32000D0096

2000/96/EG: Beschikking van de Commissie van 22 december 1999 betreffende de overdraagbare ziekten die geleidelijk door het communautaire netwerk zullen worden bestreken overeenkomstig Beschikking nr. 2119/98/EG van het Europees Parlement en de Raad (kennisgeving geschied onder nummer C(1999) 4015)

Publicatieblad Nr. L 028 van 03/02/2000 blz. 0050 - 0053


BESCHIKKING VAN DE COMMISSIE

van 22 december 1999

betreffende de overdraagbare ziekten die geleidelijk door het communautaire netwerk zullen worden bestreken overeenkomstig Beschikking nr. 2119/98/EG van het Europees Parlement en de Raad

(kennisgeving geschied onder nummer C(1999) 4015)

(2000/96/EG)

DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,

Gelet op Beschikking nr. 2119/98/EG van het Europees Parlement en de Raad van 24 september 1998 tot oprichting van een netwerk voor epidemiologische surveillance en beheersing van overdraagbare ziekten in de Gemeenschap(1), inzonderheid op artikel 3, onder a) tot en met e),

Overwegende hetgeen volgt:

(1) Overeenkomstig Beschikking nr. 2119/98/EG moet een netwerk dat de gehele Gemeenschap bestrijkt, worden ingevoerd ter bevordering van de samenwerking en de coördinatie tussen de lidstaten, met bijstand van de Commissie, ter verbetering van de preventie en beheersing in de Gemeenschap van de in de bijlage bij die beschikking genoemde categorieën overdraagbare ziekten. Dit netwerk moet worden gebruikt voor de epidemiologische surveillance van die ziekten, en voor de invoering van een systeem voor vroegtijdige waarschuwing en maatregelen;

(2) Ten aanzien van de epidemiologische surveillance moet dit netwerk worden opgezet door permanente communicatie tot stand te brengen tussen de Commissie en de structuren en/of instanties die op het vlak van elke lidstaat en onder verantwoordelijkheid van die lidstaat nationaal bevoegd zijn en belast zijn met de verzameling van informatie aangaande de epidemiologische surveillance van overdraagbare ziekten;

(3) De voor epidemiologische surveillance op Gemeenschapsvlak uitgekozen ziekten of gezondheidsvraagstukken moeten op de behoeften in de Gemeenschap aansluiten en in het bijzonder moet blijken welke toegevoegde waarde surveillance op Gemeenschapsvlak heeft;

(4) De lijst met ziekten of gezondheidsvraagstukken die voor epidemiologische surveillance zijn uitgekozen, moet aan veranderingen in het voorkomen van ziekten en bij optreden van nieuwe overdraagbare ziekten die de volksgezondheid bedreigen, worden aangepast;

(5) De Commissie moet het netwerk de vereiste informatie-instrumenten verstrekken en ervoor zorgen dat deze met de betreffende communautaire programma's en initiatieven verenigbaar zijn en deze aanvullen;

(6) Deze beschikking moet worden toegepast onverminderd Richtlijn 92/117/EEG van de Raad van 17 december 1992 inzake maatregelen voor de bescherming tegen bepaalde zoönoses en bepaalde zoönoseverwekkers bij dieren en in producten van dierlijke oorsprong teneinde door voedsel overgedragen infecties en vergiftigingen te voorkomen(2), laatstelijk gewijzigd bij Richtlijn 1999/72/EG van het Europees Parlement en de Raad(3).

(7) De onderhavige beschikking dient de aansluiting te bevorderen van het overeenkomstig Beschikking nr. 2119/98/EG ingevoerde communautaire netwerk op andere nationale of communautaire snelle waarschuwingsnetwerken voor ziekten en speciale gezondheidsvraagstukken die door het systeem voor vroegtijdige waarschuwing en maatregelen zullen worden bestreken. Het communautaire netwerk dient daarom voor het eigen functioneren in eerste instantie gebruik te maken van EUPHIN-HSSCD (Health Surveillance System for Communicable Diseases binnen het European Public Health Information Network), dat uit drie elementen bestaat:

a) een systeem voor vroegtijdige waarschuwing en maatregelen voor het melden van gespecificeerde gevaren voor de bevolking door de autoriteiten die in elke lidstaat voor de volksgezondheid bevoegd zijn en die belast zijn met het vaststellen van de maatregelen die ter bescherming van de volksgezondheid nodig kunnen zijn;

b) uitwisseling van voor de volksgezondheid relevante informatie tussen erkende structuren en instanties van de lidstaten;

c) specifieke netwerken voor door de erkende structuren en instanties voor epidemiologische surveillance van de lidstaten geselecteerde ziekten.

