19.6.2008   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 160/22


VERORDENING (EG) Nr. 566/2008 VAN DE COMMISSIE

van 18 juni 2008

tot vaststelling van de uitvoeringsbepalingen voor Verordening (EG) nr. 1234/2007 van de Raad betreffende de afzet van vlees van runderen die niet ouder zijn dan twaalf maanden

DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,

Gelet op Verordening (EG) nr. 1234/2007 van de Raad van 22 oktober 2007 houdende een gemeenschappelijke ordening van de landbouwmarkten en specifieke bepalingen voor een aantal landbouwproducten (Integrale-GMO-verordening) (1), en met name op artikel 121, onder j), juncto artikel 4,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

In artikel 113 ter van Verordening (EG) nr. 1234/2007 is bepaald dat, vanaf 1 juli 2008, vlees van runderen die niet ouder zijn dan twaalf maanden, moet worden afgezet overeenkomstig de in die verordening bepaalde voorwaarden, in het bijzonder wat betreft de indeling van runderen in categorieën en de verplichte verkoopbenaming. In punt II van bijlage XI bis bij Verordening (EG) nr. 1234/2007 is bepaald dat, op het moment van het slachten, alle runderen die niet ouder zijn dan twaalf maanden, in één van de twee in bijlage XI bis bij die verordening opgenomen categorieën moeten worden ingedeeld. Om de correcte en eenvormige tenuitvoerlegging van Verordening (EG) nr. 1234/2007 te garanderen, moeten uitvoeringsbepalingen worden vastgesteld die vanaf 1 juli 2008 van toepassing moeten zijn.

(2)

De slachtleeftijd van de dieren en de verkoopbenaming moeten in ieder stadium van de productie en de afzet op het etiket worden aangebracht, overeenkomstig punt IV van bijlage XI bis bij Verordening (EG) nr. 1234/2007. Aangezien de grootte van de te etiketteren producten varieert naargelang het stadium van de productie en de afzet, moet ervoor worden gezorgd dat de leeftijd en de verkoopbenaming op het etiket duidelijk leesbaar zijn. Om de transparantie voor de eindverbruiker te garanderen, moeten de leeftijd en de verkoopbenaming zich binnen hetzelfde gezichtsveld en op hetzelfde etiket bevinden op het ogenblik dat het vlees de eindverbruiker bereikt.

(3)

Overeenkomstig artikel 121, onder j), van Verordening (EG) nr. 1234/2007 moeten de praktische instructies worden vastgesteld over waar en in welke lettergrootte de in bijlage XI bis bij Verordening (EG) nr. 1234/2007 omschreven identificatieletter van de betrokken categorie moet worden vermeld. Voor controledoeleinden moet die identificatieletter zo snel mogelijk na het slachten van de runderen op het karkas worden aangebracht.

(4)

Met het oog op de correcte toepassing van artikel 113 ter van Verordening (EG) nr. 1234/2007 moeten de marktdeelnemers in elk stadium van de productie en de afzet de gegevens registreren van alle personen die hen vlees hebben geleverd van runderen die niet ouder zijn dan twaalf maanden. Hoewel de traceerbaarheid van voedsel in de Gemeenschap wordt gegarandeerd bij Verordening (EG) nr. 178/2002 van het Europees Parlement en de Raad van 28 januari 2002 tot vaststelling van de algemene beginselen en voorschriften van de levensmiddelenwetgeving, tot oprichting van een Europese Autoriteit voor voedselveiligheid en tot vaststelling van procedures voor voedselveiligheidsaangelegenheden (2), is niettemin een bijzondere bepaling vereist om ook de traceerbaarheid van uit derde landen ingevoerd vlees van runderen die niet ouder zijn dan twaalf maanden, te garanderen.

(5)

Om de toepassing van artikel 113 ter van Verordening (EG) nr. 1234/2007 te controleren en de Commissie daarover te informeren, moeten officiële controles worden uitgevoerd, waaronder het toezicht op de in punt II van bijlage XI bis bij die verordening vastgestelde indeling van de runderen in de slachthuizen. Bovendien moeten de door de lidstaten voor die controles aangewezen bevoegde autoriteiten onder bepaalde, nog vast te stellen voorwaarden, hun controletaken kunnen delegeren aan een onafhankelijke dienst.

(6)

De betrokken marktdeelnemers moeten toegang verlenen tot hun locaties en tot hun boeken om deskundigen van de Commissie, de bevoegde autoriteit of, bij gebrek daaraan, de onafhankelijke dienst, de mogelijkheid te geven de toepassing van artikel 113 ter van Verordening (EG) nr. 1234/2007 te controleren.

