32003R0694

Verordening (EG) nr. 694/2003 van de Raad van 14 april 2003 betreffende uniforme modellen voor een doorreisfaciliteringsdocument (FTD) en een doorreisfaciliteringsdocument voor treinreizigers (FRTD) in de zin van Verordening (EG) nr. 693/2003

Publicatieblad Nr. L 099 van 17/04/2003 blz. 0015 - 0021


Verordening (EG) nr. 694/2003 van de Raad

van 14 april 2003

betreffende uniforme modellen voor een doorreisfaciliteringsdocument (FTD) en een doorreisfaciliteringsdocument voor treinreizigers (FRTD) in de zin van Verordening (EG) nr. 693/2003

DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, en met name op artikel 62, punt 2,

Gezien het voorstel van de Commissie(1),

Gezien het advies van het Europees Parlement(2),

Overwegende hetgeen volgt:

(1) Om de toetreding van nieuwe lidstaten voor te bereiden, moet de Gemeenschap rekening houden met specifieke situaties die zich kunnen voordoen als gevolg van de uitbreiding, en de regelgeving terzake vaststellen om toekomstige problemen inzake de overschrijding van de buitengrenzen te vermijden.

(2) Verordening (EG) nr. 693/2003 van de Raad(3) strekt tot invoering van een doorreisfaciliteringsdocument (Facilitated Transit Document (FTD)) en een doorreisfaciliteringsdocument voor treinreizigers (Facilitated Rail Transit Document (FRTD)) voor het geval van een specifieke doorreis over land van onderdanen van derde landen die genoodzaakt zijn over het grondgebied van een of meer lidstaten te reizen om zich tussen twee geografisch niet aaneengrenzende delen van hun eigen land te bewegen. Voor deze documenten moeten uniforme modellen worden opgesteld.

(3) Deze uniforme modellen moeten alle noodzakelijke gegevens bevatten en voldoen aan hoge technische normen, meer bepaald met betrekking tot beveiliging tegen namaak en vervalsing. De modellen moeten tevens geschikt zijn om door alle lidstaten te worden gebruikt en moeten algemeen herkenbare geharmoniseerde veiligheidskenmerken hebben die met het blote oog duidelijk waarneembaar zijn.

(4) De bevoegdheid tot vaststelling van die gemeenschappelijke normen dient te worden verleend aan de Commissie, die wordt bijgestaan door het comité dat is ingesteld bij artikel 6 van Verordening (EG) nr. 1683/95 van de Raad van 29 mei 1995 betreffende de invoering van een uniform visummodel(4).

(5) Om te waarborgen dat de bedoelde informatie niet voor meer personen dan noodzakelijk toegankelijk wordt, is het eveneens van wezenlijk belang dat elke lidstaat die het FTD/FRTD uitgeeft niet meer dan één lichaam aanwijst dat verantwoordelijk is voor het drukken van de uniforme modellen voor het FTD/FRTD, waarbij het de lidstaten vrij staat om zo nodig van aangewezen lichaam te veranderen. De betrokken lidstaten dienen om veiligheidsredenen de naam van het bevoegde lichaam aan de Commissie en aan de andere lidstaten mee te delen.

(6) De voor de uitvoering van deze verordening vereiste maatregelen worden vastgesteld overeenkomstig Besluit 1999/468/EG van de Raad van 28 juni 1999 tot vaststelling van de voorwaarden voor de uitoefening van de aan de Commissie verleende uitvoeringsbevoegdheden(5).

(7) Overeenkomstig de artikelen 1 en 2 van het Protocol betreffende de positie van Denemarken, dat is gehecht aan het Verdrag betreffende de Europese Unie en het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, neemt Denemarken niet deel aan de aanneming van deze verordening en is het niet gebonden door of onderworpen aan de toepassing ervan. Aangezien er met deze verordening wordt beoogd voort te bouwen op het Schengenacquis krachtens de bepalingen van titel IV van het derde deel van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, beslist Denemarken op grond van artikel 5 van genoemd protocol binnen een termijn van zes maanden nadat de Raad deze verordening heeft aangenomen, of het deze in zijn nationale wetgeving zal omzetten.

