32003R0007

Verordening (EG) nr. 7/2003 van de Commissie van 3 januari 2003 tot vaststelling van de restituties bij uitvoer in de sector melk en zuivelproducten

Publicatieblad Nr. L 001 van 04/01/2003 blz. 0050 - 0055


Verordening (EG) nr. 7/2003 van de Commissie

van 3 januari 2003

tot vaststelling van de restituties bij uitvoer in de sector melk en zuivelproducten

DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,

Gelet op Verordening (EG) nr. 1255/1999 van de Raad van 17 mei 1999 houdende een gemeenschappelijke ordening der markten in de sector melk en zuivelproducten(1), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 509/2002 van de Commissie(2), inzonderheid op artikel 31, lid 3,

Overwegende hetgeen volgt:

(1) Krachtens artikel 31 van Verordening (EG) nr. 1255/1999 kan het verschil tussen de in de internationale handel geldende prijzen van de producten als bedoeld in artikel 1 van genoemde verordening en de prijzen van deze producten in de Gemeenschap overbrugd worden door een restitutie bij de uitvoer voorzover de akkoorden gesloten overeenkomstig artikel 300 van het Verdrag dat toestaan.

(2) Krachtens Verordening (EG) nr. 1255/1999 moeten de restituties voor de producten als bedoeld in artikel 1 van die verordening, die als zodanig worden uitgevoerd, worden vastgesteld rekening houdend met:

- de situatie en de verwachte ontwikkeling op de markt van de Gemeenschap met betrekking tot de prijzen voor melk en zuivelproducten en de beschikbare hoeveelheden, evenals met de prijzen voor melk en zuivelproducten in de internationale handel,

- de afzetkosten en de meest gunstige vervoerskosten, berekend vanaf de markten van de Gemeenschap tot aan de havens of andere plaatsen van uitvoer van de Gemeenschap, evenals met de aanvoerkosten tot aan de landen van bestemming,

- de doelstellingen van de gemeenschappelijke ordening der markten in de sector melk en zuivelproducten, zijnde het verzekeren van een evenwichtige en een natuurlijke ontwikkeling van de prijzen en het handelsverkeer op deze markten,

- de beperkingen die resulteren uit de akkoorden gesloten overeenkomstig artikel 300 van het Verdrag,

- het belang dat erin gelegen is om verstoringen op de markt van de Gemeenschap te voorkomen,

- het economisch aspect van de beoogde uitvoer.

(3) Krachtens artikel 31, lid 5, van Verordening (EG) nr. 1255/1999 worden de prijzen in de Gemeenschap bepaald met inachtneming van de toegepaste prijzen die met het oog op de uitvoer het gunstigst blijken te zijn. Bij de bepaling van de prijzen in de internationale handel wordt met name rekening gehouden met:

a) de prijzen die op de markten in derde landen worden toegepast,

b) de gunstigste prijzen bij invoer in de derde landen van bestemming uit andere derde landen,

c) de producentenprijzen die in de uitvoerende derde landen worden geconstateerd en, in voorkomend geval, met inachtneming van de subsidies die door deze landen worden toegekend,

d) de aanbiedingsprijzen franco grens van de Gemeenschap.

(4) Krachtens artikel 31, lid 3, van Verordening (EG) nr. 1255/1999 kunnen de situatie op de wereldmarkt of de specifieke eisen van bepaalde markten het noodzakelijk maken dat voor de producten als bedoeld in artikel 1 van genoemde verordening naar gelang van hun bestemming een verschillend restitutiebedrag wordt vastgesteld.

(5) Artikel 31, lid 3, van Verordening (EG) nr. 1255/1999 voorziet erin dat de lijst van producten waarvoor een restitutie wordt verleend bij uitvoer, en het bedrag van deze restitutie ten minste eenmaal per vier weken worden vastgesteld. Het bedrag van de restitutie kan echter gedurende meer dan vier weken op hetzelfde niveau gehandhaafd blijven.

