31969R0543

Verordening (EEG) nr. 543/69 van de Raad van 25 maart 1969 tot harmonisatie van bepaalde voorschriften van sociale aard voor het wegvervoer

Publicatieblad Nr. L 077 van 29/03/1969 blz. 0049 - 0060
Bijzondere uitgave in het Deens: Serie I Hoofdstuk 1969(I) blz. 0158
Bijzondere uitgave in het Engels: Serie I Hoofdstuk 1969(I) blz. 0170
Bijzondere uitgave in het Grieks: Hoofdstuk 05 Deel 1 blz. 0047
Bijzondere uitgave in het Spaans: Hoofdstuk 07 Deel 1 blz. 0116
Bijzondere uitgave in het Portugees: Hoofdstuk 07 Deel 1 blz. 0116


++++

VERORDENING ( EEG ) NR . 543/69 VAN DE RAAD

VAN 25 MAART 1969

TOT HARMONISATIE VAN BEPAALDE VOORSCHRIFTEN VAN SOCIALE AARD VOOR HET WEGVERVOER

DE RAAD VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN ,

GELET OP HET VERDRAG TOT OPRICHTING VAN DE EUROPESE ECONOMISCHE GEMEENSCHAP , INZONDERHEID OP ARTIKEL 75 ,

GELET OP DE BESCHIKKING VAN DE RAAD VAN 13 MEI 1965 MET BETREKKING TOT DE HARMONISATIE VAN BEPAALDE VOORSCHRIFTEN DIE VAN INVLOED ZIJN OP DE MEDEDINGING IN HET VERVOER PER SPOOR , OVER DE WEG EN OVER DE BINNENWATEREN ( 1 ) , INZONDERHEID OP TITEL III ,

GEZIEN HET VOORSTEL VAN DE COMMISSIE ,

GEZIEN HET ADVIES VAN HET EUROPESE PARLEMENT ( 2 ) ,

GEZIEN HET ADVIES VAN HET ECONOMISCH EN SOCIAAL COMITE ( 3 ) ,

OVERWEGENDE DAT DE TENUITVOERLEGGING VAN DE SOCIALE BEPALINGEN , BEDOELD IN BOVENGENOEMDE BESCHIKKING , VOOR HET WEGVERVOER EEN ZEKERE URGENTIE HEEFT ; DAT EVENEENS ZOVEEL MOGELIJK REKENING DIENT TE WORDEN GEHOUDEN MET DE VEREISTEN DIE VOORTVLOEIEN UIT DE TER ZAKE BEOOGDE HARMONISATIE IN DEZE DRIE VERVOERSTAKKEN ;

OVERWEGENDE DAT HET DAARTOE GEWENST IS BIJ VOORRANG DE NODIGE MAATREGELEN TE NEMEN MET BETREKKING TOT DE SAMENSTELLING VAN DE BEMANNING , DE RIJTIJDEN EN DE RUSTTIJDEN ;

OVERWEGENDE DAT DE VOORSCHRIFTEN VAN DE VERORDENING MET BETREKKING TOT DE ARBEIDSVOORWAARDEN DE BEVOEGDHEID VAN DE SOCIALE PARTNERS ONVERLET LATEN OM , MET NAME IN HET KADER VAN COLLECTIEVE ARBEIDSOVEREENKOMSTEN , TOT GUNSTIGER VOORWAARDEN VOOR DE WERKNEMERS TE KOMEN ; DAT , TER BEVORDERING VAN DE SOCIALE VOORUITGANG OF TER VERBETERING VAN DE VERKEERSVEILIGHEID , IEDERE LID-STAAT DE BEVOEGDHEID DIENT TE BEHOUDEN OM BEPAALDE MAATREGELEN TE NEMEN ; DAT DE COMMISSIE DERHALVE DE ONTWIKKELING VAN DE TOESTAND IN DE LID-STATEN DIENT TE VOLGEN EN OP GEZETTE TIJDEN HIEROMTRENT AAN DE RAAD VERSLAG DIENT UIT TE BRENGEN , ZULKS MET HET OOG OP EEN AANPASSING VAN DE VERORDENING AAN DE ONTWIKKELING DIE HEEFT PLAATSGEVONDEN ;

OVERWEGENDE DAT HET NOODZAKELIJK IS TE BEPALEN DAT DE VOORSCHRIFTEN VAN DEZE VERORDENING OP UNIFORME WIJZE WORDEN TOEGEPAST OP VERVOER DAT OVER HET GRONDGEBIED VAN DE LID-STATEN MET VOERTUIGEN PLAATSVINDT , ONGEACHT OF DEZE VOERTUIGEN IN EEN LID-STAAT OF IN EEN DERDE LAND INGESCHREVEN ZIJN ;

OVERWEGENDE DAT BEPAALDE CATEGORIEEN VERVOER VAN HET TOEPASSINGSGEBIED VAN DEZE VERORDENING KUNNEN WORDEN UITGESLOTEN ;

OVERWEGENDE DAT VOOR DE MINIMUMLEEFTIJD VAN BESTUURDERS IN HET GOEDEREN - OF PERSONENVERVOER , MEDE IN VERBAND MET BEPAALDE EISEN INZAKE DE BEROEPSOPLEIDING , ALSMEDE VOOR DE MINIMUMLEEFTIJD VAN BIJRIJDERS EN CONDUCTEURS , MAATREGELEN DIENEN TE WORDEN VASTGESTELD ;

OVERWEGENDE DAT HET NOODZAKELIJK IS OM VAN EEN BEPAALDE AFSTAND AF EN VOOR BEPAALDE VOERTUIGEN MAATREGELEN VAST TE STELLEN BETREFFENDE DE SAMENSTELLING VAN DE BEMANNING ; DAT AAN DE ONDERNEMINGEN DE KEUS DIENT TE WORDEN GELATEN TUSSEN EEN STELSEL MET TWEE BESTUURDERS IN HET VOERTUIG EN EEN STELSEL WAARBIJ DE BESTUURDER WORDT VERVANGEN ;

OVERWEGENDE DAT DE ONONDERBROKEN RIJTIJD EN DE DAGELIJKSE RIJTIJD DIENEN TE WORDEN BEPERKT , ZONDER DAT DEZE BEPALINGEN AFBREUK KUNNEN DOEN AAN DE NATIONALE VOORSCHRIFTEN DIE DE BESTUURDER VERPLICHTEN HET VOERTUIG SLECHTS ZOLANG TE BESTUREN ALS HIJ DIT IN VOLLEDIGE VEILIGHEID KAN DOEN ;

OVERWEGENDE EVENWEL , DAT HET INZAKE DE RIJTIJDEN GEWENST IS TE BEPALEN DAT DE VOORSCHRIFTEN VAN DE VERORDENING SLECHTS GELEIDELIJK TEN UITVOER WORDEN GELEGD ; DAT DAARTOE IN EEN OVERGANGSBEPALING DIENT TE WORDEN VASTGESTELD WELKE VOORSCHRIFTEN GEDURENDE EEN EERSTE FASE VAN TWEE JAAR VAN TOEPASSING ZIJN ; DAT EVENWEL VOOR BEPAALDE LANGE EN ZWARE VOERTUIGEN , MET NAME OM REDENEN VAN VERKEERSVEILIGHEID , VAN DE INWERKINGTREDING VAN DE VERORDENING AF BEPALINGEN VAN DWINGENDER AARD DIENEN TE WORDEN TOEGEPAST ;

OVERWEGENDE DAT HET GEWENST IS EEN MINIMUMDUUR VAN DE RUSTTIJD VAST TE STELLEN ALSMEDE DE ANDERE VOORWAARDEN WAARAAN DE DAGELIJKSE RUSTTIJD EN DE WEKELIJKSE RUSTTIJD VAN DE BEMANNINGSLEDEN MOETEN VOLDOEN ;

