02019R1239 — NL — 15.08.2025 — 001.001
Onderstaande tekst dient louter ter informatie en is juridisch niet bindend. De EU-instellingen zijn niet aansprakelijk voor de inhoud. Alleen de besluiten die zijn gepubliceerd in het Publicatieblad van de Europese Unie (te raadplegen in EUR-Lex) zijn authentiek. Deze officiële versies zijn rechtstreeks toegankelijk via de links in dit document
|
VERORDENING (EU) 2019/1239 VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD van 20 juni 2019 tot instelling van een Europees maritiem éénloketsysteem en tot intrekking van Richtlijn 2010/65/EU (PB L 198 van 25.7.2019, blz. 64) |
Gewijzigd bij:
|
|
|
Publicatieblad |
||
|
nr. |
blz. |
datum |
||
|
GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) 2023/205 VAN DE COMMISSIE van 7 november 2022 |
L 33 |
24 |
3.2.2023 |
|
VERORDENING (EU) 2019/1239 VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD
van 20 juni 2019
tot instelling van een Europees maritiem éénloketsysteem en tot intrekking van Richtlijn 2010/65/EU
HOOFDSTUK I
ALGEMENE BEPALINGEN
Artikel 1
Onderwerp en toepassingsgebied
Bij deze verordening wordt een kader ingesteld voor een technologisch neutraal en interoperabel Europees maritiem éénloketsysteem (EMSWe), met geharmoniseerde interfaces, dat de elektronische overdracht faciliteert van gegevens die betrekking hebben op de meldingsverplichtingen van schepen die aankomen in en vertrekken uit een haven in de Unie.
Artikel 2
Definities
In deze verordening wordt verstaan onder:
|
1. |
„Europees maritiem éénloketsysteem” („EMSWe”) : een juridisch en technisch kader voor de elektronische verzending van gegevens met betrekking tot de meldingsverplichtingen voor havenaanlopen in de Unie, dat bestaat uit een netwerk van nationale maritieme éénloketsystemen met geharmoniseerde meldingsinterfaces en dat zowel gegevensuitwisseling via SafeSeaNet en andere relevante systemen als gemeenschappelijke diensten voor gebruikersregistratie en toegangsbeheer, adressering, scheepsidentificatie, locatiecodes en gegevens over gevaarlijke en verontreinigende stoffen en over gezondheid omvat; |
|
2. |
„schip” : elk zeewaardig schip of vaartuig dat in het zeemilieu opereert en onderworpen is aan een specifieke meldingsverplichting als vermeld in de bijlage; |
|
3. |
„Nationaal maritiem éénloketsysteem” : een op nationaal niveau ingesteld en aangestuurd technisch platform voor het elektronisch ontvangen, uitwisselen en doorsturen van informatie teneinde aan de meldingsverplichtingen te voldoen, dat een gemeenschappelijke definitie van beheer van toegangsrechten, een geharmoniseerde interfacemodule voor melding en een grafische gebruikersinterface voor communicatie met melders omvat, en gekoppeld is aan de systemen en databanken van de bevoegde instanties op nationaal en Unieniveau, dat het mogelijk maakt (ontvangst)berichten met betrekking tot de meest uiteenlopende, door alle deelnemende bevoegde autoriteiten genomen beslissingen aan de melders mee te delen, en dat in voorkomend geval ook de koppeling met andere meldingsmiddelen mogelijk kan maken; |
|
4. |
„geharmoniseerde interfacemodule voor meldingen” : een middleware component van het nationaal maritiem éénloketsysteem waarmee informatie kan worden uitgewisseld tussen de informatiesystemen van de melder en het betrokken nationaal maritiem éénloketsysteem; |
|
5. |
„meldingsverplichting” : de informatie die is vereist volgens de in de bijlage vermelde rechtshandelingen van de Unie, internationale rechtshandelingen en nationale wetgeving en voorschriften, en die moeten worden verstrekt met betrekking tot een havenaanloop; |
