18.10.2008   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 277/23


VERORDENING (EG) Nr. 1024/2008 VAN DE COMMISSIE

van 17 oktober 2008

tot vaststelling van gedetailleerde maatregelen ter uitvoering van Verordening (EG) nr. 2173/2005 van de Raad inzake de opzet van een FLEGT-vergunningensysteem voor de invoer van hout in de Europese Gemeenschap

DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,

Gelet op Verordening (EG) nr. 2173/2005 van de Raad van 20 december 2005 inzake de opzet van een FLEGT-vergunningensysteem voor de invoer van hout in de Europese Gemeenschap (1), en met name op artikel 5, lid 9,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Het EU-actieplan voor wetshandhaving, governance en handel in de bosbouw (FLEGT) (2) bepaalt maatregelen om het probleem van de illegale houtkap en de daarmee verband houdende handel aan te pakken. In het actieplan wordt voorgesteld een vergunningensysteem voor wetshandhaving, governance en handel in de bosbouw (hierna het FLEGT-vergunningensysteem) op te zetten om ervoor te zorgen dat alleen legaal gekapt hout wordt geïmporteerd uit landen die aan het vergunningensysteem deelnemen.

(2)

In het kader van dit vergunningensysteem wil de Gemeenschap vrijwillige partnerschapsovereenkomsten sluiten met landen en regionale organisaties (FLEGT-partnerlanden). Houtproducten die uit FLEGT-partnerlanden naar de Gemeenschap worden geëxporteerd, moeten gedekt zijn door een door de vergunningverlenende autoriteit van dat land afgegeven FLEGT-vergunning. De FLEGT-vergunning moet aantonen dat de houtproducten in kwestie legaal zijn gekapt, zoals bepaald in de vrijwillige FLEGT-partnerschapsovereenkomsten.

(3)

Verordening (EG) nr. 2173/2005 bepaalt de EU-procedures voor de tenuitvoerlegging van het FLEGT-vergunningensysteem, met onder meer de eis dat de invoer van uit FLEGT-partnerlanden afkomstige houtproducten door een FLEGT-vergunning gedekt moet zijn.

(4)

Om de doeltreffendheid van het FLEGT-vergunningensysteem te garanderen, moeten de bevoegde autoriteiten controleren of de tot het vrije verkeer in de Gemeenschap toegelaten houtproducten door een FLEGT-vergunning gedekt zijn. De FLEGT-vergunning moet worden aanvaard op voorwaarde dat aan bepaalde vereisten is voldaan.

(5)

Het is derhalve nodig gedetailleerde bepalingen vast te stellen met betrekking tot de voorwaarden voor de aanvaarding van de FLEGT-vergunning.

(6)

Om een consequente behandeling van FLEGT-vergunningen door de autoriteiten in de lidstaten te garanderen, moet worden bepaald welke informatie in de vergunning moet worden opgenomen. Voorts moet worden gezorgd voor een gestandaardiseerd formaat voor de FLEGT-vergunningen om de effectieve controle ervan te vergemakkelijken.

(7)

Gezien het concurrentievermogen binnen de internationale houthandel is onder het FLEGT-vergunningensysteem bepaald dat de procedures voor toelating tot het vrije verkeer van houtproducten met een FLEGT-vergunning niet mogen leiden tot onnodige vertragingen van de importprocedures. Daarom dienen de procedures voor controle en aanvaarding van de FLEGT-vergunning zo eenvoudig en praktisch mogelijk te zijn, zonder evenwel de geloofwaardigheid van het systeem in het gedrang te brengen.

(8)

De Gemeenschap en de lidstaten hebben zich er in het kader van de agenda van Lissabon toe verbonden het concurrentievermogen van ondernemingen die actief zijn op de Europese markt, te versterken. Overeenkomstig Besluit 2004/387/EG van het Europees Parlement en de Raad van 21 april 2004 betreffende de interoperabele levering van pan-Europese e-overheidsdiensten aan overheidsdiensten, ondernemingen en burgers (IDABC) (3) dienen de Commissie en de lidstaten te zorgen voor doeltreffende, effectieve en interoperabele informatie- en communicatiesystemen voor de uitwisseling van informatie tussen overheidsdiensten en EU-burgers.

(9)

De bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens wordt geregeld door Richtlijn 95/46/EG van het Europees Parlement en de Raad van 24 oktober 1995 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens (4), die volledig van toepassing is op de verwerking van persoonsgegevens in het kader van deze verordening, in het bijzonder wat de verwerking van persoonsgegevens in vergunningen betreft.

