31994R2701

Verordening (EG) nr. 2701/94 van de Commissie van 7 november 1994 tot wijziging van de bijlagen I tot en met IV bij Verordening (EEG) nr. 2377/90 van de Raad houdende een communautaire procedure tot vaststelling van maximumwaarden voor residuen van geneesmiddelen voor diergeneeskundig gebruik in levensmiddelen van dierlijke oorsprong (Voor de EER relevante tekst)

Publicatieblad Nr. L 287 van 08/11/1994 blz. 0007 - 0017
Bijzondere uitgave in het Fins: Hoofdstuk 3 Deel 62 blz. 0179
Bijzondere uitgave in het Zweeds: Hoofdstuk 3 Deel 62 blz. 0179


VERORDENING (EG) Nr. 2701/94 VAN DE COMMISSIE van 7 november 1994 tot wijziging van de bijlagen I tot en met IV bij Verordening (EEG) nr. 2377/90 van de Raad houdende een communautaire procedure tot vaststelling van maximumwaarden voor residuen van geneesmiddelen voor diergeneeskundig gebruik in levensmiddelen van dierlijke oorsprong (Voor de EER relevante tekst)

DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,

Gelet op Verordening (EEG) nr. 2377/90 van de Raad van 26 juni 1990 houdende een communautaire procedure tot vaststelling van maximumwaarden voor residuen van geneesmiddelen voor diergeneeskundig gebruik in levensmiddelen van dierlijke oorsprong (1), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 1430/94 van de Commissie (2), inzonderheid op de artikelen 6, 7 en 8,

Overwegende dat de bijlagen sedert de vaststelling van de verordening bij herhaling zijn gewijzigd; dat zij talrijk en ingewikkeld zijn en over verschillende Publikatiebladen verspreid, zodat zij moeilijk hanteerbaar zijn geworden waardoor de voor elke wettelijke regeling noodzakelijke duidelijkheid ontbreekt; dat derhalve tot codificatie moet worden overgegaan om de benaming of de chemische formule van bepaalde toevoegingsmiddelen te preciseren of te rectificeren en om een aantal materiële fouten te corrigeren;

Overwegende dat de in deze verordening vervatte maatregelen in overeenstemming zijn met het advies van het Comité voor de aanpassing aan de technische vooruitgang van de richtlijnen voor de opheffing van handelsbelemmeringen in de sector diergeneesmiddelen,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

De bijlagen I tot en met IV bij Verordening (EEG) nr. 2377/90 worden vervangen door de bijlage bij de onderhavige verordening.

Artikel 2

Deze verordening treedt in werking op de zestigste dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke Lid-Staat.

Gedaan te Brussel, 7 november 1994.

Voor de Commissie

Martin BANGEMANN

Lid van de Commissie

(1) PB nr. L 224 van 18. 8. 1990, blz. 1.

(2) PB nr. L 156 van 23. 6. 1994, blz. 6.

BIJLAGE

"BIJLAGE I

Lijst van farmacologisch werkzame substanties waarvoor maximumwaarden voor residuen zijn vastgesteld

1. Infectiewerende middelen

1.1. Chemotherapeutica

1.1.1. Sulfonamiden

"" ID="1">Alle stoffen van de sulfonamidengroep> ID="2">Oorspronkelijk geneesmiddel> ID="3">Alle voedselproducerende soorten> ID="4">100 mg/kg> ID="5">Spier, lever, nieren, vetweefsel> ID="6">Het totale gehalte aan residuen van alle stoffen van de sulfonamidegroep mag niet meer bedragen dan 100 mg/kg">