|
6. |
„havenaanloop” : de aankomst van een schip in, het verblijf van een schip in, en het vertrek van een schip uit een zeehaven in een lidstaat; |
|
7. |
„gegevenselement” : de kleinste informatie-eenheid met een unieke omschrijving en exacte technische kenmerken zoals formaat, lengte en lettertype; |
|
8. |
„EMSWe-dataset” : de volledige lijst van data-elementen die voortvloeien uit meldingsverplichtingen; |
|
9. |
„grafische gebruikersinterface” : een webinterface voor wederzijdse webgebaseerde user-to-system gegevensverstrekking aan een nationaal maritiem eenloketsysteem, dat de melders in staat stelt gegevens manueel in te voeren, onder meer door middel van geharmoniseerde elektronische spreadsheets en functies waarmee meldingsgegevens uit die spreadsheet kunnen worden gehaald, en dat ook gemeenschappelijke functionaliteiten en kenmerken bevat die ervoor zorgen dat de navigation flow en het uploaden van gegevens voor de melders op dezelfde manier werken; |
|
10. |
„gemeenschappelijke digitale poort” : een aanvullende vrijwillige dienst voor melders voor het opzetten van directe system-to-system dataverbindingen tussen het systeem van de melder en de geharmoniseerde interfacemodule voor meldingen van de betrokken nationale maritieme éénloketdienst; |
|
11. |
„melder” : iedere natuurlijke of rechtspersoon die is onderworpen aan meldingsverplichtingen of iedere daartoe gemachtigde natuurlijke of rechtspersoon die namens die persoon optreedt binnen de grenzen van de betrokken meldingsverplichting; |
|
12. |
„douaneautoriteiten” : de autoriteiten zoals omschreven in artikel 5, punt 1, van Verordening (EU) nr. 952/2013; |
|
13. |
„aanbieder van datadiensten” : een natuurlijke persoon of rechtspersoon die aan melders informatie- en communicatietechnologiediensten verstrekt in verband met meldingsverplichtingen; |
|
14. |
„elektronische gegevensverzending” : het verzenden van digitaal gecodeerde gegevens door gebruikmaking van een wijzigbaar gestructureerd format dat rechtstreeks kan worden gebruikt voor opslag en verwerking door computers; |
|
15. |
„aanbieder van havendiensten” : iedere natuurlijke of rechtspersoon die een of meer van de in artikel 1, lid 2, van Verordening (EU) 2017/352 van het Europees Parlement en de Raad opgesomde categorieën van havendiensten verstrekt ( 1 ). |
HOOFDSTUK II
EMSWe-DATASET
Artikel 3
Vaststelling van de EMSWe-dataset
De eerste van die gedelegeerde handelingen wordt uiterlijk op 15 augustus 2021 vastgesteld.
Een lidstaat kan de Commissie verzoeken om gegevenselementen in de EMSWe-dataset in te voeren of te wijzigen in overeenstemming met de meldingsverplichtingen die in de nationale wetgeving en voorschriften zijn vastgelegd. Bij de beoordeling of gegevenselementen in de EMSWe-dataset moeten worden opgenomen neemt de Commissie veiligheidsrisico’s en de beginselen van het FAL-Verdrag in aanmerking, te weten dat enkel essentiële meldingsgegevens mogen worden geëist en dat het aantal elementen tot een minimum moet worden beperkt.
De Commissie besluit uiterlijk drie maanden na het verzoek of de gegevens al dan niet in de EMSWe-dataset worden ingevoerd. De Commissie motiveert haar besluit.
In een gedelegeerde handeling waarbij een gegevenselement in de EMSWe-dataset wordt ingevoerd of gewijzigd, worden de nationale wetgeving en de in de derde alinea bedoelde voorschriften uitdrukkelijk vermeld.
Indien de Commissie besluit de gevraagde gegevenselementen niet in te voeren, geeft de Commissie gegronde redenen voor haar weigering, onder verwijzing naar de veiligheid van de scheepvaart en de beginselen van het FAL-Verdrag.
