E1996C0023

BESLUIT VAN DE TOEZICHTHOUDENDE AUTORITEIT VAN DE EVA Nr. 23/96/COL van 6 maart 1996 betreffende de zevende wijziging van de formele en materiële regels op het gebied van overheidssteun (nieuwe voorschriften inzake overheidssteun aan de synthetische-vezelindustrie)

Publicatieblad Nr. L 140 van 13/06/1996 blz. 0054 - 0058


BESLUIT VAN DE TOEZICHTHOUDENDE AUTORITEIT VAN DE EVA Nr. 23/96/COL van 6 maart 1996 betreffende de zevende wijziging van de formele en materiële regels op het gebied van overheidssteun (nieuwe voorschriften inzake overheidssteun aan de synthetische-vezelindustrie)

DE TOEZICHTHOUDENDE AUTORITEIT VAN DE EVA

heeft de formele en materiële regels op het gebied van overheidssteun (1), welke op 19 januari 1994 zijn vastgesteld (2) en laatstelijk op 6 december 1995 zijn gewijzigd (3), als volgt gewijzigd:

Hoofdstuk 22 van de richtsnoeren inzake overheidssteun wordt vervangen door de onderstaande tekst:

"22. STEUN AAN DE SYNTHETISCHE VEZELINDUSTRIE (1)

22.1. Reikwijdte van het toezicht

1) De onderstaande voorschriften inzake steun aan de synthetische vezelindustrie zijn ongeacht de omvang van de onderneming waarvoor de steun is bestemd, van toepassing op alle categorieën steun met uitzondering van steun voor beroepsopleiding/omscholing welke is toegekend krachtens regelingen die zijn goedgekeurd door de Toezichthoudende Autoriteit van de EVA of steun die is toegekend krachtens regelingen die zijn goedgekeurd door de autoriteit en die binnen de werkingssfeer vallen van de voorschriften inzake steun voor milieubescherming (2) of de voorschriften inzake steun voor onderzoek en ontwikkeling (3).

2) Wat de algemene typen vezels en garens, de polyemere grondstof en het uiteindelijke gebruik ervan betreft, zijn de voorschriften van toepassing op alle algemene typen stapelvezel en filamentgaren op basis van polyester, polyamide, acryl of polypropyleen ongeacht het uiteindelijke gebruik van het produkt.

3) Wat de industriële procédés betreft, zijn de voorschriften van toepassing op steun ten behoeve van de rechtstreekse ondersteuning van extrusie, texturisering of polymerisatie (inclusief polycondensatie) voor zover deze bewerking op machineniveau in de extrusie is geïntegreerd, dan wel ten behoeve van de rechtstreekse ondersteuning van elk aanvullend procédé dat in de specifieke werkzaamheid op machineniveau normaliter is geïntegreerd in de extrusie/texturiseringscapaciteit.

4) De voorschriften zijn niet van toepassing op de rechtstreekse ondersteuning van procédés die aan de polymerisering voorafgaan, onder meer de produktie van monomeer. De voorschriften zijn evenmin van toepassing op procédés die plaatsvinden na de extrusie/texturisering welke in de specifieke betrokken werkzaamheid op machineniveau normalerwijze zijn geïntegreerd in de extrusie/texturiseringscapaciteit. Tenslotte zijn de voorschriften niet van toepassing op garenextrusieprocédés waarbij de geëxtrudeerde garens slechts een overgangsfase zijn voorafgaand aan het "spunlaid"- en "spunbonded"-procédé met het oog op de produktie van vezelvlies. De vezelvliessector is gekenmerkt door gestage innovatie en hoge groei en de machines welke worden gebruikt voor de extrusie van dit type garens, kunnen niet gemakkelijk of tegen een lage prijs worden aangepast om stapelvezel of filamentgaren te produceren.