1.2. Antibiotica

1.2.1. Penicillines

"" ID="1">1.2.1.1. Benzylpenicilline> ID="2">Benzylpenicilline> ID="3">Alle voedselproducerende soorten> ID="4">50 mg/kg> ID="5">Spier, lever, nieren, vetweefsel"> ID="4">4 mg/kg> ID="5">Melk"> ID="1">1.2.1.2. Ampicilline> ID="2">Ampicilline> ID="3">Alle voedselproducerende soorten> ID="4">50 mg/kg> ID="5">Spier, lever, nieren, vetweefsel"> ID="4">4 mg/kg> ID="5">Melk"> ID="1">1.2.1.3. Amoxycilline> ID="2">Amoxycilline> ID="3">Alle voedselproducerende soorten> ID="4">50 mg/kg> ID="5">Spier, lever, nieren, vetweefsel"> ID="4">4 mg/kg> ID="5">Melk"> ID="1">1.2.1.4. Oxacilline> ID="2">Oxacilline> ID="3">Alle voedselproducerende soorten> ID="4">300 mg/kg> ID="5">Spier, lever, nieren, vetweefsel"> ID="4">30 mg/kg> ID="5">Melk"> ID="1">1.2.1.5. Cloxacilline> ID="2">Cloxacilline> ID="3">Alle voedselproducerende soorten> ID="4">300 mg/kg> ID="5">Spier, lever, nieren, vetweefsel"> ID="4">30 mg/kg> ID="5">Melk"> ID="1">1.2.1.6. Dicloxacilline> ID="2">Dicloxacilline> ID="3">Alle voedselproducerende soorten> ID="4">300 mg/kg> ID="5">Spier, lever, nieren, vetweefsel"> ID="4">30 mg/kg> ID="5">Melk">

1.2.2. Cephalosporines

"" ID="1">1.2.2.1. Cefquinome> ID="2">Cefquinome> ID="3">Runderen> ID="4">200 mg/kg> ID="5">Nieren"> ID="4">100 mg/kg> ID="5">Lever"> ID="4">50 mg/kg> ID="5">Spier"> ID="4">50 mg/kg> ID="5">Vetweefsel">

1.2.3. Quinolones

"" ID="1">1.2.3.1. Enrofloxacin> ID="2">Totaalgehalte van enrofloxacin en ciprofloxacin> ID="3">Runderen, varkens, pluimvee> ID="4">30 mg/kg> ID="5">Spier, lever, nieren">

1.2.4. Macroliden

"" ID="1">1.2.4.1. Tilmicosine> ID="2">Tilmicosine> ID="3">Runderen> ID="4">1 000 mg/kg> ID="5">Lever, nieren"> ID="4">50 mg/kg> ID="5">Spier, vetweefsel">

2. Antiparasitaire middelen

2.1. Geneesmiddelen tegen endoparasieten

2.1.1. Ivermectines

"" ID="1">2.1.1.1. Ivermectine> ID="2">22,23-Dihydroavermectine B1a> ID="3">Runderen> ID="4">100 mg/kg> ID="5">Lever"> ID="4">40 mg/kg> ID="5">Vetweefsel"> ID="3">Varkens, schapen> ID="4">15 mg/kg> ID="5">Lever"> ID="3">paardachtigen> ID="4">20 mg/kg> ID="5">Vetweefsel"> ID="1">2.1.1.2. Abamectine> ID="2">Avermectine V1a> ID="3">Runderen> ID="4">20 mg/kg> ID="5">Lever"> ID="4">10 mg/kg> ID="5">Vetweefsel"> ID="1">2.1.1.3. Doramectine> ID="2">Doramectine> ID="3">Runderen> ID="4">15 mg/kg> ID="5">Lever"> ID="4">25 mg/kg> ID="5">Vetweefsel">

2.1.2 Salicylaniliden

"" ID="1">2.1.2.1. Closantel> ID="2">Closantel> ID="3">Runderen> ID="4">1 000 mg/kg> ID="5">Spier, lever"> ID="4">3 000 mg/kg> ID="5">Nieren, vetweefsel"> ID="3">Schapen> ID="4">1 500 mg/kg> ID="5">Spier, lever"> ID="4">5 000 mg/kg> ID="5">Nieren,"> ID="4">2 000 mg/kg> ID="5">Vetweefsel">