Artikel 4
Wijziging van de EMSWe-dataset
Uiterlijk één maand vóór het einde van de in de eerste alinea bedoelde laatste periode van drie maanden kan de lidstaat de Commissie overeenkomstig artikel 3, lid 3, verzoeken dat de aanvullende gegevenselementen deel uitmaken van de EMSWe-dataset. De lidstaat kan om aanvullende gegevenselementen van de melders verzoeken totdat de Commissie een besluit heeft genomen, en in geval van een positief besluit, totdat de gewijzigde EMSWe-dataset is opgezet.
HOOFDSTUK III
INFORMATIEVERSTREKKING
Artikel 5
Nationaal maritiem éénloketsysteem
De lidstaten zijn verantwoordelijk voor het functioneren van hun nationaal maritiem éénloketsysteem.
De lidstaten kunnen samen met een of meer andere lidstaten een maritiem éénloketsysteem instellen. De lidstaten wijzen dat maritieme éénloketsysteem aan als hun nationale maritieme éénloketsysteem en blijven verantwoordelijk voor het functioneren ervan in overeenstemming met deze verordening.
De lidstaten zorgen voor:
de verenigbaarheid van het nationale maritieme éénloketsysteem met de geharmoniseerde interfacemodule voor meldingen en de aanpasbaarheid van de grafische gebruikersinterface van hun nationale maritieme éénloketsysteem aan de gemeenschappelijke functies overeenkomstig artikel 6, lid 2;
de tijdige integratie van de geharmoniseerde meldingsinterfaces in overeenstemming met de invoeringstermijnen die zijn vastgesteld in de in artikel 6 bedoelde uitvoeringshandeling, en van latere updates in overeenstemming met de in het meerjarig uitvoeringsplan (MUP) overeengekomen data;
de koppeling met de betrokken systemen van de bevoegde instanties zodat de overdracht van gegevens aan die instanties kan worden gemeld, via het nationaal maritiem éénloketsysteem en aan die systemen, overeenkomstig de Unierechtshandelingen en de nationale wetgeving en voorschriften, en in overeenstemming met de technische specificaties van die systemen;
een helpdesk gedurende de eerste twaalf maanden vanaf 15 augustus 2025 en een website voor online ondersteuning voor hun nationaal maritiem éénloketsysteem met duidelijke instructies in de officiële taal of talen van die lidstaat en, in voorkomend geval, in een taal die internationaal wordt gebruikt;
adequate en noodzakelijke opleiding voor personeel dat rechtstreeks betrokken is bij het besturen van het nationaal maritiem éénloketsysteem.
De eerste uitvoeringshandeling wordt uiterlijk op 15 augustus 2021 vastgesteld.
Artikel 6
Geharmoniseerde meldingsinterfaces
De eerste uitvoeringshandeling wordt uiterlijk op 15 augustus 2021 vastgesteld.
De eerste uitvoeringshandeling wordt uiterlijk op 15 augustus 2021 vastgesteld.
Artikel 7
Andere meldingsmiddelen
Artikel 8
Once-only principe
Artikel 9
Verantwoordelijkheid voor de meegedeelde informatie
De melder is verantwoordelijk voor de indiening van gegevenselementen en neemt daarbij de toepasselijke wettelijke en technische eisen in acht. De melder blijft verantwoordelijk voor de gegevens en voor het actualiseren van alle informatie die na de indiening ervan bij het nationaal maritiem éénloketsysteem is veranderd.
Artikel 10
Gegevensbescherming en vertrouwelijkheid
Artikel 11
Aanvullende bepalingen inzake douane
De eerste uitvoeringshandeling wordt uiterlijk op 15 augustus 2021 vastgesteld.
HOOFDSTUK IV
GEMEENSCHAPPELIJKE DIENSTEN
Artikel 12
Gebruikersregistratie- en toegangsbeheersysteem van het EMSWe
De eerste van die uitvoeringshandelingen wordt uiterlijk op 15 augustus 2021 vastgesteld.
Artikel 13
Gemeenschappelijke digitale poort
De eerste van die uitvoeringshandelingen wordt uiterlijk op 15 augustus 2024 vastgesteld.
