26.5.2005   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

L 133/37


BESLUIT VAN HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER

Nr. 179/2004

van 9 december 2004

tot wijziging van bijlage XIII (Vervoer) bij de EER-overeenkomst

HET GEMENGD COMITÉ VAN DE EER,

Gelet op de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte, aangepast bij het Protocol tot aanpassing van de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte, hierna „de Overeenkomst” genoemd, en met name op artikel 98,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Bijlage XIII bij de Overeenkomst werd gewijzigd bij Besluit nr. 171/2004 van het Gemengd Comité van de EER van 3 december 2004 (1).

(2)

Verordening (EG) nr. 1592/2002 van het Europees Parlement en de Raad van 15 juli 2002 tot vaststelling van gemeenschappelijke regels op het gebied van burgerluchtvaart en tot oprichting van een Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart (2) heeft als belangrijkste doelstelling de totstandbrenging en instandhouding van een hoog uniform veiligheidsniveau in de burgerluchtvaart in Europa.

(3)

De activiteiten van het Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart kunnen van invloed zijn op het veiligheidsniveau in de burgerluchtvaart in de Europese Economische Ruimte.

(4)

Verordening (EG) nr. 1592/2002 dient in de Overeenkomst te worden opgenomen, zodat de EVA-staten volwaardig kunnen deelnemen aan het Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart,

BESLUIT:

Artikel 1

Bijlage XIII bij de Overeenkomst wordt gewijzigd overeenkomstig de bijlage bij dit besluit.

Artikel 2

De in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie bekend te maken teksten in de IJslandse en de Noorse taal van Verordening (EG) nr. 1592/2002 zijn authentiek.

Artikel 3

Dit besluit treedt in werking op 10 december 2004, op voorwaarde dat alle in artikel 103, lid 1, van de Overeenkomst bedoelde kennisgevingen aan het Gemengd Comité van de EER hebben plaatsgevonden (3).

Artikel 4

Dit besluit wordt bekendgemaakt in het EER-gedeelte van en in het EER-supplement bij het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel, 9 december 2004.

Voor het Gemengd Comité van de EER

De voorzitter

Kjartan JÓHANNSSON


(1)  Zie bladzijde 21 van dit Publicatieblad.

(2)  PB L 240 van 7.9.2002, blz. 1.

(3)  Grondwettelijke vereisten aangegeven.


BIJLAGE

bij Besluit nr. 179/2004 van het Gemengd Comité van de EER

Na punt 66m (Verordening (EG) nr. 1138/2004 van de Commissie) van bijlage XIII bij de Overeenkomst wordt het volgende punt toegevoegd:

„66n.

32002 R 1592: Verordening (EG) nr. 1592/2002 van het Europees Parlement en de Raad van 15 juli 2002 tot vaststelling van gemeenschappelijke regels op het gebied van burgerluchtvaart en tot oprichting van een Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart (PB L 240 van 7.9.2002, blz. 1).

De bepalingen van de verordening worden voor de toepassing van deze Overeenkomst als volgt aangepast:

a)

Tenzij hierna iets anders wordt bepaald, en in afwijking van de bepalingen van Protocol nr. 1 bij de Overeenkomst, staat de in de verordening gebruikte term „lidsta(a)t(en)” niet alleen voor de in de verordening bedoelde lidstaten, maar tevens voor de EVA-staten. Punt 11 van Protocol nr. 1 is van toepassing.

b)

Wat de EVA-staten betreft, staat het Agentschap waar en wanneer nodig de Toezichthoudende Autoriteit van de EVA of het permanent comité, naar gelang van het geval, bij in de uitvoering van hun respectieve taken.

c)

Niets in deze verordening mag worden uitgelegd als een overdracht aan het Agentschap van bevoegdheid om krachtens internationale overeenkomsten namens de EVA-staten te handelen voor andere doeleinden dan bijstand in de uitvoering van hun verplichtingen uit hoofde van die overeenkomsten.

d)

Artikel 9 wordt als volgt gewijzigd:

i)

In lid 1 worden na de woorden „de Gemeenschap” de woorden „of een EVA-staat” ingevoegd.

ii)

Lid 2 wordt door de volgende bepaling vervangen:

„Voert de Gemeenschap met een derde land onderhandelingen over de sluiting van een overeenkomst die het mogelijk maakt dat een lidstaat of het Agentschap certificaten aflevert op basis van certificeringen van de luchtvaartautoriteiten van dat derde land, dan streeft zij ernaar dat het betrokken land de EVA-staten een soortgelijke overeenkomst aanbiedt. De EVA-staten streven er op hun beurt naar met derde landen overeenkomsten te sluiten die overeenstemmen met die van de Gemeenschap.”.

e)

Aan artikel 11 wordt het volgende lid toegevoegd:

„5.

