17.6.2015   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 200/7


Oproep tot het indienen van voorstellen IX-2016/02 — „Subsidies aan politieke stichtingen op Europees niveau”

(2015/C 200/03)

Volgens artikel 10, lid 4, van het Verdrag betreffende de Europese Unie dragen de politieke partijen op Europees niveau bij tot de vorming van een Europees politiek bewustzijn en tot de uiting van de wil van de burgers van de Unie. Daarnaast is in artikel 224 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie bepaald dat het Europees Parlement en de Raad bij verordeningen volgens de gewone wetgevende procedure het statuut van de Europese politieke partijen, bedoeld in artikel 10, lid 4, van het Verdrag betreffende de Europese Unie, en in het bijzonder de regels inzake hun financiering vaststellen.

Bij Verordening (EG) nr. 2004/2003, zoals herzien in 2007, werd de rol van de politieke stichtingen op Europees niveau erkend, als organisaties die banden hebben met politieke partijen op Europees niveau en „waarvan de activiteiten het bereiken van de doelstellingen van de politieke partijen op Europees niveau […] dichterbij kunnen helpen brengen, met name door bij te dragen aan het debat over Europese politieke aangelegenheden en de Europese integratie en als katalysator voor nieuwe ideeën, analyses en beleidsopties te fungeren”. De verordening voorziet met name in een jaarlijkse financiële bijdrage van het Europees Parlement in de vorm van een subsidie aan de politieke stichtingen die hiertoe een verzoek indienen en die aan de in de verordening gestelde voorwaarden voldoen.

In die context doet het Parlement een oproep tot het indienen van voorstellen met het oog op de toekenning van subsidies aan de politieke stichtingen op Europees niveau.

1.   Rechtsgrond

Verordening (EG) nr. 2004/2003 van het Europees Parlement en de Raad van 4 november 2003 betreffende het statuut en de financiering van politieke partijen op Europees niveau (hierna „Verordening (EG) nr. 2004/2003” genoemd) (1).

Besluit van het Bureau van het Europees Parlement van 29 maart 2004 houdende de uitvoeringsbepalingen van Verordening (EG) nr. 2004/2003 (hierna „besluit van het Bureau van 29 maart 2004” genoemd) (2).

Verordening (EG, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie (hierna „het Financieel Reglement” genoemd) (3).

Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 1268/2012 van de Commissie van 29 oktober 2012 houdende uitvoeringsvoorschriften voor Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie (hierna „uitvoeringsvoorschriften” genoemd) (4).

2.   Doelstelling

Artikel 2 van het besluit van het Bureau van 29 maart 2004 luidt: „Het Europees Parlement publiceert elk jaar vóór het verstrijken van het eerste halfjaar dat voorafgaat aan het jaar waarvoor de subsidie wordt aangevraagd een oproep tot het indienen van voorstellen met het oog op de verlening van subsidie ter financiering van partijen en stichtingen.”.

Deze oproep tot het indienen van voorstellen heeft betrekking op de verzoeken om financiering voor het begrotingsjaar 2016 en dekt activiteiten tijdens de periode van 1 januari tot en met 31 december 2016. De subsidie is bestemd ter financiering van het jaarlijkse werkprogramma van de begunstigde.

3.   Ontvankelijkheid

Alleen schriftelijke aanvragen die overeenkomstig het in bijlage 1 bij bovengenoemd besluit van het Bureau van 29 maart 2004 opgenomen aanvraagformulier zijn opgesteld en die vóór de vastgestelde termijn aan de voorzitter van het Europees Parlement zijn toegestuurd, komen voor financiering in aanmerking.

4.   Criteria en bewijsstukken

4.1.   Subsidiabiliteitscriteria

Om voor subsidie in aanmerking te komen, moet een politieke stichting op Europees niveau voldoen aan de voorwaarden van artikel 3, lid 2, van Verordening (EG) nr. 2004/2003, namelijk:

a)

zij moet banden hebben met een van de overeenkomstig deze verordening erkende politieke partijen op Europees niveau, die het bestaan van die banden bevestigt;

b)

zij moet een rechtspersoonlijkheid hebben in de lidstaat waar haar zetel gevestigd is. Deze rechtspersoonlijkheid is onderscheiden van die van de politieke partij op Europees niveau waarmee zij verbonden is;

c)

zij moet, in het bijzonder in haar programma en activiteiten, de beginselen eerbiedigen waarop de Europese Unie is gegrondvest, met name de beginselen van vrijheid, democratie, eerbied voor de mensenrechten en de fundamentele vrijheden, en de rechtsstaat;

d)

zij mag geen winstoogmerk hebben;

e)

haar raad van bestuur moet geografisch evenwichtig zijn samengesteld.