Artikel 14
Scheepsdatabank van het EMSWe
De eerste van die uitvoeringshandelingen wordt uiterlijk op 15 augustus 2021 vastgesteld.
Artikel 15
Gemeenschappelijke locatiedatabank
De eerste van die uitvoeringshandelingen wordt uiterlijk op 15 augustus 2021 vastgesteld.
Artikel 16
Gemeenschappelijke Hazmat-databank
De eerste van die uitvoeringshandelingen wordt uiterlijk op 15 augustus 2021 vastgesteld.
Artikel 17
Gemeenschappelijke databank scheepshygiëne
De voor de volksgezondheid bevoegde autoriteiten van de lidstaten hebben toegang tot de databank voor het ontvangen en uitwisselen van gegevens.
HOOFDSTUK V
COÖRDINATIE VAN DE EMSWe-ACTIVITEITEN
Artikel 18
Nationale coördinatoren
Elke lidstaat wijst een bevoegde nationale instantie met een duidelijk wettelijk mandaat aan die optreedt als nationale coördinator voor het EMSWe. De nationale coördinator:
fungeert als het nationaal contactpunt voor gebruikers en de Commissie voor alle aangelegenheden met betrekking tot de uitvoering van deze verordening;
coördineert de toepassing van deze verordening door de nationale bevoegde instanties in een lidstaat, alsmede de samenwerking tussen deze instanties;
coördineert de activiteiten die gericht zijn op het waarborgen van de distributie van gegevens en de koppeling met de betrokken systemen van de bevoegde instanties, bedoeld in artikel 5, lid 3, onder c).
Artikel 19
Meerjarig uitvoeringsplan
Om de tijdige uitvoering van deze verordening te vergemakkelijken en te voorzien in kwaliteitscontrolemechanismen en de procedures voor het uitrollen, onderhouden en actualiseren van de geharmoniseerde interfacemodule en de daarmee verband houdende geharmoniseerde elementen van het EMSWe, stelt de Commissie, na de nodige raadplegingen van deskundigen van de lidstaten, een meerjarig uitvoeringsplan op dat jaarlijks wordt herzien en het volgende bevat:
een plan voor het ontwikkelen en actualiseren van de geharmoniseerde meldingsinterfaces en de daarmee verband houdende geharmoniseerde elementen van het EMSWe, gepland in de volgende 18 maanden;
een plan voor de ontwikkeling van de gemeenschappelijke digitale poort uiterlijk op 15 augustus 2024;
de indicatieve data voor het overleg met de betrokken belanghebbenden;
indicatieve termijnen voor de lidstaten voor de daaropvolgende integratie van de geharmoniseerde meldingsinterfaces met de nationale maritieme éénloketsystemen;
indicatieve termijnen voor de ontwikkeling van een gemeenschappelijke digitale poort door de Commissie na de invoering van de geharmoniseerde interfacemodule voor meldingen;
testperiodes voor lidstaten en melders om hun verbindingen met nieuwe versies van de geharmoniseerde meldingsinterfaces te testen;
testperioden voor de gemeenschappelijke digitale poort;
indicatieve termijnen voor het uitfaseren van oudere versies van de geharmoniseerde meldingsinterfaces voor de lidstaten en melders.
HOOFDSTUK VI
SLOTBEPALINGEN
Artikel 20
Kosten
De algemene begroting van de Europese Unie dekt de kosten van:
de ontwikkeling en het onderhoud, door de Commissie en het EMSA, van de ICT-instrumenten die de uitvoering van deze verordening op het niveau van de Unie ondersteunen;
de bekendmaking van het EMSWe op Unieniveau, onder meer tussen de betrokken belanghebbenden, en op het niveau van de bevoegde internationale organisaties.
Artikel 21
Samenwerking met andere systemen of diensten om de handel en het vervoer te vergemakkelijken
Als bij andere rechtshandelingen van de Unie systemen of diensten zijn gecreëerd om de handel en het vervoer te vergemakkelijken, coördineert de Commissie de werkzaamheden in verband met die systemen of diensten met het oog op het verwezenlijken van synergie en het vermijden van dubbel werk.