(8) Wat IJsland en Noorwegen betreft, vormt deze verordening een ontwikkeling van de bepalingen van het Schengenacquis als bedoeld in de door de Raad van de Europese Unie, de Republiek IJsland en het Koninkrijk Noorwegen gesloten overeenkomst inzake de wijze waarop deze twee staten worden betrokken bij de uitvoering, de toepassing en de ontwikkeling van het Schengenacquis(6), die vallen onder artikel 1, punt B, van Besluit 1999/437/EG van de Raad van 17 mei 1999 inzake bepaalde toepassingsbepalingen van die overeenkomst(7).

(9) Deze verordening vormt een ontwikkeling van bepalingen van het Schengenacquis waaraan het Verenigd Koninkrijk niet deelneemt, overeenkomstig Besluit 2000/365/EG van de Raad van 29 mei 2000 betreffende het verzoek van het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland deel te mogen nemen aan enkele van de bepalingen van het Schengenacquis(8). Het Verenigd Koninkrijk neemt derhalve niet deel aan de aanneming van deze verordening en is hieraan niet gebonden noch onderworpen aan de toepassing ervan.

(10) Deze verordening vormt een ontwikkeling van de bepalingen van het Schengenacquis waaraan Ierland niet deelneemt, overeenkomstig Besluit 2002/192/EG van de Raad van 28 februari 2002 betreffende het verzoek van Ierland deel te mogen nemen aan enkele van de bepalingen van het Schengenacquis(9). Ierland neemt derhalve niet deel aan de aanneming van deze verordening en is hieraan niet gebonden noch onderworpen aan de toepassing ervan.

(11) Deze verordening is een rechtshandeling die voorbouwt op het Schengenacquis of daaraan is verbonden als bedoeld in artikel 3, lid 1, van de Toetredingsakte,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

1. Door de lidstaten afgegeven doorreisfaciliteringsdocumenten (FTD) als bedoeld in artikel 2, lid 1, van Verordening (EG) nr. 693/2003 worden vervaardigd in de vorm van een uniform model (zelfklever) en zijn gelijkwaardig aan doorreisvisa. Zij moeten beantwoorden aan de in de bijlage I bij onderhavige verordening vervatte specificaties.

2. Door de lidstaten afgegeven doorreisfaciliteringsdocumenten voor treinreizigers (FRTD) als bedoeld in artikel 2, lid 2, van Verordening (EG) nr. 693/2003 worden vervaardigd in de vorm van een uniform model (zelfklever) en zijn gelijkwaardig aan doorreisvisa. Zij moeten beantwoorden aan de in de bijlage II bij onderhavige verordening vervatte specificaties.

Artikel 2

1. Overeenkomstig de procedure van artikel 4 worden andere technische specificaties voor het FTD en het FRTD vastgesteld voor:

a) de aanvullende veiligheidskenmerken en -vereisten, met inbegrip van strengere normen ter voorkoming van namaak en vervalsing;

b) de technische methoden en normen voor de invulling van het uniforme FTD/FRTD;

c) de overige voorschriften die in acht moeten worden genomen bij het invullen van het uniforme FTD/FRTD.

2. De kleuren van het uniforme FTD en het FRTD kunnen worden gewijzigd volgens de in artikel 4 bedoelde procedure.

Artikel 3

1. De in artikel 2 bedoelde specificaties zijn geheim en worden niet bekendgemaakt. Zij worden uitsluitend verstrekt aan de door de lidstaten aangewezen lichamen die verantwoordelijk zijn voor het drukken en aan door een lidstaat of de Commissie naar behoren gemachtigde personen.

2. Elke lidstaat die besloten heeft het FTD/FRTD af te geven wijst één orgaan aan dat voor het drukken daarvan verantwoordelijk is. De lidstaat deelt de naam van dat lichaam mee aan de Commissie en aan de andere lidstaten. Twee of meer lidstaten kunnen daartoe hetzelfde lichaam aanwijzen. Elke lidstaat is gerechtigd om van aangewezen lichaam te veranderen. Hij stelt de Commissie en de andere lidstaten daarvan op de hoogte.