(7)

In punt VIII van bijlage XI bis bij Verordening (EG) nr. 1234/2007 is bepaald dat uit derde landen ingevoerd vlees van runderen die niet ouder zijn dan twaalf maanden, in de Gemeenschap wordt afgezet overeenkomstig de bepalingen van die verordening. Daartoe moet de door het derde land aangewezen bevoegde autoriteit of, bij gebrek daaraan, de onafhankelijke dienst, een identificatie- en registratieregeling voor runderen vaststellen en de toepassing ervan controleren, om te garanderen dat aan de bepalingen van die verordening wordt voldaan.

(8)

Alleen volgens bepaalde normen erkende onafhankelijke diensten mogen de activiteiten controleren van marktdeelnemers uit derde landen die vlees van runderen die niet ouder zijn dan twaalf maanden op de communautaire markt willen brengen.

(9)

De Commissie moet van de bevoegde autoriteit of de onafhankelijke dienst in een derde land alle informatie kunnen verkrijgen die noodzakelijk is om de toepassing van artikel 113 ter van Verordening (EG) nr. 1234/2007 te controleren. Er moeten uitvoeringsbepalingen worden vastgesteld inzake de aan de Commissie te bezorgen informatie en over de mededeling van die informatie door de Commissie aan de lidstaten. Waar dat noodzakelijk wordt geacht, moet de Commissie bovendien de mogelijkheid hebben onder bepaalde voorwaarden controles ter plaatse te verrichten in derde landen.

(10)

Indien herhaaldelijk gevallen van niet-naleving worden vastgesteld betreffende ingevoerd vlees, moet de Commissie, overeenkomstig bepaalde voorwaarden, specifieke voorschriften vaststellen voor de invoer van dat vlees, om ervoor te zorgen dat artikel 113 ter van Verordening (EG) nr. 1234/2007 en deze verordening worden nageleefd, zodat gelijkwaardige afzetvoorwaarden gelden voor zowel in de Gemeenschap geproduceerd als uit derde landen ingevoerd vlees.

(11)

Wanneer de lidstaten constateren dat het bepaalde in artikel 113 ter van Verordening (EG) nr. 1234/2007 of in de onderhavige verordening niet wordt nageleefd, moeten zij de nodige maatregelen treffen.

(12)

De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Beheerscomité voor de gemeenschappelijke ordening van de landbouwmarkten,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

Toepassingsgebied

Bij deze Verordening worden uitvoeringsbepalingen vastgesteld voor de afzet van vlees van runderen die niet ouder zijn dan twaalf maanden, overeenkomstig artikel 113 ter van Verordening (EG) nr. 1234/2007.

Artikel 2

Definitie

In deze verordening wordt onder „bevoegde autoriteit” verstaan de centrale autoriteit van een lidstaat, die bevoegd is voor de organisatie van officiële controles als bedoeld in punt VII van bijlage XI bis bij Verordening (EG) nr. 1234/2007, of een andere autoriteit waaraan die bevoegdheid is verleend; dit begrip omvat tevens, in voorkomend geval, de overeenkomstige autoriteit van een derde land.

Artikel 3

Categorieën van runderen die niet ouder zijn dan twaalf maanden

De in punt II van bijlage XI bis bij Verordening (EG) nr. 1234/2007 vermelde indeling in categorieën betreft:

a)

categorie V: runderen van de dag van hun geboorte tot de dag waarop zij de leeftijd van acht maanden bereiken;

b)

categorie Z: runderen van de dag nadat ze de leeftijd van acht maanden hebben bereikt tot de dag waarop zij de leeftijd van twaalf maanden bereiken.

Artikel 4

Verplichte vermeldingen op het etiket

1.   In afwijking van het bepaalde in punt IV van bijlage XI bis bij Verordening (EG) nr. 1234/2007, wordt de in punt II van bijlage XI bis bij die verordening bedoelde identificatieletter onmiddellijk na het slachten aan de buitenzijde van het karkas aangebracht aan de hand van een etiket of een stempel.

De etiketten zijn minstens 50 cm2 groot. De categorie-identificatieletter wordt duidelijk leesbaar op het etiket aangebracht en wijzigingen zijn slechts toegestaan overeenkomstig het bepaalde in artikel 8, lid 3, tweede alinea, van deze verordening.

Indien een stempel wordt gebruikt, moet de hoogte van de letter minstens twee centimeter bedragen. De letter wordt rechtstreeks op het vlees aangebracht met onuitwisbare inkt.

De etiketten of stempels worden aangebracht op de achtervoeten, namelijk op het lendenstuk ter hoogte van de vierde lendenwervel, en op de voorvoeten, namelijk op de puntborst op 10 à 30 cm van het snijvlak van het borstbeen.