Artikel 22
Beoordeling en verslaglegging
De lidstaten monitoren de toepassing van het EMSWe en brengen aan de Commissie verslag uit over hun bevindingen. Het verslag moet de volgende indicatoren bevatten:
gebruik van de geharmoniseerde interfacemodule voor meldingen;
gebruik van de grafische gebruikersinterface;
gebruik van andere meldingsmiddelen als bedoeld in artikel 7.
De lidstaten verstrekken dat verslag jaarlijks aan de Commissie op basis van een door de Commissie te verschaffen model.
Uiterlijk op 15 augustus 2027 beoordeelt de Commissie de toepassing van deze verordening en dient zij bij het Europees Parlement en de Raad een evaluatieverslag over de werking van het EMSWe in op basis van de verzamelde gegevens en statistieken. Het evaluatieverslag omvat indien nodig een evaluatie van nieuwe technologieën die kunnen leiden tot een wijziging of de vervanging van de geharmoniseerde meldingsinterfacemodule.
Artikel 23
Uitoefening van de bevoegdheidsdelegatie
Artikel 24
Comitéprocedure
Artikel 25
Intrekking van Richtlijn 2010/65/EU
Richtlijn 2010/65/EU wordt ingetrokken met ingang van 15 augustus 2025.
Verwijzingen naar Richtlijn 2010/65/EU worden gelezen als verwijzingen naar deze verordening.
Artikel 26
Inwerkingtreding
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
BIJLAGE
MELDINGSVERPLICHTINGEN
A. Uit rechtshandelingen van de Unie voortvloeiende meldingsverplichtingen
Deze categorie meldingsverplichtingen betreft de informatie die overeenkomstig de onderstaande bepalingen moet worden verstrekt:
A1 - Aanmelding van schepen die havens van de lidstaten binnenlopen en die havens verlaten
Artikel 4, lid 1, van Richtlijn 2002/59/EG van het Europees Parlement en de Raad van 27 juni 2002 betreffende de invoering van een communautair monitoring- en informatiesysteem voor de zeescheepvaart (PB L 208 van 5.8.2002, blz. 10).
A2 - Grenscontrole op personen
Artikel 19 van Verordening (EU) 2016/399 van het Europees Parlement en de Raad van 9 maart 2016 betreffende een Uniecode voor de overschrijding van de grenzen door personen (Schengengrenscode) (PB L 77 van 23.3.2016, blz. 1).
A3 - Aanmelding van gevaarlijke of verontreinigende stoffen aan boord
Artikel 13 van Richtlijn 2002/59/EG van het Europees Parlement en de Raad van 27 juni 2002 betreffende de invoering van een communautair monitoring- en informatiesysteem voor de zeescheepvaart (PB L 208 van 5.8.2002, blz. 10).
A4.1 - Afvalvooraanmelding
Artikel 6, lid 1, van Richtlijn (EU) 2019/883 van het Europees Parlement en de Raad van 17 april 2019 inzake havenontvangstvoorzieningen voor de afvalafgifte van schepen, tot wijziging van Richtlijn 2010/65/EU en tot intrekking van Richtlijn 2000/59/EG (PB L 151 van 7.6.2019, blz. 116).
A4.2 - Afvalontvangstbewijs
Artikel 7, lid 3, van Richtlijn (EU) 2019/883 van het Europees Parlement en de Raad van 17 april 2019 inzake havenontvangstvoorzieningen voor de afvalafgifte van schepen, tot wijziging van Richtlijn 2010/65/EU en tot intrekking van Richtlijn 2000/59/EG (PB L 151 van 7.6.2019, blz. 116).
A5 - Veiligheidsinlichtingen voorafgaande aan het aandoen van een haven
Artikel 6 van Verordening (EG) nr. 725/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 31 maart 2004 betreffende de verbetering van de beveiliging van schepen en havenfaciliteiten (PB L 129 van 29.4.2004, blz. 6).
Het formulier in het aanhangsel van deze bijlage wordt gebruikt om de krachtens artikel 6 van Verordening (EG) nr. 725/2004 vereiste gegevenselementen in te vullen.