Artikel 4

1. De Commissie wordt bijgestaan door het bij artikel 6, lid 2, van Verordening (EG) nr. 1683/95 ingestelde comité.

2. Wanneer naar dit lid wordt verwezen, zijn de artikelen 5 en 7 van Besluit 1999/468/EG van toepassing.

De in artikel 5, lid 6, van Besluit 1999/468/EG bedoelde termijn bedraagt twee maanden.

3. Het comité stelt zijn reglement van orde vast.

Artikel 5

Onverminderd de bepalingen betreffende de gegevensbescherming, hebben de personen aan wie een FTD en het FRTD wordt afgegeven, het recht de in het FTD en het FRTD vermelde persoonsgegevens te verifiëren en zo nodig te laten corrigeren of schrappen. Het FTD en het FRTD bevatten geen andere machineleesbare informatie dan die welke wordt vermeld in de bijlagen bij deze verordening of in het desbetreffende reisdocument.

Artikel 6

De lidstaten die hebben besloten het eenvormig model voor het FTD en het FRTD, als bedoeld in artikel 1 af te geven, doen dit uiterlijk één jaar nadat de in artikel 2, lid 1, onder a), bedoelde aanvullende veiligheidskenmerken en -vereisten zijn vastgesteld.

Uiterlijk op 31 december 2005 wordt vastgesteld of de in punt 2 van bijlage I en in punt 2 van bijlage II bedoelde foto moet worden geïntegreerd.

Artikel 7

Deze verordening treedt in werking op de dag volgend op die van haar bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in de lidstaten overeenkomstig het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap.

Gedaan te Luxemburg, 14 april 2003.

Voor de Raad

De voorzitter

A. Giannitsis

(1) Nog niet bekendgemaakt in het Publicatieblad.

(2) Advies uitgebracht op 8 april 2003 (nog niet bekendgemaakt in het Publicatieblad).

(3) Zie bladzijde 8 van dit Publicatieblad.

(4) PB L 164 van 14.7.1995, blz. 1. Verordening laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 334/2002 (PB L 53 van 23.2.2002, blz. 23).

(5) PB L 184 van 17.7.1999, blz. 23.

(6) PB L 176 van 10.7.1999, blz. 36.

(7) PB L 176 van 10.7.1999, blz. 31.

(8) PB L 131 van 1.6.2000, blz. 43.

(9) PB L 64 van 7.3.2002, blz. 20.

BIJLAGE I

FACILITATED TRANSIT DOCUMENT (FTD)

Veiligheidskenmerken

1. In deze zone komt een optisch variabel beeldmerk (OVD) met een kwaliteitsniveau qua identificatie en een veiligheidsniveau die niet geringer zijn dan bij het beeldmerk dat gebruikt wordt in het huidige eenvormige visumformaat. Afhankelijk van de gezichtshoek worden twaalf sterren, de letter "E" en een aardbol zichtbaar in verschillende afmetingen en kleuren.

2. Een volgens hoge veiligheidsnormen vervaardigde geïntegreerde foto.

3. In deze zone komt het logo dat bestaat uit een letter of letters die de afgevende lidstaat aanduiden met een latent beeldeffect. Dit logo is licht wanneer het horizontaal wordt gehouden en donker wanneer het 90° is gedraaid. De logo's worden gebruikt overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1683/95.

4. In het midden van deze zone komt het woord "FTD" in hoofdletters in optisch variabele inkt. Afhankelijk van de gezichtshoek is de kleur rood of groen.

5. Deze rubriek bevat het nummer van het FTD dat voorgedrukt is en begint met de letter of letters waarmee het afgevende land is aangeduid zoals is beschreven in punt 3. Er wordt een bijzonder lettertype gebruikt.

In te vullen rubrieken

6. Deze rubriek begint met de woorden: "geldig voor". De afgevende instantie vermeldt het grondgebied of de grondgebieden waarvoor het FTD geldig is.

7. Deze rubriek begint met het woord "van" en verder op de lijn komt het woord "tot". De afgevende instantie dient hier de geldigheidsduur van het FTD aan te geven.

8. Deze rubriek begint met de woorden "aantal binnenkomsten" en verder op de lijn komen de woorden "duur van doorreis" en nog verder op de lijn het woord "dagen".