BIJLAGE II

Lijst van substanties waarvoor geen maximumwaarden voor residuen gelden 1. Anorganische stoffen "" ID="1">1.1. Waterstofperoxide> ID="2">Vissen"> ID="1">1.2. Zwafel> ID="2">Runderen"> ID="2">Varkens"> ID="2">Schapen"> ID="2">Geiten"> ID="2">Paardachtigen"> ID="1">1.3. Jood en joodverbindingen met inbegrip van:> ID="2">Alle voedselproducerende diersoorten"> ID="1">- natrium- en kaliumjodide"> ID="1">- natrium- en kaliumjodaat"> ID="1">- jodoforen met inbegrip van polyvinylpyrrolidonejood"> ID="1">1.4. Natriumchloriet> ID="2">Runderen> ID="3">Enkel voor uitwendig gebruik">

2. Organische stoffen

"" ID="1">2.1. Etiproston tromethamine> ID="2">Runderen"> ID="2">Varkens"> ID="1">2.2. Ketanserine tartraat> ID="2">Paardachtigen"> ID="1">2.3. Fertireline acetate> ID="2">Runderen"> ID="1">2.4. Human menopausal urinary gonadotrophine> ID="2">Runderen"> ID="1">2.5. Melkzuur> ID="2">Alle voedselproducerende diersoorten"> ID="1">2.6. Melatonine> ID="2">Schapen"> ID="2">Geiten"> ID="1">2.7. Organische joodverbindingen> ID="2">Alle voedselproducerende diersoorten"> ID="1">- jodoform"> ID="1">2.8. Acetyl cysteïne> ID="2">Alle voedselproducerende diersoorten">

BIJLAGE III

Lijst van geneesmiddelen voor diergeneeskundig gebruik aangewende farmacologisch werkzame substanties waarvoor voorlopige maximumwaarden voor residuen zijn vastgesteld

1. Infectiewerende middelen

1.1. Chemotherapeutica

1.1.1. Sulfonamiden

"" ID="1">Alle stoffen van de sulfonamidengroep> ID="2">Oorspronkelijk geneesmiddel> ID="3">Runderen, schapen, geiten> ID="4">100 mg/kg> ID="5">Melk> ID="6">De voorlopige maximumwaarde voor residuen is slechts van toepassing tot 1 januari 1996. Het totale gehalte aan residuen van alle stoffen van de sulfonamidegroep mag niet meer bedragen dan 100 mg/kg">

1.1.2. Diaminopyrimidinederivaten

"" ID="1">1.1.2.1. Trimethoprim> ID="2">Trimethoprim> ID="3">Alle voedselproducerende soorten> ID="4">50 mg/kg> ID="5">Spier, lever, nieren, vetweefsel, melk> ID="6">De voorlopige maximumwaarde voor residuen is slechts van toepassing tot 1 januari 1996">

1.1.3. Nitrofuranen

"" ID="1">1.1.3.1. Furazolidon> ID="2">Alle residuen met intacte 5-nitrostructuur> ID="3">Alle voedselproducerende soorten> ID="4">5 mg/kg> ID="5">Spier, lever, nieren, vetweefsel> ID="6">De voorlopige maximumwaarde voor residuen verstrijken op 1 juli 1995">

1.1.4. Nitro-imidazolen

"" ID="1">1.1.4.1. Dimetridazol> ID="2">Alle residuen met intacte nitro-imidazolstructuur> ID="3">Alle voedselproducerende soorten> ID="4">10 mg/kg> ID="5">Spier, lever, nieren, vetweefsel> ID="6">De voorlopige maximumwaarde voor residuen is slechts van toepassing tot 1 januari 1995">

1.2. Antibiotica

1.2.1. Tetracyclines

"" ID="1">Alle stoffen van de tetracyclinegroep> ID="2">Oorspronkelijk geneesmiddel> ID="3">Alle voedselproducerende soorten> ID="4">600 mg/kg> ID="5">Nieren> ID="6">De voorlopige maximumwaarden voor residuen zijn slechts van toepassing tot 1 januari 1996. Het totale gehalte aan residuen van alle stoffen van de tetracyclinegroep mag niet meer bedragen dan de voorgeschreven maximumwaarde"> ID="4">300 mg/kg> ID="5">Lever"> ID="4">200 mg/kg> ID="5">Eieren"> ID="4">100 mg/kg> ID="5">Spier"> ID="4">100 mg/kg> ID="5">Melk">

