|
20.7.2004 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
C 185/6 |
Bureau d'intervention et de restitution belge (BIRB), Bruxelles
Státní zemědělský intervenční fond, Praha
Direktoratet for FødevareErhverv, København
Bundesanstalt für Landwirtschaft und Ernährung (BLE), Frankfurt am Main
Põllumajanduse Registrite ja Informatsiooni Amet (PRIA), Tartu
Οργανισμός πληρωμών και ελέγχου κοινοτικών ενισχύσεων προσανατολισμού και εγγυήσεων (OΠEKEΠE), Αθήνα
Fondo Español de Garantía Agraria (FEGA), Madrid
Fonds d'intervention et de régularisation du marché du sucre (FIRS), Paris
Irish Sugar Intervention Agency (ISIA), Dublin
Agenzia per le erogazioni in agricoltura (AGEA), Roma
Κυπριακός οργανισμός αγροτικών πληρωμών (KOAΠ), Nicosia
Lauku Atbalsta Dienests (LAD), Rīga
Nacionalinė Mokėjimo Agentūra (NMA), Vilnius
Ministère de l'agriculture, Luxembourg
Mezőgazdasági és Vidékfejlesztési Hivatal (MVH), Budapest
Agenzija ta' Pagamenti (AP), Valletta
Hoofdproductschap Akkerbouw (HPA), Den Haag
Agrarmarkt Austria (AMA), Wien
Agencja Rynku Rolnego (ARR), Warszawa
Ministério das Finanças, Direcção-Geral das Alfândegas e dos Impostos Especiais sobre o Consumo, Direcção de Serviços de Licenciamento, Lisboa
Agencija Republike Slovenije za kmetijske trge in razvoj podeželja, Ljubljana
Pôdohospodárska platobná agentúra, Bratislava
Maa- ja metsätalousministeriö (MMM), Helsinki
Statens jordbruksverk (SJV), Jönköping
Rural Payments Agency (RPA), Newcastle-upon-Tyne
Bericht van permanente inschrijving voor de vaststelling van heffingen en/of restituties bij uitvoer van witte suiker
(nr. 1/2004)
(2004/C 185/06)
I. Omschrijving
|
1. |
Er wordt een permanente inschrijving gehouden voor de vaststelling van heffingen en/of restituties bij uitvoer van witte suiker van GN-code 1701 99 10 voor alle bestemmingen met uitzondering van Albanië, Kroatië, Bosnië en Herzegovina, Servië en Montenegro, met inbegrip van Kosovo, als omschreven bij Resolutie 1244 van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties van 10 juni 1999, en de voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië. |
|
2. |
De permanente inschrijving wordt gehouden overeenkomstig artikel 28 van Verordening (EG) nr. 1260/2001 (1) en Verordening (EG) nr. 1327/2004 (2). |
II. Termijnen
|
1. |
De permanente inschrijving wordt gehouden tot en met 28 juli 2005. Tijdens de duur van deze inschrijving worden deelinschrijvingen gehouden. |
|
2.1. |
De termijn voor het indienen van offertes voor de eerste deelinschrijving gaat in op 23 juli 2004 en verstrijkt op 29 juli 2004 om 10.00 uur (Brusselse tijd). |
|
2.2. |
De termijn voor het indienen van de offertes voor elk van de volgende deelinschrijvingen gaat in op de eerste werkdag na de dag waarop deze termijn voor de vorige deelinschrijving is verstreken. |
|
2.3. |
De termijn voor het indienen van de offertes verstrijkt op de volgende data om 10.00 uur (Brusselse tijd):
|
|
3. |
Dit bericht van inschrijving geldt, onverminderd wijziging of vervanging ervan, voor alle deelinschrijvingen tijdens de geldigheidsduur van deze permanente inschrijving. |
III. Offertes
|
1. |
Bij dit bericht worden de gegadigden uitgenodigd voor elke deelinschrijving offertes in te dienen met betrekking tot de heffing bij uitvoer en/of de restitutie bij uitvoer van de in deel I bedoelde suiker. |
|
2.1. |
Offertes moeten worden ingediend door afgifte tegen ontvangstbewijs bij de bevoegde instantie van de lidstaat, per aangetekende brief of telegram, dan wel per telex, fax of elektronische post voor zover de bevoegde instantie deze wijze van indiening aanvaardt; de bevoegde instantie moet ze uiterlijk op de in hoofdstuk II, punt 2, vermelde dag en het daar aangegeven tijdstip op een van de volgende adressen ontvangen:
|
|
3. |
De niet per telexbericht, telegram, fax of e-mail ingediende offertes moeten in een dubbele verzegelde enveloppe aan het betrokken adres worden gezonden. Op de binnenste, eveneens verzegelde, enveloppe moet de volgende vermelding worden aangebracht: „Offerte voor de permanente inschrijving voor de vaststelling van heffingen en/of restituties bij uitvoer van witte suiker, nr. 1/2004 - Vertrouwelijk”. |
