31980R3177

Verordening (EEG) nr. 3177/80 van de Commissie van 5 december 1980 betreffende de plaats van binnenkomst in aanmerking te nemen overeenkomstig artikel 14, lid 2, van Verordening (EEG) nr. 1224/80 van de Raad inzake de douanewaarde van de goederen

Publicatieblad Nr. L 335 van 12/12/1980 blz. 0001 - 0002
Bijzondere uitgave in het Grieks: Hoofdstuk 02 Deel 10 blz. 0214
Bijzondere uitgave in het Spaans: Hoofdstuk 02 Deel 7 blz. 0114
Bijzondere uitgave in het Portugees: Hoofdstuk 02 Deel 7 blz. 0114


++++

( 1 ) PB NR . L 134 VAN 31 . 5 . 1980 , BLZ . 1 .

( 2 ) PB NR . L 134 VAN 19 . 6 . 1970 , BLZ . 33 .

( 3 ) PB NR . L 124 VAN 18 . 5 . 1977 , BLZ . 5 .

!!VERORDENING ( EEG ) NR . 3177/80 VAN DE COMMISSIE

VAN 5 DECEMBER 1980

BETREFFENDE DE PLAATS VAN BINNENKOMST IN AANMERKING TE NEMEN OVEREENKOMSTIG ARTIKEL 14 , LID 2 , VAN VERORDENING ( EEG ) NR . 1224/80 VAN DE RAAD INZAKE DE DOUANEWAARDE VAN DE GOEDEREN

DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN ,

GELET OP HET VERDRAG TOT OPRICHTING VAN DE EUROPESE ECONOMISCHE GEMEENSCHAP ,

GELET OP VERORDENING ( EEG ) NR . 1224/80 VAN DE RAAD VAN 28 MEI 1980 INZAKE DE DOUANEWAARDE VAN DE GOEDEREN ( 1 ) , INZONDERHEID OP ARTIKEL 14 , LID 2 ,

OVERWEGENDE DAT IN ARTIKEL 14 , LID 1 , VAN VERORDENING ( EEG ) NR . 1224/80 DE PLAATS VAN BINNENKOMST WORDT OMSCHREVEN DIE VOOR HET BEPALEN VAN DE DOUANEWAARDE IN AANMERKING MOET WORDEN GENOMEN ;

OVERWEGENDE DAT IN ARTIKEL 14 , LID 2 , VAN DIE VERORDENING IS BEPAALD DAT VOOR GOEDEREN WELKE HET DOUANEGEBIED VAN DE GEMEENSCHAP BINNENKOMEN EN NAAR DE PLAATS VAN BESTEMMING IN EEN ANDER GEDEELTE VAN DIT GEBIED WORDEN VERVOERD , VIA HET GRONDGEBIED VAN EEN DERDE LAND OF OVER ZEE , NA VIA EEN GEDEELTE VAN HET DOUANEGEBIED VAN DE GEMEENSCHAP TE ZIJN VERVOERD , DE IN AANMERKING TE NEMEN PLAATS VAN BINNENKOMST IN DE GEMEENSCHAP WORDT VASTGESTELD VOLGENS DE PROCEDURE VAN ARTIKEL 19 VAN DIE VERORDENING ;

OVERWEGENDE DAT AANLEIDING BESTAAT OM VOOR DE VASTSTELLING VAN DE DOUANEWAARDE VAN GOEDEREN WELKE ONDER VORENGENOEMDE OMSTANDIGHEDEN HET DOUANEGEBIED VAN DE GEMEENSCHAP BINNENKOMEN , DE EERSTE PLAATS VAN BINNENKOMST IN DE GEMEENSCHAP IN AANMERKING TE NEMEN ; DAT IMMERS HET VERVOER OVER HET GRONDGEBIED VAN OOSTENRIJK , ZWITSERLAND OF DE DUITSE DEMOCRATISCHE REPUBLIEK , OF OVER ZEE , DE MEEST NORMALE WEG KAN ZIJN NAAR DE PLAATS VAN BESTEMMING EN DAT HET IN DAT GEVAL VAN BELANG IS DAT DE KEUZE VAN DE IMPORTEUR AANGAANDE DE PLAATS VAN VRIJMAKING NIET WORDT BEINVLOED ; DAT DEZE REGEL EVENWEL SLECHTS KAN GELDEN BIJ RECHTSTREEKS VERVOER , MET DIEN VERSTANDE DAT TOEGESTAAN KAN WORDEN DAT DE GOEDEREN WORDEN GELOST , WORDEN OVERGELADEN OF TIJDELIJK WORDEN OPGEHOUDEN OM REDENEN INHERENT AAN HET VERVOER ;

!!OVERWEGENDE DAT HET VERVOER VAN DE GOEDEREN ZOWEL HET VERVOER OVER HET GRONDGEBIED VAN BOVENGENOEMDE DERDE LANDEN ALS OVER ZEE KAN OMVATTEN ;

