32003R1221

Verordening (EG) nr. 1221/2003 van de Commissie van 8 juli 2003 tot vaststelling van de werkelijke olijfolieproductie en van het bedrag van de productiesteun per eenheid voor het verkoopseizoen 2001/2002

Publicatieblad Nr. L 170 van 09/07/2003 blz. 0008 - 0009


Verordening (EG) nr. 1221/2003 van de Commissie

van 8 juli 2003

tot vaststelling van de werkelijke olijfolieproductie en van het bedrag van de productiesteun per eenheid voor het verkoopseizoen 2001/2002

DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,

Gelet op Verordening nr. 136/66/EEG van de Raad van 22 september 1966 houdende de totstandbrenging van een gemeenschappelijke ordening der markten in de sector oliën en vetten(1), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 1513/2001(2),

Gelet op Verordening (EEG) nr. 2261/84 van de Raad van 17 juli 1984 houdende algemene voorschriften inzake de toekenning van de productiesteun voor olijfolie en de steun aan de producentenorganisaties(3), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 1639/98(4), en met name op artikel 17 bis, lid 2,

Overwegende hetgeen volgt:

(1) Uit artikel 5 van Verordening nr. 136/66/EEG vloeit voort dat de productiesteun per eenheid moet worden aangepast in elke lidstaat waar de werkelijke productie de in lid 3 van dat artikel bedoelde overeenkomstige gegarandeerde nationale hoeveelheid overschrijdt. Om de omvang van deze overschrijding te bepalen, moet voor Spanje, Griekenland, Portugal, Frankrijk en Italië rekening worden gehouden met de ramingen van de productie van tafelolijven die in olijfolie-equivalent zijn omgerekend aan de hand van de desbetreffende coëfficiënten als bedoeld in, respectievelijk, voor Spanje, Beschikking 2001/650/EG van de Commissie(5), gewijzigd bij Beschikking 2001/883/EG(6), voor Griekenland, Beschikking 2001/649/EG van de Commissie(7), gewijzigd bij Beschikking 2001/880/EG(8), voor Portugal, Beschikking 2001/670/EG van de Commissie(9), gewijzigd bij Beschikking 2001/878/EG(10), voor Frankrijk, Beschikking 2001/648/EG van de Commissie(11), gewijzigd bij Beschikking 2001/879/EG(12), en voor Italië, Beschikking 2001/658/EG van de Commissie(13), gewijzigd bij Beschikking 2001/884/EG(14).

(2) In artikel 17 bis, lid 1, van Verordening (EEG) nr. 2261/84 is bepaald dat, met het oog op de vaststelling van het bedrag van de productiesteun per eenheid dat mag worden voorgeschoten, voor het betrokken verkoopseizoen een raming van de olijfolieproductie moet worden opgesteld. Voornoemd bedrag moet op een zodanig niveau worden vastgesteld dat onverschuldigde betaling aan olijventelers wordt uitgesloten. Dit bedrag geldt eveneens voor in olijfolie-equivalent uitgedrukte hoeveelheden tafelolijven. Voor het verkoopseizoen 2001/2002 zijn de geraamde productie en het bedrag van de productiesteun dat kan worden voorgeschoten vastgesteld bij Verordening (EG) nr. 1793/2002 van de Commissie(15), gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 15/2003(16).

(3) Om de werkelijke productie waarvoor het recht op steun is erkend, vast te stellen, moeten de betrokken lidstaten overeenkomstig artikel 14, lid 4, van Verordening (EG) nr. 2366/98 van de Commissie(17), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 2383/2002(18), de Commissie na elk verkoopseizoen, uiterlijk op 15 mei, de hoeveelheid meedelen die voor steun in aanmerking wordt genomen. Uit deze mededelingen blijkt dat de voor steun in aanmerking genomen hoeveelheid voor het verkoopseizoen 2001/2002 voor Italië 711076 ton bedraagt, voor Frankrijk 2591 ton, voor Griekenland 404619 ton, voor Spanje 1562531 ton en voor Portugal 33613 ton.

(4) Het accepteren van deze hoeveelheden voor steun door de lidstaten impliceert dat de in de Verordeningen (EEG) nr. 2261/84 en (EG) nr. 2366/98 bedoelde controles zijn verricht. Met de vaststelling van de werkelijke productie aan de hand van de door de lidstaten meegedeelde gegevens betreffende de hoeveelheden die voor steun zijn geaccepteerd, wordt echter niet vooruitgelopen op de conclusies die kunnen worden getrokken bij verificatie van deze gegevens in het kader van de procedure voor de goedkeuring van de rekeningen.

(5) Rekening houdende met de werkelijke productie moet ook het bedrag worden vastgesteld van de productiesteun per eenheid als bedoeld in artikel 5, lid 1, van Verordening nr. 136/66/EEG die voor de in aanmerking komende hoeveelheden van de werkelijke productie moet worden betaald.

(6) De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Comité van beheer voor oliën en vetten,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

1. Voor het verkoopseizoen 2001/2002 bedraagt de werkelijke productie die voor de steun voor olijfolie, als bedoeld in artikel 5, van Verordening nr. 136/66/EEG in aanmerking moet worden genomen:

>RUIMTE VOOR DE TABEL>

2. Voor het verkoopseizoen 2001/2002 bedraagt het bedrag van de productiesteun per eenheid product, als bedoeld in artikel 5 van Verordening nr. 136/66/EEG, die wordt betaald voor de in aanmerking komende hoeveelheden van de werkelijke productie:

>RUIMTE VOOR DE TABEL>

Artikel 2

Deze verordening treedt in werking op de derde dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 8 juli 2003.

Voor de Commissie

Franz Fischler

Lid van de Commissie

(1) PB 172 van 30.9.1966, blz. 3025/66.

(2) PB L 201 van 26.7.2001, blz. 4.

(3) PB L 208 van 3.8.1984, blz. 3.

(4) PB L 210 van 28.7.1998, blz. 38.

(5) PB L 229 van 25.8.2001, blz. 20.

(6) PB L 327 van 12.12.2001, blz. 43.

(7) PB L 229 van 25.8.2001, blz. 16.

(8) PB L 326 van 11.12.2001, blz. 42.

(9) PB L 235 van 4.9.2001, blz. 16.

(10) PB L 326 van 11.12.2001, blz. 40.

(11) PB L 229 van 25.8.2001, blz. 12.

(12) PB L 326 van 11.12.2001, blz. 41.

(13) PB L 231 van 29.8.2001, blz. 16.

(14) PB L 327 van 12.12.2001, blz. 44.

(15) PB L 272 van 10.10.2002, blz. 11.

(16) PB L 2 van 7.1.2003, blz. 6.

(17) PB L 293 van 31.10.1998, blz. 50.

(18) PB L 358 van 31.12.2002, blz. 122.