|
4. |
De offerte is slechts geldig wanneer aan de volgende voorwaarden is voldaan:
|
|
5. |
De offerte en de in punt 4 bedoelde bewijzen en verklaringen worden gesteld in de officiële taal of in één der officiële talen van de lidstaat waar de offerte is gedaan. |
|
6. |
Offertes die niet overeenkomstig de in dit bericht vermelde bepalingen worden ingediend of die andere voorwaarden bevatten dan in dit bericht zijn vermeld, worden niet in aanmerking genomen. |
|
7. |
Een ingediende offerte kan niet worden ingetrokken. |
|
8. |
In een offerte mag worden vermeld dat zij slechts als ingediend mag worden beschouwd wanneer aan een van de twee of aan beide onderstaande voorwaarden wordt voldaan:
|
IV. Zekerheid
|
1.1. |
Elke inschrijver stelt een zekerheid van 11 euro per 100 kg voor de uit hoofde van deze inschrijving uit te voeren witte suiker. |
|
1.2. |
Voor diegenen aan wie wordt toegewezen, is de in punt 1.1 bedoelde zekerheid, onverminderd het bepaalde in deel VI, punt 3, de te stellen zekerheid voor het uitvoercertificaat bij het indienen van de in deel V, punt 6.1, onder b), bedoelde aanvraag. |
|
2.1. |
De in punt 1.1 bedoelde zekerheid wordt, naar keuze van de inschrijver, gesteld in contanten of in de vorm van een garantie van een door de betrokken lidstaat erkende bankinstelling. Deze garantie moet ten gunste van de betrokken bevoegde instantie worden gesteld in de munteenheid van die lidstaat. |
|
2.2. |
Indien een offerte bij de Duitse bevoegde instantie wordt ingediend, moet de garantie echter ten gunste van de Bondsrepubliek Duitsland worden gesteld. Indien een offerte wordt ingediend bij de bevoegde instantie van de andere lidstaten, kan de garantie eveneens worden gegeven door een door de betrokken lidstaat erkende kredietinstelling. De garantieverklaring moet worden opgesteld in de officiële taal of in één van de officiële talen van de lidstaat waar de offerte is gedaan. |
|
3.1. |
Behoudens overmacht wordt de in punt 1.1 bedoelde zekerheid slechts vrijgegeven:
In het in de eerste alinea, onder b), bedoelde geval wordt het vrij te geven gedeelte van de zekerheid in voorkomend geval verminderd met:
|
|
3.2. |
Het niet-vrijgegeven deel van de zekerheid of de niet-vrijgegeven zekerheid wordt verbeurd voor de hoeveelheid suiker waarvoor de overeenkomstige verplichtingen niet zijn nagekomen. |
|
4. |
In geval van overmacht stelt de bevoegde instantie van de betrokken lidstaat de maatregelen voor de vrijgave van de zekerheid vast die zij op grond van de door de betrokkene aangevoerde omstandigheden nodig acht. |
V. Toewijzing
|
1. |
Voor elk van de deelinschrijvingen kan na onderzoek van de offertes een maximumhoeveelheid worden vastgesteld. |
|
2. |
Er kan worden besloten geen gevolg te geven aan een bepaalde deelinschrijving. |
|
3.1. |
Behoudens toepassing van het bepaalde in punt 2 en onverminderd het bepaalde in de punten 4 en 5 wordt, bij vaststelling van een minimumbedrag voor de uitvoerheffing, toegewezen aan de inschrijver(s) wiens (wier) offerte ten minste gelijk is aan het minimumbedrag van de uitvoerheffing. |
|
3.2. |
Behoudens toepassing van het bepaalde in punt 2 en onverminderd het bepaalde in de punten 4 en 5 wordt, bij vaststelling van een maximumbedrag voor de uitvoerrestitutie, toegewezen aan de inschrijver(s) wiens (wier) offerte ten hoogste gelijk is aan het maximumbedrag van de uitvoerrestitutie en aan iedere inschrijver wiens offerte betrekking heeft op een uitvoerheffing. |
|
4. |
Wanneer voor een deelinschrijving een maximumhoeveelheid is bepaald, wordt, bij vaststelling van een minimumheffing, toegewezen aan de inschrijver in wiens offerte de hoogste uitvoerheffing is vermeld. Indien de maximumhoeveelheid met deze offerte niet is bereikt, wordt in de volgorde van afnemende grootte van het bedrag van de uitvoerheffing toegewezen tot de maximumhoeveelheid is bereikt. Wanneer voor een deelinschrijving een maximumhoeveelheid is bepaald, wordt, bij vaststelling van een maximumrestitutie, toegewezen overeenkomstig het bepaalde in het eerste streepje wanneer er offertes zijn waarin een uitvoerheffing is vermeld, en, ingeval dergelijke offertes er niet zijn of niet meer zijn, toegewezen aan de inschrijvers in wier offerte een uitvoerrestitutie is vermeld, in de volgorde van toenemende grootte van het bedrag van de restitutie, totdat de maximumhoeveelheid is bereikt. |