OVERWEGENDE DAT , TEN EINDE TOEZICHT OP DE NALEVING VAN DE BEPALINGEN VAN DEZE VERORDENING MOGELIJK TE MAKEN , EEN PERSOONLIJK CONTROLEBOEKJE DIENT TE WORDEN INGESTELD VOOR ALLE BEMANNINGSLEDEN ; DAT EVENWEL VOOR DE BEMANNINGSLEDEN VAN VOERTUIGEN DIE EEN GEREGELDE VERVOERDIENST ONDERHOUDEN , HET PERSOONLIJK CONTROLEBOEKJE KAN WORDEN VERVANGEN DOOR EEN AFSCHRIFT VAN DE DIENSTREGELING EN EEN UITTREKSEL VAN HET DIENSTROOSTER VAN DE ONDERNEMING ;

OVERWEGENDE DAT HET PERSOONLIJKE CONTROLEBOEKJE ZOVEEL MOGELIJK DIENT TE WORDEN VERVANGEN DOOR EEN MECHANISCH CONTROLEAPPARAAT ; DAT DAARTOE BINNEN EEN BEPAALDE TERMIJN OP COMMUNAUTAIR NIVEAU DE TECHNISCHE KENMERKEN EN DE REGELING VAN HET GEBRUIK VAN ZODANIGE APPARATEN DIENEN TE WORDEN VASTGESTELD ;

OVERWEGENDE DAT HET MET HET OOG OP DE TOEPASSING VAN DE VERORDENING EN DE CONTROLE DAAROP , DIENSTIG IS DAT DE LID-STATEN ELKAAR ONDERLING BIJSTAAN ;

OVERWEGENDE DAT HET , TEN EINDE DE ONDERNEMINGEN IN STAAT TE STELLEN ZICH AAN DE BEPALINGEN VAN DEZE VERORDENING AAN TE PASSEN , GEWENST IS IN EEN EERSTE FASE DE VERORDENING SLECHTS OP HET GRENSOVERSCHRIJDENDE VERVOER TUSSEN LID-STATEN TOE TE PASSEN EN IN EEN TWEEDE FASE DE TOEPASSING DAARVAN UIT TE BREIDEN TOT ALLE VERVOER ALS BEDOELD IN DEZE VERORDENING ,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD :

TITEL I

DEFINITIES

ARTIKEL 1

IN DEZE VERORDENING WORDT VERSTAAN ONDER :

1 . " WEGVERVOER " : IEDERE VERPLAATSING OVER DE WEG IN LEGE OF BELADEN TOESTAND , VAN EEN VOERTUIG , BESTEMD VOOR HET VERVOER VAN PERSONEN OF GOEDEREN ;

2 . " VOERTUIGEN " : MOTORRIJTUIGEN , TREKKERS , AANHANGWAGENS EN OPLEGGERS , ZOALS DEZE TERMEN HIERNA ZIJN OMSCHREVEN :

A ) " MOTORRIJTUIG " : IEDER VOERTUIG , GEWOONLIJK GEBRUIKT VOOR HET VERVOER VAN PERSONEN OF GOEDEREN , DAT ZICH OP EIGEN KRACHT , ANDERS DAN LANGS SPOORSTAVEN , OVER DE WEG BEWEEGT ;

B ) " TREKKER " : IEDER VOERTUIG , IN HET BIJZONDER GEBOUWD VOOR HET TREKKEN , DUWEN OF IN BEWEGING BRENGEN VAN AANHANGWAGENS , OPLEGGERS , WERKTUIGEN OF MACHINES , DAT ZICH OP EIGEN KRACHT , ANDERS DAN LANGS SPOORSTAVEN , OVER DE WEG BEWEEGT ;

C ) " AANHANGWAGEN " : IEDER VOERTUIG , BESTEMD OM AAN EEN MOTORRIJTUIG OF AAN EEN TREKKER TE WORDEN GEKOPPELD ;

D ) " OPLEGGER " : EEN AANHANGWAGEN WELKE GEEN VOORAS HEEFT EN OP ZODANIGE WIJZE AAN DE TREKKER OF HET MOTORRIJTUIG WORDT GEKOPPELD DAT EEN BELANGRIJK DEEL VAN ZIJN EIGEN GEWICHT EN VAN HET GEWICHT VAN ZIJN LADING DOOR DE TREKKER OF HET MOTORRIJTUIG WORDT GEDRAGEN ;

3 . " BEMANNINGSLID " : DE BESTUURDER , DE BIJRIJDER EN DE CONDUCTEUR , ZOALS DEZE TERMEN HIERNA ZIJN OMSCHREVEN :

A ) " BESTUURDER " : IEDERE PERSOON DIE HET VOERTUIG BESTUURT , ZELFS GEDURENDE EEN KORTE PERIODE , OF DIE ZICH IN HET VOERTUIG BEVINDT OM HET IN VOORKOMENDE GEVALLEN TE KUNNEN BESTUREN ;

B ) " BIJRIJDER " : IEDERE PERSOON DIE DE BESTUURDER VAN EEN VOERTUIG BEGELEIDT OM DEZE BIJ BEPAALDE HANDELINGEN BEHULPZAAM TE ZIJN EN DIE GEWOONLIJK METTERDAAD DEELNEEMT AAN DE VERVOERHANDELINGEN , ZONDER DAT HIJ IN DE ZIN VAN PUNT 3 , SUB A ) , DE HOEDANIGHEID VAN BESTUURDER HEEFT ;

C ) " CONDUCTEUR " : IEDERE PERSOON DIE DE BESTUURDER VAN EEN VOOR HET PERSONENVERVOER BESTEMD VOERTUIG BEGELEIDT , MET NAME OM DE VERVOERBILJETTEN AF TE GEVEN OF TE CONTROLEREN ;

4 . " WEEK " : IEDER TIJDVAK VAN ZEVEN OPEENVOLGENDE DAGEN ;

5 . " DAGELIJKSE RUSTTIJD " : IEDER ONONDERBROKEN TIJDVAK VAN TEN MINSTE ACHT UUR GEDURENDE HETWELK DE BEMANNINGSLEDEN VRIJ OVER HUN TIJD KUNNEN BESCHIKKEN EN VOLLEDIG VRIJ ZIJN IN HUN BEWEGINGEN ;

6 . A ) " GEREGELD VERVOER VAN GOEDEREN " : VERVOER DAT MET EEN BEPAALDE FREQUENTIE OVER EEN BEPAALDE VERBINDING WORDT UITGEVOERD , WAARBIJ GOEDEREN OP VOORAF BEPAALDE HALTES WORDEN GELADEN OF GELOST ;

B ) " GEREGELD VERVOER VAN PERSONEN " : HET IN ARTIKEL 1 VAN VERORDENING NR . 117/66/EEG ( 4 ) BEDOELDE VERVOER ;

7 . " TOEGESTAAN MAXIMUMGEWICHT " : HET HOOGST TOELAATBARE TOTAALGEWICHT VAN HET RIJKLARE VOERTUIG , HET LAADVERMOGEN DAARONDER BEGREPEN .

TITEL II

WERKINGSSFEER

ARTIKEL 2

DEZE VERORDENING IS VAN TOEPASSING OP HET WEGVERVOER VOOR HET TRAJECT OF HET GEDEELTE VAN HET TRAJECT DAT BINNEN DE GEMEENSCHAP MET EEN IN EEN LID-STAAT OF IN EEN DERDE LAND INGESCHREVEN VOERTUIG WORDT AFGELEGD .

ARTIKEL 3

DE GEMEENSCHAP VOERT MET DERDE LANDEN DE ONDERHANDELINGEN DIE EVENTUEEL NODIG ZIJN VOOR DE TOEPASSING VAN DEZE VERORDENING .