(8) De ontwikkeling van nieuwe bruikbare technologieën moet regelmatig worden gevolgd en bij de verbetering van de elektronische uitwisseling van informatie moet met deze ontwikkeling rekening worden gehouden.

(9) Om logistieke redenen kunnen niet alle voor epidemiologische surveillance uitgekozen overdraagbare ziekten of speciale gezondheidsvraagstukken onmiddellijk door specifieke surveillance netwerkregelingen worden bestreken. Niettemin dienen, opdat het communautaire netwerk kan beginnen te werken en ervaring kan opdoen, de bevoegde autoriteiten in de lidstaten de relevante gegevens die in hun bezit zijn, door het communautaire netwerk te verspreiden.

(10) De in deze beschikking vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het bij artikel 7 van Beschikking nr. 2119/98/EG ingestelde Comité,

HEEFT DE VOLGENDE BESCHIKKING GEGEVEN:

Artikel 1

De overdraagbare ziekten en speciale gezondheidsvraagstukken die overeenkomstig Beschikking nr. 2119/98/EG geleidelijk door epidemiologische surveillance via het communautaire netwerk zullen worden bestreken, zijn in bijlage I bij de onderhavige beschikking opgenomen. De surveillance wordt met inachtneming van de aard van de ziekte, de bestaande netwerken en de communautaire toegevoegde waarde kostendoelmatig uitgevoerd.

Artikel 2

De criteria voor de selectie van ziekten en speciale gezondheidsvraagstukken die door epidemiologische surveillance via het communautaire netwerk zullen worden bestreken, zijn in bijlage II opgenomen.

Artikel 3

Voor de technische uitvoering van deze beschikking dient het communautaire netwerk aanvankelijk van EUPHIN-HSSCD (Health Surveillance System for Communicable Diseases) gebruik te maken.

Artikel 4

Het communautaire netwerk wordt opgezet door wijziging en, zo nodig, aanvulling van bestaande door de Gemeenschap gesteunde surveillancenetwerken en opbouw van nieuwe netwerken voor nog niet door surveillancenetwerken bestreken ziekten. Wanneer een ziekte wegens het geringe aantal gevallen geen invoering van een specifiek communautair surveillancenetwerk voor die ziekte toelaat, wordt de uit surveillance binnen het netwerk verkregen informatie alleen door gevalrapporten verspreid.

Artikel 5

Voor ieder op het communautaire netwerk aangesloten of daarvoor opgezet specifieke netwerk worden definities van de gevallen, de aard en het type te verzamelen en door te geven gegevens alsmede de vereiste epidemiologische en microbiologische surveillancemethoden vastgesteld. Voor ziekten waarover de informatie alleen door gevalrapporten wordt verspreid, worden definities van gevallen en surveillancemethoden vastgesteld.

Artikel 6

De lidstaten verspreiden in het communautaire netwerk de in hun nationale surveillancesysteem ontdekte relevante informatie die in hun bezit is, over overdraagbare ziekten of speciale gezondheidsvraagstukken die voor epidemiologische surveillance zijn uitgekozen, maar nog niet door specifieke communautaire surveilancenetwerkregelingen worden bestreken.

Artikel 7

Relevante informatie over overdraagbare ziekten die niet in bijlage I zijn vermeld, wordt overeenkomstig artikel 4 van Beschikking nr. 2119/98/EG over het communautaire netwerk verspreid wanneer dit ter bescherming van de volksgezondheid in de Gemeenschap noodzakelijk wordt geacht.

Artikel 8

Wanneer specifieke surveilancenetwerken voor zoönoses worden ingevoerd waarvoor op grond van Richtlijn 92/117/EEG surveillance van gevallen bij mensen vereist is, geschiedt deze surveilance overeenkomstig Beschikking nr. 2119/98/EG en worden de voor de uitvoering van Richtlijn 92/117/EG vereiste gegevens volledig voor dat doel ter beschikking gesteld. Hiertoe worden de definities van de gevallen en de surveillancemethoden voor ziekten bij de mens voorzover mogelijk zodanig vastgesteld dat de verzamelde gegevens ook voor Richtlijn 92/117/EG kunnen dienen.

