|
30.12.2006 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 326/28 |
Beroep ingesteld op 16 oktober 2006 — Commissie van de Europese Gemeenschappen/Poolse Republiek
(Zaak C-423/06)
(2006/C 326/58)
Procestaal: Pools
Partijen
Verzoekende partij: Commissie van de Europese Gemeenschappen (vertegenwoordigers: H. Støvlbæk en K. Mojzesowicz, gemachtigden)
Verwerende partij: Poolse Republiek
Conclusies
|
— |
vast te stellen dat de Poolse Republiek, door niet alle wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen vast te stellen die nodig zijn om te voldoen aan richtlijn 74/556/EEG van de Raad van 4 juni 1974 betreffende de overgangsmaatregelen op het gebied van de werkzaamheden welke ressorteren onder de handel in en de distributie van giftige producten en de werkzaamheden die het beroepsmatig gebruik van die producten meebrengen met inbegrip van de werkzaamheden van tussenpersonen (1), althans door deze bepalingen niet aan de Commissie mee te delen, de krachtens artikel 7 van deze richtlijn op haar rustende verplichtingen niet is nagekomen; |
|
— |
de Poolse Republiek te verwijzen in de kosten. |
Middelen en voornaamste argumenten
De termijn voor omzetting van richtlijn 74/556/EEG in nationaal recht is op 30 april 2004 verstreken.
(1) PB L 307 van 18.11.1974, blz. 1.