7

12,0

4

30

55

20,0

14,8

5

40

40

23,9

18,8


BIJLAGE X

Controleprocedure met het oog op markttoezicht

Bij het uitvoeren van het in de artikelen 3 en 4 bedoelde markttoezicht passen de autoriteiten van de lidstaten de volgende controleprocedure toe:

1.

De autoriteiten van de lidstaten testen één eenheid per model.

2.

Het model wordt geacht te voldoen aan de toepasselijke eisen indien:

a)

het gemeten volume maximaal 3 % lager ligt dan de opgegeven waarde;

b)

de gemeten waarde voor het energieverbruik maximaal 10 % hoger ligt dan de opgegeven waarde (E24h).

3.

Wanneer het in punt 2 bedoelde resultaat niet wordt behaald, selecteren de autoriteiten van de lidstaat op willekeurige wijze drie extra te testen eenheden van hetzelfde model. Als alternatief mogen de drie extra geselecteerde eenheden van één of meer verschillende modellen zijn die in de technische documentatie als equivalent product zijn omschreven.

4.

Het model wordt geacht te voldoen aan de toepasselijke eisen indien:

a)

het gemiddelde van het over de drie eenheden gemeten volume maximaal 3 % lager ligt dan de opgegeven waarde;

b)

het gemiddelde van de over de drie eenheden gemeten waarde voor het energieverbruik maximaal 10 % hoger ligt dan de opgegeven waarde (E24h).

5.

Wanneer de in punt 4 bedoelde resultaten niet worden behaald, worden het model van professionele koelbewaarkast en alle desbetreffende equivalente modellen geacht niet aan deze verordening te voldoen. Binnen één maand nadat het besluit van niet-overeenstemming van het model is genomen, verstrekken de autoriteiten van de lidstaat de testresultaten en andere relevante informatie aan de autoriteiten van de overige lidstaten en aan de Commissie.

De autoriteiten van de lidstaat gebruiken de in de bijlagen VIII en IX uiteengezette meet- en berekeningsmethoden.

De in deze bijlage aangegeven controletoleranties worden uitsluitend gebruikt voor de verificatie van de gemeten parameters door de autoriteiten van de lidstaten; zij vertegenwoordigen de toegestane variatie van de meetresultaten van de controletests, en mogen door de leverancier niet worden gebruikt voor de vaststelling van de in de technische documentatie opgenomen waarden of de interpretatie van deze waarden met het oog op het verkrijgen van een betere etiketteringsclassificatie of de bekendmaking via enig middel van betere prestaties.