ARTIKEL 4

DEZE VERORDENING IS NIET VAN TOEPASSING OP VERVOER MET :

1 . VOERTUIGEN DIE VOLGENS HUN BOUWTYPE EN UITRUSTING TEN HOOGSTE NEGEN PERSONEN , DE BESTUURDER DAARONDER BEGREPEN , KUNNEN VERVOEREN EN DIE DAARTOE ZIJN BESTEMD ;

2 . VOERTUIGEN DIE BESTEMD ZIJN VOOR HET GOEDERENVERVOER EN WAARVAN HET TOEGESTANE MAXIMUMGEWICHT , DAT VAN DE AANHANGWAGENS OF OPLEGGERS INBEGREPEN , NIET MEER DAN 3,5 TON BEDRAAGT ;

3 . VOERTUIGEN DIE BESTEMD ZIJN VOOR HET GEREGELD PERSONENVERVOER WAARVAN DE LENGTE VAN HET TRAJECT NIET GROTER IS DAN 50 KILOMETER ;

4 . DIENSTVOERTUIGEN VAN POLITIE , RIJKSWACHT OF MARECHAUSSEE , STRIJDKRACHTEN , BRANDWEER , BESCHERMING BURGERBEVOLKING , WATERSTAAT , WATERLEIDING - , GAS - EN ELEKTRICITEITSBEDRIJVEN , VOOR ONDERHOUD VAN WEGEN , VAN TELEGRAAF - EN TELEFOONDIENSTEN , POSTERIJEN WANNEER ZIJ POSTZENDINGEN VERVOEREN , RADIO - EN TELEVISIEDIENSTEN ;

5 . VOERTUIGEN VOOR HET VERVOER VAN ZIEKEN EN GEWONDEN , ALSMEDE VAN MATERIEEL BESTEMD VOOR EEN BEPAALDE REDDING , EN VOORTS GESPECIALISEERDE VOERTUIGEN VOOR REPARATIES EN WEGSLEPEN ;

6 . TREKKERS WAARVAN DE TOEGESTANE MAXIMUMSNELHEID NIET MEER DAN 30 KILOMETER PER UUR BEDRAAGT .

TITEL III

BEMANNING

ARTIKEL 5

1 . DE MINIMUMLEEFTIJD VAN BESTUURDERS IN HET GOEDERENVERVOER WORDT VASTGESTELD :

A ) VOOR VOERTUIGEN WAARVAN HET TOEGESTANE MAXIMUMGEWICHT , IN VOORKOMEND GEVAL DAT VAN DE AANHANGWAGENS OF OPLEGGERS INBEGREPEN , TEN HOOGSTE 7,5 TON BEDRAAGT , OP 18 JAAR ;

B ) VOOR DE OVERIGE VOERTUIGEN , OP :

- 21 JAAR OF

- 18 JAAR , ONDER VOORWAARDE DAT DE BETROKKENE EEN DOOR EEN VAN DE LID-STATEN ERKEND GETUIGSCHRIFT VAN VAKBEKWAAMHEID BIJ ZICH HEEFT WAARUIT BLIJKT DAT HIJ MET GOED GEVOLG EEN OPLEIDINGSCURSUS VOOR BESTUURDER IN HET GOEDERENVERVOER OVER DE WEG HEEFT GEVOLGD . OP VOORSTEL VAN DE COMMISSIE STELT DE RAAD UITERLIJK OP 1 APRIL 1970 HET MINIMUMNIVEAU VAN DEZE OPLEIDING VAST .

INDIEN ER ZICH OVEREENKOMSTIG ARTIKEL 6 TWEE BESTUURDERS IN HET VOERTUIG BEVINDEN , MOET EEN VAN BEIDEN TEN MINSTE 21 JAAR ZIJN .

2 . BESTUURDERS IN HET PERSONENVERVOER MOETEN MINIMAAL 21 JAAR OUD ZIJN EN VOLDOEN AAN EEN VAN DE VOLGENDE VOORWAARDEN :

A ) GEDURENDE TEN MINSTE EEN JAAR ALS BESTUURDER IN HET GOEDERENVERVOER WERKZAAM ZIJN GEWEEST OP VOERTUIGEN MET EEN TOEGESTAAN MAXIMUMGEWICHT VAN MEER DAN 3,5 TON ,

B ) GEDURENDE TEN MINSTE EEN JAAR ALS BESTUURDER WERKZAAM ZIJN GEWEEST IN HET PERSONENVERVOER ALS BEDOELD IN ARTIKEL 4 , PUNT 3 ,

C ) EEN DOOR EEN VAN DE LID-STATEN ERKEND GETUIGSCHRIFT VAN VAKBEKWAAMHEID BIJ ZICH HEBBEN WAARUIT BLIJKT DAT HIJ MET GOED GEVOLG EEN OPLEIDINGSCURSUS VOOR BESTUURDER IN HET PERSONENVERVOER OVER DE WEG HEEFT GEVOLGD . OP VOORSTEL VAN DE COMMISSIE STELT DE RAAD UITERLIJK OP 1 APRIL 1970 HET MINIMUMNIVEAU VAN DEZE OPLEIDING VAST .

3 . DE MINIMUMLEEFTIJD VAN BIJRIJDERS EN CONDUCTEURS WORDT VASTGESTELD OP 18 JAAR .

4 . DE BESTUURDERS IN HET PERSONENVERVOER , DIE TEN MINSTE 21 JAAR ZIJN , ZIJN VAN DE TOEPASSING VAN DE IN LID 2 , SUB A ) , B ) EN C ) , BEDOELDE VOORWAARDEN ,

- TOT EN MET 30 SEPTEMBER 1970 VRIJGESTELD , WANNEER ZIJ TEN TIJDE VAN DE INWERKINGTREDING VAN DEZE VERORDENING MINDER DAN EEN JAAR ALS ZODANIG WERKZAAM WAREN ,

- VOOR ONBEPAALDE TIJD VRIJGESTELD , WANNEER ZIJ VOOR 1 OKTOBER 1967 TEN MINSTE EEN JAAR ALS ZODANIG WERKZAAM ZIJN GEWEEST .

5 . IEDERE LID-STAAT KAN VOOR INGEZETENEN DIE OP 1 OKTOBER 1970 REEDS HET VEREISTE RIJBEWIJS BEZITTEN , DE TOEPASSING VAN DE VOORSCHRIFTEN VAN DE LEDEN 1 EN 2 OPSCHORTEN VOOR HET OP ZIJN GRONDGEBIED VERRICHTE VERVOER .

6 . IEDERE LID-STAAT KAN VOOR INGEZETENEN DIE OP 1 OKTOBER 1970 REEDS WERKZAAM WAREN ALS BIJRIJDER OF ALS CONDUCTEUR , DE TOEPASSING VAN HET BEPAALDE IN LID 3 OPSCHORTEN VOOR HET OP ZIJN GRONDGEBIED VERRICHTE VERVOER .

ARTIKEL 6

INDIEN DE AF TE LEGGEN AFSTAND TUSSEN TWEE ACHTEREENVOLGENDE DAGELIJKSE RUSTTIJDEN MEER DAN 450 KILOMETER BEDRAAGT , MOET DE BESTUURDER VANAF HET BEGIN VAN DE REIS WORDEN BEGELEID DOOR EEN ANDERE BESTUURDER OF VAN DE 450E KILOMETER AF WORDEN VERVANGEN DOOR EEN ANDERE BESTUURDER , WANNEER HET VERVOER BETREFT MET :

EEN MOTORRIJTUIG OF TREKKER MET MEER DAN EEN AANHANGWAGEN OF OPLEGGER ;

EEN MOTORRIJTUIG OF TREKKER MET EEN AANHANGWAGEN OF EEN OPLEGGER , WANNEER DIT SAMENSTEL VOOR PERSONENVERVOER WORDT GEBRUIKT EN HET TOEGESTANE MAXIMUMGEWICHT VAN DE AANHANGWAGEN OF DE OPLEGGER MEER DAN 5 TON BEDRAAGT ;

EEN MOTORRIJTUIG OF TREKKER MET EEN AANHANGWAGEN OF EEN OPLEGGER , WANNEER DIT SAMENSTEL VOOR GOEDERENVERVOER WORDT GEBRUIKT EN HET TOEGESTANE MAXIMUMGEWICHT ERVAN MEER DAN 20 TON BEDRAAGT .