De stichting moet tevens voldoen aan de voorwaarden van artikel 3, lid 3, van Verordening (EG) nr. 2004/2003: „Het komt binnen het kader van deze richtlijn aan elke politieke partij en stichting op Europees niveau toe om de bijzondere voorschriften voor hun relatie vast te stellen, overeenkomstig nationaal recht, waaronder een adequate scheiding tussen de dagelijkse leiding en de bestuursstructuren van de politieke stichting op Europees niveau enerzijds, en de politieke partij waarmee zij banden heeft anderzijds.”.

4.2.   Uitsluitingscriteria

Aanvragers moeten tevens verklaren dat de politieke stichting zich niet in een van de situaties bevindt die worden genoemd in artikel 106, lid 1, en artikel 107 van het Financieel Reglement.

4.3.   Selectiecriteria

Aanvragers moeten bewijzen dat de politieke stichting over de nodige wettelijke bevoegdheden en financiële middelen beschikt om het in het aanvraagformulier beschreven werkprogramma ten uitvoer te leggen en beheerstechnisch en organisatorisch in staat is dit programma tot een goed einde te brengen.

4.4.   Toekenningscriteria

Overeenkomstig artikel 4, lid 5, van Verordening (EG) nr. 2004/2003 worden de beschikbare kredieten voor het begrotingsjaar 2016 als volgt verdeeld over de politieke stichtingen op Europees niveau waarvan het verzoek in het licht van de subsidiabiliteits-, uitsluitings- en selectiecriteria werd ingewilligd:

a)

15 % wordt gelijkelijk verdeeld;

b)

85 % wordt verdeeld over de stichtingen die banden hebben met politieke partijen op Europees niveau waarvan vertegenwoordigers zetelen in het Europees Parlement, in verhouding tot het aantal gekozen leden.

4.5.   Bewijsstukken

Met het oog op de toetsing van hun aanvraag aan de bovengenoemde criteria moeten aanvragers de volgende bewijsstukken verstrekken:

a)

het origineel van de begeleidende brief met vermelding van het aangevraagde subsidiebedrag;

b)

het in bijlage 1 bij het besluit van het Bureau van 29 maart 2004 opgenomen aanvraagformulier, naar behoren ingevuld en ondertekend (met inbegrip van de verklaring op erewoord);

c)

het statuut van de politieke stichting (5);

d)

een officieel registratiebewijs (6);

e)

een recent bestaansbewijs van de politieke stichting;

f)

de lijst van bestuurders/leden van de raad van bestuur (namen en voornamen, nationaliteit, titels of functies binnen de politieke stichting);

g)

het politiek programma van de politieke stichting (7);

h)

een algemeen financieel overzicht over 2014, gecertificeerd door de externe controle-instantie (8);

i)

een voorlopige operationele begroting voor de periode van 1 januari 2016 tot en met 31 december 2016, met daarin vermeld de kosten die in aanmerking komen voor financiering ten laste van de Uniebegroting;

j)

een beschrijving van het jaarlijkse werkprogramma;

k)

documenten waaruit blijkt dat de politieke stichting voldoet aan de voorwaarden van artikel 3, lid 3, van Verordening (EG) nr. 2004/2003.

5.   Financiering uit de EU-begroting

De kredieten voor het begrotingsjaar 2016 uit hoofde van artikel 403 van de begroting van het Parlement „Steun aan de Europese politieke stichtingen” worden geraamd op 18 700 000 EUR. Deze kredieten moeten door de begrotingsautoriteit worden goedgekeurd.

De door het Europees Parlement toegekende financiële steun mag niet meer bedragen dan 85 % van de subsidiabele operationele kosten van een politieke stichting op Europees niveau. De bewijslast berust bij de politieke stichting.

De financiering heeft de vorm van een exploitatiesubsidie als bedoeld in het Financieel Reglement en in de uitvoeringsvoorschriften. De betalingsvoorwaarden en de verplichtingen in verband met het gebruik van de subsidie worden vastgesteld in het besluit tot toekenning van de subsidie, waarvan een model in bijlage 2B bij het besluit van het Bureau van 29 maart 2004 is opgenomen.

6.   Procedure en termijn voor de indiening van voorstellen

6.1.   Termijn en voorwaarden voor de indiening van voorstellen

De uiterste datum voor de indiening van aanvragen is vastgesteld op 30 september 2015. Aanvragen die na deze datum worden ingediend, worden niet in aanmerking genomen.

