12.8.2006   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 190/2


Arrest van het Hof (Derde kamer) van 15 juni 2006 (verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door het Amtsgericht Breisach — Duitsland) — Badischer Winzerkeller eG/Land Baden-Württemberg

(Zaak C-264/04) (1)

(Richtlijn 69/335/EEG - Indirecte belastingen op bijeenbrengen van kapitaal - Fusie van vennootschappen - Rectificatie van kadastraal register - Heffing van vergoeding - Kwalificatie als „overdrachtsrecht” - Voorwaarden voor heffing van vergoeding)

(2006/C 190/04)

Procestaal: Duits

Verwijzende rechter

Amtsgericht Breisach

Partijen in het hoofdgeding

Verzoekster: Badischer Winzerkeller eG

Verweerder: Land Baden-Württemberg

Voorwerp

Verzoek om een prejudiciële beslissing — Amtsgericht Breisach — Verzoek om een prejudiciële beslissing — Amtsgericht Breisach Am Rhein — Uitlegging van de artikelen 4, 10, sub c, en 12, lid 2, van richtlijn 69/335/EEG van de Raad van 17 juli 1969 betreffende de indirecte belastingen op het bijeenbrengen van kapitaal (PB L 249, blz. 25), zoals gewijzigd bij richtlijn 73/79/EEG van de Raad van 9 april 1973 (PB L 103, blz. 13), richtlijn 73/80/EEG van de Raad van 9 april 1973 (PB L 103, blz. 15), richtlijn 74/553/EEG van de Raad van 7 november 1974 (PB L 303, blz. 9), en richtlijn 85/303/EEG van de Raad van 10 juni 1985 (PB L 156, blz. 23) — Heffing ter zake van rectificatie van kadastraal register wegens een wisseling van eigenaar van een landbouwcoöperatie ten gevolge van een fusie, berekend naar de waarde van de grond

Dictum

1)

De heffing van een vergoeding voor een rectificatie van het kadastraal register, als die welke in het hoofdgeding aan de orde is, valt in beginsel onder het verbod van artikel 10, sub c, van richtlijn 69/335/EEG van de Raad van 17 juli 1969 betreffende de indirecte belastingen op het bijeenbrengen van kapitaal, zoals gewijzigd bij richtlijn 85/303/EEG van de Raad van 10 juni 1985.

2)

Een vergoeding als die welke aan de orde is in het hoofdgeding, kan in afwijking van artikel 10, sub c, van richtlijn 69/335, zoals gewijzigd bij richtlijn 85/303, worden beschouwd als een overdrachtsrecht dat op grond van artikel 12, lid 1, sub b, van richtlijn 69/335, zoals gewijzigd bij richtlijn 85/303, is toegestaan, op voorwaarde dat deze vergoeding niet hoger is dan die welke wegens soortgelijke verrichtingen worden geheven in de belastingheffende lidstaat.

Het staat aan de nationale rechter om na te gaan of deze vergoeding voldoet aan artikel 12, lid 2, van richtlijn 69/335, zoals gewijzigd bij richtlijn 85/303.


(1)  PB C 228 van 11.9.2004.