Artikel 9

De bevoegde instanties in de lidstaten delen de Commissie andere ziekten en speciale gezondheidsvraagstukken mee, waarvoor epidemiologische surveillance door de Gemeenschap op grond van de in bijlage II genoemde criteria geleidelijk dient te worden ontwikkeld.

Artikel 10

Deze beschikking wordt op 1 januari 2000 van kracht.

Artikel 11

Deze beschikking is gericht tot de lidstaten.

Gedaan te Brussel, 22 december 1999.

Voor de Commissie

David BYRNE

Lid van de Commissie

(1) PB L 268 van 3.10.1998, blz. 1.

(2) PB L 62 van 15.3.1993, blz. 38.

(3) PB L 210 van 10.8.1999, blz. 12.

BIJLAGE I

1. OVERDRAAGBARE ZIEKTEN EN SPECIALE GEZONDHEIDSVRAAGSTUKKEN DIE GELEIDELIJK DOOR HET COMMUNAUTAIR NETWERK ZULLEN WORDEN BESTREKEN

1.1. Voor de hieronder volgende ziekten/gezondheidsvraagstukken zal surveillance door het communautaire netwerk via gestandaardiseerde verzameling en analyse van de gegevens plaatshebben. Zodra de specifieke communautaire netweken zijn opgezet, zal voor elke ziekte/speciaal gezondheidsvraagstuk worden vastgesteld hoe dit moet gebeuren.

2. ZIEKTEN

2.1. Door vaccinatie te voorkomen ziekten

Difterie

Infecties door Haemophilus influenzae groep B

Griep

Mazelen

Bof

Kinkhoest

Kinderverlamming

Rodehond

2.2. Seksueel overdraagbare aandoeningen

Chlamydia-infecties

Gonokokkeninfecties

HIV-infectie

Syfilis

2.3. Virushepatitis

Hepatitis A

Hepatitis B

Hepatitis C

2.4. Door voedsel, water of de omgeving overgedragen ziekten

Botulisme

Campylobacteriose

Cryptosporidiosis

Giardiasis

Infectie met enterohemorragische E. coli

Leptospirose

Listeriose

Salmonellose

Shigellose

Toxoplasmose

Trichinose

Yersiniose

2.5. Andere ziekten

2.5.1. Door ongebruikelijke ziekteverwekkers overgedragen ziekten

Overdraagbare spongiforme encefalopathieën - (CJD)

2.5.2. Door lucht overgedragen ziekten

Legionellose

Meningokokkenziekte

Pneumokokkeninfecties

Tuberculose

2.5.3. Zoönosen (anderen dan in 2.4)

Brucellose

Echinokokkose

Hondsdolheid

2.5.4. Ingevoerde ernstige ziekten

Cholera

Malaria

Pest

Virale hemorragische koortsen

3. SPECIALE GEZONDHEIDSVRAAGSTUKKEN

3.1. Ziekenhuisinfecties

3.2. Antibioticaresistentie

BIJLAGE II

CRITERIA VOOR DE SELECTIE VAN OVERDRAAGBARE ZIEKTEN OF SPECIALE GEBIEDEN DIE DOOR HET NETWERK VOOR EPIDEMIOLOGISCHE SURVEILLANCE MOETEN WORDEN BESTREKEN

1. Ziekten die een significante morbiditeit en/of mortaliteit in de hele Gemeenschap veroorzaken of kunnen veroorzaken, vooral wanneer de preventie van die ziekten een totaalaanpak van de coördinatie vereist.

2. Ziekten waarbij de uitwisseling van informatie een vroegtijdige waarschuwing voor bedreigingen van de volksgezondheid kan zijn.

3. Zeldzame en ernstige ziekten die niet op nationaal niveau zouden worden herkend en waarbij door bundeling van gegevens op basis van een bredere kennis hypothesen zouden kunnen worden opgesteld.

4. Ziekten waarvoor doeltreffende preventiemaatregelen beschikbaar zijn die tot een betere gezondheidsbescherming leiden.

5. Ziekten waarbij vergelijking door de lidstaten tot evaluatie van de nationale en communautaire programma's zou bijdragen.