TITEL IV

RIJTIJDEN

ARTIKEL 7

1 . DE ONONDERBROKEN RIJTIJD MAG NIET MEER BEDRAGEN DAN 4 UUR .

ALS ONONDERBROKEN RIJTIJD WORDT IEDERE RIJTIJD AANGEMERKT DIE NIET WORDT ONDERBROKEN DOOR PAUZES WELKE TENMINSTE AAN DE IN ARTIKEL 8 , LID 1 OF 2 , GESTELDE VOORWAARDEN VOLDOEN .

2 . DE TOTALE RIJTIJD TUSSEN TWEE ACHTEREENVOLGENDE PERIODEN VAN DAGELIJKSE RUSTIJD , HIERNA GENOEMD " DAGELIJKSE RIJTIJD " , MAG NIET MEER BEDRAGEN DAN 8 UUR .

3 . VOOR BESTUURDERS VAN DE NIET IN ARTIKEL 6 GENOEMDE VOERTUIGEN MAG , IN AFWIJKING VAN HET BEPAALDE IN LID 2 , DE DAGELIJKSE RIJTIJD TEN HOOGSTE TWEEMAAL IN DE LOOP VAN EEN WEEK VERLENGD WORDEN TOT 9 UUR .

4 . IN GEEN GEVAL MAG DE RIJTIJD IN DE LOOP VAN EEN WEEK MEER DAN 48 UUR EN IN DE LOOP VAN TWEE ACHTEREENVOLGENDE WEKEN MEER DAN 92 UUR BEDRAGEN .

ARTIKEL 8

1 . VOOR DE BESTUURDERS VAN DE IN ARTIKEL 6 GENOEMDE VOERTUIGEN MOET HET RIJDEN NA DE EERSTE ONONDERBROKEN RIJTIJD VAN 4 UREN GEDURENDE TEN MINSTE EEN UUR WORDEN ONDERBROKEN .

DEZE ONDERBREKING KAN WORDEN VERVANGEN DOOR TWEE ONDERBREKINGEN VAN ELK TEN MINSTE 30 MINUTEN , DIE ZODANIG IN DE DAGELIJKSE RIJTIJD WORDEN OPGENOMEN , DAT ARTIKEL 7 , LID 1 , EERSTE ALINEA , WORDT NAGELEEFD .

2 . VOOR DE BESTUURDERS VAN DE NIET IN ARTIKEL 6 GENOEMDE VOERTUIGEN MOET HET RIJDEN NA AFLOOP VAN DE IN ARTIKEL 7 , LID 1 , EERSTE ALINEA , GENOEMDE RIJTIJD GEDURENDE TEN MINSTE 30 ACHTEREENVOLGENDE MINUTEN WORDEN ONDERBROKEN .

DEZE ONDERBREKING KAN WORDEN VERVANGEN DOOR TWEE ONDERBREKINGEN VAN ELK TEN MINSTE 20 MINUTEN OF DRIE VAN ELK TEN MINSTE 15 MINUTEN , DIE ALLE KUNNEN WORDEN OPGENOMEN IN DE IN ARTIKEL 7 , LID 1 , EERSTE ALINEA , GENOEMDE RIJTIJD , OF GEDEELTELIJK BINNEN DEZE RIJTIJD MOGEN LIGGEN EN GEDEELTELIJK ONMIDDELLIJK ERNA .

3 . TIJDENS DE IN DE LEDEN 1 EN 2 BEDOELDE ONDERBREKINGEN MAG DE BESTUURDER GEEN VAN DE IN ARTIKEL 14 , LID 2 , SUB C ) EN D ) , AANGEDUIDE WERKZAAMHEDEN UITOEFENEN . UITOEFENEN .

4 . INDIEN HET VOERTUIG MET TWEE BESTUURDERS IS BEMAND , IS AAN DE VOORSCHRIFTEN VAN LID 1 OF LID 2 VOLDAAN WANNEER DE BESTUURDER DIE HET RIJDEN ONDERBREEKT , GEEN VAN DE IN ARTIKEL 14 , LID 3 , SUB B ) , AANGEDUIDE WERKZAAMHEDEN UITOEFENT .

ARTIKEL 9

IN AFWIJKING VAN HET BEPAALDE IN ARTIKEL 7 , ZIJN TOT EN MET 30 SEPTEMBER 1971 DE VOLGENDE BEPALINGEN VAN TOEPASSING OP DE BESTUURDERS VAN DE NIET IN ARTIKEL 6 GENOEMDE VOERTUIGEN :

A ) DE ONONDERBROKEN RIJTIJD MAG NIET MEER DAN 4.30 UUR BEDRAGEN ;

B ) DE DAGELIJKSE RIJTIJD MAG NIET MEER DAN 9 UUR BEDRAGEN ;

C ) IN AFWIJKING VAN HET SUB B ) BEPAALDE MAG DE DAGELIJKSE RIJTIJD TEN HOOGSTE TWEEMAAL IN DE LOOP VAN EEN WEEK TOT 10 UUR WORDEN VERLENGD ;

D ) DE WEKELIJKSE RIJTIJD MAG IN GEEN GEVAL MEER BEDRAGEN DAN 50 UUR .

ARTIKEL 10

DE MAXIMUMRIJTIJD VAN 92 UREN IN DE LOOP VAN TWEE ACHTEREENVOLGENDE WEKEN , ALS GENOEMD IN ARTIKEL 7 , LID 4 , IS EERST MET INGANG VAN 1 OKTOBER 1971 VAN TOEPASSING .

TITEL V

RUSTTIJDEN

ARTIKEL 11

1 . IN HET GOEDERENVERVOER MOET IEDER BEMANNINGSLID IN DE LOOP VAN DE PERIODE VAN 24 UUR , VOORAFGAANDE AAN IEDER MOMENT WAAROP HIJ EEN VAN DE IN ARTIKEL 14 , LID 2 , SUB C ) EN D ) , AANGEDUIDE WERKZAAMHEDEN VERRICHT , EEN DAGELIJKSE RUSTTIJD VAN TEN MINSTE 11 ACHTEREENVOLGENDE UREN HEBBEN GENOTEN .

INDIEN DE IN DE VORIGE ALINEA BEDOELDE DAGELIJKSE RUSTTIJD OP DE STANDPLAATS VAN DE BEMANNING ( STANDPLAATS VAN HET VOERTUIG ) WORDT DOORGEBRACHT KAN ZIJ TEN HOOGSTE TWEEMAAL IN DE LOOP VAN EEN WEEK TOT 9 UUR WORDEN BEKORT ; INDIEN DEZE RUSTTIJD BUITEN DE STANDPLAATS VAN DE BEMANNING ( STANDPLAATS VAN HET VOERTUIG ) WORDT DOORGEBRACHT KAN ZIJ TEN HOOGSTE TWEEMAAL IN DE LOOP VAN EEN WEEK TOT 8 UUR WORDEN BEKORT .