De aanvragen moeten:

a)

opgesteld zijn op het formulier voor subsidieaanvraag (bijlage 1 bij het besluit van het Bureau van 29 maart 2004);

b)

ondertekend zijn door de aanvrager of diens naar behoren gevolmachtigde vertegenwoordiger;

c)

worden verzonden in een dubbele enveloppe. Beide enveloppen moeten gesloten zijn. Op de binnenste enveloppe moet, naast de vermelding van de in de oproep tot het indienen van voorstellen genoemde ontvangende dienst, de volgende tekst worden aangebracht:

„CALL FOR PROPOSALS — 2016 GRANTS TO POLITICAL FOUNDATIONS AT EUROPEAN LEVEL

NOT TO BE OPENED BY THE POSTAL SERVICE OR BY ANY UNAUTHORISED PERSON”

Indien zelfklevende enveloppen worden gebruikt, worden deze met plakband gesloten en plaatst de afzender zijn handtekening over het plakband heen. Als handtekening van de afzender geldt niet alleen zijn handgeschreven handtekening, maar ook het stempel van zijn organisatie.

Op de buitenste enveloppe wordt het adres van de afzender vermeld. Deze enveloppe wordt geadresseerd aan:

EUROPEAN PARLIAMENT

Mail Service

KAD 00D008

2929 Luxembourg

LUXEMBURG

Op de binnenste enveloppe wordt het volgende adres vermeld:

President of the European Parliament

Attn. Mr Didier Kléthi, Director-General of Finance

SCH 05B031

2929 Luxembourg

LUXEMBURG

d)

uiterlijk worden verzonden op de in de oproep tot het indienen van voorstellen vermelde uiterste datum, hetzij per aangetekende post, waarbij de datum van het poststempel als bewijs geldt, hetzij per koeriersdienst, tegen een gedagtekend ontvangstbewijs.

6.2.   Indicatieve procedure en termijnen

Ten aanzien van de toekenning van subsidies aan de politieke stichtingen op Europees niveau door het Europees Parlement zijn de volgende procedures en termijnen van toepassing:

a)

Indiening van de aanvraag bij het Europees Parlement (uiterlijk op 30 september 2015);

b)

Onderzoek en selectie door de diensten van het Europees Parlement. Alleen ontvankelijke aanvragen worden getoetst aan de in de oproep tot het indienen van voorstellen vastgestelde subsidiabiliteits-, uitsluitings- en selectiecriteria;

c)

Vaststelling van het besluit tot toekenning van de subsidie door het Bureau van het Europees Parlement (in principe vóór 1 januari 2016, zoals bepaald in artikel 4 van het besluit van het Bureau van 29 maart 2004) en kennisgeving van het resultaat aan de aanvragers;

d)

Kennisgeving van de subsidiebesluiten;

e)

Uitbetaling van een voorfinanciering van 80 % (binnen 15 dagen na het besluit tot toekenning van de subsidie).

6.3.   Nadere informatie

De volgende teksten zijn beschikbaar op de internetpagina van het Europees Parlement:

http://www.europarl.europa.eu/tenders/invitations.htm

a)

Verordening (EG) nr. 2004/2003;

b)

Besluit van het Bureau van 29 maart 2004;

c)

Formulier voor subsidieaanvraag (bijlage 1 bij het besluit van het Bureau van 29 maart 2004).

Alle vragen in verband met deze oproep tot het indienen van voorstellen moeten, met een verwijzing naar de referentie van de publicatie, per elektronische post worden toegezonden aan het volgende adres: fin.part.fond.pol@europarl.europa.eu

6.4.   Verwerking van persoonsgegevens

In overeenstemming met Verordening (EG) nr. 45/2001 van het Europees Parlement en de Raad (9) worden de persoonsgegevens die in het aanvraagformulier of de bijlagen vermeld staan, verwerkt volgens de beginselen van eerlijkheid, rechtmatigheid en evenredigheid met het oog op het expliciete en legitieme doel van de procedure. Voor de verwerking van de aanvraag en ten behoeve van de bescherming van de financiële belangen van de Europese Unie, kunnen de persoonsgegevens worden verwerkt door de bevoegde diensten en organen van het Europees Parlement en worden doorgegeven aan interne auditdiensten, de Europese Rekenkamer, de gespecialiseerde instantie voor financiële onregelmatigheden of aan het Europees Bureau voor fraudebestrijding (OLAF).

Alle betrokken personen kunnen zich tot de Europese Toezichthouder voor gegevensbescherming (edps@edps.europa.eu) wenden om beroep in te stellen.


(1)  PB L 297 van 15.11.2003, blz. 1.

(2)  PB C 155 van 12.6.2004, blz. 1.

(3)  PB L 298 van 26.10.2012, blz. 1.

(4)  PB L 362 van 31.12.2012, blz. 1.

(5)  Of een verklaring op erewoord dat er geen wijziging is opgetreden ten opzichte van de reeds eerder opgestuurde documenten.

(6)  Of een verklaring op erewoord dat er geen wijziging is opgetreden ten opzichte van de reeds eerder opgestuurde documenten.

(7)  Of een verklaring op erewoord dat er geen wijziging is opgetreden ten opzichte van de reeds eerder opgestuurde documenten.

(8)  Tenzij de aanvrager in het lopende jaar is opgericht.

(9)  PB L 8 van 12.1.2001, blz. 1.