14.9.2010   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 241/1


VERORDENING (EU) Nr. 801/2010 VAN DE COMMISSIE

van 13 september 2010

ter uitvoering van artikel 10, lid 3, van Richtlijn 2009/16/EG van het Europees Parlement en de Raad wat de vlaggenstaatcriteria betreft

(Voor de EER relevante tekst)

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Richtlijn 2009/16/EG van het Europees Parlement en de Raad van 23 april 2009 betreffende havenstaatcontrole (1), en met name artikel 10, lid 3,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

De prestaties van de vlaggenstaat vormen één van de algemene parameters om het risicoprofiel van schepen te bepalen.

(2)

Bij de beoordeling van het risicoprofiel van een schip moet rekening worden gehouden met de aanhoudingsgraad binnen de Unie en binnen het door het Memorandum van overeenstemming van Parijs inzake havenstaatcontrole (Memorandum van Parijs) bestreken gebied.

(3)

Het is noodzakelijk voort te bouwen op de met de toepassing van Memorandum van Parijs verworven deskundigheid met betrekking tot de methode die moet worden gebruikt ter beoordeling van de prestaties van de vlaggenstaat.

(4)

De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Comité voor maritieme veiligheid en voorkoming van verontreiniging door schepen,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

Indeling van de vlaggenstaten in categorieën op basis van de aanhoudingsgraad

1.   Ter bepaling van de prestaties van de vlaggenstaat in de zin van Richtlijn 2009/16/EG, worden de vlaggenstaten ingedeeld in een zwarte, grijze of witte lijst, vastgesteld overeenkomstig het Memorandum van Parijs op basis van het totale aantal inspecties en aanhoudingen gedurende drie jaar. Daarnaast worden de vlaggenstaten die op de zwarte lijst staan, onderverdeeld in zeer hoog, hoog, gemiddeld tot hoog of gemiddeld risico, afhankelijk van hun aanhoudingsgraad. De indeling wordt jaarlijks geactualiseerd.

2.   Voor de indeling van een vlaggenstaat in de zwarte, grijze of witte lijst moeten ten minste dertig havenstaatcontrole-inspecties zijn uitgevoerd.

3.   De voor de categorie-indeling van vlaggenstaten te gebruiken methode en formules moeten in overeenstemming zijn met de in de bijlage vastgestelde vlaggenstaatcriteria.

Artikel 2

Prestaties van de vlaggenstaat op basis van de IMO-audit

De in bijlage I, deel I.1, onder c), punt iii), bij Richtlijn 2009/16/EG bedoelde naleving met betrekking tot schepen die als een lager risico worden beschouwd, wordt geacht te zijn aangetoond wanneer de Commissie van de vlaggenstaat de schriftelijke bevestiging heeft ontvangen dat een definitief auditverslag is opgesteld en, in voorkomend geval, een herstelactieplan is gediend. Ook vóór 17 juni 2009 uitgevoerde audits worden in aanmerking genomen.

Artikel 3

Inwerkingtreding en toepassing

Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Zij is van toepassing met ingang van 1 januari 2011.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 13 september 2010.

Voor de Commissie

De voorzitter

José Manuel BARROSO


(1)  PB L 131 van 28.5.2009, blz. 57.


BIJLAGE

Vlaggenstaatcriteria

(als bedoeld in artikel 10, lid 3, onder a), van Richtlijn 2009/16/EG)

1.

De prestaties van de vlaggenstaat worden berekend aan de hand van een standaardformule voor statistische berekeningen met bepaalde vaste waarden. De grenzen tussen zwart en grijs en tussen grijs en wit worden bepaald door de volgende formules:

Formula Formula

Waarbij:

N staat voor het aantal inspecties

p staat voor de toelaatbare aanhoudingsgrens

z staat voor de kritieke waarde van de normale distributie (1,645 voor een betrouwbaarheidsniveau van 95 %).

2.

De in punt 1 weergegeven formules bepalen het toegestane aantal aanhoudingen voor de zwarte of witte lijst. Ligt het aantal aanhoudingen boven de grens tussen zwart en grijs, dan betekent dat slechter dan gemiddeld en moet de vlaggenstaat in de zwarte lijst worden ingedeeld; ligt het aantal aanhoudingen onder de grens tussen wit en grijs, dan betekent dat beter dan gemiddeld en moet de vlaggenstaat in de witte lijst worden ingedeeld. Wanneer het aantal aanhoudingen voor een bepaalde vlaggenstaat zich tussen de twee bevindt, wordt de vlaggenstaat in de grijze lijst ingedeeld.

3.

Om de prestaties van de vlaggenstaten die op de zwarte, grijze of witte lijst staan te kunnen vergelijken, wordt de berekening herhaald door p in de in punt 1 weergegeven formules aan te passen.

4.

Om de prestaties van de vlaggenstaat te kunnen vergelijken, wordt de overschrijdingsfactor (OF) gebruikt. De OF is een aanwijzing van het aantal keren dat p moet worden gewijzigd en herberekend tot het aantal aanhoudingen voor een bepaalde vlaggenstaat aan de limieten voldoet. Elke stijging of daling van p met 3 % komt overeen met één volledig OF-punt. Voor vlaggenstaten in de grijze lijst wordt de OF berekend aan de hand van de volgende formule:

Formula

5.

De volgende OF-waarden worden gebruikt voor de indeling van de in de zwarte lijst opgenomen vlaggenstaten in zeer hoog, hoog, gemiddeld tot hoog of gemiddeld risico:

 

OF = 4,01 en meer: zeer hoog risico

 

OF = 3,01 tot en met 4,00: hoog risico

 

OF = 2,01 tot en met 3,00: gemiddeld tot hoog risico

 

OF = 1,01 tot en met 2,00: gemiddeld risico.