2 . IN HET PERSONENVERVOER MOET IEDER BEMANNINGSLID IN DE LOOP VAN DE PERIODE VAN 24 UREN , VOORAFGAANDE AAN IEDER MOMENT WAAROP HIJ EEN VAN DE IN ARTIKEL 14 , LID 2 , SUB C ) EN D ) , AANGEDUIDE WERKZAAMHEDEN VERRICHT , EEN DAGELIJKSE RUSTTIJD HEBBEN GENOTEN :

- VAN TEN MINSTE 10 ACHTEREENVOLGENDE UREN , ZONDER DAT DEZE RUSTTIJD IN DE LOOP VAN DE WEEK KAN WORDEN BEKORT OF

- VAN TEN MINSTE 11 ACHTEREENVOLGENDE UREN WELKE IN DE LOOP VAN EEN WEEK TWEEMAAL TOT 10 ACHTEREENVOLGENDE UREN EN TWEEMAAL TOT 9 ACHTEREENVOLGENDE UREN KAN WORDEN BEKORT , ONDER VOORWAARDE DAT HET VERVOER WORDT ONDERBROKEN DOOR EEN IN HET DIENSTROOSTER VOORGESCHREVEN ONDERBREKING VAN TEN MINSTE 4 ACHTEREENVOLGENDE UREN OF DOOR TWEE IN HET DIENSTROOSTER VOORGESCHREVEN ONDERBREKINGEN VAN TEN MINSTE 2 ACHTEREENVOLGENDE UREN , EN DAT DE BEMANNINGSLEDEN TIJDENS DEZE ONDERBREKINGEN GEEN VAN DE IN ARTIKEL 14 , LID 2 , SUB C ) EN D ) , AANGEDUIDE WERKZAAMHEDEN OF ENIGE ANDERE BEROEPSARBEID VERRICHTEN .

HET IN ARTIKEL 14 GENOEMDE PERSOONLIJKE CONTROLEBOEKJE MOET DE GEGEVENS BEVATTEN , AAN DE HAND WAARVAN KAN WORDEN UITGEMAAKT , ONDER WELK STELSEL VAN DAGELIJKSE RUSTTIJD EEN IN HET PERSONENVERVOER WERKZAAM BEMANNINGSLID TIJDENS DE LOPENDE WEEK VALT .

3 . WANNEER HET VOERTUIG BEMAND IS MET TWEE BESTUURDERS EN ER IN HET VOERTUIG GEEN SLAAPBANK IS WAAROP DE BEMANNINGSLEDEN DIE GEEN WERKZAAMHEDEN VERRICHTEN LANGUIT LIGGEND KUNNEN RUSTEN , MOET IEDER BEMANNINGSLID IN DE LOOP VAN DE PERIODE VAN 27 UUR , VOORAFGAANDE AAN IEDER MOMENT WAAROP HIJ EEN VAN DE IN ARTIKEL 14 , LID 2 , SUB C ) EN D ) , AANGEDUIDE WERKZAAMHEDEN VERRICHT , EEN DAGELIJKSE RUSTTIJD VAN TEN MINSTE 10 ACHTEREENVOLGENDE UREN HEBBEN GENOTEN .

4 . WANNEER HET VOERTUIG BEMAND IS MET TWEE BESTUURDERS EN ER IN HET VOERTUIG EEN SLAAPBANK IS WAAROP DE BEMANNINGSLEDEN DIE GEEN WERKZAAMHEDEN VERRICHTEN LANGUIT LIGGEND KUNNEN RUSTEN , MOET IEDER BEMANNINGSLID IN DE LOOP VAN DE PERIODE VAN 30 UUR , VOORAFGAANDE AAN IEDER MOMENT WAAROP HIJ EEN VAN DE IN ARTIKEL 14 , LID 2 , SUB C ) EN D ) , AANGEDUIDE WERKZAAMHEDEN VERRICHT , EEN DAGELIJKSE RUSTTIJD VAN TEN MINSTE 8 ACHTEREENVOLGENDE UREN HEBBEN GENOTEN .

5 . DE DAGELIJKSE RUSTTIJD MOET BUITEN HET VOERTUIG WORDEN DOORGEBRACHT . INDIEN ER IN HET VOERTUIG EEN SLAAPBANK IS , MAG HIJ EVENWEL OP DEZE SLAAPBANK WORDEN DOORGEBRACHT , ONDER VOORWAARDE DAT HET VOERTUIG STILSTAAT .

6 . BEKORTINGEN VAN DE DAGELIJKSE RUSTTIJD INGEVOLGE DE TOEPASSING VAN DE IN DE LEDEN 1 EN 2 VOORZIENE AFWIJKINGEN , MOETEN WORDEN GECOMPENSEERD .

ARTIKEL 12

IEDER BEMANNINGSLID MOET , BEHALVE DE IN ARTIKEL 11 GENOEMDE DAGELIJKSE RUSTTIJDEN , EEN WEKELIJKSE RUSTTIJD GENIETEN VAN TEN MINSTE 24 ACHTEREENVOLGENDE UREN DIE ONMIDDELIJK MOET VOORAFGAAN AAN OF VOLGEN OP EEN DAGELIJKSE RUSTTIJD .

TITEL VI

AFWIJKINGEN

ARTIKEL 13

1 . IEDERE LID-STAAT KAN HOGERE MINIMA OF LAGERE MAXIMA TOEPASSEN DAN DIE WELKE IN DE ARTIKELEN 5 EN 7 TOT EN MET 12 ZIJN VASTGESTELD . DE BEPALINGEN VAN DEZE VERORDENING BLIJVEN EVENWEL VAN TOEPASSING OP DE BEMANNINGSLEDEN DIE MET IN EEN ANDERE STAAT INGESCHREVEN VOERTUIGEN GRENSOVERSCHRIJDEND VERVOER VERRICHTEN .

2 . DE COMMISSIE LEGT ELKE TWEE JAAR , TE REKENEN VAN DE DATUM VAN INWERKINGTREDING VAN DEZE VERORDENING , AAN DE RAAD EEN VERSLAG VOOR OVER DE ONTWIKKELING VAN DE AANGELEGENHEDEN WELKE ONDER DEZE VERORDENING VALLEN .

TITEL VII

CONTROLE EN SANCTIES

ARTIKEL 14

1 . DE BEMANNINGSLEDEN VAN EEN VOERTUIG DAT GEEN GEREGELDE VERVOERDIENST ONDERHOUDT , MOETEN EEN PERSOONLIJK CONTROLEBOEKJE BIJ ZICH HEBBEN DAT CONFORM IS AAN HET IN DE BIJLAGE VOORKOMENDE MODEL .

2 . DE BEMANNINGSLEDEN MOETEN IN DE DAGELIJKSE WERKBLADEN VAN HUN PERSOONLIJK CONTROLEBOEKJE TELKENS DE VOLGENDE GROEPEN TIJDEN NOTEREN :

A ) ONDER HET TEKEN :

DE DAGELIJKSE RUSTTIJD

B ) ONDER HET TEKEN :

DE ARBEIDSONDERBREKINGEN VAN TEN MINSTE 15 MINUTEN

C ) ONDER HET TEKEN :

DE RIJTIJD

D ) ONDER HET TEKEN :

DE OVERIGE TIJD VAN AANWEZIGHEID OP HET WERK .

3 . IEDERE LID-STAAT KAN VOOR DE OP ZIJN GRONDGEBIED AFGEGEVEN CONTROLEBOEKJES VOORSCHRIJVEN DAT DE IN LID 2 , SUB D ) , BEDOELDE GROEPEN TIJDEN ALS VOLGT WORDEN GENOTEERD :

A ) ONDER HET TEKEN :

- DE WACHTTIJD , DAT WIL ZEGGEN DE TIJD GEDURENDE WELKE DE BEMANNINGSLEDEN SLECHTS OP DE PLAATS VAN HET WERK MOETEN BLIJVEN OM GEVOLG TE GEVEN AAN EVENTUELE OPROEPEN TOT HET VERRICHTEN OF HERVATTEN VAN EEN VAN DE ONDER LID 2 , SUB C ) , EN SUB B ) VAN DIT LID , AANGEDUIDE WERKZAAMHEDEN ;

- DE TIJD GEDURENDE DE RIT DOORGEBRACHT NAAST DE BESTUURDER ;

- DE TIJD GEDURENDE DE RIT DOORGEBRACHT OP EEN SLAAPBANK ;

B ) ONDER HET TEKEN :

ALLE ANDERE WERKTIJDEN .