(10)

De in deze verordening bepaalde maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Comité wetshandhaving, governance en handel in de bosbouw (FLEGT),

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

HOOFDSTUK I

ONDERWERP EN DEFINITIES

Artikel 1

In deze verordening worden gedetailleerde regels vastgesteld voor de toepassing van het systeem voor de invoer van houtproducten als bedoeld in artikel 5 van Verordening (EG) nr. 2173/2005.

Artikel 2

Voor de toepassing van deze verordening gelden, naast de in Verordening (EG) nr. 2173/2005 vastgestelde definities, de volgende definities:

1.

„zending”: een hoeveelheid houtproducten, als bepaald in bijlage II en III bij Verordening (EG) nr. 2173/2005, die gedekt is door een FLEGT-vergunning, die door een verzender of expediteur vanuit een partnerland is verzonden en bij een douanekantoor voor toelating tot het vrije verkeer wordt aangeboden.

2.

„elektronische vergunning”: een FLEGT-vergunning in digitale format die elektronisch kan worden voorgelegd of verwerkt en die alle in de bijlage bepaalde informatie bevat.

3.

„papieren vergunning”: een FLEGT-vergunning in de in de bijlage weergegeven format.

4.

„bevoegde autoriteit(en)”: de autoriteit(en) die door de lidstaat wordt/worden aangewezen om FLEGT-vergunningen te ontvangen, te aanvaarden en te controleren.

HOOFDSTUK II

VOORSCHRIFTEN BETREFFENDE FLEGT-VERGUNNINGEN

Artikel 3

1.   Een FLEGT-vergunning, hierna „vergunning”, kan een papieren of elektronische vergunning zijn.

2.   De Commissie bezorgt de bevoegde autoriteiten en de douaneautoriteiten van elke lidstaat een specimen of de technische specificaties van de door elk partnerland opgestelde vergunning.

Artikel 4

Het gebruik van een vergunning betekent geen vrijstelling van andere formaliteiten met betrekking tot het verkeer van goederen binnen de Gemeenschap.

Artikel 5

De bevoegde autoriteiten of de douaneautoriteiten van de lidstaat waar de zending wordt toegelaten tot het vrije verkeer, kunnen vorderen dat de vergunning wordt vertaald in de officiële taal of een van de officiële talen van die lidstaat.

De kosten daarvoor zijn voor rekening van de importeur.

HOOFDSTUK III

AANVAARDING EN CONTROLE

Artikel 6

1.   De vergunning wordt ingediend bij de bevoegde autoriteiten van de lidstaat waar de door die vergunning gedekte zending tot het vrije verkeer wordt toegelaten.

2.   De in lid 1 bedoelde bevoegde autoriteiten brengen de douaneautoriteiten overeenkomstig de geldende nationale procedures op de hoogte wanneer een vergunning is aanvaard.

3.   Een vergunning wordt als nietig beschouwd als de datum waarop ze wordt ingediend later is dan de in de vergunning vermelde vervaldatum.

4.   Een vóór de aankomst van de zending ingediende vergunning kan worden aanvaard indien zij voldoet aan alle in artikel 7 bepaalde vereisten en geen verdere controle overeenkomstig artikel 10, lid 1, noodzakelijk wordt geacht.

5.   Indien verdere controle van de vergunning of van de zending overeenkomstig de artikelen 9 en 10 noodzakelijk wordt geacht, wordt de vergunning slechts aanvaard indien die verdere controle een bevredigend resultaat oplevert.

Artikel 7

1.   Papieren vergunningen stemmen overeen met het desbetreffende model van de vergunning.

2.   Zowel papieren als elektronische vergunningen bevatten de in de bijlage bepaalde informatie, overeenkomstig de in die bijlage opgenomen richtsnoeren.

Artikel 8

1.   Doorhalingen of wijzigingen in een vergunning worden slechts aanvaard indien zij door de vergunningverlenende autoriteit zijn gevalideerd.

2.   Verlenging van de geldigheid van een vergunning wordt slechts aanvaard indien zij door de vergunningverlenende autoriteit is gevalideerd.

3.   Een duplicaat of vervangingsvergunning wordt slechts aanvaard indien zij door de vergunningverlenende autoriteit is gevalideerd.

4.   Een vergunning wordt niet aanvaard indien, na de verstrekking van aanvullende informatie overeenkomstig artikel 9 of verder onderzoek overeenkomstig artikel 10, wordt vastgesteld dat de vergunning niet in overeenstemming is met de zending.

Artikel 9

In geval van twijfel over de vraag of een vergunning, een duplicaat of een vervangingsvergunning kan worden aanvaard, kunnen de bevoegde autoriteiten de vergunningverlenende autoriteit van het partnerland om extra informatie verzoeken.