22.2. Bijzondere aanmeldingsvereisten

1) Derhalve dienen de Staten op grond van de EVA-voorschriften elk steunvoornemen aan te melden overeenkomstig artikel 1, lid 3, van Protocol 3 bij de Toezichtovereenkomst, ongeacht de vorm ervan en ongeacht of de Toezichthoudende Autoriteit van de EVA de betrokken regeling heeft goedgekeurd voor zover de steun niet voldoet aan het de-minimis-criterium (4) ten behoeve van de rechtstreekse ondersteuning van:

- de extrusie/texturisering van alle algemene typen vezel en garen op basis van polyester, polyamide, acryl of polypropyleen ongeacht het uiteindelijke gebruik ervan, of

- de polymerisering (inclusief de polycondensatie) voor zover deze bewerking is geïntegreerd in de extrusie op machineniveau, of

- elk aanvullend procédé dat verband houdt met de gelijktijdige installatie van extrusie/texturiseringscapaciteit door de onderneming waarvoor de steun is bestemd, of door een andere onderneming van de bedrijfsgroep waartoe de eerstgenoemde behoort, en welke in de specifieke betrokken activiteit op machineniveau normaliter is geïntegreerd in dusdanige capaciteit.

2) De EVA-Staten hoeven bepaalde categorieën steun niet aan te melden: steun voor beroepsopleiding/omscholing welke is toegekend krachtens regelingen die door de Toezichthoudende Autoriteit van de EVA zijn goedgekeurd; steun welke is toegekend op grond van regelingen die zijn goedgekeurd door de Autoriteit en binnen de werkingssfeer vallen van de voorschriften inzake steun voor milieubescherming of steun voor onderzoek en ontwikkeling.

3) Elk steunvoornemen dat buiten de werkingssfeer van een goedgekeurde steunregeling valt dient vanzelfsprekend te worden aangemeld overeenkomstig artikel 1, lid 3, van Protocol 3 bij de Toezichtovereenkomst.

4) De EVA-landen wordt verzocht naast de informatie die normalerwijze wordt verstrekt bij de aanmelding van een steunvoornemen aan de Toezichthoudende Autoriteit van de EVA (5), de onderstaande gegevens te verstrekken:

- de volledige naam van de onderneming waarvoor de steun is bestemd, waaronder zij is ingeschreven in de betrokken EVA-Staat en, indien zij tot een concern behoort, de volledige naam van dat concern en, zo nodig, een beschrijving van de eigendomsstructuur;

- met betrekking tot de onderneming waarvoor de steun is bestemd (en/of, indien nodig, het concern waartoe zij behoort), een vermelding van haar huidige capaciteit, de capaciteit in elk van de drie voorgaande jaren en de capaciteit die zij zou hebben na tenuitvoerlegging van de investeringen welke worden ondersteund door het steunvoornemen (in ton per jaar) op gebied van de extrusie en/of texturisering van de vezels en garens welke binnen de werkingssfeer van het toezicht vallen, de hoeveelheden die zijn of zullen worden geëxtrudeerd en/of getexturiseerd in welk van deze jaren, op grond van een uitsplitsing van de gegevens per betrokken algemene polymere typen vezel of garen (op grond van de gecombineerde nomenclatuur (6) en voor garen alleen, de vermelding van het gemiddelde decitex op grond waarvan de capaciteiten zijn berekend;

- een verklaring inzake de doelstelling van de investeringen die zouden worden gesteund, en een beschrijving ervan, alsook de verwachte voordelen voor de onderneming waarvoor de steun is bestemd (en voor het concern voor zover de betrokken steun ten goede zou komen aan elementen van een bredere strategie binnen het concern waartoe de begunstigde behoort);

- ingeval de steun de installatie, de modernisering of de aanpassing van extrusie- en/of texturiseringsmachines ten goede zou komen, een verklaring inzake de vraag of de machines al dan niet kunnen worden aangepast om verschillende algemene typen produkten te produceren op grond van dezelfde polymere grondstof dan wel produkten te produceren op grond van verschillende polymeren en, zo ja, de kostprijs van een dusdanige aanpassing en de gemakkelijkheid waarmee zij kan worden doorgevoerd;

- een beschrijving van de specifieke geografische en produktmarkten welke ongunstig worden beïnvloed ingevolge de voorgeschreven steun.

