|
3.4.2004 |
NL |
Publicatieblad van de Europese Unie |
CE 84/38 |
(2004/C 84 E/0042)
SCHRIFTELIJKE VRAAG E-2778/03
van Erik Meijer (GUE/NGL) aan de Commissie
(17 september 2003)
Betreft: Criteria voor het komen, vertrekken en onvindbaar worden van ambtenaren met de status van speciaal adviseur
|
1. |
Op grond van welke criteria komen uw ambtenaren die tijdelijk van hun functie ontheven zijn terecht in het organigram van „speciale adviseurs”, „chief advisers” of „adviseurs hors classe” van DG Admin? |
|
2. |
Op grond van welke criteria verdwijnen uw ambtenaren uit het in vraag 1 bedoelde organigram? Betekent dit dat zij inmiddels in een andere, meer duurzame functie zijn aangesteld? Of kan het ook betekenen dat zij ontslagen zullen worden? |
|
3. |
Acht u het, mede gezien de problemen rond Eurostat en eerdere meldingen van ongewenste ontwikkelingen bij het beheer van EU-financiën, wenselijk dat de in deze bijzondere categorie opgenomen ambtenaren met financiële kennis voor de EU behouden blijven, althans voor zover zij zich niet schuldig hebben gemaakt aan fraude, maar integendeel hun afkeer van fraude hebben aangetoond? |
|
4. |
Welke betekenis dient in dit verband te worden toegekend aan het thans in dit organigram ontbreken van uw voormalige hoofdrekenplichtige, mevrouw Marta Andreasen? Sinds wanneer is zij daaruit verdwenen, voor hoe lang en waarom? |
|
5. |
Kan de geheimzinnigheid die tot nu toe bestond rond de instroming of uitstroming van de tot de categorie speciale adviseurs behorende ambtenaren op korte termijn worden omgezet in een voor de openbaarheid beschikbare regeling, die geen aanleiding kan geven tot geruchten of verwijten van willekeur? |
Antwoord van de heer Kinnock namens de Commissie
(4 november 2003)
|
1. |
Krachtens de bepalingen van het statuut kan de Commissie, in haar hoedanigheid van tot aanstelling bevoegd gezag, op elk ogenblik beslissen een ambtenaar uit een managementpositie herin te delen in een niet-managementpositie indien zij van oordeel is dat dit in het belang van de dienst is. Directeurs kunnen worden heringedeeld in een functie van „bijzonder raadadviseur”. Voor directeurs-generaal en plaatsvervangende directeurs-generaal is de overeenkomstige niet-managementfunctie „buitengewoon raadadviseur”. „Bijzondere adviseurs” zijn mensen die op grond van hun ervaring en kwalificaties bij een Commissielid worden gedetacheerd. Het kan gaan om externe deskundigen of gepensioneerde (hoge) ambtenaren van de Commissie. Deze laatsten hebben enkel recht op een onkostenvergoeding. Bijzondere adviseurs bij de Commissie zijn geen ambtenaren van de Commissie (meer) en oefenen dus geen managementfunctie uit. Zij worden ook niet opgenomen in het organisatieschema. |
|
2. |
„Bijzondere raadadviseurs” of „buitengewone raadadviseurs” worden wel in het organisatieschema-opgenomen. Ze kunnen voor een korte of lange periode in deze functie worden aangesteld; hun verantwoordelijkheden worden door het tot aanstelling bevoegd gezag vastgesteld. |
|
3. |
De Commissie vindt het inderdaad wenselijk dat ambtenaren aan wie een dergelijke status is toegekend, ten dienste van de instellingen blijven, tenzij dit niet in het belang van de dienst is. |
|
4. |
Mevrouw Andreasen is niet verwijderd uit het organisatieschema, dat ter informatie wordt opgesteld en geen enkele rechtsgeldigheid heeft. Haar naam is opgenomen in de recentste versie (16 september 2003) van het organisatieschema van het Directoraat-generaal Personeelszaken en administratie en in het bijgewerkte jaarboek dat onlangs op IntraComm, het intranet van de Commissie, is gepubliceerd. |
|
5. |
„Bijzondere adviseurs” zijn geen ambtenaren maar vallen onder de Regeling welke van toepassing is op de andere personeelsleden van de Europese Gemeenschappen. Zoals aangegeven in punt 1 zijn ze bij een Commissielid gedetacheerd op basis van de deskundige capaciteiten die ze ten dienste van de instelling kunnen stellen. De Commissie heeft geen weet van „geruchten of verwijten van willekeur”, noch van tekenen die wijzen op willekeur bij de selectie van deze personen. |