25.9.2008   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 257/14


RICHTLIJN 2008/89/EG VAN DE COMMISSIE

van 24 september 2008

tot wijziging, met het oog op aanpassing aan de technische vooruitgang, van Richtlijn 76/756/EEG van de Raad betreffende de installatie van verlichtings- en lichtsignaalinrichtingen op motorvoertuigen en aanhangwagens daarvan

(Voor de EER relevante tekst)

DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,

Gelet op Richtlijn 2007/46/EG van het Europees Parlement en de Raad van 5 september 2007 tot vaststelling van een kader voor de goedkeuring van motorvoertuigen en aanhangwagens daarvan en van systemen, onderdelen en technische eenheden die voor dergelijke voertuigen zijn bestemd (1), en met name op artikel 39, lid 2,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Richtlijn 76/756/EEG van de Raad van 27 juli 1976 inzake de onderlinge aanpassing van de wetgevingen der lidstaten betreffende de installatie van verlichtings- en lichtsignaalinrichtingen van motorvoertuigen en aanhangwagens daarvan (2) is een van de bijzondere richtlijnen in het kader van de EG-typegoedkeuringsprocedure die is vastgesteld bij Richtlijn 70/156/EEG van de Raad van 6 februari 1970 inzake de onderlinge aanpassing van de wetgevingen van de lidstaten betreffende de goedkeuring van motorvoertuigen en aanhangwagens daarvan (3). De bepalingen van Richtlijn 70/156/EEG betreffende systemen, onderdelen en technische eenheden van voertuigen zijn daarom van toepassing op Richtlijn 76/756/EEG.

(2)

Teneinde de verkeersveiligheid te vergroten door motorvoertuigen zichtbaarder te maken, moet de verplichting om specifieke dagrijlichten op deze voertuigen aan te brengen, in Richtlijn 76/756/EEG worden opgenomen.

(3)

Verwacht wordt dat nieuwe technologieën zoals adaptieve koplampsystemen (AFS) en het noodstopsignaal (ESS), een positieve invloed zullen hebben op de verkeersveiligheid. Richtlijn 76/756/EEG moet derhalve worden gewijzigd om toe te staan dat voertuigen daarmee worden uitgerust.

(4)

Om rekening te houden met bijkomende wijzigingen van VN/ECE-Reglement nr. 48 (4) waarover de Gemeenschap reeds heeft gestemd, moet Richtlijn 76/756/EEG aan de technische vooruitgang worden aangepast door haar in overeenstemming te brengen met de technische voorschriften van dit reglement. Voor de duidelijkheid moet bijlage II bij Richtlijn 76/756/EEG worden gewijzigd.

(5)

Richtlijn 76/756/EEG moet daarom dienovereenkomstig worden gewijzigd.

(6)

De in deze richtlijn vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Technisch Comité motorvoertuigen,

HEEFT DE VOLGENDE RICHTLIJN VASTGESTELD:

Artikel 1

Punt 1 van bijlage II bij Richtlijn 76/756/EEG wordt als volgt gewijzigd:

„1.

De technische voorschriften zijn die van de punten 2, 5 en 6 van VN/ECE-Reglement nr. 48 (5) en van de bijlagen 3 tot en met 11 bij dat reglement.

Artikel 2

Vanaf 7 februari 2011, voor voertuigen van de categorieën M1 en N1, en vanaf 7 augustus 2012, voor voertuigen van andere categorieën, weigeren de lidstaten EG-typegoedkeuring of nationale typegoedkeuring voor nieuwe voertuigtypen te verlenen om redenen die verband houden met de installatie van verlichtings- en lichtsignaalinrichtingen, indien niet is voldaan aan de voorschriften van Richtlijn 76/756/EEG, zoals gewijzigd bij deze richtlijn.

Artikel 3

1.   De lidstaten dienen uiterlijk op 15 oktober 2009 de nodige wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen vast te stellen en bekend te maken om aan deze richtlijn te voldoen. Zij delen de Commissie de tekst van die bepalingen onverwijld mee, alsmede een tabel ter weergave van het verband tussen die bepalingen en deze richtlijn.

Zij passen die bepalingen toe vanaf 16 oktober 2009.

Wanneer de lidstaten die bepalingen aannemen, wordt in die bepalingen zelf of bij de officiële bekendmaking daarvan naar deze richtlijn verwezen. De regels voor die verwijzing worden vastgesteld door de lidstaten.

2.   De lidstaten delen de Commissie de tekst van de belangrijkste bepalingen van intern recht mee die zij op het onder deze richtlijn vallende gebied vaststellen.

Artikel 4

Deze richtlijn treedt in werking op de twintigste dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Artikel 5

Deze richtlijn is gericht tot de lidstaten.

Gedaan te Brussel, 24 september 2008.

Voor de Commissie

Günter VERHEUGEN

Vicevoorzitter


(1)  PB L 263 van 9.10.2007, blz. 1.

(2)  PB L 262 van 27.9.1976, blz. 1.

(3)  PB L 42 van 23.2.1970, blz. 1.

(4)  PB L 135 van 23.5.2008, blz. 1.

(5)  PB L 135 van 23.5.2008, blz. 1.”.