|
5.1. |
Wanneer de in punt 4 bedoelde toewijzingsprocedure ertoe zou leiden dat, door het in aanmerking nemen van een offerte, de maximumhoeveelheid wordt overschreden, wordt aan de inschrijver slechts toegewezen tot de hoeveelheid waarmee de maximumhoeveelheid wordt bereikt. |
|
5.2. |
Offertes waarin dezelfde uitvoerheffing of dezelfde restitutie wordt vermeld en bij volledige aanvaarding waarvan de maximumhoeveelheid zou worden overschreden, worden in aanmerking genomen:
|
|
6.1. |
Degene aan wie wordt toegewezen:
|
|
6.2. |
Dit recht en deze verplichtingen kunnen niet worden overgedragen. |
|
7.1. |
De bevoegde instantie van de betrokken lidstaat stelt alle inschrijvers onmiddellijk in kennis van het resultaat van hun deelneming aan de inschrijving. Bovendien zendt deze instantie een bericht van toewijzing aan de inschrijvers aan wie is toegewezen. |
|
7.2. |
In het bericht van toewijzing worden ten minste vermeld:
|
VI. Uitvoercertificaten
|
1. |
Het bepaalde in artikel 9, eerste alinea, van Verordening (EG) nr. 1464/95 (4), en in artikel 12 van Verordening (EEG) nr. 120/89 (5) is niet van toepassing op witte suiker die overeenkomstig dit bericht wordt uitgevoerd. |
|
2.1. |
De uit hoofde van een deelinschrijving afgegeven uitvoercertificaten zijn geldig vanaf de dag van afgifte tot het einde van de vijfde maand volgende op die waarin deze deelinschrijving heeft plaatsgevonden. |
|
2.2. |
De uitvoercertificaten die worden afgegeven uit hoofde van deelinschrijvingen welke vanaf 1 mei 2005 plaatsvinden, zijn evenwel slechts geldig tot en met 30 september 2005. De bevoegde autoriteiten van de lidstaat die het uitvoercertificaat hebben afgegeven, kunnen, op schriftelijke aanvraag van de titularis van het certificaat, de geldigheidsduur ervan verlengen tot uiterlijk 15 oktober 2005 wanneer er technische problemen rijzen waardoor de uitvoer niet kan plaatshebben voor de in de eerste alinea vastgestelde uiterste geldigheidsdatum en op voorwaarde dat de bedoelde transactie niet onder de in de artikelen 4 of 5 van Verordening (EEG) nr. 565/80 van de Raad (6) vastgestelde regeling valt. |
|
2.3. |
De uitvoercertificaten die zijn afgegeven uit hoofde van deelinschrijvingen welke hebben plaatsgevonden tussen 29 juli 2004 en 30 september 2004 kunnen slechts worden gebruikt vanaf 1 oktober 2004. |
|
3. |
Behalve in geval van overmacht betaalt de titularis van het certificaat aan de bevoegde instantie een bepaald bedrag voor de hoeveelheid waarvoor de uit het aangevraagde uitvoercertificaat resulterende verplichting tot uitvoer in de zin van artikel 31, onder b), en artikel 32, lid 1, onder b) i), van Verordening (EG) nr. 1291/2000 niet werd nagekomen, indien de in deel IV, punt 1.1, bedoelde zekerheid lager is dan de uitkomst van een van de volgende berekeningen:
Het te betalen bedrag als bedoeld in de eerste alinea, is gelijk aan het verschil tussen het resultaat van de, al naargelang van het geval, onder a), b) of c) uitgevoerde berekening en de in deel IV, punt 1.1, bedoelde zekerheid. |
|
4. |
In afwijking van artikel 13, lid 2, van Verordening (EG) nr. 1291/2000 mogen de certificaataanvragen voor deze permanente inschrijving niet worden ingetrokken. |
VII. Geschillen
Alle geschillen tussen degene aan wie is toegewezen en de bevoegde instantie waarbij de offerte is ingediend:
|
1) |
vallen uitsluitend onder de bevoegdheid:
|
|
2) |
worden beslecht:
|
(1) PB L 178 van 30.6.2001, blz. 1.
(2) PB L 246 van 20.7.2004, blz. 23.
(3) PB L 152 van 24.6.2000, blz. 1.
(4) PB L 144 van 28.6.1995, blz. 14. Verordening laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 995/2002 (PB L 152 van 12.6.2002, blz. 11).
(5) PB L 16 van 20.1.1989, blz. 19. Verordening laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 2194/96 (PB L 293 van 16.11.1996, blz. 3).
(6) PB L 62 van 7.3.1980, blz. 5.