32003D0847

2003/847/JBZ: Besluit 2003/847/JBZ van de Raad van 27 november 2003 houdende controlemaatregelen en strafrechtelijke sancties betreffende de nieuwe synthetische drugs 2C-I, 2C-T-2, 2C-T-7 en TMA-2

Publicatieblad Nr. L 321 van 06/12/2003 blz. 0064 - 0065


Besluit 2003/847/JBZ van de Raad

van 27 november 2003

houdende controlemaatregelen en strafrechtelijke sancties betreffende de nieuwe synthetische drugs 2C-I, 2C-T-2, 2C-T-7 en TMA-2

DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gelet op het Verdrag betreffende de Europese Unie,

Gelet op Gemeenschappelijk Optreden 97/396/JBZ van de Raad van 16 juni 1997 inzake de uitwisseling van informatie, de risicobeoordeling en de controle ten aanzien van nieuwe synthetische drugs(1), en met name op artikel 5, lid 1,

Gezien het initiatief van de Republiek Italië,

Overwegende hetgeen volgt:

(1) Op basis van artikel 4, lid 3, van Gemeenschappelijk Optreden 97/396/JBZ zijn tijdens een onder auspiciën van het Wetenschappelijk Comité van het Europees Waarnemingscentrum voor drugs en drugsverslaving belegde vergadering verslagen opgesteld over de risicobeoordeling in verband met 2C-I (2,5-dimethoxy-4-iodofenethylamine), 2C-T-2 (2,5-dimethoxy-4-ethylthiofenethylamine), 2C-T-7 (2,5-dimethoxy-4-(n)-propylthiofenethylamine) en TMA-2 (2,4,5-trimethoxyamfetamine).

(2) 2C-I, 2C-T-2, 2C-T-7 en TMA-2 zijn amfetaminederivaten en hebben de structurele eigenschappen van de fenethylamines, die in verband worden gebracht met een hallucinogene/stimulerende werking. 2C-I, 2C-T-2, 2C-T-7 en TMA-2 zijn niet in verband gebracht met gevallen van vergiftiging met al dan niet dodelijke afloop in de Gemeenschap. 2C-I, 2C-T-2, 2C-T-7 en TMA-2 zijn evenwel hallucinogene drugs waaraan mogelijke risico's verbonden zijn die vergelijkbaar zijn met die van andere hallucinogene stoffen als bijvoorbeeld 2C-B, DOB, TMA en DOM, die reeds voorkomen op lijst I of lijst II van het Verdrag inzake psychotrope stoffen van de Verenigde Naties van 1971. Het risico van acute of chronische toxiciteit kan derhalve niet worden uitgesloten.

(3) 2C-I, 2C-T-2, 2C-T-7 en TMA-2 komen momenteel niet voor op één van de lijsten van het Verdrag inzake psychotrope stoffen van de Verenigde Naties van 1971.

(4) 2C-I en 2C-T-2 zijn op het ogenblik krachtens de nationale drugswetgeving in vijf lidstaten onderworpen aan controle, 2C-T-7 en TMA-2 in vier lidstaten.

(5) 2C-I, 2C-T-2, 2C-T-7 en TMA-2 hebben geen therapeutische waarde en worden niet voor industriële doeleinden gebruikt.

(6) 2C-I is in vier lidstaten aangetroffen, 2C-T-2 en 2C-T-7 in zes en TMA-2 in vijf lidstaten. Op het ogenblik heeft één lidstaat een geval van internationale handel in 2C-T-2 gerapporteerd waarbij twee lidstaten waren betrokken; er is geen internationale handel in 2C-I, 2C-T-7 en TMA-2 gerapporteerd. Er is beslag gelegd op 2C-I, 2C-T-2, 2C-T-7 en TMA-2 producerende laboratoria in drie lidstaten. In één lidstaat doet de inbeslagname van een grote hoeveelheid van de tussenprecursor 2C-H en van documentatie vermoeden dat er 2C-I wordt geproduceerd. De belangrijkste chemische precursoren van 2C-I, 2C-T-2, 2C-T-7 en TMA-2 zijn in de handel verkrijgbaar.

(7) 2C-I, 2C-T-2, 2C-T-7 en TMA-2 dienen door de lidstaten aan de controlemaatregelen en strafrechtelijke sancties te worden onderworpen waarin is voorzien in de wetgevingen die de lidstaten hebben aangenomen om te voldoen aan hun verplichtingen uit hoofde van het VN-verdrag inzake psychotrope stoffen van 1971 wat betreft de in de lijsten I en II bij dat verdrag opgenomen stoffen,

BESLUIT:

Artikel 1

De lidstaten treffen in overeenstemming met hun nationale wetgevingen de noodzakelijke maatregelen om 2C-I (2,5-dimethoxy-4-iodofenethylamine), 2C-T-2 (2,5-dimethoxy-4-ethylthiofenethylamine), 2C-T-7 (2,5-dimethoxy-4-(n)-propylthiofenethylamine) en TMA-2 (2,4,5-trimethoxyamfetamine) aan de controlemaatregelen en strafrechtelijke sancties te onderwerpen waarin is voorzien in de wetgevingen die de lidstaten hebben aangenomen om te voldoen aan hun verplichtingen uit hoofde van het VN-verdrag inzake psychotrope stoffen van 1971 wat betreft de in de lijsten I en II bij dat verdrag opgenomen stoffen.

Artikel 2

De lidstaten treffen overeenkomstig artikel 5, lid 1, derde alinea, van Gemeenschappelijk Optreden 97/396/JBZ de in artikel 1 bedoelde maatregelen binnen drie maanden vanaf de dag waarop het onderhavige besluit van kracht wordt.

Binnen zes maanden vanaf de dag waarop dit besluit van kracht wordt, stellen de lidstaten het secretariaat-generaal van de Raad en de Commissie in kennis van de maatregelen die zij hebben genomen.

Artikel 3

Dit besluit wordt bekendgemaakt in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Het wordt van kracht op de dag volgende op die van zijn bekendmaking.

Gedaan te Brussel, 27 november 2003.

Voor de Raad

De voorzitter

R. Castelli

(1) PB L 167 van 25.6.1997, blz. 1.