32002D0113

2002/113/EG: Beschikking van de Commissie van 23 januari 2002 tot wijziging van Beschikking 1999/217/EG wat het repertorium van in levensmiddelen gebruikte aromastoffen betreft (Voor de EER relevante tekst) (Kennisgeving geschied onder nummer C(2002) 88)

Publicatieblad Nr. L 049 van 20/02/2002 blz. 0001 - 0160


Beschikking van de Commissie

van 23 januari 2002

tot wijziging van Beschikking 1999/217/EG wat het repertorium van in levensmiddelen gebruikte aromastoffen betreft

(Kennisgeving geschied onder nummer C(2002) 88)

(Voor de EER relevante tekst)

(2002/113/EG)

DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,

Gelet op Verordening (EG) nr. 2232/96 van het Europees Parlement en de Raad van 28 oktober 1996 tot vaststelling van een communautaire procedure voor in of op levensmiddelen gebruikte of te gebruiken aromastoffen(1), en met name op artikel 3, lid 2,

Overwegende hetgeen volgt:

(1) Krachtens artikel 3, lid 2, van Verordening (EG) nr. 2232/96 heeft de Commissie bij Beschikking 1999/217/EG(2), gewijzigd bij Beschikking 2000/489/EG(3), een repertorium van in levensmiddelen gebruikte aromastoffen vastgesteld.

(2) Krachtens Verordening (EG) nr. 1565/2000 van de Commissie van 18 juli 2000 tot vaststelling van de maatregelen die vereist zijn voor de vaststelling van een beoordelingsprogramma in toepassing van Verordening (EG) nr. 2232/96 van het Europees Parlement en de Raad(4) moet aan elke aromastof een nieuw nummer, het zogenaamde FL-nummer, worden toegewezen. Bovendien moeten alle aromastoffen van het repertorium in groepen van verwante stoffen worden ingedeeld overeenkomstig de lijst van groepen in die verordening. Deze informatie moet beschikbaar zijn voor de personen die de stof in de handel brengen, zodat zij hun verplichtingen uit hoofde van Verordening (EG) nr. 1565/2000 kunnen nakomen. Daarom moeten de nieuwe FL-nummers en de groepnummers in het repertorium van aromastoffen worden vermeld.

(3) De delen 1, 2 en 3 van het aan Beschikking 1999/217/EG, gewijzigd bij Beschikking 2000/489/EG, gehechte repertorium moeten samengevoegd worden tot één deel, deel A, en de stoffen daarin moeten volgens hun FL-nummer worden gerangschikt. Deel 4 van het repertorium moet worden vervangen door de tekst in deel B van het aan deze beschikking gehechte repertorium.

(4) Bestudering van de aromastoffen waarvan de lidstaten kennisgeving hebben gedaan en die in Beschikking 1999/217/EG zijn opgenomen, heeft een aantal inconsistenties aan het licht gebracht in de nummers, namen, synoniemen en systematische namen, en een aantal gevallen waarin dezelfde stoffen onder verschillende chemische namen in het repertorium zijn opgenomen. Deze inconsistenties moeten rechtgezet worden. Wanneer in dit stadium omtrent een dergelijke inconsistentie geen definitieve conclusie kon worden getrokken, moet ten minste worden vermeld dat er een mogelijke inconsistentie bestaat.

(5) Voor een aantal stoffen van Beschikking 1999/217/EG, waaronder stoffen waarvan met een verzoek om vertrouwelijkheid kennisgeving was gedaan, hebben sommige lidstaten hun kennisgeving ingetrokken. Deze stoffen moeten uit het repertorium worden geschrapt. Ook hebben lidstaten kennisgeving gedaan van nieuwe stoffen, die overeenkomstig artikel 5, lid 2, van Verordening (EG) nr. 2232/96 in het beoordelingsprogramma en dus in het repertorium moeten worden opgenomen.

(6) Volgens artikel 4, lid 3, van Verordening (EG) nr. 2232/96 moet een stof uit het repertorium worden geschrapt indien de beoordeling uitwijst dat die stof niet aan de in de bijlage bij die verordening genoemde criteria voldoet. Het Wetenschappelijk Comité voor de menselijke voeding heeft in zijn adviezen van 26 september 2001 geconcludeerd dat 4-allyl-1,2-dimethoxybenzeen (methyleugenol) en 1-allyl-4-methoxybenzeen (estragol) genotoxisch zijn. Deze stoffen moeten dus uit het repertorium worden geschrapt.