4 . IEDERE LID-STAAT KAN DE NODIGE MAATREGELEN TREFFEN OM DE BEMANNINGSLEDEN VAN OP ZIJN GRONDGEBIED INGESCHREVEN VOERTUIGEN IN HET BINNENLANDS VERVOER VRIJ TE STELLEN VAN HET IN DE DAGELIJKSE WERKBLADEN VAN HET PERSOONLIJKE CONTROLEBOEKJE NOTEREN VAN DE IN LID 2 AANGEDUIDE GROEPEN TIJDEN , WELKE DOOR EEN IN HET VOERTUIG GEPLAATST MECHANISCH CONTROLEAPPARAAT OP DE JUISTE WIJZE KUNNEN WORDEN GEREGISTREERD .

DE ALDUS GEREGISTREERDE GEGEVENS MOETEN IN DE WEEKSTAAT VAN HET PERSOONLIJKE CONTROLEBOEKJE WORDEN OVERGENOMEN .

5 . INDIEN DE BEMANNINGSLEDEN WAAROP LID 4 VAN TOEPASSING IS , GRENSOVERSCHRIJDEND VERVOER VERRICHTEN , MOETEN DE ALDUS GEREGISTREERDE GROEPEN TIJDEN BETREFFENDE DE VOORAFGAANDE 7 DAGEN , VOOR ZOVER ZIJ OVEREENKOMSTIG LID 4 , TWEEDE ALINEA , NIET IN DE WEEKSTAAT WERDEN GENOTEERD , IN DE DAGELIJKSE WERKBLADEN VAN HET PERSOONLIJKE CONTROLEBOEKJE VOORKOMEN .

6 . DE BEMANNINGSLEDEN MOETEN HET PERSOONLIJKE CONTROLEBOEKJE OP ELK VERZOEK VAN DE MET DE CONTROLE BELASTE AMBTENAREN TONEN .

7 . IEDERE ONDERNEMING MOET EEN REGISTER VAN DE PERSOONLIJKE CONTROLEBOEKJES BIJHOUDEN . DIT REGISTER MOET DE NAMEN BEVATTEN VAN DE BEMANNINGSLEDEN AAN WIE EEN BOEKJE IS AFGEGEVEN , DE AFTEKENING VOOR ONTVANGST DOOR DE BETROKKENEN , HET NUMMER VAN HET BOEKJE , DE DATUM VAN AFGIFTE EN DE DATUM VAN HET LAATSTE INGEVULDE DAGELIJKSE WERKBLAD . HET MOET OP ELK VERZOEK VAN DE MET DE CONTROLE BELASTE AMBTENAREN WORDEN GETOOND .

8 . DE AFGESLOTEN PERSOONLIJKE CONTROLEBOEKJES MOETEN GEDURENDE TEN MINSTE EEN JAAR DOOR DE ONDERNEMING WORDEN BEWAARD .

9 . DE LID-STATEN TREFFEN ALLE NODIGE MAATREGELEN VOOR DE AFGIFTE EN DE CONTROLE DER BOEKJES .

ARTIKEL 15

1 . IEDERE EXPLOITANT VAN EEN GEREGELDE DIENST MOET EEN DIENSTREGELING EN EEN DIENSTROOSTER OPSTELLEN .

2 . HET DIENSTROOSTER MOET VOOR IEDER BEMANNINGSLID DE NAAM , DE GEBOORTEDATUM , DE STANDPLAATS , ALSMEDE HET VOORAF VASTGESTELDE ROOSTER VAN DE IN ARTIKEL 14 , LEDEN 2 EN 3 , AANGEDUIDE GROEPEN TIJDEN BEVATTEN .

3 . HET DIENSTROOSTER MOET ALLE IN LID 2 GENOEMDE GEGEVENS BEVATTEN VOOR EEN PERIODE DIE , NAAST DE LOPENDE WEEK , TEN MINSTE OOK DE VOORGAANDE EN DE VOLGENDE WEEK OMVAT .

4 . HET DIENSTROOSTER MOET WORDEN GETEKEND DOOR HET HOOFD VAN DE ONDERNEMING OF DIENS GEVOLMACHTIGDE .

5 . IEDER BEMANNINGSLID VAN EEN VOERTUIG DAT EEN GEREGELDE DIENST ONDERHOUDT , MOET EEN UITTREKSEL VAN HET DIENSTROOSTER EN EEN AFSCHRIFT VAN DE DIENSTREGELING BIJ ZICH HEBBEN .

ARTIKEL 16

UITERLIJK 31 DECEMBER 1969 STELT DE RAAD , OP VOORSTEL VAN DE COMMISSIE , DE TECHNISCHE KENMERKEN VAN EEN MECHANISCH CONTROLEAPPARAAT VAST , DAT , VOOR ZOVER MOGELIJK , IN DE PLAATS ZAL KOMEN VAN HET IN ARTIKEL 14 GENOEMDE PERSOONLIJKE CONTROLEBOEKJE . TERZELFDER TIJD STELT HIJ , OP VOORSTEL VAN DE COMMISSIE , DE REGELING VOOR DE GOEDKEURING , HET GEBRUIK EN DE CONTROLE VAN DIT APPARAAT VAST . TEGELIJKERTIJD STELT DE RAAD DE DATA VAST WAAROP DIT MECHANISCHE CONTROLEAPPARAAT IN DE VOERTUIGEN DIE HET EERST IN HET VERKEER WORDEN GEBRACHT EN IN DE OVERIGE VOERTUIGEN MOET ZIJN GEINSTALLEERD .

ARTIKEL 17

1 . DE COMMISSIE ZENDT ELK JAAR EEN ALGEMEEN VERSLAG OVER DE TOEPASSING VAN DEZE VERORDENING DOOR DE LID-STATEN AAN DE RAAD .

2 . TEN EINDE DE COMMISSIE IN STAAT TE STELLEN HET IN LID 1 BEDOELDE VERSLAG OP TE STELLEN , VERSTREKKEN DE LID-STATEN AAN DE COMMISSIE JAARLIJKS DE NODIGE INLICHTINGEN AAN DE HAND VAN EEN STANDAARDVERSLAG WAARVAN HET MODEL DOOR DE COMMISSIE , NA RAADPLEGING VAN DE LID-STATEN , WORDT VASTGESTELD .

ARTIKEL 18

1 . DE LID-STATEN STELLEN NA RAADPLEGING VAN DE COMMISSIE TIJDIG DE WETTELIJKE EN BESTUURSRECHTELIJKE BEPALINGEN VAST DIE NODIG ZIJN VOOR DE TENUITVOERLEGGING VAN DEZE VERORDENING .

DEZE BEPALINGEN HEBBEN ONDER MEER BETREKKING OP DE ORGANISATIE , DE PROCEDURE EN DE CONTROLEMIDDELEN , ALSMEDE OP DE BIJ OVERTREDINGEN TOEPASSELIJKE SANCTIES .

2 . DE LID-STATEN STAAN ELKAAR ONDERLING BIJ MET HET OOG OP DE TOEPASSING VAN DEZE VERORDENING EN HET TOEZICHT DAAROP .