(6) Krachtens artikel 16 van Verordening (EG) nr. 174/1999 van de Commissie van 26 januari 1999 tot vaststelling van de specifieke uitvoeringsbepalingen van Verordening (EG) nr. 804/68 van de Raad inzake de uitvoercertificaten en de invoerrestituties in de sector melk en zuivelproducten(3), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 2279/2002(4), is de verleende restitutie voor zuivelproducten met toegevoegde suiker gelijk aan de som van twee elementen. Het ene element dient om rekening te houden met de hoeveelheid zuivelproducten en wordt berekend door het basisbedrag te vermenigvuldigen met het gehalte aan zuivelproducten van het betrokken product, het andere element dient om rekening te houden met de hoeveelheid toegevoegde sacharose en wordt berekend door het basisbedrag van de restitutie die op de dag van uitvoer geldt voor de producten als bedoeld in artikel 1, lid 1, onder d), van Verordening (EG) nr. 1260/2001 van de Raad van 19 juni 2001 houdende een gemeenschappelijke ordening der markten in de sector suiker(5), gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 680/2002 van de Commissie(6), te vermenigvuldigen met het sacharosegehalte van het gehele product. Dit laatste element evenwel wordt uitsluitend in aanmerking genomen als de sacharose is geproduceerd uit in de Gemeenschap geteelde suikerbieten of in de Gemeenschap geteeld suikerriet.

(7) Bij Verordening (EEG) nr. 896/84 van de Commissie(7), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EEG) nr. 222/88(8), zijn aanvullende bepalingen ingesteld inzake de toekenning van de restituties in geval van wijziging van het verkoopseizoen. Deze bepalingen voorzien in de mogelijkheid de restituties naar gelang van de datum waarop de producten zijn vervaardigd te differentiëren.

(8) Voor de berekening van het restitutiebedrag voor smeltkaas moet worden bepaald dat de eventueel toegevoegde hoeveelheid aan caseïne en/of caseïnaten niet in aanmerking wordt genomen.

(9) De toepassing van deze regels op de huidige marktsituatie in de zuivelsector, in het bijzonder op de prijzen van deze producten in de Gemeenschap en op de wereldmarkt, leidt tot het vaststellen van de restitutie voor de producten op de bedragen aangegeven in de bijlage.

(10) Het Comité van beheer voor melk en zuivelproducten heeft geen advies uitgebracht binnen de door zijn voorzitter bepaalde termijn,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

De restituties bedoeld in artikel 31 van Verordening (EG) nr. 1255/1999 voor de uitgevoerde producten in ongewijzigde staat worden vastgesteld op de bedragen als aangegeven in de bijlage.

Artikel 2

Deze verordening treedt in werking op 6 januari 2003.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 3 januari 2003.

Voor de Commissie

Franz Fischler

Lid van de Commissie

(1) PB L 160 van 26.6.1999, blz. 48.

(2) PB L 79 van 22.3.2002, blz. 15.

(3) PB L 20 van 27.1.1999, blz. 8.

(4) PB L 347 van 20.12.2002, blz. 31.

(5) PB L 178 van 30.6.2001, blz. 1.

(6) PB L 104 van 20.4.2002, blz. 26.

(7) PB L 91 van 1.4.1984, blz. 71.

(8) PB L 28 van 1.2.1988, blz. 1.

BIJLAGE

bij de verordening van de Commissie van 3 januari 2003 tot vaststelling van de restituties bij uitvoer in de sector melk en zuivelproducten

>RUIMTE VOOR DE TABEL>

NB:

De codes van de producten en de codes van de bestemmingen serie "A" zijn vastgesteld in Verordening (EEG) nr. 3846/87 van de Commissie (PB L 366 van 24.12.1987, blz. 1), zoals gewijzigd.

De numerieke codes voor de bestemmingen zijn vastgesteld in Verordening (EG) nr. 2020/2001 van de Commissie (PB L 273 van 16.10.2001, blz. 6).

De andere bestemmingen worden als volgt vastgesteld:

L03 Ceuta, Melilla, IJsland, Noorwegen, Zwitserland, Liechtenstein, Andorra, Gibraltar, Heilige Stoel (gebruikelijke naam: Vaticaanstad), Malta, Turkije, Estland, Letland, Litouwen, Polen, Tsjechië, Slowakije, Hongarije, Roemenië, Bulgarije, Canada, Cyprus, Australië en Nieuw-Zeeland,

L04 Albanië, Slovenië, Kroatië, Bosnië-Herzegovina, Joegoslavië en de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië,

L05 Alle bestemmingen met uitzondering van Polen, Estland, Letland, Litouwen, Hongarije en de Verenigde Staten van Amerika,

L06 Alle bestemmingen met uitzondering van Estland, Letland, Litouwen, Hongarije en de Verenigde Staten van Amerika.

"970" omvat de uitvoer zoals bedoeld in artikel 36, lid 1, onder a) en c), en artikel 44, lid 1, onder a) en b), van Verordening (EG) nr. 800/1999 van de Commissie (PB L 102 van 17.4.1999, blz. 11) en de uitvoer op basis van contracten met op het grondgebied van een lidstaat gestationeerde maar niet onder zijn gezag vallende strijdkrachten.