De lidstaten kunnen evenwel andere plaatsen bepalen op de voor- en achtervoeten, op voorwaarde dat zij de Commissie daarvan vooraf in kennis stellen. De Commissie stuurt deze informatie door aan de andere lidstaten.

2.   De in punt IV van bijlage XI bis bij Verordening (EG) nr. 1234/2007 bedoelde slachtleeftijd van de dieren en de verkoopbenaming moeten:

a)

duidelijk leesbaar zijn in elk stadium van de productie en de afzet;

b)

zich in hetzelfde gezichtsveld en op hetzelfde etiket bevinden op het ogenblik dat het vlees de eindverbruiker bereikt.

3.   De lidstaten delen de Commissie uiterlijk tegen 1 juli 2009 de in punt IV van bijlage XI bis bij Verordening (EG) nr. 1234/2007 bedoelde voorschriften mee en brengen haar onverwijld op de hoogte van elke wijziging van deze voorschriften.

Artikel 5

Registreren van informatie

De in punt VI van bijlage XI bis bij Verordening (EG) nr. 1234/2007 bedoelde registratie van gegevens betreft ook de naam en het adres van de marktdeelnemer die verantwoordelijk is voor het vorige stadium van de afzet en die hen vlees heeft geleverd als bedoeld in punt I van bijlage XI bis bij die verordening.

Artikel 6

Officiële controles

1.   De in punt VII van bijlage XI bis bij Verordening (EG) nr. 1234/2007 bedoelde officiële controles betreffen ook het toezicht op de indeling van runderen in het slachthuis als bedoeld in punt II van bijlage XI bis bij die verordening.

2.   Een bevoegde autoriteit mag haar controletaken geheel of gedeeltelijk delegeren aan één of meer onafhankelijke diensten, voor zover is bewezen dat die dienst:

a)

beschikt over voldoende goed gekwalificeerde en ervaren personeelsleden, en

b)

onafhankelijk is en vrij van elke belangenverstrengeling ten aanzien van de uitoefening van de gedelegeerde taken.

Met name mag de bevoegde autoriteit haar controletaken enkel delegeren als dergelijke onafhankelijke diensten zijn erkend op basis van de meest recente versie van Europese norm EN 45011 of ISO Guide 65 (Algemene voorschriften voor instanties die productcertificeringssystemen toepassen), bekendgemaakt in reeks C van het Publicatieblad van de Europese Unie.

3.   Een bevoegde autoriteit die haar controletaken aan één of meer onafhankelijke diensten wil delegeren, brengt de Commissie daarvan op de hoogte. Deze mededeling betreft:

a)

de bevoegde autoriteit die haar controletaken wil delegeren, en

b)

één of meer onafhankelijke diensten waaraan het deze controletaken wil delegeren.

De Commissie stuurt de in de eerste alinea bedoelde mededeling door aan de lidstaten.

4.   De onafhankelijke dienst die controletaken verricht:

a)

meldt de resultaten van de verrichte controles regelmatig aan de bevoegde autoriteit, en wanneer deze daarom verzoekt. Als uit de controles niet-naleving blijkt, deelt de onafhankelijke dienst dit onmiddellijk mee aan de bevoegde autoriteit;

b)

verleent de bevoegde autoriteit toegang tot zijn kantoren en voorzieningen en verstrekt alle informatie en ondersteuning die de bevoegde autoriteit noodzakelijk acht voor het vervullen van haar verplichtingen.

5.   De bevoegde autoriteit die controletaken delegeert aan een onafhankelijke dienst, houdt regelmatig toezicht op deze dienst.

Als uit dat toezicht blijkt dat de dienst er niet in geslaagd is de aan hem gedelegeerde controletaken naar behoren uit te voeren, kan de bevoegde autoriteit de delegatie intrekken.

De bevoegde autoriteit trekt de delegatie onverwijld in als de onafhankelijke dienst er niet in slaagt tijdig adequate herstelmaatregelen te nemen.

6.   In elk stadium van de productie en de afzet verlenen de marktdeelnemers de deskundigen van de Commissie, de bevoegde autoriteit en de relevante onafhankelijke dienst op elk moment toegang tot hun gebouwen en tot alle geregistreerde gegevens waaruit blijkt dat aan de in Verordening (EG) nr. 1234/2007 vastgestelde eisen is voldaan.

Artikel 7

Uit derde landen ingevoerd vlees

1.   Overeenkomstig punt VIII van bijlage XI bis bij Verordening (EG) nr. 1234/2007 stelt de door een derde land aangewezen bevoegde autoriteit of, bij gebrek daaraan, een onafhankelijke dienst als bedoeld in punt VIII van bijlage XI bis bij die verordening, een identificatie- en registratieregeling voor runderen vast en controleert de toepassing ervan vanaf de dag van de geboorte van een dier. Een dergelijke regeling dient betrouwbare informatie te verstrekken over de precieze leeftijd van de dieren bij het slachten en dient te garanderen dat aan het bepaalde in punt VIII van bijlage XI bis bij die verordening wordt voldaan.