3 . WANNEER DE BEVOEGDE INSTANTIES VAN EEN LID-STAAT ER KENNIS VAN KRIJGEN DAT EEN BEMANNINGSLID VAN EEN IN EEN ANDERE LID-STAAT INGESCHREVEN VOERTUIG DE BEPALINGEN VAN DEZE VERORDENING OVERTREEDT , KUNNEN ZIJ DIT MELDEN AAN DE INSTANTIES VAN DE STAAT WAAR HET VOERTUIG IS INGESCHREVEN . DE BEVOEGDE INSTANTIES WISSELEN ALLE IN HUN BEZIT ZIJNDE GEGEVENS UIT OVER DE OP DEZE OVERTREDINGEN TOEGEPASTE SANCTIES .

TITEL VIII

SLOTBEPALINGEN

ARTIKEL 19

1 . DEZE VERORDENING TREEDT IN WERKING OP 1 APRIL 1969 .

2 . DEZE VERORDENING IS MET INGANG VAN 1 OKTOBER 1969 VAN TOEPASSING OP HET GRENSOVERSCHRIJDENDE VERVOER TUSSEN LID-STATEN .

3 . DEZE VERORDENING IS MET INGANG VAN 1 OKTOBER 1970 VAN TOEPASSING OP ALLE VERVOER ALS BEDOELD IN ARTIKEL 2 .

DEZE VERORDENING IS VERBINDEND IN AL HAAR ONDERDELEN EN IS RECHTSTREEKS TOEPASSELIJK IN ELKE LID-STAAT .

GEDAAN TE BRUSSEL , 25 MAART 1969 .

VOOR DE RAAD

DE VOORZITTER

G . THORN

( 1 ) PB NR . 88 VAN 24 . 5 . 1965 , BLZ . 1500/65 .

( 2 ) PB NR . 63 VAN 3 . 4 . 1967 , BLZ . 993/67 .

( 3 ) PB NR . 92 VAN 17 . 5 . 1967 , BLZ . 1802/67 .

( 4 ) PB NR . 147 VAN 9 . 8 . 1966 , BLZ . 2688/66 .

BIJLAGE

PERSOONLIJK CONTROLEBOEKJE

( ARTIKEL 14 VAN DE VERORDENING )

GEBRUIKSAANWIJZING

KORTE SAMENVATTING VAN DE TOEPASSELIJKE BEPALINGEN IN HET BOEKJE

1 . HET IS WENSELIJK DAT HET PERSOONLIJKE CONTROLEBOEKJE EEN KORTE SAMENVATTING BEVAT VAN DE VOORNAAMSTE BEPALINGEN DIE DOOR DE BEMANNINGSLEDEN IN ACHT GENOMEN MOETEN WORDEN .

NUMMERING EN VERSPREIDING VAN HET BOEKJE

2 . HET PERSOONLIJKE CONTROLEBOEKJE MOET VAN EEN GEPERFOREERD OF GEDRUKT NUMMER WORDEN VOORZIEN .

3 . DIE LID-STATEN NEMEN DE NODIGE MAATREGELEN OM TE VOORKOMEN DAT EEN BEMANNINGSLID GELIJKTIJDIG TWEE CONTROLEBOEKJES GEBRUIKT .

FORMAAT VAN HET BOEKJE

4 . HET FORMAAT VAN HET PERSOONLIJKE CONTROLEBOEKJE IS HET STANDAARDFORMAAT A 6 ( 105 MAAL 148 MM ) OF EEN GROTER FORMAAT .

ONDERTEKENING VAN HET BOEKJE

5 . DE HANDTEKENING VAN HET BEMANNINGSLID MOET ZOWEL OP HET DAGELIJKSE WERKBLAD ALS OP DE WEEKSTAAT VOORKOMEN ; DE HANDTEKENING VAN DE WERKGEVER BEHOEFT SLECHTS OP DE WEEKSTAAT VOOR TE KOMEN .

INHOUD VAN HET BOEKJE

6 . BEHOUDENS HET BEPAALDE IN PUNT 7 , MOET HET PERSOONLIJKE CONTROLEBOEKJE OVEREENKOMEN MET HET BIJGEVOEGDE MODEL DAT BEVAT :

A ) EEN OMSLAG ;

B ) EEN GEBRUIKSAANWIJZING ;

C ) EEN DAGELIJKS WERKBLAD ;

D ) EEN VOORBEELD VAN HET INGEVULD DAGELIJKS WERKBLAD ;

E ) EEN WEEKSTAAT .

7 . ELKE LID-STAAT KAN VOOR DE BOEKJES DIE OP ZIJN GRONDGEBIED WORDEN UITGEGEVEN VOORSCHRIJVEN :

A ) DAT OP DE OMSLAG AANVULLENDE GEGEVENS TER IDENTIFICATIE WORDEN VERMELD ;

B ) DAT HET DIAGRAM DAT OP HET DAGELIJKSE WERKBLAD VOORKOMT OVER TWEE VAKKEN , HET EERSTE VOOR DE PERIODE MIDDERNACHT - 12 UUR , HET TWEEDE VOOR DE PERIODE 12 UUR - MIDDERNACHT , WORDT AANGEBRACHT ;

C ) DAT DE WEEKSTAAT OP DEZELFDE WIJZE WORDT INGERICHT ALS HET DAGELIJKS WERKBLAD ;

D ) DAT AANVULLENDE RUBRIEKEN IN HET BOEKJE WORDEN OPGENOMEN , ONDER VOORWAARDE DAT DE ALGEMENE OPMAAK VAN HET BOEKJE GEHANDHAAFD BLIJFT EN DE NUMMERING VAN DE RUBRIEKEN VAN HET MODEL ONVERANDERD BLIJFT ;

E ) DAT DE WIJZIGINGEN OF AANVULLINGEN WORDEN AANGEBRACHT WELKE DE NATIONALE REGELING NODIG MAAKT MET BETREKKING TOT DE UREN BESTEED AAN DE IN ARTIKEL 14 , LID 2 , SUB D ) , OF LID 3 , AANGEDUIDE WERKZAAMHEDEN ;

F ) DAT INVULLING VAN DE RUBRIEKEN H A , H B EN/OF H C VAN DE WEEKSTAAT VERPLICHT IS ;

G ) DAT DE DAGELIJKSE WERKBLADEN WORDEN VERWIJDERD , MET UITZONDERING VAN DE BLADEN VAN DE VOORAFGAANDE TWEE WEKEN .

MODEL VAN HET PERSOONLIJKE CONTROLEBOEKJE

A ) OMSLAG

I . PERSOONLIJK CONTROLEBOEKJE

VOOR DE BEMANNINGSLEDEN IN HET WEGVERVOER

II . LAND : ...

III . EERSTE DAG VAN GEBRUIK : ... 19 ...

IV . LAATSTE DAG VAN GEBRUIK : ... 19 ...

V . NAAM , VOORNAMEN , GEBOORTEDATUM EN ADRES VAN DE HOUDER VAN HET BOEKJE : ...

VI . AFGEGEVEN DOOR ( NAAM , ADRES , TELEFOONNUMMER EN EVENTUEEL STEMPEL VAN DE ONDERNEMING ) : ...

BOEKJE NR : ...

B ) GEBRUIKSAANWIJZING VOOR HET PERSOONLIJKE CONTROLEBOEKJE

1 . DIT PERSOONLIJKE CONTROLEBOEKJE IS AFGEGEVEN OVEREENKOMSTIG VERORDENING ( EEG ) NR . 543/69 VAN DE RAAD VAN 25 MAART 1969 TOT HARMONISATIE VAN BEPAALDE VOORSCHRIFTEN VAN SOCIALE AARD VOOR HET WEGVERVOER .