22.3. Beoordelingscriteria met betrekking tot steunzaken

1) Bij de beoordeling van de verenigbaarheid van steun welke binnen de werkingssfeer van deze voorschriften valt, moet in de eerste plaats worden nagegaan welk effect de steun zal sorteren op de relevante produktmarkten, meer bepaald de vezel/het garen aan de produktie waarvan de steun ten goede zou komen. De gemiddelde bezettingsgraden blijven ontoereikend in veel sectoren en het effect van overheidssteun ten behoeve van de produktie zal in het algemeen negatieve gevolgen hebben voor de mededinging in de EER, behalve wanneer er een structureel tekort heerst aan de aanbodzijde van het betrokken produkt.

2) Deze voorschriften voorzien in elk geval in de beperking van de steunintensiteit ongeacht de toestand van de relevante produktmarkt en de gevolgen van de steun voor deze markt. In overeenstemming met de voorschriften inzake steun ten behoeve van het midden- en kleinbedrijf, zullen kleine en middelgrote ondernemingen in tegenstelling tot grote ondernemingen evenwel steun kunnen ontvangen van een hogere intensiteit. Tevens is bepaald dat kleine en middelgrote ondernemingen nog hogere steun kunnen ontvangen indien de steun de produktie van een innoverend produkt ten goede komt.

3) Overeenkomstig de voorschriften zal de Toezichthoudende Autoriteit van de EVA de verenigbaarheid van een steunmaatregel in drie fasen beoordelen:

- de toestand van de relevante produktmarkten;

- de gevolgen van de steun voor de betrokken capaciteit, en

- de innoverende aard van de betrokken produkten, afhankelijk van de bevindingen van de eerste twee fasen en de omvang van de onderneming.

4) De relevante produkten zijn de vezels en/of garens aan de produktie waarvan de voorgenomen steun ten goede komt en welke binnen de werkingssfeer van de maatregelen vallen. In de beoordeling zal de Toezichthoudende Autoriteit van de EVA de bedoelde produktmarkten definiëren op grond van het algemene type vezel of garen (tapijtfilamentgaren, industrieel filamentgaren, textielfilamentgaren of stapelvezel) en de polymere grondstof ervan (polyamide, polyester, acryl of polypropyleen). De autoriteit zal tevens vaststellen of de betrokken installatie al dan niet kan worden omgeschakeld en gemakkelijk en tegen relatief lage kosten kan worden aangepast om verschillende vezels en garens te produceren zodat meer dan één markt ongunstig kan worden beïnvloed.

5) Bij de vaststelling van de toestand op elk van de relevante produktmarkten - meer bepaald het structurele evenwicht tussen vraag en aanbod - zal de Toezichthoudende Autoriteit van de EVA rekening houden met het bewijsmateriaal dat op feiten moet zijn gebaseerd en niet louter op beweringen, vermoedens of verre mogelijkheden. Het kan het volgende omvatten:

- de gemiddelde bezettingsgraad van de produktie van de vezel of het garen op basis van het jaargemiddelde over de twee voorgaande jaren, waarvan kan worden aangenomen dat hij minstens 90 % of meer bedraagt bij een structureel tekort aan de aanbodzijde;

- het niveau van de invoer van de vezel of het garen in de EER, de capaciteits- en verbruiksvolumens in de EER, de uitvoer, de prijzen en de verkoopmarges in het lopende jaar, in elk van de drie voorgaande jaren en de verwachte ontwikkeling ervan;

- het marktaandeel van de onderneming waarvoor de steun is bestemd (en/of, in voorkomend geval, het concern waartoe zij behoort) ten aanzien van de vezel of het garen in het lopende jaar en in elk van de drie voorgaande jaren.