9. Deze rubriek begint met de woorden "afgegeven te" en dient om de plaats van afgifte te vermelden.

10. Deze rubriek begint met het woord "op" (gevolgd door de datum van afgifte die door de afgevende instantie dient te worden ingevuld) en verder op de lijn komt het woord "paspoortnummer" (gevolgd door het paspoortnummer van de houder).

11. In deze rubriek worden de naam en de voornaam van de houder vermeld.

12. Deze rubriek begint met het woord "opmerkingen". Zij wordt door de afgevende instantie gebruikt voor bijkomende gegevens die zij noodzakelijk acht, mits wordt voldaan aan het bepaalde in artikel 5 van deze verordening. De volgende twee en een halve lijn worden voor dergelijke opmerkingen opengelaten.

13. Deze rubriek bevat relevante machineleesbare informatie om controles aan de buitengrenzen te vergemakkelijken.

Het papier is ongekleurd (witte basistint).

De namen van de rubrieken zijn gesteld in het Engels, in het Frans en in de taal van de afgevende staat.

Model van het FTD

>PIC FILE= "L_2003099NL.001901.TIF">

BIJLAGE II

FACILITATED RAIL TRANSIT DOCUMENT (FRTD)

Veiligheidskenmerken

1. In deze zone komt een optisch variabel beeldmerk (OVD) met een kwaliteitsniveau qua identificatie en een veiligheidsniveau die niet geringer zijn dan bij het beeldmerk dat gebruikt wordt in het huidige eenvormige visumformaat. Afhankelijk van de gezichtshoek worden twaalf sterren, de letter "E" en een aardbol zichtbaar in verschillende afmetingen en kleuren.

2. Een volgens hoge veiligheidsnormen vervaardigde geïntegreerde foto.

3. In deze zone komt het logo dat bestaat uit een letter of letters die de afgevende lidstaat aanduiden met een latent beeldeffect. Dit logo is licht wanneer het horizontaal wordt gehouden en donker wanneer het 90° is gedraaid. De logo's worden gebruikt overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1683/95.

4. In het midden van deze zone komt het woord "FRTD" in hoofdletters in optisch variabele inkt. Afhankelijk van de gezichtshoek is de kleur rood of groen.

5. Deze rubriek bevat het nummer van het FRTD dat voorgedrukt is en begint met de letter of letters waarmee het afgevende land is aangeduid zoals is beschreven in punt 3. Er wordt een bijzonder lettertype gebruikt.

In te vullen rubrieken

6. Deze rubriek begint met de woorden: "geldig voor". De afgevende instantie vermeldt het grondgebied of de grondgebieden waarvoor het FRTD geldig is.

7. Deze rubriek begint met het woord "van" en verder op de lijn komt het woord "tot". De afgevende instantie dient hier de geldigheidsduur van het FRTD aan te geven.

8. In deze rubriek wordt vermeld "één heen- en terugreis" en verder op de lijn het woord "uren".

9. Deze rubriek begint met de woorden "afgegeven te" en dient om de plaats van afgifte te vermelden.

10. Deze rubriek begint met het woord "op" (gevolgd door de datum van afgifte die door de afgevende instantie dient te worden ingevuld) en verder op de lijn komt het woord "paspoortnummer" (gevolgd door het paspoortnummer van de houder).

11. In deze rubriek worden de naam en de voornaam van de houder vermeld.

12. Deze rubriek begint met het woord "opmerkingen". Zij wordt door de afgevende overheid gebruikt voor bijkomende gegevens die zij noodzakelijk acht, mits wordt voldaan aan het bepaalde in artikel 5 van deze verordening. De volgende twee en een halve lijn worden voor dergelijke opmerkingen opengelaten.

13. Deze rubriek bevat relevante machineleesbare informatie om controles aan de buitengrenzen te vergemakkelijken.

Het papier is ongekleurd (witte basistint).

De namen van de rubrieken zijn gesteld in het Engels, in het Frans en in de taal van de afgevende staat.

Model van het FRTD

>PIC FILE= "L_2003099NL.002101.TIF">