Samen met het verzoek wordt eventueel een kopie van de vergunning, het duplicaat of de vervangingsvergunning in kwestie verstuurd.

Artikel 10

1.   Indien verder onderzoek van de zending noodzakelijk wordt geacht voordat de bevoegde autoriteiten kunnen besluiten of een vergunning wordt aanvaard, kunnen controles worden uitgevoerd om na te gaan of de desbetreffende zending strookt met de in de vergunning verstrekte informatie en waar nodig ook met de gegevens van de vergunningverlenende autoriteit met betrekking tot de vergunning.

2.   Als het volume of het gewicht van de houtproducten in de voor toelating tot het vrije verkeer aangeboden zending niet meer dan 10 % afwijkt van het volume of het gewicht dat in de vergunning is vermeld, wordt de zending geacht in overeenstemming te zijn met de in de vergunning verstrekte informatie betreffende volume of gewicht.

Artikel 11

1.   In vak 44 van het Enig document voor aangifte van de toelating tot het vrije verkeer wordt het nummer van de vergunning voor de desbetreffende houtproducten vermeld. Indien de aangifte van de douane wordt gedaan door middel van een gegevensverwerkingstechniek, wordt het referentienummer daarvan vermeld in het geschikte vak.

2.   Houtproducten worden slechts tot het vrije verkeer toegelaten indien voldaan is aan de in artikel 6, lid 2, omschreven procedure.

Artikel 12

Indien de bevoegde autoriteiten verschillend zijn van de douaneautoriteiten, kunnen de lidstaten specifieke functies van de bevoegde autoriteiten aan de douaneautoriteiten delegeren.

De Commissie wordt hiervan op de hoogte gesteld.

Artikel 13

De in dit hoofdstuk beschreven procedures worden uitgevoerd in coördinatie tussen de bevoegde autoriteiten en de douaneautoriteiten.

HOOFDSTUK IV

ELEKTRONISCHE SYSTEMEN

Artikel 14

1.   De lidstaten mogen elektronische systemen gebruiken voor de uitwisseling en opslag van vergunningsgegevens.

2.   De in lid 1 beschreven elektronische systemen zorgen voor de uitwisseling van gegevens tussen de bevoegde autoriteiten en de douaneautoriteiten van de lidstaten en tussen de bevoegde autoriteiten en de douaneautoriteiten enerzijds en de Commissie of de vergunningverlenende autoriteit van de partnerlanden anderzijds.

3.   Bij de ingebruikname van de elektronische systemen houden de lidstaten rekening met de complementariteit, de compatibiliteit en de interoperabiliteit. Zij houden rekening met de door de Commissie gegeven richtsnoeren.

Artikel 15

De in artikel 13, lid 1, bedoelde elektronische systemen kunnen onder meer betrekking hebben op:

a)

een procedure voor het ontvangen en opslaan van vergunningsgegevens;

b)

een procedure voor de uitwisseling van vergunningsgegevens;

c)

een instrument voor de opslag van vergunningsgegevens.

HOOFDSTUK V

GEGEVENSBESCHERMING

Artikel 16

Deze verordening laat het niveau van de bescherming van personen met betrekking tot het verwerken van persoonsgegevens krachtens de bepalingen van het Gemeenschapsrecht en de nationale wetgeving onverlet en heeft daar geen enkele invloed op, en houdt met name geen wijziging in van de verplichtingen en rechten als uiteengezet in Richtlijn 95/46/EG. De bescherming van personen met betrekking tot het verwerken van persoonsgegevens, in het bijzonder met betrekking tot bekendmakingen of mededelingen van persoonsgegevens in een vergunning, wordt verzekerd.

HOOFDSTUK VI

SLOTBEPALINGEN

Artikel 17

Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Zij is van toepassing vanaf de datum waarop de eerste wijziging van bijlage I bij Verordening (EG) nr. 2173/2005, vastgesteld overeenkomstig artikel 10 van diezelfde verordening, van toepassing wordt.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 17 oktober 2008.

Voor de Commissie

Stavros DIMAS

Lid van de Commissie


(1)  PB L 347 van 30.12.2005, blz. 1.

(2)  COM(2003) 251 def.

(3)  PB L 144 van 30.4.2004, blz. 65, gerectificeerd in PB L 181 van 18.5.2004, blz. 25.

(4)  PB L 281 van 23.11.1995, blz. 31.


BIJLAGE

In artikel 2, lid 3, bepaalde vorm

Image

Image

Image