Verordening (EG) nr. 1049/2001 van het Europees Parlement en de Raad van 30 mei 2001 inzake de toegang van het publiek tot documenten van het Europees Parlement, de Raad en de Commissie is voor de toepassing van de verordening tevens van toepassing op alle documenten van het Agentschap in verband met de EVA-staten.”.

f)

Aan artikel 12, lid 2, onder b), wordt het volgende toegevoegd:

„Het Agentschap staat tevens de Toezichthoudende Autoriteit van de EVA bij en biedt haar dezelfde ondersteuning wanneer zij krachtens de Overeenkomst bevoegd is voor dergelijke maatregelen en taken;”.

g)

Artikel 12, lid 2, onder e), wordt door de volgende bepaling vervangen:

„op de onder zijn bevoegdheid vallende gebieden de taken uit te voeren die door de toepasselijke internationale verdragen, met name het Verdrag van Chicago, aan de overeenkomstsluitende partijen zijn toebedeeld. De nationale luchtvaartautoriteiten van de EVA-staten voeren deze taken slechts uit zoals bepaald in deze verordening.”.

h)

De eerste zin van artikel 15 wordt door de volgende vervangen:

„Met betrekking tot producten, onderdelen en uitrustingsstukken zoals bedoeld in artikel 4, lid 1, verricht het Agentschap in voorkomend geval, overeenkomstig het bepaalde in het Verdrag van Chicago of de bijlagen daarbij, de taken van het land van ontwerp, vervaardiging of registratie, voorzover deze verband houden met de goedkeuring van ontwerpen. De nationale luchtvaartautoriteiten van de EVA-staten verrichten dergelijke taken slechts voorzover deze door dit artikel aan hen zijn toebedeeld.”.

i)

Artikel 16 wordt als volgt gewijzigd:

Aan lid 1 wordt het volgende toegevoegd:

„Over normalisatie-inspecties in een EVA-staat brengt het Agentschap verslag uit bij de Toezichthoudende Autoriteit van de EVA.”.

Aan lid 3 wordt het volgende toegevoegd:

„Voor de EVA-staten wordt het Agentschap geraadpleegd door de Toezichthoudende Autoriteit van de EVA.”.

j)

Aan artikel 20 wordt het volgende lid toegevoegd:

„4.

In afwijking van artikel 12, lid 2, onder a), van de Regeling welke van toepassing is op de andere personeelsleden van de Gemeenschappen, kunnen onderdanen van de EVA-staten die over hun volledige burgerrechten beschikken, op basis van een contract door de uitvoerend directeur van het Agentschap in dienst worden genomen.”.

k)

Aan artikel 21 wordt het volgende toegevoegd:

„De EVA-staten passen op het Agentschap en op het personeel daarvan het Protocol inzake voorrechten en immuniteiten van de Europese Gemeenschappen en de toepasselijke, op grond van dit protocol vastgestelde regels toe.”.

l)

In lid 1 van artikel 23 wordt na de woorden „van de Gemeenschap” het volgende ingevoegd:

„en in de IJslandse en de Noorse taal”.

m)

Na artikel 24, lid 2, onder c), wordt het volgende ingevoegd:

ca)

„Het algemene jaarverslag en het werkprogramma van het Agentschap, respectievelijk overeenkomstig punt b) en punt c), worden aan de Toezichthoudende Autoriteit van de EVA toegezonden.”.

n)

Aan artikel 25 wordt het volgende lid toegevoegd:

„3.

De EVA-staten nemen volwaardig deel aan de werkzaamheden van de raad van beheer en hebben binnen deze raad dezelfde rechten en plichten als de EU-lidstaten, met uitzondering van stemrecht.”.

o)

Aan artikel 32 wordt het volgende lid toegevoegd:

„6.

Onderdanen van EVA-staten kunnen als lid of voorzitter van de kamers van beroep worden benoemd. Bij de vaststelling van de in lid 3 bedoelde lijst met kandidaten neemt de Commissie tevens geschikte personen met de nationaliteit van de EVA-staten in aanmerking.”.

p)

Op het einde van lid 1 van artikel 45 wordt het volgende ingevoegd:

„Voor de EVA-staten zal het Agentschap de Toezichthoudende Autoriteit van de EVA bijstaan in de uitvoering van genoemde taken.”.

q)

Aan artikel 48 wordt het volgende lid toegevoegd:

„8.

De EVA-staten nemen een gedeelte van de in lid 1, eerste streepje, bedoelde financiële bijdrage van de Gemeenschap voor hun rekening. Te dien einde zijn de procedures van artikel 82, lid 1, onder a), en Protocol nr. 32 bij de Overeenkomst mutatis mutandis van toepassing.”

r)

Aan artikel 54 worden de volgende leden toegevoegd:

„6.

De EVA-staten nemen volwaardig deel aan de werkzaamheden van het in lid 1 genoemde comité en hebben binnen dit comité dezelfde rechten en plichten als de EU-lidstaten, met uitzondering van stemrecht.

7.

Neemt de Raad bij het ontbreken van een akkoord tussen de Commissie en het comité een besluit over de betrokken materie, dan mogen de EVA-staten het vraagstuk overeenkomstig artikel 5 van de Overeenkomst aan de orde stellen in het Gemengd Comité van de EER.”.”.