(7) Beschikking 1999/217/EG moet derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd.

(8) De in deze beschikking vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Permanent Comité voor levensmiddelen,

HEEFT DE VOLGENDE BESCHIKKING GEGEVEN:

Artikel 1

Het aan Beschikking 1999/217/EG gehechte repertorium wordt vervangen door de tekst van de bijlage bij deze beschikking.

Artikel 2

Deze beschikking is gericht tot de lidstaten.

Gedaan te Brussel, 23 januari 2002.

Voor de Commissie

David Byrne

Lid van de Commissie

(1) PB L 299 van 23.11.1996, blz. 1.

(2) PB L 84 van 27.3.1999, blz. 1.

(3) PB L 197 van 3.8.2000, blz. 53.

(4) PB L 180 van 19.7.2000, blz. 8.

BIJLAGE

"Repertorium van de aromastoffen waarvan de lidstaten kennisgeving hebben gedaan overeenkomstig artikel 3, lid 1, van Verordening (EG) nr. 2232/96 van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van een communautaire procedure voor in of op levensmiddelen gebruikte of te gebruiken aromastoffen

Het repertorium van chemisch gedefinieerde aromastoffen bestaat uit twee delen. In deel A zijn de stoffen volgens hun FL-nummer gerangschikt. In deel B staan de stoffen waarvoor een lidstaat om vertrouwelijkheid heeft gevraagd met het oog op de bescherming van de intellectuele eigendom van de producent.

In deel A zijn de CAS(1)-, Einecs(2)-, CoE(3)- en FEMA(4)-nummers vermeld wanneer die beschikbaar zijn.

Cijfers in de kolom "Opmerkingen" verwijzen naar de volgende opmerkingen:

1. Stof die afgezien van haar aromatische eigenschappen wordt gebruikt voor andere doeleinden op of in levensmiddelen en die derhalve kan zijn onderworpen aan aanvullende wettelijke voorschriften.

2. Stof waarvan het gebruik in bepaalde lidstaten onderworpen is aan beperkende of verbodsbepalingen.

3. Stof die in het beoordelingsprogramma krachtens Verordening (EG) nr. 1565/2000 voorrang moet krijgen.

4. Stof waarover extra informatie moet worden verstrekt.

5. In de naam, synoniemen, systematische namen en/of het CAS-, Einecs-, CoE- of FEMA-nummer kunnen inconsistenties voorkomen.

Een specifiek probleem is dat van de behandeling van zouten en andere afgeleide verbindingen van een bepaalde "generieke" stof. Van een aantal stoffen is op zeer nauwkeurige wijze kennisgeving gedaan. Bij andere stoffen ontbreekt een dergelijke gedetailleerde identificatie. Voor bepaalde zuren of basen zijn geen specifieke richtsnoeren gegeven met betrekking tot hun afgeleide zouten. Voorlopig wordt aangenomen, maar uitsluitend voor het doel van dit repertorium, dat ammonium-, natrium-, kalium- en calciumzouten, alsmede chloriden, carbonaten en sulfaten, wanneer zij aromatische eigenschappen hebben onder de algemene "generieke" stof vallen. De uiteindelijke aanvaarding zal echter afhangen van de resultaten van de beoordeling, waarbij in deze gevallen nauwkeurig moet worden nagegaan of een dergelijke assimilatie wel verantwoord is.

DEEL A

AROMASTOFFEN

(Indeling volgens FL-nummer)

>RUIMTE VOOR DE TABEL>

DEEL B

AROMASTOFFEN WAARVAN KENNISGEVING IS GEDAAN OVEREENKOMSTIG ARTIKEL 3, LID 2, VAN VERORDENING (EG) Nr. 2232/96 EN WAARVOOR BESCHERMING VAN DE INTELLECTUELE EIGENDOM VAN DE PRODUCENT IS AANGEVRAAGD

>RUIMTE VOOR DE TABEL>

(1) Chemical Abstracts Service.

(2) European Inventory of Existing Chemical Substances.

(3) Council of Europe (Raad van Europa).

(4) Flavour and Extract Manufacturers' Association (Verenigde Staten van Amerika)."