1.2.2. Macroliden

"" ID="1">1.2.2.1. Spiramycine> ID="2">Spiramycine> ID="3">Runderen, varkens> ID="4">300 mg/kg> ID="5">Lever> ID="6">De voorlopige maximumwaarden voor residuen zijn slechts van toepassing tot 1 juli 1995. De maximumwaarden voor residuen in lever, nieren en spieren zijn zowel op runderen als op varkens van toepassing"> ID="4">200 mg/kg> ID="5">Nieren"> ID="4">50 mg/kg> ID="5">Spier"> ID="3">Runderen> ID="4">150 mg/kg> ID="5">Melk"> ID="1">1.2.2.2. Tylosine> ID="2">Tylosine> ID="3">Runderen, varkens, pluimvee> ID="4">100 mg/kg> ID="5">Spier, lever, nieren> ID="6">De voorlopige maximumwaarden voor residuen zijn slechts van toepassing tot 1 juli 1995"> ID="3">Runderen> ID="4">50 mg/kg> ID="5">Melk">

1.2.3. Thiamfenicol en verwante stoffen

"" ID="1">1.2.3.1. Thiamfenicol> ID="2">Thiamfenicol> ID="3">Runderen, pluimvee> ID="4">40 mg/kg> ID="5">Spier, lever, nieren, vetweefsel> ID="6">De voorlopige maximumwaarde voor residuen is slechts van toepassing tot 1 januari 1996">

2. Antiparasitaire middelen

2.1. Geneesmiddelen tegen endoparasieten

2.1.1. Benzimidazolen en pro-benzimidazolen

"" ID="1">2.1.1.1. Febantel> ID="2">Totaalgehalte aan oxfendazol-, oxfendazol-sulfon- en fenbendazolresiduen> ID="3">Alle voedselproducerende soorten> ID="4">1 000 mg/kg> ID="5">Lever,> ID="6">De voorlopige maximumwaarden voor residuen zijn slechts van toepassing tot 1 juli 1995. De maximumwaarden voor residuen gelden voor het totaalgehalte aan febantel-, fenbendazol- en oxfendazolresiduen"> ID="4">10 mg/kg> ID="5">Spier, nieren,"> ID="5">vetweefsel"> ID="4">10 mg/kg> ID="5">Melk"> ID="1">2.1.1.2. Fenbendazol> ID="2">Totaalgehalte aan oxfendazol-, oxfendazol-sulfon- en fenbendazolresiduen> ID="3">Alle voedselproducerende soorten> ID="4">1 000 mg/kg> ID="5">Lever> ID="6">De voorlopige maximumwaarden voor residuen zijn slechts van toepassing tot 1 juli 1995. De maximumwaarden voor residuen gelden voor het totaalgehalte aan febantel-, fenbendazol- en oxfendazolresiduen"> ID="4">10 mg/kg> ID="5">Spier, nieren,"> ID="5">vetweefsel"> ID="4">10 mg/kg> ID="5">Melk"> ID="1">2.1.1.3. Oxfendazol> ID="2">Totaalgehalte aan oxfendazol-, oxfendazol-sulfon en fenbendazolresiduen> ID="3">Alle voedselproducerende soorten> ID="4">1 000 mg/kg> ID="5">Lever> ID="6">De voorlopige maximumwaarden voor residuen zijn slechts van toepassing tot 1 juli 1995. De maximumwaarden voor residuen gelden voor het totaalgehalte aan febantel-, fenbendazol- en oxfendazolresiduen"> ID="4">10 mg/kg> ID="5">Spier, nieren,"> ID="5">vetweefsel"> ID="4">10 mg/kg> ID="5">Melk"> ID="1">2.1.1.4. Albendazol> ID="2">Totaalgehalte aan albendazol en metabolieten gemeten als 2-amino-benzimidazol-sulfon> ID="3">Runderen, schapen> ID="4">100 mg/kg> ID="5">Spier, vetweefsel, melk> ID="6">De voorlopige maximumwaarden voor residuen zijn slechts van toepassing tot 1 januari 1996"> ID="4">500 mg/kg> ID="5">Nieren"> ID="4">1 000 mg/kg> ID="5">Lever"> ID="1">2.1.1.5. Thiabendazol> ID="2">Totaalgehalte aan thiabendazol en 5-hydroxythiabendazol> ID="3">Runderen, schapen, geiten> ID="4">100 mg/kg> ID="5">Spier, lever, nieren, vetweefsel, melk> ID="6">De voorlopige maximumwaarden voor residuen zijn slechts van toepassing tot 1 januari 1996"> ID="1">2.1.1.6. Triclabendazol> ID="2">Som van de extraheerbare residuen die tot ketotriclabendazol geoxideerd kunnen worden> ID="3">Runderen, schapen> ID="4">150 mg/kg> ID="5">Spier, lever, nieren> ID="6">De voorlopige maximumwaarden voor residuen zijn slechts van toepassing tot 1 juli 1995"> ID="4">50 mg/kg> ID="5">Vetweefsel"> ID="1">2.1.1.7. Flubendazol> ID="2">Flubendazol> ID="3">Pluimvee, wild gevogelte> ID="4">500 mg/kg> ID="5">Lever> ID="6">De voorlopige maximumwaarden voor residuen zijn slechts van toepassing tot 1 januari 1996"> ID="4">200 mg/kg> ID="5">Spier"> ID="4">400 mg/kg> ID="5">Eieren"> ID="3">Varkens> ID="4">10 mg/kg> ID="5">Spier, lever, nieren, vetweefsel"> ID="1">2.1.1.8. Oxibendazol> ID="2">Oxibendazol> ID="3">Runderen, schapen> ID="4">100 mg/kg> ID="5">Spier, lever, nieren, vetweefsel> ID="6">De voorlopige maximumwaarden voor residuen zijn slechts van toepassing tot 1 januari 1996"> ID="4">50 mg/kg> ID="5">Melk"> ID="3">Varkens, paardachtigen> ID="4">100 mg/kg> ID="5">Spier, lever, nieren, vetweefsel">

