11.11.2011   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 293/22


VERORDENING (EU) Nr. 1141/2011 VAN DE COMMISSIE

van 10 november 2011

tot wijziging van Verordening (EG) nr. 272/2009 ter aanvulling van de gemeenschappelijke basisnormen voor de beveiliging van de burgerluchtvaart, wat betreft het gebruik van beveiligingsscanners op EU-luchthavens

(Voor de EER relevante tekst)

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EG) nr. 300/2008 van het Europees Parlement en de Raad van 11 maart 2008 inzake gemeenschappelijke regels op het gebied van de beveiliging van de burgerluchtvaart en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 2320/2002 (1), en met name artikel 4 en de bijlage,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Overeenkomstig artikel 4, lid 2, van Verordening (EG) nr. 300/2008, dient de Commissie algemene maatregelen vast te stellen die beogen niet-essentiële onderdelen van de in de bijlage bij de verordening bedoelde gemeenschappelijke basisnormen te wijzigen door deze aan te vullen.

(2)

In artikel 4, lid 3, van Verordening (EG) nr. 300/2008 is voorts bepaald dat de Commissie, ter aanvulling van de algemene maatregelen die zij overeenkomstig artikel 4, lid 2, heeft vastgesteld, gedetailleerde maatregelen moet vaststellen voor de toepassing van de in de bijlage bij die verordening vastgestelde gemeenschappelijke basisnormen voor de beveiliging van de burgerluchtvaart.

(3)

In Verordening (EG) nr. 272/2009 van de Commissie (2) ter aanvulling van de gemeenschappelijke basisnormen voor de beveiliging van de burgerluchtvaart, met name deel A van de bijlage, zijn algemene maatregelen vastgesteld inzake de toegestane methoden voor het uitvoeren van beveiligingsonderzoeken van passagiers.

(4)

Beveiligingsscanners zijn een doeltreffende methode voor de uitvoering van beveiligingsonderzoeken van passagiers en moeten op EU-luchthavens worden toegestaan door ze toe te voegen aan de lijst van toegestane methoden voor het uitvoeren van beveiligingsonderzoeken.

(5)

De Commissie heeft haar Wetenschappelijk Comité voor nieuwe gezondheidsrisico’s (WCNG) gevraagd de mogelijke effecten op de menselijke gezondheid te onderzoeken van beveiligingsscanners waarbij ioniserende straling wordt gebruikt. Onverminderd Richtlijn 96/29/Euratom van de Raad van 13 mei 1996 tot vaststelling van de basisnormen voor de bescherming van de gezondheid der bevolking en der werkers tegen de aan ioniserende straling verbonden gevaren (3) en Richtlijn 2006/95/EG van het Europees Parlement en de Raad van 12 december 2006 betreffende de onderlinge aanpassing van de wettelijke voorschriften der lidstaten inzake elektrisch materiaal bestemd voor gebruik binnen bepaalde spanningsgrenzen (4) worden op dit moment, teneinde de veiligheid en gezondheid van burgers te beschermen, alleen beveiligingsscanners die geen ioniserende straling gebruiken toegevoegd aan de lijst van toegestane methoden voor het uitvoeren van beveiligingsonderzoeken.

(6)

Voor het gebruik van beveiligingsscanners moeten specifieke toepassingsregels worden vastgesteld om het gebruik van deze methode van beveiligingsonderzoek hetzij individueel, hetzij als belangrijkste of aanvullend instrument in een combinatie met andere methoden en onder bepaalde voorwaarden toe te staan met inachtneming van de grondrechten. Deze maatregelen worden afzonderlijk vastgesteld overeenkomstig artikel 4, lid 3, van Verordening (EG) nr. 300/2008.

(7)

Door specifieke operationele voorwaarden vast te stellen voor het gebruik van beveiligingsscanners en door passagiers de mogelijkheid te bieden voor een alternatieve methode van beveiligingsonderzoek te kiezen, eerbiedigt deze verordening, samen met de overeenkomstig artikel 4, lid 3, van Verordening (EG) nr. 300/2008 vastgestelde specifieke toepassingsregels de grondrechten en is zij in overeenstemming met de beginselen van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie, met inbegrip van de eerbiediging van de menselijke waardigheid, het privé-leven en het familie- en gezinsleven, het recht op de bescherming van persoonsgegevens, de rechten van het kind, het recht op godsdienstvrijheid en het verbod op discriminatie. Deze verordening moet worden toegepast met inachtneming van deze rechten en beginselen.

(8)

De Commissie zal er in nauwe samenwerking met de sector en de lidstaten voor zorgen dat op de EU-luchthavens zo snel mogelijk beveiligingsscanners met een automatische dreigingsdetectie worden ingevoerd zodat de beelden niet langer door een persoon moeten worden geanalyseerd.

(9)

De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Comité voor de beveiliging van de burgerluchtvaart,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

De bijlage bij Verordening (EG) nr. 272/2009 wordt gewijzigd overeenkomstig de bijlage bij deze verordening.

Artikel 2

Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 10 november 2011.

Voor de Commissie

De voorzitter

José Manuel BARROSO


(1)  PB L 97 van 9.4.2008, blz. 72.

(2)  PB L 91 van 3.4.2009, blz. 7.

(3)  PB L 159 van 29.6.1996, blz. 1.

(4)  PB L 374 van 27.12.2006, blz. 10.


BIJLAGE

Aan deel A, eerste alinea, lid 1, van de bijlage bij Verordening (EG) nr. 272/2009 wordt het volgende punt f) toegevoegd:

„f)

beveiligingsscanners die geen ioniserende straling gebruiken.”.