OVERWEGENDE DAT , INDIEN DE VOORWAARDEN VOOR EEN ALDUS VASTGESTELDE PLAATS VAN BINNENKOMST NIET ZIJN VERVULD , REKENING DIENT TE WORDEN GEHOUDEN MET DE VOLGENDE PLAATS VAN BINNENKOMST TEN AANZIEN WAARVAN DE VOORWAARDEN VAN ARTIKEL 14 , LID 1 , 2 OF 3 , VAN VERORDENING ( EEG ) NR . 1224/80 ZIJN VERVULD ;

OVERWEGENDE DAT DEZE VERORDENING DE VERORDENINGEN ( EEG ) NR . 1150/70 ( 2 ) EN ( EEG ) NR . 1025/77 ( 3 ) VAN DE COMMISSIE VERVANGT ;

OVERWEGENDE DAT DE IN DEZE VERORDENING VERVATTE MAATREGELEN IN OVEREENSTEMMING ZIJN MET HET ADVIES VAN HET COMITE DOUANEWAARDE ,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD :

ARTIKEL 1

1 . VOOR GOEDEREN WELKE HET DOUANEGEBIED VAN DE GEMEENSCHAP BINNENKOMEN EN NAAR DE PLAATS VAN BESTEMMING IN EEN ANDER GEDEELTE VAN DIT GEBIED WORDEN VERVOERD OVER HET GRONDGEBIED VAN OOSTENRIJK , ZWITSERLAND OF DE DUITSE DEMOCRATISCHE REPUBLIEK , WORDT BIJ DE BEPALING VAN DE DOUANEWAARDE DE EERSTE PLAATS VAN BINNENKOMST IN HET DOUANEGEBIED VAN DE GEMEENSCHAP IN AANMERKING GENOMEN , VOOR ZOVER DE GOEDEREN RECHTSTREEKS OVER HET GRONDGEBIED VAN OOSTENRIJK , ZWITSERLAND OF DE DUITSE DEMOCRATISCHE REPUBLIEK WORDEN VERVOERD EN HET VERVOER OVER DEZE GRONDGEBIEDEN EEN NORMALE WEG IS NAAR DE PLAATS VAN BESTEMMING .

2 . VOOR GOEDEREN WELKE HET DOUANEGEBIED VAN DE GEMEENSCHAP BINNENKOMEN EN OVER ZEE NAAR DE PLAATS VAN BESTEMMING IN EEN ANDER GEDEELTE VAN DIT GEBIED WORDEN VERVOERD , WORDT BIJ DE BEPALING VAN DE DOUANEWAARDE DE EERSTE PLAATS VAN BINNENKOMST IN HET DOUANEGEBIED VAN DE GEMEENSCHAP IN AANMERKING GENOMEN , VOOR ZOVER DE GOEDEREN RECHTSTREEKS EN LANGS EEN NORMALE WEG NAAR DE PLAATS VAN BESTEMMING WORDEN VERVOERD .

ARTIKEL 2

DE BEPALINGEN VAN ARTIKEL 1 BLIJVEN VAN TOEPASSING INDIEN DE GOEDEREN , OM REDENEN INHERENT AAN HET VERVOER , IN OOSTENRIJK , ZWITSERLAND OF DE DUITSE DEMOCRATISCHE REPUBLIEK WERDEN GELOST , WERDEN OVERGELADEN OF DAAR TIJDELIJK WERDEN OPGEHOUDEN .

ARTIKEL 3

INDIEN DE IN ARTIKEL 1 GENOEMDE VOORWAARDEN NIET ZIJN VERVULD , WORDT BIJ DE BEPALING VAN DE DOUANEWAARDE REKENING GEHOUDEN MET DE VOLGENDE PLAATS VAN BINNENKOMST TEN AANZIEN WAARVAN DE VOORWAARDEN VAN ARTIKEL 14 VAN VERORDENING ( EEG ) NR . 1224/80 ZIJN VERVULD .

ARTIKEL 4

DE VERORDENINGEN ( EEG ) NR . 1150/70 EN ( EEG ) NR . 1025/77 WORDEN INGETROKKEN . VERWIJZINGEN NAAR DIE VERORDENINGEN MOETEN WORDEN BESCHOUWD ALS VERWIJZINGEN NAAR DEZE VERORDENING .

ARTIKEL 5

DEZE VERORDENING TREEDT IN WERKING OP 1 JANUARI 1981 .

DEZE VERORDENING IS VERBINDEND IN AL HAAR ONDERDELEN EN IS RECHTSTREEKS TOEPASSELIJK IN ELKE LID-STAAT .

GEDAAN TE BRUSSEL , 5 DECEMBER 1980 .

VOOR DE COMMISSIE

ETIENNE DAVIGNON

LID VAN DE COMMISSIE