VOOR DE ONDERNEMING

2 . VERSTREK NA INVULLING VAN DE RUBRIEKEN II , V EN VI VAN DE OMSLAG EEN BOEKJE AAN ELK BEMANNINGSLID DAT DOOR U IS TEWERKGESTELD IN DE SOORTEN VERVOER WAAROP HET PERSOONLIJKE CONTROLEBOEKJE VAN TOEPASSING IS .

3 . SCHRIJF IN HET DAARTOE BESTEMDE REGISTER DE IN ARTIKEL 14 , LID 7 , VAN DE VERORDENING GENOEMDE GEGEVENS .

4 . VERSTREK AAN DE HOUDER VAN HET BOEKJE ALLE AANWIJZINGEN DIE EEN JUISTE INVULLING VAN HET BOEKJE KUNNEN BEVORDEREN .

5 . CONTROLEER DE DAGELIJKSE WERKBLADEN EN ONDERTEKEN DE WEEKSTATEN .

6 . NEEM , MET INACHTENEMING VAN DE IN PUNT 9 GESTELDE TERMIJN , DE GEBRUIKTE BOEKJES IN EN HOUD DEZE GEDURENDE EEN PERIODE VAN TEN MINSTE TWAALF MAANDEN TER BESCHIKKING VAN DE MET DE CONTROLE BELASTE AMBTENAREN .

VOOR DE LEDEN VAN DE BEMANNING

7 . DIT CONTROLEBOEKJE IS PERSOONLIJK . U MOET HET GEDURENDE UW DIENSTTIJD BIJ U HEBBEN EN HET OP VERZOEK AAN DE MET DE CONTROLE BELASTE AMBTENAREN TONEN .

8 . OVERHANDIG HET AAN UW WERKGEVER , DIE HET ZAL CONTROLEREN EN DE WEEKSTATEN ZAL ONDERTEKENEN .

9 . ALS HET BOEKJE VOL IS , BEWAAR HET DAN NOG TWEE WEKEN EN LEVER HET VERVOLGENS ZO SPOEDIG MOGELIJK IN BIJ UW WERKGEVER . BEWAAR EEN AFSCHRIFT VAN DE WEEKSTATEN .

OMSLAG

10 . GA NA OF UW NAAM , GEBOORTEDATUM EN ADRES JUIST ZIJN INGEVULD ( RUBRIEK V ) .

11 . VUL DE DATUM IN , WAAROP U DIT BOEKJE VOOR DE EERSTE MAAL GEBRUIKT ( RUBRIEK III ) .

12 . VUL NA GEBRUIK DE LAATSTE DATUM VAN GEBRUIK IN ( RUBRIEK IV ) .

DAGELIJKS WERKBLAD

13 . VUL EEN WERKBLAD IN VOOR ELKE DAG WAAROP U VERVOERWERKZAAMHEDEN HEBT VERRICHT .

14 . VUL ONDER RUBRIEK 2 HET KENTEKEN IN VAN ELK VOERTUIG DAT GEDURENDE DE DAG IS GEBRUIKT .

15 . DE GEBEZIGDE TEKENS HEBBEN DE VOLGENDE BETEKENIS :

( 4 ) DAGELIJKSE RUSTTIJD

( 5 ) ARBEIDSONDERBREKINGEN

( 6 ) RIJTIJD

( 7 ) DE OVERIGE TIJD VAN AANWEZIGHEID OP HET WERK

( 7 A ) ALLE ANDERE VERRICHTE WERKZAAMHEDEN BUITEN HET RIJDEN

( 12 ) TOTALE DUUR VAN DE ONAFGEBROKEN RUST VOOR DE AANVANG VAN DE DIENST

16 . NOTEER UW DAGELIJKSE RUSTIJD ( TEKEN 4 ) , UW ARBEIDSONDERBREKINGEN ( TEKEN 5 ) EN DE TIJDEN GEDURENDE WELKE U DE WERKZAAMHEDEN VERRICHT DIE ZIJN AANGEDUID DOOR DE TEKENS VAN DE RUBRIEKEN 6 , 7 EN IN VOORKOMEND GEVAL 7 A , DOOR EEN HORIZONTALE LIJN TE TREKKEN ONDER DE DESBETREFFENDE UREN EN NAAST DE DESBETREFFENDE TEKENS . ALDUS ONTSTAAT ER EEN LIJN ONDER ELK VAN DE VIERENTWINTIG UREN VAN DE DAG ( ZIE VOORBEELD VERDEROP ) .

17 . DE AANTEKENINGEN MOETEN WORDEN GEMAAKT AAN HET BEGIN EN AAN HET EINDE VAN ELKE PERIODE WAAROP ZE BETREKKING HEBBEN .

18 . IN VAK 11 ( OPMERKINGEN ) DIENEN DE CHAUFFEURS IN VOORKOMEND GEVAL DE NAAM VAN DE TWEEDE CHAUFFEUR IN TE VULLEN . VERDER KAN DIT VAK WORDEN GEBRUIKT OM EEN EVENTUELE OVERTREDING VAN DE BEPALINGEN VAN DE VERORDENING TE VERKLAREN OF TER CORRECTIE VAN DE GEGEVENS IN DE RUBRIEKEN ( ZIE PUNT 23 ) . DE WERKGEVER OF DE MET DE CONTROLE BELASTE AMBTENAAR KAN HIER EVENEENS ZIJN OPMERKINGEN NOTEREN .

19 . VUL IN VAK 12 HET AANTAL UREN IN VAN DE ONAFGEBROKEN RUSTTIJD ( DAGELIJKSE RUSTTIJD ) DIE ONMIDDELLIJK AAN HET BEGIN VAN DE DIENST VOORAFGAAT . INDIEN DEZE RUSTTIJD ZICH OVER TWEE DAGEN UITSTREKT , DAN MOET HET CIJFER HET TOTAAL VAN DE RUSTTIJD AAN HET EINDE VAN DE VOORAFGAANDE DAG EN DE RUSTTIJD AAN HET BEGIN VAN DE DAG WAAROP HET DAGELIJKSE WERKBLAD BETREKKING HEEFT AANGEVEN .

20 . ONDERTEKEN HET DAGELIJKSE WERKBLAD .

WEEKSTAAT

21 . DE WEEKSTAAT MOET WORDEN INGEVULD AAN HET EINDE VAN IEDERE WEKELIJKSE PERIODE WAARIN EEN OF MEER DAGELIJKSE WERKBLADEN ZIJN GEBRUIKT . VUL VOOR DE DAGEN WAARVOOR GEEN WERKBLAD BEHOEFDE TE WORDEN INGEVULD , IN DE KOLOM G OF , AL NAARGELANG VAN HET GEVAL , H A , H B OF H C , HET CIJFER " 0 " IN . SCHRIJF ER EEN VERKLARING BIJ , BIJ VOORBEELD : " VAKANTIE " , " VERLOFDAG " .

22 . NEEM IN DE KOLOMMEN F EN G DE CIJFERS OVER , DIE IN DE VAKJES 12 EN 13 ZIJN VERMELD .

ALGEMENE OPMERKINGEN

23 . HET IS NIET TOEGESTAAN IN HET BOEKJE TE RADEREN , DOOR TE HALEN OF DOOR ANDERE WOORDEN HEEN TE SCHRIJVEN . VERGISSINGEN , ZELFS EENVOUDIGE VERSCHRIJVINGEN , MOETEN ONDER DE RUBRIEK " OPMERKINGEN " ( VAK 11 ) WORDEN GECORRIGEERD .

24 . HET IS VERBODEN BLADEN UIT DIT BOEKJE TE VERNIETIGEN .

25 . ALLE AANTEKENINGEN MOETEN MET PEN OF BALPEN WORDEN GEMAAKT .

C ) DAGELIJKS WERKBLAD : ZIE BB

D ) VOORBEELD VAN EEN INGEVULD DAGELIJKS WERKBLAD : ZIE BB

E ) WEEKSTAAT : ZIE PB