6) Deze lijst is evenwel niet uitputtend, noch zijn een of meer van deze factoren noodzakelijkerwijze doorslaggevend.

7) De relevante capaciteit is de totale levensvatbare capaciteit van de onderneming waarvoor de steun is bestemd (en/of, in voorkomend geval, de bedrijfsgroep waartoe zij behoort) om de relevante produkten te extruderen en/of te texturiseren. De levensvatbare capaciteit omvat in elk geval de tijdelijk onbenutte capaciteit (capaciteit die opnieuw kan worden opgestart wanneer de afzet toeneemt), maar omvat niet de verouderde capaciteit (capaciteit die was gesloten vóór de steunaanvraag en aangemerkt voor sloping of verkoop buiten de EER).

8) Bij de vaststelling of een produkt al dan niet innoverend is in de zin van de voorschriften zal de Toezichthoudende Autoriteit van de EVA rekening houden met de feitelijke gegevens inzake de aard en de structuur en de verwachte ontwikkeling van de specifieke produktmarkt, het gemak waarmee de betrokken installatie kan worden aangepast om standaardprodukten of minder innoverende produkten te vervaardigen en de kosten van een dergelijke aanpassing, alsmede met de vraag of het produkt zich onderscheidt en aanzienlijk verschilt van enig ander produkt en niet louter het resultaat is van produktdiversificatie omdat het slechts een marginale wijziging van de technische kenmerken van een bestaand produkt behelst.

9) Indien nodig zal de Toezichthoudende Autoriteit van de EVA beroep doen op deskundigenadvies en -gegevens onder meer teneinde vast te stellen of vraag en aanbod van de relevante produkten structureel in evenwicht zijn, dan wel na te gaan of de produktie-installatie al dan niet gemakkelijk en tegen relatief lage kosten kan worden aangepast om verschillende produkten te produceren of om de innoverende aard ervan te beoordelen. Bovendien zal de autoriteit de formele procedure van artikel 1, lid 2, van Protocol 3 van de Toezichtovereenkomst inleiden wanneer zij na een voorbereidend onderzoek ervan overtuigd is dat het voorstel onverenigbaar is met de werking van de EER-Overeenkomst of wanneer zij niet in staat is om alle moeilijkheden op te lossen welke betrekking hebben op de vraag of het voorstel al dan niet verenigbaar is.

10) Overeenkomstig de voorschriften wordt investeringssteun slechts toegestaan:

- ten behoeve van grote ondernemingen - dit wil zeggen ondernemingen die niet tot het midden- en kleinbedrijf behoren - tot hoogstens 50 % van het toepasselijke steunplafond:

- indien de steun leidt tot een aanzienlijke vermindering van de relevante capaciteit, of

- indien de relevante produktmarkt is gekenmerkt door een structureel tekort aan de aanbodzijde en de steun niet leidt tot een aanzienlijke verhoging van de relevante capaciteit;

- ten behoeve van kleine en middelgrote ondernemingen tot hoogstens 75 % van het toepasselijke steunplafond indien de relevante produktmarkt is gekenmerkt door een structureel tekort aan de aanbodzijde en de steun niet leidt tot een aanzienlijke verhoging van de relevante capaciteit;

- ten behoeve van kleine en middelgrote ondernemingen tot hoogstens 100 % van het toepasselijke steunplafond:

- indien de steun leidt tot een aanzienlijke vermindering van de relevante capaciteit, of

- indien de relevante produktmarkt gekenmerkt is door een structureel tekort aan de aanbodzijde en de steun niet leidt tot een aanzienlijke verhoging van de relevante capaciteit en de betrokken produkten van innoverende aard zijn.