2.   De in punt VIII van bijlage XI bis bij Verordening (EG) nr. 1234/2007 bedoelde onafhankelijke diensten zijn erkend op basis van de meest recente versie van Europese norm EN 45011 of ISO Guide 65 (Algemene voorschriften voor instanties die productcertificeringssystemen toepassen), bekendgemaakt in reeks C van het Publicatieblad van de Europese Unie.

3.   De naam en het adres, en indien mogelijk het e-mailadres en de website van de bevoegde autoriteit of de in lid 1 bedoelde onafhankelijke dienst, worden aan de Commissie meegedeeld, met vermelding van de naam van elke marktdeelnemer waarvoor zij controles verrichten.

De in de eerste alinea bedoelde mededeling wordt gedaan voordat de eerste partij vlees van de betrokken marktdeelnemer in de Gemeenschap wordt ingevoerd en vervolgens binnen één maand na wijziging van de mee te delen informatie.

De Commissie stuurt de in de tweede alinea bedoelde mededeling door aan de lidstaten.

4.   Op verzoek van de bevoegde autoriteiten van de lidstaten of op eigen initiatief kan de Commissie de in lid 1 bedoelde bevoegde autoriteit of onafhankelijke dienst op elk ogenblik vragen haar alle informatie te verstrekken die nodig is om na te gaan of aan de in Verordening (EG) nr. 1234/2007 vastgestelde eisen is voldaan.

De Commissie kan het derde land bovendien verzoeken vertegenwoordigers van de Commissie toestemming te geven om, indien nodig, in dat derde land controles ter plaatse te verrichten. Deze controles worden verricht samen met de betrokken bevoegde autoriteiten van het derde land en, in voorkomend geval, samen met de onafhankelijke dienst.

5.   Als voor uit derde landen ingevoerd vlees specifieke gevallen van niet-naleving van de bepalingen van Verordening (EG) nr. 1234/2007 of van deze verordening worden geconstateerd, kan de Commissie volgens de in artikel 195, lid 2, van Verordening (EG) nr. 1234/2007 bedoelde procedure geval per geval specifieke invoervoorschriften vaststellen, op strikt tijdelijke basis en na overleg met het betrokken derde land. Deze voorschriften moeten toereikend zijn om de controle op de naleving van Verordening (EG) nr. 1234/2007 en van deze verordening mogelijk te maken.

Artikel 8

Kennisgeving van gevallen van niet-naleving en follow-upmaatregelen

1.   Indien een lidstaat van mening is dat het in punt I van bijlage XI bis bij Verordening (EG) nr. 1234/2007 bedoelde vlees, afkomstig uit een andere lidstaat, niet aan de in Verordening (EG) nr. 1234/2007 of in deze verordening vastgestelde eisen voldoet, stelt hij de bevoegde autoriteit van die lidstaat en de Commissie daarvan onmiddellijk in kennis.

2.   Indien een lidstaat kan aantonen dat uit een derde land ingevoerd vlees als bedoeld in punt VIII van bijlage XI bis bij Verordening (EG) nr. 1234/2007 niet aan de in Verordening (EG) nr. 1234/2007 of in deze verordening vastgestelde eisen voldoet, stelt hij de Commissie daarvan onmiddellijk in kennis.

De Commissie stuurt deze informatie aan de andere lidstaten door.

3.   De lidstaten nemen de nodige maatregelen en acties om de in de leden 1 en 2 bedoelde niet-naleving te verhelpen.

Met name eisen de lidstaten dat het betrokken vlees uit de markt wordt genomen totdat het opnieuw overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1234/2007 en deze verordening is geëtiketteerd.

Artikel 9

De bij Verordening (EG) nr. 1234/2007 en deze verordening vereiste kennisgevingen aan de Commissie worden gericht aan:

Europese Commissie

Directoraat-generaal Landbouw en plattelandsontwikkeling

Fax (32-2) 295 33 10

E-mail: agri-bovins@ec.europa.eu

Artikel 10

Deze verordening treedt in werking op de derde dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Zij is van toepassing met ingang van 1 juli 2008.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 18 juni 2008.

Voor de Commissie

Mariann FISCHER BOEL

Lid van de Commissie


(1)  PB L 299 van 16.11.2007, blz. 1. Verordening laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 470/2008 (PB L 140 van 30.5.2008, blz. 1).

(2)  PB L 31 van 1.2.2002, blz. 1. Verordening laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 202/2008 van de Commissie (PB L 60 van 5.3.2008, blz. 17).