15.7.2010   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 180/28


BESLUIT VAN DE COMMISSIE

van 14 juli 2010

tot beëindiging van de antisubsidieprocedure betreffende de invoer van bepaalde roestvrijstalen bevestigingsmiddelen en delen daarvan van oorsprong uit India en Maleisië

(2010/393/EU)

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gelet op het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gelet op Verordening (EG) nr. 597/2009 van de Raad van 11 juni 2009 betreffende bescherming tegen invoer met subsidiëring uit landen die geen lid van de Europese Gemeenschap zijn (1) („de basisverordening”), en met name op artikel 14,

Na raadpleging van het Raadgevend Comité,

Overwegende hetgeen volgt:

A.   PROCEDURE

(1)

Op 30 juni 2009 heeft de Commissie („de Commissie”) een klacht ontvangen over invoer met schade veroorzakende subsidiëring van bepaalde roestvrijstalen bevestigingsmiddelen en delen daarvan van oorsprong uit India en Maleisië („de betrokken landen”).

(2)

De klacht werd overeenkomstig artikel 9, lid 1, en artikel 10, lid 6, van de basisverordening ingediend door het European Industrial Fasteners Institute („EIFI”) namens producenten die een groot deel, in dit geval meer dan 25 %, van de totale productie van bepaalde roestvrijstalen bevestigingsmiddelen in de Unie voor hun rekening nemen.

(3)

Het bij de klacht gevoegde voorlopige bewijsmateriaal inzake de subsidiëring en de daardoor ontstane aanmerkelijke schade werd voldoende geacht om tot de inleiding van een antisubsidieprocedure over te gaan.

(4)

Voorafgaand aan de inleiding van de procedure heeft de Commissie overeenkomstig artikel 10, lid 7, van de basisverordening de regeringen van de betrokken landen ervan in kennis gesteld dat zij een met bewijsmateriaal gestaafde klacht had ontvangen dat bepaalde roestvrijstalen bevestigingsmiddelen en delen daarvan van oorsprong uit die landen met subsidiëring werden ingevoerd en dat de bedrijfstak van de Unie hierdoor aanmerkelijke schade leed. De regeringen van de betrokken landen werden afzonderlijk voor overleg uitgenodigd om de situatie ten aanzien van de inhoud van de klacht op te helderen en om overeenstemming te bereiken over een oplossing. Tijdens dat overleg kon geen overeenstemming worden bereikt.

(5)

Na raadpleging van het Raadgevend Comité heeft de Commissie bij een in het Publicatieblad van de Europese Unie bekendgemaakt bericht (2) dienovereenkomstig een antisubsidieprocedure ingeleid betreffende de invoer in de Unie van bepaalde roestvrijstalen bevestigingsmiddelen en delen daarvan, momenteel ingedeeld onder de GN-codes 7318 12 10, 7318 14 10, 7318 15 30, 7318 15 51, 7318 15 61 en 7318 15 70, van oorsprong uit de betrokken landen.

(6)

Op dezelfde dag heeft de Commissie een antidumpingprocedure ingeleid betreffende de invoer in de Unie van bepaalde roestvrijstalen bevestigingsmiddelen en delen daarvan, van oorsprong uit de betrokken landen (3).

(7)

De Commissie heeft vragenlijsten toegestuurd aan de bedrijfstak van de Unie en aan alle bekende verenigingen van producenten in de Unie, aan de exporteurs/producenten in de betrokken landen, aan alle verenigingen van exporteurs/producenten, aan de importeurs, aan alle bekende verenigingen van importeurs, en aan de autoriteiten van de betrokken landen. De belanghebbenden werden in de gelegenheid gesteld om binnen de in het bericht van inleiding genoemde termijn hun standpunt schriftelijk bekend te maken en om te verzoeken te worden gehoord.

B.   INTREKKING VAN DE KLACHT EN BEËINDIGING VAN DE PROCEDURE

(8)

EIFI heeft bij schrijven van 1 april 2010 aan de Commissie de klacht officieel ingetrokken.

(9)

Overeenkomstig artikel 14, lid 1, van de basisverordening kan de procedure worden beëindigd wanneer de klacht wordt ingetrokken, tenzij dit strijdig is met het belang van de Unie.

(10)

De Commissie was van oordeel dat deze procedure diende te worden beëindigd, daar bij het onderzoek niet is gebleken dat dit indruist tegen het belang van de Unie. De belanghebbenden werden hiervan in kennis gesteld en zij kregen de gelegenheid opmerkingen te maken. Er werden geen opmerkingen ontvangen dat beëindiging van de procedure niet in het belang van de Unie zou zijn.

(11)

De Commissie concludeert bijgevolg dat de antisubsidieprocedure betreffende de invoer in de Unie van bepaalde roestvrijstalen bevestigingsmiddelen en delen daarvan, van oorsprong uit de betrokken landen, moet worden beëindigd,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

De antisubsidieprocedure betreffende de invoer van bepaalde roestvrijstalen bevestigingsmiddelen en delen daarvan, momenteel ingedeeld onder de GN-codes 7318 12 10, 7318 14 10, 7318 15 30, 7318 15 51, 7318 15 61 en 7318 15 70, van oorsprong uit India en Maleisië, wordt beëindigd.

Artikel 2

Dit besluit treedt in werking op de dag volgende op die van zijn bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel, 14 juli 2010.

Voor de Commissie

De voorzitter

José Manuel BARROSO


(1)  PB L 188 van 18.7.2009, blz. 93.

(2)  PB C 190 van 13.8.2009, blz. 32.

(3)  PB C 190 van 13.8.2009, blz. 27.