A6.1 - Aantal opvarenden van passagiersschepen
Artikel 4, lid 2, van Richtlijn 98/41/EG van de Raad van 18 juni 1998 inzake de registratie van de opvarenden van passagiersschepen die vanuit of naar havens in de lidstaten van de Gemeenschap varen (PB L 188 van 2.7.1998, blz. 35).
A6.2 - Gegevens over de opvarenden van passagiersschepen
Artikel 5, lid 2, van Richtlijn 98/41/EG van de Raad van 18 juni 1998 inzake de registratie van de opvarenden van passagiersschepen die vanuit of naar havens in de lidstaten van de Gemeenschap varen (PB L 188 van 2.7.1998, blz. 35).
A7 - Douaneformaliteiten
A7.1 - Kennisgeving van aankomst (artikel 133 van Verordening (EU) nr. 952/2013 van het Europees Parlement en van de Raad van 9 oktober 2013 tot vaststelling van het douanewetboek van de Unie (PB L 269 van 10.10.2013, blz. 1));
A7.2 - Aanbrengen van goederen bij de douane (artikel 139 van Verordening (EU) nr. 952/2013);
A7.3 - Aangifte tot tijdelijke opslag van goederen (artikel 145 van Verordening (EU) nr. 952/2013);
A7.4 - Douanestatus van goederen (artikelen 153, 154 en 155 van Verordening (EU) nr. 952/2013);
A7.5 - Elektronische vervoersdocumenten voor douanevervoer (artikel 233, lid 4, punt e), van Verordening (EU) nr. 952/2013);
A7.6 - Kennisgeving van uitgang (artikel 267 van Verordening (EU) nr. 952/2013);
A7.7 - Summiere aangifte bij uitgaan (artikelen 271 en 272 van Verordening (EU) nr. 952/2013);
A7.8 - Kennisgeving van wederuitvoer (artikelen 274 en 275 van Verordening (EU) nr. 952/2013).
A8 - Veilig laden en lossen van bulkschepen
Artikel 7, lid 1, punt b), van Richtlijn 2001/96/EG van het Europees Parlement en de Raad van 4 december 2001 tot vaststelling van geharmoniseerde voorschriften en procedures voor veilig laden en lossen van bulkschepen (PB L 13 van 16.1.2002, blz. 9).
A9 - Aanmelding van aankomst van schepen die voor een uitgebreide inspectie in aanmerking komen
Artikel 9, lid 1, van Richtlijn 2009/16/EG van het Europees Parlement en de Raad van 23 april 2009 betreffende havenstaatcontrole (PB L 131 van 28.5.2009, blz. 57).
A10 - Statistiek van het zeevervoer
Artikel 3 van Richtlijn 2009/42/EG van het Europees Parlement en de Raad van 6 mei 2009 betreffende de statistiek van het zeevervoer van goederen en personen (PB L 141 van 6.6.2009, blz. 29).
B. FAL-documenten en uit internationale rechtsinstrumenten voortvloeiende meldingsverplichtingen
Deze categorie meldingsverplichtingen betreft de informatie die overeenkomstig het FAL-Verdrag en andere toepasselijke internationale rechtsinstrumenten moet worden verstrekt.
FAL 1: Generale verklaring
FAL 2: Aangifte van de lading
FAL 3: Aangifte van de scheepsvoorraad
FAL 4: Aangifte van de persoonlijke eigendommen van de bemanning
FAL 5: Bemanningslijst
FAL 6: Passagierslijst
FAL 7: Gevaarlijke stoffen
Maritieme gezondheidsverklaring
C. Uit nationale wetgeving en voorschriften voortvloeiende meldingsverplichtingen
( 1 ) Verordening (EU) 2017/352 van het Europees Parlement en de Raad van 15 februari 2017 tot vaststelling van een kader voor het verrichten van havendiensten en gemeenschappelijke regels inzake de financiële transparantie van havens (PB L 57 van 3.3.2017, blz. 1).
( 2 ) „Code voor handels- en vervoerslocaties van de Verenigde Naties”.