11) Met betrekking tot de voornemens om regionale investeringssteun toe te kennen krachtens door de Toezichthoudende Autoriteit van de EVA goedgekeurde regelingen, wordt het steunplafond van de betrokken regeling toegepast. Met betrekking tot voornemens om regionale investeringssteun te verlenen buiten de werkingssfeer van goedgekeurde regelingen welke niet binnen de werkingssfeer van de voorschriften inzake steun voor redding en herstructurering van ondernemingen in moeilijkheden (7) vallen, geldt het steunplafond voor de betrokken regio.

12) Teneinde vast te stellen of de capaciteitswijziging al dan niet aanzienlijk is in de context van de voorschriften, zal de Toezichthoudende Autoriteit van de EVA rekening houden met de feitelijke gegevens die het volgende kunnen omvatten:

- met betrekking tot de onderneming waarvoor de steun is bestemd (en met betrekking tot de bedrijfsgroep waartoe zij behoort ingeval de steun ten goede zou komen aan elementen van een ruimere strategie binnen de bedoelde bedrijfsgroep):

- de huidige capaciteit, de capaciteit in elk van de voorgaande drie jaren en de capaciteit na het verrichten van de investeringen waarvoor de voorgenomen steun is bestemd (in ton per jaar) voor de extrusie en/of texturisering van elk van de relevante produkten en de eigenlijke hoeveelheden die zijn geëxtrudeerd en/of getexturiseerd of naar verwachting zullen worden geëxtrudeerd en/of getexturiseerd in die jaren;

- het marktaandeel voor elk van de relevante produkten in het lopende jaar, in elk van de drie voorgaande jaren en de verwachte ontwikkeling ervan in de toekomst;

- de omvang ervan - meer bepaald een kleine of middelgrote onderneming, dan wel een grote onderneming, en

- de levensvatbaarheid ervan;

- de gemiddelde bezettingsgraad voor de produktie van elk van de relevante produkten op jaarbasis over de voorgaande twee jaren;

- het verwachte effect van de steun op de betrokken regio in termen van de structurele handicaps van die regio.

13) Zoals bij het onderzoek van de toestand van de relevante produktmarkt is deze lijst echter niet uitputtend, noch zijn een of meer van de genoemde factoren noodzakelijkerwijze doorslaggevend.

22.4. Ex-post-toezicht

1) Op de tenuitvoerlegging van investeringen welke worden ondersteund door goedgekeurde steunmaatregelen voor een totaalbedrag van minstens 50 miljoen ecu of meer, wordt achteraf toezicht uitgeoefend om na te gaan of de voorwaarden welke aan de goedkeuring zijn gehecht, zijn nageleefd.

22.5. Geldigheidsduur

1) De bovengenoemde regels treden in werking op 1 april 1996 voor een periode van drie jaar. In beginsel worden zij uiterlijk zes maanden na de datum waarop de voorgenomen horizontale kaderregeling inzake staatssteun ten behoeve van belangrijke investeringen in werking treedt, opgeheven.

(1) Dit hoofdstuk stemt overeen met de kaderregeling voor steunmaatregelen in de sector synthetische vezels, welke is goedgekeurd door de Commissie op 16 januari 1996 (PB nr.C 94 van 30. 3. 1996).

(2) Zie hoofdstuk 15 van de richtsnoeren.

(3) Zie hoofdstuk 14 van deze richtsnoeren.

(4) Zie hoofdstuk 12 van deze richtsnoeren.

(5) Zie bijlage I bij deze richtsnoeren.

(6) PB nr. L 241 van 27. 9. 1993, blz. 1.

(7) Zie hoofdstuk 16 van deze richtsnoeren.".

Gedaan te Brussel, 6 maart 1996.

Voor de Toezichthoudende Autoriteit van de EVA

De Voorzitter

Knut ALMESTAD

(1) Hierna de richtsnoeren inzake overheidssteun genoemd.

(2) PB nr. L 231 van 3. 9. 1994, blz. 1.

(3) PB nr. L 124 van 23. 5. 1996, blz. 41.