2.1.2. Tetrahydro-imidazolen (imidazolthiazolen)

"" ID="1">2.1.2.1. Levamisol> ID="2">Levamisol> ID="3">Alle voedselproducerende soorten> ID="4">10 mg/kg> ID="5">Spier, lever, nieren, vetweefsel, melk> ID="6">De voorlopige maximumwaarden voor residuen zijn slechts van toepassing tot 1 januari 1995">

2.2. Geneesmiddelen tegen ectoparasieten

"" ID="1">2.2.1. Amitraz> ID="2">Totaalgehalte aan amitraz en metabolieten uitgedrukt in 2.4-dimethylaniline> ID="3">Varkens> ID="4">50 mg/kg> ID="5">Spier> ID="6">De voorlopige maximumwaarden voor residuen zijn slechts van toepassing tot 1 juli 1996"> ID="4">200 mg/kg> ID="5">Nieren, lever">

3. Neurotrope stoffen

3.1. Stoffen die inwerken op het centrale zenuwstelsel

3.1.1. Butyrofenon-tranquillizers

"" ID="1">3.1.1.1. Azaperon> ID="2">Azaperol> ID="3">Alle voedselproducerende soorten> ID="4">100 mg/kg> ID="5">Nieren> ID="6">De voorlopige maximumwaarden voor residuen zijn slechts van toepassing tot 1 januari 1996"> ID="4">50 mg/kg> ID="5">Lever, spier, vetweefsel">

3.2. Stoffen die inwerken op het autonome zenuwstelsel

3.2.1. Antiadrenergica

"" ID="1">3.2.1.1. Carazolol> ID="2">Carazolol> ID="3">Alle voedselproducerende soorten> ID="4">30 mg/kg> ID="5">Lever, nieren> ID="6">De voorlopige maximumwaarden voor residuen zijn slechts van toepassing tot 1 juli 1995"> ID="4">5 mg/kg> ID="5">Spier, vetweefsel">

BIJLAGE IV

Lijst van farmacologisch werkzame substanties waarvoor geen maximumwaarde kan worden vastgesteld

1. Nitrofuranen, uitgezonderd furazolidone (zie bijlage III)

2. Ronidazol

3. Dapson

4. Chloramphenicol"